ID.nl logo
Pc-versie Spider-Man: Remastered onder de loep
© Reshift Digital
Huis

Pc-versie Spider-Man: Remastered onder de loep

Marvel’s Spider-Man: Remastered is, zoals de naam al doet vermoeden, een remaster van de PlayStation 4-game Marvel’s Spider-Man. Deze remaster is al twee jaar verkrijgbaar op PlayStation 5 in een bundel met Spider-Man: Miles Morales, maar als onderdeel van Sony’s opmars in de pc-markt kunnen pc-spelers vanaf 12 augustus ook door Manhattan slingeren.

Spider-Man: Remastered volgt een aantal andere voormalige PlayStation-exclusives, waaronder Horizon Zero Dawn en God of War, die naar pc zijn gebracht als onderdeel van Sony’s plan om hun aanwezigheid in de gamesmarkt te diversifiëren. Voor het omzetten van Spider-Man: Remastered is de Utrechtse studio Nixxes Software in de arm genomen. In juli vorig jaar werd de studio, die zijn brood grotendeels verdient met dit soort klussen, opgekocht door Sony Interactive Entertainment.

In de Gamer.nl-recensie van de PlayStation 5-versie van Spider-Man: Remastered las je dat de remaster merkbaar is opgepoetst met nieuwe textures, ray-tracing en een hogere resolutie. Nixxes doet daar met de pc-versie nog een schepje bovenop door tevens onbegrensde framerates, (ultra)breedbeeldondersteuning, dynamische resolutie en verbeterde schaduwen toe te voegen. Het resultaat van deze toevoegingen is een fenomenale port die fantastisch presteert.

Prestaties

De minimale systeemeisen voor Spider-Man: Remastered hebben gelukkig niet geleden onder de nieuwe pracht en praal. Op de allerlaagste voorinstellingen bij een resolutie van 720p met dertig beelden per seconde volstaat volgens de ontwikkelaar een Nvidia GTX 950 met een Intel Core i3-4160 (of het equivalent van AMD). 

©PXimport

Vanaf de aangeraden systeemeisen tot aan de eisen om ray-tracing op de allerhoogste voorinstelling aan te kunnen zetten zijn er eigenlijk geen verrassingen. Wie het meeste uit Spider-Man: Remastered wil halen moet over een high-end 30-series kaart van Nvidia of een 6000-series kaart van AMD beschikken. Waar men bij de PlayStation 5-versie kon kiezen uit 4k met ray-tracing of 4k met zestig beelden per seconde, biedt de pc-versie de mogelijkheid om op 4k met zestig fps én ray-tracing te spelen – mits je een RTX 3080/RX 6950XT en i7-12700k/Ryzen 5900X hebt.

De voorinstellingen vergelijken is bijzonder eenvoudig dankzij de live voorvertoning die de game biedt bij het aanpassen van de instellingen. Omdat het optiepaneel slechts een deel van het scherm bedekt en de grafische instellingen in real-time updaten, is het onmiddellijk duidelijk wat de gevolgen zijn van de verschillende instellingen. Aan de hand van een FPS-teller valt ook te zien hoeveel beelden per seconde er overblijven, al biedt de game geen ingebouwde optie hiervoor en moet men dus een extern programma gebruiken om dit te meten.

©PXimport

©PXimport

©PXimport

©PXimport

©PXimport

©PXimport

Eveneens teleurstellend is het gebrek aan een indicator die het (verwachte) gebruik van het videogeheugen aangeeft. Voor het precies afstellen van de grafische instellingen om de gewenste framerate en resolutie te halen is dan ook een extern programma nodig.

Net zoals de PlayStation 5-versie van de remaster beschikt de pc-versie over de mogelijkheid om ray-traced reflecties aan te zetten met de juiste hardware. Spelers met een RTX 20/30-series-kaart van Nvidia of een RX 6000-series-kaart van AMD kunnen ervoor kiezen om ray-traced reflecties aan te zetten op twee voorinstellingen: very high of high. Deze voorinstellingen zijn verder uitgesplitst in twee instellingen en één slider om respectievelijk de resoluties, geometrie en tekenafstand aan te passen.

