ID.nl logo
Hoe groepeer je speakers met Chromecast?
© Harman Kardon
Huis

Hoe groepeer je speakers met Chromecast?

Chromecast-speakers kun je combineren in groepen die simultaan hetzelfde nummer of dezelfde playlist afspelen. Hoe je zo'n groep precies maakt, leggen we uit in dit artikel.

In dit artikel lees je hoe je Chromecast-speakers kunt groeperen zodat je bij een feestje muziek simultaan uit meerdere speakers kunt laten klinken. Je krijgt antwoord op de volgende vragen: 🎜 Wat is Chromecast? 🎜 In welke apparaten vind je Chromecast? 🎜 Wat is casting? 🎜 Hoe maak je een speakergroep? 🎜 Wat kan niet met Chromecast?

Wat is Chromecast en in welke apparaten zit het?

Chromecast is een technologie van Google om over het netwerk muziek of video van een mobiel toestel naar een ander apparaat te sturen. Dat kan een draadloze speaker zijn, of je tv. Of iets anders. De functie zit ingebouwd in waanzinnig veel apparaten. Zo hebben heel veel soundbars Chromecast-ondersteuning. Ook muziekversterkers of AV-receivers bieden het vaak, al moet je bij die type toestellen toch goed checken of een cast-functie aanwezig is. 

Heb je een Chromecast-toestel in huis? Dan verschijnt er in bijna alle streaming-apps op je telefoon of tablet een cast-icoontje waarop je kunt tikken om muziek of video naar dat toestel te sturen. Hoewel Chromecast een technologie is van Google, vind je het vaak ook bij apps die op je iPhone of iPad staan.

Chromecast kun je zien als Googles tegenhanger van AirPlay van Apple. Ze zijn niet compatibel. Als je een speaker hebt met AirPlay en eentje met Chromecast, dan kun je ze niet groeperen. Gelukkig bieden veel toestellen de beide technologieën.

Zeg casting, niet streaming

Muziek of video van een mobiel toestel naar een tv of speaker sturen? Als je echt de puntjes op de i wilt zetten, dan moet je bij Chromecast het werkwoord 'casten' gebruiken, niet 'streamen' gebruiken. Al doet iedereen (wij ook!) het wel. Waarom een ander werkwoord? Dat komt omdat Chromecast net anders werkt dan gewone streaming. Vanaf het moment dat je in de Netflix- of YouTube-app op het cast-icoontje drukt, vloeit de mediastream van de servers van het contentbedrijf rechtstreeks naar je tv of speaker. Niet langer 'over' je smartphone heen. Dat is bij AirPlay of bluetooth wél het geval. Als de batterij van je telefoon bij die laatste op is, dan stopt de muziek. Chromecast heeft op dat vlak dus wel een voordeel. 

Het is een slim idee van Google en inmiddels hebben ook andere partijen het overgenomen. Spotify Connect bijvoorbeeld, werkt ook op deze 'directe' manier. Zo kan heel het gezin bij Spotify, net als bij Chromecast, op hetzelfde moment de muziek bedienen vanaf hun eigen smartphones.  

Nog even over dat casten…

Omdat Chromecast een product van Google is, kan het wel eens dat een bepaalde functie of optie opeens anders heet dan in dit artikel. In tegenstelling tot Apple is Google namelijk niet altijd heel consequent met namen of met menu's. Over de jaren heen is het zelfs heel wispelturig geweest als het gaat om de naam 'Chromecast' zelf. 

©JBL

Strikt genomen is 'Chromecast' de naam van de media-adapters die Google zelf verkoopt. Is het ingebouwd in een product van iemand anders, dan zie je tegenwoordig 'Google Cast' staan. Vroeger was dat anders, en in de praktijk zie je toch apps en fabrikanten nog altijd het label 'Chromecast' hanteren. Maar eigenlijk staat Google Cast en Chromecast voor hetzelfde.

Groeperen: hoe werkt het?

Het groeperen van speakers bij Google Chromecast verloopt wat anders dan bij concurrende systemen. In de app van Sonos of HEOS bijvoorbeeld, kies je muziek en tik je de kamers aan waarin je die wilt horen. Bij Chromecast moet je vooruit plannen: je maakt een groep aan met daarin de gekozen speakers en je geeft die groep een naam. Daarna verschijnt de groep als een extra (virtuele) speaker in de lijst van beschikbare toestellen wanneer je in een streaming-app op het Cast-icoontje tikt. 

