ID.nl logo
Review Samsung Galaxy A51 – de beste midranger van Samsung
© Reshift Digital
Huis

Review Samsung Galaxy A51 – de beste midranger van Samsung

Samsung bracht vorig jaar één van de beste midrange toestellen uit van dat moment, toen de Samsung Galaxy A50 ten tonele verscheen. De verwachtingen voor diens opvolger, de Samsung Galaxy A51, zijn daarom hooggespannen. Maakt de smartphone die verwachtingen waar? Lees het in onze Samsung Galaxy A51 review.

Look and feel

Samsung heeft het design van de Samsung Galaxy A51 op het 2020-niveau gebracht dat nodig was. We zien een cameragat met een enkele frontcamera bovenin het grote amoled-scherm zitten van 6,5-inch. De grootte van de kin is minimaal en vergelijkbaar met andere Galaxy-smartphones. Het toestel beschikt over usb-c én een koptelefoonaansluiting, die wat ons betreft altijd welkom is. Achterop treffen we een rechthoekige module aan met maar liefst vier camera’s, waardoor op het eerste gezicht niet opvalt dat je hier met een midrange apparaat te maken hebt.

Wanneer je de Samsung Galaxy A51 echter beetpakt, dan breekt die illusie: je voelt aan het plastic omhulsel dat het toch geen high-end smartphone is. Dat is helemaal niet erg: het voordeel van plastic is dat het toestel redelijk robuust is. Hij zal niet snel kapot vallen wanneer die uit je handen glipt, in tegenstelling tot het glas dat tegenwoordig op smartphones aanwezig is. Daarnaast is hij lekker licht en ligt hij lekker in de hand. Ons model heeft de blauwe kleur meegekregen die erg fris oogt, terwijl de glanzende finish het uiterlijk gelukkig niet goedkoop doet overkomen.

Het is wel opletten geblazen, want de Samsung Galaxy A51 heeft geen ip-certificaat. Dat betekent dat hij dus niet tegen water of stof kan. Die paar regendruppels zal die nog net overleven; laat je hem echter in een plas of bak met water vallen, dan kan het al gauw einde oefening zijn. Dat is eigenlijk het grootste nadeel van de behuizing, eentje dat je echt in het achterhoofd moet houden.

©PXimport

Relatief langzame processor

De Samsung Galaxy A51 is voorzien van tenminste 4 GB aan werkgeheugen en 128 GB aan opslagruimte. De hoeveelheid werkgeheugen is meer dan voldoende voor Android en het OneUI, de eigen softwareschil van Samsung. 128 GB lijkt misschien niet veel, maar je kunt er toch meer dan genoeg foto’s en video’s mee opslaan of games en apps op installeren. Mocht dat niet genoeg zijn, wees dan niet getreurd: je kunt een micro-sd-kaart gebruiken om de opslagruimte uit te breiden.

De processor is slechts marginaal beter als we hem naast het andere toestel leggen. Er zijn vier kernen aanwezig die geklokt zijn op 2,3 GHz, terwijl de andere vier energiezuiniger zijn met een kloksnelheid van 1,7 GHz. In de praktijk betekent het dat je nog wel eens tegen wat gestotter aanloopt: het kan zijn dat browsen wat langer duurt dan je misschien gewend bent of dat het systeem het soms moeilijk heeft met het commando dat je geeft. Gelukkig kun je wel veel games in een hoge resolutie (blijven) spelen. Het zijn kleine ergernissen, maar ook niet meer dan dat.

Verder is er een accu met een vermogen van 4000 mAh, waardoor je verzekerd bent van een lange gebruikersduur. Als je er niet te veel op gamet, dan doe je er gemakkelijk anderhalve dag over om hem leeg te krijgen. Opladen is gelukkig, dankzij de usb-c-poort, zo gebeurt. Draadloos opladen zit er helaas niet in.

Display en vingerafdrukscanner

In vergelijking met zijn voorganger is het scherm van de Samsung Galaxy A51 iets groter (6,4-inch tegenover 6,5-inch) en dat betekent dat het toestel iets hoger en smaller is. De resolutie bedraagt 2400 bij 1080 pixels. Op dit scherm kom je uit op een pixeldichtheid van 404 pixels per inch (ppi) en dat is een behoorlijk strakke score (boven de 400 ppi wordt over het algemeen als goed bevonden). Het beeld is zeer scherp, de kleuren zijn levendig (dit kun je zelf instellen) en de kijkhoek is goed en dat heeft het toestel allemaal te danken aan het feit dat er dus een amoled-display aanwezig is.

