ID.nl logo
Android-smartphone zonder Google-account gebruiken: kan dat wel?
© Thanes.Op
Huis

Android-smartphone zonder Google-account gebruiken: kan dat wel?

Wanneer je een Android-smartphone of tablet installeert, dan is een van de eerste dingen die je doet inloggen met een Google-account. Maar wat nou als je dat niet doet? Kun je een Android-apparaat ook gewoon zonder dat account gebruiken?

Als je niet inlogt met een Google-account, dan verlies je een aantal dingen. Denk dan aan:

  • De toegang tot Google Play.
  • De bescherming van Google.
  • En sommige apps werken niet meer (goed). Maar er zijn ook dingen die je ervoor terugkrijgt!

Lees ook: Laat Android-apps moeteloos op je computer draaien.

✅ Je kunt nog steeds apps downloaden

Laten we positief beginnen. Wanneer je niet inlogt met een Google-account op een Android-apparaat, dan kun je nog steeds apps downloaden en updaten. Meestal download je je apps uit Google Play (daar later meer over), maar daarnaast bestaat nog een aantal downloadwinkels. Denk dan aan de Galaxy Store op Samsung-toestellen en de Amazon Appstore. Huawei heeft ook zijn eigen store, die door de handelsban vanuit de Verenigde Staten mettertijd steeds belangrijker geworden is.

En er zijn nog meer alternatieven. Zo is er de betrouwbare website APK Mirror, waar je de meest recente versies van de populairste Android-apps kunt downloaden. Je downloadt dan een .apk-bestand; daarmee installeer je de app op je smartphone. Ook is er nog F-Droid, waar je gratis en opensource-apps aantreft. Pas wel altijd op wanneer je apps uit onbekende bronnen downloadt, want er kan nog wel eens een rotte appel tussen zitten.

©ra2 | ra2studio

✅ Android-updates downloaden

Bovendien is het mogelijk dat je nog steeds Android-updates kunt downloaden. Je hoeft dus geen Google-account te hebben voor dat voorrecht. De fabrikant van het toestel is namelijk verantwoordelijk voor het up-to-date houden van je smartphone of tablet. Dit geldt overigens niet alleen voor beveiligingsupdates die elke maand of elk kwartaal verschijnen; je mag ook rekenen op een upgrade naar een volgende versie van Android, mits je toestel daar recht op heeft.

✅ Je ontdoet je van Google-tracking

Een belangrijke reden om niet in te loggen met een Google-account is dat je dan ook niet gevolgd kan worden door Google. Dat klinkt logisch, maar niet iedereen staat hierbij stil. Op een Android-smartphone houdt het bedrijf je strak in de gaten. Allerlei interessante informatie kan immers doorverkocht worden aan de hoogste bieder. De zoekmachinegigant heeft bepaalde tracking al wel moeten minderen, maar dan nog is je Android-apparaat een veredelde goudmijn.

Bijkomend voordeel van niet inloggen is dat je bijna geen gebruik kunt maken van de Google-apps. Dat betekent dus dat je minder apps van Google gaat gebruiken, waardoor het bedrijf daar in elk geval geen informatie over kan opslaan. En de apps die toch gebruikt, waar Google dan data van binnenkrijgt, worden niet gekoppeld aan jouw Google-account. Voor iemand die bewust om wil gaan met zijn of haar privacy, is dit een prima optie (al is géén smartphone dan alsnog de beste optie).

Mocht je toch een bepaalde app willen gebruiken of update willen downloaden waar een Google-account voor nodig is, dan ben je niet verloren. Je logt even in, doet wat je moet doen, en logt dan weer uit. Vergeet ook niet je Google-account te verwijderen van het apparaat.

