ID.nl logo
Video's bewerken met OpenShot
© Reshift Digital
Huis

Video's bewerken met OpenShot

Zeker na de zomervakantie is het bewerken van video’s een klusje waar nogal wat mensen zich voor gesteld zien. Al was het maar om al het overbodige materiaal uit de geschoten vakantiefilmpjes te halen. Deze activiteit hoeft je dankzij de open source videobewerker OpenShot geen cent te kosten. En met deze tips is het ook niet zo heel moeilijk meer.

Tip 01: Installeren

OpenShot is een veelzijdige videobewerker met vriendelijke bediening, en daarmee ook meteen een uitstekend alternatief voor Windows Movie Maker. Prettige bijkomstigheid: je kunt kiezen uit versies voor Windows, Linux en macOS. De installatie is rechttoe-rechtaan en kent geen vervelende opties met reclame-malware. De eerste keer dat je het programma start, verschijnt een korte introductie. In de eerste stap is het mogelijk om de standaard ingeschakelde optie Ja, ik wil OpenShot verbeteren! uit te zetten. Daarmee voorkom je dat er gebruiksgegevens naar de makers worden verzonden, mocht je erg op je privacy gesteld zijn. Doorloop de introductie even en de pret kan beginnen.

©PXimport

Tip 02: Importeren

Ten eerste moet er een videobestand geïmporteerd worden in OpenShot, bijvoorbeeld van je smartphone, digitale fotocamera of natuurlijk een al even digitale videorecorder. Wel dienen deze films eerst naar de pc overgeheveld te worden. Hiervoor bewandel je de gebruikelijke weg, al dan niet geholpen door bij het apparaat geleverde software. Blader met de Windows Verkenner naar de map waar de videobestanden zijn bewaard. Klik op een bestand en sleep het naar het linker venster – onder Projectbestanden – van OpenShot.

Tip 03: Filmstrip

De clips zijn nu in OpenShot geïmporteerd. Om echt iets aan videobewerking te kunnen doen, sleep je ze – in de gewenste volgorde – naar de tijdlijn onder in beeld. Het maakt verder niet uit in welk ‘spoor’ je de clips achter elkaar zet. Pak dus in principe het bovenste (Spoor 4), anders blijf je mogelijk heen en weer scrollen. Plaats om te beginnen eens twee clips netjes achter en tegen elkaar aan. Vervolgens voegen we meteen even een ‘starteffect’ in de vorm van een zoom-in toe. Klik daarvoor met de rechtermuisknop op het eerste ingevoegde fragment. In het geopende contextmenu klik je Animatie / Begin van fragment / Zoom / Inzoomen (50% naar 100%). Uiteraard kun je ook een van de vele andere beschikbare effecten gebruiken.

©PXimport

Tip 04: Preview

Je kunt het toegevoegde effect direct bekijken. Klik daarvoor onder het preview-paneel op de afspeelknop. Bedenk daarbij dat de preview mogelijk net iets minder vloeiend verloopt dan straks in de uiteindelijke film. In het preview-beeld zie je namelijk live toegepaste effecten. Als je over een wat tragere pc en/of videokaart beschikt, wordt er hier en daar wellicht een beeld (frame) overgeslagen. Naast de afspeel- annex pauzeknop staan er onder de voorbeeldvideo nog een paar knoppen. De meest linkse en rechtse gele exemplaren dienen om snel naar het begin of eind van de content op de filmstrip te springen. De witte ‘dubbele driehoekjes’ zorgen voor vooruit of achteruit spelen. Herhaald op een van deze knopjes klikken zorgt voor versneld afspelen. Te snel? Klik dan op het tegenovergestelde knopje om de zaak weer te vertragen.