De vingerafdrukscanner van de Samsung Galaxy A51 zit in het beeldscherm verwerkt. Daardoor heeft het toestel de allure van een high-end smartphone, aangezien deze technologie daar als eerste geïntroduceerd werd. De scanner is vergelijkbaar met andere vingerafdruklezers van Samsung: ze zijn over het algemeen betrouwbaar en accuraat, maar je zult meer dan eens je vinger opnieuw op het scangebied moeten leggen. Je vingerafdruk wordt niet altijd meteen of heel snel herkend.

©PXimport

©PXimport

©CIDimport

Android 10 én OneUI 2.0

De laatste maanden is Samsung een stuk sneller als het om software-updates gaat. En dat is te merken aan de Samsung Galaxy A51, die voorzien is van Android 10 en OneUI 2.0. Dat betekent dat deze midranger eerder toegang heeft tot de nieuwste softwareversies dan bijvoorbeeld de Samsung Galaxy S20-serie, wat laat zien dat het Zuid-Koreaanse bedrijf zijn rol als softwareontwikkelaar en de markt voor midrange smartphones serieus neemt. Ook mag je rekenen op twee Android-upgrades.

OneUI 2.0 is zeer gebruiksvriendelijke software met het hart op de juiste plek. De software verbergt functies niet en maakt je telefoon instellen overzichtelijker dan ooit. Daarnaast kun je (automatisch) overschakelen op een donkere thema voor je complete telefoon, wat zeer prettig is in de avond en handig voor de accu. Wat ons betreft heeft Samsung de laatste maanden zo veel geïnvesteerd in OneUI dat het inmiddels één van de beste Android-softwareschillen is van dit moment.

De grootste nieuwe verandering is de manier van navigeren. Voorheen gebruikte je hiervoor de drie knoppen onderin beeld, maar nu kun je instellen dat alles meer op basis van bewegingen gaat (zoals we eerder bijvoorbeeld al zagen op Pixel- en OnePlus-telefoons). Door van beneden naar boven te vegen open je de app-lade en door wederom van beneden naar boven te vegen en je duim even op het scherm te houden, open je de weergave voor recente apps. Als je met je duim of vinger vanaf de zijkant naar het midden veegt, dan ga je een pagina terug binnen de app of interface.

Helaas is het zo dat de twee minpunten van de Samsung-software ook hier aanwezig zijn: je kunt stemassistent Bixby niet uitschakelen en ook de standaardapplicaties zijn niet te verwijderen. Daardoor kan het zijn dat je op den duur met dubbele applicaties zit. Gelukkig kun je sommige apps wel verbergen in de lade, maar daarmee los je het probleem slecht gedeeltelijk op.

©CIDimport

Rechthoekige cameramodule met vier camera’s

Helemaal nieuw is de rechthoekige cameramodule. Dit gevaarte bestaat uit een dieptesensor van 5-megapixel, een hoofdcamera van 48-megapixel, een ultragroothoeklens van 12-megapixel en nog een macrolens van 5-megapixel. Niet alleen schiet je nu plaatjes in hogere resolutie in vergelijking met het model van vorig jaar, ook krijg je toegang tot compleet nieuwe lenzen.

Wanneer je kiekjes maakt met de 48-megapixelhoofdcamera dan valt op hoeveel detail en kleur vastgelegd wordt. Maak je bijvoorbeeld een foto van een omgeving met veel gras, dan kan het goed zijn dat je veel verschillende kleuren groen voorbij ziet komen. Ook andere details in de omgeving, zoals een hek, wat bomen of misschien wel dieren staat er fatsoenlijk en met genoeg detail op. Schakel je echter over op de groothoeklens, dan mis je heel wat fijne details. Ja, je zet in feite meer op één foto, maar de kwaliteit is over het algemeen iets minder. De kleuren ogen wat meer flets en het verschil in kleurweergave is meteen duidelijk.

