ID.nl logo
Programmeren in Python met ChatGPT - Deel 1
© Generative ART - stock.adobe.com
Huis

Programmeren in Python met ChatGPT - Deel 1

ChatGPT is een handige tool van OpenAI waaraan je allerlei vragen kunt stellen. Maar het is ook mogelijk om de slimme chatbot in je eigen programma’s in te zetten. In deze nieuwe reeks leren we je hoe je ChatGPT in Python gebruikt en zo teksten samenvat, informatie uit teksten haalt, teksten vertaalt of een eigen chatbot creëert.

In dit eerste deel zetten we alles op om ChatGPT in Python te kunnen gebruiken en zetten we de eerste stappen:

  • Eerst installeren we Python en Visual Studio Code
  • Dan regelen we de API-toegang
  • En dan gaan we aan de slag met onze eerste prompts

Lees ook: Haal betere resultaten uit ChatGPT met slimme prompts

ChatGPT is een chatbot met uitgebreide mogelijkheden. Je geeft instructies in een tekstvenster en krijgt een antwoord terug. Je kunt zelfs een hele conversatie voeren en extra vragen stellen. De tool is ontwikkeld door OpenAI en getraind op een grote dataset van teksten.

De dienst is gratis uit te proberen, maar je moet er wel voor aanmelden. Bezoek hiervoor de OpenAI-website en klik op Sign up. Voer een e-mailadres en een wachtwoord in, of meld je aan met een bestaand account bij Google, Microsoft of Apple. OpenAI stuurt een e-mail naar je opgegeven adres; klik op de link om je e-mailadres te bevestigen. Daarna vul je je naam en een mobiel telefoonnummer in. OpenAI stuurt een zescijferige code via sms naar je telefoon, die je op de website invoert om je account aan te maken.

Je bent nu aangemeld op de website, die vanaf nu ook te openen is via de pagina https://chat.openai.com. Je krijgt enkele voorbeelden te zien van vragen die je kunt stellen en een overzicht van de mogelijkheden en beperkingen. In het tekstveld onderaan begin je een conversatie met ChatGPT. Maar daarover gaat deze workshop niet, want we gaan die conversaties in onze eigen software integreren. Dat kan met hetzelfde account die je voor de website hebt aangemaakt.

Op de website van ChatGPT voer je eenvoudig conversaties met de chatbot.

Python installeren

In deze reeks van vijf workshops gaan we de mogelijkheden van ChatGPT gebruiken in onze eigen programma’s, die we schrijven in de programmeertaal Python. In macOS en Linux is Python al standaard geïnstalleerd. In Windows ga je naar de downloadpagina van Python en installeer je de nieuwste Python-versie.

Start het gedownloade installatieprogramma. In het installatievenster vink je Add python.exe to PATH aan. De optie Use admin privileges when installing py.exe staat standaard ook aangevinkt. Als dat niet hoeft, omdat je alleen met je huidige gebruikersaccount Python wilt gebruiken, zet dit dan gerust uit. Klik daarna bovenaan op Install Now. Klik in de laatste stap op Close. Na de installatie open je de Opdrachtprompt en typ je het volgende in om te testen of Windows de Python-opdracht herkent:

python --version

Je zou nu het versienummer van de geïnstalleerde Python te zien moeten krijgen.

Installeer Python en voeg python.exe aan je pad toe.

Visual Studio Code

Om je programma’s te schrijven heb je een code-editor nodig. In deze workshop gebruiken we Visual Studio Code, een gratis en uitbreidbare code-editor van Microsoft die zowel op Windows, macOS als Linux draait. Klik links op de website op de blauwe knop Download for Windows - Stable Build. Wanneer de download is voltooid, voer je het installatieprogramma uit. Je kunt in de eerste stap een taal kiezen, maar helaas geen Nederlands. Accepteer de licentieovereenkomst en vink eventueel optionele acties aan.

Nadat je Visual Studio Code geopend hebt, klik je in de linkerzijbalk op het icoontje met de blokjes of je drukt op Ctrl+Shift+X om de Extensions Marketplace te openen. Installeer daar de uitbreiding Python van Microsoft. Deze zal je helpen met het schrijven van Python-code en maakt gebruik van de Python-installatie uit de vorige stap om je code uit te voeren.

