ID.nl logo
Test iPhone- en iPad-prestaties met benchmark-apps
© Reshift Digital
Huis

Test iPhone- en iPad-prestaties met benchmark-apps

Benchmarks zijn bedoeld om de snelheid van een apparaat te meten. Het is vooral een vergelijkende tool, veel gebruikt door bijvoorbeeld IT-journalisten om verschillen in snelheid tussen apparaten te meten. Sommige van die tools zijn ‘saai’, maar met name als het om grafische metingen gaat zit er ook veel eye candy tussen. Leuk om eens naar te kijken! We stellen enkele benchmark-apps voor iOS en iPadOS aan je voor.

Benchmarks zijn al ongeveer zo oud als dat er computers bestaan. Het is immers altijd praktisch om te kunnen achterhalen hoe snel een bepaald systeem is. Er zijn tal van manieren om snelheid de meten. De meest simpele exemplaren laten gewoon een ingewikkelde berekening los op een computer en meten hoe lang ’t duurt alvorens die voltooid is. Waarbij dan geldt ‘hoe sneller, hoe beter’. 

Daarbij wordt niet heel nauwkeurig gemeten, want het zijn dan slechts bepaalde onderdelen van een processor die aan ’t werk gezet worden en niet de rest van een systeem. Geavanceerde benchmarks voeren een hele serie ‘real world’-applicaties (of code daarvan) uit. Denk aan het comprimeren van een foto of bestand, versleuteling, fotobewerking, tekstverwerking enzovoorts. Daaruit ontstaat na een tijdje draaien (en eventueel herhalen) een gemiddelde. 

Dat getal geeft een redelijk betrouwbaar inzicht in de werkelijke prestaties van een apparaat, zoals de gebruiker die uiteindelijk ervaart. Dát getal vergelijken is veel interessanter dan een ‘formule-race’. 

Lees ook:Met deze benchmarktools test je de prestaties van je pc

Geekbench

Geekbench is een app uit deze categorie. Voordeel van deze app is bovendien, dat ie multi-platform is. En daarmee zijn ook totaal verschillende apparaten zoals bijvoorbeeld een Windows-pc en een iPad met elkaar vergelijkbaar. 

De werking is simpel: start de app op je – in dit voorbeeld – iPad. Tik in de kolom links onder SELECT BENCHMARK op CPU en dan Run Benchmark, herhaal dit voor Compute. Wacht tot alles is afgerond en je krijgt scores te zien. Via https://browser.geekbench.com/ios-benchmarks kun je vergelijken met andere iOS/iPadOS-apparaten. 

Scoor je beduidend lager (heel veel hoger zal niet voorkomen tenzij je een net verschenen apparaat gebruikt, wellicht) dan moet je eens kijken wat er mis is. Mogelijk draait je geteste apparaat in batterijbesparingsmodus, bijvoorbeeld. Ook het draaien van achtergrond-apps kan een negatieve invloed hebben op de score.

©PXimport

Kortom: Geekbench is een mooie tool voor een snelheidsmeting, zie het maar als de CPU-variant van de aloude rollenbank. Maar hij is ook een beetje erg saai om naar te kijken. Dat heeft te maken met ’t feit dat Geekbench zich niet richt op de grafische mogelijkheden van je apparaat. De GPU wordt wel meegenomen, maar puur als extra processor voor specifieke taken. Geekbench zegt dus wel degelijk wat over die GPU, maar op een andere manier. 

3DMark

Er bestaan ook benchmarks die specifiek gericht zijn op de – met name – 3D-mogelijkheden van je apparaat. En daar wordt het interessant. Want naast een harde meetmethode (die er vaak grafisch niet of niet interessant uitziet) is hierin vaak ook een aardige demo opgenomen van hoe al het rekenwerk er in de praktijk uitziet. Een voorbeeld van zo’n app is 3DMark Wild Life Benchmark.

Installeer de app en start ‘m. Voor de sit-back-and-relax-modus zorg je dat de schakelaar achter Unlimited mode uit staat; klik vervolgens op Start. Je ziet nu een ‘film’ van in realtime berekende scenes. Oudere modellen iPhones en iPad’s zullen hier mogelijk moeite mee hebben, in het beroerdste geval leidend tot een soort van diashow. Nieuwe versies spelen de zaak vloeiend af. Uiteindelijk krijg je ook hier weer een score te zien die je kunt vergelijken.