Tip 05: Overgang

Een harde overgang tussen clips kan soms mooi zijn, maar vaak ook niet. Zeker niet als beide clips niet helemaal aan elkaar gerelateerd zijn. Wil je een zachtere overgang, dan kun je kiezen uit een scala aan effecten. Klik boven de filmstrook op Overgangen. Vaak zijn de simpelste effecten het mooist, zoals faden. Het zorgt voor een rustige weergave waar de kijker geen hoofdpijn van krijgt. Maar wil je je eens helemaal uitleven, dan kan dat: psychedelische effecten genoeg. Om een overgangseffect tussen twee clips in te stellen, sleep je eerst een effect naar het einde van de eerste clip en vervolgens hetzelfde effect naar het begin van de volgende. Met andere woorden: wil je bijvoorbeeld fade naar zwart maken aan het eind van een clip, dan sleep je het blokje Fade naar het einde van de eerste clip. Sleep dit Fade-effect breder of smaller om het effect te verlengen. Standaard is Fade ingesteld op infaden. Om langzaam naar zwart te faden klik je met de rechter muisknop op het toegevoegde effect in de filmstrip. Klik in het contextmenu op omgekeerde transitie. Sleep nu nogmaals het Fade-effect vanuit het overgangenpaneel naar het opvolgende blok. Sleep het op de gewenste lengte. Deze keer hoef je niet voor een omgekeerde transitie te kiezen, want we willen infaden en dat is het standaardgedrag van dit effect. Het eindresultaat is nu dat het beeld langzaam zwart wordt aan het einde van de eerste clip en het beeld van de opvolgende clip langzaam zichtbaar wordt.

©PXimport

Wil je een zachtere overgang, dan kun je kiezen uit een scala aan effecten.

-

Tip 06: Crossfade

Wil je een echte ‘crossfade’ maken, dan is wat meer creativiteit nodig. Sleep de aansluitende videoclip naar een spoor lager, bijvoorbeeld van Spoor 4 naar Spoor 3. Zorg dat het iets overlapt met de voorgaande clip. Sleep ook het Fade-effect (of een ander) weer naar het begin van deze verhuisde clip. Je hebt nu een prima crossover gemaakt.

Tip 07: Project bewaren

Je hebt nu al aardig wat dingen uitgevoerd in de software. Tijd om het project te bewaren. Klik in het menu Bestand op Project opslaan. Geef je project een naam en bewaar het in een map waar je het terug kunt vinden. Let op: je bewaart nu de film nog niet! Dit is puur de omschrijving van het geheel. Het is dus zaak om te zorgen dat de bronclips in de map blijven staan waarvandaan je ze ook hebt toegevoegd vanuit de Verkenner. Pas als het project helemaal klaar is en je zeker weet dat je niets meer wilt veranderen, kun je de bronbestanden verwijderen of verplaatsen. En dan pas ná het renderen en bewaren van de uiteindelijke video. Komen we straks nog uitgebreid op terug. Verder geldt dat er in de map waar je het projectbestand bewaart, ook een mapje met de naam thumbnail wordt aangemaakt. Ook die map moet je laten staan. Ook als je je project op bijvoorbeeld het bureaublad hebt opgeslagen.

©PXimport

Tip 08: Beter filmen

Deze video-editor is vooral handig voor het inkorten van fragmenten. Vaak zit er namelijk een vreemde beweging aan het begin en einde van een opname uit de losse hand. Gouden tip bij het filmen: zorg voor wat rust aan het begin en het eind van een opname. Ofwel: hou de camera een seconde of drie stil en begin dan pas met bewegen. Dat maakt het achteraf bewerken van de videoclips een stuk makkelijker. Overgangen zien er ook mooier uit bij stilstaand beeld, waarbij de camera niet beweegt. Pannen is bijvoorbeeld heel mooi, maar houd de camera aan het eind van zo’n pan even stil. Direct vanuit een pan overgaan naar een volgend fragment oogt vaak lelijk.

Tip 09: Inkorten

Het inkorten – ook wel ‘trimmen’ genoemd - van een videofragment is eenvoudig. Beweeg je muis naar het begin of einde van een videoblokje op de tijdlijn, tot aan het punt waarop de cursor in twee tegengestelde horizontale pijltjes verandert. Je kunt nu met de linkermuisknop het blok op de gewenste lengte slepen. In het preview-venster zie je precies waar je gaat snijden. Heb je het blok op lengte gesneden en de overbodige zaken verwijderd, dan zul je zien dat een eventueel aanwezig opvolgend blok een stukje verder staat. De ontstane zwartruimte tussen beide blokken is niet goed, die levert namelijk ook een zwart beeld op gedurende die tijd. Schuif alle navolgende (of voorgaande) blokken dan ook weer netjes sluitend. Heb je meerdere blokken inclusief effecten over verschillende sporen verdeeld staan, dan is het zaak om eerst alle te verplaatsen blokken te selecteren. Dat kan door erop de Control-klikken. Sleep vervolgens de hele selectie sluitend. Ook is het mogelijk met de muis een selectiekader om alle te verplaatsen blokken te slepen, net wat je prettiger vindt. Is alles weer netjes aangesloten, dan is de operatie geslaagd.