Helaas zijn er maar weinig machines die de potentie van 4k, 60 fps én very high ray-tracing volledig kunnen vervullen zonder gebruik te maken van dynamische resolutie middels DLSS of FSR. Met een RTX 3070 en Core i7 12700k duikt de FPS-teller bijvoorbeeld bij very high ray-tracing op 1440p naar 45 fps, vergeleken met 70 fps zonder enige ray-tracing.

©PXimport

Videokaarten zonder ray-tracing-acceleratie kunnen wel gebruikmaken vanscreen space reflections, waarbij de reeds weergeven schermruimte wordt gebruikt om reflecties te ‘tekenen’. Deze techniek vereist bijzonder veel rekenkracht, waardoor oudere of zwakkere videokaarten moeite zullen hebben om hogere framerates aan te houden.

Over het algemeen zijn de prestaties van Spider-Man: Remastered zeer verdienstelijk, maar om alles op allerhoogste voorinstellingen te kunnen draaien is gebruik van een dynamische resolutie praktisch verplicht voor alles behalve de meest krachtige pc’s van het moment.

Ondersteuning

Tijdens het spelen zelf liep de versie die beschikbaar werd gesteld voor deze recensie niet vast, maar het optiemenu is dusdanig instabiel in deze versie dat aanpassingen in dit menu soms leidden tot een crash naar het bureaublad. Insomniac Games heeft al aangekondigd dat er voor en na release patches worden uitgebracht om deze problemen aan te kaarten.

Buiten deze instabiliteit om is de technische ondersteuning voor pc van Spider-Man: Remastered uitstekend. Dat begint bij de mogelijkheid om HDR aan te zetten op systemen die over de juiste hardware beschikken. Hiervoor is een compatibele monitor, moderne grafische kaart en een recente versie van Windows 10 of Windows 11 nodig. Eveneens lovenswaardig is de kwaliteit van de breedbeeldondersteuning.

Vrijwel alle courante breedbeeldverhoudingen worden namelijk ondersteund, waaronder 21:9, 32:9, 16:10 en multi-monitor setups via Nvidia Surround. De tussenfilmpjes zijn bijgewerkt voor 21:9 en 32:9, bij nog bredere beeldverhoudingen (bijvoorbeeld bij multi-breedbeeld opstellingen) worden de randen gevuld met een vervaagde versie van de tussenfilm.

Spider-Man: Remastered beschikt op pc over maar liefst drie manieren om de resolutie dynamisch op te schalen om zo het gewenste aantal beelden per seconde aan te kunnen tikken. De twee bekendste zijn Nvidia’s Deep Learning Super Sampling 2.0 (DLSS) en AMD’s FidelityFX Super Resolution 2.0 (FSR). Bij beide technieken wordt het beeld op een lagere resolutie geproduceerd dan de gewenste resolutie, bijvoorbeeld 1080p in plaats van 4k, om vervolgens met behulp van een algoritme dat beeld op te schalen naar de volle resolutie.

Nvidia bereikt dit middels een kunstmatige intelligentie die getraind is op miljarden beelden van games, om zo te ‘leren’ hoe het een kleiner beeld op kan schalen zonder artefacten. AMD gebruikt daarentegen een temporale techniek die data uit eerdere frames gebruikt om het huidige beeld op te schalen naar de gewenste resolutie. Het voordeel van de aanpak van AMD is dat er geen speciale hardware nodig is, waardoor FSR gebruikt kan worden op vrijwel alle kaarten uit pakweg de laatste drie generaties. Voor DLSS daarentegen is een videokaart uit de 20- of 30-series vereist.

De derde techniek komt uit de koker van Insomniac Games zelf en draagt de naam Insomniac Games Temporal Injection (IGTI). Net zoals FSR betreft het een temporale superresolutietechniek die data uit eerdere frames ‘injecteert’ in het huidige frame, waardoor slechts de helft van de pixels in elk beeld getekend hoeven worden. Deze techniek werd oorspronkelijk ontwikkeld om Ratchet & Clank en de oorspronkelijke Spider-Man in 4k te weergeven op de PlayStation 4 Pro met een acceptabele framerate, maar vindt nu dus ook zijn weg naar de pc-versie van Spider-Man: Remastered.

De temporal injection van Insomniac is een indrukwekkende manier om meer prestaties uit de hardware van de PS4 Pro te persen, maar op pc bieden FSR en met name DLSS betere prestaties. Ongeacht welke techniek je kiest is het kwaliteitsverlies minimaal en maakt het spelen op 4k met 60 fps en ray-tracing mogelijk, waardoor het aanzetten van dynamische resolutie in deze game eigenlijk een no-brainer is.

