ID.nl logo
Zekerheid & gemak

MWC 2017: Dit zijn de belangrijkste vernieuwingen op smartphone-gebied

Het Mobile World Congress zit er voor 2017 op. Ook dit jaar hebben we kunnen zien wat de nieuwste trends zijn op smartphonegebied. Alhoewel, trends... Er was weinig vernieuwing te zien in de moderne smartphones van het moment. Toch zijn er zeker trends te bespeuren op smartphonegebied. Dit zijn daarvan de belangrijkste.

Terug naar normaal

Er waren opvallend weinig vernieuwingen te zien tijdens de grootste telecombeurs ter wereld. Zeker bij LG was de stap terug goed te zien. Het bedrijf kwam vorig jaar met de modulaire G5, waarbij de accu verwijderbaar was én kon worden vervangen met bijvoorbeeld een extra camera-module. Het toestel bleek geen succes, zowel niet bij fans als in de verkoop. Het bedrijf ging dan ook door het stof en leverde met de G6 een degelijk, maar weinig vernieuwend toestel af. 'Back to basic' heet dat, en LG is lang niet de enige fabrikant die zich daaraan houdt.

Huawei heeft met de P10 een marginale update gemaakt van de P9, en de nieuwe Sony Xperia-toestellen zijn ook geen toestellen die je meteen móét hebben. Waar we vorig jaar nog veel telefoons zagen met een 'scherm-in-scherm' of andere flauwekul richten de telefoons van 2017 zich vooral op gebruiksgemak, zoals LG het ook zei. "Telefoons moeten het niet meer hebben van innovatie en betere specificaties, maar van gebruiksvriendelijkheid. We moeten aan de gebruiker denken: Wat wil die?" Daar kunnen we het alleen maar mee eens zijn.

Het resultaat zijn nieuwe telefoons die weliswaar een beetje saai zijn, maar ook degelijk en beter doordacht zijn. Consumenten krijgen namelijk eindelijk weer waar ze om gevraagd hebben: Telefoons die zich richten op de gebruiker, waardoor we alleen nog maar hoeven te kijken naar welke features we belangrijk vinden en zo de beste prijs-kwaliteitverhouding kunnen vinden. Lekker makkelijk.
 

18:9-schermformaat

Marketingpraat over Da Vinci daargelaten is 18:9 een heel fijne resolutie

LG maakte tijdens de presentatie van de G6 een heel punt van de resolutie van de telefoon. 18:9 (of gewoon 2:1) is een schermverhouding die we tot nu toe nog maar weinig zagen in telefoons maar die in de toekomst belangrijker gaat worden. Er gaan hardnekkige geruchten dat Samsung en Apple de resolutie willen gebruiken in respectievelijk de S8 en de komende iPhone.

LG wist de nieuwe verhouding erg te hypen door een Italiaanse filmmaker op het podium te brengen die zijn films in 18:9 schoot omdat dat "was geïnspireerd op Het Laatste Avondmaal van Da Vinci", maar zelfs zonder zulke vage marketingpraat is de kracht van 18:9 niet te ontkennen. De G6 voelt bijvoorbeeld veel groter aan, terwijl de behuizing juist lekker klein in je hand ligt. Je hebt zo namelijk veel meer schermruimte tegenover een kleinere telefoon, omdat de bezels aan de onderkant een stuk kleiner zijn. Hopelijk zien we daar later nog veel meer van!
 

Vingerafdrukscanners met gebarenbediening

Een heel specifieke en opvallende trend is dat steeds meer smartphones een vingerafdrukscanner krijgen waarmee je kunt scrollen of andere acties aan kunt koppelen. Huawei introduceerde die gimmick al met de Mate S van twee jaar geleden, waarbij je over de vingerafdrukscanner kon vegen om het notificatiescherm op te roepen of meldingen weg kon vegen, maar dat trucje zit nu ook in de conventionelere P10. Daar zit de vingerafdruk aan de voorkant, meer het toestel heeft daarnaast geen fysieke knoppen meer voor 'terug' en 'openstaande apps'. Om dat op te vangen kun je zulke acties koppelen aan de vingerafdrukscanner. Ook Motorola heeft dat toegevoegd aan zijn Moto G5 en G5 Plus. Of het fijn werkt, moeten we in de reviews gaan zien, maar het valt in ieder geval op.
 

