ID.nl logo
Maak je eigen VPN met WireGuard en Tailscale
© arrow - stock.adobe.com
Huis

Maak je eigen VPN met WireGuard en Tailscale

Bij het opzetten van een VPN-server kun je het jezelf heel makkelijk óf heel moeilijk maken, er is niet echt een tussenweg. Het populaire WireGuard is daarop geen uitzondering.

In dit artikel behandelen we twee toegankelijke installatiemethodes op een VPN op te zetten:

  • WireGuard Easy via Docker
  • Tailscale

Meer weten over Docker? Instapcursus Docker Desktop: geen gedoe met losse applicatiebestanden

Er zijn de laatste jaren veel initiatieven geweest om het opzetten van een VPN-server te vereenvoudigen. Ze besparen je de tijd en moeite van een volledig handmatige configuratie, waarbij je bijvoorbeeld privésleutels en publieke sleutels moet maken en (diep) in de configuratie voor het netwerk en de gebruikers moet duiken. Helaas is met PiVPN zo’n initiatief verdwenen. De tool bood verbindingen via OpenVPN en WireGuard aan met beheer via de Opdrachtprompt, op een Raspberry Pi en onder Debian of Ubuntu. Onlangs werd de ontwikkeling stopgezet, al verschijnen er nog wel kritieke updates. Er zijn gelukkig goede alternatieven. Zo kun je met WireGuard Easy relatief snel een VPN-server in het netwerk opzetten. Daarvoor gebruik je Docker Compose. Heel praktisch is de mogelijkheid om gebruikers via een dashboard in je browser te beheren. En door een QR-code te scannen zet je in een handomdraai een verbinding vanaf een smartphone op. Geholpen door Docker Compose zijn ook andere slimme combinaties mogelijk, bijvoorbeeld met Unbound en Pi-hole. Je hebt dan niet alleen een VPN-server, maar ook een privacyvriendelijke DNS en kunt advertenties blokkeren. Heb je toch nog moeite om alles aan de praat te krijgen, dan kan Tailscale, dat gebruikmaakt van de WireGuard-technologie, redding bieden. Het is een soort ‘cheat code’ voor supereenvoudige verbindingen tussen je apparaten. Het prikt door elke firewall heen, terwijl het op de achtergrond gewoon met WireGuard werkt. We laten aan het einde van dit artikel kort zien hoe je met deze tool kunt werken.

WireGuard-protocol: snel en efficiënt Bij het opzetten van een VPN-verbinding is OpenVPN een van de belangrijkste protocollen. Het opensource WireGuard wint echter snel terrein. Kenmerkend zijn de efficiëntere code, snellere verbindingsopbouw en hogere doorvoersnelheid. Ter illustratie: WireGuard kent maar zo’n 4.000 regels code, tegenover zo’n 600.000 voor OpenVPN met OpenSSL. WireGuard kreeg mede daardoor ook de goedkeuring van Linux-voorman Linus Torvalds, die de codebase in 2018 een ‘work of art’ noemde in vergelijking met de alternatieven. Het is uitgebracht onder GPLv2, dezelfde licentie als Linux. En sinds 2020 maakt het – vanaf versie 5.6 – standaard deel uit van de Linux-kernel. WireGuard bereikt de hoge prestaties onder meer door moderne cryptografie toe te passen. De laatste jaren kiezen steeds meer VPN-providers voor het protocol. Je kunt het ook zelf gebruiken voor een VPN-server in je netwerk. Ook zijn er tools als Tailscale die het opzetten van de verbinding vereenvoudigen, maar op de achtergrond wel gebruikmaken van WireGuard.

Het snelle en efficiënte WireGuard-protocol wordt steeds meer de standaard.

1 Wat gaan we doen

WireGuard staat centraal in dit artikel. Je kunt hier op meerdere manieren gebruik van maken. We beginnen met een eigen VPN-server in je netwerk. Daarmee heb je alles onder controle. Op afstand, bijvoorbeeld vanaf je vakantieadres, kun je hiermee verbinden, zodat je veilig kunt internetten of toepassingen op je lokale netwerk kunt gebruiken. We gaan hiervoor met het gebruiksvriendelijke WireGuard Easy aan de slag via Docker Compose. Als alternatief laten we zien hoe je WireGuard als add-on binnen Home Assistant OS kunt installeren. De server willen we via een gemakkelijk te onthouden hostnaam kunnen bereiken, daarvoor gebruiken we Duck DNS. Dat verhelpt ook meteen verbindingsproblemen bij een dynamisch ip-adres. Ook laten we zien hoe je de clients kunt instellen, wat vaak zo makkelijk is als het scannen van een QR-code. Loop je toch nog tegen beperkingen aan, dan kan Tailscale redding bieden. Deze tool behandelen we aan het eind van dit artikel. Alle instructies kun je overigens ook op een VPS-server uitvoeren, waarmee je een alternatief hebt voor een betaalde VPN-dienst.

Voor het opzetten van een VPS-server, lees dit artikel: Zo zet je in een handomdraai je eigen virtual private server op

©FABIO PRINCIPE

Een VPN-server kun je onder meer gebruiken tijdens je vakantie.

