ID.nl logo
Kan een corona-app ons uit de crisis helpen?
© Reshift Digital
Huis

Kan een corona-app ons uit de crisis helpen?

Een app die je waarschuwt als je in de buurt van een met het coronavirus besmette persoon geweest bent. Dat zou de oplossing zijn om uit de coronacrisis te raken. Maar werkt dat wel? En kunnen we zo’n corona-app vertrouwen?

Contact tracing is essentieel om de verspreiding van het coronavirus in te dammen. Van iemand die positief test, zou men moeten vragen met welke personen die de dagen ervoor contact heeft gehad, om hen te waarschuwen dat ze ook besmet zouden kunnen zijn. Maar het coronavirus verspreidt zich momenteel zo snel, dat dit niet meer op de klassieke manier met interviews kan. Volgens wetenschappers hebben we dus een app voor proximity tracing nodig, die automatisch bijhoudt of je bij geïnfecteerde mensen in de buurt was.

De Europese Commissie publiceerde op 8 april aanbevelingen rond het gebruik van mobiele apps en locatiegegevens voor de strijd tegen corona. Daarin ijvert de Commissie voor een aanpak op Europees niveau om de wildgroei aan apps die nu aan het ontstaan is in te dijken. Bovendien moet zo’n app volgens de Commissie data alleen verwerken waar het adequaat en relevant is en beperkt tot wat nodig is, op een gedecentraliseerde manier.

Een van die projecten die op een gedecentraliseerde manier werken is DP-3T, een samenwerking tussen 25 academici van zeven Europese onderzoeksinstellingen. DP-3T lijkt, zeker na de aanbevelingen van de Europese Commissie, de meest veelbelovende oplossing. Het project zou heel binnenkort met broncode van een referentie-implementatie komen, en momenteel kun je op de GitHub-issues al gedetailleerde technische discussies volgen.

Hoe werkt zo’n app?

De app van DP-3T werkt ruwweg als volgt. Via Bluetooth stuurt je smartphone continu een code uit, die regelmatig verandert. Ook anderen met dezelfde app sturen continu zo’n code uit. Je app houdt de codes bij van personen die bij je in de buurt zijn geweest de laatste 14 dagen.

Als je nu ziek bent, ga je naar de dokter voor een test. Als je positief test voor het coronavirus, scan je bij de dokter een qr-code met je app. De codes die jouw app de laatste 14 dagen uitgestuurd heeft, worden naar een centrale server gestuurd. De app van iemand anders controleert deze lijst met ‘geïnfecteerde’ codes regelmatig. Als meerdere van deze codes voorkomen in de lijst met codes die de app van deze persoon in de laatste 14 dagen gezien heeft, krijgt die een waarschuwing dat hij zelf mogelijk besmet is.

Omdat de codes zo vaak veranderen, en opgeslagen blijven op je eigen smartphone, blijft je privacy beschermd. De onderzoekers hebben een ingenieus algoritme ontwikkeld waardoor er zo weinig mogelijk data over je gedeeld wordt met de centrale server. In ieder geval blijft je locatie geheim: er wordt op geen enkele manier van geolokalisatie gebruikgemaakt.

©PXimport

Werkt zo’n app technisch?

De vraag is of een app betrouwbaar de nabijheid bij besmette personen kan bepalen. Zo varieert de signaalsterkte van Bluetooth afhankelijk van de chipset, batterij en het ontwerp van de antenne tot een factor 1000, blijkt uit de whitepaper van BlueTrace . Uit de signaalsterkte een afstand afleiden, is dan ook niet zo vanzelfsprekend. De afstandsberekening van de app zou eigenlijk gekalibreerd moeten worden op elk model smartphone.

Bovendien kan de app nooit de context weten. Als je in je appartement tv zit te kijken en aan de andere kant zit je buur die besmet is, zou de app jou als mogelijk besmet beschouwen. Je bent immers misschien een half uur lang op anderhalve meter van je buur geweest. Die muur ertussen ziet je app niet, ook al verzwakt die het signaal licht. Hetzelfde als je naar een bankkantoor gaat: de bankbediende aan het loket zit achter glas, maar dat ziet je app niet. Volgens een whitepaper van de American Civil Liberties Union werkt dit soort apps in de praktijk dan ook niet. Volgens de Singaporese overheid is het daarom belangrijk om altijd een mens de relevantie van de contacten die de app opleverde te laten evalueren.

Werkt zo’n app maatschappelijk?

Zelfs al lukt het om een app te ontwikkelen die op een betrouwbare manier erop wijst dat je in de buurt van een besmette persoon bent geweest, dan is dat nog geen succes. Volgens onderzoekers moet minstens 60 procent van de inwoners een app voor proximity tracing gebruiken om een effectief wapen tegen COVID-19 te zijn. Ter vergelijking: minder dan een vierde van de Singaporezen heeft TraceTogether geïnstalleerd, de app die de overheid daar heeft ingevoerd.