Alles waterdicht

Het wordt de norm dat telefoons waterdicht zijn

Twee jaar geleden werden we doodgegooid met IP-ratings, die ons vertelden dat een toestel (spat)waterdicht was, maar dit jaar hoorden we daar vrijwel niets over. Dat wil echter niet zeggen dat telefoons ineens niet meer tegen water kunnen. Integendeel: waterdichtheid is inmiddels de standaard geworden op vrijwel iedere nieuwe telefoon, zelfs in de goedkopere modellen. Of het dan gaat om 100% waterdichtheid (IP68) of slechts 'waterbestendig' (IP67) maakt dan niet meer zoveel uit: we kunnen in ieder geval weer zonder angst een glas bier over onze telefoon laten vallen.
 

De 3,5 mm-poort blijft

Een onopvallende maar daarom ook goede trend is dat de 3,5mm-poort voorlopig nog wel blijft bestaan, merkte onder andere The Verge al op. Toen Apple vorig jaar de iPhone 7 aankondigde was het ontbreken van de hoofdtelefoonaansluiting de grootste vernieuwing, en analysten verwachtten dat het dé trend zou worden die smartphones de komende jaren zou domineren. Even leek het erop dat Samsung zou volgen toen er geruchten rondgingen dat de Galaxy S8 de aansluiting zou weglaten, maar dat lijkt er voorlopig toch niet van te komen.

Ook de telefoons die dit jaar wél zijn gepresenteerd, zoals de LG G6, de Sony Xperia-lijn en de Huawei P10, hadden allemaal een aansluiting voor 's werelds oudste koptelefoonformaat. Beter nog, geen enkel bedrijf maakte er een principieel punt van - zoals dat nog wel werd gedaan als het ging over accu's die niet ontploften. Het toevoegen van een 3,5 mm-poort blijkt nog steeds de gewoonste zaak van de wereld. En terecht.

Overigens lag er één model dat wel opviel door het ontbreken van een hoofdtelefoonaansluiting: de HTC U Ultra, die al tijdens de CES van dit jaar werd geteased. De telefoon kost echter meer dan 700 euro, en krijgt onder andere vanwege die hoge prijs weinig lovende recensies. De koptelefoon is gelukkig here to stay.
 

Smartwatches zo goed als dood

Wearables hebben we zo goed als opgegeven

Hadden we dit artikel twee jaar geleden geschreven, dan had 'wearables' bovenaan onze lijst van vernieuwingen gestaan. Helaas heeft de realiteit die hype ingehaald. Weinig mensen kopen nog een wearable, en wie dat wel doet koopt een sportbandje in plaats van een echte smartwatch met apps. Op het hele MWC zijn we dus amper wearables tegengekomen, al had Huawei met zijn nieuwe Huawei Watch 2 best een mooi ding.

Wearables zijn uit. Als je er nog eentje wil kopen, is dit waarschijnlijk het juiste moment. De slimme polsklokjes zijn nu spotgoedkoop, en aangezien er in 2 jaar weinig verbeterd is heb je nog steeds dezelfde kwaliteit binnen als destijds. Of je er veel aan hebt, is een andere vraag.
 

5G nog niet voor de consument

Hoewel de beursvloer dit jaar vol stond met bedrijven die nieuwe 5G-technologieën presenteerden, is de standaard er nog lang niet. Dit jaar bestond MWC vooral uit veel technische demo's voor de toepassingen van sneller internet, maar dan vooral voor andere toepassingen dan smartphones. Operaties die van een afstandje kunnen worden uitgevoerd, auto's die vanaf de beursvloer op een circuit kilometers verderop kunnen worden bestuurd, alles zonder lag, dat is de vernieuwing. Dat we er straks in razendsnel tempo Netflix in 4K mee kunnen kijken is mooi meegenomen, maar echt nodig is het nog niet voor consumentenproducten.

▼ Volgende artikel
Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?
© Dennis
Huis

Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?

HDMI 2.1 is de nieuwste standaard voor beeldoverdracht, maar lang niet iedereen heeft de extra bandbreedte ook écht nodig. Vooral voor gamers met een PlayStation 5, Xbox Series X of krachtige pc is het relevant. Kijk je alleen films of televisie? Dan volstaat de oudere aansluiting vaak prima. Wij leggen uit waar de grens ligt.