2 Wat heb je nodig

Voor de installatie van WireGuard als VPN-server heb je een Linux-server met Docker Compose in je netwerk nodig. Hier worden geen bijzondere eisen aan gesteld. Je zou een recente Raspberry Pi kunnen gebruiken of een eenvoudige Intel Celeron J4125, N100 of N5105. Zulke systemen moeten een 500megabit-verbinding gemakkelijk kunnen verdragen. Bij de juiste instellingen zal de doorvoersnelheid met of zonder VPN zelfs nauwelijks afwijken.

Voor toegang tot je VPN-server is het wel nodig om een poort in je netwerk open te zetten. Ook moet je de clients die verbinding gaan maken vooraf instellen. Het is voor WireGuard belangrijk dat je een ‘echt’ publiek IPv4-adres hebt zonder het zogeheten Carrier-Grade NAT ofwel CGNAT (zie het kader ‘CGNAT verhindert inkomende verbindingen’). Hoewel CGNAT vooral op mobiele netwerken wordt ingezet, passen enkele internetproviders, zoals Delta, het ook op het vaste netwerk toe.

Voor het opzetten van een verbinding via Tailscale is de belangrijkste eis dat de twee apparaten een internetverbinding hebben. Het werkt dus overal door elke firewall heen en heeft ook geen last van CGNAT of vergelijkbare beperkingen.

Tailscale heeft geen last van firewalls of andere beperkingen.

CGNAT verhindert inkomende verbindingen Bij CGNAT (Carrier-Grade NAT) krijg je geen echt publiek ipv4-adres, maar een privé ipv4-adres. Er zit dus een soort poortwachter tussen. Die zorgt ervoor dat het achterliggende publieke ipv4-adres feitelijk wordt gedeeld met soms wel duizenden anderen. Dit staat het verbinden met je eigen servers vanaf internet in de weg. Delta sluit daarom overigens wel klanten uit die portforwarding benutten.

Je kunt eenvoudig controleren of CGNAT wordt gebruikt. Controleer bijvoorbeeld het privé-ip-adres dat jouw router heeft gekregen. Bij CGNAT komt dit meestal uit het adresblok 100.64.0.0/10 dat hiervoor is gereserveerd. Dit omvat de adressen 100.64.0.0 t/m 100.127.255.255. Vergelijk het met je werkelijke publieke ipv4-adres (raadpleeg bijvoorbeeld www.whatismyip.com). Als dat hetzelfde adres is, wordt er geen CGNAT gebruikt. Als alternatief kun je een traceroute uitvoeren via de Opdrachtprompt in Windows. Geef de opdracht tracert met daarachter het publieke ipv4-adres. Als er maar één knooppunt is, wordt er geen CGNAT gebruikt.

3 WireGuard Easy

WireGuard Easy, gemaakt door een Nederlander (Emile Nijssen), is een van de eenvoudigste methodes voor het opzetten van een VPN-server. Niet alleen kun je het met Docker of via een configuratiebestand voor Docker Compose snel installeren, je krijgt er ook nuttige extra’s bij. Zo kun je via een dashboard gebruikers bekijken, toevoegen, bewerken of verwijderen. Je kunt ook per gebruiker het configuratiebestand downloaden waarmee verbinding kan worden gemaakt of eenvoudigweg een QR-code weergeven voor ditzelfde doel. Tot slot krijg je inzicht in de verbonden gebruikers en het verkeer.

Voor onze VPN-server werken we met het gebruiksvriendelijke WireGuard Easy.

4 Registratie bij Duck DNS

Duck DNS is een dynamische DNS-provider (ook wel DDNS genoemd). Het is een gratis dienst die ervoor zorgt dat je altijd via een eenvoudig te onthouden hostnaam verbinding kunt maken met je internetverbinding thuis. Het werkt met zowel een vast als dynamisch ip-adres. Als het ip-adres wisselt, wordt dit automatisch bijgewerkt via een toepassing in je netwerk (dit activeren we in de volgende stap). Om Duck DNS te gebruiken, ga je naar www.duckdns.org. Maak een account aan door in te loggen met één van de genoemde diensten (zoals Google of GitHub) en volg de instructies. Op het laatste scherm zie je een token die je in de volgende stap nodig hebt voor het bijwerken van je ip-adres. Ook kun je hier tot vijf subdomeinen toevoegen. Vul bij sub domain een eerste subdomeinnaam in en klik op add domain. Als voorbeeld gebruiken we de naam mcvpn waarmee de volledige hostnaam mcvpn.duckdns.org wordt. Welk ip-adres initieel wordt gebruikt, kun je nu aflezen. Ook kun je het controleren door de Opdrachtprompt in Windows te openen en de opdracht ping subdomein.duckdns.org in te voeren. Als het goed is, zie je het ip-adres van jouw internetverbinding.

Met Duck DNS kun je een gratis DDNS-adres verkrijgen.

5 Bijwerken ip-adres

Zeker als je een wisselend ip-adres hebt, is het raadzaam om dit automatisch bij te werken via een toepassing in je netwerk. Op de website van Duck DNS vind je diverse installatiemethodes. Omdat we WireGuard Easy via Docker Compose installeren, ligt het voor de hand om Duck DNS ook via Docker Compose bij te werken.

