ID.nl logo
Myo Cyclo 215 - Gebruiksvriendelijke fietsnavigator
© Reshift Digital
Mobiliteit

Myo Cyclo 215 - Gebruiksvriendelijke fietsnavigator

Op een sportieve hybride of een racefiets wil je graag wat meer informatie dan alleen snelheid en afstand van een mini-fietscomputertje. Je kunt natuurlijk je smartphone op je stuur monteren, maar die is na een paar uur navigeren leeg en het scherm is in het zonnetje niet altijd goed afleesbaar. Dan ben je toe aan een echte fietscomputer mét navigatie. De Mio Cyclo 215 maakt die overstap heel makkelijk.

Op het eerste gezicht lijkt de Mio Cyclo 215 vrij fors en zwaar voor een fietscomputer en dat is hij ook. Voordeel van de flinke omvang is het grote 3,5-inch scherm. Daarop is de kaart goed afleesbaar. En van die navigatie moet de Mio het vooral hebben. Standaard zijn fietskaarten van heel Europa geïnstalleerd en alle navigatie-functionaliteit kun je op het kastje zelf vinden en bedienen. Dat komt goed uit want er is geen smartphone-app waarmee je routes of andere instellingen naar de fietscomputer kunt sturen. 

Elke uitwisseling met de buitenwereld, dus ook elke update, moet via een computer. Eigenlijk is dat niet meer van deze tijd maar voor wie niet zo handig is met een smartphone en vroeger veel met losse navigatie-kastjes in de auto heeft gewerkt kan het een verademing zijn.

Als je wat langere ritten maakt, dan hoef je niet bang te zijn voor een lege accu. In vergelijking met andere fietscomputers valt de accuduur wel tegen, maar met zo’n 10 uur kom je eigenlijk nooit tekort. Als je voor je ritje niet vergeet om hem op te laden heb jij eerder last van uitputting of zadelpijn dan dat de Mio leeg is.

Gebruiksvriendelijke interface

De Mio Cyclo 215 heeft een gebruiksvriendelijke interface die ook in het Nederlands is in te stellen. De knoppen zijn groot en je wordt niet overweldigd door allerlei opties en keuzes die je moet maken. 

Je kunt wisselen van profiel, afhankelijk van waarop je een rit gaat maken en je krijgt genoeg informatie. Handig is de ‘Surprise Me’-functie als je geen inspiratie hebt voor een rondje fietsen. Geef aan hoeveel kilometer je wilt rijden en hij komt zelf met een paar voorstellen.

De schermtechnologie is wat aan de oude kant en het touchscreen reageert soms niet of vertraagd op je invoer. Tipje: tik net even wat hoger dan je normaal zou doen. Dat komt omdat het raakpunt van je vinger als je iets aanwijst altijd wat lager is dan dat je zelf denkt. Dat geldt voor elk aanraakscherm. Oudere typen touchscreens compenseren daar minder goed voor dan de nieuwere.  

©PXimport

Sensoren

De Mio Cyclo 215 is beschikbaar in een twee varianten. Een met alleen de fietscomputer en de Mio Cyclo 215HC waarbij een sensorkit wordt geleverd die bestaat uit een hartslagband en een gecombineerde snelheids- en cadanssensor. Beide werken volgens het ANT+-protocol en zijn uitwisselbaar met andere merken.

In mijn geval werkte de Mio prima met ANT+ sensoren van Sigma. Het enige wat je moet doen is de sensoren eenmalig aanmelden in de fietscomputer. Handig als je je fietscomputer op meerdere fietsen wilt gebruiken zonder steeds de sensoren over te zetten. Haal een of meerdere setjes ANT+ sensoren, zet ze op je fiets(en) en elk ritje wordt gelogd.

Overigens worden nieuwere type sensoren en protocollen niet ondersteund, zodat je geen connectie kunt maken met de controlesystemen van e-bikes of smart-trainers die je binnen kunt gebruiken. 

©PXimport

Conclusie

Wat opvalt bij langer gebruik is dat de Mio Cyclo 215 al een beetje op leeftijd is. De technologie stamt uit de tijd van de losse navigatie-kastjes voor in de auto en ook door het ontbreken van bluetooth-mogelijkheden en dus de koppeling met een smartphone is een gemis. Gebruik je niet graag een smartphone en wil je gewoon wat extra informatie en zorgeloos navigeren, dan is dit een degelijke oplossing voor je fietsritjes.