Het is dus duidelijk dat de overheid het vertrouwen van de burgers moet winnen bij het invoeren van zo’n app, of ze is gedoemd om te mislukken, hoe technisch goed ze ook in elkaar steekt. Een eerste kans om het vertrouwen van de burgers te verkrijgen heeft minister Hugo de Jonge al verkeken. Hij bleef immers tijdens de presentatie van de app vaag over de werking en suggereerde tegelijk al dat de app wel eens verplicht zou kunnen worden, iets wat overigens wettelijk nog niet kan en praktisch gemakkelijk te omzeilen. Zijn aanpak was uiteraard voldoende om mensen nog wantrouwiger te maken. Onmiddellijk publiceerde een brede coalitie van Nederlandse deskundigen een manifest met voorwaarden voor een corona-app .

Volledige transparantie

De overheid verwacht nu van de burgers dat die transparant zijn over met wie ze in contact komen. Dan mogen die burgers wel verwachten dat de overheid even transparant is. Want hoe weet je zeker of de overheid geen misbruik maakt van die informatie? Hoe kun je de overheid vertrouwen? Dat kun je alleen als de overheid volledige transparantie biedt.

In sommige landen wil men die transparantie bieden door te beloven dat de app opensource wordt. Dat is zo het geval met TraceTogether in Singapore, waarvan de broncode en het BlueTrace-protocol zopas gepubliceerd is, maar pas nadat ze al weken in gebruik was.

Volledige transparantie bereik je maar met een opensource ontwikkelingsmodel vanaf het begin, zodat burgers de ontwikkeling kunnen volgen en bijsturen, zelf commentaar kunnen leveren en zo kunnen bijdragen aan de app. Bovendien moet je als gebruiker ook kunnen verifiëren of de app die de overheid ter download aanbiedt wel degene is waarvan je de broncode bekijkt. Dat kan met reproduceerbare builds. Dat laatste is ook een van de vereisten van de Chaos Computer Club.

▼ Volgende artikel
Logitechs Superstrike-gamingmuis is inderdaad sneller dan de rest
Huis

Logitechs Superstrike-gamingmuis is inderdaad sneller dan de rest

Fabrikanten claimen graag een revolutionaire techniek te hebben uitgevonden, al helemaal als het gameaccessoires betreft. Vaak zijn de verbeteringen minimaal, maar met de Pro X2 Superstrike heeft Logitech daadwerkelijk een technologische doorbraak gemaakt – die in de handen van professionele spelers absoluut verschil kan maken.

Fantastisch
Conclusie

De Logitech Pro X2 Superstrike is oprecht een indrukwekkend stukje techniek die in de juiste handen daadwerkelijk betere gameprestaties oplevert. Voor de gemiddelde speler is het echter vooral een hele luxe muis.

Plus- en minpunten
  • Revolutionaire kliktechniek voelt daadwerkelijk snel
  • Software biedt veel opties en visualisatie
  • Snelste sensor op de markt
  • Scrolwiel is opvallend ‘gemiddeld’
Column AColumn B
Afmetingen125 × 63,5 × 40 mm
Gewicht61 gram
Aantal knoppen5
Ingebouwd geheugenJa (voor geavanceerde functies is Logitech G HUB-software vereist; te downloaden via logitechg.com/ghub)
SensorHero 2
Resolutie (tracking)100–44.000 DPI
Maximale versnelling88 G
Maximale snelheid888 IPS
Maximale bekabelde rapportagesnelheid1000 Hz (1 ms)
Maximale LIGHTSPEED-rapportagesnelheid8000 Hz (0,125 ms)
TrackingGeen vertraging, versnelling of filtering
BatterijduurTot 90 uur
VereistenOptionele internettoegang voor Logitech G HUB-software
CompatibiliteitWindows of macOS met een beschikbare USB 2.0-poort of hoger

Bij nieuwe gamemuizen richt men zich vaak op de vorm, het gewicht of de sensor. Want sneller is volgens bedrijven altijd beter. In de praktijk zijn sensorsnelheden de menselijke limieten allang overschreden, en betekenen statistieken over dots per inch (dpi) en polling rate (hoe vaak de muis per seconde gegevens naar een pc stuurt) in de praktijk weinig. De Superstrike richt zich echter op een onderontwikkeld gebied: de muisklik zelf.

Geen echte klik

Muisknoppen werken namelijk met schakelaars, mechanisch of optisch. Die eerste is de klassieke muisklik met bijkomend gevoel en geluid, die tweede op basis van een infraroodsensor die sneller en duurzamer moet zijn. In beide gevallen kent de schakelaar echter twee standen: aan of uit. De beweging daartussen wordt normaal gesproken dus niet geregistreerd.

Logitechs grote vernieuwing zit hem dan ook in het zogenaamde haptive indictive trigger system, dat in staat is om de afgelegde weg van uit naar aan, en weer terug vast te leggen dankzij een magnetisch inductiesysteem. Met andere woorden: omdat er geen fysiek contact is zoals bij een traditionele schakelaar, kan een ‘klik’ veel eerder worden vastgelegd en zijn spelers fysiek sneller – volgens Logitech tot zeker 30 milliseconden.

