ID.nl logo
Sonos Playbase –  Toch geen spuit elf
© Reshift Digital
Zekerheid & gemak

Sonos Playbase – Toch geen spuit elf

Na een ontwikkelperiode van 4 jaar is daar de Sonos Playbase. Een speaker met dezelfde functionaliteit als de Playbar, maar dan voor onder je televisie. Is de Playbase een vertraagd product in een stagnerende markt, of lukt het Sonos wel om de soundbar van de troon te stoten?

Het concept achter de Playbase, een speaker voor onder je televisie of monitor, is niet nieuw. Andere fabrikanten kwamen al eerder met een soortgelijk systeem. Toch heeft de soundplate nooit de soundbar van de troon kunnen stoten als het gaat om audio voor je televisie.

Design

Van het openmaken tot de verpakking tot het plaatsen van de speaker; de Playbase is een machtig apparaat. ’t Is bepaald geen kleine speaker en het gewicht mag er ook zijn. De verpakking is van hard karton en verzegeld met stevige plastic schuifsloten. Dit alles geeft een premium eerste indruk.

©PXimport

Hoewel de Playbase in mijn geval nogal vloekte met de kleur van het televisiemeubel, vind ik de speaker an sich geen straf om naar te kijken. Vooral de witte variant die ik mocht testen heeft een bijna futuristische uitstraling en zal dan ook niet misstaan in moderne woonkamers. Ik ben er nog niet helemaal zeker van of ik het ronde ontwerp mooi vind.

©PXimport

De meeste televisiemeubels zijn rechthoekig en de Playbase steekt met de ronde hoeken wel af met het meubel. Als je televisie ook nog eens een rechthoekig voetstuk heeft, voelt de vorm van de Playbase een beetje misplaatst aan.

Wat ik wel heel mooi vind aan de Playbase is de speakergrill. De individueel geboorde gaatjes zijn niet zichtbaar vanaf de plek waar ik normaal gesproken naar de televisie kijk. Het resultaat is een speaker die niet zo bombastisch oogt en hierdoor veel beter kan opgaan in het meubilair.

©PXimport

De Playbase heeft drie aanraakgevoelige knoppen. Twee voor volumeregeling en een knop die zowel als mute- als startknop dient. Bij het aanzetten van je televisie, schakelt de Playbase automatisch over naar het geluid van je televisie. Zo hoef je niet per se de app te openen om de juiste geluidsbron te selecteren.

©PXimport

Als de televisie uitstaat, start je met de middelste knop de laatstgekozen muziekbron. Zo kun je na het uitzetten van je televisie eenvoudig overschakelen op je favoriete afspeellijst of radiostation met één druk op de knop. Door over de drie knoppen van links naar rechts te swipen, ga je naar het volgende nummer of radiostation. Als je de andere kant op swipet, ga je naar het vorige nummer of radiostation. Met dit handigheidje hebben de drie knoppen toch meer functionaliteit dan verwacht.

Installatie

De installatie van de Playbase is net als ieder ander product van Sonos enorm makkelijk. De Playbase is echter wel opvallend minimalistisch qua aansluitingen. Met een ingang voor stroom, LAN en optische geluidsinvoer telt de Playbase niet meer dan 3 poorten. Het gezegde luidt “less is more”, maar persoonlijk vind ik het niet optimaal. Is het bij een high-end product als de Playbase te veel gevraagd om de keuze te hebben tussen optisch en HDMI of RCA? Toch verbaast het me niet volledig, aangezien de Playbar deze aansluitingen ook niet had.

Het gebrek aan aansluitingen zou de Playbase kunnen limiteren, maar het versoepelt ook het installatieproces. Nadat je de Playbase hebt voorzien van stroom, herkent de Sonos-app na een druk op de knop meteen de Playbase. De app begeleidt je verder door een installatie die niet alleen heel eenvoudig was, maar ook nog eens vlekkeloos verliep. Dat laatste is bij veel producten nog maar de vraag.

Na het aansluiten van de optische kabel en het deactiveren van de speakers van je televisie, kun je met de afstandsbediening die je gewend bent het geluid regelen van je televisie en dus de Playbase. Ik stond er versteld van hoe snel de Playbase volledig werkend was.

