ID.nl logo
Win-win: zo past een luchtreiniger wél mooi in je interieur
© sodawhiskey - stock.adobe.com
Gezond leven

Win-win: zo past een luchtreiniger wél mooi in je interieur

De laatste jaren is de vraag naar luchtreinigers enorm toegenomen. Niet in de laatste plaats door corona en het feit dat we massaal thuis op elkaars lip zaten, maar ook omdat we ons steeds bewuster worden van de wereld waarin we leven. Moesten de luchtreinigers het eerst vooral van hun werking hebben en niet bepaald van hun looks, de nieuwste exemplaren vinken beide vakjes aan. Zo belanden ze niet meer in een verdomhoekje of verstopt achter de bank, maar passen ze juist helemaal in jouw interieur.

Waarom zou je een luchtreiniger aanschaffen?

Waarom een luchtreiniger, vraag je je misschien af, is dat nou echt zinvol? Als je een goed exemplaar in huis haalt zeker. Een luchtreiniger zuigt lucht aan, haalt alle vieze geuren en stofdeeltjes door een filter en blaast de schone lucht daarna weer terug de ruimte in. Zo blijven niet alleen pollen, allergenen en hondenharen achter, maar bijvoorbeeld ook kookluchtjes en uitlaatgassen. Tenminste, als je er eentje aanschaft die naast fijnstoffen ook ultrafijnstoffen te lijf gaat. Of de luchtreiniger zelfs de kleinste stoffen kan opnemen, ligt aan het filter dat wordt gebruikt. Meer hierover weten? Lees dan over de precieze werking van een luchtreiniger.

De matcht met veel woonstijlen

Voor wie is een luchtreiniger?

Ook als je geen gezondheidsfanaat of allergiegevoelig bent, geeft een luchtreiniger in huis je een gezond en ‘schoon’ gevoel. Het maakt je daarnaast veel bewuster van alle stoffen die er in de lucht dwarrelen en die we dus inademen. En ben je wél die pechvogel die met dikke, rode ogen aan een stuk door blijft niezen door pollen en huisstofmijt, dan heb je helemaal profijt van een reiniger in huis. 

Waar zet je 'm neer?

Een luchtreiniger zet je bij voorkeur op die plek in huis waar jij en je huisgenoten het meest te vinden zijn. Dat is meestal de woonkamer, maar sommigen kiezen ook voor de keuken, werkplek of slaapkamer. Zorg in elk geval voor genoeg ruimte - minimaal 20 centimeter - rondom de reiniger, want dan is hij het meest effectief. Wegstoppen achter een kast of bank heeft dus weinig zin, en met een plek op de grond bereik je ook al niet het maximale effect. Vermijd plekken dicht bij de verwarming, open haard of andere plek waar warmte vrijkomt. Midden in de kamer en op ooghoogte zou ideaal zijn, maar daar zul jij dan misschien weer niet zo blij van worden. Gelukkig worden de nieuwste luchtreinigers steeds mooier en zitten ze soms zelfs bijna onherkenbaar verstopt onder een bijzettafel. Daarover later meer.

Wordt het knalrood, zachtgeel of altijd-goed-grijs? LG brengt binnenkort deze op de markt

Een luchtreiniger kopen? Let dan hier op

Het is nog een behoorlijke uitdaging om in het ondoordringbare woud van luchtreinigers de juiste te vinden. Op Kieskeurig.nl wordt een groot aantal merken en types met elkaar vergeleken en kun je onder meer filteren op de capaciteit. Zeker even doen dus. Neem ook deze punten mee bij de aankoop:

  • Een luchtreiniger is alleen effectief tot een bepaald aantal vierkante meters. Meet daarom eerst de ruimte goed op en check de specificaties van het apparaat. 

  • Heb je niet alleen behoefte aan schonere lucht in huis, maar heeft je gezondheid er ook echt belang bij, kies dan voor een luchtreiniger met een ionisator. Daarmee worden geladen deeltjes geproduceerd die de ultrafijnstoffen, zoals pollen, schimmels, bacteriën en huisstofmijt neerslaan. 

  • De een is er gevoeliger voor dan de ander, maar een apparaat dat veel geluid maakt, roept op den duur irritatie op. Weet je van jezelf dat je niet goed tegen gezoem en achtergrondgeluiden kunt, kijk dan goed naar de hoeveelheid decibellen die de luchtreiniger produceert.

