ID.nl logo
Tips en trucs voor je externe harde schijf
© Reshift Digital
Zekerheid & gemak

Tips en trucs voor je externe harde schijf

Een externe schijf is reuzehandig wanneer je bestanden mobiel wilt opslaan. Je prikt dit opslagstation in een willekeurige pc of laptop zodat je bij je persoonlijke data kunt. Een keuze maken voor een nieuwe externe schijf is vanwege het overweldigende aanbod nogal lastig. Met dit artikel helpen we je eindje op weg bij het uitzoeken van een externe harde schijf, zodat je precies weet op welke specificaties je moet letten.

Tip 01: Formaat

Allereerst is het formaat van de externe schijf een belangrijke factor. Wil je het mobiele opslagstation graag meenemen? In dat geval is een kleine behuizing natuurlijk een groot voordeel. Geen probleem, want er zijn allerlei portable schijven verkrijgbaar die zich laten voeden door de usb-poort van de computer of smart-tv. In de behuizing zit dan een compacte en energiezuinige 2,5inch-schijf verwerkt. Als je de externe schijf voornamelijk op één plek gebruikt, kun je ook een forser exemplaar overwegen die werkt op netvoeding. Hierin zit dan een 3,5inch-schijf verwerkt. Een voordeel is dat de lees- en schrijfsnelheid van grote schijven doorgaans hoger is, aangezien er meer energie beschikbaar is. Voorwaarde is natuurlijk wel dat er in de buurt altijd een stopcontact vrij is. Bovendien zijn externe 3,5inch-schijven in de meeste gevallen naar verhouding goedkoper dan portable 2,5inch-schijven, aangezien je per gigabyte een lager bedrag betaalt. Houd naast een groter formaat overigens ook rekening met een hoger gewicht.

©PXimport

Tip 02: Opslagcapaciteit

Zodra je het formaat hebt bepaald, stel je de gewenste opslagcapaciteit vast. Hoe meer GB’s de schijf kan herbergen, hoe meer geld je betaalt. Voor de opslag van foto’s en vooral video’s is een flinke opslagcapaciteit geen overbodige luxe. Voor het bewaren van documenten kun je wellicht met minder GB’s uit de voeten. Bij de aanschaf van een externe 2,5inch-schijf heb je grofweg keuze uit producten met een capaciteit tussen de 1 en 5 TB. Overigens bestaan er ook nog compacte opslagstations met minder dan 1 TB ruimte, al worden die wel steeds zeldzamer. In het geval van externe 3,5inch-schijven bestaat het huidige aanbod uit producten met 2 tot en met 10 TB bestandsopslag. Let hierbij wel goed op: sommige fabrikanten pochen met een externe schijf van 8 TB, waar in werkelijkheid twee opslagdragers van elk 4 TB zitten verwerkt. Dat resulteert in een veel grotere behuizing. Middels deze duo-constructie zijn er in de handel ook externe schijven met meer dan 10 TB dataopslag verkrijgbaar. Ons advies: wie uitkomt op een product met twee of meer schijven, kiest het best voor een nas (zie kader).

©PXimport

Nas

Een nas laat zich het best omschrijven als een externe schijf met een eigen besturingssysteem. Doordat dit apparaat met een ethernetkabel is aangesloten op het thuisnetwerk, kun je met elke computer bij je bestanden komen. Ideaal voor wie thuis een centrale en veilige opslagplaats voor belangrijke bestanden wenst. Aangezien een nas ook applicaties kan draaien, biedt dit apparaat bovendien veel meer functionaliteit dan een reguliere externe schijf. Zo stream je bijvoorbeeld mediabestanden naar een smart-tv en sla je bewakingsbeelden van ip-camera’s automatisch op. Bij de duurdere modellen kun je meestal meerdere 3,5inch-schijven in de behuizing kwijt.

©PXimport

Tip 03: Schijfsnelheid

Een harde schijf bestaat uit meerdere roterende lagen (platters) die meestal op een vast toerental draaien. Fabrikanten drukken deze waarde uit in rpm (rotaties per minuut). Het toerental is essentieel voor de snelheid van een 2,5- of 3,5inch-schijf. Hoe hoger de rotatiesnelheid, hoe minder tijd de schijf nodig heeft om gegevens uit te lezen en op te slaan. De meeste externe 2,5inch-schijven hebben een toerental van 5400 rpm. Aangezien 3,5inch-schijven toegang hebben tot meer stroom, ondersteunen ze vaak een iets hogere rotatiesnelheid van 7200 rpm. Let hierbij wel op, want er zijn ook 3,5inch-schijven met een toerental van 5400 of 5900 rpm te koop. Die zijn weliswaar energiezuiniger, maar bieden ook een lagere lees- en schrijfsnelheid. Het voordeel hiervan is wel weer dat de schijf minder heet wordt, waardoor de kans op een langere levensduur toeneemt.

