ID.nl logo
Huis

6 redenen om iOS 9 te jailbreaken

De jailbreak voor iOS 9 is inmiddels een maand uit, maar critici vragen zich af of je dat echt nog wel nodig hebt. iOS 9 is immers heel uitgebreid en geeft je veel meer keus. Is er eigenlijk nog wel een reden om te jailbreaken? Nou, wij vinden van wel. We kunnen zelfs 6 dingen bedenken die we heel belangrijk vinden.

Lees hier over de jailbreak van iOS 9.

1. Je standaard-browser (en -apps) wijzigen

Toen Apple Maps voor het eerst werd meegeleverd met iOS 6, maar de app kwam Apple op veel kritiek te staan vanwege de slechte implementatie en de vele fouten. Toen Google Maps uiteindelijk weer te downloaden was op de iPhone en iPad slaakten veel gebruikers dan ook een zucht van verlichting, maar er zat wel één belangrijke kanttekening aan: Apple Maps is nog steeds de standaard kaarten-app op het OS. Wanneer je via bijvoorbeeld Siri een routebeschrijving zoekt, is Apple Maps de app die opent.

Je wil linkjes gewoon in Chrome kunnen openen

Ook met browsers en mediaspelers heb je op iOS weinig keus: Je gebruikt alleen de apps die Apple beschikbaar stelt. Safari, de Video's-app... Met een jailbreak kun je dat wijzigen, zodat je linkjes automatisch kunt laten openen in Chrome of je routebeschrijving in Apple Maps.

Voor dat eerste is er Browser Changer, voor de tweede is er MapsOpener. Daarnaast zijn er voor de meeste default apps wel tweaks te vinden in Cydia.

2. Een file-manager

Hoewel je met iOS 9 makkelijker bestanden kunt doorzoeken in iCloud, mis je op iOS nog steeds een fatsoenlijke file manager. Met de meeste bestanden die je via een Verkenner vindt kun je niet veel, maar soms is het wel heel fijn om af en toe een paar bestanden op je iPhone of iPad te kunnen zoeken. Denk maar eens aan apps die je van buiten de App Store om downloadt, of films en muziek die je niet via iTunes op je apparaat wil zetten. Je kunt er bovendien bestanden mee editen als html-files, en, misschien wel het handigst, je kunt vanuit je email alle bestanden als bijlage versturen in plaats van alleen foto's.

De beste file manager voor iOS (en eigenlijk de enige die ertoe doet) is iFile, dat boordevol functies zit. Je kunt er direct bestanden mee bewerken, en het koppelen aan Dropbox of FTP. Daar betaal je wel een paar euro voor, maar die is het dubbel en dwars waard.

3. Oude/gedownloade apps installeren

Soms wil je gewoon geen gebruik maken van de nieuwste apps die ineens een radicaal ander design hebben. Of je maakte vroeger gebruik van een app die nu niet meer in de App Store te vinden is. Of misschien wil je om wat voor reden dan ook aparte apps sideloaden (als je tenminste weet wat je doet). Of, (durven we het te suggereren?) wil je illegaal gedownloade apps spelen. Wat de reden ook is, je kunt met een jailbreak apps installeren buiten de App Store om.

You wouldn't steal an app... Toch?

Dat kan via apps als iFile waarmee je een .apk- of .deb-bestand kunt installeren, of via iTunes. Let wel op wat je doet, want zulke apps worden niet gecontroleerd door Apple. Alles op eigen risico dus!

4. Kleine imperfecties verbeteren

"iOS 9 is nagenoeg perfect", schrijven sommige critici, maar is dat wel echt zo? We kunnen nog genoeg kleine dingetjes bedenken die ons irriteren aan iOS - we willen notificaties kunnen wegschuiven in het Notificatiecentrum, we willen de knoppen in ons Control Center kunnen wijzigen, we willen mappen ín mappen kunnen maken, we willen 5 icoontjes in onze taakbalk kwijt kunnen... Het zijn vaak kleine dingetjes die niet ernstig genoeg zijn om over te stappen naar Android, maar die wél kunnen worden opgelost met een kleine tweak uit Cydia. Als jij je ergens aan ergert, is er ergens op de wereld wel een ontwikkelaar die dat ook doet - en daar een tweak voor heeft uitgebracht.

5. Nieuwe iOS-tweaks op oude apparaten

Laat ze maar lullen: iOS 9 is helemaal niet perfect

De nieuwe telefoons als de iPhone 6s of iPad Air hebben vaak functies die niet naar oudere modellen worden gebracht, en dat is best zonde. Denk maar eens aan Siri dat altijd aan staat, of de nieuwe functie 'Live Photos' die alleen werkt op de nieuwste iPhones. Ook de splitscreen-modus van iOS 9 ewrkt alleen op de twee nieuwste iPads.

Er zijn voor praktisch alle functies wel jailbreak-tweaks te vinden in Cydia. Zo heb je Medusa om de splitscreenmodus te gebruiken op oude iPads, en kun je Live Photos op oude modellen krijgen met het pragmatisch genoemde EnableLivePhotos. Het is zelfs mogelijk om het 3D Touch na te maken, al is dat natuurlijk niet helemaal hetzelfde. Met Forcy kun je het 3D Touch imiteren door het scherm lang of kort ingedrukt te houden. Voor vrijwel alle nieuwe functies is verder wel een tweak te vinden - hoef je niet persé de nieuwste iPhone te hebben.

6. Meer veiligheid in iOS

Er zijn verschillende signalen over de veiligheid van jailbreaken. Aan de ene kant, zeggen critici, zet je je apparaat zo open voor malware en andere rotzooi. Die is makkelijker in te laden op je apparaat, omdat je geen gebruik meer maakt van Apples veilige omgeving.

Een jailbreak is misschien juist wel veiliger

Van de andere kant moet een aanvallen wel vaak gebruik maken van een man-in-the-middle-aanval, en dat maakt misbruik al een stuk moeilijker. Bovendien krijg je met een jailbreak de mogelijkheid om nieuwe veiligheidsfuncties toe te voegen die je anders niet krijgt.

Zo zijn er tweaks als AppScan waarmee je iedere app op je apparaat kunt beveiligen met de Touch ID-vingerafdrukscanner (dat doen BioProtect en BioLockdown ook), of ProtectMyPrivacy dat je meer controle geeft over wat je deelt met adverteerders en apps. En als je apparaat gestolen wordt, kun je met iCaughtU een foto maken van de dief via de front-camera. En je kunt er je eigen Firewall mee opzetten. Dat lukt je niet met een 'normale' iPhone, dus als je goed doorhebt wat je doet is een iOS-jailbreak misschien wel veiliger.

▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.