ID.nl logo
Hatsjoe! 💦 Last van hooikoorts? Deze apparaten kunnen je klachten verminderen
© contrastwerkstatt
Gezond leven

Hatsjoe! 💦 Last van hooikoorts? Deze apparaten kunnen je klachten verminderen

Kan de winter voor jou niet lang genoeg duren, dan ben je een sucker for schaatsen óf een pechvogel met hooikoorts. Want de stijgende temperaturen en ontluikende natuur zorgen er elk voorjaar opnieuw voor dat pollen alle gelegenheid krijgen om jou het leven zuur te maken. Gelukkig is er steeds betere medicatie om klachten enigszins de kop in te drukken en ook huishoudelijke apparaten met speciale filters kunnen verlichting brengen. Een aantal tips op een rij.

Dit artikel in 20 seconden:

  • Wat is hooikoorts en hoe weet je dat je het hebt?
  • Welke periodes kun je te maken krijgen met hooikoorts?
  • Er zijn apps en websites die handig zijn om in de gaten te houden
  • Handig: deze vier huishoudelijke apparaten kunnen je helpen je huis pollenvrij (of in elk geval pollen-arm) te houden!
  • Ook lezen: Zo kies je de beste stofzuiger voor jouw huis

Hier heb je last van bij hooikoorts

Als je last hebt van geïrriteerde ogen en luchtwegen door ronddwarrelend stuifmeel van grassen, bomen en planten die voor bestuiving afhankelijk zijn van de wind, dan heb je waarschijnlijk hooikoorts. Het wordt ook wel een pollenallergie genoemd, omdat de reacties worden veroorzaakt door pollenkorrels. Je hebt zelden echt koorts, maar alle klachten – jeukende neus (of zelfs oren en gehemelte), niezen, branderige ogen, moeheid en benauwdheid – zorgen wel degelijk voor een grieperig gevoel.

Meestal merk je tussen je 15de en 25ste levensjaar voor het eerst dat je hooikoorts hebt. Denk jij ook dat je allergisch bent voor pollen, neem dan contact op met je huisarts voor een passend advies.

Op Hooikoortsradar.nl kun je de hooikoortsverwachting voor de komende tijd aflezen.

Het hele jaar hooikoorts?

Een heel jaar is misschien wat overdreven, maar doordat niet alle bomen en planten gelijktijdig bloeien, kun je zo negen tot tien maanden per jaar last hebben van hooikoorts. Mei, juni en juli zijn de rottigste maanden vanwege de grasbloeiperiode, maar soms is het bij een zachte winter al eind december bingo en kun je zelfs tot in oktober last hebben van allerlei klachten. Een schrale troost: je hoeft niet voor de pollen van álle soorten bomen, grassen en kruiden allergisch te zijn en zult dus hoogstwaarschijnlijk niet de hele periode de pineut zijn.

Handige hooikoorts-apps

Klaar om de strijd aan te gaan? Dan is het zaak om goed voorbereid te zijn op de periode die gaat komen. In de Pollenkalender kun je de meerdaagse verwachting zien wat betreft de kans op hooikoorts. Ook het Leids Universitair Medisch Centrum (LUMC) heeft een wekelijks gedetailleerd overzicht van de stand van zaken in pollenland. Ook in de weer-app Buienradar kun je zien of er in jouw regio meer kans is op hooikoorts. Andere handige apps zijn Hooikoortsradar en het speciaal door het Deventer Ziekenhuis voor allergische kinderen ontwikkelde Allergogo.

Vier huishoudelijke apparaten tegen hooikoorts

Om die vervelende pollen en deeltjes buitenshuis te houden, is het verstandig om in het pollenseizoen de ramen zo veel mogelijk dicht te houden. Als het echt te warm is en je snakt naar frisse lucht, kies dan voor goede horren voor ramen en deuren: er zijn speciale horren met pollenwerend gaas dat stuifmeel tegenhoudt. 's Ochtends zitten er trouwens de minste pollen in de lucht; de ramen op dat moment openzetten is dus het verstandigst.

Bonustip van een ervaringsdeskundige: douche voordat je je bed induikt! Dan weet je zeker dat je slechts een minimale hoeveelheid pollen meeneemt naar bed en niet zonder dat je het doorhebt de hele slaapkamer besmet.

Hoewel je huis gedurende de pollenperiode misschien meer op een vesting lijkt, kun je niet voorkomen dat je toch pollen mee naar binnen neemt. Je zult daarom extra goed moeten schoonmaken om niet niezend op de bank te hoeven zitten. Gelukkig zijn er steeds meer fabrikanten van huishoudelijke apparaten die hierbij graag met je meedenken. We noemen hieronder de belangrijkste pollenverdelgers.

©Olga Yastremska, New Africa, Africa Studio

In het pollenseizoen zit er niets anders op dan vaker te stofzuigen. Het liefst met een stofzuiger met een speciaal HEPA-filter.