Tip 04: Usb-standaard

Je sluit de schijf via een usb-poort sluit aan op de computer. Naast het toerental heeft ook de gebruikte usb-standaard veel invloed op de snelheidsprestaties. Veruit de meeste producten hebben een usb3.0-connector, waarbij er een theoretische doorvoersnelheid van 5 Gbit/s haalbaar is. De nieuwste producten hebben een usb3.1-aansluiting, waarvoor een maximale doorvoersnelheid van 10 Gbit/s geldt. Houd er wel rekening mee dat je op de computer een geschikte usb-poort nodig hebt om te profiteren van een hogere usb-standaard. Laat je overigens niet afschrikken wanneer jouw pc of laptop louter usb2.0-poorten bevat. Hierop sluit je probleemloos een usb3.0-schijf aan, al is de snelheid dan wel beperkt tot maximaal 480 Mbit/s.

©PXimport

Tip 05: Usb-c

Om de keuze nog iets lastiger te maken, leveren sommige fabrikanten een usb-kabel met een kleinere connector mee. Dit betreft een usb-c-kabel. Uiteraard kun je die alleen aansluiten wanneer je computer een usb-c-aansluiting bevat. Een voordeel is dat dit aansluitingtype de usb3.1-standaard ondersteunt, zodat je profiteert van een hogere overdrachtssnelheid. Controleer in de specificaties wel altijd welke usb-standaard er maximaal wordt ondersteund, want dat kan net zo goed usb 2.0 of usb 3.0 zijn. Verder kun je in tegenstelling tot de traditionele usb-a-poort deze nieuwe usb-aansluiting niet verkeerd aansluiten. Een ander voordeel is dat je de schijf rechtstreeks aan een smartphone of tablet kunt koppelen, mits het mobiele toestel een usb-c-poort heeft. Een gunstige ontwikkeling is dat steeds meer apparaten voorzien zijn van een usb-c-aansluiting. Nuttig om te weten is dat de usb-c-connector naast de usb-standaard nog meer protocols ondersteund, zoals thunderbolt 3 (zie kader). Bovendien gebruik je deze connector ook om mobiele apparatuur op te laden, mits de externe schijf deze functie ondersteunt. Heeft jouw computer geen usb-c? Geen nood, want bij de meeste externe schijven zit een verloopkabel waarmee je het opslagstation alsnog op een reguliere usb-poort kunt aansluiten.

©PXimport

Steeds meer apparaten bevatten tegenwoordig een moderne usb-c-aansluiting

-

Thunderbolt 3

Sommige harde schijven ondersteunen het thunderbolt3-protocol. Deze standaard is vooral bekend onder bezitters van een recente Mac of MacBook. Opvallend is dat het protocol gebruikmaakt van een usb-c-connector. Het voornaamste speerpunt is een hogere doorvoersnelheid van maximaal 40 Gbit/s. Met name LaCie ontwikkelt veel externe schijven die zowel thunderbolt 3 als usb-c ondersteunen. Overigens ontwerpt deze fabrikant ook nog producten met een thunderbolt2-aansluiting.

©PXimport

Tip 06: Behuizing

Tussen externe harde schijven zit veel kwaliteitsverschil in de behuizing. Goedkope producten hebben doorgaans een buitenkant van kunststof. Die kun je veelal indeuken, waardoor deze schijven extra gevoelig zijn voor val- en stootschade. Ben je bereid om meer geld te investeren, kies dan een exemplaar met een aluminium buitenkant. Die kunnen over het algemeen wel een stootje hebben. Wil je het helemaal serieus aanpakken, dan zijn er ook nog externe schijven met rubber bescherming te koop. De Rugged-reeks van LaCie is daar een bekend voorbeeld van. Deze producten zijn (spat)water-, val- en schokbestendig, waardoor ze zeer geschikt zijn voor buitenshuis gebruik op bijvoorbeeld een camping.

Tip 07: Software

Veel mensen gebruiken een externe schijf om een back-up van hun bestanden te bewaren. Bekende fabrikanten als Toshiba, Western Digital, LaCie en Seagate voegen om die reden speciale software mee om kopieën van bestanden te maken. Hiermee bepaal je bijvoorbeeld dat je elke dag op een vast tijdstip een back-up naar de externe schijf wilt wegschrijven. Western Digital voegt bij bepaalde producten bijvoorbeeld Acronis True Image toe, waarmee je een back-up van het complete systeem kunt maken.