©PXimport

Trueplay

©PXimport

Nadat de Playbase is geïnstalleerd, wordt je gevraagd om de speaker goed af te stellen met behulp van Trueplay. Dit is een proces waarbij je door de kamer loopt met je iPhone, terwijl de Playbase via de microfoon van je smartphone de interne speakers afstemt op de ruimte. Via de app krijg je een duidelijk handleiding voor het goed uitvoeren van het proces.

Volgens de app kost het afstemmen van de ruimte slechts enkele minuten. Na het uitvoeren van het Trueplay-proces, kreeg ik via de app de vraag of ik een hoesje om mijn smartphone had zitten. Toen ik deze vraag beantwoordde met “ja”, kreeg ik de droge opmerking dat ik het nogmaals moest doen, maar dan zonder hoesje. Het lijkt me logischer dat je deze melding geeft voordat je iemand op expeditie stuurt door zijn eigen woonkamer. Voor een installatie die verder zo soepel verliep, vond ik dit wel een vrij domme ontwerpfout.

Werkt het ook?

Niet iedereen heeft zijn of haar speaker op dezelfde plek staan, waardoor de Playbase in iedere ruimte anders kan klinken. Het is dan geen rare gedachte dat een speaker de ruimte scant via een externe microfoon om zichzelf af te stemmen op de ruimte. Of het ook werkt? Ik heb er vrij weinig van gemerkt, doordat het geluidsbeeld van de Playbase op zichzelf al vrij breed was.

Diensten

Nadat de Playbase volledig is geïnstalleerd, is het tijd om diensten toe te voegen aan de app. Bij zowel Spotify als Apple Music was het simpelweg een kwestie van het aantikken van de dienst en het invoeren van je je wachtwoord. Beide diensten kun je volledig bedienen via de Sonos-app. Het is ook mogelijk om met de app van de streamingdiensten zelf de Playbase als geluidsuitvoer te kiezen.

Sonos ondersteunt ook audio van CD-kwaliteit (1.411 kbps). Om hiervan te genieten heb je wel een dienst zoals TIDAL nodig, die muziek in deze kwaliteit kan aanbieden. Sonos ondersteunt naar eigen zeggen nog geen hi-res audio (9.215 kbps), omdat “de wereld eerst nog moet overschakelen op CD-kwaliteit”.

Wanneer je gebruikmaakt van meerdere streamingdiensten, zal je merken dat de Sonos-app zoekresultaten toont van alle diensten die je hebt gekoppeld. Een leuk extraatje, maar het aantal gebruikers dat zowel Spotify, Apple Music als TIDAL gebruikt zal niet enorm groot zijn.

©PXimport

Geluid

Op het belangrijkste gebied stelt de Playbase niet teleur. Zowel muziek als geluid van je televisie komt goed tot zijn recht en voor een speaker zonder externe subwoofer kan de Playbase verrassend goed een toontje lager zingen. Over een toontje lager gesproken; het is mogelijk om via de Sonos app de nacht- en spraakversterkingstand te activeren. Bij de nachtstand worden harde geluiden gedempt en zachte geluiden iets harder, terwijl de spraakversterkingsstand vooral de hoge spraaktonen versterkt.

©PXimport

De spraakversterkingsstand heb ik persoonlijk vrijwel niet gebruikt, doordat de Playbase al helder genoeg was van zichzelf. De nachtstand kwam echter wel goed van pas, aangezien het heel eenvoudig is om het hele huis wakker te maken als je ’s avonds de Playbase aanzet. Het geluid van de soundplate van Sonos draagt ver, heel ver. In een gewoon rijtjeshuis kan de Playbase de hele benedenverdieping laten meegenieten met het geluid van de televisie of je favoriete afspeellijst. Hoewel de Playbase smaller is dan de meeste soundbars, doet deze niet onder voor het virtuele stereogeluid die bredere speakers kunnen produceren.

