ID.nl logo
RollerCoaster Tycoon World - Te vroeg en te weinig
© Reshift Digital
Huis

RollerCoaster Tycoon World - Te vroeg en te weinig

Gillende mensen, ratelende achtbanen, vrolijk geroezemoes en kokhalsgeluiden. Wie zijn ogen dicht doet tijdens een potje RollerCoaster Tycoon World, waant zich even in 1999. Heel even maar, want zodra je je ogen weer opendoet, zit je toch echt naar een driedimensionale achtbaansimulator te kijken.

RollerCoaster Tycoon World

+ Achtbaanbouwmodus

+ Terreinmodus.

- Paden aanleggen een verschrikking

- Ratingsysteem werkt niet goed

- Prestaties ver onder de maat

- Waar is de uitdaging?

Die driedimensionale achtbaansimulator heeft nog maar weinig van doen met de allereerste RollerCoaster Tycoon. Dat hoeft op zichzelf geen slecht iets te zijn, maar door het succes van de eerste twee delen is het dat stiekem toch. Lees ook: Trackmania Turbo: Over de topsnelheid!

Overigens willen we benadrukken dat het hier om een Early Access-game gaat, waarbij je jezelf de vraag mag stellen waarom we een dergelijke game nu al recenseren. Het antwoord is simpel: omdat de game op dit moment ook als fysiek schijfje bij retailers te koop is. Op het doosje van deze fysieke versie staat overigens nergens vermeld dat de game eigenlijk nog in ontwikkeling is. Waarom je een game, die in onze ogen verre van af is, op deze manier al probeert te verkopen, is ons een raadsel.

©PXimport

Ondanks alles zit de achtbaanbouwer goed in elkaar.

Waar is Leafy Lake?

Bovenstaande alinea geeft overigens al direct prijs hoe de vlag erbij hangt in RollerCoaster Tycoon World. De ontwikkelaar heeft nog bergen werk voor de boeg om er een volwaardige game van te maken. Er zijn gewoon te veel zaken die ons doen terugverlangen naar de isometrische tijden van Forest Frontiers en Leafy Lake. Terwijl we zó graag willen zien dat RollerCoaster Tycoon terugkeert naar de top van de digitale simulatoren. Naar de plek waar een dergelijke franchise hoort te staan. Want als er iets is wat ons jeugdig hartje sneller doet kloppen, dan is het wel een pretparksimulator waarin we helemaal losgaan op imposante achtbanen en avontuurlijke thema's.

De realiteit is dat RollerCoaster Tycoon World ver weg staat van de game die het zou moeten zijn. Dit terwijl er toch ook wat goeds valt te bespeuren. Wie deze Early Access-versie afzet tegen de alfaversie van directe concurrent Planet Coaster (al is het maar vanwege het feit dat voormalige RollerCoaster Tycoon-ontwikkelaar Frontier Development nu aan het roer staat bij Planet Coaster) ziet dat qua content RollerCoaster Tycoon World al een stuk verder is. Zo kunnen we in RollerCoaster Tycoon World, in tegenstelling tot de concurrent, al veel meer doen met de achtbaanbouwer. Want hoewel we veel kunnen zeggen over deze game, zit het bouwen van achtbanen goed in elkaar.

©PXimport

RollerCoaster Tycoon World heeft meer content dan zijn directe concurrent: Planet Coaster.

Achtbanen bouwen!

Het hele principe van een achtbaan bouwen werkt via een intuïtief click en drag-systeem. Je kiest gewoon de richting waar je heen wilt, klikt en een nieuw stuk achtbaan verschijnt. Daarna kun je naar hartenlust schuiven, draaien, kantelen en verhogen door een combinatie van de 1 t/m 4-toetsen, je muis en de shift-knop. Het kost je slechts een paar tellen, maar vervolgens bedenk je echt de meest waanzinnige creaties die je daarna ook daadwerkelijk kunt bouwen. Het werkt snel, eenvoudig en is bovendien zeer toegankelijk als je later nog wat wilt toevoegen of aanpassen. In de bouwmodus voeg je snel punten (nodes) in je achtbaan toe, waardoor je meer opties krijgt om je baan tot in de puntjes te perfectioneren. Handig voor wanneer je bijvoorbeeld een bocht iets minder gekanteld of een helling net iets steiler wilt maken. De game voorziet daarnaast in de mogelijkheden om een complete attractie eenvoudig te verplaatsen of er een blauwdruk van te maken.

Deze manier van bouwen werkt veel beter dan de ouderwetse stuk-voor-stuk manier zoals in eerder RollerCoaster Tycoon-games werkt gebruikt. Wie het daar niet mee eens is, kan het ook op de oude manier doen. Het grote probleem is echter dat het er op dit moment helemaal geen fluit toe doet hoe je jouw achtbaan perfectioneert. Of dat juist niet doet. Het scoresysteem van achtbanen (o.a. gebaseerd op misselijkmakendheid en intensiteit) lijkt weinig realistisch te zijn, waardoor je gasten vooral heel veel moeten overgeven. Daarnaast maakt het ook helemaal niet uit welke score je hier behaalt, want je gasten stappen toch wel in. Misschien wat minder dan anders, maar winst maken doe je sowieso. Dat maakt de geweldige bouwmodus onderaan de streep eigenlijk overbodig.

