ID.nl logo
Huis

Game Center gebruiken in iOS 9

Game Center is de service van Apple waarmee je tegen mensen van over de hele wereld kunt gamen. Hier kun je ook zien of jouw fenomenale high score echt wel zo goed is als hij vergeleken wordt met de high scores van je vrienden, vrienden uitdagingen sturen en zogeheten achievements sparen.

Na de lancering van iOS 9 was er even paniek onder een groep Game Center-gebruikers. De service werkte niet bij iedereen meer even goed, en er waren zelfs berichten dat mensen al hun informatie kwijt waren geraakt. Inmiddels lijkt alles weer naar behoren te functioneren. De bugs die je altijd wel tegenkomt bij de lancering van een nieuw besturingssysteem zijn weggestreken en iedereen kan weer gewoon gebruik maken van Game Center. Lees ook: De 13 beste games voor je iPhone of iPad.

Gelukkig maar, want voor veel mensen zou het gamen simpelweg niet meer zo leuk zijn als ze geen gebruik zouden kunnen maken van deze dienst. Het sparen van achievements, prestaties die je binnen een game bereikt, heeft een mild verslavend effect. Daarnaast is het erg leuk om je vrienden een uitdaging te sturen en dan te kijken wie van jullie hier het beste in is. Ook maakt Game Center het mogelijk om multiplayer te gamen, zelfs tegen gebruikers van OS X. En tja, het blijft leuk om op te scheppen tegen anderen als je de hoogste score hebt gehaald!

Gevecht om de hoogste score

©PXimport

Game Center opent een wereld aan mogelijkheden om meer uit je games te halen.

Al sinds de dagen dat het gamen nog voornamelijk gebeurde in speelhallen hebben high scores een belangrijke rol gespeeld. Wat is er nou leuker dan met dat extra beetje inspanning de hoogste score te verbeteren? Als je binnen Game Center echter kijkt naar de high scores die wereldwijd behaald worden, dan zie je vrij snel dat de kans klein is dat je een score haalt die in de bovenste regionen gaat eindigen.

Het probleem is namelijk dat de meeste games in Game Center slachtoffer zijn van gekraakte versies van de games, waarmee je oneindig door kunt spelen, zonder dat je daar echt je best voor hoeft te doen. Zo zie je bovenaan in de lijst scores staan met een aantal nullen waar het van gaat duizelen, terwijl jouw zuurverdiende score ergens onderaan bungelt.

Er zijn gamemakers die hier iets aan doen. Bij Pac-Man 256 bijvoorbeeld worden oneerlijk behaalde high scores vrij snel weggehaald uit de ranking. Het is dan wel de vraag hoe lang de makers die vol kunnen houden, gezien het aantal gamers die deze game nog steeds fanatiek spelen, en de aanhoudende stroom cheats die er online komen te staan. Dit is nou een probleem waarvan we graag hadden gezien dat het binnen iOS 9 was aangepakt. Nu ben je eigenlijk aangewezen op je vrienden om een eerlijk high score gevecht te houden. En mocht iemand binnen je vriendenkring een astronomische score hebben behaald, dan weet je in ieder geval wie je er op moet aanspreken.

Meer achievements... Meer!

©PXimport

Subway Surfers is bij uitstek een game waar cheaters de high score tabel beheersen. Gelukkig zijn er genoeg achievements in deze game te halen.

Het is eigenlijk Microsoft dat er op de Xbox 360 mee is begonnen: het uitdelen van Achievements voor gamers die een bepaalde mijlpaal in een spel hebben bereikt. Het fenomeen werd in het begin nog een beetje met een scheef oog aangekeken, inmiddels gebruikt elk gamesplatform zijn eigen achievements/trophies systeem.

