ID.nl logo
Vloerverwarming in de badkamer, een goed idee?
© Leonid Iastremskyi
Energie

Vloerverwarming in de badkamer, een goed idee?

Je wilt de oude badkamer slopen en volledig opnieuw inrichten, of je droomt van een paleis van een badkamer in je nieuwbouw. Terwijl je in je plannen helemaal losgaat, rijst de vraag of vloerverwarming in de badkamer überhaupt een goed idee is?

Vloerverwarming in de badkamer is een luxe, maar je moet wel op een aantal dingen letten. Er zijn twee soorten vloerverwarming, bovendien is de oppervlakte van de ruimte soms te klein om de badkamer voldoende warm te maken. In dit artikel komen de volgende punten terug:

  • Twee systemen: Hydronische vloerverwarming is energiezuiniger op lange termijn, terwijl elektrische vloerverwarming sneller opwarmt en geschikt is als bijverwarming.
  • Ruimte en opbouwhoogte: Watergedragen systemen hebben meer ruimte nodig (ca. 13 cm), elektrische systemen zijn dunner (vanaf 2,5 cm).
  • Combineren met radiatoren: Door beperkte vloeroppervlakte in badkamers is een combinatie met een radiator vaak nodig voor voldoende warmte.

Vooral in de badkamer wil je het comfortabel warm hebben wanneer je in bad gaat of een douche neemt. Daarbij komt dat je in de badkamer vaak op blote voeten loopt en dan is een verwarmd vloer een luxe. Er zijn twee soorten vloerverwarming die vaak worden gebruikt in de badkamer: de traditionele vloerverwarming die gebaseerd is op water, oftewel een hydronisch systeem, en er is de elektrische vloerverwarming. 

Traditionele vloerverwarming

Het hydronische type wordt het meest toegepast. Kunststof leidingen onder de vloer transporteren warm water om warmte in de badkamer te creëren. Het water wordt op temperatuur gebracht door de cv-ketel of door een warmtepomp. Beton is een fantastische warmtegeleider en verdeelt de warmte gelijkmatig over het gehele oppervlak van de vloer. Dit systeem is misschien wel duurder om te laten aanleggen, maar op lange termijn spaar je energiekosten. Hoe meer kamers in de woning worden verwarmd door vloerverwarming, hoe kostenefficiënter de installatie wordt.

© Kadmy - stock.adobe.com

De hydronische vloerverwarming bestaat uit leidingen die warm water transporteren. 

Elektrische vloerverwarming

Elektrische vloerverwarming gebruikt geleidende kunststofmatten onder de vloer die de warmte produceren. Elektrische vloerverwarming werkt net zo goed als het hydronische systeem, maar stroom is nog steeds duurder dan bijvoorbeeld gas. Nadeel is dat dit systeem in grote ruimtes hoge energiekosten met zich meebrengt.

Een voordeel van een elektrische vloerverwarming is dat hij onafhankelijk van de cv werkt. Deze bijverwarming wordt alleen aangezet wanneer nodig en werkt dus zelfs wanneer de cv uitstaat, bijvoorbeeld op een koude zomerdag. De rest van de woning hoeft niet onnodig verwarmd te worden als je bijvoorbeeld wilt douchen.

Bovendien heeft het elektrische systeem een veel kortere opwarmtijd dan de traditionele vloerverwarming. De gewenste temperatuur wordt al bereikt in slechts 30 tot  60 minuten. De dunne matten zijn verbonden met een thermostaatregelaar, zodat je eenvoudig de ideale vloerwarmte kunt instellen. En als je voldoende warmte hebt gehad, kun je  de elektrisch verwarmde badkamertegels uitschakelen met de afstandsbediening.

©ELIZAVETA GALITCKAIA

De elektrische vloerverwarming is een veel dunner systeem. 

Dun of dik

Belangrijk is dat de opbouwhoogte van elektrische vloerverwarming veel lager is dan bij een hydronisch systeem. Dit is een dunne vloerverwarming. Je kunt zowel de matten als de folies zelfs rechtstreeks op de bestaande vloer aanleggen. En je moet rekening houden met een opbouwhoogte vanaf 2,5 centimeter. Bij een hydronisch systeem wordt er eerst een isolatieplaat aangebracht, dan komen de leidingen voor het cv-water in een zand-cement-ondergrond  en daarop wordt de eindvloer geplaatst. Reken op een opbouwhoogte van 13 cm. 