Subwoofer

Sonos heeft er veel moeite in gestoken om een geïntegreerde subwoofer in de Playbase te stoppen. Deze moest plat genoeg zijn om in de behuizing te passen, zonder dat dit ten koste ging van het vermogen van de subwoofer

©PXimport

Door dit ontwerp heb je op een normaal volumeniveau naar mijn mening geen subwoofer nodig voor je lage tonen. Wanneer je het volume harder zet, merk je echter wel dat de kleine subwoofer het simpelweg niet kan bijbenen. Vooral muziek komt op op hogere volumeniveaus niet volledig tot zijn recht met de Playbase.

Het feit dat de Playbase een geïntegreerde subwoofer heeft, geeft wel een belangrijk voordeel aan van een sounplate ten overstaande van een soundbar. Door de grotere kastruimte die nodig is om de televisie te dragen, kan de fabrikant meer speakers en zelfs een subwoofer kwijt in de behuizing. Zo wordt een dergelijke speaker echt een alleskunner en heb je geen externe subwoofer nodig. Vooralsnog is de Sonos Sub een welkome toevoeging, vooral bij hogere volumes.

Prijs

Bij Sonos betaal je niet alleen voor het geluid, maar ook voor de naam en de streaming audiotechnologie waar ze al jaren om bekendstaan. Met een prijskaartje van 799 euro is de Playbase, zoals je van Sonos misschien wel gewend bent, een prijzige speaker. Is de Playbase té duur? Nee, dat niet. Als je al hebt geïnvesteerd in een Sonos-systeem en je wil geen soundbar of kan deze simpelweg niet kwijt, is de Playbase zeker het overwegen waard.

De Playbase wordt naast de Playbar gepositioneerd, maar de soundbar van Sonos is inmiddels via derde partijen voor 100 euro goedkoper te krijgen. Toch rechtvaardigt de geïntegreerde subwoofer in de Playbase de (nu nog) hogere prijs. De aanschaf van de ruim 700 euro kostende Sonos Sub is namelijk veel minder noodzakelijk bij de Playbase dan bij de Playbar.

©PXimport

Conclusie

Op het eerste gezicht leek de Playbase mij een spuit elf, maar ik ben in de loop van de week van gedachten veranderd. Het virtuele stereogeluid is goed, maar kan niet concurreren met een brede soundbar. Toch vind ik de Playbase een fijner product dan menig soundbar. De geïntegreerde subwoofer in de Playbase is namelijk zo goed gelukt, dat ik er niet gek van zou opkijken als dergelijke systemen in de toekomst de externe subwoofer voorgoed uit de woonkamer zouden verbannen. De Playbase heeft mijn interesse voor dergelijke speakers in ieder geval weer aangewakkerd.

Uitstekend
Conclusie

**Prijs** €799,- **Verbinding** Optisch & Wifi **Gewicht** 8600 gram **Afmetingen** 720 x 58 x 380mm **Minimale frequentie** 56Hz **Maximale frequentie** 20kHz **Website** [Sonos.nl](http://www.sonos.com/nl-nl/shop/playbase.html)

Plus- en minpunten
  • Design
  • Bediening
  • Subwoofer
  • Geluid
  • Prijs
  • Alleen optisch
▼ Volgende artikel
Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?
© Dennis
Huis

Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?

HDMI 2.1 is de nieuwste standaard voor beeldoverdracht, maar lang niet iedereen heeft de extra bandbreedte ook écht nodig. Vooral voor gamers met een PlayStation 5, Xbox Series X of krachtige pc is het relevant. Kijk je alleen films of televisie? Dan volstaat de oudere aansluiting vaak prima. Wij leggen uit waar de grens ligt.

Als je momenteel op zoek bent naar een nieuwe televisie of monitor vlíegen de technische termen je om de oren. HDMI 2.1 wordt door fabrikanten en winkels vaak gepresenteerd als een absolute noodzaak voor een scherm dat klaar is voor de toekomst. Hierdoor ontstaat de angst dat je een miskoop doet als je kiest voor een model met de oudere HDMI 2.0-standaard. Toch is dat in veel Nederlandse huiskamers een misvatting, want de voordelen zijn nogal specifiek. Veel consumenten betalen onnodig extra voor een functie die ze technisch gezien nooit zullen activeren. Na het lezen van dit artikel weet je precies of jij die snelle poort nodig hebt, of dat je dat budget beter aan een groter scherm of beter geluid kunt besteden.