©PXimport

Mocht de naam 3DMark je bekend voorkomen, dan kan dat kloppen. Het achterliggende bedrijf maakt al sinds jaar en dag 3D-benchmarks. Eerst voor de pc, waar ze ook al het onderste uit de kan haalden en halen van de GPU en videokaart. En inmiddels ook alweer een flinke tijd voor mobiele apparaten. Als je even gaat spitten in de app store, kom je meer benchmarks van hen tegen. De oudere exemplaren draaien veelal een stuk beter op wat oudere apparaten. 

Wel geldt dat die versies meestal niet meer up-to-date worden gehouden. En de neiging hebben soms te crashen omdat ze niet helemaal lekker samenwerken met veel recentere versies van iOS en/of iPadOS. Maar proberen kan geen kwaad natuurlijk. Het is helaas de reden dat een deel van de oudere apps inmiddels uit de app store is verwijderd. Jammer, ook om historische redenen.

Vergeet trouwens niet dit soort apps na gebruik weer van je apparaat te verwijderen. Ze nemen relatief veel opslagruimte in en dit zijn natuurlijk typisch van die apps waarvan je vergeet dat je ze hebt geïnstalleerd!

Overige benchmark-apps

Orbital Flight is ook een aardige benchmark. Wel eentje van een van een paar jaar oud, wat betekent dat een zowel nieuwe als alweer wat oudere apparaten er prima mee overweg kunnen. Snow Forest is ook een mooie, die ook kinderen zal bekoren. Al was dat laatste maar vanwege de Explore-modus waarin je de hoofdpersoon andere kleren kunt geven en nog wat dingetjes kunt doen. Het is vooral een meer realistische benadering van wat de gemiddelde game aan 3D-werk aflevert. 

Als je device hier moeite mee heeft én je wilt toch gamen, dan is het wellicht tijd voor een upgrade. Gravity Mark GPU gooit het over een andere boeg en is daarmee meer tijdloos. Deze app blijft simpelweg 3D-objecten toevoegen aan een scene, net zo lang tot de framerate onder de 30 beelden per seconden duikt. Dat kan bij bijvoorbeeld een op de M1 gebaseerde iPad Pro een tijd duren, maar dan heb je onderwijl wat om naar te kijken.

Een aparte benchmark tot slot is 8 Queens Performance. Hiermee wordt een schaakprobleem doorgerekend, waarvoor 92 oplossingen zo snel mogelijk worden berekend. 

©PXimport

Het gaat dan om 92 van de 16 miljoen opties waarbij de 8 koninginnen elkaar op een 8x8 schaakbord niet aanvallen. Aardig is dat je het aantal threads kunt opgeven waarvan de ‘solver’ gebruik mag maken. Daarvoor gebruik je het selectiemenuutje rechtsboven in beeld. 

We kunnen alvast verklappen dat het oplossen van de puzzel op een M1-apparaat razendsnel gaat, zélfs als je maar een enkele thread toewijst. Toegegeven: minder grafisch vuurwerk, maar wel indrukwekkend. Probeer dit soort hersenkrakers zelf maar eens op te lossen met echte schaakstukken op een schaakbord! Zal voor veel mensen zo ongeveer een levenswerk worden.

Na het lezen van dit artikel toe aan een vlottere iPad? Bekijk het iPad-aanbod van Bol.com.

▼ Volgende artikel
Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?
© Dennis
Huis

Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?

HDMI 2.1 is de nieuwste standaard voor beeldoverdracht, maar lang niet iedereen heeft de extra bandbreedte ook écht nodig. Vooral voor gamers met een PlayStation 5, Xbox Series X of krachtige pc is het relevant. Kijk je alleen films of televisie? Dan volstaat de oudere aansluiting vaak prima. Wij leggen uit waar de grens ligt.

Als je momenteel op zoek bent naar een nieuwe televisie of monitor vlíegen de technische termen je om de oren. HDMI 2.1 wordt door fabrikanten en winkels vaak gepresenteerd als een absolute noodzaak voor een scherm dat klaar is voor de toekomst. Hierdoor ontstaat de angst dat je een miskoop doet als je kiest voor een model met de oudere HDMI 2.0-standaard. Toch is dat in veel Nederlandse huiskamers een misvatting, want de voordelen zijn nogal specifiek. Veel consumenten betalen onnodig extra voor een functie die ze technisch gezien nooit zullen activeren. Na het lezen van dit artikel weet je precies of jij die snelle poort nodig hebt, of dat je dat budget beter aan een groter scherm of beter geluid kunt besteden.