©PXimport

In eerste instantie heb je het geluid niet nodig: eerst moet het beeld in orde zijn

-

Tip 10: Effecten als laatst

Een heel praktische tip voor videobewerken in OpenShot: plaats eerst alle videofragmenten in de juiste volgorde op de tijdlijn en pas ze in lengte aan. Voeg pas daarna (overgangs)effecten toe. Het maakt dat je minder goed hoeft op te letten bij het verplaatsen van de blokken. En ook loop je niet het risico een precies goed geplaatst (overgangs)effect kapot te maken doordat je het per ongeluk niet hebt geselecteerd.

Tip 11: Audio scheiden

Het is je ongetwijfeld al opgevallen dat er geen geluidsspoor getoond wordt in OpenShot. In eerste instantie heb je dat ook niet nodig: eerst moet het beeld in orde zijn. Het is praktisch om beeld en geluid van elkaar te scheiden. Je kunt dan het beeld en geluid onafhankelijk van elkaar bewerken. Dat regel je door met de rechtermuisknop op een videoclip in de tijdlijn te klikken, en dan in het geopende contextmenu voor Audio Scheiden en Enkele Clip (alle kanalen) te kiezen. Je ziet nu dat er – na even wachten – een nieuw audio-blok direct boven of onder het bijbehorende videoblokje verschijnt. Of het videoblok verplaatst naar een spoor lager of hoger, net wat qua plaatsing beter uitkomt. Voor de duidelijkheid hebben we even een nieuw voorbeeldproject opgezet.

©PXimport

Tip 12: Audio bekijken

Van het langere blok is de audio nu van het beeld gescheiden. Met als gevolg twee op het oog identieke blokjes op de tijdlijn. Maar let op de naamgeving: we zien IMG_1872.MOV en IMG_1872.MOV (alle kanalen). Dat laatste blok met de vermelding alle kanalen is het audioblok. Wil je dat duidelijker maken, klik dan met de rechtermuisknop op het laatstgenoemde geluidsblok en daarna in het geopende contextmenu onder Weergave op Waveform geluid weergeven. Je ziet nu een grafische representatie van het geluidsspoor dat bij de clip hoort.

Tip 13: In- en uitfaden

Nu is OpenShot geen geluidsbewerker; daarvoor moet je uitwijken naar iets als het ook opensource Audacity. Wel beschikt deze video-editor over een paar praktische tools. Zo behoren in- of uitfaden van het geluid tot de mogelijkheden. Klik met de rechtermuisknop op het audioblokje en kijk in het geopende contextmenu onder Volume. Daar tref je volumeopties verdeeld over drie categorieën aan. Onder Begin van Fragment vind je onder meer de infade-optie en onder Einde van fragment de uitfade-optie. Telkens kun je kiezen uit snel of langzaam. Het volume van de hele clip kan verhoogd of verlaagd worden onder Gehele clip. Daar kun je ook kiezen om automatische aan begin en eind respectievelijk een fade-in en fade-out te maken. In principe zijn dit alle tools die je nodig hebt om videogeluid op orde te brengen.

©PXimport

Heb je slecht of oninteressant geluid bij een videoblok, verwijder dat dan

-

Tip 14: Muziek

Muziek toevoegen is heel makkelijk. Sleep een audiobestand (bijvoorbeeld een mp3’tje of flac) naar je Projectbestanden in OpenShot. Sleep vervolgens van daaruit de muziek naar een leeg spoor. Je kunt de audiotrack net als alle andere blokken verplaatsen, trimmen enzovoorts. Heb je bijvoorbeeld slecht of niet interessant geluid bij een bepaald videoblok, dan kun je daarvan het geluid helemaal verwijderen. Scheid geluid en beeld eerst weer en verwijder dan het geluidsblok (selecteren en op Delete drukken). Nu hoor je alleen de achtergrondmuziek. Je ziet het complete plaatje iets hiervoor onder het kopje Audio scheiden.

