ID.nl logo
Alles over de verschillende encryptie-soorten
© Reshift Digital
Huis

Alles over de verschillende encryptie-soorten

Wat is encryptie en hoe werkt het in grote lijnen? In dit artikel kijken we naar de verschillende encryptie-soorten die mogelijk zijn.Belangrijke basiskennis voor elke computergebruiker die zijn communicatie graag privé houdt.

Bij encryptie of versleuteling wordt een boodschap (de ‘plaintext’) op zo’n manier gecodeerd dat alleen iemand met de juiste sleutel de oorspronkelijke boodschap kan decoderen. De versleutelde versie van de boodschap wordt ook wel ‘ciphertext’ genoemd. Wie de ciphertext dus weer in de oorspronkelijke boodschap wil omzetten (dat proces heet ‘decryptie’), heeft de sleutel nodig. De sleutel is in principe een willekeurig getal. In de praktijk maken we gebruik van een wachtwoord en dus wordt het wachtwoord via een ‘key derivation function’ eerst omgezet naar een willekeurig getal dat dan als sleutel dient.

Er bestaan diverse manieren om die versleuteling uit te voeren. Zo’n manier heet een encryptie-algoritme of ‘cipher’. De Nederlandse taalkundige en cryptograaf Auguste Kerckhoffs stelde al in de 19de eeuw een belangrijk ontwerpprincipe op: een encryptie-algoritme moet zelfs veilig zijn als alle details van het systeem publiek bekend zijn, behalve de sleutel. Dit principe van Kerckhoffs is anno 2020 nog altijd even belangrijk voor de veiligheid van een encryptie-algoritme.

Als iemand je dus wil overtuigen om een propriëtair, topgeheim encryptiesysteem te gebruiken, loop er dan maar in een wijde boog omheen. De enige verantwoorde keuzes voor encryptiesystemen zijn algoritmes waarvan de specificatie openbaar is, waarvan de ontwikkeling in open commissies gebeurt en waarvan opensource implementaties bestaan.

Symetrische en asymetrische encryptie

De diverse encryptie-algoritmes zijn in twee groepen onder te verdelen: symmetrische en asymmetrische. Bij die eerste (‘symmetric-key encryption’) gebeuren de encryptie en decryptie met dezelfde sleutel. Een voorbeeld van zo’n algoritme is AES (Advanced Encryption Standard). Bijna alle programma’s die tegenwoordig symmetrische encryptie aanbieden, doen dat met AES. Zo ook BitLocker in Windows, FileVault in macOS en LUKS (Linux Unified Key Setup) in Linux.

Algoritmes voor symmetrische encryptie werken doorgaans snel. Maar dat encryptie en decryptie dezelfde sleutel vereisen, zorgt in heel wat situaties voor praktische problemen. Als je een versleutelde boodschap met iemand wilt uitwisselen, dienen de ontvanger en jij namelijk ook de gebruikte sleutel uit te wisselen. Dat doe je het liefst op een veilige manier, maar de vraag is hoe: met encryptie? Maar hoe zit het dan met de sleutel daarvoor?

Asymmetrische encryptie (met als bekendste algoritme RSA) pakt dit probleem aan door de sleutel voor encryptie en de sleutel voor decryptie los te koppelen. Bij deze vorm van encryptie heb je namelijk niet één sleutel meer voor encryptie én decryptie, maar een sleutelpaar. Twee afzonderlijke sleutels: één voor encryptie en één voor decryptie.

Hoe werkt dat in de praktijk? De encryptiesleutel publiceer je en iedereen mag die zien. Deze sleutel wordt dan ook de publieke sleutel genoemd. De decryptiesleutel houd je zelf bij en je zorgt dat alleen jijzelf deze sleutel kan inzien. Die heet daarom ook de geheime sleutel (‘private key’). Als iemand een boodschap met je publieke sleutel versleutelt, kan alleen jij met de bijbehorende geheime sleutel de boodschap decrypteren.

©PXimport

Digitale handtekening

Als je de twee sleutels omdraait, krijg je iets heel anders: een digitale handtekening. Je zendt dan een boodschap (onversleuteld) aan iemand anders en zendt ook diezelfde boodschap mee, versleuteld met je eigen geheime sleutel.

