ID.nl logo
Helpt een smartwatch je gezonder te leven?
© Reshift Digital
Gezond leven

Helpt een smartwatch je gezonder te leven?

Door de coronacrisis zijn veel meer mensen zich bewust van hun gezondheid. En daar spelen fabrikanten als Apple, Samsung, Fitbit en Polar slim op in met een nieuwe reeks horloges die van allerlei metingen kunnen doen om jouw gezondheid te peilen. Hoe meten deze wearables zaken als beweging en hartslag en hoe helpen deze data je dan precies? En natuurlijk de hamvraag: helpt een smartwatch je daadwerkelijk om gezonder te leven?

Het bestaansrecht van smartwatches is altijd een lastig punt geweest, met name omdat veel functionaliteit gezocht werd in zaken die een smartphone ook kan. Meldingen synchroniseren, entree-qr-codes tonen, navigeren, weersinformatie weergeven ... Het is allemaal heel handig, maar met dit soort functies weet geen smartwatch zich onmisbaar te maken. Op één gebied na: beweging en gezondheid. Een smartwatch draag je continu op je lichaam, wat mogelijkheden biedt je beweging nauwkeurig bij te houden en met sensoren allerlei lichaamsfuncties, zoals je hartslag, te meten. Hiermee hebben de makers van smartwatches (en fitnessarmbandjes) hun meerwaarde gevonden. 

Dat maakt wel dat de ontwikkelingen van wearables vrijwel alleen maar op het gebied van sportiviteit en gezondheid plaatsvinden. Met betere sensoren worden de metingen nauwkeuriger, slimme algoritmes herkennen activiteiten en coachen je om optimaal te presteren en gps-chips leggen nauwkeurig je route vast of je nu zwemt, roeit, wandelt, hardloopt of fietst. Onderweg even een AA’tje meepikken? Dat reken je contactloos af met je horloge. En bij de kassa pauzeer je even gemakkelijk via je horloge de muziek die uit je bluetooth-oortjes komt. Kortom, tijdens activiteiten zorgt een smartwatch er nu zelfs voor dat je je smartphone niet eens meer nodig hebt. 

©PXimport

Beweging en gezondheid zijn de gebieden waarop een smartwatch zijn meerwaarde bewijst.

-

Van ver gekomen

Het duurde even voordat fabrikanten doorhadden dat de sleutel voor smartwatches bij beweging en gezondheid lag. Daarna zijn de ontwikkelingen snel gegaan, qua algoritmes, nauwkeurige metingen en functies. Zo is het zelfs al mogelijk om hartfilmpjes (ecg’s) te maken, je bloedzuurstofwaarde te meten en is er zelfs al een smartwatch op de redactie geweest waarover werd geclaimd dat deze je bloeddruk kon meten. Ten onrechte overigens. Zelfs zonder medische achtergrond konden we op de redactie al vaststellen dat er geen zinnige waardes gemeten werden én dat het een wonder was dat alle redacteuren überhaupt nog in leven waren. Maar wie goed zoekt, kan wel degelijk apparatuur vinden die wellicht betere metingen maakt (al dan niet na ijking met een echte bloeddrukmeter), zoals de Omron Blood Pressure Watch. Samsung claimt dat zijn laatste horloges eveneens je bloedruk kunnen meten. 

©PXimport

Tijd voor gezondheid

Hoewel de ontwikkelingen op gezondheidsgebied al jaren aan de gang zijn, was 2020 natuurlijk hét jaar voor fabrikanten om hun smartwatches aan te prijzen. De pandemie zorgde ervoor dat het in de gaten houden van je gezondheid meer dan ooit leefde, wat natuurlijk enorme kansen bood voor smartwatchfabrikanten. Neem Fitbit als voorbeeld, dat in het voorjaar de Fitbit Sense lanceerde, die meer dan ooit inspeelde op gezondheid. Naast het maken van hartfilmpjes en het meten van de bloedzuurstofwaarde, kan de smartwatch ook je huidtemperatuur meten. Los van de vraag of deze functionaliteit ook naar behoren werkt, is het natuurlijk enorm slim ingespeeld op de situatie. Want een van de symptomen van Covid19 is koorts. En niet geheel toevallig is deze functie alleen verkrijgbaar op dit  horloge, de duurste die Fitbit aanbiedt (329 euro). Overigens nog altijd een stuk goedkoper dan het alternatief waar Fitbit niet subtiel van spiekt: de Apple Watch, waarvan de zevende generatie zo’n 400 euro kost. Kortom, gezondheid lijkt de nieuwe melkkoe voor smartwatchfabrikanten te zijn. En daar is overigens niets mis mee. Maar hiermee zijn we nog niet dichter bij een antwoord op de vraag gekomen die ik in het intro stelde: Helpt een smartwatch je daadwerkelijk gezonder en actiever te leven? Om hier wat zinnigs over te kunnen zeggen, moeten we eerst kijken naar de technologie van deze draagbare apparaatjes.