Tip 15: Exporteren

Is je film klaar, dan moet deze geëxporteerd worden. Klik daarvoor in het menu Bestand op Video exporteren. Vul en bestandsnaam in en kies en map via de knop Bladeren. Om zo compatibel mogelijk te zijn met een scala aan afspeelapparatuur kies je het best achter Doel voor MP4 (h.264). De meeste digitale video- en fotocamera’s filmen in Full HD 1080p (interlaced) met 30 beelden per seconde (fps). Kies daar dan ook voor achter Videoprofiel. Is jouw camera anders ingesteld, dan kan hier gekozen worden uit een lange lijst aan andere settings. Zorg dat achter Kwaliteit de optie Hoog is gekozen. Klik op Video exporteren. Deze klus kan – zeker bij langere video’s – even duren!

©PXimport

▼ Volgende artikel
Maak een lichtgewicht Windows met Tiny11 Builder
© ID.nl
Huis

Maak een lichtgewicht Windows met Tiny11 Builder

Windows is een veelzijdig besturingssysteem, maar compact en gestroomlijnd kun je het niet noemen. Bovendien lijkt elke nieuwe versie er weer extra functies en onderdelen bij te krijgen. Kan het niet wat compacter? Met de juiste hulpmiddelen draai je hier je hand niet voor om: alles voor een lichtgewicht Windows 11.

Wat gaan we doen?

Dit artikel bestaat uit twee delen. In het eerste deel gaan we aan de slag met het gratis Tiny11 Builder. Hiermee maak je een compacte Windows-versie, die je vervolgens kunt installeren. Wil je liever je bestaande Windows 11 compacter maken en Windows niet opnieuw installeren? Daarover lees je in het tweede deel, waarbij we de hulp inroepen van het programma CrapFixer. 

Lees ook: De verborgen parels van Windows 11: deze apps moet je hebben

Aan de slag met Tiny 11

Tiny11 bestaat uit een set hulpmiddelen waarmee je Windows 11 op dieet zet en zorgt voor een lichtgewicht versie van het besturingssysteem. Het werkt grotendeels met scripts die specifieke onderdelen uit de software verwijderen. Resultaat is een compacte versie van Windows die je op de computer kunt installeren. Tiny11 is beschikbaar in twee varianten. De eerste – Tiny11 Maker – is de standaardversie die Windows flink afslankt, maar waarbij je de mogelijkheid houdt om gangbare functies alsnog toe te voegen. Denk aan talen, updates en Windows-onderdelen die je wél graag gebruikt. De tweede variant – Tiny11 Core Maker – pakt het rigoureuzer aan: deze versie stript Windows tot een minimum. Je kunt de eerdergenoemde functies niet meer toevoegen. Volgens de makers leent zo'n ultraslanke Windows-versie zich voor testdoeleinden en is de versie bijvoorbeeld ideaal om in een virtuele machine te gebruiken. Voor dagelijks gebruik is zo'n Windows-versie niet bruikbaar.

Je vindt Tiny11 Builder via GitHub.

Het voorwerk

Om te beginnen, zorg je voor de meest recente versie van Windows 11. Op het moment van schrijven is dat Windows 11 25H2. Je haalt deze versie binnen via https://www.microsoft.com/nl-nl/software-download/windows11. Kies voor het iso-bestand. Die vind je onder Download Windows 11-schijfkopiebestand (ISO) voor x64-apparaten. In het menu selecteer je Windows 11 (multi-versie ISO-bestand voor x64-apparaten) en klik je op Download nu. Wanneer hierom wordt gevraagd, kies je de gewenste taal. Sla het iso-bestand op in een aparte map, die je bijvoorbeeld Windows 11 Compact noemt. Vervolgens haal je de nieuwste versie van Tiny11 op via de eerdergenoemde website. Je vindt het installatiebestand boven aan de pagina. Klik op de knop Code en kies Download ZIP. Pak het zip-bestand uit en plaats het bestand Tiny11maker.ps1 op een eenvoudige locatie, bijvoorbeeld in de root op de C:\-schijf. Je beschikt nu over alles om van start te gaan.

Download de meest recente iso van Microsofts website.