Installeer de Python-uitbreiding in Visual Studio Code.

API-toegang

Om nu vanuit onze eigen Python-code toegang tot ChatGPT te krijgen, moeten we eerst een API-sleutel aanvragen. API staat voor Application Programming Interface en is een set afspraken waarmee ons programma de diensten van OpenAI kan gebruiken. Elke keer dat we ChatGPT willen gebruiken in ons programma, moeten we die sleutel meegeven.

Meld je met je OpenAI-account aan op https://platform.openai.com en klik rechts bovenaan op je profiel. In het menu dat verschijnt, klik je op View API keys. Klik dan op Create new secret key, vul een naam in voor je sleutel en klik op Create secret key. Je krijgt dan je sleutel te zien, een lange reeks tekens.

Kopieer de sleutel en gebruik hem in de volgende paragraaf van deze workshop. Let op: nadat je op Done hebt geklikt, krijg je de sleutel nooit meer te zien; ben je de sleutel kwijt, dan moet je een nieuwe aanmaken.

Nieuwe accounts krijgen een klein bedrag gratis voor gebruik van de OpenAI-API. Nadien moet je in Billing betaalgegevens invullen.

Maak een API-sleutel aan bij OpenAI.

Python-code

Klik nu in Visual Studio Code op File / New File… / Python File. Plaats hierin de volgende Python-code:

Klik op de afbeelding voor een grotere weergave.

Met import openai importeren we de Python-module die OpenAI aanbiedt om de API te gebruiken. Tussen de aanhalingstekens na API_KEY plak je je eigen API-sleutel. DEFAULT_MODEL verwijst naar het taalmodel dat we willen gebruiken. Zie het kader ‘GPT-4’ als je het nieuwere taalmodel van ChatGPT wilt gebruiken.

Daarna maken we een hulpfunctie om gemakkelijker met de OpenAI-API te werken. Aan die functie geven we een prompt door (dat is de vraag die je stelt) en een optioneel model. De functie creëert dan een completion en haalt hieruit het resultaat. Op die manier kunnen we eenvoudig een prompt aan de functie doorgeven en het resultaat met print op de opdrachtregel tonen, zoals je in de laatste drie regels van dit Python-script ziet.

GPT-4 In deze workshopreeks maken we gebruik van GPT-3.5, het taalmodel dat ChatGPT standaard aanbiedt. Er is nog een betere versie, GPT-4. Op de website van ChatGPT krijg je hier toegang tot wanneer je een ChatGPT Plus-abonnement hebt (dat kost ca. 23 euro per maand), zij het met een beperking op het aantal boodschappen per uur.

Maar dat account staat los van de toegang tot GPT-4 via de OpenAI-API. Hiervoor moet je je inschrijven op een wachtlijst. Wanneer je toegelaten bent, kun je in de OpenAI-API GPT-4 gebruiken door in je Python-code het model gpt-3.5-turbo te vervangen door gpt-4.

Let op: het gebruik van GPT-4 kost je een factor tien meer dan dat van GPT-3.5. Bekijk zeker de pagina met prijzen van OpenAI en bezoek regelmatig de pagina Usage in je OpenAI-profiel. Voor de zekerheid kun je ook een gebruikslimiet instellen.

Stel in voor hoeveel geld per maand je de API kunt gebruiken.

Eerste API-gebruik

Sla het codebestand uit de vorige paragraaf in Visual Studio Code op met Ctrl+S en geef het een naam. Klik dan op Terminal / New Terminal, waarna er onder je code een nieuw deelvenster opent met een opdrachtprompt. Typ hierin de volgende opdracht om de OpenAI-module voor Python te installeren:

pip install openai

Klik na de installatie rechts bovenaan op het afspeelknopje (het driehoekje met als je er met je muis boven blijft hangen de tooltip Run Python File). Als alles goed gaat, krijg je nu in de terminal een antwoord op de vraag die je in de variabele prompt in je code hebt gezet.

Onze eerste Python-code die van ChatGPT gebruikmaakt.