Overigens is het niet verplicht om de bijgesloten software te gebruiken. Je laat de externe schijf namelijk ook moeiteloos samenwerken met andere back-upprogramma’s. Naast back-upsoftware leveren fabrikanten bij de betere schijven ook een beveiligingsprogramma mee, zodat je de inhoud desgewenst afschermt met een wachtwoord. Door de data te versleutelen hebben onbevoegden geen toegang tot de bestanden.

©PXimport

Tip 08: Externe ssd

Speelt geld geen rol en wens je maximale snelheid? Dan is een externe ssd (solid state drive) iets voor jou. Zo’n opslagstation bevat in tegenstelling tot reguliere 2,5inch- en 3,5inch-schijven geen roterende onderdelen om de gewenste bestanden te zoeken, waardoor wachttijden te verwaarlozen zijn. Dit merk je bijvoorbeeld met name wanneer je een besturingssysteem vanaf een ssd opstart, maar bijvoorbeeld ook zodra je een zwaar videobestand opent. Vanwege het gebrek aan bewegende onderdelen zijn externe ssd’s bovendien erg duurzaam en maken ze amper geluid. Een ander voordeel is dat de behuizing niet veel groter is dan een stapeltje bankpasjes, zodat je deze externe opslagdrager gemakkelijk meeneemt. Houd wel rekening met een forse aanschafprijs. Daarnaast is de opslagcapaciteit beperkt tot maximaal 2 TB. Merken die externe ssd’s ontwikkelen, zijn onder meer Western Digital, SanDisk, LaCie en Samsung. Vooral de Portable SSD T5-lijn van Samsung is bekend, waarbij de 2TB-versie een adviesprijs heeft van maar liefst 909,99 euro. Laat je hierdoor overigens niet afschrikken, want de 250GB-versie is met een adviesprijs van 149,99 euro een stuk vriendelijker geprijsd.

©PXimport

Wie maximale snelheid wenst, kiest het best voor een externe ssd

-

Kooptips

Op zoek naar een betrouwbare harde schijf? Hieronder vind je drie interessante koopsuggesties:

WD My Passport Ultra

Prijs: € 84,99 / € 109,99 / € 144,99 / € 159,99 De WD My Passport Ultra is met 1, 2, 3 en 4 TB opslag verkrijgbaar. Het betreft een 2,5inch-exemplaar. Als eerste valt het luxe design op, waarbij geïnteresseerden keuze hebben tussen de kleurstellingen wit-goud en grijs-zwart. Zoals je van een portable schijf mag verwachten, zijn de afmetingen met 11 × 8,15 × 1,35 centimeter (l × b × h) beperkt. Overigens zijn de versies met 3 en 4 TB wel iets hoger, namelijk 2,15 centimeter. Via een usb3.0-aansluiting koppel je het apparaat aan een computer of smart-tv. Fijn is dat Western Digital software meelevert om back-ups te maken. Het is zelfs mogelijk om je gegevens hardwarematig te versleutelen, zodat niemand anders bij je data kan komen.

WD Elements Desktop

Prijs: € 99,99 / € 119,99 / € 139,99 / € 169,99 Western Digital staat al sinds jaar en dag bekend om het ontwikkelen van betrouwbare schijven en de Elements Desktop-reeks is daar een bekend voorbeeld van. Deze externe 3,5inch-schijf is dan ook bij zo’n beetje elke elektronicawinkel te koop. Je hebt keuze tussen 2, 3, 4 en 5 TB opslag. De behuizing is wat forser vergeleken met die van veel andere externe schijven, waardoor je de Elements Desktop rechtop kunt neerzetten. De verbinding met de pc verloopt via usb 3.0. Daarnaast is er een ingang voor het netsnoer.

©PXimport

Seagate Backup Portable

Prijs: € 144,99 / € 164,99 Seagate is een van de weinige fabrikanten die externe 2,5inch-schijven van 5 TB produceert. Voor twintig euro minder is de Backup Portable overigens ook met een capaciteit van 4 TB verkrijgbaar. Het product is voorzien van een usb3.0-aansluiting en Seagate levert back-upsoftware mee. Dankzij de 2,5inch-formfactor is de behuizing erg compact, namelijk 11,45 × 7,8 × 2,05 centimeter (l × b × h). Met een gewicht van 247 gram is deze schijf bovendien niet al te zwaar. De Backup Portable is te koop in vier kleurstellingen, namelijk blauw, rood, zilver en zwart.

▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.