❌ Veel Google-apps werken niet (goed)

Maar goed, niet inloggen betekent ook dat je te maken krijgt met nadelen. Een van die nadelen is dat niet alle Google-apps dus goed werken. Google Docs, Google One en meer van dit soort apps werken logischerwijs niet zonder Google-account, omdat je daar nou eenmaal persoonlijke gegevens en documenten opslaat. Vaak komt dit doordat dergelijke apps een portaal zijn naar webdiensten, waardoor er dus gegevens gesynchroniseerd moeten worden. En daar heb je een account voor nodig.

Dat betekent echter niet dat geen enkele app werkt. Bepaalde Google-apps, zoals YouTube en Maps, blijven ook zonder account gewoon werken. Maar als je bepaalde dingen wilt doen waarbij iets opslaan om de hoek komt kijken, ja, dan heb je wel een account nodig. Wil je je bijvoorbeeld abonneren op een YouTube-kanaal of een video opslaan voor later, dan ontkom je niet aan zo’n account. Google Foto’s kan prima dienstdoen als offline fotogalerij, maar opslaan in de cloud werkt niet zonder in te loggen.

©Jirapong - stock.adobe.com

❌ Geen toegang tot Google Play

Een ander nadeel is dat je geen toegang hebt tot Google Play en de bescherming die daarbij komt kijken. Niet alleen verlies daarmee dus toegang tot een van de grootste downloadwinkels van Android (zo niet de grootste), ook ben je op jezelf aangewezen als het gaat om het beschermen van je smartphone of tablet. Binnen Google Play is namelijk een scansysteem ingebouwd (Google Play Protect) dat constant apps scant op malafide gedrag. Die taak komt dus op jouw bordje te liggen.

❌ Geen Google-diensten op Android

In het verlengde daarvan moet je er ook rekening mee houden dat Google-diensten niet werken op Android. Die diensten zijn anders dan de apps die het bedrijf aanbiedt. Achter de schermen gebruikt Android allerlei systemen die voor een toegankelijke en pijnloze ervaring zorgen. Dankzij die systemen krijg je bijvoorbeeld toegang tot de autofill-optie van al je wachtwoorden, waardoor je die niet handmatig hoeft in te vullen (mits je die wachtwoorden met je Google-account synct).

Ook is het niet mogelijk je data te back-uppen bij Google (data die je, als je wél back-upt, bijvoorbeeld makkelijk kunt herstellen op een nieuw toestel), maar dat kan nou net het doel zijn, natuurlijk. Ook niet mogelijk: je smartphone terugvinden wanneer je hem kwijt bent.

Gelukkig zijn er voor veel van deze diensten alternatieve applicaties beschikbaar, waardoor je dus niet helemaal als een vis op het droge bent. Maar je zult daar zelf naar moeten zoeken via alternatieve app-bronnen.

❓ Android zonder Google-account: wat houd je over?

Als we alle punten even bij elkaar optellen en daar een conclusie aan verbinden, dan blijkt dat je een Android-apparaat prima zonder Google-account kunt gebruiken. Want los van de alternatieve opties blijft een smartphone bijvoorbeeld an sich een krachtig apparaat. Je hebt immers altijd een camera, muziekspeler en communicatiemiddel bij je. Sommige dingen gaan wat moeizamer, maar je bent echt niet bij het einde van de wereld aangekomen. Je smartphone is niet opeens een dumbphone.

Veel mensen vinden het tegenwoordig belangrijk minder afhankelijk van Google te zijn. Dat bedrijf hunkert naar data en heeft gebruikers goed aan zich weten te binden in de afgelopen jaren. Maar nu heb je gezien dat je ook prima zonder kunt. Je moet wat creatiever worden als het gaat om apps downloaden, maar over het algemeen loop je vrij weinig mis. Ja, inloggen met een Google-account maakt alles gemakkelijker, maar zónder kan ook, zoals je ziet!

Er zit vast iets voor jou bij!

De populairste smartphones van Samsung

Powered by Kieskeurig.nl

Liever een telefoon zonder toeters en bellen?

Ouderwetse gsm's
▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.