Tokens

Een belangrijk concept bij gebruik van de OpenAI-API zijn tokens. Een token is een vaak voorkomende opeenvolging van tekens, zoals letters, cijfers of leestekens. Hier kun je zelf zien uit welke tokens een ingevoerde tekst bestaat.

Het taalmodel produceert token na token, gebaseerd op de kans dat ze na de vorige tokens komen. Een token kan een volledig woord of een deel van een woord zijn. Voor Engelse tekst komen 100 tokens ruwweg met 75 woorden overeen. Standaard genereert ChatGPT en dus ook ons Python-script een antwoord met zoveel tokens als er nodig zijn, maar je kunt dit inperken door de parameter max_tokens toe te voegen. De aanroep van openai.ChatCompletion.create ziet er dan als volgt uit:

Dat aantal tokens is belangrijk, omdat je voor het gebruik van OpenAI-API betaalt per token. Voor veelvuldig geautomatiseerd gebruik van de API kan het dus de moeite zijn om een maximum aantal tokens in te stellen. Overigens levert dit wel vaak een antwoord op dat bruusk afgebroken is.

Heel wat woorden worden gecodeerd als één token. Andere bestaan uit meerdere tokens.

Parameters

Als je het Python-script uitvoert, zul je merken dat het altijd hetzelfde antwoord geeft. Dat is omdat we de parameter temperature de waarde 0 gegeven hebben. Je kunt deze parameter een waarde van 0 tot 2 geven, waarbij 0 betekent dat het antwoord elke keer hetzelfde is en hogere waardes een willekeuriger antwoord opleveren. Als je de waarde niet instelt, staat ze op 1, wat redelijk wat variatie tot gevolg geeft. Probeer het effect van de parameter maar eens uit door de parameter temperature in je code enkele andere waarden te geven en je script meerdere keren uit te voeren.

Twee andere parameters (die we hier niet hebben gebruikt) zijn presence_penalty en frequency_penalty. Beide hebben een standaardwaarde 0 en kunnen variëren van -2 tot 2. Met een positieve presence_penalty verlaag je de kans dat al gebruikte tokens nog eens in de tekst voorkomen. Dat verhoogt de kans dat het model over nieuwe onderwerpen begint. Met een positieve frequency_penalty wordt de kans dat een token gebruikt wordt verlaagd naarmate hij al vaker is gebruikt. Dat verlaagt dus concreet de kans dat het model een zin letterlijk herhaalt.

In de praktijk pas je deze twee parameters niet zo vaak aan. Ze zijn wel nuttig als je merkt dat het model voor specifieke vragen wat repetitieve antwoorden geeft. Probeer dan beide parameters eens op een waarde tussen 0,1 en 1 te zetten om die herhaling wat te verminderen.

Met temperatuur 1 geeft ons Python-script altijd een iets verschillend antwoord op dezelfde vraag.

Maak je prompts specifieker

Net zoals bij het gebruik van ChatGPT op de website zijn de resultaten bij het gebruik van de API bruikbaarder wanneer je je prompts zo specifiek mogelijk maakt. Een eerste tip is dat je gewoon aangeeft hoe lang de tekst moet zijn. Bijvoorbeeld met de volgende prompt:

prompt = "Beschrijf het magazine Computer Idee in maximum 50 woorden"

Dat geeft doorgaans een beter resultaat dan de parameter max_tokens, omdat de tekst dan tenminste niet bruusk wordt afgekapt. Maar omdat het taalmodel geen woorden kan tellen en intern met tokens werkt, kan de opgegeven limiet weleens overschreden worden. Je moet dit dus altijd nog zelf testen als de opgegeven limiet belangrijk is. Toon bijvoorbeeld het aantal woorden in de uitvoer met de volgende regel op het einde van het Python-bestand:

print("Aantal woorden:", len(response.split(" ")))

Vraag om een specifiek format

Een andere manier om je prompts specifieker te maken, is dat je het taalmodel vraagt om zijn antwoord in een specifiek format te geven. Bijvoorbeeld met:

Klik op de afbeelding voor een grotere weergave.

