ID.nl logo
Huis

Cambridge Analytica en Facebook: Wat we tot nu toe weten

Deze week kwam naar buiten dat de gegevens van Facebook-gebruikers zijn misbruikt voor politieke campagnes. Klokkenluider Christopher Wylie informeerde The Guardian hoe data-analysebedrijf Cambridge Analytica in het bezit kwam van gegevens van 50 miljoen Facebook-gebruikers. Het is nog niet duidelijk of de gegevens daadwerkelijk gebruikt zijn en of de gegevens inmiddels vernietigd zijn.

Cambridge Analytica is een data-analysebedrijf die actief was voor de campagnes van onder andere Donald Trump en de Brexit. Christopher Wylie, onderzoeker bij Cambridge Analytica, gebruikte Facebook om binnen enkele maanden de gegevens van tientallen miljoenen Amerikaanse stemgerechtigden te verzamelen. Dit deed hij in samenwerking met Dr. Aleksandr Kogan, een academicus op Cambridge University, die toestemming had van Facebook om met de app thisifyourdigitallife gegevens te verzamelen van Facebook-gebruikers. Kogan was niet alleen in staat om de gegevens van de daadwerkelijke gebruikers te verzamelen, maar ook van de vrienden van die gebruikers. Hierdoor konden de onderzoekers met behulp van zo’n 200.000 actieve gebruikers de gegevens verzamelen van 50 miljoen Amerikaanse Facebook-gebruikers.

Uit documenten blijkt dat Facebook al eind 2015 op de hoogte was van het uitwisselen van gebruikersgegevens met Cambridge Analytica, maar heeft vervolgens de gebruikers niet gewaarschuwd. Ook heeft Facebook niet genoeg actie ondernomen om de gegevens terug te krijgen. Op het moment dat Wylie met zijn verhaal naar The Guardian en The New York Times ging, probeerde Facebook het schandaal voor te zijn door een bericht naar buiten te brengen waarin vermeld werd dat Cambridge Analytica van Facebook geweerd zou worden vanwege het niet wissen van verkregen data. Het is op dit moment nog niet duidelijk of Cambridge Analytica de gegevens ook daadwerkelijk gebruikt heeft voor zijn campagnes.

SCL Group

Christopher Wylie begon in 2013 bij SCL Group, een bedrijf gespecialiseerd in het beïnvloeden van verkiezingen. Daar werkte hij met Alexander Nix. Niet lang daarna werd hij door Nix voorgesteld aan Steve Bannon, die toentertijd Chief Strategist en Senior Counselor was voor Donald Trump.

Alexander Nix was van mening dat SCL Group een vestiging nodig had in Cambridge, om zo een academische indruk te maken bij Steve Bannon. Er werd een nep kantoor in Cambridge opgezet, waar enkele personeelsleden moesten werken op de momenten dat Bannon naar Engeland kwam. Het doel was om de indruk te wekken dat het bedrijf veel te maken had met Cambridge University. Tijdens een bezoek opperde Bannon om het bedrijf de naam Cambridge Analytica te geven. Het talent van Nix en Wylie om iemand te manipuleren kwam hier al naar voren.

Donald Trump

Steve Bannon wilde gebruik maken van Cambridge Analytica om de presidentsverkiezingen te winnen. Volgens Wylie had Bannon “culturele wapens nodig om een culturele oorlog te winnen”. De eenheden van een cultuur zijn mensen, waardoor Cambridge Analytica zich wilde richten op het verzamelen van gegevens van zoveel mogelijk stemgerechtigden. Om dit ‘culturele wapen’ te financieren, benaderde het drietal miljardair Robert Mercer.

Wylie en Nix gingen samen met Bannon naar Mercer om het idee van micro-targetting – de specialisatie van Wylie - in combinatie met nieuwe technieken uit de psychologie voor te leggen. Een persoon zou niet als stemgerechtigde worden benaderd, maar als persoonlijkheid. Mercer investeerde 15 miljoen in Cambridge Analytica.