Opties en besturing

Wat de besturing betreft worden alle verwachtingen van een moderne AAA-port afgevinkt: alle toetsen kunnen opnieuw worden toegewezen, alle courante controllers worden ondersteund en de muisgevoeligheid kan worden aangepast. Ondersteuning voor de DualSense-controller is ook aanwezig, vergelijkbaar met de implementatie van de PlayStation 5-versie van Spider-Man: Remastered.

Tijdens het slingeren door Manhattan neemt de weerstand in de triggers bijvoorbeeld voelbaar toe en bij eindbaasgevechten wordt haptic feedback gebruikt om de kracht (en het gewicht) van de vijanden te benadrukken. Helaas werken de extra functies alleen als de DualSense met een draad is verbonden aan de pc. Vanwege een beperking in de drivers is draadloze communicatie tussen controller en pc niet mogelijk. Het is niet duidelijk of dit in de toekomst met een update kan worden verholpen.

De toegankelijkheidsopties zijn één op één overgenomen van de PlayStation 5-versie. Dat is allesbehalve kwalijk, want de mogelijkheden om de game toegankelijker te maken zijn zéér uitgebreid. Zo kunnen delen van de game die snel reactievermogen, herhaaldelijke toetsaanslagen (bijvoorbeeld QTE’s) of andere behendigheid vereisen uitgezet worden of zodanig aangepast worden dat deze ook uit zijn te voeren door gamers met een handicap.

De HUD- en cameraopties bieden verschillende mogelijkheden om beweging te reduceren, het blikveld aan te passen of het contrast te verhogen. Het zijn opties die met name van pas komen voor spelers die snel last krijgen van wagenziekte. De aanpassingen voor kleurenblindheid zijn met name uitgebreid: vrijwel elk element in de game kan worden voorzien van extra contrast of een andere kleur. Neem bijvoorbeeld de contrast shaders. Daarmee worden alle vijanden voorzien van een kleur die aangeeft welk type ze zijn (standaard, zwaar, eindbaas, etc.) – cruciale informatie tijdens de gevechten.

Conclusie

De enige smet op het blazoen van de pc-versie van Spider-Man: Remastered is de instabiliteit in het menu. Mits die problemen met een patch kunnen worden verholpen blijft er een port over met uitstekende (toegankelijkheids)opties, goede prestaties, aangename besturing en ondersteuning voor de laatste grafische snufjes zoals DLSS, FSR en ray-tracing.

▼ Volgende artikel
Arc Raiders is meer dan 14 miljoen keer verkocht
Huis

Arc Raiders is meer dan 14 miljoen keer verkocht

De extraction shooter Arc Raiders is een groot succes: de game is sinds release 30 oktober vorig jaar meer dan 14 miljoen keer verkocht.

Dat heeft uitgever Nexon deze week aangekondigd bij het bekendmaken van de kwartaalcijfers van het bedrijf. In januari was er daarbij een piek van 960.000 gelijktijdige spelers over alle platforms waarneembaar, en sindsdien zijn er zo'n zes miljoen wekelijkse actieve spelers. Arc Raiders heeft wat Nexon betreft dan ook alle verwachtingen overtroffen.

Arc Raiders kwam zoals gezegd afgelopen oktober uit en is ontwikkeld door het in Stockholm gevestigde bedrijf Embark Studios, dat bestaat uit voormalige Battlefield-ontwikkelaars, waronder de voormalige ceo van DICE, Patrick Söderlund. Hiervoor bracht Embark al de shooter The Finals uit.

Over Arc Raiders

Toen Arc Raiders uitkwam, bleek het spel al snel een hit op Steam en consoles. Dit terwijl de markt voor multiplayershooters zeer competitief is, met franchises als Call of Duty en Battlefield waarvan afgelopen najaar ook nieuwe delen zijn uitgekomen.

De game houdt een derdepersoonsaanzicht aan en betreft een extraction shooter. Spelers gaan in Arc Raiders richting de oppervlakte van de aarde, waar buitenaardse robots genaamd Arcs voor chaos zorgen. Spelers proberen hier waardevolle materialen, wapens en medicijnen te vinden - alleen of in teamverband. Andere spelers lopen echter ook rond op het oppervlak en kunnen je team helpen of juist tegenzitten. Het doel is heelhuids weer ondergronds te geraken met de verzamelde spullen.

