ID.nl logo
HP Chromebase 22 - Chrome OS als complete pc
© Reshift Digital
Huis

HP Chromebase 22 - Chrome OS als complete pc

Chrome OS is vooral bekend van de Chromebooks, maar wordt ook gebruikt voor desktops en all-in-one-pc's. Zo'n apparaat heet een Chromebase en HP breidt met de HP Chromebase 22 zijn Chrome-productportfolio uit. Wij hebben de all-in-one-pc met zijn opvallende ontwerp getest. Lees ons oordeel in deze HP Chromebase 22 review.

HP heeft voor de Chromebase 22  gekozen voor een opvallend ontwerp waarop de reacties wisselend zijn. De computer is verpakt in een met stof omtrokken pylon waar het scherm tegenaan geplaatst is. In die voet zitten behalve de computer ook de luidsprekers.

Het apparaat draait op Chrome OS dat voornamelijk om browser Chrome en web-apps draait. Sommige web-apps zoals Google Documenten kun je ook offline gebruiken. Daarnaast ondersteunt Chrome OS ook Android-apps waarbij de geïntegreerde Play Store op basis van Android 11 is. Linux-ondersteuning is er ook, maar dat is meer voor geavanceerde gebruikers.

Google geeft tegenwoordig duidelijk aan hoelang een Chrome OS-apparaat ondersteund wordt. Deze Chromebase heeft update-ondersteuning tot juni 2028.

©PXimport

©PXimport

HP heeft gelukkig niet bespaard op het aantal aansluitingen, want met tweemaal usb-c en tweemaal usb-a kun je genoeg randapparatuur aansluiten. Die twee usb-a-poorten ondersteunen ook nog eens de Gen2-snelheid van 10 Gbit/s zodat je deze voor externe opslag kunt inzetten. De usb-c-poorten ondersteunen dan weer de Gen1-snelheid van 5Gbit/s, maar zijn dan weer geschikt voor het aansluiten van een scherm via DisplayPort 1.2. 

Je kunt ook nog een hoofdtelefoon aansluiten, die aansluiting zit wel op de achterkant. Ook de aan-uit-schakelaar zit onhandig achterop, terwijl de volumebediening weer op de zijkant dit. De luidsprekers kunnen hard en klinken helder, maar hebben geen heel indrukwekkende laagweergave. Gewoon goed geluid voor het formaat dus. De stereoscheiding is overigens niet heel overtuigend omdat de luidsprekers redelijk dicht bij elkaar zitten. 

©PXimport

©PXimport

Eén configuratie

In Nederland wordt de Chromebase in één configuratie verkocht die 749 euro kost. Voor een Chrome-apparaat heeft deze configuratie met een Core i3-10110U, 8 GB RAM en een 256 GB ssd toereikende hardware. De processor is wel een dualcore-exemplaar waar ik in een desktop eigenlijk wel een quadcore-processor zou verwachten. 

Het is ook nog eens een wat oudere generatie en bovendien een extra energiezuinige chip. Iets snellers zou voor wat de Chromebase kost best moeten kunnen. In andere landen zijn dan weer ook goedkopere configuraties met een langzamere Pentium-processor en minder geheugen verkrijgbaar.

Scherm iets te laag

Het scherm is een 21,5inch-scherm met een resolutie van 1920 x 1080 pixels. De helderheid is volgens de specificaties niet zo hoog, maar het testexemplaar kan toch behoorlijk helder en heeft een scherm dat voor binnen zelf feller kan dan je doorgaans zou willen. Het is geen heel bijzonder scherm, maar de kleurweergave en kijkhoeken zijn voor het type apparaat gewoon goed. Het scherm is glanzend afgewerkt, maar in de praktijk heb je daar minder last van dan bij sommige nadere glanzende schermen. 

Die afwerking is niet voor niets, want het is een aanraakscherm dat je met je vingers kunt bedienen. De speciale Chrome OS-styluspennen werken niet op dit scherm.

Helaas is het scherm niet in hoogte verstelbaar en voor mij is het scherm te laag gepositioneerd om op mijn bureau ergonomisch te werken. Het scherm verticaal draaien en kantelen kan wel, maar de base is zo groot dat een hoogteverstelling in de normale horizontale houding niet zou misstaan. Het lijkt er wel op dat HP deze Chromebase vooral voor kinderen heeft ontworpen aangezien er op de productpagina uitgebreid stilgestaan wordt bij digitale lessen. 

Handig is dan weer wel dat je het scherm ook verticaal kunt gebruiken, prettig voor bijvoorbeeld websites waarbij de content altijd doorscrolt (zoals Twitter). De bovenkant van het scherm wordt dan uiteraard ook een stuk hoger.

©PXimport

©PXimport

Goede webcam met trucje

Boven het scherm is een 5megapixel-webcam geplaatst en die biedt een goede beeldkwaliteit. Beelden zijn scherp en je bent in alle lichtomstandigheden goed in beeld. Het enige minpuntje is dat de belichting net een tikje te overdreven wordt geboost waardoor de lichtste partijen in het beeld te wit zijn en contrast verliezen. Denk aan een witte kast of witte elementen op een witte muur. Maar uiteindelijk gaat het erom dat jij bij videogesprekken goed in beeld bent en dat werkt uitstekend. 