©CIDimport

Met de macrocamera maak je dan wel weer mooie foto’s met een simpele druk op de knop. Je kunt objecten heel dicht bij de lens houden en de telefoon het werk laten doen. Het object op de voorgrond staat er dan mooi op, terwijl de achtergrond netjes wazig gemaakt wordt. Verder kunnen we digitaal inzoomen niet aanraden, want de foto’s gaan dan rap in kwaliteit achteruit. De selfiecamera werkt ook zoals je mag verwachten: je staat er zelf mooi op, terwijl de achtergrond minder scherp in beeld gebracht wordt. Voor alle camera’s geldt eigenlijk dat er voldoende licht aanwezig moet zijn, want anders vallen details snel weg, ogen beelden wat korrelig en komen de kleuren niet goed uit de verf. Dat geldt voor de fotografen, maar ook de videomakers onder ons.

Verder is het mogelijk met de hoofdcamera van 48-megapixel video’s in 4K te schieten, op dertig frames per seconde. Met de frontcamera kun je video’s in 1080p maken. In beide gevallen oogt de kwaliteit helder en gedetailleerd en zien we dat kleuren mooi gevangen worden.

©CIDimport

©CIDimport

©CIDimport

©CIDimport

©CIDimport

©CIDimport

Samsung Galaxy A51 – conclusie

Al met al kunnen we stellen dat de Samsung Galaxy A51 een fijne opvolger geworden is van één van de meest fijne midrangers van vorig jaar. Niet alleen krijg je een iets groter scherm, meer opslagruimte én meer camera’s, ook krijg je meteen toegang tot de meest recente versie van Android én het OneUI van Samsung.

Er kleven echter ook nadelen aan de smartphone. Zo is het heel fijn dat we nu meer camera’s hebben die meer mogelijkheden ontgrendelen, maar zonder voldoende licht komen die foto’s niet altijd heel goed uit de verf. Daarnaast merken we dat de processor soms wat te wensen over laat (maar je kunt niet alles hebben in dit segment) en vinden we het jammer dat er geen officieel ip-certificaat is. Dat laatste is nog wel te begrijpen, zodat de kosten en daardoor de prijs laag kunnen blijven.

Onderaan de streep blijft er wel een smartphone over die mooie prijs-kwaliteitverhouding heeft als je kijkt naar het amoled-scherm en de koptelefoonaansluiting. Want hoewel er toch nog wat kanttekeningen zijn, is er meer dan genoeg om van te houden. Wil je een toffe, goede smartphone waar je geen vakantie voor hoeft in te leveren, dan is de Samsung Galaxy A51 iets voor jou.

Uitstekend
Conclusie

**Adviesprijs** vanaf € 269,- **OS** OS Android 10, OneUI2 **Kleuren** wit, roze, blauw **Scherm** 6,5 inch super amoled (2400 x 1080) **Processor** 2,3 Ghz octacore (Exynos 9611) **RAM** 4GB **Opslag** 128GB **Batterij** 4.000 mAh **Camera** 48, 32 en 12 en 5 megapixel (achter), 32 megapixel (voor) **Connectiviteit** 4G (LTE), Bluetooth 5.0, wifi, gps, nfc **Formaat** 15,8 x 7,4 x 0,79 cm **Gewicht** 172 gram **Overig** Vingerafdrukscanner achter scherm, usb-c, dualsim

Plus- en minpunten
  • Mooi en groot amoled-scherm
  • Design en software ogen fris
  • Meer opslagruimte dan voorganger
  • Cameramodule
  • Processor wat langzaam
  • Geen ip-certificaat
  • Vingerafdruklezer niet snel
  • Fotograferen in de avond
▼ Volgende artikel
Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?
© Dennis
Huis

Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?

HDMI 2.1 is de nieuwste standaard voor beeldoverdracht, maar lang niet iedereen heeft de extra bandbreedte ook écht nodig. Vooral voor gamers met een PlayStation 5, Xbox Series X of krachtige pc is het relevant. Kijk je alleen films of televisie? Dan volstaat de oudere aansluiting vaak prima. Wij leggen uit waar de grens ligt.