©PXimport

Hoe werkt de meting van een smartwatch?

Bij wearables zijn er vooral vergaande ontwikkelingen op het gebied van hartslagmeting. Wanneer je de binnenkant van je smartwatch of fitnessbandje bekijkt, zie je een knipperlichtje. Meestal is deze groenkleurig, maar het komt ook weleens voor dat dit een rood lampje is. Dit is de sensor die de hartslag meet. Pieter Hélin legt namens sporthorlogefabrikant Polar de werking van hartslagmeting via deze lampjes graag uit: “De led emittors sturen een lichtsignaal door de bovenste huidlaag. De reflectie van dit signaal wordt opgevangen aan de hand van kleine receptoren die naast de ledsensoren geplaatst zijn. Via de ledsensoren wordt een zogeheten PPG (Photoplethsymogram) weergeven. In deze weergave worden de bloeddoorstromingen in je microvasculaire bloedvaten getoond. Gebaseerd op deze reflectie wordt het aantal hartslagen per minuut berekend.” Intussen zijn het aantal ledjes op de smartwatch toegenomen, om zo nauwkeuriger te kunnen meten. Een sporthorloge kan namelijk het contact met de huid verliezen, met name gedurende beweging. Hélin: “Ondertussen is de Polar-technologie geëvolueerd naar tien ledlichtjes in verschillende kleuren en meerdere receptoren. Met de verschillende kleuren kunnen op verschillende niveaus bloeddoorstromingen gemeten worden. Dit verhoogt de meetnauwkeurigheid aanzienlijk.”

De hartslagmeting via ledlichtjes op de huid is vooral in opkomst dankzij wearables, maar ook door Samsung-smartphones, die jarenlang aan de achterzijde over een hartslagmeter beschikten waarmee een momentopname van je hartslag gemaakt kon worden. Een doorlopende meting is echter wat van echte waarde lijkt te zijn om wat zinnigs te kunnen zeggen over de hartgezondheid of om stoornissen te kunnen detecteren. Tot voorheen gebeurde dit soort metingen vaak via medische en sportapparatuur die de elektrische activiteit van het hart meten. Zo krijgen sporters nog altijd een borstband om tijdens inspanningen en dragen (mogelijke) hartpatiënten een holtermonitor met zich mee; een klein kastje dat je aan je riem draagt en in verbinding staat met op het lichaam geplakte sensoren. Deze holters worden vaak één à twee dagen gedragen om zo een nauwkeurige hartfilm (ecg) te kunnen maken die door de arts kan worden uitgelezen om een eventuele hartritmestoornis vast te stellen.

Saturatiemeter 

De Apple Watch heeft sinds series 6 ook een saturatiemeter, waarmee je het zuurstofgehalte in je bloed kunt meten. Dit geeft een beter beeld van je conditie en gezondheid. Hoe je de saturatiemeter instelt, leggen we uit in dit artikel.

©PXimport

Activiteitsmeting

Wanneer je begint met sporten, hoef je je smartwatch niet aan te zetten. Wearables zijn in staat te meten wanneer je een activiteit start en zelfs te herkennen wát je doet. De Apple Watch herkent zelfs valpartijen, en geeft dit eventueel door aan een contactpersoon. Hélin: “Activiteit wordt gemeten aan de hand van een ingebouwde accelerometer. De bewegingen van je hand, pols en arm correleren heel goed met de fysieke activiteit die je op dat moment aan het doen bent. Deze versnellingssensor zal niet weten of je aan het wandelen, paardrijden, fietsen, zwemmen bent of in de tuin aan het werken. Maar aan de hand van de geregistreerde versnellingsdata kan hij wel een goede inschatting maken of je met een beweging bezig bent die qua intensiteit overeenkomt met liggen, zitten, staan, wandelen of intensief bewegen.” Om de activiteit vast te stellen, wordt ook de hartslagmeter ingezet. “Voor een accelerometer is wandelen met of zonder rugzak van 20kg exact dezelfde beweging. Met die rugzak zal je intensiteit (en dus ook je hartslag) wel een stuk hoger liggen. Hier zal de hartslag gebruikt worden om de intensiteit van de beweging te bepalen.”  Een wearable laat ook zien hoeveel calorieën je verbrandt, bijvoorbeeld gedurende zo’n activiteit. Hier wordt als het ware een formule voor toegepast. “Een aantal persoonlijke parameters zoals lengte, leeftijd, gewicht, geslacht en conditieniveau worden tijdens je activiteit of training in rekening gebracht in combinatie met je beweeg- of trainingsintensiteit. Iemand van tachtig kilo zal tijdens een gelijkaardige intensiteit meer calorieën verbruiken dan iemand van zestig kilo. Uiteraard geldt ook: hoe hoger de intensiteit, hoe meer calorieën je verbrandt. Maar zelfs als twee personen met dezelfde uiterlijke fysieke parameters op dezelfde relatieve intensiteit sporten, zal diegene met het beste conditieniveau de meeste calorieën verbranden.” Overigens moet je deze cijfers met een korreltje zout nemen omdat er natuurlijk nog veel meer factoren meespelen.