Je kunt WireGuard optioneel ook als add-on voor Home Assistant installeren (zie het kader ‘WireGuard via Home Assistant’). In dat geval is het slim om ook een add-on voor Duck DNS te gebruiken.

Voor Docker Compose kun je de onderstaande inhoud als uitgangspunt nemen voor het bestand docker-compose.yml. Zet dit bestand liefst in een eigen map voor Duck DNS.

De waardes voor PUID en PGID kun je onder Linux achterhalen met de opdracht id. Dit is vooral belangrijk voor toegang tot het bestandssysteem op de host. Achter TOKEN= vul je de token in uit je account bij Duck DNS. Achter SUBDOMAINS= vul je het subdomein bij Duck DNS in. Start daarna de toepassing met:

docker compose up -d

Daarmee start de container op de achtergrond. Wil je controleren of alles goed staat, dan kun je de eerste keer eventueel starten met:

docker compose up

Stop de container daarna met Ctrl+C en start deze alsnog op de achtergrond.

Voor het bijwerken van het ip-adres van Duck DNS gebruiken we Docker Compose.

WireGuard via Home Assistant Je kunt WireGuard ook als add-on installeren binnen Home Assistant OS. Je kunt dan Home Assistant (en andere diensten op je netwerk) op afstand via een beveiligde verbinding gebruiken. De installatie is eenvoudig. Ga naar Instellingen / Add-ons en kies Add-on winkel. WireGuard vind je onder het kopje Home Assistant Community Add-ons. Klik erop en kies Installeer. Ga dan naar het tabblad Configuratie. Onder het kopje server vul je achter host: de hostnaam in (zoals mcvpn.duckdns.org) om mee te verbinden. Onder het kopje peers vul je achter name: een naam voor de gebruiker in. Bewaar de aanpassingen en start de add-on. Kijk onder Logboek of alles goed is gegaan. De handigste verbindingsmethode is ook hier via een QR-code. In de map /ssl/wireguard vind je daarvoor onder de gekozen gebruikersnaam het bestand qrcode.png. Je kunt dit openen met een add-on, zoals File editor. In de configuratie van File editor moet je wel de optie Enforce Basepath uitzetten, anders kun je alleen de configuratiemap /config benaderen. Gebruik je Duck DNS, dan kun je aanvullend nog de add-on installeren om je ip-adres up-to-date te houden voor deze dienst.

Met de add-on zet je eenvoudig een WireGuard-tunnel op voor onder meer home Assistant.

6 Installatie WireGuard Easy

We gaan nu WireGuard via Docker Compose installeren. Hierbij nemen dit Docker Compose-bestand als basis. Daarin maken we enkele aanpassingen. Hierna ziet de volledige configuratie er als volgt uit:

Ten opzichte van de standaardconfiguratie veranderen we met LANG=nl de taal voor het dashboard naar Nederlands. Achter WG_HOST hebben we de hostnaam van Duck DNS ingevuld die we in stap 4 activeerden. Als je thuis een vast ip-adres hebt, kun je er ook voor kiezen om eenvoudigweg het ip-adres in te vullen. Ook zou je een (sub)domein via de DNS-instellingen bij je provider kunnen laten verwijzen naar je ip-adres thuis, zodat je dat (sub)domein kunt gebruiken.

De configuratie voor WireGuard Easy voor Docker Compose.

7 Extra parameters

Onder environment: kun je eventueel extra of aangepaste parameters opgeven. Voor een volledig overzicht kun je op de GitHub-pagina van het project kijken. Zo wordt als naam voor de ethernetinterface standaard eth0 gebruikt. Dat is gangbaar op Linux-systemen. Controleer dit eventueel voor jouw situatie met ip a. Je kunt het veranderen via de parameter WG_DEVICE=eth0. Standaard wordt de DNS-server van Cloudflare op 1.1.1.1 gebruikt. Dit kun je wijzigen via WG_DEFAULT_DNS=1.1.1.1. Gebruik bijvoorbeeld 8.8.8.8 voor Google. Verder is het raadzaam een wachtwoord in te stellen voor het dashboard. Dat kan met bijvoorbeeld PASSWORD=geheim. Verder kun je met WG_ALLOWED_IPS= beperken welk verkeer vanaf de client over de VPN-tunnel moet worden gestuurd. Standaard gaat al het verkeer door de tunnel.

Je kunt enkele extra parameters opgeven voor de VPN-server.

8 Poort doorsturen

Voordat je WireGuard kunt starten, moet je nog een poort via je router doorsturen naar de server met WireGuard. De procedure verschilt per router. Eventueel kun je de instructies op www.portforward.com raadplegen. Voor het WireGuard-verkeer wordt standaard udp-poort 51820 gebruikt. Je hoeft daarom alleen het udp-verkeer naar poort 51820 door te sturen naar diezelfde poort op de server met WireGuard. De poort ‘aan de buitenkant’ zou je eventueel kunnen veranderen naar een andere poort, als deze bijvoorbeeld door bepaalde netwerken wordt geblokkeerd.

Voor het dashboard gebruikt WireGuard Easy standaard tcp-poort 51821. Voor die poort is geen portforwarding nodig. Het dashboard is dan weliswaar alleen vanaf je lokale netwerk bereikbaar, maar dat is om veiligheidsredenen wel zo verstandig.