Met de drie aanhalingstekens maken we een multi-line-string in Python aan, waardoor we eenvoudig een prompt over meerdere regels kunnen spreiden voor wat meer overzicht. En het antwoord van ons script is nu ook kernachtiger en duidelijker.

Vraag het taalmodel om zijn antwoord in een specifiek format te formuleren.

Vermijd hallucinaties

Taalmodellen hebben de neiging om antwoorden te verzinnen als ze kennis missen over je vraag. Stel je bijvoorbeeld de vraag om het magazine Computer Power te beschrijven (dat niet bestaat!), dan verzint ons script een Belgisch tijdschrift met die naam. Deze neiging noemen we ‘hallucinaties’ en je moet hier altijd beducht op zijn, ook bij het gebruik van ChatGPT op de website.

Je kunt die neiging wel wat afzwakken door in je prompt expliciet te zeggen wat het taalmodel moet doen als het niet voldoende informatie heeft:

prompt = "Beschrijf het magazine Computer Power in maximum 50 woorden. Als je niets over het magazine weet, zeg dit dan."

Daarop antwoordt ons script dat het dit magazine niet kent, maar dat het waarschijnlijk over computers en technologie gaat.

Meer informatie

Wil je meer weten over het gebruik van de OpenAI-API, lees dan de ‘API reference’ op de website van OpenAI, en dan specifiek die van ChatCompletion. Hier vind je meer informatie over de verschillende parameters.

En wil je meer leren over hoe je het meeste uit de taalmodellen haalt met de juiste prompts, bekijk dan zeker het webinar ChatGPT Prompt Engineering for Developers van DeepLearning.AI, dat we hebben geraadpleegd bij het schrijven van deze workshopreeks.

De OpenAI-API is uitgebreid gedocumenteerd, inclusief voorbeelden van het gebruik in Python en Node.js.

Andere programmeertalen In deze workshopreeks gaan we aan de slag met de OpenAI-API in Python, maar OpenAI biedt naast zijn Python-module ook een officiële bibliotheek voor Node.js (JavaScript) aan op de pakketbeheerder npm. Die is vergelijkbaar met de Python-module die we in dit artikel introduceren. Dus als je liever in JavaScript programmeert, zou je deze workshopreeks met wat kleine aanpassingen ook moeten kunnen volgen.

Daarnaast zijn er ook allerlei bibliotheken voor andere talen ontwikkeld door derden. Dus als je graag in C# programmeert, in Java of in Swift, kun je zeker ook gebruikmaken van de OpenAI-API. In de documentatie van OpenAI staat een lijst van bibliotheken die de API gebruiken.

Volgende week maandag het tweede deel van deze reeks! We gaan hierin de kennis uit dit eerste deel toepassen om teksten te laten samenvatten door een taalmodel.

Vervolg: Deel 2: Programmeren in Python met ChatGPT

▼ Volgende artikel
Microsoft Gaming-baas Phil Spencer en Xbox-president Sarah Bond vertrekken
Huis

Microsoft Gaming-baas Phil Spencer en Xbox-president Sarah Bond vertrekken

Microsoft Gaming-ceo Phil Spencer en Xbox-directeur Sarah Bond vertrekken bij het Amerikaanse bedrijf.

Dat hebben verschillende media vernomen, en Spencer zelf heeft het inmiddels ook bevestigd via social media. Daarbij publiceerde IGN ook interne e-mails van Microsoft's ceo Satya Nadella, de te vertrekken Spencer en de nieuwe Microsoft Gaming-ceo Asha Sharma en Matt Booty.

Naar verwachting vertrekt Spencer, die bijna veertig jaar bij Microsoft werkzaam was, aanstaande maandag. Xbox-president Sarah Bond - waarvan voorheen werd gedacht dat ze Spencer uiteindelijk zou vervangen - gaat ook weg. Asha Sharma is op dit moment nog de president van Microsofts CoreAI en gaat dus Microsoft Gaming bestieren. Matt Booty, het hoofd van Xbox Game Studios, wordt gepromoot naar chief content officer en zal nauw samenwerken met Sharma.