STRALINGSWARMTE

Welk van beide systemen je ook kiest, vloerverwarming produceert voornamelijk stralingswarmte. Deze energie straalt door de vloer omhoog, daarom wordt dit ook een stralingsverwarmde vloer genoemd. In dit artikel lees je alles over de verschillende manieren waarop warmte wordt overgedragen en wat stralingswarmte is. Stralingswarmte verplaatst zich rechtlijnig zoals de stralen van de zon. Wanneer je dus een grote badmat op de badkamervloer zou leggen, dan houd je de stralingswarmte tegen.

Als vloerverwarming niet kan, werkt een los kacheltje ook prima

Kies er wel één speciaal voor de badkamer

Vloerverwarming en badkamerradiator combineren

Kies je ervoor om de vloerverwarming te gebruiken als hoofdverwarming, dan zal de vloerverwarming de volledige ruimte moeten verwarmen. Er is dan geen andere warmtebron in de badkamer aanwezig. In dat geval moet je er rekening mee houden dat de vloerverwarming voldoende capaciteit heeft.

Een voordeel is dat er geen radiatoren nodig zijn. Een badkamer is een lastige ruimte om alleen door middel van vloerverwarming op 21- 24 graden te krijgen. De vloeroppervlakte van de badkamer wordt grotendeels ingenomen door de douche, het bad, het badkamerkastje, het toilet en eventuele andere meubels. Bovendien is het totale oppervlak meestal te klein om voldoende warmte af te geven. Om dit tekort aan te vullen, kun je een handdoekdroger of badkamerradiator plaatsen. Dit is vaak ook nog een esthetische oplossing. De vloerverwarming en radiator vullen elkaar en de capaciteit van de vloerverwarming hoeft dan niet zo hoog te zijn.

©Mike Higginson - stock.adobe.com

Combineer vloerverwarming met een badkamerradiator of handdoekdroger om een snellere reactietijd te garanderen. 

Voordelen en nadelen van vloerverwarming in de badkamer

Welke type je ook kiest, elektrisch of hydronisch, we noemen nog even de voordelen en de aandachtspunten van vloerverwarming in de badkamer op.

 Voordelen

  • Dit afgiftesysteem werkt op lage temperatuur en vraagt minder energie om deze kamer te verwarmen. 

  • De aangename stralingswarmte wordt gelijkmatig verdeeld over de volledige badkamervloer. Dat is het tegenovergestelde van een geforceerd luchtsysteem dat warme lucht in de kamer blaast en dat automatisch wordt uitgeschakeld wanneer de gewenste temperatuur is bereikt.

  • Hierdoor geniet je van meer comfort. De lucht in de badkamer is gezonder en minder droog. 

  • Bovendien neemt dit warmteafgiftesysteem geen plaats in, wat handig is een ruimte waar de plaats beperkt is.

  • Dit systeem heeft een geruisloze werking. Er is dus geen lawaaierig luchtverwarmingssysteem.

  • Er is nauwelijks onderhoud nodig. Je hoeft je geen zorgen te maken over onderhoudsschema's.

🌡Leestip: Je woning verwarmen met lage temperaturen? Dat kan ook zonder vloerverwarming

Aandachtspunten

  • Het kost meer tijd om de kamer op te warmen dan met een radiator. Daarom combineert men vaak vloerverwarming met een lage-temperatuurradiator. 

  • Niet alle vloerafwerkingen zijn geschikt om gecombineerd te worden met vloerverwarming. Toch werkt dit systeem prima met tegels en laminaatvloeren, die doorgaans in een badkamer worden gebruikt. 

  • Wanneer het misgaat met een van de beide typen, kan het nodig zijn dat je de vloer moet openbreken om het probleem te repareren. 

  • Houd zeker rekening met de opbouwhoogte. Je kunt de vloer in de badkamer misschien wel wat hoger maken, maar het is niet de bedoeling dat dit letterlijk een struikelblok wordt.  

NOOIT ONDER DE DOUCHE

Vloerverwarming onder de douche is een slecht idee. Gaat het om elektrische vloerverwarming, dat kan dit een gevaarlijke situatie opleveren als de installatie niet volledig waterdicht is. Je loopt het risico op kortsluiting. Het is bekend dat water door de voegen van de douchetegels sijpelt en in de ondervloer terechtkomt. Door vloerverwarming onder de douche te installeren, verhoog je ook het gevaar op lekkages.

Lees ook: Vloerverwarming: tips voor een behaaglijk huis


▼ Volgende artikel
Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?
© Dennis
Huis

Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?