▼ Volgende artikel
Je smartphone als afstandsbediening voor je slimme huis: zo werkt dat
© ImageFlow - stock.adobe.com
Huis

Je smartphone als afstandsbediening voor je slimme huis: zo werkt dat

Je smartphone gebruik je wellicht voor allerlei handige zaken, maar wist je dat je je telefoon ook kunt gebruiken om apparaten in je huis te bedienen? Vaak heb je daar niet eens zoveel voor nodig. Maar hoe begin je en waar moet je allemaal op letten?

In dit artikel

Je ziet hoe je je telefoon inzet als afstandsbediening voor verlichting, verwarming, tv en andere slimme functies in huis. We laten je stap voor stap zien hoe je apparaten toevoegt, kamers indeelt, routines bouwt en je slimme huis laat reageren op tijd, locatie en aanwezigheid. Ook lees je waar je op let bij compatibiliteit en hoe je alles netjes en veilig houdt met onderhoud en updates. 

Lees ook: Starten met smarthome in één middag: een stappenplan voor beginners

We gebruiken thuis steeds meer slimme apparaten die het leven moeten vergemakkelijken. Bijna alle apparaten die je op internet aansluit, zoals een televisie of een basisstation voor slimme lampen, kun je op afstand bedienen of in ieder geval via je wifi-verbinding thuis aansturen. Dat hangt natuurlijk af van het merk en type producten dat je gebruikt en via welke protocollen dit gaat, maar het heeft ook te maken met je telefoon.

Wanneer is een apparaat slim?

Een slim apparaat is een lamp, thermostaat, tv, stekker, gordijnmotor of sensor die via wifi, bluetooth of een standaard als Matter verbonden is met internet en op afstand te bedienen is. Dat bedienen kan bijvoorbeeld via een app van de fabrikant van de apparatuur, maar het is ook mogelijk met de app van Google, Google Home. Deze app is op de meeste Android-toestellen aanwezig, maar als dat bij jou niet het geval is, kun je deze downloaden via de Google Play Store. De app is er ook voor de iPhone en werkt vrijwel hetzelfde. We gebruiken in dit artikel de Android-versie voor alle uitleg en afbeeldingen.

Google Home tref je aan in Google Play, maar kan soms al geïnstalleerd zijn. Check sowieso altijd op updates als je de app al hebt.
Google Home

Google Home is de app die al die apparaten verzamelt en bestuurt; je bedient ze met tikken op je scherm, via het snelle bedieningspaneel van Android en met spraak via de Google Assistant. Wanneer je apparaten in de Google Home-app toevoegt, kun je er routines mee bouwen: vaste acties die automatisch of met één tik worden uitgevoerd, zoals alle lampen uit zodra je het huis verlaat of de verwarming lager zodra iedereen slaapt. Inmiddels kun je met Google Home al meer dan 50.000 apparaten aansturen; je herkent ze aan de Works with Google Home of Matter-logo's.

Starten met aansturen

Om je slimme apparaten te kunnen aansturen, gebruik je een Android-telefoon met Android 11 of hoger. Het werkt in principe ook met oudere versies, maar sinds versie 11 kun je de meeste opties voor slimme apparaten direct vanaf je vergrendelingsscherm benaderen en hoef je dus niet eerst de app te openen om je apparaten te bedienen. Installeer de Google Home-app uit de Play Store en meld je aan met je Google-account. Aanmelden is vereist zodat de instellingen voor al je apparaten worden opgeslagen en ook via andere Android-toestellen zijn te bereiken. Je kunt er ook voor kiezen om een nieuw account aan te maken, dat je dan bijvoorbeeld met je huisgenoten kunt delen. Op die manier kan iedereen in huis bij dezelfde instellingen voor je slimme apparaten en hoef je je persoonlijke data niet met je huisgenoten te delen. Met de Google Home-app kun je eenvoudig schakelen tussen meerdere accounts, dus het is in theorie mogelijk om meerdere slimme huizen te beheren.

Met de Google Home-app kun je - net als alle andere Google-apps - eenvoudig schakelen tussen meerdere accounts.