Heb je alles aangepast en de poort doorgestuurd, dan kun je WireGuard Easy starten met:

docker compose up -d
Voor WireGuard moet je een poort doorsturen vanaf je router naar de server.

9 Gebruikers toevoegen

Het meeste werk is eigenlijk al gedaan. We hoeven alleen nog maar gebruikers toe te voegen. Daarvoor open je je dashboard door je browser te verwijzen naar http://ipadres:51821. Gebruik hiervoor het ip-adres van de server. Als je een wachtwoord hebt ingesteld, moet je dat eerst invullen. Op je dashboard kun je nu een eerste gebruiker toevoegen via Nieuw. Vul een naam in voor de gebruiker en klik op Creëren. Je ziet een schuifje waarmee je de bewuste gebruiker eventueel kunt (de)activeren.

Ook kun je de verbindingsgegevens ophalen. Er zijn twee manieren om een verbinding met je VPN-server op te zetten. Je kunt hier de QR-code weergeven die je kunt scannen met de app op je smartphone. Dit is de makkelijkste optie. Ook kun je het configuratiebestand downloaden. Dit is wat gangbaarder als je een verbinding wilt leggen vanaf een pc of laptop.

Via het dashboard kun je gebruikers toevoegen of verbindingsgegevens ophalen.

10 Verbinding met smartphone

Als voorbeeld zetten we een verbinding op vanaf een Android-smartphone. Dit werkt heel eenvoudig. Installeer allereerst de WireGuard-app. Start de app vervolgens op en klik op het plusteken om een verbinding toe te voegen. Kies dan de optie Scan van QR-code. Maak de QR-code voor de gewenste gebruiker zichtbaar in je dashboard en scan deze vervolgens met de camera van je smartphone. Geef de tunnel een naam. Met een schuifje kun je de verbinding actief maken. Al het verkeer zal dan over de VPN worden gestuurd en je kunt ook alle toepassingen op je thuisnetwerk gebruiken.

Vanaf een smartphone kun je heel eenvoudig verbinden met je VPN-server.

WireHole Wie wat meer wil experimenteren kan WireHole overwegen. Dit is een combinatie van WireGuard, Pi-hole en Unbound. Pi-hole zorgt voor het blokkeren van advertentienetwerken, terwijl Unbound helpt bij het cachen van DNS-verzoeken met aanvullende bescherming van je privacy. De gangbare manier om het te installeren is via Docker Compose. De tool biedt ook een dashboard voor WireGuard, maar in dit geval het alternatieve WireGuard-UI. Daarnaast kun je uiteraard de beheerdersomgeving van Pi-hole benaderen.

Bijzonder leuk en handig: Kasm: experimenteren en veilig werken in een geïsoleerde omgeving

11 Tailscale

Tailscale is erg populair. Het is een van de makkelijkste manieren om al je apparaten te bereiken, ongeacht het netwerk waarop die apparaten zich bevinden. Heb je moeite met het verbinden met je VPN-server, bijvoorbeeld door een verkeerde configuratie van je server of router, dan kan Tailscale een goed alternatief zijn. Het is zonder meer handig om in je gereedschapskist te hebben, bijvoorbeeld om (al dan niet tijdelijk) met een nieuw of vreemd systeem te verbinden.

Surf naar de website van Tailscale en kies Get started. Log nu in met een van de getoonde diensten, zoals Google, Microsoft of GitHub. Deze fungeren als identiteitsprovider. In dit voorbeeld gebruiken we Google. Voor extra bescherming raden we aan tweestapsverificatie voor deze accounts in te stellen. Na het inloggen kun je apparaten toevoegen. Daarvoor installeer je Tailscale op die apparaten en log je in met dezelfde identiteitsprovider. Ze verschijnen dan op je dashboard en je kunt verbindingen tussen de apparaten opzetten. We zullen dit voor een Windows-pc en Linux-systeem laten zien.

Na je registratie bij Tailscale kun je 14 dagen lang alle functies uitproberen van het Enterprise-abonnement. Wil je de gratis versie van Tailscale gebruiken, kies dan als je bent ingelogd voor de optie Choose personal plan. Merk op dat je nu beperkt bent tot drie gebruikers en honderd apparaten. Maar dat zal voor de meeste gebruikers geen struikelblok zijn.

Om Tailscale te kunnen gebruiken, moet je inloggen met een van de getoonde diensten.

12 Windows-pc toevoegen

We beginnen met het toevoegen van een Windows-pc. Installeer hierop Tailscale. Er zijn geen aanvullende instellingen nodig. Na de installatie hoef je slechts de link te volgen. Via een browser kun je vervolgens inloggen met dezelfde identiteitsprovider, zoals Google in ons voorbeeld. Daarna kun je het systeem, in dit geval de Windows-pc, direct toevoegen aan wat ook wel je tailnet wordt genoemd. De naam van het systeem, in dit voorbeeld werk-pc-mini, wordt door Tailscale overgenomen, en kun je eventueel aanpassen. Je kunt nu een verbinding opzetten met de andere apparaten in je tailnet. Bij die verbindingen wordt op de achtergrond gebruikgemaakt van WireGuard. Maar, hiervoor moeten we natuurlijk eerst nog een tweede apparaat toevoegen.