Als je momenteel op zoek bent naar een nieuwe televisie of monitor vlíegen de technische termen je om de oren. HDMI 2.1 wordt door fabrikanten en winkels vaak gepresenteerd als een absolute noodzaak voor een scherm dat klaar is voor de toekomst. Hierdoor ontstaat de angst dat je een miskoop doet als je kiest voor een model met de oudere HDMI 2.0-standaard. Toch is dat in veel Nederlandse huiskamers een misvatting, want de voordelen zijn nogal specifiek. Veel consumenten betalen onnodig extra voor een functie die ze technisch gezien nooit zullen activeren. Na het lezen van dit artikel weet je precies of jij die snelle poort nodig hebt, of dat je dat budget beter aan een groter scherm of beter geluid kunt besteden.

De kern van het probleem: bandbreedte

Het fundamentele verschil tussen de gangbare HDMI 2.0-standaard en de nieuwere 2.1-versie zit 'm in de digitale snelweg die ze bieden. Je kunt het zien als een waterleiding: door een 2.1-kabel kan veel meer water (of dus data) tegelijk worden gepompt (48 Gbit/s in dit geval) dan door de oudere 2.0-variant (die 'maar' 18 Gbit/s kan verwerken). Die extra ruimte is nodig voor 4K-beelden met een zeer hoge verversingssnelheid (120 beelden per seconde) of voor extreem hoge resoluties zoals 8K.

Een hardnekkige mythe is dat HDMI 2.1 het beeld altijd mooier maakt. Dat is onjuist. Als je naar een Netflix-serie kijkt in 4K, ziet dat er via een 2.0-poort exact hetzelfde uit als via een 2.1-poort. De kabel verandert niets aan de kleuren, de scherpte of het contrast; hij zorgt er alleen voor dat het signaal 'erdoor' past. Pas als er een file op de kabel ontstaat (omdat je te veel beelden per seconde wilt versturen) wordt de nieuwe standaard noodzakelijk. Zolang je dataverbruik onder de limiet van HDMI 2.0 blijft, voegt versie 2.1 niets toe aan de beeldkwaliteit.

Wanneer werkt dit wél goed?

HDMI 2.1 komt pas echt tot zijn recht als je de grenzen van beweging en snelheid opzoekt. Dat is vrijwel exclusief het domein van de fanatieke gamer. Heb je een PlayStation 5 of Xbox Series X in huis en wil je games spelen in de hoogste 4K-resolutie met 120 beelden per seconde (120 Hz)? Dan is een HDMI 2.1-aansluiting op je tv onmisbaar. Zonder deze poort blijft je console steken op 60 beelden per seconde, wat minder vloeiend oogt bij snelle shooters of racegames.

Ook pc-gamers met een zware, moderne videokaart (zoals de NVIDIA RTX 40- of 50-serie) profiteren hiervan als ze hun pc op de tv aansluiten. Naast de snelheid biedt de 2.1-standaard ondersteuning voor Variable Refresh Rate (VRR). Dat zorgt ervoor dat de televisie zijn verversingssnelheid continu aanpast aan de spelcomputer, wat haperingen en 'tearing' (waarbij het beeld in tweeën lijkt te breken) voorkomt. Daarnaast is er Auto Low Latency Mode (ALLM), een signaal waardoor je tv automatisch naar de spelmodus schakelt zodra je de console aanzet. Voor wie de maximale prestaties uit een moderne spelcomputer wil halen, is HDMI 2.1 dus een logische en eigenlijk verplichte keuze.

Oké, maar wanneer werkt dit níet goed?

Voor de gemiddelde kijker is de meerwaarde van HDMI 2.1 nagenoeg nihil. Kijk je voornamelijk lineaire televisie (nieuws, talkshows), sportwedstrijden, films op Blu-ray of series via streamingdiensten als Disney+ en Videoland? Dan kom je nooit in de buurt van de bandbreedte die HDMI 2.0 niet meer aankan. Films en series worden vrijwel altijd gemaakt en uitgezonden in 24, 30 of maximaal 60 beelden per seconde. Een standaard HDMI 2.0-aansluiting kan 4K-beeld op 60 Hz fluitend aan, inclusief HDR (High Dynamic Range).

Ook voor bezitters van een oudere of minder krachtige spelcomputer, zoals de PlayStation 4, de Xbox One of de Nintendo Switch, voegt de nieuwe poort niets toe. Het signaal dat deze apparaten uitsturen is simpelweg niet zwaar genoeg om de bredere snelweg nodig te hebben. Je koopt in dat geval een Ferrari om er vervolgens alleen maar mee in een 30-kilometerzone te rijden. Je betaalt voor capaciteit die ongebruikt blijft, terwijl je dat geld wellicht beter had kunnen investeren in een tv met een beter contrast of hogere helderheid.