Systemen zijn niet altijd compatibel

Voordat je een slim apparaat kunt toevoegen aan Google, moet dat apparaat eerst al zijn ingesteld met de app van de fabrikant, bijvoorbeeld Philips Hue, IKEA Home smart, Tado of de app van je gordijnmotor. Daarna koppel je ze in Google Home. Het is handig om minstens één slimme lamp of slimme stekker te hebben om mee te oefenen, plus bijvoorbeeld een televisie met Chromecast-functionaliteit. Heb je een smartspeaker of smartdisplay met ingebouwde Google Assistant (zoals de Nest Hub), dan kun je die gebruiken als extra microfoon in huis, maar strikt nodig is die niet, omdat je ook via je telefoon tegen de Assistant kunt praten. Apple-gebruikers hebben een vergelijkbaar systeem via Apple HomeKit en de Apple Home-app. Apple gebruikt een gesloten systeem, waardoor je niet kunt communiceren met Google Home en moeten de apparaten die je met een Apple-smartphone wilt aansturen, ook specifiek compatibel zijn met Apple HomeKit. Via Home Assistant - een losstaand protocol voor slimme apparaten - is het mogelijk om een koppeling te maken tussen Android-apparaten en Apple-apparaten, maar daar gaan we in dit artikel niet verder op in.

©sdx15 - stock.adobe.com

Ook Apple heeft een Home-app, maar die is niet compatibel met Android.

Lees ook: Philips Hue SpatialAware: dit is het en zo gebruik je het

Apparaten toevoegen en huis indelen

Om Google Home te gebruiken voeg je je eerste apparaten toe aan de Google Home-app en deel je ze logisch in kamers in, zodat aansturen en automatiseren later veel eenvoudiger wordt. Je opent eerst Google Home, controleert of het juiste huis geselecteerd is; als dit nog niet is aangemaakt, maak je dat aan. Vervolgens voeg je een nieuw apparaat toe met de +-knop, rechts bovenin. Tot slot kies je voor Apparaat.

Een nieuw apparaat toevoegen aan Google Home doe je hier.

Koppelen

Je krijgt nu de mogelijkheid om een apparaat direct toe te voegen door middel van een QR-code, die je vaak achter op een product vindt. Apparaten die Matter of Nest ondersteunen, kun je op deze manier dus direct toevoegen. Wil je een apparaat toevoegen dat geen Matter-ondersteuning biedt, dan kan dat alleen als je het betreffende apparaat hebt geconfigureerd via het systeem van dat merk, bijvoorbeeld een lamp van Philips Hue die aan de Hue-bridge is gekoppeld. In dat geval kies je voor de optie Apps of services koppelen. Vervolgens krijg je een overzicht van alle compatibele diensten die met Google Home werken.

Kies uit de lijst met compatibele merken om een koppeling te maken.

Lees ook: Matter uitgelegd: de nieuwe standaard voor een zorgeloos slim huis

Toestemming verlenen

Om een apparaat via deze route toe te voegen aan Google Home, moet je inloggen bij het account van de fabrikant waarvan je de dienst afneemt, bijvoorbeeld Philips Hue. Er komen nog wat meldingen in beeld omtrent de mogelijkheden die Google krijgt met betrekking tot de data van je externe account.

Wanneer de apparaten zichtbaar zijn als tegels, houd je een tegel even vast en kies je voor het tandwieltje. Vervolgens tik je op Ruimte en kun je het apparaat eventueel nog in een andere ruimte plaatsen. Dat kan door de betreffende ruimte aan te tikken uit de lijst, of zelf een nieuwe ruimte aan te maken. Het is handig om je apparaten onder te verdelen in ruimtes, omdat je - bijvoorbeeld in het geval van lampen - deze per ruimte in één keer kunt uitschakelen. Zo kun je dan bij je bedtijdroutine eerst de lichten in de woonkamer uitschakelen en daarna die op de overloop, zonder dat je je hele huis in duisternis brengt of juist iedere lamp afzonderlijk moet uitzetten.

Soms moet je extra toestemmingen goedkeuren om een apparaat te kunnen gebruiken.

Apparaten handmatig en met spraak bedienen

Heb je al je apparaten toegevoegd en eventueel onderverdeeld in verschillende ruimtes, dan kun je ze nu bedienen via je Google Home-app. Open de app, tik op de knop Alle apparaten bovenaan en je ziet alle tegels van de in Google Home aanwezige apparaten. Tik bijvoorbeeld op een lamptegel om die direct aan of uit te schakelen, of houd de tegel even vast om een schuifregelaar voor helderheid of kleur te zien.

