ID.nl logo
Urbanears Lotsen - Weet niet waar de klepel hangt
© Reshift Digital
Zekerheid & gemak

Urbanears Lotsen - Weet niet waar de klepel hangt

De Urbanears Lotsen is de nieuwste speaker van Urbanears. Het kleurrijke Zweedse merk maakte vorige keer al indruk met de Stammen en Baggen, al waren die toentertijd wel flink aan de prijs. De Lotsen is een goedkoper instapmodel voor de Connected Speaker-lijn. Is de nieuwe speaker de moeite waard?

De Lotsen is met zijn vierkante behuizing en stoffen buitenkant net zo herkenbaar als de Stammen en Baggen. In hoeverre de speaker opvalt, kun je zelf bepalen. De speaker is namelijk in maar liefst 6 kleuren verkrijgbaar. Van neutrale kleuren als zwart en donkergroen tot opvallende kleuren als oranje en roze. Hierdoor past de speaker in elk interieur, wat lang niet altijd het geval is bij deze productgroep. De ingang voor de afneembare en stroomkabel en de AUX-ingang zijn aan de onderkant van de speaker verstopt en doordat de speaker op kleine pootjes staat, kun je dus zelf bepalen aan welke kant de kabel in het zicht verschijnt. Ook dit is weer een kleinigheidje wat het huwelijk tussen je interieur en je liefde voor muziek ten goede komt.

Multi

Aan de bovenkant zijn twee knoppen geplaatst die je kunt draaien en indrukken. De bovenste knop kun je draaien om het volume te regelen en indrukken om te wisselen tussen Solo of Multi. Dit kan overigens ook in de app door de schakelaar over te halen. Een lampje geeft aan in welke stand de speaker staat. Wanneer je meerdere Connected Speakers bezit, kun je met de knop bepalen of de speaker een groep maakt of zich aansluit bij een bestaande groep. Als er nog geen groep bestaat, creëert de speaker in de stand Multi een groep. Wanneer je andere speakers vervolgens op deze stand zet, sluiten die zich automatisch bij de eerste Multi-speaker aan en spelen ze hetzelfde af.

©PXimport

©PXimport

©PXimport

De Lotsen heeft een Chromecast aan boord en ondersteunt AirPlay en Spotify Connect. Met de ingebouwde Chromecast kun je de speaker met andere Chromecast-speakers koppelen in de Google Home-app en met AirPlay kun je het geluid van je Apple-apparaat naar de Lotsen sturen. Door de speakers te koppelen via het Multi-protocol van Urbanears zelf, verschijnt deze onder de naam ‘Multi’ in de lijst met AirPlay-, Chromecast- en Spotify Connect-speakers op je apparaat. Het feit dat je Spotify Connect kunt gebruiken voor de hele speakergroep is een enorm pluspunt, aangezien Spotify Connect zelf geen multiroom-ondersteuning heeft en deze vorm van streaming doorgaans een stuk sneller werkt dan Casten van muziek in de app van Spotify

Presets

Met de andere knop kun je schakelen tussen de 7 presets en de bluetooth- of AUX-input. Presets kun je toewijzen via de app en de draaiknop. Bij het afspelen van een afspeellijst of internetradiostation, draai je de knop naar de gewenste preset en houd je de knop ingedrukt tot je een toon hoort. In de app kun je simpelweg navigeren naar een preset en op het +-icoon drukken.

©PXimport

©PXimport

Door de knop kort in te drukken kun je de muziek pauzeren of afspelen en door de knop twee of drie keer kort te drukken ga je naar het volgende of volgende nummer. Zo kun je bij thuiskomst gelijk je favoriete afpeellijst selecteren en zelfs je favoriete nummer aanzetten zonder je smartphone erbij te hoeven pakken. Doordat Shuffle echter standaard uitstaat in de Preset-afspeellijsten, wordt de muziek altijd vanaf het eerste nummer op volgorde afgespeeld. Hierdoor gebruikte ik de presets liever voor internetradiostations.

Dof

De Urbanears Lotsen is slechts iets kleiner dan de Stammen, maar levert meer aan vermogen in dan je zou denken. De Lotsen heeft niet veel volume in z’n mars en is meer een speaker voor achtergrondmuziek dan de drijvende kracht achter je huisfeestje. Hij is groter dan bijvoorbeeld de Sonos One, maar klinkt een stuk kleiner.

Rekening houdende met het prijskaartje van 200 euro, valt de geluidskwaliteit ook tegen. Het laaggebied klinkt nog redelijk, maar het midden- en hooggebied klinkt ronduit dof - alsof er een deken voor de speaker hangt. Het zou aan de stof kunnen liggen waarmee de behuizing is bedekt, hoewel de warm klinkende Urbanears Baggen en heldere Urbanears Stammen daar geen last van hebben. Niet elk genre lijdt evenveel onder het wat doffe geluidsbeeld van de Lotsen, maar vooral op hogere volumes kun je er niet omheen. Nog een reden om de speaker voor niet meer dan achtergrondgeluid te gebruiken – mits je hier geen hoge eisen aan stelt.

©PXimport

Aanbieding

Vergeleken met de soepele werking van de interface en de verbeteringen die Urbanears in de app heeft doorgevoerd, voelt de Lotsen op het gebied van geluidskwaliteit aan als een stap terug. Toch is er ook goed nieuws voor lezers die verliefd zijn geworden op het ontwerp en de interface van de Zweedse speakers; de eerdergenoemde Urbanears Baggen en Stammen zijn tegenwoordig 100 euro goedkoper. Het prijsverschil tussen de Lotsen en Stammen is hierdoor slechts een paar tientjes, terwijl het verschil in geluidskwaliteit significant is. Uitgaande van de huidige verkoopprijs van de Stammen, zou een prijskaartje van 100 of 150 euro veel passender zijn voor de Lotsen. Hij is nu nog te duur voor het geluid – maar daar hadden zijn grote broers ook last van.

Conclusie

De Lotsen is de instapspeaker voor de Urbanears Connected Speakers die we tijdens de release van de Stammen en Baggen mistten. Met een prijskaartje van 199 euro valt de Lotsen in hetzelfde segment als bijvoorbeeld de Sonos One. Op het gebied van functies en gebruiksvriendelijkheid kan de Lotsen prima concurreren in dit segment, maar de geluidskwaliteit moet gezien het prijskaartje echt beter. Verwarrend genoeg is het prijsverschil van de Stammen en Lotsen inmiddels verwaarloosbaar, waardoor de kans groot is dat de Lotsen tussen wal en schip raakt.

Oké
Conclusie

**Prijs** 199 euro **Verbindingen** Spotify Connect, AirPlay, Chromecast, koptelefooningang, bluetooth, internetradio **Ingangen** micro-USB, 3.5mm koptelefooningang **Kleuren** Indigo Blue, Concrete Grey, Goldfish Orane, Plant Green, Dirty Pink, Vinyl Black **Afmetingen** 172 x 193 x 115 mm (B x H x L) **Frequentiebereik** 60Hz – 20kHz **Versterkers** 2 Klasse D-versterkers **Drivers** 1 x 1-inch neodymium dome, 1 x 4-inch woofer **Vermogen** 20 Watt **Website** [www.urbanears.com]( https://www.urbanears.com/ue_nl_en/speakers)

Plus- en minpunten
  • Kleurrijke vormgeving
  • Veel functies
  • Gebruiksgemak
  • Betaalbaar
  • Geluidskwaliteit
▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.