Stel dat je in thuis drie speakers met Chromecast hebt: eentje in de woonkamer, eentje in de keuken en eentje in de slaapkamer. Als je een groep maakt met de toestellen in de woonkamer en keuken, geef je deze bijvoorbeeld de naam 'Beneden'. Als je dan in de Disney+-app op het cast-icoontje tikt, zie je Woonkamer, Keuken, Slaapkamer én Beneden. Eentje extra dus. 

©Jamie Biesemans

In sommige streaming-apps zie je speakergroepen als 'Google Cast Group' verschijnen.

Is de speaker al in Google Home ingesteld?

Om een speakergroep te maken, heb je de Google Home-app nodig. Deze app is beschikbaar voor Android en iOS. Om hem te gebruiken, moet je wel beschikken over een Google-account. Vroeger kon je sowieso niet ontsnappen aan Google Home omdat je via deze app ook je Chromecast-apparaat moest instellen. Je gebruikte onder meer om het te verbinden met je wifi-netwerk en te koppelen aan je Google-account. Dat is dan weer nodig als je de Google Assistant wilt gebruiken om je speaker te bedienen.

Inmiddels zijn de regels wat minder streng, en kun je al casten naar aan apparaat dat niet via Google Home is aangemeld. Om te groeperen moet je het echter wél instellen via Home. Mocht dat nodig zijn, dan moet je eerst in de Home-app onderaan op Apparaten tikken en dan op de blauwe knop Toevoegen. Je doorloopt dan een stappenplan. Zorg dat de speaker of het toestel aanstaat en dat je in de buurt staat met je smartphone. Het apparaat zal dan automatisch gevonden worden.

Zo maak je een groep

De werkwijze is op een Android-toestel of Apple-apparaat nagenoeg hetzelfde. Je opent de Google Home-app en tikt onderaan op Instellingen. Bij een tablet kan Instellingen ook wel links in een balk te vinden zijn.

©Jamie Biesemans

Je ziet bij het instellingenscherm onderaan een knop Toevoegen. Als je hier op drukt, zie je een lijstje mogelijkheden verschijnen. Selecteer Speakergroep Maken en selecteer de speakers die je in een groep wilt stoppen. In de volgende stap kun je deze speakergroep een eigen naam geven. Druk daarna op OK en je bent klaar.

©Jamie Biesemans

In de speakergroep maken-scherm tik je op de gewenste speakers.

Hierna kun je in een streaming-app, zoals Apple Music of YouTube, op het cast-icoon tikken. De speakergroep zie je dan tussen de aanwezige speakers en audiotoestellen verschijnen.

Je kunt een-en-dezelfde speaker probleemloos in meerdere groepen stoppen (zoals 'alles beneden' en 'heel het huis'). Het is zelfs mogelijk om een speakergroep in een andere speakergroep te stoppen! Zo kun je een groep met alle speakers in een woning aanmaken met daarin de groep van de speakers op de benedenverdieping en de groep van speakers in de badkamer en slaapkamers.

Groepen aanpassen

Wat als je achteraf een nieuwe speaker koopt en die aan een groep wilt toevoegen? Of andersom, een audiotoestel uit een groep halen? Dan moet je weer naar Google Home en tik je op Instellingen. Je ziet dan een rij genaamd Apparaten, groepen en ruimtes. Tik op het > teken ernaast, en tik in het volgende scherm op Speakergroepen.

©Jamie Biesemans

Bij Speakergroepen krijg je een overzicht van alle groepen.

Je krijgt dan een lijst te zien van alle speakergroepen. Selecteer de groep die je wilt aanpassen en tik dan op Apparaten kiezen om speakers te verwijderen of toe te voegen. De Groep verwijderen is een andere optie.

©Jamie Biesemans

In dit scherm kun je een groep aanpassen of verwijderen.

Wat kun je niet?

Een tikje onhandig is dat je muziek die op één speaker speelt, niet zomaar kunt uitbreiden naar een speakergroep. Je moet in je streaming-app eerst het casten naar die ene speaker stoppen en dan weer starten door op de speakergroep te tikken. 

In de woonkamer staat de spannende voetbalfinale te spelen via de tv en soundbar, maar je moet toch even een paar dingen regelen in de keuken. Hapjes klaarmaken voor je vrienden, we zeggen maar iets. Kun je dan het geluid van die match via Chromecast doorsturen naar je keukenspeaker zodat je alles kunt volgen? Het korte antwoord is: nee. De Chromecast-technologie is ontworpen rond streamende audio en video. Het kan dus niet het geluid dat binnenkomt in de soundbar (van de tv) naar elders casten. Ook niet als je die soundbar in een groep stopt met de speaker in de keuken. Dit kan wel met 'echte' multiroomplatforms, zoals van Sonos, Bluesound en HEOS.

Lees ook: Multiroom: een muzieksysteem voor heel je huis

▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.