HDMI 2.1 is de nieuwste standaard voor beeldoverdracht, maar lang niet iedereen heeft de extra bandbreedte ook écht nodig. Vooral voor gamers met een PlayStation 5, Xbox Series X of krachtige pc is het relevant. Kijk je alleen films of televisie? Dan volstaat de oudere aansluiting vaak prima. Wij leggen uit waar de grens ligt.

Als je momenteel op zoek bent naar een nieuwe televisie of monitor vlíegen de technische termen je om de oren. HDMI 2.1 wordt door fabrikanten en winkels vaak gepresenteerd als een absolute noodzaak voor een scherm dat klaar is voor de toekomst. Hierdoor ontstaat de angst dat je een miskoop doet als je kiest voor een model met de oudere HDMI 2.0-standaard. Toch is dat in veel Nederlandse huiskamers een misvatting, want de voordelen zijn nogal specifiek. Veel consumenten betalen onnodig extra voor een functie die ze technisch gezien nooit zullen activeren. Na het lezen van dit artikel weet je precies of jij die snelle poort nodig hebt, of dat je dat budget beter aan een groter scherm of beter geluid kunt besteden.

De kern van het probleem: bandbreedte

Het fundamentele verschil tussen de gangbare HDMI 2.0-standaard en de nieuwere 2.1-versie zit 'm in de digitale snelweg die ze bieden. Je kunt het zien als een waterleiding: door een 2.1-kabel kan veel meer water (of dus data) tegelijk worden gepompt (48 Gbit/s in dit geval) dan door de oudere 2.0-variant (die 'maar' 18 Gbit/s kan verwerken). Die extra ruimte is nodig voor 4K-beelden met een zeer hoge verversingssnelheid (120 beelden per seconde) of voor extreem hoge resoluties zoals 8K.

Een hardnekkige mythe is dat HDMI 2.1 het beeld altijd mooier maakt. Dat is onjuist. Als je naar een Netflix-serie kijkt in 4K, ziet dat er via een 2.0-poort exact hetzelfde uit als via een 2.1-poort. De kabel verandert niets aan de kleuren, de scherpte of het contrast; hij zorgt er alleen voor dat het signaal 'erdoor' past. Pas als er een file op de kabel ontstaat (omdat je te veel beelden per seconde wilt versturen) wordt de nieuwe standaard noodzakelijk. Zolang je dataverbruik onder de limiet van HDMI 2.0 blijft, voegt versie 2.1 niets toe aan de beeldkwaliteit.

Wanneer werkt dit wél goed?

HDMI 2.1 komt pas echt tot zijn recht als je de grenzen van beweging en snelheid opzoekt. Dat is vrijwel exclusief het domein van de fanatieke gamer. Heb je een PlayStation 5 of Xbox Series X in huis en wil je games spelen in de hoogste 4K-resolutie met 120 beelden per seconde (120 Hz)? Dan is een HDMI 2.1-aansluiting op je tv onmisbaar. Zonder deze poort blijft je console steken op 60 beelden per seconde, wat minder vloeiend oogt bij snelle shooters of racegames.

Ook pc-gamers met een zware, moderne videokaart (zoals de NVIDIA RTX 40- of 50-serie) profiteren hiervan als ze hun pc op de tv aansluiten. Naast de snelheid biedt de 2.1-standaard ondersteuning voor Variable Refresh Rate (VRR). Dat zorgt ervoor dat de televisie zijn verversingssnelheid continu aanpast aan de spelcomputer, wat haperingen en 'tearing' (waarbij het beeld in tweeën lijkt te breken) voorkomt. Daarnaast is er Auto Low Latency Mode (ALLM), een signaal waardoor je tv automatisch naar de spelmodus schakelt zodra je de console aanzet. Voor wie de maximale prestaties uit een moderne spelcomputer wil halen, is HDMI 2.1 dus een logische en eigenlijk verplichte keuze.

Oké, maar wanneer werkt dit níet goed?

Voor de gemiddelde kijker is de meerwaarde van HDMI 2.1 nagenoeg nihil. Kijk je voornamelijk lineaire televisie (nieuws, talkshows), sportwedstrijden, films op Blu-ray of series via streamingdiensten als Disney+ en Videoland? Dan kom je nooit in de buurt van de bandbreedte die HDMI 2.0 niet meer aankan. Films en series worden vrijwel altijd gemaakt en uitgezonden in 24, 30 of maximaal 60 beelden per seconde. Een standaard HDMI 2.0-aansluiting kan 4K-beeld op 60 Hz fluitend aan, inclusief HDR (High Dynamic Range).