De Windows-pc is toegevoegd aan het tailnet.

13 Linux-systeem toevoegen

We zullen ook direct een Linux-systeem toevoegen. Dat gaat het gemakkelijkst via een script. Dit vereist de tool curl, die kun je indien nodig installeren met:

sudo apt install curl

Daarna kun je Tailscale installeren via het script:

curl -fsSL https://tailscale.com/install.sh | sh

Na de installatie kun je Tailscale starten met het commando:

tailscale up

Je krijgt nu een link te zien die je moet openen in een browser. Log nu opnieuw met bijvoorbeeld Google in, en ook dit systeem zal worden toegevoegd aan je tailnet. In dit voorbeeld onder de naam ubuntu. Het terminalscherm van je Linux-systeem toont direct een melding wanneer het apparaat is toegevoegd.

De website toont de systemen die aan je tailnet zijn toegevoegd.

14 Tailscale gebruiken

Merk op dat elk systeem een eigen ip-adres heeft gekregen dat begint met 100.x.x.x. Je kunt direct verbinding maken tussen alle apparaten. Je kunt bijvoorbeeld pingen vanaf het Linux-systeem naar de Windows-pc met ping werk-pc-mini. Andersom kun je via de Opdrachtprompt op de Windows-pc het Linux-systeem oproepen met ping ubuntu. Als op dat Linux-systeem ook ssh actief is, kun je inloggen met de opdracht ssh gebruiker@ubuntu, bijvoorbeeld ssh root@ubuntu voor de root-gebruiker.

Je ziet hoe eenvoudig Tailscale werkt. Je hoeft je nooit bezig te houden met lastige configuraties of portforwarding. Er is wel een afhankelijkheid van derde partijen. Vind je dat een zwakte? Dan zou je eventueel Headscale kunnen gebruiken, want dat kun je zelf hosten. Dit neemt dan in feite de rol van de Tailscale-servers over.

Vanaf de Windows-pc kun je verbinding maken met het Linux-systeem.
Watch on YouTube
▼ Volgende artikel
Wat doet de stoomfunctie van een wasmachine en wanneer heeft het zin?
© Octopus16 - stock.adobe.com
Huis

Wat doet de stoomfunctie van een wasmachine en wanneer heeft het zin?

De stoomfunctie is inmiddels op veel wasmachines te vinden. Fabrikanten gebruiken deze techniek vooral om kreuk te verminderen, geurtjes aan te pakken en kleding snel op te frissen. De werking is vrij simpel. De machine verhit een kleine hoeveelheid water en laat de stoom op een precies moment in de trommel. Dat kan tijdens een normaal wasprogramma of via een apart stoomprogramma. Die twee toepassingen hebben elk een ander effect, waardoor het handig is om het verschil te kennen.

In dit artikel

De stoomfunctie op een wasmachine klinkt handig, maar wat doet deze functie nu precies? Je leest hoe stoom wordt ingezet tijdens wasprogramma's en opfrisbeurten, wat het effect is op kreuk en geurtjes en wanneer een hygiëneprogramma zin heeft. Ook leggen we uit wat je er in de praktijk van kunt verwachten.

Lees ook: Ecostand op wasmachines: hoe werkt dat en wat bespaar je ermee?

Hoe stoom tijdens een wasprogramma werkt

Bij de meeste wasprogramma's wordt stoom in de laatste fase ingezet. De warme damp ontspant de vezels, waardoor de was minder gekreukt uit de trommel komt, vaak nog voordat het centrifugeren begint. Dat effect zie je vooral bij synthetische stoffen en gemengde materialen. Katoen blijft gevoeliger voor kreuk en reageert minder sterk op stoom. Ook de belading speelt een rol. Zit de trommel vol, dan kan de stoom minder goed bij het wasgoed komen en is het effect dus kleiner.

De manier waarop stoom wordt verspreid, verschilt per wasmachine. Sommige modellen blazen de damp van bovenaf in de trommel, andere via de bodem. Het principe is hetzelfde, maar de maar de manier waarop de damp door de trommel wordt verspreid varieert per merk. Belangrijk om te weten is dat stoom het water en het wasmiddel niet vervangt Het ondersteunt de was, maar maakt stoffen niet op zichzelf schoon.

View post on TikTok

Extra hygiëne met een stoomprogramma

Naast stoom tijdens een gewone wasbeurt beschikken veel machines ook over aparte hygiëneprogramma's. Deze werken met een gecontroleerde temperatuur die hoog genoeg is om allergenen te verminderen, maar lager blijft dan bij een kookwas. Vooral pollen en huisstofmijt worden op deze manier aangepakt. Fabrikanten noemen soms percentages voor bacteriereductie, al zijn die gebaseerd op tests met kleine lapjes stof. In een volle trommel valt het effect lager uit. Stoom vormt daarmee vooral een extra aanvulling: hygiënischer dan een koud opfrisprogramma, maar geen volwaardige vervanging van een intensieve wasbeurt.

