ID.nl logo
Maak je eigen AirPlay-speakers met de Raspberry Pi 2
© Reshift Digital
Zekerheid & gemak

Maak je eigen AirPlay-speakers met de Raspberry Pi 2

Voor speakers waarop je muziek streamt via Apples AirPlay-muziekprotocol moet je diep in de buidel tasten. Voor een fractie van die prijs configureren we een Raspberry Pi 2 zodat hij AirPlay ontvangt en hangen we er losse speakers aan. In dit artikel leggen we je uit hoe je dit voor elkaar krijgt.

Stap 1 - Raspbian installeren

We gaan ervan uit dat je het besturingssysteem Raspbian op de Raspberry Pi 2 hebt geïnstalleerd (zie ook dit artikel). Heb je NOOBS gebruikt om een ander besturingssysteem op je Pi te zetten, zoals OpenELEC, dan is dat eenvoudig terug te draaien. Steek de voeding van je Raspberry Pi 2 in een stopcontact en houd onmiddellijk de Shift-toets ingedrukt om het installatieprogramma opnieuw te openen.

Stap 2 - Benodigdheden installeren

Vervolgens updaten we de pakketinformatie van Raspbian met het commando sudo apt-get update, zodat we de nieuwste versies van alle software kunnen downloaden. Daarna upgraden we alle software op de Pi met het commando sudo apt-get upgrade naar de nieuwste beschikbare versies. En we installeren een boel pakketten die we nodig hebben om hierna de AirPlay-software te kunnen installeren: sudo apt-get install autoconf libtool libdaemon-dev libasound2-dev libpopt-dev avahi-daemon libavahi-client-dev libssl-dev.

©PXimport

Installeer met commando's de juiste benodigdheden.

Stap 3 - Shairport Sync installeren

Om audio naar onze Pi te streamen via het AirPlay-protocol gebruiken we de software Shairport Sync. Download de broncode met de opdracht git clone https://github.com/mikebrady/shairport-sync.git, navigeer naar de gedownloade directory met cd shairport-sync, voer de opdracht autoreconf -i -f uit en compileer de broncode met ./configure --with-alsa --with-avahi --with-ssl=openssl && make. Tot slot installeren we de software met sudo make install.

Stap 4 - Shairport Sync starten

Start nu Shairport Sync met de opdracht shairport-sync -a RaspberryPlay -- -d hw:0 -t hardware -c PCM. Vervang RaspberryPlay door een naam naar keuze en zet die tussen aanhalingstekens als er een spatie in voorkomt. Dat is de naam waaronder je Pi zichtbaar is bij AirPlay-compatibele apparaten. Als je op je iPad of iPhone het AirPlay-menu opent, zie je de Raspberry Pi tussen de beschikbare apparaten staan om audio naar te streamen. In iTunes kun je de Pi kiezen als je op het icoontje naast de volumeregelaar klikt. En OS X laat zelfs toe om je Pi als standaard audio-uitvoerapparaat te gebruiken via de menu's Systeemvoorkeuren / Geluid / Uitvoer.

©PXimport

In OSX kun je je Pi als standaard audio-uitgang gebruiken.

Stap 5 - Testen en tweaken

Sluit speakers aan op je Pi en test het streamen eens. Als je daarvoor de jackaansluiting van de Pi gebruikt, zul je wel merken dat er vrij veel ruis op zit. Daarom dat we verder in deze workshop een externe usb-geluidskaart gebruiken. Maar voor de test volstaat de jackaansluiting. Het audiovolume staat overigens standaard vrij laag in Raspbian. Sluit Shairport Sync af met Ctrl+C. Met de opdracht alsamixer open je een volumeregelaar. Met de pijltjestoetsen omhoog en omlaag pas je het volume aan. Ga niet boven de 80%, want dan wordt het geluid sterk vervormd. Met een druk op Esc sla je de instelling op.