De ontvanger kan met jouw publieke sleutel, die immers gewoon bekend is, de versleutelde boodschap decrypteren. Als er niets met de boodschap gebeurd is, zou die ontsleutelde boodschap exact moeten overeenkomen met de boodschap die je samen met de digitale handtekening hebt verzonden.

Het resultaat? De digitale handtekening garandeert twee zaken: authenticatie van de zender en integriteit van de boodschap. Jij bent namelijk de enige met toegang tot je geheime sleutel. Als de ontvanger met je bijbehorende publieke sleutel je digitale handtekening kan ontsleutelen, weet die dan ook zeker dat jij die digitale handtekening hebt aangemaakt. En omdat de ontsleutelde digitale handtekening exact overeenkomt met de boodschap die je stuurde, weet hij ook zeker dat niemand die boodschap tussen de zender en ontvanger heeft veranderd.

Hashwaarde

In de praktijk wordt die digitale handtekening niet berekend op de boodschap zelf, want dan zou elke boodschap dubbel zo groot worden: de boodschap zelf en een versleutelde versie daarvan. Daarom wordt een hashwaarde van de boodschap berekend.

Een hashwaarde is een getal van een vaste lengte, dat afhangt van een boodschap van willekeurige lengte. Een eigenschap van een hashwaarde is dat als de boodschap verandert, de hashwaarde ervan ook verandert. Als je de hashwaarde van twee boodschappen vergelijkt en die identiek zijn, ben je zo goed als zeker dat ook die boodschappen zelf identiek zijn, zonder dat je de inhoud van die boodschappen hoeft te kennen.

Een digitale handtekening maak je in de praktijk dan ook door een hashwaarde van je boodschap te berekenen, die hashwaarde te versleutelen met je geheime sleutel en het resultaat (een kort getal) mee te sturen met je boodschap. De ontvanger hoeft je digitale handtekening maar te ontsleutelen met je publieke sleutel en de resulterende hashwaarde te vergelijken met de hashwaarde van je boodschap, die hij eenvoudig kan berekenen.

©PXimport

Encryptie en handtekening tegelijk

Dit alles kun je nu ook nog combineren: je versleutelt je boodschap met de publieke sleutel van de ontvanger, berekent een hashwaarde van de (onversleutelde) boodschap en versleutelt die met je eigen geheime sleutel. De versleutelde boodschap stuur je samen met de digitale handtekening naar de ontvanger. Die ontsleutelt de boodschap met zijn geheime sleutel en ontsleutelt de digitale handtekening met jouw publieke sleutel. Hij berekent de hashwaarde van je ontsleutelde boodschap en vergelijkt die met de ontsleutelde digitale handtekening.

Op die manier heb je een boodschap naar de ontvanger gestuurd die niemand anders kan lezen en de ontvanger weet zeker dat jij de boodschap gestuurd hebt en dat er onderweg niets aan de boodschap veranderd is. Dat is de kracht van asymmetrische encryptie!

▼ Volgende artikel
Olympische Winterspelen kijken: dit zijn de beste tv-instellingen
© Dmitri Maruta
Huis

Olympische Winterspelen kijken: dit zijn de beste tv-instellingen

Tijdens de Olympische Winterspelen wil je dat alles scherp blijft, ook als het beeld razendsnel beweegt. Toch staan veel tv's standaard zo ingesteld dat schaatsers nét wat vaag worden in de bocht, of dat sneeuw en ijs er onnatuurlijk uitzien. In dit artikel laat ID je zien welke instellingen je per merk kunt gebruiken om jouw scherm beter af te stemmen op de actie op het ijs.

In dit artikel

Je tv kan wintersporten veel rustiger en scherper laten ogen dan met de standaardinstellingen. Je leest welke beeldopties je het best als basis neemt, hoe je beweging vloeiend krijgt en hoe je helderheid en kleur zo afstemt dat ijs en sneeuw wit blijven mét detail. Ook zie je aan welke signalen je merkt dat een instelling te ver is opgeschroefd, en hoe je je beeld aanpast aan daglicht, 's avonds kijken en gebruik met een soundbar of spelcomputer.

Lees ook: Wat doet 120 Hz voor je televisie of monitor, en heb je het wel echt nodig?

De meeste televisies staan standaard ingesteld op extra felle kleuren en harde contrasten. Voor speelfilms, talkshows, tekenseries, natuurdocumentaires en games kan dat prima ogen, maar voor sport - en zeker voor winterse sporten - pakt dat minder goed uit.