"Afgelopen najaar deelde ik met Satya dat ik nadacht over mijn vertrek en het beginnen aan het volgende hoofdstuk van mijn leven", zo stelt Spencer in zijn e-mail. "Vanaf dat moment gingen we aan de slag met onze aanpak, met het oog op het behoud van stabiliteit en het versterken van de fundering die we hebben gebouwd. Xbox is altijd meer dan een bedrijf geweest. Het is een levendige gemeenschap bestaande uit spelers, makers en teams die erg veel geven om wat we bouwen en hoe we dat doen. Het verdient een goed doordacht plan voor de toekomst."

"Ik wil Phil bedanken voor zijn uitzonderlijke leiderschap en samenwerking", aldus Nadella in zijn e-mail naar werknemers. "In meer dan 38 jaar bij Microsoft, waaronder 12 jaar aan het hoofd van de gamedivisie, heeft Phil geholpen met het transformeren van wat we doen en hoe we dat doen."

View post on X

De nieuwe Microsoft Gaming-ceo aan het woord

Sharma, de nieuwe ceo van Microsoft Gaming, meldt in haar e-mail: "Mijn eerste taak is simpel: begrijpen hoe dit werkt en het vervolgens beschermen. Dat begint bij drie verplichtingen. Ten eerste geweldige games - daar begint alles mee. We moeten geweldige games hebben die door onze spelers geliefd worden." Vervolgens vertelt Sharma over het belang van onvergetelijke personages, de macht geven aan ontwikkelstudio's en iconische franchises.

"Ten tweede: de terugkeer van Xbox. We verbinden ons opnieuw aan onze trouwe Xbox-fans en -spelers, die de afgelopen 25 jaar in ons hebben geïnvesteerd, en de ontwikkelaars waar we de uitgebreide universa en ervaringen die onze spelers wereldwijd omarmen mee hebben gebouwd. We zullen onze afkomst eren met een vernieuwde inzet voor Xbox, te beginnen bij de console, die heeft gevormd wie we zijn." Sharma benadrukt daarbij dat games tegenwoordig op meerdere apparaten te vinden zijn, en spreekt uit dat Microsoft zich niet wil limiteren aan één apparaat. "Terwijl we uitbreiden op pc, mobiel en cloud, moet Xbox naadloos, onmiddellijk en waardig voor de gemeenschappen die we serveren voelen."

Het derde punt van Sharma is "de toekomst van spelen. We nemen de heruitvinding van spelen waar. Daarom zullen we investeren in nieuwe zakenmodellen en nieuwe manieren om te spelen door gebruik te maken van wat we al hebben: iconische teams, personages en werelden waar mensen van houden. Maar we zullen die werelden niet behandelen als statische IP om uit te melken en geld uit te onttrekken. We bouwen een gedeeld platform en gereedschappen die ontwikkelaars en spelers de macht geven om hun eigen verhalen te creëren en delen."

Over Spencer en de staat van Xbox

Phil Spencer werd in 2014 hoofd van Xbox, toen hij de opdracht had Xbox One van een gebrekkige release het jaar ervoor te redden. Tijdens die consolegeneratie werd onder andere het populaire Xbox Game Pass gelanceerd. Dankzij onder andere die service en zijn veelvuldige interviews werd hij al snel populair onder gamers.

Na de Xbox Series X en S-release in 2020 begon de mening over Spencer om te slaan, vooral gevoed door de veranderingen rondom Xbox als merk. Sinds enkele jaren komen de spellen van Xbox-ontwikkelaar zelfs vaak ook op andere platforms uit - bijvoorbeeld op PlayStation 5 en Nintendo Switch. Tegelijkertijd loopt de verkoop van de huidige Xbox Series X en S-consoles flink terug. Spencer zelf verscheen de afgelopen jaren steeds minder vaak in interviews, en ook de vele ontslagrondes en studiosluitingen binnen de Xbox-divisie zorgden voor reputatieschade.

Tegelijkertijd werden onder Spencers leiding grote aankopen als Bethesda en Activision Blizzard gedaan, bekend van gamefranchises als The Elder Scrolls, Fallout en Call of Duty.