Cambridge University

Nadat ze de financiering rond hadden, waren Nix en Wylie in twijfel over hoe ze de gegevens zouden gaan verzamelen. Ondertussen hijgde investeerder Mercer ook nog in hun nek. In 2014 ontmoette Wylie de academicus Dr. Aleksandr Kogan op Cambridge University. Die bood een bizar goedkope methode aan om gedetailleerde informatie te verzamelen waar geen andere datatool tegenop kon: Facebook. Kogan was bezig met een onderzoek en had van Facebook toestemming om met zijn app thisisyourdigitallife de gegevens te verzamelen van de gebruikers van de app en de vrienden van die gebruikers. Facebook gaf hem hiervoor toestemming op de voorwaarde dat de gegevens na afloop van het onderzoek vernietigd zouden worden. Dat gebeurde echter niet.

©PXimport

Doordat er ook gegevens van vrienden van gebruikers verzameld konden worden, had Cambridge Analytica genoeg aan ongeveer 200.000 gebruikers om gegevens te verzamelen van enkele tientallen miljoenen stemgerechtigde Amerikaanse Facebook-gebruikers.

Later beweerde Nix dat Cambridge Analytica nooit gegevens van Facebook heeft gebruikt, terwijl dat juist het enige was wat het bedrijf op dat moment deed. Er werd ongeveer een miljoen dollar uitgegeven om gegevens te verzamelen via thisisyourlife.

Content op maat

Op basis van de gegevens wist Cambridge Analytica waar stemgerechtigden gevoelig voor waren. Het bedrijf wist welke berichten er in welke vorm moesten worden aangeboden en zelfs hoe vaak dit moest gebeuren om iemands mening over bepaalde onderwerpen te veranderen. Cambridge Analytica had daarom niet alleen psychologen en data-analisten in dienst, maar ook een creatief team die precies wist welke berichten er op websites en blogs moesten worden geplaatst om de mening van een specifieke groep te doen veranderen.

Doordat bedrijven als Cambridge Analytica bestaan, is het volgens Wylie mogelijk “om een volledig gefragmenteerde samenleving te creëren, waarin niemand meer op één lijn zit. Waar iemand voorheen op het marktplein ging staan om zijn of haar visie te vertellen aan iedereen die het maar wil horen, is het tegenwoordig mogelijk om iets in iemands oor te fluisteren zonder dat diegene dat door heeft”.

Onderzoek

Cambridge Analytica ontkent alle betrokkenheid bij genoemde praktijken. Dr. Aleksandr Kogan beweert dat hij in alles wat hij deed samenwerkte met Facebook zelf, die hem toestemming gaf voor het gebruik van de app. Facebook ontkent dat het uitwisselen van de gebruikersgegevens een datalek was. Een woordvoerder liet weten dat “het beschermen van de gegevens van gebruikers de kern is van alles wat we doen, en dat Facebook dat ook vereist van mensen die gebruikmaken van apps op Facebook”.

Afgelopen maandag begon Facebook de beursdag met een daling in de koers van ruim 4,5%. Het daalt nog steeds. Inmiddels heeft de FTC een onderzoek opgestart naar hoe Facebook omgaat met de gegevens van gebruikers. Eerder kreeg Facebook in België al een boete omdat er gegevens werden verzameld van mensen die Facebook niet eens gebruiken. Channel 4 heeft inmiddels een documentaire online gezet over Cambridge Analytica en hoe het bedrijf stiekem meehielp met verkiezingen over de hele wereld:

▼ Volgende artikel
Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?
© Dennis
Huis

Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?

HDMI 2.1 is de nieuwste standaard voor beeldoverdracht, maar lang niet iedereen heeft de extra bandbreedte ook écht nodig. Vooral voor gamers met een PlayStation 5, Xbox Series X of krachtige pc is het relevant. Kijk je alleen films of televisie? Dan volstaat de oudere aansluiting vaak prima. Wij leggen uit waar de grens ligt.

Als je momenteel op zoek bent naar een nieuwe televisie of monitor vlíegen de technische termen je om de oren. HDMI 2.1 wordt door fabrikanten en winkels vaak gepresenteerd als een absolute noodzaak voor een scherm dat klaar is voor de toekomst. Hierdoor ontstaat de angst dat je een miskoop doet als je kiest voor een model met de oudere HDMI 2.0-standaard. Toch is dat in veel Nederlandse huiskamers een misvatting, want de voordelen zijn nogal specifiek. Veel consumenten betalen onnodig extra voor een functie die ze technisch gezien nooit zullen activeren. Na het lezen van dit artikel weet je precies of jij die snelle poort nodig hebt, of dat je dat budget beter aan een groter scherm of beter geluid kunt besteden.