De kern van het probleem: bandbreedte

Het fundamentele verschil tussen de gangbare HDMI 2.0-standaard en de nieuwere 2.1-versie zit 'm in de digitale snelweg die ze bieden. Je kunt het zien als een waterleiding: door een 2.1-kabel kan veel meer water (of dus data) tegelijk worden gepompt (48 Gbit/s in dit geval) dan door de oudere 2.0-variant (die 'maar' 18 Gbit/s kan verwerken). Die extra ruimte is nodig voor 4K-beelden met een zeer hoge verversingssnelheid (120 beelden per seconde) of voor extreem hoge resoluties zoals 8K.

Een hardnekkige mythe is dat HDMI 2.1 het beeld altijd mooier maakt. Dat is onjuist. Als je naar een Netflix-serie kijkt in 4K, ziet dat er via een 2.0-poort exact hetzelfde uit als via een 2.1-poort. De kabel verandert niets aan de kleuren, de scherpte of het contrast; hij zorgt er alleen voor dat het signaal 'erdoor' past. Pas als er een file op de kabel ontstaat (omdat je te veel beelden per seconde wilt versturen) wordt de nieuwe standaard noodzakelijk. Zolang je dataverbruik onder de limiet van HDMI 2.0 blijft, voegt versie 2.1 niets toe aan de beeldkwaliteit.

Wanneer werkt dit wél goed?

HDMI 2.1 komt pas echt tot zijn recht als je de grenzen van beweging en snelheid opzoekt. Dat is vrijwel exclusief het domein van de fanatieke gamer. Heb je een PlayStation 5 of Xbox Series X in huis en wil je games spelen in de hoogste 4K-resolutie met 120 beelden per seconde (120 Hz)? Dan is een HDMI 2.1-aansluiting op je tv onmisbaar. Zonder deze poort blijft je console steken op 60 beelden per seconde, wat minder vloeiend oogt bij snelle shooters of racegames.

Ook pc-gamers met een zware, moderne videokaart (zoals de NVIDIA RTX 40- of 50-serie) profiteren hiervan als ze hun pc op de tv aansluiten. Naast de snelheid biedt de 2.1-standaard ondersteuning voor Variable Refresh Rate (VRR). Dat zorgt ervoor dat de televisie zijn verversingssnelheid continu aanpast aan de spelcomputer, wat haperingen en 'tearing' (waarbij het beeld in tweeën lijkt te breken) voorkomt. Daarnaast is er Auto Low Latency Mode (ALLM), een signaal waardoor je tv automatisch naar de spelmodus schakelt zodra je de console aanzet. Voor wie de maximale prestaties uit een moderne spelcomputer wil halen, is HDMI 2.1 dus een logische en eigenlijk verplichte keuze.

Oké, maar wanneer werkt dit níet goed?

Voor de gemiddelde kijker is de meerwaarde van HDMI 2.1 nagenoeg nihil. Kijk je voornamelijk lineaire televisie (nieuws, talkshows), sportwedstrijden, films op Blu-ray of series via streamingdiensten als Disney+ en Videoland? Dan kom je nooit in de buurt van de bandbreedte die HDMI 2.0 niet meer aankan. Films en series worden vrijwel altijd gemaakt en uitgezonden in 24, 30 of maximaal 60 beelden per seconde. Een standaard HDMI 2.0-aansluiting kan 4K-beeld op 60 Hz fluitend aan, inclusief HDR (High Dynamic Range).

Ook voor bezitters van een oudere of minder krachtige spelcomputer, zoals de PlayStation 4, de Xbox One of de Nintendo Switch, voegt de nieuwe poort niets toe. Het signaal dat deze apparaten uitsturen is simpelweg niet zwaar genoeg om de bredere snelweg nodig te hebben. Je koopt in dat geval een Ferrari om er vervolgens alleen maar mee in een 30-kilometerzone te rijden. Je betaalt voor capaciteit die ongebruikt blijft, terwijl je dat geld wellicht beter had kunnen investeren in een tv met een beter contrast of hogere helderheid.