Voor een slimme thermostaat tik je op de thermostaat-tegel en verschuif je de temperatuur hoger of lager; vaak kun je ook kiezen tussen de modi Verwarmen of Verkoelen, maar dat is afhankelijk van de aangeboden functies in het apparaat zelf, want niet alle functies zijn ook altijd te benaderen vanuit Google Home. Ook een andere handige optie is het bedienen van je televisie. Heb je een tv of Chromecast gekoppeld, dan kun je via de tegel media pauzeren of stoppen. Vervolgens activeer je spraakbediening door op je Android-telefoon de Google Assistant op te roepen, bijvoorbeeld via de Assistant-knop, een veegbeweging of door "Hey Google" te zeggen. Vervolg die aanroep dan door concrete opdrachten als "Doe de lampen in de woonkamer uit", "Zet de thermostaat op 20 graden" of "Speel Netflix op tv woonkamer". Omdat de Google Assistant de door jou opgegeven namen en kamers uit Google Home gebruikt, loont het dat je die eerder netjes hebt ingesteld.

Tik je op een slimme lamp in de Google Home-app, dan zie je de opties die geboden worden, bijvoorbeeld het aanpassen van de kleurtoon en de helderheid.

Slimme routines maken

Nu je weet hoe je apparaten direct bedient, laten we je zien dat je ook automatiseringen of routines kunt instellen, zodat combinaties van acties met één tik of automatisch worden uitgevoerd. Om dat voor elkaar te krijgen in de Google Home-app tik je onderaan op de knop Automatisering en kun je kiezen uit een aantal voorgestelde routines, zoals wat er gebeurt als je van huis weggaat, of juist aankomt. Het nadeel hiervan is dat je wel de locatie-instellingen op je telefoon moet aanzetten en je huisadres in Google Home moet instellen, maar we kunnen goed voorstellen dat je daar niet op zit te wachten, privacytechnisch gezien dan. Als je een nieuwe routine wilt maken, tik je rechtsboven op de knop Nieuw > Automatisering. Geef de automatisering eerst een naam, zodat deze alvast kan worden opgeslagen nog voordat je iets instelt. Een routine bestaat altijd uit drie delen: een starter, een voorwaarde (die is optioneel) en een actie. Een starter kun je het beste zien als een gebeurtenis, bijvoorbeeld: het is 20:00, er wordt een beweging gedetecteerd, of de temperatuur van de slimme thermostaat is lager dan 16 graden. Een starter kan ook een spraakopdracht zijn. Stel dat je een 'Alles uit'-routine wilt: je geeft de routine een naam, kiest als trigger bijvoorbeeld het spraakcommando "Ik ga weg" en voegt als acties toe dat alle lampen uit moeten, de thermostaat naar 17 graden gaat en de tv wordt uitgezet.

De opbouw van een routine in Google Home.

Lampen automatisch aanpassen

Voor een filmavond-scenario maak je een automatisering die handmatig start of op een spraakzin als "Filmavond": je selecteert dan bij Actie bewerken de lampen in de woonkamer en zet de helderheid naar bijvoorbeeld 20 procent, je zet eventueel gekleurde lampen op warm wit en schakelt een slimme stekker van de sfeerverlichting in. Heb je gordijnen met een slimme motor, dan voeg je toe dat die naar 100 procent dichtgaan. Tot slot wijs je de tv- of Chromecast-tegel toe om een bepaalde app te starten of in elk geval de tv in te schakelen. Omdat deze routines gebruikmaken van de apparaten en kamers die je eerder hebt ingericht, zie je direct hoe belangrijk een goede basisconfiguratie is.

De kleur en helderheid van de lampen kun je automatisch aanpassen bij het inschakelen van de tv.