Borstband, holter, ledlichtjes

Hoe verhouden de ledmetingen van een smartwatch zich ten opzichte van een borstband of holter? Hélin is van mening dat de borstband nooit helemaal zal verdwijnen, omdat elektrische metingen sneller en nauwkeuriger meten. Bijvoorbeeld om snelle hartslagschommelingen vast te stellen. Naar aanleiding van deze uitspraak zou je verwachten dat elektrische hartslagmeting de enige meetvorm is die serieus wordt genomen als het op medisch en topsportgebied aankomt en dat deze polsgimmicks door professionals in dit werkveld links gelaten worden. Niet is minder waar, aldus Harald Jorstad (sportcardioloog, tevens werkzaam bij het Sportmedisch Centrum Papendal van NOC*NSF) en Jasper Selder (cardioloog en biomedisch ingenieur), die beiden werkzaam zijn aan het UMC Amsterdam. Beiden hebben al veel praktijkervaring met smartwatches in het werkveld, ondanks dat de ecg-functionaliteit op smartwatches pas voor het eerst begin 2019 beschikbaar kwam op de (vierde generatie) van de Apple Watch. Alleen Withings en sinds kort ook Fitbit bieden deze functionaliteit in een smartwatch. Jorstad vertelt: “We hebben een man van zo’n zeventig jaar kunnen helpen het sporten weer beter op te kunnen pakken. Ondanks dat hij erg sportief was, merkte hij dat het hem steeds moeilijker af ging. Uiteindelijk zijn we via een smartwatch erachter gekomen dat de man een hartritmestoornis had. Door zijn trainingen daarop aan te passen, kon hij de draad weer oppakken.”

De cardiologen leggen uit dat het voordeel van een smartwatch ook zit in het feit dat je hem altijd bij je draagt. Zo wordt er dus ook gemeten op onvoorspelbare momenten of in je slaap. En kun je wanneer je zelf iets merkt handmatig een ecg maken. “Voor zeldzame ziektes of infarcten is zo’n ecg niet bijdragend”, vertelt Selder. “Voor het vaststellen van veelvoorkomende problemen, zoals boezemfibrillatie, kan deze ecg wel degelijk van waarde zijn. Een ecg blijft echter natuurlijk wel een momentopname.”

©PXimport

Nauwkeurigheid kan beter

Toch zitten we nog in een beginstadium als het aankomt op de detectie van ritmestoornissen. Dat komt met name door de nauwkeurigheid van de metingen. Een smartwatch kan bijvoorbeeld bewegen. Tijdens een oefening is dat helemaal niet ondenkbaar. Hierdoor heb je een grotere kans op een meting van slechte kwaliteit. Volgens Selder kunnen deze slechte metingen wel oplopen tot dertig procent. Dat hoeft geen probleem te zijn, zolang deze er maar uitgefilterd worden door een algoritme. Als dat niet gebeurt geeft een smartwatch dus onterecht aan dat er sprake is van een ritmestoornis, en dan kan dit een vals positieve meting worden. Dat creëert wel extra zorgbelasting. Zelfs al zou de accuraatheid 99% zijn, dan blijft die ene procent behoorlijk belastend voor de zorg als jonge, gezonde mensen massaal een smartwatch gebruiken. Met beter ontwikkelde software-algoritmes in de smartphone, zal dit op den duur wel kunnen bijdragen aan zorg op afstand. Zulke zorg is onder andere door de corona-epidemie erg belangrijk gebleken.

Eisen aan ecg’s

Er zijn maar weinig wearables die een ecg kunnen maken. Uiteraard komt dit niet alleen omdat het apparaat hiervoor nauwkeurig moet kunnen meten en bijzonder ingewikkelde algoritmes moet kunnen toepassen. Ook mag er niet zomaar geclaimd worden dat het apparaat een hartfilmpje kan maken, hiervoor is een specifieke CE-certificering vereist. Dit voorkomt dat er slecht vastgestelde medische claims door fabrikanten gemaakt kunnen worden en verklaart waarom er in Europa geen spotgoedkope imitatie-smartwatches te koop zijn die ook een ecg-functionaliteit bieden.