De kern van het probleem: bandbreedte

Het fundamentele verschil tussen de gangbare HDMI 2.0-standaard en de nieuwere 2.1-versie zit 'm in de digitale snelweg die ze bieden. Je kunt het zien als een waterleiding: door een 2.1-kabel kan veel meer water (of dus data) tegelijk worden gepompt (48 Gbit/s in dit geval) dan door de oudere 2.0-variant (die 'maar' 18 Gbit/s kan verwerken). Die extra ruimte is nodig voor 4K-beelden met een zeer hoge verversingssnelheid (120 beelden per seconde) of voor extreem hoge resoluties zoals 8K.

Een hardnekkige mythe is dat HDMI 2.1 het beeld altijd mooier maakt. Dat is onjuist. Als je naar een Netflix-serie kijkt in 4K, ziet dat er via een 2.0-poort exact hetzelfde uit als via een 2.1-poort. De kabel verandert niets aan de kleuren, de scherpte of het contrast; hij zorgt er alleen voor dat het signaal 'erdoor' past. Pas als er een file op de kabel ontstaat (omdat je te veel beelden per seconde wilt versturen) wordt de nieuwe standaard noodzakelijk. Zolang je dataverbruik onder de limiet van HDMI 2.0 blijft, voegt versie 2.1 niets toe aan de beeldkwaliteit.

Wanneer werkt dit wél goed?

HDMI 2.1 komt pas echt tot zijn recht als je de grenzen van beweging en snelheid opzoekt. Dat is vrijwel exclusief het domein van de fanatieke gamer. Heb je een PlayStation 5 of Xbox Series X in huis en wil je games spelen in de hoogste 4K-resolutie met 120 beelden per seconde (120 Hz)? Dan is een HDMI 2.1-aansluiting op je tv onmisbaar. Zonder deze poort blijft je console steken op 60 beelden per seconde, wat minder vloeiend oogt bij snelle shooters of racegames.

Ook pc-gamers met een zware, moderne videokaart (zoals de NVIDIA RTX 40- of 50-serie) profiteren hiervan als ze hun pc op de tv aansluiten. Naast de snelheid biedt de 2.1-standaard ondersteuning voor Variable Refresh Rate (VRR). Dat zorgt ervoor dat de televisie zijn verversingssnelheid continu aanpast aan de spelcomputer, wat haperingen en 'tearing' (waarbij het beeld in tweeën lijkt te breken) voorkomt. Daarnaast is er Auto Low Latency Mode (ALLM), een signaal waardoor je tv automatisch naar de spelmodus schakelt zodra je de console aanzet. Voor wie de maximale prestaties uit een moderne spelcomputer wil halen, is HDMI 2.1 dus een logische en eigenlijk verplichte keuze.

Oké, maar wanneer werkt dit níet goed?

Voor de gemiddelde kijker is de meerwaarde van HDMI 2.1 nagenoeg nihil. Kijk je voornamelijk lineaire televisie (nieuws, talkshows), sportwedstrijden, films op Blu-ray of series via streamingdiensten als Disney+ en Videoland? Dan kom je nooit in de buurt van de bandbreedte die HDMI 2.0 niet meer aankan. Films en series worden vrijwel altijd gemaakt en uitgezonden in 24, 30 of maximaal 60 beelden per seconde. Een standaard HDMI 2.0-aansluiting kan 4K-beeld op 60 Hz fluitend aan, inclusief HDR (High Dynamic Range).

Ook voor bezitters van een oudere of minder krachtige spelcomputer, zoals de PlayStation 4, de Xbox One of de Nintendo Switch, voegt de nieuwe poort niets toe. Het signaal dat deze apparaten uitsturen is simpelweg niet zwaar genoeg om de bredere snelweg nodig te hebben. Je koopt in dat geval een Ferrari om er vervolgens alleen maar mee in een 30-kilometerzone te rijden. Je betaalt voor capaciteit die ongebruikt blijft, terwijl je dat geld wellicht beter had kunnen investeren in een tv met een beter contrast of hogere helderheid.