Wil je wel graag verbinden met je smartphone en heb je graag interconnectiviteit met allerlei apps en online trainingsplatformen, dan kun je beter een andere fietscomputer nemen. 

Goed
Conclusie

**Adviesprijs** € 179,- zonder sensoren, € 205,- met sensorkit (Mio Cyclo 215HC) **Afmetingen** 68 x 114 x 19 mm **Gewicht** 151 gram **Verbinding** Micro-usb, ANT+ **Website** [https://www.mio.com/](https://www.mio.com/nl_nl/products/outdoors/cycling-navigation/cyclo-200-series/cyclo-215)

Plus- en minpunten
  • Groot scherm
  • Prima navigatie
  • Volledig via apparaat te bedienen
  • Relatief zwaar
  • Touchscreen reageert soms niet
  • Alleen via computer updaten
▼ Volgende artikel
Ontwerp van Nothing Phone (4a) onthuld
Huis

Ontwerp van Nothing Phone (4a) onthuld

Het Britse bedrijf Nothing heeft het design van de aankomende nieuwe smartphone Phone (4a) onthuld.

Dat deed het bedrijf gisteren via social media. De smartphone komt op 5 maart uit. In de tweet hieronder is het ontwerp alvast te zien, met de typische drukke achterkant die we inmiddels gewend zijn van het bedrijf.

De aankomende Phone (4a) heeft een zogeheten 'Glyph Bar'. Dit is een micro-led-paneel aan de zijkant, die mensen zelf kunnen programmeren om ze in verschillende patronen te laten knipperen. Het gaat om de vierkantjes aan de rechterzijde, naast het camera-eiland. De led-lampjes zijn volgens het bedrijf 40 procent feller dan die op de Phone (3a).

Over de precieze technologie van de Nothing Phone (4a) zijn nog geen aankondigingen gedaan, maar volgens geruchten krijgt de smartphone een Snapdragon 7s Gen 4-chip. Er zal ook een duurdere en snellere Phone (4a) Pro verschijnen, al is daar het uiterlijk nog niet van onthuld.

Officieel wordt de Phone (4a) op 5 maart onthuld.

View post on X
▼ Volgende artikel
Waarom je monitor op het moederbord aansluiten je pc vertraagt
© Provokator
Huis

Waarom je monitor op het moederbord aansluiten je pc vertraagt

Je sluit je nieuwe monitor aan, de pc start op, maar de prestaties in zware programma's en games vallen vies tegen. In dit artikel ontdek je waarom de aansluiting op je moederbord de grafische kracht van je computer negeert en hoe je dat direct oplost voor maximale rekenkracht.

Het is een klassieke fout bij het opbouwen van een werkplek: de videokabel in het eerste gat steken dat je tegenkomt aan de achterzijde van je computerkast. Vaak belandt de kabel dan in een van de poorten van het moederbord, terwijl de krachtige videokaart een verdieping lager ongebruikt blijft. Dit misverstand ontstaat omdat beide aansluitingen identiek ogen, maar de interne route die de data aflegt verschilt als dag en nacht. Daarom leggen we je uit hoe je het volledige potentieel van je hardware benut en waarom die extra investering in je grafische kaart anders weggegooid geld is.

De interne omweg via de processor

Als je de HDMI- of DisplayPort-kabel in het moederbord plugt, dwing je de computer om de geïntegreerde grafische chip van de processor te gebruiken (mits die is ingeschakeld via het BIOS). Wij hebben dat uiteraard nog even getest en merkten dat alles inderdaad veel minder soepel aanvoelt zodra de processor deze dubbelrol moet vervullen. In plaats van dat de data direct naar de gespecialiseerde kernen van de videokaart gaat, moet de processor nu zowel de algemene berekeningen als de visuele output verwerken.

Dat veroorzaakt een een hoop warmte in de behuizing en de ventilatoren van de CPU beginnen sneller te loeien om de extra last op te vangen. Het is al met al een onhandige route waarbij de dure videokaart onderin je kast simpelweg geen signaal doorgeeft aan je scherm.