Toekomst smartwatch

Gezondheids- en sporttoepassingen lijken hét bestaansrecht van de smartwatch te zijn en het lijkt erop dat we vooral op dit gebied nog meer ontwikkelingen gaan zien. Selder en Jorstad zijn optimistisch over de mogelijkheden hoe een smartwatch ons in de nabije toekomst kan helpen om gezonder te leven en sportief beter te presteren. Ook al hangt de meerwaarde van de smartwatch af van het doel, want een gezond iemand heeft tenslotte meer aan motivatie dan aan een ecg. Ontwikkelingen kunnen bijvoorbeeld nog plaatsvinden op het vlak van gezondheidsmetingen. We denken dan aan metingen zoals bloeddruk, lichaamstemperatuur, ademhaling en bloedzuurstofwaardes. Ook de vruchtbaarheid van vrouwen is een interessant gebied voor smartwatchfabrikanten, evenals een verfijning van de slaapanalyse. Krijgt je lichaam wel genoeg mogelijkheid te herstellen na een intensieve dag?

Hélin denkt vooral dat de toekomst ligt in verfijning van de meetalgoritmes. Ook hoe de data gebruikt worden, zal veranderen: “Op de korte termijn zie ik wel meer integratie gebeuren van deze beweeg- en activiteitsparameters in verschillende apps en platformen. Breng de data op een juiste manier naar de mensen. Je kunt je stappen meten, je kunt je slaap meten, je kunt je fysieke activiteit meten, maar wat betekent dat voor jou? Hoe zullen we ons gedrag aanpassen aan de hand van de interpretatie van de data? Hoe worden deze data gebruikt in gezondheidsplatformen? Worden deze data gebruikt door zorgverstrekkers en preventiewerk? Data meten en verzamelen is één ding, maar de interpretatie op een eenvoudige manier naar de gebruiker brengen, is de huidige uitdaging.”

©PXimport

Data

En zo slaan we direct een bruggetje naar een onderwerp dat in tech veelbesproken blijft: data. Medische gegevens zijn zeer persoonlijk en het medisch beroepsgeheim weegt niet voor niets extra zwaar in onze wetgeving. Privacy is hierbij iets om bewust van te zijn en ook een verantwoordelijkheid, zowel voor de gebruiker en eventueel de betrokken medisch specialist, maar ook voor fabrikanten en app-ontwikkelaars. Vooral de laatste twee groepen zijn een punt van zorg. Neem bijvoorbeeld Fitbit en Apple. Eerstgenoemde is overgenomen door Google, een bedrijf dat een niet al te beste privacyreputatie heeft, omdat het als een rupsje nooitgenoeg persoonsgegevens verzamelt en inzet voor de verkoop van advertenties. De overname van Fitbit door Google ligt daarom onder de loep door de Europese Commissie, die probeert te voorkomen dat de gezondheidsgegevens gebruikt worden voor inkomsten. Apple heeft, mede dankzij sterke marketing, een betere reputatie als het op privacy aankomt. Maar ook Apple is een rupsje nooitgenoeg en probeert er alles aan te doen om gebruikers te gijzelen in het eigen ecosysteem, om zo een inkomstenbron van Apple-apparatuur en -diensten te garanderen. Een fijn gespreid bedje, maar tegelijkertijd een gevangenis waar je niet zomaar uitbreekt. Zo is je Apple Watch met geavanceerde gezondheidsmeting opeens waardeloos als je besluit je iPhone te vervangen door een Android-smartphone. Ook is Apple de cipier van je data. Zij bepaalt wat jij ermee mag. Zo kun je je gezondheidsgegevens alleen inzien op Apple-apparaten. Ook andere fabrikanten hebben hier een handje van. Je data exporteren (kan, als je geluk hebt) met wat rauwe cijfers naar een tamelijk waardeloos xml-bestand. Fabrikanten zijn meer geïnteresseerd in koppelingen met apps als Strava, Runkeeper of Google Fit.

©PXimport

Gegevensdeling

Maar de app-makers op hun beurt gaan ook niet altijd even verantwoordelijk om met gezondheidsdata, al dan niet verkregen via een wearable. Daar kwam bijvoorbeeld een Noors onderzoeksbureau (SINNTEFF) achter. En dating-app Grindr (zonder medeweten van gebruikers) speelde aan derde partijen onder meer door of een gebruiker hiv-positief is. Ook bleek de deling van deze gegevens niet versleuteld te gebeuren: een mogelijk datalek. Jorstad wijst daarbij ook op een onderzoek van de FTC uit 2014, waarbij gezondheids-apps onder de loep werden genomen. Hieruit bleek dat twaalf onderzochte apps data delen met 76 verschillende derde partijen. Hieronder bevonden zich ook gegevens over lichamelijke gesteldheid en gewoontes.