Stap 6 - Automatisch opstarten

Nu moeten we er nog voor zorgen dat Shairport Sync automatisch opstart wanneer de Pi opstart. Daarvoor passen we het opstartscript aan. Open het met het commando sudo nano /etc/init.d/sharepoint-sync en ga naar regel 66, die begint met start-stop-daemon --start en eindigt met -d || return 2. Voeg achter de -d de volgende opties toe: -a RaspberryPlay -- -d hw:0 -t hardware -c PCM. Sla het bestand op met Ctrl+O en sluit het af met Ctrl+X. Herstart nu je Pi en probeer nog eens muziek te streamen naar je Pi.

©PXimport

Shaiport Sync automatisch opstarten als je Pi start.

Betere audio

De ingebouwde geluidsuitvoer van de Raspberry Pi is niet van al te goede kwaliteit. Gelukkig bestaan er heel wat oplossingen om daar iets aan te doen. Het eenvoudigste is een usb-geluidskaart. Het voordeel daarvan is ook dat je het in andere projecten kunt hergebruiken. Zelfs een goedkope usb-geluidskaart geeft al een merkbaar betere geluidskwaliteit. Daarnaast bestaat er ook audiohardware die speciaal voor de Raspberry Pi is ontworpen, zoals de HiFiBerry: de DAC+-versie heeft een analoge uitvoer en de Digi+-versie een elektrische en optische SPDIF-uitvoer.

Stap 7 - USB-geluidskaart

Aangezien de jackaansluiting van de Raspberry Pi geen denderende geluidskwaliteit geeft, steken we een usb-geluidskaart in onze Pi. We kozen voor de LogiLink TODO, die standaard door Raspbian is ondersteund. Kijk op de wiki van elinux.org (zie ook dit artikel) voor een uitgebreide lijst van ondersteunde geluidskaarten. Controleer met de opdracht aplay -l of je geluidskaart wordt herkend. Naast je card 0 (de interne audiohardware van de Pi) krijg je een card 1 te zien waarbij USB Audio staat.

©PXimport

Een USB-geluidskaart geeft betere geluidskwaliteit.

Stap 8 - USB-geluidskaart eerst

De Pi geeft voorrang aan zijn eigen audiohardware. We gaan nu instellen dat Raspbian de voorkeur geeft aan de usb-geluidskaart, niet alleen voor Shairport Sync, maar voor alle programma's die audio gebruiken. Open het configuratiebestand van ALSA (TODO) met de opdracht sudo nano /etc/modprobe.d/alsa-base.conf. Vind de regel met options snd-usb-audio index=-2 en vervang die door options snd-usb-audio nrpacks=1. Sla het bestand op met Ctrl+O en sluit nano af met Ctrl+X.

Stap 9 - Alias

Voor de volgende stap moeten we de alias van de usb-geluidskaart te weten komen. Voer de opdracht aplay -L uit. Bij ons zien we in de uitvoer onder andere front:CARD=Set,DEV=0. De alias is dan front:Set. Maak dan een configuratiebestand voor asound aan met het commando sudo nano /etc/asound.conf en plaats daarin achtereenvolgens de regels (waarbij je in de laatste regel in plaats van front:Set uiteraard de juiste alias in jouw situatie gebruikt):

pcm.mmap0 {

type mmap_emul;

slave {

pcm "hw:0,0";

}

}

pcm.!default front:Set

©PXimport

Maak een configuratiebestand aan voor de alias van jouw USB-geluidskaart.

Stap 10 - Volumemixer

Nu moeten we nog nakijken hoe de volumemixer van de usb-geluidskaart heet. Bij de interne audio van de Pi is dat PCM. Open nog eens alsamixer om het geluidsvolume aan te passen en kijk welke naam er onder het volumebalkje en achter Item: staat. Bij onze LogiLink TODO is dat Headphone. Open terug het opstartscript van Shairport Sync met het commando sudo nano /etc/init.d/shairport-sync en ga naar regel 66. Vervang daar -c PCM door -c Headpone of de overeenkomstige naam in jouw situatie. Reboot daarna je Pi en sluit je speakers op de audio-uitvoer van de geluidskaart aan. Stream opnieuw de audio van je Apple-apparaat naar je Pi en geniet van de betere geluidskwaliteit.