Standaard filmt de camera in Full HD, maar je kunt ook kiezen voor 1440p of zelfs nog iets hoger. HP heeft de Chromebase voorzien van een ingebouwde webcamcover die je bedient met een schuifje bovenop het scherm. Dat schuifje werkt soepel en bevat bovendien een handig trucje. Als je het schuifje halverwege dicht schuift, dan wordt alleen de camera uitgeschakeld en zie je een wit rastertje voor de camera. Je kunt het schuifje echter nog verder schuiven en dan wordt ook de microfoon uitgeschakeld. 

Je ziet op het rastertje voor de camera dan ook een microfoontje. Ook als je het scherm in de verticale oriëntatie gebruikt is de webcam goed bruikbaar, al word je dan natuurlijk een beetje vanaf de zijkant gefilmd.

©PXimport

©PXimport

©PXimport

Goed toetsenbord, matige muis

De kwaliteit van het meegeleverde invoersetje is wisselend. Het toetsenbord is voor een meegeleverd exemplaar best goed, voelt stevig aan en is netjes vormgegeven. De toetsaanslag is voor een chicklet-toetsenbord wel wat aan de zware kant en bij het tikken maakt het toetsenbord wel wat meer geluid dan zou hoeven. Je kunt op zich wel een ander toetsenbord gebruiken, maar dan mis je wat speciale toetsen om bijvoorbeeld de helderheid van het scherm te bedienen. Op zich zou ik het toetsenbord daarom gewoon gebruiken. 

De muis zou ik wel vervangen. Deze qua vorm groot genoeg, maar hij is voor mijn smaak net te plat, heeft een erg onprettig scrollwieltje en geen bladerknoppen. Daar staat trouwens tegenover dat het toetsenbord wel een terugknop heeft, dus misschien is dat voor jou al afdoende. Zowel toetsenbord als muis worden via bluetooth verbonden en werken op twee AAA-batterijen.

©PXimport

Prestaties

De processor is dus een bescheiden dualcore-processor (met vier threads). Toch blijkt dat in de praktijk niet heel erg voor het werk dat je voornamelijk met een Chrome OS-apparaat in de browser doet. Chrome OS is een licht besturingssysteem en browsen met meerdere tabbladen en werken met bijvoorbeeld Google Documenten werkt gewoon soepel. Ook veel Android-apps kun je gebruiken.

De benchmark PCMark die we voor Windows-pc’s vaak gebruiken werkt niet onder Chrome OS. Er zijn in de vorm van CrXPRT en Geekbench 5 twee benchmarks die we ook op eerdere Chrome-apparaten hebben gebruikt. In de benchmark CrXPRT scoort deze Chromebase 245 punten terwijl in CrXPRT 2 een score van 108 punten gehaald wordt. In Geekbench 5 scoort de Chromebase 964 punten in de single-core-test en 1954 punten in de multi-core-test. Deze scores zijn hoger dan de meeste normale Chromebooks die we getest hebben.

De Chromebase bevat een wifi 6-kaartje van Intel en haalt hiermee de verwachte snelheden van boven de 800 Mbit/s in combinatie met een wifi 6-accesspoint terwijl met een wifi 5-accesspoint zo'n 420 Mbit/s gehaald wordt. Dat zijn prima snelheden.

Conclusie

De HP Chromebase 22 draait op Chrome OS en heeft daarom de beperkingen die met dit platform komen. Daar staat tegenover dat Chrome OS simpel werkt, veilig is en vrijwel niet kapot te maken is. Voor een jongere of juist oudere doelgroep is het dan ook een prima besturingssysteem. Ook wanneer je voor je eigen werkzaamheden uit de voeten kunt met vrijwel enkel de Chrome-browser is dit een handig apparaat. 

De hardware is prima afgewerkt en ziet er goed uit, al is het scherm wat aan de kleine kant en had een hoogteverstelling handig en wat mij betreft ook nodig geweest. De hardware is niet heel krachtig, maar voor Chrome OS voldoet het en er is genoeg geheugen en opslag. 

Het apparaat is wat mij betreft wel net te duur, maar alsnog koop je met de HP Chromebase een fraai all-in-one-apparaat dat prima dienst doet als centrale browsecomputer in de woonkamer of als huiswerkapparaat voor kinderen die met Chrome OS kunnen of moeten werken.

Goed
Conclusie

**Prijs** € 749,- **Besturingssysteem** Chrome OS **Beeldscherm** 21,5 inch (1920 x 1080 pixels) aanraakscherm **Processor** Intel Core i3-10110U (2,1 GHz basisfrequentie, tot 4,1 GHz Turbo Boost) **Geheugen** 8 GB RAM **Grafisch** Intel UHD Graphics **Opslag** 256 GB ssd **Webcam** 5 megapixel-camera **Aansluitingen** 2 x usb-c (Gen 1), 2 x usb 3.2 (Gen 2), 3,5mm-headsetaansluiting **Draadloos** Wifi 6, bluetooth 5.0 **Afmetingen** 50,76 x 17,45 x 45,44 cm **Draadloos** Wifi 5 (2x2), bluetooth 5.0 **Website** [www.hp.com]( https://www.hp.com/nl-nl/shop/product.aspx?id=4E484EA&opt=ABH&sel=DTP)

Plus- en minpunten
  • Fraai ontwerp
  • Goede webcam
  • Draaibaar scherm
  • Niet in hoogte verstelbaar
  • Alle aansluitingen achterop
  • Langzame hardware voor desktop
▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.