Het toont aan dat je als gebruiker kritisch zou moeten zijn aan welke diensten je je gezondheidsgegevens toevertrouwt, en mogelijk zou strenge wetgeving en naleving hier ook een grotere rol in moeten spelen.

AliveCor Kardia Mobile 6L

Een smartwatch is niet de enige gadget die in staat is een hartfilmpje te maken. De Kardia Mobile 6L van AliveCor is een apparaat dat deze taak ook op zich kan nemen. Door je vingers op een klein apparaatje te leggen kan niet alleen een ecg worden gemeten, maar ook je bloeddruk. Dit apparaatje staat in verbinding met een app op je smartphone.

©PXimport

Voordat je een smartwatch koopt

Ben je niet geïnteresseerd in gezondheid of een actief leven, dan zul je misschien wat teleurgesteld zijn in de mogelijkheden en ontwikkelingen op het gebied van smartwatches. Veel meer dan een verlengstuk van je smartphone is het op dit moment niet. Wie echter als goed voornemen een wearable koopt om meer te bewegen of om een kwaaltje op te sporen, gooit ook relatief snel de wearable weer in de kast. Een wearable is namelijk nog niet in staat ziektes vroegtijdig vast te stellen, wat bijvoorbeeld voor de bestrijding van de Covid19-uitbraak fantastisch had geweest. De mogelijkheid van Fitbit bijvoorbeeld om de huidtemperatuur te meten, speelt slim in op de pandemie waarbij koorts een van de symptomen is. Maar in de praktijk is het nutteloos, omdat de huidtemperatuur al andere metingen oplevert als je onbewust met je arm onder de deken in plaats van boven de deken slaapt, het raam open hebt staan of de verwarming een graadje hoger dan gebruikelijk zet.

“Als je al erg lang ongezond leeft, zal een smartwatch je niet helpen opeens gezond te worden. Zelfs al zouden we nu aan de gehele bevolking deze apparaatjes uitdelen, dan zul je op lange termijn niet zien dat mensen meer gaan bewegen”, benadrukt Jorstad. “De sleutel zit in motivatie.” Je kunt daardoor het beste, al dan niet met een plan of schema gewoon beginnen met een gezondere of sportievere levensstijl. Desnoods kan een coach je hierbij helpen, en daar begint het goede voornemen. Je wearable helpt je vervolgens om je prestaties te monitoren en op basis van je prestaties en herstel beter, meer of juist minder te trainen.

Hélin, Selder en Jorstad zijn eensgezind: raadpleeg bij klachten altijd eerst een arts!

-

Zelfdiagnose

Tevens is het onverstandig om een smartwatch te kopen voor zelfdiagnose of bevestiging van gezondheidsklachten. Zowel Hélin, Selder als Jorstad zijn eensgezind op dit gebied: raadpleeg bij klachten altijd eerst een arts. Een smartwatch kan de arts wel helpen bij de diagnose en monitoring. Dan neemt de smartwatch de ondersteunende taak op zich. Minder belangrijk dan gehoopt misschien, maar nog steeds uiterst waardevol.

Het ligt voor de hand dat het raadplegen van een arts bij klachten en dat een combinatie van motivatie en discipline ervoor zorgen dat je het meeste uit je smartwatch haalt, zonder dat je dure gadget binnen een paar weken al in de la verdwijnt. Maar ook als je al gezond bent, is een wearable een prima toevoeging. Bijvoorbeeld omdat het je met gegevens over je voortgang kan motiveren, nieuwe oefeningen kan aanraden of je juist kan helpen op tijd je rust te pakken. Monitoring van gezondheid is nog behoorlijk in ontwikkeling, en vergeet ook niet dat op dit gebied ziektes voorkomen letterlijk beter is dan genezen. En tech hoeft hierin geen rol te spelen: goede voeding, voldoende hydratatie, nachtrust en gemoedrust doen al heel veel goeds voor je gezondheid.

©PXimport

Hartwacht

Uiteraard ben je niet beperkt tot een holter of smartwatch om (mogelijke) hartkwalen te ontdekken. Zo is er ook Hartwacht. De app staat in contact met Cardiologie Centra Nederland. In deze medische app voer je handmatig gegevens in, zoals je gewicht, hartslagwaardes en bloeddruk, en aan de hand daarvan kunnen cardiologen en verpleegkundigen op afstand je gezondheid monitoren.

▼ Volgende artikel
Nieuwe Resident Evil Requiem-beelden tonen wat je te wachten staat
Huis

Nieuwe Resident Evil Requiem-beelden tonen wat je te wachten staat

Capcom heeft eerder deze week een livestream uitgezonden waarin nieuwe beelden werden getoond van het aankomende horrorspel Resident Evil Requiem. Ook werd er meer informatie gegeven over de game.