Dealbreakers

Er zijn specifieke situaties waarin het blindstaren op HDMI 2.1 je keuze onnodig beperkt of zelfs leidt tot een slechtere aankoop. Dit zijn de harde grenzen:

Je zoekt een televisie in het budgetsegment. In de lagere prijsklassen is de term HDMI 2.1 vaak misleidend. Fabrikanten mogen de term soms gebruiken omdat de tv één specifieke feature ondersteunt (zoals ALLM), terwijl het paneel zelf technisch helemaal geen 120 Hz kan weergeven. Je koopt dan een tv met een 2.1-sticker, maar zonder het daadwerkelijke voordeel van vloeiend beeld. In dit segment is beeldkwaliteit altijd belangrijker dan het versienummer van de poort.

Je wilt alleen beter geluid via een soundbar. Vaak wordt gedacht dat je voor de beste geluidsoverdracht (eARC) per se een volledige HDMI 2.1-tv nodig hebt. Hoewel eARC officieel onderdeel is van de 2.1-specificaties, hebben veel fabrikanten deze functie ook toegevoegd aan televisies die verder gewoon op HDMI 2.0 draaien. Als je doel puur het doorsturen van Dolby Atmos-geluid is, is een volledige HDMI 2.1-poort dus geen harde eis, zolang eARC maar specifiek wordt vermeld.

Je kijkt puur films en series. Als je geen gamer bent, is er geen enkel scenario waarin HDMI 2.1 je kijkervaring verbetert. Het sluit een heleboel uitstekende oudere of goedkopere modellen uit die misschien wel een veel mooier OLED- of QLED-paneel hebben, maar niet de nieuwste aansluitingen. Beeldkwaliteit (zwartwaarden, kleur) wint het voor de filmkijker altijd van bandbreedte.

©DC Studio

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om de juiste keuze te maken, moet je kritisch kijken naar wat er in je tv-meubel staat of komt te staan. De vuistregel is eenvoudig: ben jij iemand die elke frame telt in een online shooter en heb je de hardware om dat te genereren? Dan moet HDMI 2.1 bovenaan je wensenlijst staan; zonder die poort knijp je de prestaties van je dure console af en mis je de soepelheid waarvoor je betaald hebt.

Ben je daarentegen een filmliefhebber die geniet van de hoogste beeldkwaliteit in HDR, of kijk je vooral sport? Richt je dan op het contrast, de helderheid en de kleurweergave van het paneel. Een kwalitatief hoogwaardig paneel met een 'oudere' aansluiting geeft een indrukwekkender plaatje bij films dan een middelmatige tv die toevallig wél een 2.1-aansluiting heeft. Laat je niet gek maken door het idee van toekomstbestendigheid als de beloofde toekomst niet aansluit bij jouw kijkgedrag.

Dus...

HDMI 2.1 is essentieel voor gamers met een PS5, Xbox Series X of krachtige pc die willen spelen in 4K bij 120 Hz. Voor filmkijkers, serie-bingers en tv-kijkers biedt de standaard geen zichtbare beeldverbetering ten opzichte van HDMI 2.0. De extra bandbreedte is puur bedoeld voor zeer hoge framerates die videocontent niet gebruikt. Kies alleen voor HDMI 2.1 als je hardware hebt die deze snelheid daadwerkelijk kan benutten. In alle andere gevallen is de kwaliteit van het beeldscherm zelf veel belangrijker dan het type aansluiting.

▼ Volgende artikel
Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?
© Wildlight Entertainment
Huis

Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?

Op 26 januari kan de wereld aan de slag met Highguard. Het lijkt erop dat iedereen weet wat Highguard is, terwijl tegelijkertijd ook niemand precies weet wát Highguard nou precies is. In dit artikel zetten we dus uiteen wanneer je de game kunt spelen, en waarom deze titel van Wildlight Entertainment zoveel aandacht krijgt.

Releasedatrum van Highguard

Highguard is vanaf vandaag, 26 januari, rond 19:00 uur Nederlandse tijd beschikbaar op pc, PlayStation 5 en Xbox Series X en S. De exacte releasetijd is nog niet bekend, maar vermoedelijk zal de game rond die tijd op alle platforms beschikbaar worden.