Ook voor bezitters van een oudere of minder krachtige spelcomputer, zoals de PlayStation 4, de Xbox One of de Nintendo Switch, voegt de nieuwe poort niets toe. Het signaal dat deze apparaten uitsturen is simpelweg niet zwaar genoeg om de bredere snelweg nodig te hebben. Je koopt in dat geval een Ferrari om er vervolgens alleen maar mee in een 30-kilometerzone te rijden. Je betaalt voor capaciteit die ongebruikt blijft, terwijl je dat geld wellicht beter had kunnen investeren in een tv met een beter contrast of hogere helderheid.

Dealbreakers

Er zijn specifieke situaties waarin het blindstaren op HDMI 2.1 je keuze onnodig beperkt of zelfs leidt tot een slechtere aankoop. Dit zijn de harde grenzen:

Je zoekt een televisie in het budgetsegment. In de lagere prijsklassen is de term HDMI 2.1 vaak misleidend. Fabrikanten mogen de term soms gebruiken omdat de tv één specifieke feature ondersteunt (zoals ALLM), terwijl het paneel zelf technisch helemaal geen 120 Hz kan weergeven. Je koopt dan een tv met een 2.1-sticker, maar zonder het daadwerkelijke voordeel van vloeiend beeld. In dit segment is beeldkwaliteit altijd belangrijker dan het versienummer van de poort.

Je wilt alleen beter geluid via een soundbar. Vaak wordt gedacht dat je voor de beste geluidsoverdracht (eARC) per se een volledige HDMI 2.1-tv nodig hebt. Hoewel eARC officieel onderdeel is van de 2.1-specificaties, hebben veel fabrikanten deze functie ook toegevoegd aan televisies die verder gewoon op HDMI 2.0 draaien. Als je doel puur het doorsturen van Dolby Atmos-geluid is, is een volledige HDMI 2.1-poort dus geen harde eis, zolang eARC maar specifiek wordt vermeld.

Je kijkt puur films en series. Als je geen gamer bent, is er geen enkel scenario waarin HDMI 2.1 je kijkervaring verbetert. Het sluit een heleboel uitstekende oudere of goedkopere modellen uit die misschien wel een veel mooier OLED- of QLED-paneel hebben, maar niet de nieuwste aansluitingen. Beeldkwaliteit (zwartwaarden, kleur) wint het voor de filmkijker altijd van bandbreedte.

©DC Studio

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om de juiste keuze te maken, moet je kritisch kijken naar wat er in je tv-meubel staat of komt te staan. De vuistregel is eenvoudig: ben jij iemand die elke frame telt in een online shooter en heb je de hardware om dat te genereren? Dan moet HDMI 2.1 bovenaan je wensenlijst staan; zonder die poort knijp je de prestaties van je dure console af en mis je de soepelheid waarvoor je betaald hebt.

Ben je daarentegen een filmliefhebber die geniet van de hoogste beeldkwaliteit in HDR, of kijk je vooral sport? Richt je dan op het contrast, de helderheid en de kleurweergave van het paneel. Een kwalitatief hoogwaardig paneel met een 'oudere' aansluiting geeft een indrukwekkender plaatje bij films dan een middelmatige tv die toevallig wél een 2.1-aansluiting heeft. Laat je niet gek maken door het idee van toekomstbestendigheid als de beloofde toekomst niet aansluit bij jouw kijkgedrag.

Dus...

HDMI 2.1 is essentieel voor gamers met een PS5, Xbox Series X of krachtige pc die willen spelen in 4K bij 120 Hz. Voor filmkijkers, serie-bingers en tv-kijkers biedt de standaard geen zichtbare beeldverbetering ten opzichte van HDMI 2.0. De extra bandbreedte is puur bedoeld voor zeer hoge framerates die videocontent niet gebruikt. Kies alleen voor HDMI 2.1 als je hardware hebt die deze snelheid daadwerkelijk kan benutten. In alle andere gevallen is de kwaliteit van het beeldscherm zelf veel belangrijker dan het type aansluiting.

▼ Volgende artikel
Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?
© Wildlight Entertainment
Huis

Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?

Op 26 januari kan de wereld aan de slag met Highguard. Het lijkt erop dat iedereen weet wat Highguard is, terwijl tegelijkertijd ook niemand precies weet wát Highguard nou precies is. In dit artikel zetten we dus uiteen wanneer je de game kunt spelen, en waarom deze titel van Wildlight Entertainment zoveel aandacht krijgt.