Kleding opfrissen zonder wasbeurt

Het opfrisprogramma is voor veel mensen de meest gebruikte toepassing van stoom. De trommel draait hierbij rustig, terwijl de stof warm en licht vochtig blijft. Stoom-opfrisprogramma's duren meestal zo'n 20 tot 30 minuten, afhankelijk van het merk, de vulling van de trommel en het gekozen programma. Sommige machines geven precies 20 minuten aan, bij andere loopt het op tot ongeveer een half uur. Geuren die zich in textiel vastzetten, zoals rook, kooklucht of andere vervelende geurtjes die in textiel zijn blijven hangen, verdwijnen doorgaans goed. Vlekken en vetresten worden hiermee niet verwijderd. De techniek werkt vooral bij kleding die je kort hebt gedragen en verder schoon is. Doordat er weinig water wordt gebruikt en de trommel minder intensief beweegt, blijft de belasting voor de stof beperkt.

Energieverbruik en slijtage van kleding

Het maken van stoom kost warmte en dus energie. Toch ligt het totale verbruik meestal lager dan bij een volledige wasbeurt, omdat er nauwelijks water door de machine stroomt. Voor kleding is een stoomprogramma relatief mild. De vezels worden minder zwaar belast dan tijdens een normale was, al kunnen elastische materialen bij zeer frequent gebruik gevoeliger reageren op warmte. Dat effect verschilt per stof en per merk.

©Sergei Klopotov

Wat stoom wel én niet doet

De stoomfunctie werkt vooral in specifieke situaties. Kreukvermindering zie je vooral bij synthetische stoffen en een niet te volle trommel. Hygiëneprogramma's helpen allergenen te verminderen, maar vervangen niet de klassieke wasbeurt. Opfrisprogramma's verwijderen geuren, maar laten vlekken ongemoeid. In de praktijk levert stoom vooral gemak op. Je hoeft minder te strijken, kleding blijft langer fris en je kunt een kort programma gebruiken voor was die nog niet echt vies is.

Conclusie

De stoomfunctie is een handige aanvulling op de gewone was. Kleding komt frisser uit de trommel, je kunt kleding vaker dragen zonder dat je een compleet wasprogramma  hoeft te dragen en de extra hygiëne van stoom is ideaal tegen allergenen. De techniek neemt de rol van water en wasmiddel niet over, maar stoom voegt wel extra gemak toe voor wie minder wil strijken en kleding langer mooi wil houden.

Echte wasmachinereviews, van echte consumenten

Op Review.nl kun je lezen wat echte gebruikers vinden van producten. Weten wat hun oordeel over de nieuwste wasmachines van Samsung, LG en Haier is? Lees hier de Review.nl-wasmachine-testresultaten. P.S. Je kunt je ook zelf aanmelden om de nieuwste producten te testen!

 5x Wasmachines met stoomfunctie

De Hisense WF3S9043BW3/BLX is een moderne wasmachine die opvalt door zijn opvallend lage energieverbruik, met een label dat maar liefst 30% zuiniger is dan de standaard A-klasse. Met een trommelinhoud van 9 kilogram biedt het apparaat voldoende ruimte voor de was van een groot gezin. De machine haalt een toerental van 1400 rotaties per minuut en zet stoom in voor een extra diepe, hygiënische reiniging van het textiel. Voor wie weinig tijd heeft, zijn er handige opties zoals het Power Wash-programma van 49 minuten of een ultrakorte cyclus van een kwartier.

De Samsung WW11DB7B34GBU3 Bespoke EcoBubble heeft een trommelcapaciteit van 11 kilogram. Voor een diepgaande reiniging beschikt de machine over een gespecialiseerd stoomprogramma dat afrekent met allergenen en bacteriënt. Naast de fysieke prestaties biedt het apparaat slimme functies via de SmartThings-app. Dankzij de EcoBubble-technologie wordt het wasmiddel krachtig de stof in geblazen, waardoor kleding ook op lagere temperaturen grondig schoon wordt en de kwaliteit van het textiel behouden blijft.

De AEG LR7604UC4 uit de 7000-serie (vulgewicht 10 kilo) is ontworpen om kleding langer mooi te houden door vaker te stomen in plaats van te wassen, wat slechts twee liter water per cyclus verbruikt. Met het Steam Refresh-programma zijn muffe geurtjes en kreukels binnen 25 minuten verdwenen, terwijl de UniversalDose-lade ervoor zorgt dat wasmiddelcapsules sneller oplossen voor een beter resultaat bij koude wasbeurten. De PreciseWash-technologie optimaliseert de instellingen automatisch op basis van het gewicht, wat een besparing tot 40% op tijd en energie oplevert bij kleinere ladingen. Voor de dagelijkse was biedt het MixLoad-programma een snelle oplossing door gemengd textiel in 69 minuten grondig te reinigen op slechts 30 graden.

De Siemens WG44G2ZWNL (vulcapaciteit 9 kilo) heeft een zeer zuinig energielabel A en biedt dankzij het speedPack L maximale tijdsbesparing. Voor hardnekkige vlekken past het antiVlekken-systeem de temperatuur en spoeltijd automatisch aan. De stoomfunctie, genaamd smartFinish, strijkt zelfs sterk gekreukte items in slechts 20 minuten glad. De innovatieve waveTrommel zorgt ervoor dat zijde en andere fijne stoffen behoedzaam worden behandeld. Dankzij de koolborstelloze iQdrive-motor is de machine niet alleen stil en efficiënt, maar ook nagenoeg slijtagevrij.