Daarbij is het spel free-to-play, dus je hoeft niets te betalen om Highguard te spelen. Daarbij ondersteunt de game crossplay en cross-save, dus je kunt de game samen met vrienden op andere platforms spelen en je progressie op andere platforms meenemen. Het spel is niet te preloaden, maar vereist op pc in ieder geval 25 GB aan beschikbare opslagruimte.

Met de lancering van het spel zendt ontwikkelaar Wildlight Entertaiment om 19:00 uur Nederlandse tijd ook direct een zogenaamde Launch Showcase uit op YouTube - ook hieronder te bekijken. De studio belooft in deze showcase een ‘deepdive in de gameplay’ van Highguard te tonen, de contentplannen voor het eerste jaar uit de doeken te doen en nog ‘veel meer’. 

Watch on YouTube

Wat is Highguard?

Aan team-based PvP heroshooters als Overwatch is geen gebrek, maar Highguard lijkt zich bij die groep te scharen. Het spel wordt ontwikkeld door Wildlight Entertainment, dat weer bestaat uit oud-ontwikkelaars van onder andere Titanfall en Apex Legends. Mensen die dus meer dan prima shooters in elkaar hebben gedraaid, waardoor de interesse toch ietwat gewekt wordt. 

Ieder team in de game bestaat uit drie zogenaamde Wardens, waarvoor verschillende personages gekozen kunnen worden. In de trailer zien we bijvoorbeeld een ridderachtige personage, die met een speciale vaardigheid elektrische stokken rond kan gooien. Ook is er een groot ijsmonster dat schijnbaar muren kan laten verschijnen, een soort cowboy met beestachtige klauwen en een personage dat met messen kan gooien. Ook heeft ieder personage schijnbaar toegang tot geweren om het vijandelijke team mee te bevechten.

Het doel van een potje is namelijk het vinden van de ‘Shieldbreaker’, een soort groot zwaard waarmee je de basis van de tegenstanders open kan breken en uiteindelijk overnemen. Wanneer dit lukt is het potje gewonnen. In de context van de game krijgt jouw team op die manier de controle over het continent. 

©Wildlight Entertainment

Waarom is er zoveel om Highguard te doen?

Wildlight positioneert de game in hun marketing als een “nieuw soort shooter”, maar veel spelers zijn op basis van de trailer nog niet overtuigd. Highguard doet qua opzet van de potjes wel een paar dingen anders dan hero-shooters als Overwatch en Marvel Rivals, maar zoals Concord in 2024 liet zien is de huidige markt voor dit subgenre binnen shooters redelijk verzadigd. Velen zijn simpelweg nog niet overtuigd dat Highguard daadwerkelijk iets vernieuwends met zich mee weet te brengen.

Dit valt ook te verwijten aan een opvallend gebrek aan marketing van de game. Zo’n anderhalve maand voor release hoorden we voor het eerst van Highguard, toen de trailer werd getoond als afsluiter van The Game Awards. Normaliter is de laatste aankondiging van die show een van de hoogtepunten, maar Highguard wist mensen niet te enthousiasmeren. 

De gesprekken rondom Highguard werden echter nog vreemder, toen opviel dat Wildlight geruime tijd niets meer plaatste op sociale media over de game. Na de initiële aankondiging van de game werd er wekenlang niets meer geplaatst op het X-account van Highguard, tot drie dagen voor launch - toen het bedrijf een countdown startte. Ook dit maakte het lastig om enthousiast te worden voor Highguard. 

©Wildlight Entertainment

In de afgelopen dagen doken er berichten en geruchten op die stelden dat Geoff Keighley - de presentator en oprichter van The Game Awards - Highguard specifiek had uitgekozen als afsluiter van The Game Awards, omdat hij hier wel iets in zag. Op 25 januari plaatste Keighley een gif op X, waarin John Hammond uit Jurassic Park zegt: “Over 48 uur accepteer ik jullie verontschuldigingen”. 

Natuurlijk gunnen we iedere game waar tijd en passie in heeft gezeten het beste, maar het is ook niet te ontkennen dat het verhaal rondom Highguard op zijn minst frappant te noemen is. Nou ja, vanaf 19:00 uur kunnen we het spel zelf onder handen nemen. Verwacht daarom binnenkort impressies op onze socials en ID.nl.