ID.nl logo
De beste tips voor het onderhoud van je bakfiets
© Kara - stock.adobe.com
Mobiliteit

De beste tips voor het onderhoud van je bakfiets

Steeds meer mensen hebben een bakfiets: om de kinderen mee naar school te brengen of er hun boodschappen mee te doen. Heb je zelf een bakfiets? Dan vraag je je misschien af of deze speciaal onderhoud vergt en wat je zelf kunt doen om er zo lang mogelijk plezier van te hebben. ID.nl heeft het voor je uitgezocht.

Dit artikel in het kort: Net als voor reguliere fietsen is het ook voor een bakfiets aan te raden deze eens in het jaar langs de fietsenmaker te brengen voor technisch onderhoud. Daarnaast kun je veel onderhoud ook zelf doen om onnodige kosten te voorkomen. Regelmatig je bakfiets onderhouden voorkomt daarbij slijtage, wat de levensduur verhoogt, en verbetert het gebruiksgemak.

Lees ook: Bakfiets kopen? Hier moet je op letten

Berg je bakfiets goed op

Voorkomen is beter dan genezen, zeker ook in het geval van roestvorming. Daarom is het aan te raden een bakfiets zoveel mogelijk overdekt en droog te stallen . Zo voorkom je dat er roestplekken ontstaan door vocht. Een schuur of garage is ideaal om een bakfiets veilig en droog te stallen. Heb je die ruimte niet? Zorg dan dat je de bakfiets zoveel mogelijk beschermt met een bijpassende waterdichte beschermhoes. Zo houd je in ieder geval het meeste vocht tegen. Is de bakfiets toch natgeregend? Droog het frame en de bak dan af met een droge doek.

Ben je van plan de bakfiets voor langere tijd te stallen? Reinig, smeer en controleer de bakfiets dan vooraf goed volgens onze tips. Zo kom je niet voor verrassingen te staan wanneer je de bakfiets na langere tijd weer wilt gebruiken.

Kies voor schoonmaakmiddelen die geschikt zijn voor fietsen

Zo verwijder je viezigheid en voorkom je roest

Maak een bakfiets regelmatig schoon

Het schoonmaken van een bakfiets doe je niet alleen om hem er netjes uit te laten zien. Regelmatig schoonmaken zorgt ook voor een langere levensduur. Het advies is om de bakfiets eens per maand schoon te maken. Is de bakfiets heel vies na een ritje door modder, zand of sneeuw? Wacht dan niet te lang met reinigen. Gebruik een emmer met lauw water en eventueel zeep en maak de bakfiets van boven naar beneden schoon. Zo pak je eerst het minst vieze deel aan om vervolgens door te gaan met het meer hardnekkige vuil.

Lastig te bereiken plekken en onderdelen maak je het makkelijkst schoon met een afwasborstel of tandenborstel. De fietsketting kan lastiger te reinigen zijn door vuil en vet. Gebruik in dat geval een ontvetter die je even laat intrekken, voordat je de ketting met een tandenborstel schoonmaakt. Belangrijk na het schoonmaken is dat je de bakfiets goed droog maakt. Doe dit bij voorkeur met een microvezeldoek.

©ronstik

Meld je aan voor de E-bakfiets Duurtest-resultaten

Door het invullen van jouw naam en e-mailadres meld je je aan voor ontvangst van de Kieskeurig.nl E-bakfiets Duurtest resultaten. Tevens ben je ingeschreven voor de Kieskeurig.nl nieuwsbrief.

Bescherm de bakfiets

Nadat de bakfiets helemaal is schoongemaakt, is het belangrijk om de metalen onderdelen, zoals de ketting, goed te smeren. Dit zorgt ervoor dat de bakfiets soepel blijft lopen tijdens het trappen. Voor het smeren van de ketting kun je een kettingspray gebruiken. Spuit de fietsketting in en laat die vervolgens goed drogen. Zo vormt er zich een beschermende laag over de ketting en voorkom je roestvorming.

Behalve tijdens een maandelijkse schoonmaakbeurt is het ook aan te raden na een hevige regenbui je fiets af te drogen en de ketting te behandelen met een kettingspray. Houd daarbij een droge doek bij de hand, zodat je smeermiddel direct kunt wegvegen wanneer het op de remmen of velgen komt.

Daarnaast is het ook van belang andere bewegende onderdelen te smeren om roest en slijtage te voorkomen. Dit zorgt er ook voor dat de bakfiets lichter en makkelijker fietst. Voor onderhoud van alle schroeven en bouten kun je smeermiddel gebruiken. In de meeste gevallen bevat smeermiddel een dun rietje waarmee je heel nauwkeurig kunt richten en gedoseerd kunt sprayen om zelfs de lastigste plekken te onderhouden. Vervolgens wrijf je het overtollige smeermiddel weg met een microvezeldoek en is de klus geklaard. Tip: nu je toch bezig bent, is het handig om meteen te checken of alle schroeven en bouten goed vastzitten en deze eventueel aan te draaien.

Controleer de bak regelmatig

De bak heeft het soms zwaar te verduren op een bakfiets, waardoor bouten los kunnen komen te zitten. Controleer daarom wekelijks of maandelijks even of dat het geval is en draai ze eventueel aan. Gebruik daarvoor een passende schroevendraaier en een steeksleutel om te voorkomen dat de moer aan de andere kant van de bak meedraait. Check zo elke bout en moer van de bak. Dit voorkomt dat de bak blijft trillen en op deze manier loop je ook niet het risico bouten te verliezen tijdens het fietsen.

Check de fietsbanden

Een bakfiets draagt vaak heel wat gewicht met zich mee, waardoor de fietsbanden extra worden belast. Pomp daarom de banden regelmatig op om lekke banden of problemen met de spaken en velgen te voorkomen. Opgepompte banden zorgen er daarnaast voor dat de bakfiets veel lichter fietst. Vooral in scherpe bochten zul je daar het voordeel van merken.

De bandenspanning check je eenvoudig door met je eigen gewicht op de bak of het zadel te leunen. Veren de banden erg mee? Dan is het goed om ze op te pompen. Gebruik daarvoor nooit perslucht, want dan is er het risico dat de spanning op de banden te hoog wordt en de band knapt.

Zie ook ons artikel Voor elk ventiel de juiste bandenpomp.

©Шамиль Алиев - stock.adobe.com

Langere levensduur

Herhaal de stappen uit dit artikel maandelijks of zelfs wekelijks; zo kun je eenvoudig heel wat beschadigingen, slijtage en roest voorkomen. Voor verder specialistisch onderhoud aan bijvoorbeeld de remmen, kabels en ketting is het daarnaast aan te raden een bakfiets eens per jaar naar een fietsenmaker te brengen voor een onderhoudsbeurt.

Door deze combinatie van doe-het-zelf onderhoud en een jaarlijkse servicebeurt verbeter je de levensduur en het gebruiksplezier van de bakfiets. Let op: de benodigde hoeveelheid onderhoud kan uiteraard per bakfiets variëren, afhankelijk van de manier waarop en hoe vaak de bakfiets wordt gebruikt.

▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.