De Bosch Serie 4 WAN282E4FG (vulgewicht 8 kilo) is een uiterst efficiënte wasmachine met energielabel A. Met de Iron Assist-functie wordt kleding gedurende 20 minuten met stoom behandeld, wat kreukels tot wel 50% vermindert. Sensoren van Active Water Plus zorgen ervoor dat het waterverbruik exact wordt afgestemd op de hoeveelheid wasgoed, terwijl de SpeedPerfect-optie de wastijd met 65% verkort voor een snelle, schone resultaat. Voor extra hygiëne doodt het Hygiene Plus-programma bacteriën al op 40 graden, wat ideaal is voor babykleding of mensen met een allergie. De bijvulfunctie maakt het mogelijk om een vergeten kledingstuk tijdens de wasbeurt alsnog toe te voegen.

Wasmiddel!

(groot inkopen, dan grijp je nooit mis)
▼ Volgende artikel
Wat betekent IP68 eigenlijk?
© ID.nl
Huis

Wat betekent IP68 eigenlijk?

Bij de specificaties van een nieuwe smartphone, smartwatch of bluetooth-speaker zie je vaak de term 'IP68' staan. In marketinguitingen wordt dit veelal vertaald naar 'waterdicht' of 'stofbestendig'. Dat klinkt geruststellend, maar de praktijk is weerbarstiger. Kun je met een IP68-telefoon daadwerkelijk zwemmen, of biedt de certificering slechts bescherming tegen een val in het toilet?

De term IP68 is een technische classificatie die exact aangeeft in welke mate de behuizing van elektronica bestand is tegen invloeden van buitenaf. De afkorting IP staat voor Ingress Protection (of soms International Protection). Het is een internationale standaard die duidelijkheid moet scheppen over de robuustheid van een apparaat. De code bestaat altijd uit twee cijfers, waarbij het eerste cijfer iets zegt over vaste stoffen en het tweede cijfer over vloeistoffen.

©ID.nl

Het eerste cijfer: bescherming tegen stof

In de code IP68 staat het eerste cijfer, de 6, voor de bescherming tegen vaste deeltjes zoals stof en zand. Deze schaal loopt van 0 (geen bescherming) tot 6 (maximale bescherming). Een apparaat met een 6 als eerste cijfer is dus volledig stofdicht.

In een testomgeving betekent dit dat er, zelfs na acht uur blootstelling aan circulerend stof, niets de behuizing is binnengedrongen. Voor de levensduur van je toestel is dit heel belangrijk, aangezien opgehoopt stof aan de binnenkant kan zorgen voor slechtere koeling of zelfs kortsluiting.

©ID.nl

Het tweede cijfer: bescherming tegen water

Voor veel consumenten is het tweede cijfer doorslaggevend bij de aankoop. Dit getal geeft de weerstand tegen vocht aan. Bij IP68 is dit een 8. Hoewel de schaal in specifieke industriële gevallen doorloopt tot 9, is 8 doorgaans de hoogste score die je bij consumentenelektronica tegenkomt.

Om de waarde van die 8 te begrijpen, is het goed om te weten dat een 4 slechts staat voor spatwaterdichtheid (bijvoorbeeld regen) en een 7 aangeeft dat een toestel incidenteel ondergedompeld kan worden (tot 1 meter diep).

Een IP68-certificering gaat een stap verder. Het betekent dat het toestel hermetisch is afgesloten en geschikt is voor langdurige onderdompeling dieper dan 1 meter. Fabrikanten mogen bij dit cijfer zelf specificeren wat de exacte limiet is. Vaak garanderen merken zoals Samsung of Apple dat een toestel 30 minuten lang op een diepte van 1,5 tot wel 6 meter kan overleven. Het is daarom altijd slim om de specifieke productpagina van het apparaat te raadplegen voor de exacte waarden.

Laboratorium versus de praktijk

Hoewel de specificaties suggereren dat je probleemloos het water in kunt duiken met je elektronica, is enige nuance op zijn plaats. De tests voor deze certificeringen worden namelijk uitgevoerd onder strikte laboratoriumcondities. Hierbij wordt gebruikgemaakt van vers, stilstaand kraanwater. De werkelijkheid is vaak anders.

©ID.nl

Wanneer je bijvoorbeeld met een telefoon gaat zwemmen, beweeg je door het water. Hierdoor ontstaat waterdruk die lokaal hoger kan zijn dan de druk in een stilstaande testtank. Hierdoor kan water alsnog langs de afdichtingen worden geperst. Daarnaast is de samenstelling van het water een risicofactor. Zeewater bevat zout en zwembadwater bevat chloor. Beide stoffen kunnen de lijmranden en rubberen afdichtingen van een toestel aantasten. Zodra deze afdichtingen uitdrogen of poreus worden, is de waterdichtheid niet langer gegarandeerd. Ook zeep en shampoo onder de douche verlagen de oppervlaktespanning van water, waardoor vocht makkelijker binnendringt.