  • Een luchtreiniger is het meest effectief als hij de hele dag aanstaat en aan die stroomkosten hangt natuurlijk een prijskaartje. Kies daarom voor een energievriendelijk type en merk. Op die kosten gaan we hieronder nog wat dieper in.

Wat kost dat?

De kosten van een luchtreiniger bestaan niet alleen uit de aanschaf, maar ook uit het vervangen van de filters en de elektriciteit die het apparaat verbruikt. 

Aanschafprijs

Hoeveel je aan een reiniger uitgeeft, ligt natuurlijk helemaal aan je wensen, oftewel: hoeveel capaciteit en welke filters heb je nodig en in wat voor designjasje moet hij worden gestoken. De prijzen lopen uiteen van een paar tientjes tot ruim 1000 euro. Zoek je een echt goed apparaat, laat de hele goedkope apparaten dan links liggen; deze hebben over het algemeen weinig effect. 

Filters van een luchtreiniger vervangen

Na de aanschaf zul je na verloop van tijd de HEPA- en koolstoffilters moeten vervangen. De meeste apparaten geven aan wanneer dat nodig is, maar reken op elke twaalf maanden. Toch is het slim om af en toe even een snelle check te doen, want soms zijn de filters viezer dan je denkt en kun je met de stofzuiger eenvoudig het meeste vuil wegzuigen. Bedenk ook dat hoe schoner het filter, hoe effectiever het apparaat en des te minder stroom je verbruikt. 

Het voorfilter - dat de eerste stoffen en geuren opvangt - hoef je niet te vervangen; wel moet je het elke maand schoonmaken. De prijzen van filters lopen ook nogal uiteen, van 10 tot 100 euro, afhankelijk van het type en vermogen.

Elektriciteitskosten luchtreiniger

Wanneer je bedenkt dat de luchtreiniger hele dagen draait, vermoed je misschien met een energieslurper te maken te hebben. Gelukkig valt dat best mee: het verbruik is gelijk aan het stroomverbruik van een ledlamp en vele malen minder dan bijvoorbeeld een airco. De mooie en compacte Dyson Pure Cool Me kost op jaarbasis bijvoorbeeld 12 euro wanneer je ‘m dag in dag uit 8 uur lang aan hebt staan.

©benlaisheying

De AirExchange 150-T in staalblauw. 

Matchen met je interieur

Hoewel veel luchtreinigers er nog echt als ‘apparaat’ uitzien (lees: groot, wit en glanzend), komen er meer en meer types op de markt waarbij echt goed over het design is nagedacht. Zo heb je nog steeds een reiniger in de kamer staan, maar zou het net zo goed een lamp of ander esthetisch object kunnen zijn. De Blueair Blue met Scandinavische touch is zo’n mooi voorbeeld, net als de Dyson Purifier Humidify+Cool Formaldehyde. Ook worden de luchtreinigers steeds stiller, en dat draagt natuurlijk ook bij aan de 'ik-heb-geen-apparaat-midden in-de-woonkamer-staan'-beleving. 

Kies als het even kan voor een kleur of vorm die past bij jouw woonstijl. Heb je een basic of Scandinavisch interieur, kies dan voor niet te opvallend matwit of lichtgrijs, en check ook deze luchtreinigers in pastelkleuren. Heb je een klassieke stijl of verzamel je graag designmeubels en -objecten om je heen, dan past een apparaat in nachtblauw, donkergroen of bordeauxrood daar prachtig bij in. Knappe jongen die nog kan zien dat het eigenlijk een luchtreiniger is.

Onopvallend en gecamoufleerd

Op het gebied van luchtreinigers heb je dus steeds meer keuze in kleur en vorm, en daarnaast wordt ook flink nagedacht over twee-in-één-oplossingen: een reiniger verstopt onder een tafeltje bijvoorbeeld. Handig voor kleinbehuisden, maar ook als die luchtververser maar een doorn in het oog blijft. Zo heeft IKEA met de bijzetter en luchtververser Starkvind een mooie oplossing beschikbaar. Ook bij de designtafel van LG moet je een paar keer kijken voordat je ziet dat het eigenlijk een vermomde luchtreiniger is.

Luchtreiniger kopen?

Bij Bol.com vind je ze in alle soorten en maten!
▼ Volgende artikel
Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?
© Dennis
Huis

Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?

HDMI 2.1 is de nieuwste standaard voor beeldoverdracht, maar lang niet iedereen heeft de extra bandbreedte ook écht nodig. Vooral voor gamers met een PlayStation 5, Xbox Series X of krachtige pc is het relevant. Kijk je alleen films of televisie? Dan volstaat de oudere aansluiting vaak prima. Wij leggen uit waar de grens ligt.