Stap 11 - Volume-instellingen opslaan

Tot nu toe moesten we na elke reboot opnieuw het volume veranderen in alsamixer omdat de standaardinstelling van het volume heel laag staat. Gelukkig kunnen we dat zelf ook definitief instellen. Start alsamixer en stel het volume in. Met de pijltjestoetsen naar links en rechts kun je van audio-uitvoer veranderen en met F6 kies je andere audioapparaten. Als je alles hebt ingesteld, druk je op Esc om je instellingen op te slaan en voer je daarna de opdracht sudo alsactl store 0 uit om je instellingen definitief op te slaan. Na een reboot blijft je volume nu zo hoog staan als je hebt ingesteld.

©PXimport

Zo sla je volume-instellingen op, wel zo handig.

Stap 12 - Meer opties

Shairport Sync ondersteunt nog heel wat opties. Bekijk de webpagina op GitHub voor meer informatie. Een interessante eigenschap van Shairport Sync is dat het altijd gesynchroniseerd blijft met de bron van de audio en dus ook met andere apparaten waarnaar dezelfde audio gestreamd wordt. Dat betekent dat multiroom-audio eenvoudig mogelijk is: plaats gewoon in elke kamer een Pi die Shairport Sync draait.

Speakers

Aan je speakers kun je zoveel of zo weinig geld uitgeven als je wilt. Voor een kleine ruimte of incidenteel gebruik volstaan zeker draagbare speakers die je al voor een tientje vindt. Ook een bluetooth-speaker is mogelijk, maar dat vereist wat extra configuratie en biedt doorgaans geen hoge audiokwaliteit. Voor enkele tientjes heb je al goede pc-speakers. Voor grotere ruimtes heb je uiteraard wat meer vermogen nodig en kijk je beter naar hifi-speakers.

▼ Volgende artikel
Super Mario-medley wint een Grammy
Huis

Super Mario-medley wint een Grammy

Een medley gebaseerd op soundtracks uit Super Mario-games van het Jazzorkest 8-Bit Big Band heeft afgelopen zondagnacht een Grammy gewonnen.

De medley ‘Super Mario Praise Break’ won een Grammy Award voor beste arrangement (instrumentaal of a capella). In de medley zijn nummers als Gusty Garden Galaxy uit Super Mario Galaxy en Bomb-Omb Battlefield uit Super Mario 64 te horen.

De 9-Bit Big Band is afkomstig uit New York en heeft al eens eerder een Grammy gewonnen voor gamemuziek. In 2022 won het orkest een Grammy voor het nummer Meta’s Knight’s Revenge uit de SNES-game Kirby Superstar.

View post on X

De Grammy Awards

De Grammy Awards worden al sinds 1959 georganiseerd en worden gezien als een van de belangrijkste prijzen voor muziek ter wereld. Ze worden vaak vergeleken met de Oscars, die worden uitgereikt aan films. Dit jaar won Bad Bunny de prijs van album van het jaar, en ging Billie Eilish er vandoor met een Grammy voor nummer van het jaar. Overigens won Austin Wintory een Grammy in de categorie beste gamesoundtrack voor de soundtrack van Sword of the Sea.

De Super Mario-reeks van Nintendo valt op diverse spelcomputers van het bedrijf te spelen, waaronder de Nintendo Switch 2 en Nintendo Switch. Onder de meest recente grote hoofddelen vallen Super Mario Wonder en Super Mario Odyssey.