Slijtage en garantievoorwaarden

Een ander belangrijk aspect is de factor tijd. Een gloednieuw toestel dat net uit de doos komt, voldoet perfect aan de IP68-normen. Na verloop van tijd kan de bescherming echter afnemen door normale slijtage, temperatuurschommelingen of kleine valpartijen die onzichtbare haarscheurtjes veroorzaken. Een toestel met een barst in het scherm of de achterkant is per definitie niet meer waterdicht.

©ID.nl

Tot slot is er een belangrijk voorbehoud rondom de garantie. Vrijwel alle fabrikanten sluiten waterschade uit van de fabrieksgarantie, ondanks de IP68-rating. In de meeste moderne smartphones zitten vochtsensoren. Als deze verkleuren door contact met water, zal een reparatieverzoek doorgaans worden afgewezen. De fabrikant kan achteraf namelijk niet controleren of het toestel op 1,5 meter diepte is geweest (wat zou moeten kunnen) of op de bodem van een diep zwembad heeft gelegen.

Conclusie

IP68 biedt een goede bescherming bij alledaagse ongelukjes. Valt je telefoon per ongeluk in de wasbak, het toilet of een plas water, dan is de kans op schade met deze certificering zeer klein. Maar zie IP68 vooral als een vangnet voor noodgevallen. Gebruik je je telefoon onder water, bijvoorbeeld in zee voor onderwaterfotografie, dan kun je beter het zekere voor het onzekere nemen en een speciale waterdichte hoes gebruiken.

3x IP68-smartphones

Vrijwel alle high-end smartphones hebben tegenwoordig deze certificering. Dit is de standaard voor toestellen in het duurdere segment.

Samsung Galaxy S25-serie: Samsung voorziet zijn toptoestellen al jaren standaard van IP68. Dit geldt voor de gehele lijn (S25, S25+ en S25 Ultra).

Apple iPhone 17-serie: Hoewel Apple vaak spreekt over 'maximale diepte van 6 meter diep tot 30 minuten' (wat de IP68-norm overstijgt), vallen ze technisch onder de IP68-classificatie. Dit geldt voor zowel de standaardmodellen als de Pro-versies. Lees hier onze Apple iPhone 17 review.

Google Pixel 10 Pro XL: Ook de nieuwere generaties telefoons van Google zijn volledig stof- en waterdicht volgens deze norm. Lees hier onze Google Pixel 10 Pro XL review.

3x IP68-smartwatches (5ATM)

Bij smartwatches is het opletten: IP68 is vaak niet genoeg om mee te zwemmen (vanwege de armslag-druk). Daarom hebben goede horloges vaak ook een '5ATM' of 'WR50' rating. De onderstaande modellen combineren deze eigenschappen of hebben een gelijkwaardige bescherming.

Samsung Galaxy Watch 8: Deze horloges hebben expliciet zowel een IP68- als een 5ATM-rating, waardoor ze officieel geschikt zijn om mee te zwemmen. Lees hier onze Samsung Galaxy Watch 8 Classic review.

Google Pixel Watch 3: Ook dit horloge draagt de IP68-classificering in combinatie met 5ATM waterbestendigheid. Lees hier onze Google Pixel Watch 3 review.

Apple Watch Ultra 2:Let op: Apple gebruikt officieel de zwaardere zwemstandaard (WR100; WR staat voor water-resistant) en noemt daarbij vaak IP6X voor stofdichtheid. In de volksmond valt deze watch in de "beter dan IP68"-categorie voor water, maar technisch is de rating anders omschreven. Het horloge is echter uitstekend waterdicht. Lees hier onze Apple Watch Ultra 2 review.

3x bluetooth-speakers (IP68 vs. IP67)

Hier zit een addertje onder het gras. De overgrote meerderheid van de "waterdichte" speakers (zoals de populaire JBL Flip 6 of UE Boom 3) heeft een IP67-rating. Dat betekent: dompeldicht tot 1 meter. IP68 (dieper dan 1 meter) is bij speakers zeldzaam omdat je een speaker zelden diep onder water duwt. Toch zijn er inmiddels modellen die de stap naar IP68 maken of zeer dicht in de buurt komen:

JBL Charge 6: In de nieuwste generaties stappen fabrikanten zoals JBL bij specifieke modellen over naar IP68 om de robuustheid te benadrukken. (Let op: check altijd de doos, de voorganger Charge 5 was nog IP67).

Tribit StormBox Micro 2: Een zeer populaire, compacte speaker die vaak wordt geprezen om zijn volledige waterdichtheid (IP67, maar in tests vaak robuuster bevonden).

Soundcore Motion X600: Deze speaker staat bekend om zijn ruimtelijke geluid: de muziek lijkt van alle kanten te komen in plaats van uit één punt. Ondanks zijn chique uiterlijk is hij met een IPX7-rating volledig waterdicht, dus hij kan prima mee naar het park of strand.

Advies: Voor een bluetooth-speaker is IP67 in de praktijk ruim voldoende (hij overleeft een val in het zwembad). Staar je voor speakers dus niet blind op die '8' aan het eind; een '7' is hier ook uitstekend.

Een verfrissende duik?

(in het zwembad of in zee)