Dealbreakers

Er zijn specifieke situaties waarin het blindstaren op HDMI 2.1 je keuze onnodig beperkt of zelfs leidt tot een slechtere aankoop. Dit zijn de harde grenzen:

Je zoekt een televisie in het budgetsegment. In de lagere prijsklassen is de term HDMI 2.1 vaak misleidend. Fabrikanten mogen de term soms gebruiken omdat de tv één specifieke feature ondersteunt (zoals ALLM), terwijl het paneel zelf technisch helemaal geen 120 Hz kan weergeven. Je koopt dan een tv met een 2.1-sticker, maar zonder het daadwerkelijke voordeel van vloeiend beeld. In dit segment is beeldkwaliteit altijd belangrijker dan het versienummer van de poort.

Je wilt alleen beter geluid via een soundbar. Vaak wordt gedacht dat je voor de beste geluidsoverdracht (eARC) per se een volledige HDMI 2.1-tv nodig hebt. Hoewel eARC officieel onderdeel is van de 2.1-specificaties, hebben veel fabrikanten deze functie ook toegevoegd aan televisies die verder gewoon op HDMI 2.0 draaien. Als je doel puur het doorsturen van Dolby Atmos-geluid is, is een volledige HDMI 2.1-poort dus geen harde eis, zolang eARC maar specifiek wordt vermeld.

Je kijkt puur films en series. Als je geen gamer bent, is er geen enkel scenario waarin HDMI 2.1 je kijkervaring verbetert. Het sluit een heleboel uitstekende oudere of goedkopere modellen uit die misschien wel een veel mooier OLED- of QLED-paneel hebben, maar niet de nieuwste aansluitingen. Beeldkwaliteit (zwartwaarden, kleur) wint het voor de filmkijker altijd van bandbreedte.

©DC Studio

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om de juiste keuze te maken, moet je kritisch kijken naar wat er in je tv-meubel staat of komt te staan. De vuistregel is eenvoudig: ben jij iemand die elke frame telt in een online shooter en heb je de hardware om dat te genereren? Dan moet HDMI 2.1 bovenaan je wensenlijst staan; zonder die poort knijp je de prestaties van je dure console af en mis je de soepelheid waarvoor je betaald hebt.

Ben je daarentegen een filmliefhebber die geniet van de hoogste beeldkwaliteit in HDR, of kijk je vooral sport? Richt je dan op het contrast, de helderheid en de kleurweergave van het paneel. Een kwalitatief hoogwaardig paneel met een 'oudere' aansluiting geeft een indrukwekkender plaatje bij films dan een middelmatige tv die toevallig wél een 2.1-aansluiting heeft. Laat je niet gek maken door het idee van toekomstbestendigheid als de beloofde toekomst niet aansluit bij jouw kijkgedrag.

Dus...

HDMI 2.1 is essentieel voor gamers met een PS5, Xbox Series X of krachtige pc die willen spelen in 4K bij 120 Hz. Voor filmkijkers, serie-bingers en tv-kijkers biedt de standaard geen zichtbare beeldverbetering ten opzichte van HDMI 2.0. De extra bandbreedte is puur bedoeld voor zeer hoge framerates die videocontent niet gebruikt. Kies alleen voor HDMI 2.1 als je hardware hebt die deze snelheid daadwerkelijk kan benutten. In alle andere gevallen is de kwaliteit van het beeldscherm zelf veel belangrijker dan het type aansluiting.

▼ Volgende artikel
Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?
© Wildlight Entertainment
Huis

Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?

Op 26 januari kan de wereld aan de slag met Highguard. Het lijkt erop dat iedereen weet wat Highguard is, terwijl tegelijkertijd ook niemand precies weet wát Highguard nou precies is. In dit artikel zetten we dus uiteen wanneer je de game kunt spelen, en waarom deze titel van Wildlight Entertainment zoveel aandacht krijgt.

Releasedatrum van Highguard

Highguard is vanaf vandaag, 26 januari, rond 19:00 uur Nederlandse tijd beschikbaar op pc, PlayStation 5 en Xbox Series X en S. De exacte releasetijd is nog niet bekend, maar vermoedelijk zal de game rond die tijd op alle platforms beschikbaar worden.