Nieuw op ID: het complete plaatje

Misschien valt het je op dat er vanaf nu ook berichten over games, films en series op onze site verschijnen. Dat is een bewuste stap. Wij geloven dat technologie niet stopt bij hardware; het gaat uiteindelijk om wat je ermee beleeft. Daarom combineren we onze expertise in tech nu met het laatste nieuws over entertainment. Dat doen we met de gezichten die mensen kennen van Power Unlimited, dé experts op het gebied van gaming en streaming. Zo helpen we je niet alleen aan de beste tv, smartphone of laptop, maar vertellen we je ook direct wat je erop moet kijken of spelen. Je vindt hier dus voortaan de ideale mix van hardware én content.

▼ Volgende artikel
Column: De PlayStation 6 mag nog jaren op zich laten wachten
Huis

Column: De PlayStation 6 mag nog jaren op zich laten wachten

De PlayStation 6 zou wel eens pas ergens na 2028 uit kunnen komen, zo claimde een analist onlangs. Dat betekent dat we minstens acht jaar met de PlayStation 5 opgescheept zitten. Maar niet getreurd: dat is juist goed nieuws voor de gemiddelde gameliefhebber.

Dat de PlayStation 6 in ontwikkeling is bij Sony, mag voor zich spreken. Nadat een nieuwe spelcomputer is uitgekomen, beginnen consolebedrijven vaak al snel met de research voor diens opvolger. Onderzoek naar de juiste specificaties en features van consoles beslaat vaak meerdere jaren, om nog maar te zwijgen over het maken van afspraken met bedrijven die de componenten daadwerkelijk leveren, en natuurlijk het produceren ervan.

Het is dan ook waarschijnlijk dat de specificaties van de PlayStation 6 al geruime tijd vastliggen, en dat Sony intern ook een schatting heeft gemaakt voor een releaseperiode voor de langverwachte console. Misschien was het bedrijf er zelfs van overtuigd dat het de console volgend jaar uit zou kunnen brengen.

Watch on YouTube

Verlengde levenscyclus

Onlangs meldde MST Financial-analist David Gibson dat Sony nu echter overweegt om de PS6 pas ergens na 2028 te leveren. “Sony verwacht dat de levenscyclus van de PlayStation 5 wordt verlengd, en dat de PlayStation 6-release langer op zich laat wachten dan de meesten voorspellen.” Dat zou betekenen dat de PS6 misschien pas ergens in 2029 of zelfs later in de winkels ligt.

De eerdere voorspellingen van ingewijden mikten voorheen vooral op eind 2027 of in de loop van 2028, op basis van wanneer de productie oorspronkelijk zou beginnen. De PlayStation 5 kwam in het najaar van 2020 uit, dus dat zou de console al een levenscyclus van ruim zeven jaar geven voordat de opvolger op de markt komt. Dat is in principe een zeer ruime levensloop voor een spelcomputer, en een release in 2027 of 2028 zou dan ook volkomen logisch zijn.

©PXimport

Stijgende RAM-prijzen

Maar de wereld houdt geen rekening met consolereleases, en gezien de huidige ontwikkelingen is de komst van een PlayStation 6 in 2027 of 2028 helemaal niet zo logisch meer. Dat heeft voor een groot deel te maken met de prijzen van RAM (Random Access Memory), die steeds hoger oplopen. RAM is namelijk in grote getale nodig om de alsmaar populairder wordende AI-assistenten als ChatGPT en Gemini draaiende te houden.

Als gevolg daarvan wordt RAM steeds schaarser en dus duurder, en laten spelcomputers nu ook net RAM nodig hebben. In deze periode een nieuwe spelcomputer uitbrengen zou dan ook betekenen dat de prijs van de console mogelijk erg hoog komt te liggen, wat de verkoop niet bepaalt stimuleert. Een dergelijke ‘valse’ start van de levenscyclus van een spelcomputer is iets dat veel bedrijven willen vermijden.