Daarvoor moet je wel even in de GHUB-software duiken, Logitechs programma voor game-accessoires. De instellingen voor de X2 Superstrike zijn daarbij verrassend simpel en goed gevisualiseerd. Je hebt de beschikking over tien registratiepunten en vijf resetpunten: allemaal van invloed op hoe snel respectievelijk een klik en een ‘uitklik’ worden geregistreerd. Hoe hoger je registratieniveau, hoe langer je vinger en knop moeten bewegen voordat een klik wordt geregistreerd.

Voor e-sporters en zeer fanatieke gamers is het omgekeerde natuurlijk relevant: hoe lager je niveau, hoe sneller je klikt. In de praktijk is dat verrassend merkbaar: zet de muis op z’n snelst, en je vinger een haartje bewegen levert al een klik op. Test je dit met een pure kliks-per-seconde-test, dan klik je met wat oefening inderdaad sneller ten opzichte van een traditionele muis.

Voor wie?

De vraag is echter voor wie die kliksnelheid relevant is, en hoe dat zich naar de praktijk vertaalt. In feite is de muisklik uiteraard slechts één factor in je reactietijd tijdens bijvoorbeeld Counter-Strike 2. Fysieke reactietijd, beeldschermvertraging, server-ping: er zijn voldoende andere factoren die bepalen hoe snel je in een game reageert. E-sporters zijn nu eenmaal al veel sneller dan de gemiddelde speler.

In de praktijk is de invloed van het nieuwe systeem daarom lastig aan te tonen. Ja, de muis voelt heel snel, zeker na wat oefening. Al gauw blijkt namelijk dat je vrij eenvoudig per ongeluk klikt – al helemaal als je hem ook buiten games gebruikt - en je die fijne beweging zeer gecontroleerd moet maken. Voor beginners is niveau 3 bijvoorbeeld prettig: het voelt nog steeds snel, maar je geeft niet je positie weg door per ongeluk je wapen te vuren.

Het gevoel van snelheid in combinatie met een rauwe kliksnelheid is voor sommigen misschien al de moeite waard, maar eerlijkheid gebiedt te zeggen dat je als gemiddelde speler geen wonderen mag verwachten. Logitech claimt dat ook reguliere gamers van de Superstrike profiteren, maar in de twee weken dat we de muis testten kunnen we dat nog niet met volledige zekerheid zeggen.

Muisstil

Een bijkomend voordeel is dat de Superstrike behoorlijk stil is – als je dat wilt. De vernuftige trilmotor die een echte muisklik nabootst is namelijk ook af te stellen, waardoor deze ook kan veranderen in een subtiele ‘tik’. Helemaal bijzonder is het uitschakelen van de trilfunctie, waarbij je geen feedback meer krijgt op je kliks en in de gemiddelde game feitelijk blind bent.

Verder heeft de Superstrike alles wat je van een professionele gamemuis mag verwachten: de ultrasnelle Hero 2-sensor met een polling rate van8000 Hz en een maximale snelheid van 888 inch per seconde. De behuizing zelf is met 61 gram niet de lichtste, maar verder zeer luxe afgewerkt met witte en zwarte kleuren, en twee zijknoppen. Qua vorm valt deze verder niet op: hij is rond en voor onze smaak zelfs tamelijk klein, maar blijkbaar precies goed voor de gemiddelde e-sporter.

Slide
Slide
Slide

Het enige wat we op mechanisch vlak nog aan te merken hebben op de muis is dat het scrolwiel grappig genoeg net wat minder ‘premium’ aanvoelt dan de rest van de Superstrike, al zullen de meesten daar in de praktijk weinig van merken.

Maar dat is wel een beetje het punt van de X2 Superstrike: het is daadwerkelijk een topmuis met een baanbrekende technologie, bedoeld voor een kleine groep gamers. In de gemiddelde hand voelt de Superstrike snel aan, maar degenen die hun brood verdienen met het spelen van videogames zullen de grootste voordelen ervan merken – precies waar pro-accessoires voor zijn bedoeld.

De Logitech Pro X2 Superstrike is nu beschikbaar.

▼ Volgende artikel
Nieuwe The Mummy-trailer legt nadruk op horror
Huis

Nieuwe The Mummy-trailer legt nadruk op horror

De eerste volledige trailer van de nieuwe versie van The Mummy is uitgebracht door Warner Bros.

Begin dit jaar verscheen er al een teaser trailer, maar nu valt hieronder dus de eerste volledige trailer van de aankomende bioscoopfilm te bekijken.

De nieuwe film staat volledig los van eerdere The Mummy-films en wordt geregisseerd door Evil Dead Rise-regisseur Lee Cronin. Cronin wil in plaats van de luchtige avonturensfeer uit de The Mummy-films van eind jaren negentig juist de focus op horror leggen.

In de film verdwijnt een jonge dochter van een journalist spoorloos in de woestijn. Acht jaar later keert ze opeens terug, maar ze is overduidelijk niet helemaal dezelfde persoon als voordat ze verdween.

The Mummy draait vanaf 16 april in de bioscoop. Overigens werden onlangs plannen aangekondigd om een nieuwe The Mummy-film met Brendan Fraaser en Rachel Weisz - die ook de hoofdrollen speelden in de film uit 1999 - te maken. Dat staat volledig los van deze film.

Watch on YouTube