Als je momenteel op zoek bent naar een nieuwe televisie of monitor vlíegen de technische termen je om de oren. HDMI 2.1 wordt door fabrikanten en winkels vaak gepresenteerd als een absolute noodzaak voor een scherm dat klaar is voor de toekomst. Hierdoor ontstaat de angst dat je een miskoop doet als je kiest voor een model met de oudere HDMI 2.0-standaard. Toch is dat in veel Nederlandse huiskamers een misvatting, want de voordelen zijn nogal specifiek. Veel consumenten betalen onnodig extra voor een functie die ze technisch gezien nooit zullen activeren. Na het lezen van dit artikel weet je precies of jij die snelle poort nodig hebt, of dat je dat budget beter aan een groter scherm of beter geluid kunt besteden.

De kern van het probleem: bandbreedte

Het fundamentele verschil tussen de gangbare HDMI 2.0-standaard en de nieuwere 2.1-versie zit 'm in de digitale snelweg die ze bieden. Je kunt het zien als een waterleiding: door een 2.1-kabel kan veel meer water (of dus data) tegelijk worden gepompt (48 Gbit/s in dit geval) dan door de oudere 2.0-variant (die 'maar' 18 Gbit/s kan verwerken). Die extra ruimte is nodig voor 4K-beelden met een zeer hoge verversingssnelheid (120 beelden per seconde) of voor extreem hoge resoluties zoals 8K.

Een hardnekkige mythe is dat HDMI 2.1 het beeld altijd mooier maakt. Dat is onjuist. Als je naar een Netflix-serie kijkt in 4K, ziet dat er via een 2.0-poort exact hetzelfde uit als via een 2.1-poort. De kabel verandert niets aan de kleuren, de scherpte of het contrast; hij zorgt er alleen voor dat het signaal 'erdoor' past. Pas als er een file op de kabel ontstaat (omdat je te veel beelden per seconde wilt versturen) wordt de nieuwe standaard noodzakelijk. Zolang je dataverbruik onder de limiet van HDMI 2.0 blijft, voegt versie 2.1 niets toe aan de beeldkwaliteit.

Wanneer werkt dit wél goed?

HDMI 2.1 komt pas echt tot zijn recht als je de grenzen van beweging en snelheid opzoekt. Dat is vrijwel exclusief het domein van de fanatieke gamer. Heb je een PlayStation 5 of Xbox Series X in huis en wil je games spelen in de hoogste 4K-resolutie met 120 beelden per seconde (120 Hz)? Dan is een HDMI 2.1-aansluiting op je tv onmisbaar. Zonder deze poort blijft je console steken op 60 beelden per seconde, wat minder vloeiend oogt bij snelle shooters of racegames.

Ook pc-gamers met een zware, moderne videokaart (zoals de NVIDIA RTX 40- of 50-serie) profiteren hiervan als ze hun pc op de tv aansluiten. Naast de snelheid biedt de 2.1-standaard ondersteuning voor Variable Refresh Rate (VRR). Dat zorgt ervoor dat de televisie zijn verversingssnelheid continu aanpast aan de spelcomputer, wat haperingen en 'tearing' (waarbij het beeld in tweeën lijkt te breken) voorkomt. Daarnaast is er Auto Low Latency Mode (ALLM), een signaal waardoor je tv automatisch naar de spelmodus schakelt zodra je de console aanzet. Voor wie de maximale prestaties uit een moderne spelcomputer wil halen, is HDMI 2.1 dus een logische en eigenlijk verplichte keuze.

Oké, maar wanneer werkt dit níet goed?

Voor de gemiddelde kijker is de meerwaarde van HDMI 2.1 nagenoeg nihil. Kijk je voornamelijk lineaire televisie (nieuws, talkshows), sportwedstrijden, films op Blu-ray of series via streamingdiensten als Disney+ en Videoland? Dan kom je nooit in de buurt van de bandbreedte die HDMI 2.0 niet meer aankan. Films en series worden vrijwel altijd gemaakt en uitgezonden in 24, 30 of maximaal 60 beelden per seconde. Een standaard HDMI 2.0-aansluiting kan 4K-beeld op 60 Hz fluitend aan, inclusief HDR (High Dynamic Range).