De tips in dit artikel gelden in de basis voor alle sporten met snelle bewegingen en camerabewegingen, maar: wintersport laat alleen sneller zien wanneer een instelling te ver is doorgetrokken. IJs en sneeuw zijn grote, heldere vlakken. Als helderheid en contrast te hoog staan, verdwijnen details in dat wit eerder en vallen beeldfouten sneller op. Denk aan een lichte waas rond een schaatser of onrust bij een snelle pan over de baan.

Met een iets rustiger basisbeeld en een middenstand voor bewegingsverwerking blijft het beeld natuurlijk, terwijl het toch vloeiend blijft. Je merkt dat meteen: het ijs wordt al snel een egaal wit vlak en schaatsers lijken net wat minder scherp zodra het tempo omhoog gaat. Met een paar gerichte tweaks maak je het beeld rustiger en duidelijker, door de paneelhelderheid apart af te stellen van de kleurverzadiging en een passende motion-instelling te kiezen.

Beweging en verversing: dit gebeurt er op je tv

Wanneer een schaatser op topsnelheid door de bocht gaat, zie je meteen of je tv beweging goed verwerkt. Dat begint bij de verversingssnelheid van het paneel: veel schermen werken op 60 Hz of 120 Hz. Dat is het ritme waarmee jouw tv het beeld opbouwt. Maar het signaal dat binnenkomt, heeft vaak een ander tempo. In Europa volgt sport meestal een 50 Hz-cadans. Soms is dat 1080i/25, waarbij er 50 halve beelden per seconde binnenkomen die samen 25 volledige frames vormen. Steeds vaker zie je ook 50p, met 50 volledige frames per seconde.

Je tv moet dat binnenkomende ritme vervolgens passend maken op het ritme van het paneel. Dat gaat meestal vanzelf, maar de manier waarop je tv dit oplost bepaalt of je een rustige, scherpe wedstrijd ziet of juist onrust in beweging. Een belangrijk hulpmiddel daarbij is beeldinterpolatie: je tv berekent extra tussenbeelden om snelle actie vloeiender te laten lopen. Dat kan bij sport echt helpen, zolang je het met mate gebruikt. Zet je het te hoog, dan krijgt het beeld een té glad laagje en oogt het al snel nep. Zet je het te laag, dan zie je juist kleine schokjes: bij ijshockey lijkt de puck te 'stuiteren' en bij schaatsen mis je net die vloeiende glijbeweging over het ijs.

Zo stel je beweging goed af voor wintersporten

Het fijne aan handmatig bijstellen is dat je de regie terugpakt over scherpte tijdens beweging. In plaats van blind te varen op de standaard sportmodus, werkt het vaak beter om de motion-instellingen van jouw merk erbij te pakken. Bij een Sony-scherm kijk je naar Motionflow, bij LG zoek je naar TruMotion en bij een Samsung televisie navigeer je naar Auto Motion Plus of Picture Clarity. Door deze functies op een gemiddelde stand te zetten, zorg je ervoor dat de camera-panning over de witte ijsbaan vloeiend verloopt zonder dat er vreemde beeldfouten rondom de sporters ontstaan. Je ziet meteen dat details langs de baan en in het publiek beter leesbaar blijven, ook als de camera snel meedraait.

©ID.nl

De juiste balans tussen helderheid en kleurverzadiging

Een veelgemaakte fout bij sport kijken tijdens de Olympische Winterspelen is dat je alles tegelijk omhoog gooit voor een feller beeld. Wil je meer licht, pas dan vooral de achtergrondverlichting of paneelhelderheid aan. Laat kleurverzadiging met rust, of zet die zelfs een tikje lager. Zo voorkom je dat felle schaatspakken 'dichtlopen' en details kwijtraken. Het doel is simpel: sneeuw en ijs moeten helderwit blijven, maar wel met structuur, zodat je nog ziet waar het parcours loopt. Zet ook de kleurtemperatuur op een natuurlijke stand, zoals 'Warm 1'. Daarmee voorkom je dat het beeld een kille, blauwe gloed krijgt waar je ogen sneller moe van worden.

©ID.nl

Wanneer je instellingen moet bijsturen

Er zit een grens aan wat je tv in real time kan uitrekenen. Zie je rond een snelle skiër een waas, flikkering of rare randjes, dan staat de motion-instelling simpelweg te hoog voor wat het scherm netjes kan verwerken. Zet de vloeiendheid dan één stap terug en kijk opnieuw.