Daarbij is het spel free-to-play, dus je hoeft niets te betalen om Highguard te spelen. Daarbij ondersteunt de game crossplay en cross-save, dus je kunt de game samen met vrienden op andere platforms spelen en je progressie op andere platforms meenemen. Het spel is niet te preloaden, maar vereist op pc in ieder geval 25 GB aan beschikbare opslagruimte.

Met de lancering van het spel zendt ontwikkelaar Wildlight Entertaiment om 19:00 uur Nederlandse tijd ook direct een zogenaamde Launch Showcase uit op YouTube - ook hieronder te bekijken. De studio belooft in deze showcase een ‘deepdive in de gameplay’ van Highguard te tonen, de contentplannen voor het eerste jaar uit de doeken te doen en nog ‘veel meer’. 

Watch on YouTube

Wat is Highguard?

Aan team-based PvP heroshooters als Overwatch is geen gebrek, maar Highguard lijkt zich bij die groep te scharen. Het spel wordt ontwikkeld door Wildlight Entertainment, dat weer bestaat uit oud-ontwikkelaars van onder andere Titanfall en Apex Legends. Mensen die dus meer dan prima shooters in elkaar hebben gedraaid, waardoor de interesse toch ietwat gewekt wordt. 

Ieder team in de game bestaat uit drie zogenaamde Wardens, waarvoor verschillende personages gekozen kunnen worden. In de trailer zien we bijvoorbeeld een ridderachtige personage, die met een speciale vaardigheid elektrische stokken rond kan gooien. Ook is er een groot ijsmonster dat schijnbaar muren kan laten verschijnen, een soort cowboy met beestachtige klauwen en een personage dat met messen kan gooien. Ook heeft ieder personage schijnbaar toegang tot geweren om het vijandelijke team mee te bevechten.

Het doel van een potje is namelijk het vinden van de ‘Shieldbreaker’, een soort groot zwaard waarmee je de basis van de tegenstanders open kan breken en uiteindelijk overnemen. Wanneer dit lukt is het potje gewonnen. In de context van de game krijgt jouw team op die manier de controle over het continent. 

©Wildlight Entertainment

Waarom is er zoveel om Highguard te doen?

Wildlight positioneert de game in hun marketing als een “nieuw soort shooter”, maar veel spelers zijn op basis van de trailer nog niet overtuigd. Highguard doet qua opzet van de potjes wel een paar dingen anders dan hero-shooters als Overwatch en Marvel Rivals, maar zoals Concord in 2024 liet zien is de huidige markt voor dit subgenre binnen shooters redelijk verzadigd. Velen zijn simpelweg nog niet overtuigd dat Highguard daadwerkelijk iets vernieuwends met zich mee weet te brengen.

Dit valt ook te verwijten aan een opvallend gebrek aan marketing van de game. Zo’n anderhalve maand voor release hoorden we voor het eerst van Highguard, toen de trailer werd getoond als afsluiter van The Game Awards. Normaliter is de laatste aankondiging van die show een van de hoogtepunten, maar Highguard wist mensen niet te enthousiasmeren. 

De gesprekken rondom Highguard werden echter nog vreemder, toen opviel dat Wildlight geruime tijd niets meer plaatste op sociale media over de game. Na de initiële aankondiging van de game werd er wekenlang niets meer geplaatst op het X-account van Highguard, tot drie dagen voor launch - toen het bedrijf een countdown startte. Ook dit maakte het lastig om enthousiast te worden voor Highguard. 

©Wildlight Entertainment

In de afgelopen dagen doken er berichten en geruchten op die stelden dat Geoff Keighley - de presentator en oprichter van The Game Awards - Highguard specifiek had uitgekozen als afsluiter van The Game Awards, omdat hij hier wel iets in zag. Op 25 januari plaatste Keighley een gif op X, waarin John Hammond uit Jurassic Park zegt: “Over 48 uur accepteer ik jullie verontschuldigingen”. 

Natuurlijk gunnen we iedere game waar tijd en passie in heeft gezeten het beste, maar het is ook niet te ontkennen dat het verhaal rondom Highguard op zijn minst frappant te noemen is. Nou ja, vanaf 19:00 uur kunnen we het spel zelf onder handen nemen. Verwacht daarom binnenkort impressies op onze socials en ID.nl.