©PXimport

Uiteindelijk stappen ze toch wel in.

Dikke tranen

Waar Planet Coaster vooralsnog mijlenver in voorop loopt is de manier waarop je objecten, gebouwen en versieringen plaatst. We slaakten een kleine kreet van geluk toen we merkten dat we in RollerCoaster Tycoon World, zoals vanouds, bankjes en lampen aan de paden kunnen plaatsen (ook al werkt deze optie niet helemaal zoals het zou moeten). Om vervolgens weer in tranen uit te barsten toen we ook merkten dat paden aanleggen zelf belachelijk slecht werkt. RollerCoaster Tycoon World biedt de mogelijk om via een snap- of grid-tool te werken, maar beiden blinken uit in nadelen. Zo is een 'mooi' cirkelvormig pad aanleggen bijna onmogelijk en valt het vies tegen om een wachtrij vaak recht op een ander pad aan te leggen. Ook een gebouw aan een al aangelegd pad laten aansluiten kan blijkbaar alleen met de snap-tool aan. In elke andere modus moet je eerst het gebouw plaatsen voordat je een pad ernaartoe kan leggen. Juist op deze momenten verlangen we echt terug naar 1999.

Daarnaast kunnen we helemaal geen gebouwen rond attracties en horecagelegenheden plaatsen, waardoor de aanwezige thema's slechts uitgedragen worden door losse objecten. Hierdoor voelt je grote park al snel heel generiek en weinig samenhangend aan. De terreinmodus werkt dan wel weer goed, waardoor je de ondergrond nog aardig kan afstemmen op wat erboven gebeurd. De terreinmodus werkt, net als de achtbaanmodus, snel en effectief en kent amper minpunten. Dat de optie om onder de grond te bouwen compleet verdwenen is, zorgt echter voor een wrange nasmaak.

©PXimport

De paden zijn een ramp.

Waar is het hart?

Dat geldt trouwens ook voor een totaal gemis aan micromanagement, zoals de mogelijkheid om personeel toe te wijzen aan gebieden en ze op te pakken. Prijzen moet je per stalletje instellen en opties om een attractie of gebouw helemaal naar smaak aan te passen zijn er bar weinig. Het zorgt er allemaal voor dat ons gevoel bij RollerCoaster Tycoon World er gewoon niet is. Het voelt allemaal te mat, te vlak en te kaal aan. Alsof het hart uit de franchise is gerukt. Achtbanen bouwen is een ontzettend gave bezigheid en deze modus kan zich waarschijnlijk gaan meten met de besten in dit genre, maar alles daaromheen komt gewoonweg niet in de buurt van zijn voorgangers of concurrenten. De game mist uitdaging en diepgang en zonder de uitmuntende achtbanen zouden we het in deze game nauwelijks een uur volhouden. Terwijl we zo graag willen.

Wie een blik werkt op het gebruik van zijn werkgeheugen tijdens het spelen, zal versteld staan. Want hoewel de game grafisch bij lange na niet kan tippen aan welke huidige game dan ook en er vooral in het begin van de game nauwelijks iets valt te berekenen, slokt de game bijna 8GB werkgeheugen op (ter illustratie: dat is net zoveel als de aanbevolen eis voor Dark Souls 3). Het is ook iets wat je direct merkt tijdens het spelen. We dachten dat het misschien aan ons lag, maar een rondje langs de velden leert ons dat veel gamers last hebben van belachelijk lage framedrops en instabiele gameplay. Zodra je park ook maar meer dan een handvol attracties kent, gaat het hard bergafwaarts met je prestaties.

©PXimport

Na een handjevol attracties begint je werkgeheugen al te huilen.

Al deze minpunten kun je, mocht je dat heel graag willen, allemaal wegcijferen onder de noemer Early Access. Hoewel we dat eigenlijk niet willen. Wie een game als een fysiek schijfje op de markt brengt voor een volwaardige prijs, mag afgerekend worden op hetgeen dat aangeboden wordt. Zeker als je kijkt naar de prestaties van de game zelf. Prestaties die in Rollercoaster Tycoon World ver onder de maat zijn.

Conclusie

Wat je als ontwikkelaar moet doen, is 15 euro vragen voor een Early Acces-game, luisteren naar je fans en de beste Rollercoaster-game ooit bouwen. Wat je niet moet doen is de volle mep vragen, een game als volwaardig proberen te verkopen en dan met dit aankomen. Onder een hoop frustratie en een geweldige achtbaanbouwer zit zeker potentie voor een goede game. Maar of die potentie er ooit uit gaat komen, is nog maar zeer de vraag.

RollerCoaster Tycoon World is nu fysiek in de winkels verkrijgbaar en als Early Access-game op Steam voor pc.

▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.