De kern van het probleem: bandbreedte

Het fundamentele verschil tussen de gangbare HDMI 2.0-standaard en de nieuwere 2.1-versie zit 'm in de digitale snelweg die ze bieden. Je kunt het zien als een waterleiding: door een 2.1-kabel kan veel meer water (of dus data) tegelijk worden gepompt (48 Gbit/s in dit geval) dan door de oudere 2.0-variant (die 'maar' 18 Gbit/s kan verwerken). Die extra ruimte is nodig voor 4K-beelden met een zeer hoge verversingssnelheid (120 beelden per seconde) of voor extreem hoge resoluties zoals 8K.

Een hardnekkige mythe is dat HDMI 2.1 het beeld altijd mooier maakt. Dat is onjuist. Als je naar een Netflix-serie kijkt in 4K, ziet dat er via een 2.0-poort exact hetzelfde uit als via een 2.1-poort. De kabel verandert niets aan de kleuren, de scherpte of het contrast; hij zorgt er alleen voor dat het signaal 'erdoor' past. Pas als er een file op de kabel ontstaat (omdat je te veel beelden per seconde wilt versturen) wordt de nieuwe standaard noodzakelijk. Zolang je dataverbruik onder de limiet van HDMI 2.0 blijft, voegt versie 2.1 niets toe aan de beeldkwaliteit.

Wanneer werkt dit wél goed?

HDMI 2.1 komt pas echt tot zijn recht als je de grenzen van beweging en snelheid opzoekt. Dat is vrijwel exclusief het domein van de fanatieke gamer. Heb je een PlayStation 5 of Xbox Series X in huis en wil je games spelen in de hoogste 4K-resolutie met 120 beelden per seconde (120 Hz)? Dan is een HDMI 2.1-aansluiting op je tv onmisbaar. Zonder deze poort blijft je console steken op 60 beelden per seconde, wat minder vloeiend oogt bij snelle shooters of racegames.

Ook pc-gamers met een zware, moderne videokaart (zoals de NVIDIA RTX 40- of 50-serie) profiteren hiervan als ze hun pc op de tv aansluiten. Naast de snelheid biedt de 2.1-standaard ondersteuning voor Variable Refresh Rate (VRR). Dat zorgt ervoor dat de televisie zijn verversingssnelheid continu aanpast aan de spelcomputer, wat haperingen en 'tearing' (waarbij het beeld in tweeën lijkt te breken) voorkomt. Daarnaast is er Auto Low Latency Mode (ALLM), een signaal waardoor je tv automatisch naar de spelmodus schakelt zodra je de console aanzet. Voor wie de maximale prestaties uit een moderne spelcomputer wil halen, is HDMI 2.1 dus een logische en eigenlijk verplichte keuze.

Oké, maar wanneer werkt dit níet goed?

Voor de gemiddelde kijker is de meerwaarde van HDMI 2.1 nagenoeg nihil. Kijk je voornamelijk lineaire televisie (nieuws, talkshows), sportwedstrijden, films op Blu-ray of series via streamingdiensten als Disney+ en Videoland? Dan kom je nooit in de buurt van de bandbreedte die HDMI 2.0 niet meer aankan. Films en series worden vrijwel altijd gemaakt en uitgezonden in 24, 30 of maximaal 60 beelden per seconde. Een standaard HDMI 2.0-aansluiting kan 4K-beeld op 60 Hz fluitend aan, inclusief HDR (High Dynamic Range).

Ook voor bezitters van een oudere of minder krachtige spelcomputer, zoals de PlayStation 4, de Xbox One of de Nintendo Switch, voegt de nieuwe poort niets toe. Het signaal dat deze apparaten uitsturen is simpelweg niet zwaar genoeg om de bredere snelweg nodig te hebben. Je koopt in dat geval een Ferrari om er vervolgens alleen maar mee in een 30-kilometerzone te rijden. Je betaalt voor capaciteit die ongebruikt blijft, terwijl je dat geld wellicht beter had kunnen investeren in een tv met een beter contrast of hogere helderheid.