Nieuw op ID: het complete plaatje

Misschien valt het je op dat er vanaf nu ook berichten over games, films en series op onze site verschijnen. Dat is een bewuste stap. Wij geloven dat technologie niet stopt bij hardware; het gaat uiteindelijk om wat je ermee beleeft. Daarom combineren we onze expertise in tech nu met het laatste nieuws over entertainment. Dat doen we met de gezichten die mensen kennen van Power Unlimited, dé experts op het gebied van gaming en streaming. Zo helpen we je niet alleen aan de beste tv, smartphone of laptop, maar vertellen we je ook direct wat je erop moet kijken of spelen. Je vindt hier dus voortaan de ideale mix van hardware én content.

Nadat eind vorig jaar al werd aangekondigd dat spelers niet alleen Grace Ashcroft zullen besturen, maar ook Leon S. Kennedy - een bekend gezicht voor mensen die eerdere delen hebben gespeeld - werd er tijdens de livestream uitgebreid gameplay van dit personage getoond.

Twee verschillende hoofdpersonages

Daarbij werd de nadruk gelegd op de verschillende speelstijlen van Leon en Grace. Op verschillende momenten gedurende de game wordt er automatisch tussen deze personages gewisseld, en ze zullen elk compleet andere gameplay bieden.

De segmenten met Leon - onder andere bekend uit Resident Evil 2 en Resident Evil 4 - zijn erg op actievolle schietgevechten gericht. Leon kan daarnaast ook de kelen van vijanden doorsnijden. Hij heeft ook een bijl waarmee hij aanvallen kan afweren. Grace's segmenten zijn juist erg gericht op spanning en horror en draaien vooral om het vermijden van intense gevechten.

Tijdens de livestream werd ook onthuld dat de game niet alleen naar consoles en pc komt, maar dat leden van Nvidia GeForce Now de game ook kunnen spelen. Ook werd er gepraat over de verschillende moeilijkheidsgraden - zo is er een extra makkelijke moeilijkheidsgraad voor mensen die weinig ervaring hebben met dit type spellen.

De complete livestream kan hieronder worden bekeken. In verband met de volwassen inhoud van de livestream kan het mogelijk zijn dat je op de link in de video moet klikken om naar YouTube te gaan en te bewijzen dat je volwassen bent.

Vanaf 27 februari verkrijgbaar

Resident Evil Requiem verschijnt op 27 februari (pre-orderen kan nu al) voor PlayStation 5, Xbox Series X en S, Nintendo Switch 2 en pc. Het is het negende hoofddeel in de horrorserie die al sinds de jaren negentig bestaat. In de loop der jaren is de franchise meermaals flink op de schop gegaan. Zo richtte Resident Evil 4 zich meer op actie, en zijn horrorelementen sinds Resident Evil 7: Biohazard weer teruggekeerd. Resident Evil Requiem lijkt dan ook een combinatie van al deze elementen te gaan bieden.

Op 27 februari zullen overigens ook Resident Evil 7 en Resident Evil Village (het achtste deel) op Nintendo Switch 2 uitkomen. Daarnaast verschijnt Village later deze maand op PlayStation Plus en Xbox Game Pass.

Watch on YouTube
▼ Volgende artikel
Slechte wifi thuis? Dit zijn de 3 grootste wifi-fouten die je signaal verpesten
© chadchai - stock.adobe.com
Huis

Slechte wifi thuis? Dit zijn de 3 grootste wifi-fouten die je signaal verpesten

Je kijkt een spannende serie en opeens bevriest het beeld. Dat bekende draaiende cirkeltje… er zijn weinig dingen zó frustrerend. Gelukkig ligt de oplossing vaak binnen handbereik. De snelheid van je internet hangt namelijk sterk samen met de manier waarop je thuis met je apparatuur omgaat. Door een paar veelgemaakte fouten te vermijden en de juiste techniek te kiezen, merk je vaak direct dat je netwerk stabieler wordt, zonder dat daar een duurder abonnement voor nodig is.

In het kort

In dit artikel lees je welke drie wifi-fouten het vaakst zorgen voor traag internet of haperingen: een onhandige plek voor je router, drukte op 2,4 GHz en verouderde firmware of hardware. Je ziet ook hoe je zelf een rustiger kanaal vindt en wanneer het slim is om te kiezen voor 5 GHz of 6 GHz. Tot slot leggen we uit wat wifi 6 en wifi 7 doen en waarom een netwerkkabel van minimaal cat5e verschil kan maken.

Lees ook: Router of powerline-adapter: wat is de beste keuze voor betere wifi?