Ook de importheffingen die de Amerikaanse president Donald Trump op producten die buiten de Verenigde Staten worden gemaakt doorvoert, zorgen voor veel onzekerheid. Eerder moesten de prijzen van diverse spelcomputers, waaronder de PlayStation 5, al stijgen om dit op te vangen. Trump is – unieke politieke ontwikkelingen buiten beschouwing gelaten – de komende jaren nog aan de macht, dus ook dat maakt het uitbrengen van een nieuwe console bepaald geen veilige onderneming. De komende jaren een console lanceren is kortom dus een gigantisch risico, dat Sony volgensgeruchten zo klein mogelijk wil houden.

Trage consolegeneratie

Sony hoopt wellicht dat de economie eind dit decennium kalmeert. Dat zou echter wel betekenen dat we nog meerdere jaren op de komst van de PlayStation 6 moeten wachten. Wat mij betreft is dat niet iets om over te treuren, maar juist goed nieuws. Het geeft ontwikkelaars namelijk de kans om echt alles uit de PlayStation 5 te halen. Een kans die ze hopelijk met beide handen aangrijpen.

Hoewel de PS5 in november van 2020 uitkwam – ruim vijf jaar geleden – heb ik nog altijd het gevoel dat deze consolegeneratie nog maar net is begonnen. De generatie kwam sowieso vrij traag op gang, omdat deze middenin de coronapandemie viel. Dat was ook voor spelontwikkelaars een ingewikkelde tijd waarin halsoverkop naar thuiswerkmogelijkheden gekeken moest worden, waardoor veel games die in ontwikkeling waren vertraging op liepen.

Sony’s eigen game-line-up is de afgelopen vijf jaar ook wat karig geweest. Dat heeft deels te maken met een focus op liveservicegames, waarbij diverse projecten die bij Sony’s meest prominente studio’s in ontwikkeling waren uiteindelijk werden geannuleerd. Denk bijvoorbeeld aan de The Last of Us-multiplayergame die na jaren productie in de prullenbak werd gegooid.

Daarbij is de ‘cross-generation’-periode van deze generatie uitzonderlijk lang. Nog altijd komen diverse games niet alleen op PlayStation 5, maar ook op PlayStation 4 uit. Nu is dat iets wat in de toekomst alleen maar vaker voor zal komen – de grenzen tussen consolegeneraties vervagen en daarmee is het ook makkelijker om de prestaties van games terug of juist op te schalen.

Toch zorgt het er ook voor dat er onder gamers een gevoel groeit dat nog lang niet het uiterste uit de PS5 is gehaald. Er is méér met dat apparaat mogelijk, vooral met de bestaande PS5 Pro in het achterhoofd. Een verlengde levenscyclus voor de console geeft ontwikkelaars de kans om een aantal schitterende spellen af te leveren in de laatste jaren van de spelcomputer – de ontwikkeltijd van games wordt immers ook steeds langer. Met toppers als Grand Theft Auto 6, The Witcher 4 en Intergalactic: The Heretic Prophet nog in het verschiet, is er meer dan genoeg potentie om het de komende jaren uit te zingen met de PS5.

Niet zonder risico’s

Natuurlijk brengt het uitstellen van een consolelancering ook risico’s met zich mee, zowel voor Sony als voor de consument. Het is namelijk helemaal niet zeker dat de wereldeconomie er eind dit decennium beter voor staat. Daarnaast zet het Sony voor een moeilijke keuze: gooit het jaren aan research voor de PS6 weg om de console eind dit decennium met moderne specificaties uit te kunnen brengen, of behoudt het simpelweg de huidige specs zodat deze op release mogelijk al deels zijn verouderd?

De eventuele keuze om de PlayStation 6 uit te stellen zal dan ook niet over één nacht ijs gaan. Het is aan de goedbetaalde mensen in topposities binnen het bedrijf om die knoop door te hakken. Maar puur vanuit mijn eigen, egoïstische liefde voor games gezien, heb ik er totaal geen moeite mee om nog een jaar of drie, vier op de PlayStation 5 te spelen. Laat maar eens zien wat die console nog kan, en blaas ons in 2029 of 2030 weg met een nieuwe consolegeneratie die écht een flinke technologische stap zet!