ID.nl logo
Zo pimp je jouw bakfiets: persoonlijk maken van stuur tot spatbord!
© pikselstock - stock.adobe.com
Mobiliteit

Zo pimp je jouw bakfiets: persoonlijk maken van stuur tot spatbord!

Een bakfiets is ideaal voor vervoer van boodschappen en kids. Maar een kaal exemplaar oogt nogal saai. Gelukkig zijn er diverse manieren om je bakfiets op te fleuren en er een echte eye-catcher van te maken. In dit artikel lees je hoe je van je bakfiets een persoonlijke alleskunner maakt.

Wil jij jouw bakfiets een unieke, persoonlijke twist geven? Met deze handige stylingtips geef je hem in een handomdraai een make-over. Je leest hoe je:

  • Je bakfiets personaliseert met stickers, decoratie en een naamplaat;
  • Leuke kussens in jouw stijl kies zodat je passagiers heerlijk comfortabel kunnen zitten;
  • Jouw bakfiets beschermt tegen regen met een zeil of hoes;
  • Zelfs de wielen kunt versieren.

Lees ook: Veilig fietsen op een bakfiets doe je zo

Snel en makkelijk: bakfietsstickers

Een simpele maar effectieve manier om je bakfiets een persoonlijk tintje te geven, is door hem te versieren met stickers. Kies stickers in kleuren en prints die bij jouw stijl en persoonlijkheid passen. Vrolijke bloemenpatronen in felle tinten zorgen voor een vrouwelijke en speelse look. Of ga voor stoere, urban prints in zwart-wit voor een moderne industriële stijl. Of doe een tikkeltje wild met panterprint. Let op: kies stickers van goede kwaliteit vinyl, zodat ze waterbestendig en kleurvast zijn. Zo blijft je bakfiets er lang als nieuw uitzien.

©Limpreom

Comfortabele kussens

Zitten op kaal hout of metaal is niet fijn voor je kinderen. Kussens maken het een stuk comfortabeler en gezelliger. Bovendien kun je met leuke stoffen en prints de bakfiets helemaal je eigen stijl geven. Heb je je bakfiets intussen al opgefleurd met stickers? Kies dan kussens die daar bij passen. Let op dat je vochtbestendige kussens neemt, of kussens met hoezen die gewoon in de wasmachine mogen. Tip: waterafstotende tuinkussens! Die vind je onder andere bij Bol.com. Kies bij voorkeur kussentjes die je met klittenband kunt vastzetten. Vastzetten met een touwtje kan natuurlijk altijd, maar als het geregend heeft, kan het moeilijker zijn om de knoop uit een touwtje los te krijgen.

©2007 dudek | digital imaging

Decoratie voor extra gezelligheid

Met decoratieve accessoires geef je je bakfiets de finishing touch en maak je 'm echt van jou. Er zijn heel veel leuke manieren om jouw bakfiets op te fleuren. Begin met de basis: vlaggetjes, wimpels en stuurslingers in felle kleuren zorgen meteen voor een vrolijke uitstraling. Kies bijvoorbeeld vlaggetjes in je favoriete kleuren of met een printje dat bij je past. Hang ze met stevige touwtjes of tie-wraps aan de handvatten van je bakfiets. Wil je je bakfiets helemaal een feestelijke touch geven? Dan zijn zelfgemaakte papieren bloemen een aanrader. Met wat gekleurd papier, schaar en lijm tover je in een handomdraai de mooiste creaties tevoorschijn. Hang ze met draadjes op aan de zijkanten van je bak of zet ze in kleurrijke bloempotjes voorin je mand. Ook leuke mandjes of korfjes gevuld met nepbloemen zorgen voor een fleurige uitstraling.

Laat bij het versieren van je bakfiets vooral je creativiteit de vrije loop. Combineer vrolijke prints met natuurlijke elementen voor een harmonieus geheel. Maak het niet te vol, zodat je bakfiets zijn praktische functionaliteit behoudt. En wissel de decoraties regelmatig om je fiets een frisse update te geven.