Microsoft heeft eerder laten weten aan een nieuwe console te werken, die de grenzen tussen consoles en pc moet vervagen. Voor zover bekend wordt dit een apparaat die in feite pc-games af gaat spelen, alsmede Xbox-games, en waarop verschillende digitale pc-winkels bereikbaar zullen zijn - en dus niet alleen die van Microsoft zelf.

Het vertrek van twee belangrijke kopstukken binnen Microsofts gamedivisie is opvallend, zeker in combinatie met het feit dat de gametak van het bedrijf schijnbaar in een transitieperiode zit. Ook het feit dat de nieuwe ceo van Microsoft Gaming van CoreAI afkomt, houdt de gemoederen onder gamers bezig. Microsoft zet groots in op kunstmatige intelligentie, maar onder gamers heerst vooral onvrede over de invloed die AI tegenwoordig heeft op hun hobby. Sharma benadrukte in haar interne e-mail echter dat Xbox zich niet gaat richten op "zielloze AI-slop".

▼ Volgende artikel
Het geheugen van je computer: dit is het verschil tussen DDR4 en DDR5
© Ayo man | Law of God
Huis

Het geheugen van je computer: dit is het verschil tussen DDR4 en DDR5

Toen je je laptop kocht, keek je waarschijnlijk vooral naar de processor, de grafische chip en hoeveel GB werkgeheugen erin zit. Of dat werkgeheugen DDR4 of DDR5 is, is voor de meeste mensen geen doorslaggevende factor. Toch is het wel handig om te weten wat de verschillen zijn tussen DDR4, dat je vooral in oudere laptops tegenkomt, en DDR5, dat bij nieuwe modellen meestal de standaard is. DDR5 kan per seconde meer data verwerken dan DDR4. Wat dat verschil betekent en wanneer extra gigabytes meer opleveren dan de stap naar DDR5, lees je in dit artikel.

In dit artikel

je leest wat DDR4 en DDR5 precies van elkaar onderscheidt, wanneer je dat verschil in snelheid en energieverbruik echt merkt en waarom het voordeel van DDR5 ten opzichte van DDR4 bij gamen vaak beperkt blijft. Ook leggen we uit waarom DDR4 niet automatisch meer de goedkope keuze is, waarom je DDR4 en DDR5 niet kunt uitwisselen en wat dat betekent voor upgraden bij laptops en desktops. Tot slot lees je hoe je op Windows en Mac snel checkt of je meer RAM nodig hebt.

Lees ook: RAM(p)-scenario: waarom tech in 2026 duurder wordt

De techniek achter DDR4 en DDR5

Het grootste verschil tussen DDR4 en DDR5 zit in de datasnelheid en bandbreedte. Zie het als een digitale weg: DDR4 is een prima route waar het verkeer netjes doorrijdt, DDR5 is een bredere snelweg waar per seconde meer data overheen kan. Daardoor hoeft de processor bij zware taken waarbij veel data heen en weer gaat (denk bijvoorbeeld aan videobewerking) minder vaak te wachten op nieuwe informatie. Let wel: die extra 'rijstroken' leveren pas winst op als je processor, grafische chip en software er ook echt gebruik van maken. Bij lichte taken, zoals browsen en tekstverwerken, is werkgeheugenbandbreedte zelden de bottleneck. Gaat dat langzaam, dan heeft dat eerder te maken met de processor, opslag, of de browser.

DDR5 kan ook helpen met het energieverbruik, omdat het op een lagere spanning werkt: 1,1 volt in plaats van 1,2 volt bij DDR4. In een laptop kan dat iets schelen, al hangt het effect af van wat je doet en hoe de rest van het systeem is opgebouwd. Daarnaast zit bij DDR5 een deel van de stroomregeling op de geheugenmodule zelf. Dat kan de stroomvoorziening stabieler maken, maar het maakt de module ook wat complexer om te produceren.

Wat biedt DDR5 in de praktijk?

