ID.nl logo
Zo kun je je bandbreedte stroomlijnen met NetBalancer
© Reshift Digital
Huis

Zo kun je je bandbreedte stroomlijnen met NetBalancer

Heb je het gevoel dat je netwerk of internetverbinding niet echt lekker loopt? Vaak heeft dit te maken met programma’s die te gulzig de bandbreedte opvreten. De tool NetBalancer helpt om zulke veelvraten op te sporen. Daarnaast kun je actief ingrijpen om de beschikbare bandbreedte beter te verdelen.

Snoept je downloadprogramma te veel bandbreedte weg, zodat het internetten irritant sloom gaat? Of ben je verontrust door het feit dat de lampjes van je router of switch ontzettend hard flikkeren en dus heel wat netwerkverkeer verraden, terwijl je geen flauw benul hebt wat er eigenlijk gaande is? Zelfs op een breedbandverbinding kan de snelheid drastisch teruglopen als je bijvoorbeeld torrents downloadt en tegelijk games speelt. De oplossing bestaat eruit dat je het netwerkverkeer monitort en tegelijk regelt hoeveel toepassingen of services naar binnen en buiten laten gaan. De naam van de app NetBalancer is goed gekozen, want met dit programma breng je de beschikbare bandbreedte beter in balans.

Ups en downs

Op www.seriousbit.com vind je de gratis en de betaalde pro-versie. Start en volg de setup-wizard. Tijdens de installatie krijg je de vraag om twee drivers te installeren. Dat moet je toestaan. Je kunt daarna NetBalancer opstarten via de snelkoppeling op het bureaublad of via het pictogram in het systeemvak. In het hoofdvenster zie je aan de linkerkant alle programma’s en processen die op dat moment actief zijn in het systeem.

Door op een kolomtitel te klikken, sorteer je de gegevens volgens dit criterium. Zo zie je welke programma’s gegevens momenteel downloaden (Down/s) en uploaden (Up/s). Tegelijk lees je de snelheden waarmee dit gebeurt. Aan de rechterkant lees je hoeveel deze programma’s ondertussen hebben gedownload (Downloaded) en geüpload (Uploaded). Je leest ook het aantal connecties dat het programma heeft opgezet via internet.

©PXimport

Verkeersgrafiek

Onderaan in de grafiek krijg je een overzicht van de totale uploads en downloads die je systeem uitvoert in de Traffic Chart. Als je met de muisaanwijzer over de grafiek gaat, lees je welke applicaties of services veel verkeer genereren en op die manier heb je meteen een historisch overzicht. Om die grafiek uit beeld te halen, klik je op het grafiekpictogram in de zijbalk. In deze balk zie je ook een klein bliksemicoontje, hiermee open je Connections. Je komt er ook met Window / Connections. Selecteer eerst een programma en open de Connections. Op iedere verbinding kun je met de rechtermuisknop een aantal acties uitvoeren. Zo kun je bijvoorbeeld de connectie pingen.

Pingen is een soort test om te zien of er wel degelijk verbinding is met een andere computer. Op dezelfde manier kun ook je een trace-opdracht laten uitvoeren. Hiermee volg je de weg van jouw computer naar de server, langs alle tussenstappen die hij onderweg tegenkomt, tot het einddoel. Op deze manier kom je te weten of het probleem bij jouw internetprovider, jouw router of ergens anders in de knooppunten ligt. En met wat geluk kun je zelfs achterhalen waar de bewuste probleemcomputer zich ongeveer bevindt.

©PXimport

Alleen wifi, alleen ethernet

Standaard wordt het verkeer van alle netwerkadapters in kaart gebracht, maar je kunt hier ook aangeven dat je alleen geïnteresseerd bent in één bepaalde netwerkadapter. Bovenaan staat het keuzevak ingesteld op All Netwerk Adapters. Door op het kleine zwarte pijltje te klikken, volg je een bepaalde netwerkadapter. Zo kun je bijvoorbeeld ervoor kiezen om alleen de draadloze adapter of alleen de ethernetadapter te monitoren.