Koppelen

Keer terug naar de map waarin je het iso-bestand hebt opgeslagen. Klik met de rechtermuisknop op het bestand en kies voor Koppelen. Hiermee koppel je de Windows-installatiebestanden aan een virtuele schijf, zodat Tiny11 ermee kan werken. Links in het venster van Verkenner verschijnt de schijf, bijvoorbeeld F:. Als je erop klikt, toont de Verkenner de Windows-installatiebestanden. Onthoud welke schijfletter wordt gebruikt: dit heb je later nodig.

Tiny11 bestaat uit een script dat je aanroept via PowerShell. PowerShell is het scripting-onderdeel van Windows. Open het Startmenu en typ PowerShell. Klik met de rechtermuisknop op Windows PowerShell en kies Als administrator uitvoeren. Een nieuw venster opent. Typ op de opdrachtregel: Set-ExecutionPolicy Bypass -Scope Process. Druk op Enter. Vervolgens typ je de opdracht om Tiny11 Maker te starten: C:\LOCATIE\tiny11maker.ps1 -ISO <LETTER> -SCRATCH <LETTER>. Neem de opdracht letterlijk over, maar vervang LOCATIE door de locatie waar je het Tiny11-script hebt bewaard. Vervang achter -ISO de <LETTER> door de schijfletter van het iso-bestand van Windows, bijvoorbeeld F. Vervang achter -SCRATCH de <LETTER> door de schijfletter waarmee Tiny11 met de bestanden mag werken en opslaan, bijvoorbeeld C. De opdracht kan er dus zo uitzien: C:\tiny11maker.ps1 -ISO F -SCRATCH C.

Je voert het script van Tiny11 uit via de PowerShell-opdrachtregel.

Welke versie

Het iso-bestand van Windows bevat de bestanden voor verschillende Windows-edities, zoals Windows 11 Home en Windows 11 Pro. Tiny11 vraagt welke Windows-versie je wilt afslanken. Elke editie heeft een eigen nummer: typ het nummer van de gewenste editie en druk op Enter. Het grootste deel van het werk zit erop. Kies wel een Windows-versie waarvoor je over een geldige licentie beschikt.

Kies de gewenste versie van Windows 11.

Installeren maar

Tiny11 heeft een nieuwe iso met Windows-installatiebestanden gemaakt. Het bestand heet Tiny11.iso. Met behulp van deze iso en een usb-stick kun je vervolgens een schone installatie van het afgeslankte Windows uitvoeren. Je kunt een opstartbare usb-stick op verschillende manieren maken, waaronder met Rufus. Ga naar https://rufus.ie/nl/ en haal de nieuwste versie binnen. Start de app en wijs bij Apparaat de usb-stick aan. Je hebt een stick met een minimale capaciteit van 8 GB nodig. Bij Opstartselectie kies je Schijf of ISO-image en klik je op Selecteren. Wijs het zojuist gemaakte iso-bestand van Tiny11 aan. Klik tot slot op Starten. Om de afgeslankte versie van Windows op een computer te installeren, start je deze op met de usb-stick. Doorloop de stappen van de installatiewizard, zoals je ook zou doen bij een gangbare installatie. Het resultaat: een afgeslankte Windows-versie.

Met Rufus maak je betrekkelijk eenvoudig een opstartbare usb-stick.

Handig voor Rufus:

USB-sticks in allerlei formaten
Opstartvolgorde

Probeer je de computer op te starten met de usb-stick en lukt het niet? Controleer in de BIOS-instellingen van de computer of de computer daadwerkelijk opstart vanaf de usb-stick. Open de BIOS-instellingen (vaak door het indrukken van de Delete- of F1-toets tijdens het opstarten) en zoek naar een optie die gelijk is aan Boot Order. Zorg dat de usb-stick eerst wordt gebruikt tijdens het opstarten.

Weer opbouwen

Prettig aan de compacte versie van Windows is de mogelijkheid om naderhand de onderdelen toe te voegen die je wel degelijk gebruikt. Heb je gekozen voor Tiny11 Maker (en niet voor Tiny11 Core), dan is dit mogelijk. Open het Startmenu, typ Onderdelen en kies Windows-onderdelen in- of uitschakelen. Plaats vinkjes naast de componenten die je wilt gebruiken. Daarnaast vind je een deel van de standaard-apps via de Microsoft Store: open het Startmenu, typ Store en kies Microsoft Store. Kies Apps en ga op zoek naar de apps die je alsnog wilt gebruiken, bijvoorbeeld Outlook.