Watch on YouTube

Ook interessant: Elektrische bakfiets kopen? Lees eerst deze tips!

Bescherming tegen regen

Een zeil over de laadbak beschermt je spullen tegen regen. In plaats van een saai zeil, kies je een vrolijk exemplaar met bloemenprint, stippen of streepjes in jouw favoriete kleuren. Zo wordt je bakfiets nog vrolijker. Je kunt zelf zo’n zeil laten bedrukken, of kant-en-klare zeilen met prints kopen. Zorg dat het zeil stevig vastzit, zodat je lading altijd droog blijft. Nat worden tijdens regenbuien is niet leuk. Een zeildakje boven de bank biedt uitkomst. Koop een kant-en-klaar exemplaar of maak zelf een zeil van waterafstootbaar materiaal. Zorg dat je het makkelijk opzet en wegklapt. Lijn het eventueel aan de binnenkant met een vrolijk printje voor extra vrolijkheid. Zo zitten je kids lekker droog, ook als het regent. Zelf ook droog blijven? Lees dan Zo kies je de beste regenkleding voor op de fiets.

©Jobakashii

Ook belangrijk: een goed slot! Verget ook niet om een goed slot aan te schaffen, zodat je je bakfiets kunt vastzetten, bijvoorbeeld aan een lantaarnpaal of hek. Kies een slot met het ART-keurmerk. ART is een kwaliteitslabel voor fietssloten in Nederland, uitgegeven door Stichting ART. Het certificaat geeft aan dat een slot voldoet aan strenge veiligheidseisen en bestand is tegen verschillende manieren van fietsendiefstal. Zo zijn kettingsloten met een ART-2 certificaat geschikt om de meeste fietsen te beveiligen. Voor duurdere fietsen of in gebieden met een hoog diefstalrisico wordt een slot met ART-3 certificaat geadviseerd. Deze bieden een hoger beveiligingsniveau en zijn ontworpen om geavanceerdere diefstalmethodes te weerstaan.

Personaliseer met een naamplaat

Een eenvoudige manier om je bakfiets een eigen tintje te geven, is door er een gepersonaliseerde naamplaat op te bevestigen. Laat een plaatje maken van hout, metaal of kunststof met daarop de naam van je kinderen, je gezin of een zelfbedachte bakfietsnaam. Kies lettertypes en kleuren die bij de rest van je styling passen. Met namen, woordgrappen of quotes maak je je bakfiets helemaal eigen. Naamplaten zijn verkrijgbaar bij gespecialiseerde webshops. Je kunt ze met schroeven of popnagels stevig op de fiets of in de laadbak monteren. Hier zijn enkele suggesties om zelf een naamplaat te maken:

⭐ Gebruik hout, multiplex of acrylaat om letters uit te zagen in de vorm van je naam, initialen of bijnaam. Lak of verf ze in jouw favoriete kleuren en lijm of schroef ze met beugeltjes vast aan de voorkant van je bakfiets.
⭐ Knip letters uit vinyl, vilt of stof en plak ze op elkaar voor een stoffen naamplaat. Naai of lijm dit op een stevige ondergrond vast en maak het met schroeven of tape aan je fiets vast.
⭐ Print je naam of tekst op een stuk canvas met stofverf en naai dit met een bies vast aan de voorkant.
⭐ Je kunt ook namen branden in hout met behulp van een houtbrander. Hoe je dit doet, zie je in de onderstaande video.

Watch on YouTube

Pimp de wielen

Met gepimpte wielen trek je gegarandeerd de aandacht. Kies bijvoorbeeld voor felgekleurde spaakverlichting in jouw favoriete kleur(en). Ook leuk zijn spaakstickers: plakstickers in vormen als hartjes, sterren en bloemen die je op de fietsspaken plakt. Of ga helemaal los met neon verf en creëer felgekleurde wielen die in het donker oplichten!

©Anatoliy Krygin

⚡🚲 Heb jij een elektrische bakfiets? Voorkom een miskoop door onze video te kijken!

Watch on YouTube
▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.