DDR5 komt vooral tot zijn recht bij taken die veel werkgeheugenbandbreedte vragen, zoals 8K videobewerking of complexe simulaties. Daarbij blijft de processor (en soms de GPU) meestal de doorslaggevende factor: die bepaalt of je systeem zo'n klus überhaupt vlot aankan. DDR5 kan helpen om wachttijd te verminderen, maar het maakt een trage CPU niet ineens snel. Een ander voordeel is dat je per module hoge capaciteiten kunt halen. Voor zware desktop-werkstations zijn systemen met 256 GB aan werkgeheugen inmiddels realiteit. Bij laptops ligt die grens doorgaans lager, vaak rond de 128 GB, omdat ze meestal minder geheugenslots hebben. Bovendien is het werkgeheugen bij veel modellen vastgesoldeerd, waardoor je later niet kunt uitbreiden.

©Batorskaya Larisa

DDR5 voor gamers: nodig of niet?

Voor gamers blijft het voordeel van DDR5 vaak beperkt. In veel games gaat het om een klein verschil, en op 1440p of 4K zie je dat meestal nog minder terug omdat je dan eerder tegen de grens van de videokaart aanloopt dan tegen die van het werkgeheugen. Ook hier geldt: de keuze voor CPU en vooral GPU bepaalt je gameprestaties veel sterker dan de stap van DDR4 naar DDR5. Dat verschil tussen DDR4 en DDR5 is onderzocht in een vergelijkingstest van de gezaghebbende site Tom's Hardware. Daarbij ging het bijvoorbeeld om 3% verschil in gameprestaties in Assassin's Creed Valhalla, 2% in Far Cry 6, Tom Clancy's Ghost Recon Breakpoint, Watch Dogs: Legion en Borderlands 3, en 1% in Shadow of the Tomb Raider en Wolfenstein: Youngblood.

©Crystal Dynamics

Het verschil tussen RAM en opslag

Veel mensen halen werkgeheugen (RAM) en opslaggeheugen (SSD of HDD) door elkaar, terwijl ze iets heel anders doen: RAM is het korte-termijngeheugen waarin de gegevens staan van programma's die je nú gebruikt, waardoor je met meer RAM makkelijker en sneller tussen meerdere apps schakelt, maar zodra je de computer uitzet is dit geheugen weer leeg. Opslaggeheugen is juist het lange-termijngeheugen waarop je foto's, documenten en andere bestanden blijven staan, ook als er geen stroom is.

Is een laptop met DDR4 nog goed genoeg?

Ja, voor de meeste Nederlanders is een laptop met DDR4 nog steeds goed genoeg. Gebruik je hem vooral voor internetten, Netflix kijken, Microsoft Office en af en toe een simpele fotobewerking, dan merk je in de praktijk nauwelijks verschil tussen DDR4 en DDR5. Bij laptops is DDR4 of DDR5 bovendien vaak geen losse keuze: het hangt samen met de generatie processor die in het model zit.

DDR5 kan wel voordeel geven bij zwaardere taken waarbij de computer grote hoeveelheden data tegelijk moet verwerken, maar dat wordt pas echt interessant als je met zware programma's werkt, of als je games zo soepel mogelijk wilt laten lopen - ervan uitgaande dat je CPU en GPU die werklast ook aankunnen. Denk aan situaties waarin je merkt dat je laptop moeite heeft om alles bij te houden, ook al staat de beeldkwaliteit niet eens extreem hoog. In veel situaties blijft het verschil klein. Belangrijker is vaak de hoeveelheid werkgeheugen: 16 GB voelt meestal merkbaar fijner dan 8 GB, ongeacht of het DDR4 of DDR5 is.

DDR4 is niet meer vanzelfsprekend goedkoop

Lange tijd was DDR4 de slimme, goedkope keuze als je vooral op de prijs lette: het verschil met DDR5 was groot. Door de huidige tekorten klopt dat beeld minder. DDR4-geheugen is flink duurder geworden; in sommige gevallen is de prijs zelfs meer dan verdubbeld. DDR5 is ook duurder geworden, maar omdat de productie van DDR4 wordt afgebouwd, kan DDR4 relatief harder in prijs oplopen. Daardoor ligt DDR4 in veel gevallen dichter tegen DDR5 aan dan je zou verwachten. Wie nu een nieuw systeem koopt, is met DDR4 vaak nog steeds het minst kwijt, alleen is 'goedkoop' bij werkgeheugen momenteel een rekbaar begrip.