Releasedatrum van Highguard

Highguard is vanaf vandaag, 26 januari, rond 19:00 uur Nederlandse tijd beschikbaar op pc, PlayStation 5 en Xbox Series X en S. De exacte releasetijd is nog niet bekend, maar vermoedelijk zal de game rond die tijd op alle platforms beschikbaar worden.

Daarbij is het spel free-to-play, dus je hoeft niets te betalen om Highguard te spelen. Daarbij ondersteunt de game crossplay en cross-save, dus je kunt de game samen met vrienden op andere platforms spelen en je progressie op andere platforms meenemen. Het spel is niet te preloaden, maar vereist op pc in ieder geval 25 GB aan beschikbare opslagruimte.

Met de lancering van het spel zendt ontwikkelaar Wildlight Entertaiment om 19:00 uur Nederlandse tijd ook direct een zogenaamde Launch Showcase uit op YouTube - ook hieronder te bekijken. De studio belooft in deze showcase een ‘deepdive in de gameplay’ van Highguard te tonen, de contentplannen voor het eerste jaar uit de doeken te doen en nog ‘veel meer’. 

Watch on YouTube

Wat is Highguard?

Aan team-based PvP heroshooters als Overwatch is geen gebrek, maar Highguard lijkt zich bij die groep te scharen. Het spel wordt ontwikkeld door Wildlight Entertainment, dat weer bestaat uit oud-ontwikkelaars van onder andere Titanfall en Apex Legends. Mensen die dus meer dan prima shooters in elkaar hebben gedraaid, waardoor de interesse toch ietwat gewekt wordt. 

Ieder team in de game bestaat uit drie zogenaamde Wardens, waarvoor verschillende personages gekozen kunnen worden. In de trailer zien we bijvoorbeeld een ridderachtige personage, die met een speciale vaardigheid elektrische stokken rond kan gooien. Ook is er een groot ijsmonster dat schijnbaar muren kan laten verschijnen, een soort cowboy met beestachtige klauwen en een personage dat met messen kan gooien. Ook heeft ieder personage schijnbaar toegang tot geweren om het vijandelijke team mee te bevechten.

Het doel van een potje is namelijk het vinden van de ‘Shieldbreaker’, een soort groot zwaard waarmee je de basis van de tegenstanders open kan breken en uiteindelijk overnemen. Wanneer dit lukt is het potje gewonnen. In de context van de game krijgt jouw team op die manier de controle over het continent. 

©Wildlight Entertainment

Waarom is er zoveel om Highguard te doen?

Wildlight positioneert de game in hun marketing als een “nieuw soort shooter”, maar veel spelers zijn op basis van de trailer nog niet overtuigd. Highguard doet qua opzet van de potjes wel een paar dingen anders dan hero-shooters als Overwatch en Marvel Rivals, maar zoals Concord in 2024 liet zien is de huidige markt voor dit subgenre binnen shooters redelijk verzadigd. Velen zijn simpelweg nog niet overtuigd dat Highguard daadwerkelijk iets vernieuwends met zich mee weet te brengen.

Dit valt ook te verwijten aan een opvallend gebrek aan marketing van de game. Zo’n anderhalve maand voor release hoorden we voor het eerst van Highguard, toen de trailer werd getoond als afsluiter van The Game Awards. Normaliter is de laatste aankondiging van die show een van de hoogtepunten, maar Highguard wist mensen niet te enthousiasmeren. 

De gesprekken rondom Highguard werden echter nog vreemder, toen opviel dat Wildlight geruime tijd niets meer plaatste op sociale media over de game. Na de initiële aankondiging van de game werd er wekenlang niets meer geplaatst op het X-account van Highguard, tot drie dagen voor launch - toen het bedrijf een countdown startte. Ook dit maakte het lastig om enthousiast te worden voor Highguard. 

©Wildlight Entertainment

In de afgelopen dagen doken er berichten en geruchten op die stelden dat Geoff Keighley - de presentator en oprichter van The Game Awards - Highguard specifiek had uitgekozen als afsluiter van The Game Awards, omdat hij hier wel iets in zag. Op 25 januari plaatste Keighley een gif op X, waarin John Hammond uit Jurassic Park zegt: “Over 48 uur accepteer ik jullie verontschuldigingen”. 

Natuurlijk gunnen we iedere game waar tijd en passie in heeft gezeten het beste, maar het is ook niet te ontkennen dat het verhaal rondom Highguard op zijn minst frappant te noemen is. Nou ja, vanaf 19:00 uur kunnen we het spel zelf onder handen nemen. Verwacht daarom binnenkort impressies op onze socials en ID.nl.