Schakel je na de wedstrijd over naar een spelcomputer, zet extra beeldverwerking dan liever uit. Anders voeg je vertraging toe tussen je controller en wat er op het scherm gebeurt. En bij napraatprogramma's in de studio kunnen deze bewegingsinstellingen ook tegen je werken: dan krijg je al snel dat 'soap'-effect, waarbij gezichten net iets te glad en onnatuurlijk lijken.

Pas je beeld aan op jouw woonkamer

De lichtinval in je kamer bepaalt hoe ver je de verlichting van je scherm moet opschroeven. Kijk je de Olympische Winterspelen overdag, dan mag de achtergrondverlichting bijna op de maximale stand staan om reflecties tegen te gaan. In de avonduren is het voor je ogen juist prettiger om dit weer terug te draaien. Controleer ook altijd of de audio-output van je soundbar nog in de pas loopt met het beeld, want zware bewegingsverwerking kan soms voor een beetje vertraging zorgen. Door tijdens een live wedstrijd kort te experimenteren met de 'custom' instellingen van je bewegingsmenu, vind je meestal snel de instelling die wel soepel oogt, maar niet kunstmatig wordt.

Lees ook: Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

©Fabio Principe - stock.adobe.com

Klaar voor de start: zo stel je je beeld goed in

Voor de scherpste weergave tijdens de Olympische Winterspelen kies je een heldere basisstand en pas je handmatig de bewegingsinstellingen zoals Motionflow of TruMotion aan naar een gemiddeld niveau. Zo blijft het beeld vloeiend, zonder vreemde beeldfouten om en zonder dat alles er overdreven glad uitziet.

Heb je overdag veel licht in de kamer, zet dan vooral de achtergrondverlichting hoger. Laat kleurverzadiging met rust, of geef hem juist een klein tikje omlaag, zodat details in schaatspakken en helmen zichtbaar blijven. Schakel ook extra filters zoals ruisonderdrukking uit om de natuurlijke scherpte van de 4K- of HD-uitzending niet te verliezen. Met deze aanpassingen geniet je van een rustig en vloeiend beeld, waardoor je elke seconde van de strijd om het goud haarscherp beleeft.


Deze sporten kun je zien tijdens de Olympische Winterspelen 2026


Alpineskiën
Biatlon
Bobsleeën
Curling
Freestyleskiën
IJshockey
Kunstrijden
Langlaufen

Noordse combinatie
Rodelen
Schaatsen
Schansspringen
Shorttrack
Skeleton
Ski-alpinisme
Snowboarden

Zelf het ijs op?

Schaatsen in allerlei soorten en maten
▼ Volgende artikel
Waar voor je geld: 5x betaalbaar funcooken met je hele gezin
© ID.nl
Huis

Waar voor je geld: 5x betaalbaar funcooken met je hele gezin

Bij ID.nl zijn we dol op kwaliteitsproducten waar je niet de hoofdprijs voor betaalt. Een paar keer per week speuren we binnen een bepaald thema naar zulke deals. Wil je funcooken voor een aantrekkelijke prijs? We hebben vijf interessante apparaten voor je gespot die niet duurder zijn dan 190 euro.

Solis 5 in 1 tafelgrill (7910)

Zoek je een kwalitatief gourmetstel waarmee je jarenlang vooruit kunt? Dit luxe exemplaar van Solis voldoet aan alle eisen. Met de traploze regelaar aan de voorzijde kun je heel precies de gewenste temperatuur instellen. Bak vervolgens op de grillplaat de lekkerste hapjes gaar. Daarnaast kun je ook een van de vier bijgesloten miniwoks of (raclette)pannetjes gebruiken. Hiermee maak je bijvoorbeeld een kleine pannenkoek of pizza.

De werking is kinderlijk eenvoudig. Zodra je het kooktoestel inschakelt, gaat er eerst een rood lampje branden. Het gourmetstel is nu aan het opwarmen. Als het lampje groen kleurt, kan het eetfestijn beginnen. Is een gerecht zo heet dat je je mond kunt branden? Plaats het pannetje of de miniwok dan even in de koudzone onderin het toestel. Naast de eerder genoemde accessoires levert de fabrikant ook nog vier spatels mee.