Als je momenteel op zoek bent naar een nieuwe televisie of monitor vlíegen de technische termen je om de oren. HDMI 2.1 wordt door fabrikanten en winkels vaak gepresenteerd als een absolute noodzaak voor een scherm dat klaar is voor de toekomst. Hierdoor ontstaat de angst dat je een miskoop doet als je kiest voor een model met de oudere HDMI 2.0-standaard. Toch is dat in veel Nederlandse huiskamers een misvatting, want de voordelen zijn nogal specifiek. Veel consumenten betalen onnodig extra voor een functie die ze technisch gezien nooit zullen activeren. Na het lezen van dit artikel weet je precies of jij die snelle poort nodig hebt, of dat je dat budget beter aan een groter scherm of beter geluid kunt besteden.

De kern van het probleem: bandbreedte

Het fundamentele verschil tussen de gangbare HDMI 2.0-standaard en de nieuwere 2.1-versie zit 'm in de digitale snelweg die ze bieden. Je kunt het zien als een waterleiding: door een 2.1-kabel kan veel meer water (of dus data) tegelijk worden gepompt (48 Gbit/s in dit geval) dan door de oudere 2.0-variant (die 'maar' 18 Gbit/s kan verwerken). Die extra ruimte is nodig voor 4K-beelden met een zeer hoge verversingssnelheid (120 beelden per seconde) of voor extreem hoge resoluties zoals 8K.

Een hardnekkige mythe is dat HDMI 2.1 het beeld altijd mooier maakt. Dat is onjuist. Als je naar een Netflix-serie kijkt in 4K, ziet dat er via een 2.0-poort exact hetzelfde uit als via een 2.1-poort. De kabel verandert niets aan de kleuren, de scherpte of het contrast; hij zorgt er alleen voor dat het signaal 'erdoor' past. Pas als er een file op de kabel ontstaat (omdat je te veel beelden per seconde wilt versturen) wordt de nieuwe standaard noodzakelijk. Zolang je dataverbruik onder de limiet van HDMI 2.0 blijft, voegt versie 2.1 niets toe aan de beeldkwaliteit.

Wanneer werkt dit wél goed?

HDMI 2.1 komt pas echt tot zijn recht als je de grenzen van beweging en snelheid opzoekt. Dat is vrijwel exclusief het domein van de fanatieke gamer. Heb je een PlayStation 5 of Xbox Series X in huis en wil je games spelen in de hoogste 4K-resolutie met 120 beelden per seconde (120 Hz)? Dan is een HDMI 2.1-aansluiting op je tv onmisbaar. Zonder deze poort blijft je console steken op 60 beelden per seconde, wat minder vloeiend oogt bij snelle shooters of racegames.

Ook pc-gamers met een zware, moderne videokaart (zoals de NVIDIA RTX 40- of 50-serie) profiteren hiervan als ze hun pc op de tv aansluiten. Naast de snelheid biedt de 2.1-standaard ondersteuning voor Variable Refresh Rate (VRR). Dat zorgt ervoor dat de televisie zijn verversingssnelheid continu aanpast aan de spelcomputer, wat haperingen en 'tearing' (waarbij het beeld in tweeën lijkt te breken) voorkomt. Daarnaast is er Auto Low Latency Mode (ALLM), een signaal waardoor je tv automatisch naar de spelmodus schakelt zodra je de console aanzet. Voor wie de maximale prestaties uit een moderne spelcomputer wil halen, is HDMI 2.1 dus een logische en eigenlijk verplichte keuze.

Oké, maar wanneer werkt dit níet goed?

Voor de gemiddelde kijker is de meerwaarde van HDMI 2.1 nagenoeg nihil. Kijk je voornamelijk lineaire televisie (nieuws, talkshows), sportwedstrijden, films op Blu-ray of series via streamingdiensten als Disney+ en Videoland? Dan kom je nooit in de buurt van de bandbreedte die HDMI 2.0 niet meer aankan. Films en series worden vrijwel altijd gemaakt en uitgezonden in 24, 30 of maximaal 60 beelden per seconde. Een standaard HDMI 2.0-aansluiting kan 4K-beeld op 60 Hz fluitend aan, inclusief HDR (High Dynamic Range).

Ook voor bezitters van een oudere of minder krachtige spelcomputer, zoals de PlayStation 4, de Xbox One of de Nintendo Switch, voegt de nieuwe poort niets toe. Het signaal dat deze apparaten uitsturen is simpelweg niet zwaar genoeg om de bredere snelweg nodig te hebben. Je koopt in dat geval een Ferrari om er vervolgens alleen maar mee in een 30-kilometerzone te rijden. Je betaalt voor capaciteit die ongebruikt blijft, terwijl je dat geld wellicht beter had kunnen investeren in een tv met een beter contrast of hogere helderheid.