Dealbreakers

Er zijn specifieke situaties waarin het blindstaren op HDMI 2.1 je keuze onnodig beperkt of zelfs leidt tot een slechtere aankoop. Dit zijn de harde grenzen:

Je zoekt een televisie in het budgetsegment. In de lagere prijsklassen is de term HDMI 2.1 vaak misleidend. Fabrikanten mogen de term soms gebruiken omdat de tv één specifieke feature ondersteunt (zoals ALLM), terwijl het paneel zelf technisch helemaal geen 120 Hz kan weergeven. Je koopt dan een tv met een 2.1-sticker, maar zonder het daadwerkelijke voordeel van vloeiend beeld. In dit segment is beeldkwaliteit altijd belangrijker dan het versienummer van de poort.

Je wilt alleen beter geluid via een soundbar. Vaak wordt gedacht dat je voor de beste geluidsoverdracht (eARC) per se een volledige HDMI 2.1-tv nodig hebt. Hoewel eARC officieel onderdeel is van de 2.1-specificaties, hebben veel fabrikanten deze functie ook toegevoegd aan televisies die verder gewoon op HDMI 2.0 draaien. Als je doel puur het doorsturen van Dolby Atmos-geluid is, is een volledige HDMI 2.1-poort dus geen harde eis, zolang eARC maar specifiek wordt vermeld.

Je kijkt puur films en series. Als je geen gamer bent, is er geen enkel scenario waarin HDMI 2.1 je kijkervaring verbetert. Het sluit een heleboel uitstekende oudere of goedkopere modellen uit die misschien wel een veel mooier OLED- of QLED-paneel hebben, maar niet de nieuwste aansluitingen. Beeldkwaliteit (zwartwaarden, kleur) wint het voor de filmkijker altijd van bandbreedte.

©DC Studio

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om de juiste keuze te maken, moet je kritisch kijken naar wat er in je tv-meubel staat of komt te staan. De vuistregel is eenvoudig: ben jij iemand die elke frame telt in een online shooter en heb je de hardware om dat te genereren? Dan moet HDMI 2.1 bovenaan je wensenlijst staan; zonder die poort knijp je de prestaties van je dure console af en mis je de soepelheid waarvoor je betaald hebt.

Ben je daarentegen een filmliefhebber die geniet van de hoogste beeldkwaliteit in HDR, of kijk je vooral sport? Richt je dan op het contrast, de helderheid en de kleurweergave van het paneel. Een kwalitatief hoogwaardig paneel met een 'oudere' aansluiting geeft een indrukwekkender plaatje bij films dan een middelmatige tv die toevallig wél een 2.1-aansluiting heeft. Laat je niet gek maken door het idee van toekomstbestendigheid als de beloofde toekomst niet aansluit bij jouw kijkgedrag.

Dus...

HDMI 2.1 is essentieel voor gamers met een PS5, Xbox Series X of krachtige pc die willen spelen in 4K bij 120 Hz. Voor filmkijkers, serie-bingers en tv-kijkers biedt de standaard geen zichtbare beeldverbetering ten opzichte van HDMI 2.0. De extra bandbreedte is puur bedoeld voor zeer hoge framerates die videocontent niet gebruikt. Kies alleen voor HDMI 2.1 als je hardware hebt die deze snelheid daadwerkelijk kan benutten. In alle andere gevallen is de kwaliteit van het beeldscherm zelf veel belangrijker dan het type aansluiting.

▼ Volgende artikel
Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?
© Wildlight Entertainment
Huis

Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?

Op 26 januari kan de wereld aan de slag met Highguard. Het lijkt erop dat iedereen weet wat Highguard is, terwijl tegelijkertijd ook niemand precies weet wát Highguard nou precies is. In dit artikel zetten we dus uiteen wanneer je de game kunt spelen, en waarom deze titel van Wildlight Entertainment zoveel aandacht krijgt.

Releasedatrum van Highguard

Highguard is vanaf vandaag, 26 januari, rond 19:00 uur Nederlandse tijd beschikbaar op pc, PlayStation 5 en Xbox Series X en S. De exacte releasetijd is nog niet bekend, maar vermoedelijk zal de game rond die tijd op alle platforms beschikbaar worden.