Princess 162655 Black Steel Raclette

De betaalbare Princess 162655 Black Steel Raclette valt bij heel wat Kieskeurig.nl-testers goed in de smaak, want zij beoordelen dit gourmetstel met een 8,3 (gemiddeld cijfer). Verschillende reviewers vinden het prettig dat dit apparaat zich makkelijk laat schoonmaken. De losse onderdelen kunnen bovendien in de vaatwasser. Een ander pluspunt is dat het gourmetstel volgens diverse gebruikers snel opwarmt. Niet vreemd, gezien het respectabele vermogen van 1300 watt.

Het gourmetstel heeft een riant bakoppervlak van 44 × 25 centimeter. Dankzij de stevige anti-aanbaklaag heb je geen bakboter of olie nodig om te grillen. Het apparaat leent zich prima voor een ruim gezelschap, want de productdoos telt acht (raclette)pannetjes met een houten handvat en evenzoveel spatels. Via een draaiknop reguleer je nauwkeurig de temperatuur. Overigens vindt een enkele tester het netsnoer wat aan de korte kant.

Tefal WokParty Duo PY5828

Wie met een groepje gezellig wil wokken, kan dit leuke kooktoestel van Tefal eens uitproberen. Er zijn zes diepe pannen bijgesloten. Dankzij de gekleurde markering op het handvat weet iedereen precies welk pannetje van hem of haar is. De bakplaat bevat ronde uitsparingen, waardoor de boel niet gaat schuiven. Hierin kun je trouwens ook prima mini-pannenkoeken bakken. Speciaal daarvoor is er een handige gietlepel inbegrepen. Verder telt de verpakking zes spatels.

De WokParty Duo PY5828 heeft een zogeheten Thermo-spot. Hieraan zie je in hoeverre het kooktoestel op temperatuur is. Met een vermogen van duizend watt hoef je niet zo lang te wachten. Tefal levert een receptenboek mee, zodat je inspiratie kunt opdoen. Klaar met tafelen? Stop dan alle losse accessoires in de vaatwasser. Handig is dat je het netsnoer, de spatels en de gietlepel in de onderkant kunt opbergen.

Lees ook: Zo voorkom en verwijder je vieze luchtjes na het gourmetten

Emerio PO-113255.4

Pizzaliefhebbers opgelet! De binnenzijde van deze Emerio fungeert als een kleine oven. Op die manier kunnen maximaal zes personen hun eigen mini-pizza bakken. Met behulp van de bakspatel schuif je de lekkernij moeiteloos in de oven. Geen zin in pizza? In de zes bijgesloten pannetjes kun je allerlei andere gerechten klaarmaken. Bovendien bevindt zich bovenop een ronde grillplaat met een diameter van veertig centimeter. Daar kun je dus behoorlijk wat hapjes op kwijt!

De bediening heeft weinig om het lijf, want de behuizing bevat alleen een aan-uitknop. Met een riant vermogen van 1500 watt worden de gerechten goed warm. De maximale oventemperatuur bedraagt dan ook 250 graden. Volgens de fabrikant houdt de koepelvormige behuizing de warmte in de (pizza)over beter vast. Diverse accessoires zijn vaatwasserbestendig, zodat je na afloop niet zoveel tijd kwijt bent aan schoonmaken.

Princess Dinner4All

Als je met een groepje gaat gourmetten, staat het kooktoestel voor sommige personen wellicht te ver weg. Daar heeft Princess iets op bedacht. Met de Dinner4All bedient iedereen zijn eigen bakplaat van 250 watt. Even een satéstokje of biefstukje omdraaien is dus zo gepiept. Is het hapje eenmaal gaar, dan schuif je het zo op je eigen bordje. Princess levert hiervoor vier aardewerken-borden mee.

Je sluit de centrale unit aan op netstroom, waarna je hierop maximaal vier individuele gourmetstellen kunt aansluiten. Vermenging van smaken is dus verleden tijd! Plaats op deze unit eventueel de inbegrepen serveerschaal. Zo kan iedereen zijn of haar favoriete hapjes pakken. Wil je weten hoe andere gebruikers dit slimme gourmetstel beoordelen? Lees dan eens deze reviews op Kieskeurig.nl. Dit kooktoestel is als alternatief ook met twee individuele bakplaten te koop.