Dealbreakers

Er zijn specifieke situaties waarin het blindstaren op HDMI 2.1 je keuze onnodig beperkt of zelfs leidt tot een slechtere aankoop. Dit zijn de harde grenzen:

Je zoekt een televisie in het budgetsegment. In de lagere prijsklassen is de term HDMI 2.1 vaak misleidend. Fabrikanten mogen de term soms gebruiken omdat de tv één specifieke feature ondersteunt (zoals ALLM), terwijl het paneel zelf technisch helemaal geen 120 Hz kan weergeven. Je koopt dan een tv met een 2.1-sticker, maar zonder het daadwerkelijke voordeel van vloeiend beeld. In dit segment is beeldkwaliteit altijd belangrijker dan het versienummer van de poort.

Je wilt alleen beter geluid via een soundbar. Vaak wordt gedacht dat je voor de beste geluidsoverdracht (eARC) per se een volledige HDMI 2.1-tv nodig hebt. Hoewel eARC officieel onderdeel is van de 2.1-specificaties, hebben veel fabrikanten deze functie ook toegevoegd aan televisies die verder gewoon op HDMI 2.0 draaien. Als je doel puur het doorsturen van Dolby Atmos-geluid is, is een volledige HDMI 2.1-poort dus geen harde eis, zolang eARC maar specifiek wordt vermeld.

Je kijkt puur films en series. Als je geen gamer bent, is er geen enkel scenario waarin HDMI 2.1 je kijkervaring verbetert. Het sluit een heleboel uitstekende oudere of goedkopere modellen uit die misschien wel een veel mooier OLED- of QLED-paneel hebben, maar niet de nieuwste aansluitingen. Beeldkwaliteit (zwartwaarden, kleur) wint het voor de filmkijker altijd van bandbreedte.

©DC Studio

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om de juiste keuze te maken, moet je kritisch kijken naar wat er in je tv-meubel staat of komt te staan. De vuistregel is eenvoudig: ben jij iemand die elke frame telt in een online shooter en heb je de hardware om dat te genereren? Dan moet HDMI 2.1 bovenaan je wensenlijst staan; zonder die poort knijp je de prestaties van je dure console af en mis je de soepelheid waarvoor je betaald hebt.

Ben je daarentegen een filmliefhebber die geniet van de hoogste beeldkwaliteit in HDR, of kijk je vooral sport? Richt je dan op het contrast, de helderheid en de kleurweergave van het paneel. Een kwalitatief hoogwaardig paneel met een 'oudere' aansluiting geeft een indrukwekkender plaatje bij films dan een middelmatige tv die toevallig wél een 2.1-aansluiting heeft. Laat je niet gek maken door het idee van toekomstbestendigheid als de beloofde toekomst niet aansluit bij jouw kijkgedrag.

Dus...

HDMI 2.1 is essentieel voor gamers met een PS5, Xbox Series X of krachtige pc die willen spelen in 4K bij 120 Hz. Voor filmkijkers, serie-bingers en tv-kijkers biedt de standaard geen zichtbare beeldverbetering ten opzichte van HDMI 2.0. De extra bandbreedte is puur bedoeld voor zeer hoge framerates die videocontent niet gebruikt. Kies alleen voor HDMI 2.1 als je hardware hebt die deze snelheid daadwerkelijk kan benutten. In alle andere gevallen is de kwaliteit van het beeldscherm zelf veel belangrijker dan het type aansluiting.

▼ Volgende artikel
Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?
© Wildlight Entertainment
Huis

Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?

Op 26 januari kan de wereld aan de slag met Highguard. Het lijkt erop dat iedereen weet wat Highguard is, terwijl tegelijkertijd ook niemand precies weet wát Highguard nou precies is. In dit artikel zetten we dus uiteen wanneer je de game kunt spelen, en waarom deze titel van Wildlight Entertainment zoveel aandacht krijgt.

Releasedatrum van Highguard

Highguard is vanaf vandaag, 26 januari, rond 19:00 uur Nederlandse tijd beschikbaar op pc, PlayStation 5 en Xbox Series X en S. De exacte releasetijd is nog niet bekend, maar vermoedelijk zal de game rond die tijd op alle platforms beschikbaar worden.