©stas_malyarevsky

Hier moet je de HDMI-kabel dus níét in steken als je de beste prestaties wilt.

Aansluiting heeft wel degelijk een functie

Er zijn echter specifieke scenario's waarin deze aansluiting juist je beste vriend is, bijvoorbeeld tijdens het stellen van een diagnose als er iets opeens niet werkt. Als je pc bijvoorbeeld geen beeld geeft via de videokaart, is inpluggen op het moederbord de enige manier om te controleren of de rest van je systeem nog wel functioneert.

Ook voor een eenvoudige kantoormonitor, die alleen wordt gebruikt voor tekstverwerking en e-mail, volstaat de interne chip van de processor en is een dedicated videokaart niet eens nodig. Deze route bespaart energie en houdt de pc stiller, omdat de zware videokaart (als die er is) in een diepe slaapstand kan blijven. Voor een secundair scherm waarop je alleen statische informatie zoals een chatvenster of Spotify in beeld hebt, kan deze configuratie zelfs een slimme manier zijn om de hoofdvideokaart te ontlasten van onnodige basistaken.

Verlies grafische rekenkracht

Zodra je echter een zware taak start, zoals videobewerking of een moderne game, loopt de pc direct tegen een muur aan. De geïntegreerde graphics hebben namelijk geen eigen snel geheugen en snoepen zodoende rekenkracht van het werkgeheugen van je systeem. Je merkt dat aan haperende beelden, een lage framerate en textures die traag laden.

Zo kan het gebeuren dat een krachtige gaming-pc, die normaal gesproken honderd frames per seconde (100 fps) haalt, via de moederbordaansluiting terugvalt naar een onwerkbare diavoorstelling van minder dan 10 fps. De hardware is aanwezig, maar de snelweg naar het scherm is afgesloten, waardoor je in feite maar een fractie van de capaciteit krijgt waarvoor je hebt betaald.

Situaties waarin je deze aansluiting sowieso moet vermijden

Het aansluiten op het moederbord is een absolute dealbreaker voor iedereen die met visuele content werkt of veeleisende games speelt. Als je voor honderden euro's een videokaart hebt aangeschaft, is het een kostbare vergissing om de monitor ergens anders in te pluggen.

Ook bij het gebruik van een 4K-monitor kan de interne chip de verversingssnelheid vaak niet bijbenen, waardoor je naar een schokkerig beeld zit te kijken terwijl je hardware veel vloeiender kan presteren. Voor creatieve professionals die software gebruiken voor 3D-rendering is het gewoon onmogelijk om te werken; de software zal vaak zelfs een foutmelding geven omdat de benodigde grafische bibliotheken niet worden ondersteund door de standaard processor-chip.

De snelle poorten zitten meestal verder naar onderen en zijn doorgaans horizontaal gepositioneerd.

Zo vind je de juiste poort

Kijk eens goed naar de achterkant van je computerkast om te bepalen of je de volle snelheid benut. De aansluitingen van het moederbord staan altijd verticaal in een blok met andere poorten, zoals usb en ethernet. De aansluitingen van de videokaart zitten een stuk lager en staan horizontaal in een aparte sleuf. Zit je kabel in het bovenste blok, dan werk je op de 'reservemotor'.

Verplaats de kabel naar de horizontale poorten onderaan en je zult direct horen dat de pc anders reageert bij het opstarten. Soms moet je na deze wissel de pc even herstarten, zodat de drivers de nieuwe configuratie herkennen en de resolutie optimaal kunnen instellen voor jouw specifieke beeldscherm.

Klaar voor optimale prestaties?

Het aansluiten van een monitor op het moederbord in plaats van de videokaart zorgt ervoor dat de grafische rekenkracht van de pc onbenut blijft omdat het systeem terugvalt op de beperkte interne chip van de processor. Dat leidt tot een drastische afname in prestaties bij games en zware software, aangezien de gespecialiseerde hardware van de videokaart volledig wordt gepasseerd. Voor een optimale ervaring moet je de monitor altijd in de horizontale poorten van de videokaart prikken. Alleen in noodgevallen of bij eenvoudiger kantoortaken is de moederbordaansluiting een bruikbaar alternatief.