🌳 1. Stofzuiger

Wanneer er zo min mogelijk tocht in huis is, dwarrelt het stuifmeel omlaag en komt het op de grond terecht. Heb je veel last van hooikoorts, dan is het zaak extra goed en extra vaak te stofzuigen. Een stofzuiger met een HEPA (High Efficiency Particulate Air)-filter zorgt ervoor dat niet alleen pollen, maar ook de allerkleinste huidschilfertjes en stofjes worden opgezogen, maar niet weer worden uitgeblazen. Een stofzuiger met een HEPA 13-, HEPA 14- of HEPA 15-filter is geschikt voor mensen met hooikoorts of een andere allergie. Hoe hoger het getal, hoe beter.

Lees wat consumenten zeggen over HEPA stofzuigers op Kieskeurig.nl

Stofzuiger met pollerkiller?

Kijk hier voor een overzicht van stofzuigers met minimaal een HEPA 14-filter!

🌳 2. Wasmachine en droger

Zodra het pollenseizoen en het niezen begint, is er qua stuifmeel geen houden meer aan: het blijft hardnekkig in je haren en kleding zitten en op die manier neem je de boosdoeners mee naar binnen. Het is daarom belangrijk om deze stoffen zo snel mogelijk uit je kleren te verwijderen en onschadelijk te maken, zodat je thuis niet al te veel last hebt van hooikoortsklachten. Helaas overleven pollen met gemak een wasprogramma op 40 graden en je moet dus moet je van goeden huize komen om ze onschadelijk te maken. Een aantal tips:

  • Kleed je om in de badkamer of een washok en niet in de slaapkamer. Zo houd je de pollen daar in elk geval weg voor een zo rustig mogelijke nacht.

  • Om pollen en huisstofmijt onschadelijk te maken, is het belangrijk dat er op een constante temperatuur van 60 graden wordt gewassen. Ook is een langere spoeltijd belangrijk.

  • Gebruik geen wasverzachter; hier blijven pollen maar al te graag aan plakken.

  • Kies als het even kan voor een wasmachine met een speciaal Hygiëne Plus-programma. Bosch en Siemens hebben die bijvoorbeeld in het assortiment.

  • Was het beddengoed tijdens het pollenseizoen vaker dan normaal, bij voorkeur minstens één keer per week.

  • Hang schone was niet buiten te drogen, maar gebruik hiervoor een droger, het liefst met ook een speciaal allergieprogramma. Deze optie zorgt voor een langere en constante droogperiode van minimaal 20 minuten: pollen gruwelen daarvan.

©Goffkein - stock.adobe.com

Gebruik als het even kan een wasmachine met een speciaal Hygiëne Plus-programma.

🌳 3. Stoomreiniger

Pollen en stofdeeltjes blijven niet alleen op de vloer liggen, ook op meubels – vooral van stof – nestelen ze zich maar al te graag. Elke dag even stofzuigen heeft zeker effect, maar omdat je de allergenen niet kunt zien, weet je niet of het oppervlak echt helemaal schoon is. Daarom zou je bij veel klachten ook kunnen kiezen voor een jaarlijkse intensieve reiniging met behulp van een stoomreiniger door specialisten. Dokter Meubel is zo’n specialist, maar Google geeft je genoeg alternatieven bij jou in de buurt.

Zelf meubels reinigen kan natuurlijk ook, want met een stoomreiniger ga je heel effectief alle pollen te lijf. Een stoomapparaat produceert droge stoom en weekt daardoor vuil los van verschillende materialen. De hete stoom doodt de aanwezige bacteriën en schimmels zonder het gebruik van chemische schoonmaakmiddelen. Ideaal bij hooikoorts en andere allergieën.

Klik hier voor een overzicht de beste en voordeligste stoomreinigers

©sodawhiskey - stock.adobe.com

Een luchtreiniger haalt stofdeeltjes uit de lucht en blaast schone lucht terug.

🌳 4. Luchtreiniger

Nog een effectief middel in de strijd tegen pollen in huis is een luchtreiniger (of een luchtwasser). Dit apparaat zuigt lucht aan, haalt stofdeeltjes en geuren door een filter en blaast daarna weer schone lucht uit. Een luchtwasser doet hetzelfde trucje, maar gooit daarbij een waterreservoir in de strijd, waarmee hij de lucht wast voordat hij die weer uitblaast. Pollen blijven er dus veilig in achter en alleen al dat idee geeft je een fris en schoon gevoel. Kies wel een luchtreiniger die naast fijnstoffen ook ultrafijnstoffen opneemt. In dit artikel lees je meer over de werking van luchtreinigers.

Zie je bij luchtreinigers enorme units voor je die vooral enorm aanwezig zijn in jouw uitgebalanceerde interieur? Gelukkig hebben de apparaten de laatste jaren een flinke metamorfose ondergaan: ze zijn niet alleen kleiner geworden, maar er kan ook uit verschillende kleuren worden gekozen en ze zitten soms zelfs verstopt onder een tafel.

â–¼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

â–¼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.