Ook voor bezitters van een oudere of minder krachtige spelcomputer, zoals de PlayStation 4, de Xbox One of de Nintendo Switch, voegt de nieuwe poort niets toe. Het signaal dat deze apparaten uitsturen is simpelweg niet zwaar genoeg om de bredere snelweg nodig te hebben. Je koopt in dat geval een Ferrari om er vervolgens alleen maar mee in een 30-kilometerzone te rijden. Je betaalt voor capaciteit die ongebruikt blijft, terwijl je dat geld wellicht beter had kunnen investeren in een tv met een beter contrast of hogere helderheid.

Dealbreakers

Er zijn specifieke situaties waarin het blindstaren op HDMI 2.1 je keuze onnodig beperkt of zelfs leidt tot een slechtere aankoop. Dit zijn de harde grenzen:

Je zoekt een televisie in het budgetsegment. In de lagere prijsklassen is de term HDMI 2.1 vaak misleidend. Fabrikanten mogen de term soms gebruiken omdat de tv één specifieke feature ondersteunt (zoals ALLM), terwijl het paneel zelf technisch helemaal geen 120 Hz kan weergeven. Je koopt dan een tv met een 2.1-sticker, maar zonder het daadwerkelijke voordeel van vloeiend beeld. In dit segment is beeldkwaliteit altijd belangrijker dan het versienummer van de poort.

Je wilt alleen beter geluid via een soundbar. Vaak wordt gedacht dat je voor de beste geluidsoverdracht (eARC) per se een volledige HDMI 2.1-tv nodig hebt. Hoewel eARC officieel onderdeel is van de 2.1-specificaties, hebben veel fabrikanten deze functie ook toegevoegd aan televisies die verder gewoon op HDMI 2.0 draaien. Als je doel puur het doorsturen van Dolby Atmos-geluid is, is een volledige HDMI 2.1-poort dus geen harde eis, zolang eARC maar specifiek wordt vermeld.

Je kijkt puur films en series. Als je geen gamer bent, is er geen enkel scenario waarin HDMI 2.1 je kijkervaring verbetert. Het sluit een heleboel uitstekende oudere of goedkopere modellen uit die misschien wel een veel mooier OLED- of QLED-paneel hebben, maar niet de nieuwste aansluitingen. Beeldkwaliteit (zwartwaarden, kleur) wint het voor de filmkijker altijd van bandbreedte.

©DC Studio

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om de juiste keuze te maken, moet je kritisch kijken naar wat er in je tv-meubel staat of komt te staan. De vuistregel is eenvoudig: ben jij iemand die elke frame telt in een online shooter en heb je de hardware om dat te genereren? Dan moet HDMI 2.1 bovenaan je wensenlijst staan; zonder die poort knijp je de prestaties van je dure console af en mis je de soepelheid waarvoor je betaald hebt.

Ben je daarentegen een filmliefhebber die geniet van de hoogste beeldkwaliteit in HDR, of kijk je vooral sport? Richt je dan op het contrast, de helderheid en de kleurweergave van het paneel. Een kwalitatief hoogwaardig paneel met een 'oudere' aansluiting geeft een indrukwekkender plaatje bij films dan een middelmatige tv die toevallig wél een 2.1-aansluiting heeft. Laat je niet gek maken door het idee van toekomstbestendigheid als de beloofde toekomst niet aansluit bij jouw kijkgedrag.

Dus...

HDMI 2.1 is essentieel voor gamers met een PS5, Xbox Series X of krachtige pc die willen spelen in 4K bij 120 Hz. Voor filmkijkers, serie-bingers en tv-kijkers biedt de standaard geen zichtbare beeldverbetering ten opzichte van HDMI 2.0. De extra bandbreedte is puur bedoeld voor zeer hoge framerates die videocontent niet gebruikt. Kies alleen voor HDMI 2.1 als je hardware hebt die deze snelheid daadwerkelijk kan benutten. In alle andere gevallen is de kwaliteit van het beeldscherm zelf veel belangrijker dan het type aansluiting.

▼ Volgende artikel
Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?
© Wildlight Entertainment
Huis

Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?

Op 26 januari kan de wereld aan de slag met Highguard. Het lijkt erop dat iedereen weet wat Highguard is, terwijl tegelijkertijd ook niemand precies weet wát Highguard nou precies is. In dit artikel zetten we dus uiteen wanneer je de game kunt spelen, en waarom deze titel van Wildlight Entertainment zoveel aandacht krijgt.