Dealbreakers

Er zijn specifieke situaties waarin het blindstaren op HDMI 2.1 je keuze onnodig beperkt of zelfs leidt tot een slechtere aankoop. Dit zijn de harde grenzen:

Je zoekt een televisie in het budgetsegment. In de lagere prijsklassen is de term HDMI 2.1 vaak misleidend. Fabrikanten mogen de term soms gebruiken omdat de tv één specifieke feature ondersteunt (zoals ALLM), terwijl het paneel zelf technisch helemaal geen 120 Hz kan weergeven. Je koopt dan een tv met een 2.1-sticker, maar zonder het daadwerkelijke voordeel van vloeiend beeld. In dit segment is beeldkwaliteit altijd belangrijker dan het versienummer van de poort.

Je wilt alleen beter geluid via een soundbar. Vaak wordt gedacht dat je voor de beste geluidsoverdracht (eARC) per se een volledige HDMI 2.1-tv nodig hebt. Hoewel eARC officieel onderdeel is van de 2.1-specificaties, hebben veel fabrikanten deze functie ook toegevoegd aan televisies die verder gewoon op HDMI 2.0 draaien. Als je doel puur het doorsturen van Dolby Atmos-geluid is, is een volledige HDMI 2.1-poort dus geen harde eis, zolang eARC maar specifiek wordt vermeld.

Je kijkt puur films en series. Als je geen gamer bent, is er geen enkel scenario waarin HDMI 2.1 je kijkervaring verbetert. Het sluit een heleboel uitstekende oudere of goedkopere modellen uit die misschien wel een veel mooier OLED- of QLED-paneel hebben, maar niet de nieuwste aansluitingen. Beeldkwaliteit (zwartwaarden, kleur) wint het voor de filmkijker altijd van bandbreedte.

©DC Studio

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om de juiste keuze te maken, moet je kritisch kijken naar wat er in je tv-meubel staat of komt te staan. De vuistregel is eenvoudig: ben jij iemand die elke frame telt in een online shooter en heb je de hardware om dat te genereren? Dan moet HDMI 2.1 bovenaan je wensenlijst staan; zonder die poort knijp je de prestaties van je dure console af en mis je de soepelheid waarvoor je betaald hebt.

Ben je daarentegen een filmliefhebber die geniet van de hoogste beeldkwaliteit in HDR, of kijk je vooral sport? Richt je dan op het contrast, de helderheid en de kleurweergave van het paneel. Een kwalitatief hoogwaardig paneel met een 'oudere' aansluiting geeft een indrukwekkender plaatje bij films dan een middelmatige tv die toevallig wél een 2.1-aansluiting heeft. Laat je niet gek maken door het idee van toekomstbestendigheid als de beloofde toekomst niet aansluit bij jouw kijkgedrag.

Dus...

HDMI 2.1 is essentieel voor gamers met een PS5, Xbox Series X of krachtige pc die willen spelen in 4K bij 120 Hz. Voor filmkijkers, serie-bingers en tv-kijkers biedt de standaard geen zichtbare beeldverbetering ten opzichte van HDMI 2.0. De extra bandbreedte is puur bedoeld voor zeer hoge framerates die videocontent niet gebruikt. Kies alleen voor HDMI 2.1 als je hardware hebt die deze snelheid daadwerkelijk kan benutten. In alle andere gevallen is de kwaliteit van het beeldscherm zelf veel belangrijker dan het type aansluiting.

▼ Volgende artikel
Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?
© Wildlight Entertainment
Huis

Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?

Op 26 januari kan de wereld aan de slag met Highguard. Het lijkt erop dat iedereen weet wat Highguard is, terwijl tegelijkertijd ook niemand precies weet wát Highguard nou precies is. In dit artikel zetten we dus uiteen wanneer je de game kunt spelen, en waarom deze titel van Wildlight Entertainment zoveel aandacht krijgt.

Releasedatrum van Highguard

Highguard is vanaf vandaag, 26 januari, rond 19:00 uur Nederlandse tijd beschikbaar op pc, PlayStation 5 en Xbox Series X en S. De exacte releasetijd is nog niet bekend, maar vermoedelijk zal de game rond die tijd op alle platforms beschikbaar worden.