Vrijwel elke game die tegenwoordig uitkomt maakt hier gebruik van. De meeste games maken het je mogelijk tussen de 20 en 50 achievements te behalen, waarbij je voor elke achievement weer punten krijgt om aan je totale Game Center score toe te voegen. Ook dit is een manier om op te scheppen tegen je vrienden, en zo te laten zien hoe ver je bent bij een bepaalde game. Je kunt bijvoorbeeld achievements krijgen als je een een bepaald level uitspeelt, of als je een hoge score haalt. Ook zijn er makkelijker achievements (soms krijg je ze al als je een spel voor het eerst opstart), of extreem ingewikkelde (waarvoor je elk onderdeel van een game vrij moet spelen).

Ook maken gamemakers hier handig gebruik van bij hun freemium games. Spelers willen vaak toch proberen in hun favoriete spellen alles vrij te spelen. Bij sommige games kun je bepaalde achievements echter alleen halen als je iets haalt wat eigenlijk alleen met een IAP-aanschaf te halen is. Dit IAP-pimpen is, begrijpelijk, niet al te populair, maar het weerhoudt ontwikkelaars er niet van hier toch mee door te gaan. Het is een gemiste kans dat Apple niet bij iOS 9 aan gamemakers heeft aangegeven dat gamers al hun achievements op een eerlijke manier moeten kunnen halen, maar het is een aanpassing die we ook in toekomstige iOS-versies waarschijnlijk niet tegen gaan komen.

Daag je vrienden uit

©PXimport

Welk van jouw vrienden ga je nu uitdagen bij Pac-Man 256?

Dit is een onderdeel van GameCenter dat toch wel erg leuk blijft: je vrienden een uitdaging sturen en dan kijken wie van jullie deze het beste volbrengt. Je kunt bij het versturen van deze uitdagingen meerdere vrienden tegelijk op de korrel nemen, er vanuit gaande dat ze hetzelfde spel hebben als jij natuurlijk.

Alhoewel, het is ook mogelijk om een vriend een uitdaging te sturen in een game die hij zelf heeft, maar jij niet. Bekijk gewoon de spellen die jouw vriend allemaal op zijn device heeft staan en als je daar een uitdaging tussen ziet staan die je lastig genoeg lijkt, dan laat je hem deze gewoon uitvoeren. Net als eigenlijk de rest van Game Center heeft Apple ook hier niks aan verandert. Maar goed ook, goede dingen hebben eigenlijk helemaal geen aanpassingen nodig.

Multiplayer spelen

Hier bij iOS 9 ook geen al te grote aanpassingen. Het is nog steeds mogelijk om bepaalde games met vrienden of onbekenden te spelen, waarbij het niet uitmaakt van wat voor besturingssysteem je tegenspelers gebruik maken. Zo kun je bijvoorbeeld ook multiplayeren met iemand op OSX.

Online tegen anderen spelen blijft leuk, je kunt op deze manier meer uit je games halen, en het blijft voldoening geven om als overwinnaar uit een gevecht of race te stappen. Het werkt ook erg goed. Zolang je zelf maar een goede internetverbinding hebt hoef je jezelf geen zorgen te maken dat je er halverwege een spelletje uitgegooid wordt of dat er 'lag'-problemen voorkomen.

De toekomst van Game Center

Er waren voorafgaand aan de release van iOS 9 wat (ongefundeerde?) geruchten dat Apple van plan was te stoppen met Game Center. Gelukkig is daar niks van waar gebleken. Integendeel, het gamen met Game Center krijgt straks met de toevoeging van het gamen op Apple TV alleen maar extra toepassingen. Straks op je televisiescherm spelen tegen je vrienden, waar op de wereld die zich ook bevinden, is natuurlijk nog leuker dan op het kleine scherm van de iPad of iPhone.

En alle nieuwe spellen brengen natuurlijk allemaal nieuwe achievements met zich mee die gehaald kunnen worden. Het is alleen te hopen dat Apple in de toekomst een manier gaat vinden om cheaters te lijf te gaan en de high score-gevechten zodoende eerlijk te houden.

▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.