Fout 1: De router op de verkeerde plek neerzetten

Een router wint qua looks zelden een schoonheidsprijs. De neiging om het apparaat uit het zicht te plaatsen is daarom groot. Toch is een verkeerde locatie de meest gemaakte fout die je bereik merkbaar (en soms zelfs dramatisch) kan verkleinen.

Dat zit zo.  Je kunt wifi-signalen vergelijken met het licht van een gloeilamp. Als je die lamp in een houten kast of achter een dikke bank zet, blijft de rest van de kamer donker. Obstakels zoals muren, meubels en zelfs grote kamerplanten blokkeren de onzichtbare golven. Vooral metaal en water zijn beruchte boosdoeners; een router naast een aquarium of achter een radiator plaatsen is vragen om problemen.

Ook de hoogte is bepalend. Veel mensen zetten de router op de grond, maar op de grond zit het signaal sneller 'achter' meubels en andere blokkades. Zet het apparaat liever op een kast of boekenplank op ooghoogte voor een vrije weg naar je apparaten.

©ID.nl

Fout 2: Storing door andere apparatuur over het hoofd zien

Je staat er waarschijnlijk niet bij stil, maar veel apparaten in huis gebruiken dezelfde onzichtbare digitale snelweg als je internetverbinding. De magnetron, sommige babyfoons en zelfs de draadloze koptelefoon van de buren vechten om een plekje op de 2,4GHz-band. Ook andere wifi-netwerken in de buurt kunnen voor digitale files zorgen.

De meeste moderne routers ondersteunen gelukkig ook de 5GHz-frequentie. Deze band is veel breder en heeft minder last van andere apparatuur. Het handmatig selecteren van het 5GHz-netwerk levert vaak direct een snelheidswinst op. Heb je een router met wifi 6e of wifi 7, dan kun je soms ook de 6 GHz-band gebruiken. Die is vaak rustiger, maar het bereik is meestal wat kleiner dan bij 5 GHz.

Tip: geef je netwerken duidelijke namen

Veel routers zenden meerdere wifi-netwerken tegelijk uit: 2,4 GHz voor bereik, 5 GHz voor snelheid en soms ook 6 GHz voor extra ruimte in drukke omgevingen. Als al die banden onder één naam vallen, kiest je smartphone of laptop automatisch. Dat gaat vaak goed, maar niet altijd: je toestel kan blijven “plakken” aan 2,4 GHz terwijl 5 GHz op dat moment sneller en stabieler is.

Door je netwerken een herkenbare naam te geven, maak je de keuze simpel. Geef de 2,4 GHz-band bijvoorbeeld de naam thuis-2g, de 5 GHz-band thuis-5g en, als je die hebt, de 6 GHz-band thuis-6g. Dan zie je in één oogopslag welk netwerk je pakt. Zit je ver van de router, dan is 2,4 GHz vaak de veiligste optie. Zit je dichtbij en wil je vooral snelheid, dan ligt 5 GHz of 6 GHz meer voor de hand. Zo kun je bij haperingen of traag internet meteen testen of een andere band het probleem oplost, zonder dat je in instellingen hoeft te graven.

View post on TikTok

Fout 3: Verouderde software en hardware blijven gebruiken

Technologie verandert razendsnel en dat geldt ook voor de beveiliging en snelheid van je netwerk. Veel huishoudens werken nog met de router die ze jaren geleden bij hun eerste abonnement kregen. Deze oude techniek kan de moderne eisen van streaming en videobellen simpelweg niet meer bijbenen. Daarnaast vergeten veel gebruikers om de firmware van hun apparaat te updaten. Fabrikanten brengen deze software-updates uit om prestaties te verbeteren en lekken te dichten. Een verouderd systeem is niet alleen trager, maar ook een makkelijker doelwit voor hackers.


1️⃣2️⃣3️⃣Stappenplan: de beste wifi-kanalen scannen

Als je buren ook allemaal op hetzelfde wifi-kanaal zitten, ontstaat er interferentie. Je kunt dit zelf eenvoudig oplossen door een rustiger kanaal te zoeken.

1) Download een app zoals WiFi Analyzer (Android) of NetSpot (Windows, macOS, Android & iOS).

2) Open de app en bekijk de grafiek van de omgeving. Je ziet hier welke kanalen drukbezet zijn door netwerken in de buurt. Noteer het kanaalnummer dat het minst wordt gebruikt. Vaak zijn kanaal 1, 6 of 11 op de 2,4GHz-band de beste keuzes.

3) Log in op de webinterface van je router via je browser (meestal via een adres als 192.168.1.1). Zoek naar de draadloze instellingen en wijzig het kanaal van 'Automatisch' naar het door jou gekozen nummer. Sla de instellingen op en test of je verbinding stabieler aanvoelt.