Daarbij is het spel free-to-play, dus je hoeft niets te betalen om Highguard te spelen. Daarbij ondersteunt de game crossplay en cross-save, dus je kunt de game samen met vrienden op andere platforms spelen en je progressie op andere platforms meenemen. Het spel is niet te preloaden, maar vereist op pc in ieder geval 25 GB aan beschikbare opslagruimte.

Met de lancering van het spel zendt ontwikkelaar Wildlight Entertaiment om 19:00 uur Nederlandse tijd ook direct een zogenaamde Launch Showcase uit op YouTube - ook hieronder te bekijken. De studio belooft in deze showcase een ‘deepdive in de gameplay’ van Highguard te tonen, de contentplannen voor het eerste jaar uit de doeken te doen en nog ‘veel meer’. 

Watch on YouTube

Wat is Highguard?

Aan team-based PvP heroshooters als Overwatch is geen gebrek, maar Highguard lijkt zich bij die groep te scharen. Het spel wordt ontwikkeld door Wildlight Entertainment, dat weer bestaat uit oud-ontwikkelaars van onder andere Titanfall en Apex Legends. Mensen die dus meer dan prima shooters in elkaar hebben gedraaid, waardoor de interesse toch ietwat gewekt wordt. 

Ieder team in de game bestaat uit drie zogenaamde Wardens, waarvoor verschillende personages gekozen kunnen worden. In de trailer zien we bijvoorbeeld een ridderachtige personage, die met een speciale vaardigheid elektrische stokken rond kan gooien. Ook is er een groot ijsmonster dat schijnbaar muren kan laten verschijnen, een soort cowboy met beestachtige klauwen en een personage dat met messen kan gooien. Ook heeft ieder personage schijnbaar toegang tot geweren om het vijandelijke team mee te bevechten.

Het doel van een potje is namelijk het vinden van de ‘Shieldbreaker’, een soort groot zwaard waarmee je de basis van de tegenstanders open kan breken en uiteindelijk overnemen. Wanneer dit lukt is het potje gewonnen. In de context van de game krijgt jouw team op die manier de controle over het continent. 

©Wildlight Entertainment

Waarom is er zoveel om Highguard te doen?

Wildlight positioneert de game in hun marketing als een “nieuw soort shooter”, maar veel spelers zijn op basis van de trailer nog niet overtuigd. Highguard doet qua opzet van de potjes wel een paar dingen anders dan hero-shooters als Overwatch en Marvel Rivals, maar zoals Concord in 2024 liet zien is de huidige markt voor dit subgenre binnen shooters redelijk verzadigd. Velen zijn simpelweg nog niet overtuigd dat Highguard daadwerkelijk iets vernieuwends met zich mee weet te brengen.

Dit valt ook te verwijten aan een opvallend gebrek aan marketing van de game. Zo’n anderhalve maand voor release hoorden we voor het eerst van Highguard, toen de trailer werd getoond als afsluiter van The Game Awards. Normaliter is de laatste aankondiging van die show een van de hoogtepunten, maar Highguard wist mensen niet te enthousiasmeren. 

De gesprekken rondom Highguard werden echter nog vreemder, toen opviel dat Wildlight geruime tijd niets meer plaatste op sociale media over de game. Na de initiële aankondiging van de game werd er wekenlang niets meer geplaatst op het X-account van Highguard, tot drie dagen voor launch - toen het bedrijf een countdown startte. Ook dit maakte het lastig om enthousiast te worden voor Highguard. 

©Wildlight Entertainment

In de afgelopen dagen doken er berichten en geruchten op die stelden dat Geoff Keighley - de presentator en oprichter van The Game Awards - Highguard specifiek had uitgekozen als afsluiter van The Game Awards, omdat hij hier wel iets in zag. Op 25 januari plaatste Keighley een gif op X, waarin John Hammond uit Jurassic Park zegt: “Over 48 uur accepteer ik jullie verontschuldigingen”. 

Natuurlijk gunnen we iedere game waar tijd en passie in heeft gezeten het beste, maar het is ook niet te ontkennen dat het verhaal rondom Highguard op zijn minst frappant te noemen is. Nou ja, vanaf 19:00 uur kunnen we het spel zelf onder handen nemen. Verwacht daarom binnenkort impressies op onze socials en ID.nl.