Achteraf weer zaken toevoegen.

Tiny11 Core

Heb je de smaak te pakken en wil je een nog compactere Windows-versie? Dan kun je Tiny11 Core overwegen. Deze vind je op dezelfde pagina als het andere Tiny11-script. De resulterende Windows-versie ontbeert alle onderdelen die ook door Tiny11 Maker worden verwijderd, maar haalt ook weg: Windows Component Store, Windows Defender, Windows Update en WinRE. Vooral Windows Update is een onderdeel dat je niet graag kwijt wilt, tenzij je de Windows-versie tijdelijk wilt gebruiken om bijvoorbeeld iets te proberen, en daarbij Windows in een virtuele machine installeert. Met Tiny11 Core een Windows-installatie maken voor dagelijks gebruik, is niet aan te raden. 

Veiligheid voor alles

Wil je een reeds geïnstalleerde versie van Windows compact maken, zorg dan altijd vooraf voor een goede back-up van je bestanden en andere belangrijke gegevens. Gaat er onverhoopt iets mis bij het afslanken van Windows, dan kun je terugvallen op de reservekopie. Je kunt gebruikmaken van het ingebouwde programma van Windows: open het Startmenu, typ Back-up en kies Windows Back-up.

Bestaande Windows afslanken

Heb je al een bestaande Windows-versie draaien en geen behoefte om een nieuwe installatie van een afgeslankte versie uit te voeren? Met een ander programma – CrapFixer – kun je een bestaande Windows-computer uitkleden en hoef je geen schone installatie uit te voeren. Je mag het programma gratis gebruiken. De nieuwste versie vind je op https://github.com/builtbybel/CrapFixer/releases. Pak het zip-bestand uit en dubbelklik op CrapFixer.exe om het programma te starten. Je hoeft het niet te installeren.

CrapFixer is opgebouwd uit drie hoofdonderdelen: Fixer, Restore en Tools. Kies Fixer. Dit onderdeel bestaat uit twee tabbladen: Windows en Applications. Op de tab Windows vind je aan de linkerzijde de collectie met 'opties' die je via CrapFixer kunt uitschakelen als je er geen behoefte aan hebt. De opties zijn onderverdeeld in verschillende categorieën, zoals Gaming, Privacy en System. Klik eerst op Analyze. CrapFixer scant het systeem en geeft aan wat het aan overbodige troep (zoals bloatware) aantreft. In het venster rechts lees je de aanbevelingen. CrapFixer geeft aan of het onderdeel momenteel wordt uitgevoerd, wat de geadviseerde instelling is en of die al is toegepast. Roodgemarkeerde items vragen extra aandacht, bijvoorbeeld als het gaat om de eerdergenoemde bloatware.

Met CrapFixer neem je een bestaande installatie onder handen.

Selecteren maar

Nu komt het leuke werk: bepalen van welke onderdelen je afscheid neemt. Gebruik de lijst aan de linkerkant van het venster om de onderdelen te selecteren. Ben je het eens met de standaardselectie van CrapFixer voor een volledig onderdeel, dan vink je de hoofdcategorie aan. Om bijvoorbeeld alle advertenties uit te zetten, plaats je een vinkje bij Ads. Wil je niet alle wijzigingen toepassen, dan vink je ze individueel aan. Weet je niet zeker wat een onderdeel inhoudt? Klik erop met de rechtermuisknop en kies Help (of druk op de F1-toets): een compacte toelichting verschijnt. Ben je tevreden over de selectie? Uitvoeren maar. Klik op de knop Run Fixer, die je rechtsonder in het venster vindt. 

Meer met plug-ins

CrapFixer ondersteunt plug-ins, waarmee je nog meer onderdelen van Windows 11 kunt afslanken. Klik op Tools en kies Plugins. Rechts vind je een lijst met beschikbare plug-ins. Klik op een plug-in om de beschrijving ervan te lezen boven in het venster. Spreekt die je aan, klik dan op Install. Zodra je CrapFixer weer draait, wordt deze plug-in meegenomen.