©ronstik

Upgraden: wat wel en niet kan

DDR4 en DDR5 zijn nooit onderling uitwisselbaar, ook niet in een desktop. De inkeping zit op een andere plek en het platform moet het juiste type werkgeheugen ondersteunen. Je kunt dus geen DDR5 plaatsen in een systeem dat voor DDR4 is gemaakt, en andersom ook niet.

Bij laptops betekent dit meestal dat als je wilt overstappen op DDR5 je een nieuwe laptop zult moeten kopen. Veel laptops hebben namelijk geen uitbreidbaar werkgeheugen meer: de geheugenchips zitten voor ruimte- en kostenbesparing op het moederbord gesoldeerd, en bij sommige ontwerpen zelfs in hetzelfde pakket als de processor. Dan kun je later niets meer bijprikken. Dat is ook precies waarom DDR4 vs DDR5 bij laptops zelden de hoofdvraag is: je kiest een model, en daar hoort dit type geheugen bij.

Bij een desktop heb je vaak meer speelruimte, maar ook daar is het geen kwestie van alleen de geheugenmodules wisselen. Wil je van DDR4 naar DDR5, dan heb je een moederbord nodig dat DDR5 ondersteunt, en vaak ook een processor die bij dat moederbord past. Heb je vooral te weinig werkgeheugen (bijvoorbeeld 8 of 16 GB) en merk je dat je pc daardoor traag wordt, dan is extra DDR4 bijplaatsen meestal de goedkoopste verbetering. Pas als je toch al toe bent aan een grotere upgrade van je pc, wordt de stap naar DDR5 logisch.

Wanneer moet je echt upgraden?

Echt upgraden is pas zinvol als je merkt dat je huidige machine niet meer probleemloos werkt bij zware klussen zoals grote fotobestanden bewerken, video's monteren of veel dingen tegelijk doen. Heb je nu een laptop met 16 GB of 32 GB DDR4 die nog vlot werkt? Blijf die dan vooral gebruiken zolang de prijzen zo hoog liggen. Twijfel je, kijk dan eerst wat de oorzaak van de mindere prestaties is: zit je werkgeheugen tegen zijn limiet, of zijn het vooral je processor of GPU die de klus niet bijbenen?

Zo controleer je of je extra RAM nodig hebt

Voordat je besluit om een flinke investering te doen in een nieuw systeem of extra geheugen, is het slim om te kijken hoe je huidige computer presteert onder druk. Je kunt dit eenvoudig zelf testen op zowel Windows als Mac.

Windows

Open eerst de programma's die je normaal gesproken tegelijk gebruikt, zoals je browser met veel tabbladen, Word en een videocall. Druk daarna op Ctrl + Shift + Esc om Taakbeheer te openen. Ga naar het tabblad Prestaties en klik op Geheugen. Kijk vervolgens naar de grafiek en het percentage dat in gebruik is: blijft dat langere tijd rond de 80 tot 90 procent hangen terwijl je gewoon je dagelijkse werk doet, dan zit je tegen de grens van je werkgeheugen aan. Dat merk je vaak aan kleine haperingen, zoals tabbladen die trager laden of apps die later reageren. Zie je tegelijk dat je pc veel met de schijf bezig is, bijvoorbeeld omdat programma's ineens langzamer worden terwijl je opslaglampje blijft knipperen, dan is de kans groot dat Windows tijdelijk data op de SSD parkeert omdat het werkgeheugen volloopt.

Apple

Open je gebruikelijke programma's en druk daarna op Command + Spatiebalk. Typ Activiteitenweergave en druk op enter. Klik bovenin op het tabblad Geheugen en kijk onderaan naar de grafiek bij Geheugendruk. Is die groen, dan is er niets aan de hand. Wordt de grafiek geel of rood, dan heeft je Mac meer geheugen nodig om alles vlot te blijven draaien. Let ook op Gebruikte swap: als dat oploopt tot meerdere gigabytes, dan is je werkgeheugen in de praktijk te krap.