©PXimport

Prioriteiten

Met NetBalancer kun je ingrijpen in het netwerkverkeer van bepaalde programma’s en processen. Je kunt ze stopzetten (Block), toelaten (Ignore) en net als in het wegverkeer is het mogelijk om voorrangsregels vast te leggen. In de gratis versie regel je verdeling van de bandbreedte volgens drie prioriteiten: High Priority, Normal Priority en Low Priority. Bovendien mag je dan maximaal vijf simultane prioriteitswijzigingen ingeven. Wil je het verkeer toch nog verfijnder regelen, dan heb je de betaalde versie nodig, die kost 49 dollar.

Klik met de rechtermuisknop op de naam van het proces of programma en dan kies je bij Download Priority of Upload Priority de instellingen: Low,Normal, High, Limit …, Block of Ignore. Genegeerde processen werken zonder enig beheer van NetBalancer. Stel dat je het download-enthousiasme van een bepaald programma wilt temperen, dan wijzig je de Dowload Priority in Low. Je zult merken dat de prioriteit van het programma ook wordt aangepast in het overzicht van NetBalancer onder de kolom Priority. Het is ook mogelijk een specifieke limiet in te stellen voor downloads en uploads, door aan te geven hoeveel KB per seconde er maximaal is toegelaten voor deze verbinding.

©PXimport

Relatieve verschillen

Als je een programma een lage prioriteit toekent, kan het toch zijn dat dit programma de volledige bandbreedte krijgt, omdat er geen programma met een hogere prioriteit actief is. Alleen wanneer een programma met een hogere prioriteit om bandbreedte of snelheid vraagt, zal het programma met een lagere prioriteit voorrang verlenen. Het gaat dus om relatieve verschillen. Via het menu Edit , Level Severity bepaal je hoe groot de prioriteitsverschillen zijn tussen Low Priority Speed, Normal Priority Speed en High Priority Speed. Als je de schuifregelaar naar rechts beweegt, zullen de verschillen groter worden.

©PXimport

Settings

Bekijk zeker ook eens de instellingen. Via Edit, Settings kom je bij enkele interessante instellingen. In het tabblad UI Settings kun je de eenheid aanpassen die wordt gebruikt om het netwerkverkeer weer te geven. Lees je liever KB of MB, Byte of Bit? In het tabblad Traffic kun je instellen dat NetBalancer pas de voorrangsregels zal toepassen wanneer een bepaalde bandbreedte is bereikt. Zet een vinkje bij Balance netwerk only when en dan geef je een bijvoorbeeld 80% van totale bandbreedte. Je kunt de periode instellen waarna de bandbreedte opnieuw berekend moet worden met Set bandwith speed every x minutes. Daaronder in het vak Limit all system trafic kun je het globale netwerkverkeer beperken, zowel op het vlak van downloads als uploads.

©PXimport

Regels

NetBalancer ondersteunt regels: een meer geavanceerde manier om met prioriteiten en limieten om te gaan. Daarvoor klik je in de linkerbalk op de rode R van Rules. In het begin staat er nog geen enkele regel, maar door op het plusteken te klikken, kun je aan zo’n regel beginnen.

Nog handiger zijn de verschillende kant-en-klare sjablonen voor regels. Zo kun je zonder moeite het verkeer naar een bepaalde game-map op de harde schijf prioriteit geven, of de prioriteiten vastleggen die alleen tijdens de werkdagen gelden, terwijl in het weekend de teugels van het netwerkverkeersbeleid wat losser mogen. Het voordeel van regels is dat ze een tijdpaneel hebben waar je de uren, de dag van de week en/of maand kunt selecteren om de juiste prioriteit voor dat verkeer in te stellen. Zo is het mogelijk om twee verschillende regels met andere instellingen te maken voor verschillende tijdsperioden van de dag.

©PXimport

▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.