Het verschil tussen wifi 6 en wifi 7

Sta je op het punt om een nieuwe router of laptop te kopen? Dan kom je de termen wifi 6 en wifi 7 tegen. Wifi 6 was een grote stap vooruit omdat het beter omgaat met veel apparaten tegelijk op één netwerk. Het zorgt voor een efficiëntere verdeling van de data. Wifi 7 is de allernieuwste standaard en gaat nog een flinke stap verder. Het maakt gebruik van extreem brede kanalen en kan verbinding maken via meerdere frequenties tegelijkertijd. Dit wordt Multi-Link Operation genoemd. Hierdoor is de vertraging merkbaar lager en kun je hogere snelheden halen, vooral op korte afstand en met geschikte apparaten. Voor een gemiddeld huishouden is wifi 6 momenteel een uitstekende keuze, terwijl wifi 7 echt voor de toekomst is gebouwd.

Heel belangrijk: de juiste bekabeling

Draadloos internet begint voor de meeste mensen bij een kabel: heb je een los modem en een losse router, dan vormt de kabel ertussen de basis. Gebruik je hier een oude kabel, dan wordt de snelheid al beperkt voordat het signaal de lucht in gaat. Controleer of er Cat 5e, Cat6 of Cat6a op de kabel staat, dan zit je meestal goed. Cat5 haalt soms maar 100 Mbps door kwaliteit/afmontage. Heb je cat5 liggen? Vervang dat dan in ieder geval door cat5e; dat is een veilige keuze voor gigabit. Een kleine investering in een kwalitatieve netwerkkabel kan een wereld van verschil maken voor de uiteindelijke wifi-snelheid op je telefoon.

Slechte wifi? Oplossen is makkelijker dan je denkt

Alles bij elkaar komt goed wifi minder neer op toeval dan veel mensen denken. Met een slimme plek voor je router, een rustige frequentie en actuele software haal je vaak al verrassend veel winst. Combineer dat met een fatsoenlijke netwerkkabel en je voorkomt dat de dat de verbinding al beperkt wordt voordat het signaal draadloos wordt verspreid. Door deze stappen een voor een toe te passen, los je de meest voorkomende wifi-problemen op zonder dat een duurder internetabonnement nodig is, en maak je van een haperende verbinding weer een stabiele basis voor alles wat je online doet.

Consumenten testen: TP-Link Deco BE25 WiFi 7 mesh set

Op Review.nl, het testplatform waarop consumenten nieuwe technologie uitproberen en hun bevindingen delen, krijgt de TP-Link Deco BE25, een router met dualband wifi 7,  een stevige 8,7 op Review.nl. En dat betekent iets: want omdat op Review.nl producten getest worden door een panel van echte gebruikers, zie je hoe iets in een normaal huishouden presteert.

Wat opvalt is hoe vaak testers terugkomen op de snelheid en stabiliteit. De overstap naar wifi 7 levert volgens veel gebruikers merkbaar meer rust in het netwerk op, vooral in huizen waar voorheen op zolder, in de tuin of achterin de woonkamer nauwelijks een bruikbaar signaal was. De Deco BE25 vult dat soort gaten zichtbaar op. Apparaten blijven stabiel verbonden, streamen gaat zonder haperingen en ook gamers merken volgens de testers dat de latency laag blijft. Wie een gigabitverbinding heeft, ziet die snelheid nu ook daadwerkelijk terug op plekken waar dat eerst niet haalbaar was.

Een tweede punt dat veel lof krijgt, is de installatie. De meeste testers spreken over een proces van enkele minuten. De app begeleidt je stap voor stap, herkent automatisch de nieuwe units en geeft advies over de beste plek voor elk wifipunt. Daardoor voelt het hele systeem toegankelijk, ook voor wie zichzelf niet technisch vindt. Eenmaal ingesteld blijkt het netwerk bovendien weinig onderhoud nodig te hebben: de app verdeelt verkeer slim, laat je apparaten prioriteren en biedt opties voor gastnetwerken en ouderlijk toezicht.

Het ontwerp en de functionaliteit leveren wel discussie op. Een deel van de testers vindt de units wat groot en mist montageopties of extra ethernetpoorten. Ook melden sommige gebruikers dat smartphones niet altijd direct naar het dichtstbijzijnde wifipunt schakelen. Toch wordt dat in de meeste reviews gezien als een detail naast de verbeterde dekking en het gemak van dagelijks gebruik.

Alles bij elkaar laat het testpanel zien dat de Deco BE25 vooral scoort op prestaties waar consumenten echt iets van merken: hogere snelheden, betere dekking en een probleemloos installatieproces. Voor veel huishoudens voelt het als een upgrade die een onrustig wifi-netwerk verandert in een betrouwbaar en snel geheel.