Automatiseren op tijd, locatie en aanwezigheid

Nu je basisroutines hebt, ga je een stap verder door je huis zichzelf te laten aanpassen op tijd, locatie en aanwezigheid, zodat je smartphone meer regisseur dan bedieningspaneel wordt. In Automatisering kun je een routine laten starten op vaste tijden, bij zonsopkomst of zonsondergang of wanneer de toestand 'Thuis' of 'Afwezig' verandert. Stel bijvoorbeeld een ochtendroutine in die op werkdagen om 7:00 uur de thermostaat naar 20 graden zet, de gordijnen in de woonkamer op 50 procent opent en de keukenlampen op 60 procent helderheid inschakelt. In de avond kun je een routine laten starten rond zonsondergang, zodat de buitenlamp en de lamp bij de voordeur automatisch aangaan. Aanwezigheidsdetectie gaat nog een stap verder: Google Home kan via de locatie van je telefoon en sensors van bijvoorbeeld een Nest-thermostaat of Nest-speakers bepalen of er iemand thuis is. Wanneer iedereen weg is, kan de Afwezig-routine lampen uitzetten, de thermostaat terugschakelen en eventueel een robotstofzuiger starten. Je stelt dat in via de Instellingen in Google Home onder aanwezigheidsdetectie, waar je toestemming geeft voor gebruik van je telefoonlocatie en aangeeft welke apparaten mogen 'meekijken'.

Concrete scenario's

Nu je de algemene principes beheerst, richt je je op drie alledaagse toepassingen die samen veel comfort opleveren: licht, warmte en entertainment. Voor verlichting maak je in Google Home aparte scènes aan via Automatisering, zoals 'Thuiswerken' met helder wit licht op 80 procent in je werkkamer en 'Ontspannen' met warm licht op 30 procent in de woonkamer. Je roept ze op met "Hey Google, thuiswerken" of via een tegel in het bedieningspaneel. Voor verwarming stel je in de Google Home-app temperatuurschema's in voor je Nest-thermostaat, bijvoorbeeld overdag 20 graden en 's nachts 17 graden; voor warm water kun je eveneens schema's instellen, zodat de slimme boiler niet onnodig aanstaat. De routine 'We zijn weg' verlaagt de temperatuur en zet lampen uit. Voor tv-bediening koppel je je Chromecast of ingebouwde Chromecast-tv aan Google Home en wijs je die toe aan de kamer 'Woonkamer'. Daarna werkt "Hey Google, speel YouTube op tv woonkamer" of je tikt in de app op de tv-tegel om afspelen te pauzeren of te stoppen. Als je deze drie functies eenmaal soepel bedient, zie je hoe makkelijk het is om extra apparaten, zoals gordijnen of een slimme stekker voor je koffiezetapparaat, in bestaande routines in te passen.

Noodzakelijk onderhoud en uitbreiden

Nu je smartphone de centrale afstandsbediening van je slimme huis is, is het belangrijk dat je installatie veilig, overzichtelijk en toekomstbestendig blijft. Controleer regelmatig in Google Home onder Settings en Devices of er geen oude of dubbele apparaten meer staan, bijvoorbeeld een lamp die je hebt vervangen; verwijder ongebruikte apparaten, zodat routines niet breken en blijven hangen omdat een bepaald apparaat niet meer bestaat. Kijk af en toe ook kritisch naar machtigingen: in aanwezigheidsdetectie bepaal je expliciet welke apparaten en telefoons mogen meedoen aan 'Thuis' en 'Afwezig' en dus jouw locatie kunnen opvragen. Dat is misschien niet altijd gewenst. Koop je uitbreidingen, test die nieuwe apparaten eerst in een simpele routine, zoals een losse scène voor één kamer, voordat je ze in al je automatiseringen opneemt. Controleer daarnaast ook op updates: Google Home wordt bijvoorbeeld regelmatig bijgewerkt, zeker nu er ook steeds meer AI-functies worden toegevoegd. En ook je slimme apparatuur: vaak wordt er nieuwe firmware uitgebracht, maar die kun je niet vanuit Google Home updaten; dat moet doorgaans via het slimme apparaat zelf of de aangesloten hub. Tot slot kun je, mocht je later voor het Apple-ecosysteem kiezen, veel apparaten dankzij Matter eenvoudig ook aan Apple Home koppelen, al beheer je ze dan in een aparte app. Door regelmatig op te ruimen, updates te installeren en je routines te finetunen, blijft je slimme huis betrouwbaar en voelt je smartphone echt als een krachtige, maar toch overzichtelijke universele afstandsbediening.

Het updaten van de firmware van aangesloten apparaten gaat doorgaans via de app van de fabrikant zelf, niet via Google Home.
View post on TikTok