Daarbij is het spel free-to-play, dus je hoeft niets te betalen om Highguard te spelen. Daarbij ondersteunt de game crossplay en cross-save, dus je kunt de game samen met vrienden op andere platforms spelen en je progressie op andere platforms meenemen. Het spel is niet te preloaden, maar vereist op pc in ieder geval 25 GB aan beschikbare opslagruimte.

Met de lancering van het spel zendt ontwikkelaar Wildlight Entertaiment om 19:00 uur Nederlandse tijd ook direct een zogenaamde Launch Showcase uit op YouTube - ook hieronder te bekijken. De studio belooft in deze showcase een ‘deepdive in de gameplay’ van Highguard te tonen, de contentplannen voor het eerste jaar uit de doeken te doen en nog ‘veel meer’. 

Watch on YouTube

Wat is Highguard?

Aan team-based PvP heroshooters als Overwatch is geen gebrek, maar Highguard lijkt zich bij die groep te scharen. Het spel wordt ontwikkeld door Wildlight Entertainment, dat weer bestaat uit oud-ontwikkelaars van onder andere Titanfall en Apex Legends. Mensen die dus meer dan prima shooters in elkaar hebben gedraaid, waardoor de interesse toch ietwat gewekt wordt. 

Ieder team in de game bestaat uit drie zogenaamde Wardens, waarvoor verschillende personages gekozen kunnen worden. In de trailer zien we bijvoorbeeld een ridderachtige personage, die met een speciale vaardigheid elektrische stokken rond kan gooien. Ook is er een groot ijsmonster dat schijnbaar muren kan laten verschijnen, een soort cowboy met beestachtige klauwen en een personage dat met messen kan gooien. Ook heeft ieder personage schijnbaar toegang tot geweren om het vijandelijke team mee te bevechten.

Het doel van een potje is namelijk het vinden van de ‘Shieldbreaker’, een soort groot zwaard waarmee je de basis van de tegenstanders open kan breken en uiteindelijk overnemen. Wanneer dit lukt is het potje gewonnen. In de context van de game krijgt jouw team op die manier de controle over het continent. 

©Wildlight Entertainment

Waarom is er zoveel om Highguard te doen?

Wildlight positioneert de game in hun marketing als een “nieuw soort shooter”, maar veel spelers zijn op basis van de trailer nog niet overtuigd. Highguard doet qua opzet van de potjes wel een paar dingen anders dan hero-shooters als Overwatch en Marvel Rivals, maar zoals Concord in 2024 liet zien is de huidige markt voor dit subgenre binnen shooters redelijk verzadigd. Velen zijn simpelweg nog niet overtuigd dat Highguard daadwerkelijk iets vernieuwends met zich mee weet te brengen.

Dit valt ook te verwijten aan een opvallend gebrek aan marketing van de game. Zo’n anderhalve maand voor release hoorden we voor het eerst van Highguard, toen de trailer werd getoond als afsluiter van The Game Awards. Normaliter is de laatste aankondiging van die show een van de hoogtepunten, maar Highguard wist mensen niet te enthousiasmeren. 

De gesprekken rondom Highguard werden echter nog vreemder, toen opviel dat Wildlight geruime tijd niets meer plaatste op sociale media over de game. Na de initiële aankondiging van de game werd er wekenlang niets meer geplaatst op het X-account van Highguard, tot drie dagen voor launch - toen het bedrijf een countdown startte. Ook dit maakte het lastig om enthousiast te worden voor Highguard. 

©Wildlight Entertainment

In de afgelopen dagen doken er berichten en geruchten op die stelden dat Geoff Keighley - de presentator en oprichter van The Game Awards - Highguard specifiek had uitgekozen als afsluiter van The Game Awards, omdat hij hier wel iets in zag. Op 25 januari plaatste Keighley een gif op X, waarin John Hammond uit Jurassic Park zegt: “Over 48 uur accepteer ik jullie verontschuldigingen”. 

Natuurlijk gunnen we iedere game waar tijd en passie in heeft gezeten het beste, maar het is ook niet te ontkennen dat het verhaal rondom Highguard op zijn minst frappant te noemen is. Nou ja, vanaf 19:00 uur kunnen we het spel zelf onder handen nemen. Verwacht daarom binnenkort impressies op onze socials en ID.nl.