Neem apps mee

Werp ook een blik op de tab Applications, eveneens beschikbaar via het onderdeel Fixer. Hier lees je voornamelijk welke apps je kunt uitschakelen. Denk aan apps zoals Bing Nieuws en Weer, Copilot en andere ingebakken programma's zoals Telefoonkoppeling. Wil je deze allemaal verwijderen? Klik op Select all (linksonder in het venster). In plaats daarvan kun je ze ook selectief aanvinken.

Kom je later terug op een bepaalde selectie, dan kun je de situatie ook terugdraaien en de instellingen herstellen. Klik links op Restore. In het rechtervenster lees je wat er is teruggedraaid.

Welke standaard-apps wil je liever niet zien?

Handmatig te werk

Ondanks alle welkome hulp van buitenaf, kun je zelf ook een aantal stappen nemen om Windows meer lichtgewicht te maken. Voorkom allereerst dat er onnodige programma's tijdens de systeemstart worden geladen. Open de Windows-instellingen (Windows-toets+I) en kies Apps / Opstarten. Een overzicht van opstart-apps verschijnt. Zet de schuif op Uit bij de apps die je niet wilt laden. Verwijder ook de apps die nog aanwezig zijn, maar je niet meer gebruikt. Kies Apps / Geïnstalleerde apps. Zoek de app die je wilt verwijderen, klik op Meer opties (herkenbaar aan de drie puntjes) en kies Verwijderen.

Je kunt ook zelf een groot deel van de Windows-onderdelen in- en uitschakelen vanuit de standaardgebruikersomgeving. Open het Startmenu en typ Onderdelen. Klik op Windows-onderdelen in- of uitschakelen. Wil je een volledige categorie uitschakelen, verwijder dan het vinkje bij de hoofdcategorie. Wil je losse onderdelen uitschakelen, dan klap je de hoofdcategorie open en verwijder je de vinkjes bij de ongewenste onderdelen. Plaats de muis op een onderdeel om een compacte beschrijving van het onderdeel te zien. Bij twijfel: schakel het onderdeel niet uit.

Wees kritisch bij het toestaan van opstart-apps.
Groepsbeleid

Ben je een gevorderde gebruiker en beschik je over Windows 11 Pro? Dan kun je ook het onderdeel Groepsbeleid slim gebruiken om Windows compact te maken. Open het venster Uitvoeren (Windows-toets+R) en typ Gpedit.msc. Vooral onder Computerconfiguratie / Beheersjablonen / Alle instellingen kun je flink wat opties aanpassen. Een interessante instelling is Standaardpakketten Microsoft Store uit het systeem verwijderen. Kies Ingeschakeld en zet aan de linkerzijde van het venster vinkjes bij de apps die je niet wilt gebruiken. Neem ook de rest van de categorie Windows-onderdelen door en zoek naar de standaardprogramma's (bijvoorbeeld Windows Agenda). Vaak kun je die individueel uitschakelen (bijvoorbeeld via Windows Agenda uitschakelen).

Voor Pro's: het ingebouwde groepsbeleid gebruiken.

💻 Nieuwe laptop nodig? Kijk en vergelijk op Kieskeurig.nl

▼ Volgende artikel
De Switch 2 als enige console? (Nintendo Partner Direct) - Bonuslevel
Huis

De Switch 2 als enige console? (Nintendo Partner Direct) - Bonuslevel

Cody en Jacco lopen door de Partner Direct heen en stellen de vraag: is de Switch 2 nu multiplatform-waardig? Ook zit Jacco drie dagen in Zwitserland voor een gamingmuis en is één persoon jarig.

Kom bij onze Discord. Via ⁠⁠⁠⁠⁠⁠⁠⁠⁠⁠⁠⁠⁠⁠⁠⁠⁠⁠⁠⁠⁠⁠⁠⁠deze link kan je met ons en andere luisteraars kletsen over games, deals, nieuws en meer.

Wil je zelf ook een vraag insturen of heb je iets leuks om te melden? Dat kan! Stuur een mailtje naar bonuslevelcast@gmail.com (of bonuslevelkast@gmail.com of bonuslevelqast@gmail.com) en wellicht hoor je jezelf terug in de volgende aflevering!