Daarbij is het spel free-to-play, dus je hoeft niets te betalen om Highguard te spelen. Daarbij ondersteunt de game crossplay en cross-save, dus je kunt de game samen met vrienden op andere platforms spelen en je progressie op andere platforms meenemen. Het spel is niet te preloaden, maar vereist op pc in ieder geval 25 GB aan beschikbare opslagruimte.

Met de lancering van het spel zendt ontwikkelaar Wildlight Entertaiment om 19:00 uur Nederlandse tijd ook direct een zogenaamde Launch Showcase uit op YouTube - ook hieronder te bekijken. De studio belooft in deze showcase een ‘deepdive in de gameplay’ van Highguard te tonen, de contentplannen voor het eerste jaar uit de doeken te doen en nog ‘veel meer’. 

Watch on YouTube

Wat is Highguard?

Aan team-based PvP heroshooters als Overwatch is geen gebrek, maar Highguard lijkt zich bij die groep te scharen. Het spel wordt ontwikkeld door Wildlight Entertainment, dat weer bestaat uit oud-ontwikkelaars van onder andere Titanfall en Apex Legends. Mensen die dus meer dan prima shooters in elkaar hebben gedraaid, waardoor de interesse toch ietwat gewekt wordt. 

Ieder team in de game bestaat uit drie zogenaamde Wardens, waarvoor verschillende personages gekozen kunnen worden. In de trailer zien we bijvoorbeeld een ridderachtige personage, die met een speciale vaardigheid elektrische stokken rond kan gooien. Ook is er een groot ijsmonster dat schijnbaar muren kan laten verschijnen, een soort cowboy met beestachtige klauwen en een personage dat met messen kan gooien. Ook heeft ieder personage schijnbaar toegang tot geweren om het vijandelijke team mee te bevechten.

Het doel van een potje is namelijk het vinden van de ‘Shieldbreaker’, een soort groot zwaard waarmee je de basis van de tegenstanders open kan breken en uiteindelijk overnemen. Wanneer dit lukt is het potje gewonnen. In de context van de game krijgt jouw team op die manier de controle over het continent. 

©Wildlight Entertainment

Waarom is er zoveel om Highguard te doen?

Wildlight positioneert de game in hun marketing als een “nieuw soort shooter”, maar veel spelers zijn op basis van de trailer nog niet overtuigd. Highguard doet qua opzet van de potjes wel een paar dingen anders dan hero-shooters als Overwatch en Marvel Rivals, maar zoals Concord in 2024 liet zien is de huidige markt voor dit subgenre binnen shooters redelijk verzadigd. Velen zijn simpelweg nog niet overtuigd dat Highguard daadwerkelijk iets vernieuwends met zich mee weet te brengen.

Dit valt ook te verwijten aan een opvallend gebrek aan marketing van de game. Zo’n anderhalve maand voor release hoorden we voor het eerst van Highguard, toen de trailer werd getoond als afsluiter van The Game Awards. Normaliter is de laatste aankondiging van die show een van de hoogtepunten, maar Highguard wist mensen niet te enthousiasmeren. 

De gesprekken rondom Highguard werden echter nog vreemder, toen opviel dat Wildlight geruime tijd niets meer plaatste op sociale media over de game. Na de initiële aankondiging van de game werd er wekenlang niets meer geplaatst op het X-account van Highguard, tot drie dagen voor launch - toen het bedrijf een countdown startte. Ook dit maakte het lastig om enthousiast te worden voor Highguard. 

©Wildlight Entertainment

In de afgelopen dagen doken er berichten en geruchten op die stelden dat Geoff Keighley - de presentator en oprichter van The Game Awards - Highguard specifiek had uitgekozen als afsluiter van The Game Awards, omdat hij hier wel iets in zag. Op 25 januari plaatste Keighley een gif op X, waarin John Hammond uit Jurassic Park zegt: “Over 48 uur accepteer ik jullie verontschuldigingen”. 

Natuurlijk gunnen we iedere game waar tijd en passie in heeft gezeten het beste, maar het is ook niet te ontkennen dat het verhaal rondom Highguard op zijn minst frappant te noemen is. Nou ja, vanaf 19:00 uur kunnen we het spel zelf onder handen nemen. Verwacht daarom binnenkort impressies op onze socials en ID.nl.