Releasedatrum van Highguard

Highguard is vanaf vandaag, 26 januari, rond 19:00 uur Nederlandse tijd beschikbaar op pc, PlayStation 5 en Xbox Series X en S. De exacte releasetijd is nog niet bekend, maar vermoedelijk zal de game rond die tijd op alle platforms beschikbaar worden.

Daarbij is het spel free-to-play, dus je hoeft niets te betalen om Highguard te spelen. Daarbij ondersteunt de game crossplay en cross-save, dus je kunt de game samen met vrienden op andere platforms spelen en je progressie op andere platforms meenemen. Het spel is niet te preloaden, maar vereist op pc in ieder geval 25 GB aan beschikbare opslagruimte.

Met de lancering van het spel zendt ontwikkelaar Wildlight Entertaiment om 19:00 uur Nederlandse tijd ook direct een zogenaamde Launch Showcase uit op YouTube - ook hieronder te bekijken. De studio belooft in deze showcase een ‘deepdive in de gameplay’ van Highguard te tonen, de contentplannen voor het eerste jaar uit de doeken te doen en nog ‘veel meer’. 

Watch on YouTube

Wat is Highguard?

Aan team-based PvP heroshooters als Overwatch is geen gebrek, maar Highguard lijkt zich bij die groep te scharen. Het spel wordt ontwikkeld door Wildlight Entertainment, dat weer bestaat uit oud-ontwikkelaars van onder andere Titanfall en Apex Legends. Mensen die dus meer dan prima shooters in elkaar hebben gedraaid, waardoor de interesse toch ietwat gewekt wordt. 

Ieder team in de game bestaat uit drie zogenaamde Wardens, waarvoor verschillende personages gekozen kunnen worden. In de trailer zien we bijvoorbeeld een ridderachtige personage, die met een speciale vaardigheid elektrische stokken rond kan gooien. Ook is er een groot ijsmonster dat schijnbaar muren kan laten verschijnen, een soort cowboy met beestachtige klauwen en een personage dat met messen kan gooien. Ook heeft ieder personage schijnbaar toegang tot geweren om het vijandelijke team mee te bevechten.

Het doel van een potje is namelijk het vinden van de ‘Shieldbreaker’, een soort groot zwaard waarmee je de basis van de tegenstanders open kan breken en uiteindelijk overnemen. Wanneer dit lukt is het potje gewonnen. In de context van de game krijgt jouw team op die manier de controle over het continent. 

©Wildlight Entertainment

Waarom is er zoveel om Highguard te doen?

Wildlight positioneert de game in hun marketing als een “nieuw soort shooter”, maar veel spelers zijn op basis van de trailer nog niet overtuigd. Highguard doet qua opzet van de potjes wel een paar dingen anders dan hero-shooters als Overwatch en Marvel Rivals, maar zoals Concord in 2024 liet zien is de huidige markt voor dit subgenre binnen shooters redelijk verzadigd. Velen zijn simpelweg nog niet overtuigd dat Highguard daadwerkelijk iets vernieuwends met zich mee weet te brengen.

Dit valt ook te verwijten aan een opvallend gebrek aan marketing van de game. Zo’n anderhalve maand voor release hoorden we voor het eerst van Highguard, toen de trailer werd getoond als afsluiter van The Game Awards. Normaliter is de laatste aankondiging van die show een van de hoogtepunten, maar Highguard wist mensen niet te enthousiasmeren. 

De gesprekken rondom Highguard werden echter nog vreemder, toen opviel dat Wildlight geruime tijd niets meer plaatste op sociale media over de game. Na de initiële aankondiging van de game werd er wekenlang niets meer geplaatst op het X-account van Highguard, tot drie dagen voor launch - toen het bedrijf een countdown startte. Ook dit maakte het lastig om enthousiast te worden voor Highguard. 

©Wildlight Entertainment

In de afgelopen dagen doken er berichten en geruchten op die stelden dat Geoff Keighley - de presentator en oprichter van The Game Awards - Highguard specifiek had uitgekozen als afsluiter van The Game Awards, omdat hij hier wel iets in zag. Op 25 januari plaatste Keighley een gif op X, waarin John Hammond uit Jurassic Park zegt: “Over 48 uur accepteer ik jullie verontschuldigingen”. 

Natuurlijk gunnen we iedere game waar tijd en passie in heeft gezeten het beste, maar het is ook niet te ontkennen dat het verhaal rondom Highguard op zijn minst frappant te noemen is. Nou ja, vanaf 19:00 uur kunnen we het spel zelf onder handen nemen. Verwacht daarom binnenkort impressies op onze socials en ID.nl.