ID.nl logo
Zekerheid & gemak

Revolutie in zonne-energie: de organische zonnecel

De Groningse wetenschapper Kees Hummelen is een van de pioniers op het gebied van de organische zonnecel, een goedkoper en slanker alternatief voor de dikke zonnepanelen zoals we die kennen. Na 22 jaar onderzoek is zijn ‘kindje’ bijna klaar voor de commerciële markt.

Het begon allemaal in 1995, toen Hummelen op 39-jarige leeftijd in een lab in Californië als postdoc zocht naar een nieuwe aidsremmer, en daarbij per ongeluk stuitte op een product dat later de sleutel bleek voor de ontwikkeling van de plastic zonnecellen.

“We hadden een vergadering waarbij scheikundigen en natuurkundigen bij elkaar kwamen”, vertelt de onderzoeker vanachter zijn bureau op de Zernike Campus. “Die natuurkundigen zeiden: “We hebben een nieuw soort zonnecel ontdekt, maar er is één probleem: het werkt niet.” Dat wil zeggen, ze zochten een mengsel van polymeer (verbindingen die uit een hele reeks van dezelfde moleculen bestaan, red.) met C60.

Wat is C60? Fullerenen zijn moleculen die volledig uit koolstofatomen bestaan en de vorm hebben van een bal. Deze sferische structuur bestaat uit zeshoeken en vijfhoeken. De kleinste bal is C60. Dit molecuul bestaat uit zestig koolstof atomen en lijkt daarmee precies op een voetbal. C60 wordt ook wel Buckminster Fullereen genoemd, vernoemd naar Richard Buckminster Fuller, de uitvinder van de geodetische koepel.

Maar die C60 wil niet mengen, dus dat was een probleem. Toen duurde het een halve seconde en heb ik m’n hand omhoog gedaan, en zei: “Daar heb ik wel wat voor. Ik heb een stofje, PCBM, dat maak ik om een heel andere reden. Maar dat is een mooi oplosbaar en mengbaar fullereen derivaat, dus gebruik dat maar.” En dat was ‘m. Dat was het begin van alles.”

Hoe werkt een plastic zonnecel?

Organische zonnecellen – ook wel plastic zonnecellen genoemd – bestaan uit een lichtabsorberend polymeer dat positieve lading kan geleiden en fullerenen die elektronen accepteren en vervolgens geleiden. De zonnecel werkt als volgt: een polymeer absorbeert zonlicht. Door de energie van het licht kan een elektron van het polymeer naar een hoger energieniveau springen. Als er een goed elektronaccepterend fullereen in de buurt is kan die elektron hiernaar overspringen.

Er blijft nu een positieve lading over op het polymeer, terwijl het fullereen een negatieve lading heeft. Als er nanobuisjes op het materiaal zijn aangesloten – die fungeren als superkleine elektriciteitsdraadjes – kan de positieve lading naar de ene elektrode reizen terwijl de negatieve lading naar de andere elektrode kan reizen. En zo wordt stroom opgewekt.

Grote voordeel van plastic zonnecellen is dat ze goedkoop zijn om te maken, en dat het materiaal dun en flexibel is. Een laag van een organische cel is zelfs duizend keer dunner dan die van een silicium zonnecel. Maar het rendement is wel een probleem. Dat stijgt niet snel genoeg. Om plastic zonnecellen commercieel interessant te maken moet de cel ook buiten het lab 10 procent rendement halen. En dat is nog steeds niet het geval.

©PXimport

‘En nu komt het’, zegt de chemicus. ‘We zijn nu 22 jaar verder. En wat is er gebeurd in de siliciumwereld? Een totale, ongelooflijke, schitterende revolutie als het gaat om de prijsontwikkeling. Ik zou wel gek zijn als ik niet zou kijken of mijn stof daar niet iets goeds kan doen.’

Hummelen vergelijkt het met de ontwikkeling van computerprocessoren. Gordon Moore voorspelde vijftig jaar geleden dat de snelheid van de chips in onze computers zich steeds zou blijven verdubbelen. En dat tegen dezelfde kosten. Eenzelfde ‘wet’ geldt ook voor de silicium zonnecellen, denkt Hummelen, maar dan op het gebied van de prijs.

“Twee jaar geleden kwam uit de siliciumindustrie een rapport dat zei: over tien jaar kost wat we nu doen de helft van het geld. Het is nu dus twee jaar later, en we zijn er ongeveer. Supergoed! Als er nu collega’s zijn die zeggen: “Ik werk aan een nieuw type zonnecel en die wordt aanzienlijk goedkoper dan silicium, en daarmee gaan we ervoor zorgen dat zonnepanelen betaalbaar worden.” Dan zeg ik: Bullshit, het is nu al ongelooflijk betaalbaar, en het gaat met zo’n noodgang dat over tien jaar de wereld er weer heel anders uitziet.”

En daar komt nog bij dat het rendementsrecord van de silicium zonnecellen, met 26 procent, dat van de plastic modellen doet verbleken. Plastic kan gewoon nog niet tegen silicium op.

Perovskiet

Dat betekent niet dat de medeontdekker van de plastic zonnecel niet meer achter zijn ‘kindje’ staat. Er is nog steeds een belangrijke rol voor plastic weggelegd in de toekomst, denkt hij. Maar het betekent wél dat Hummelen en zijn team breder onderzoek zijn gaan doen. Hij moet ook wel, want de handel in PCBM neemt af, geeft de onderzoeker toe, omdat wetenschappers nu massaal achter een ander materiaal aanrennen.

‘Dus we kijken naar de ontwikkeling van de organische zonnecel, maar we kijken ook naar de ontwikkeling van dat nieuwe materiaal: perovskiet’, vertelt hij.

We kijken ook naar de ontwikkeling van nieuw materiaal: perovskiet, de heilige graal in zonnecellenonderzoek

-

Het is de nieuwe heilige graal in het zonnecellenonderzoek, en werd in 2013 door vooraanstaand wetenschapstijdschrift Science al betiteld als doorbraak. Het is spotgoedkoop, eenvoudig te maken, absorbeert veel zonlicht en geleidt bijzonder goed. Daarnaast is het dun, gemakkelijk te printen en is te combineren met de populaire en commercieel veel interessantere silicium zonnecellen.

Perovskiet is een klasse van materialen die dezelfde kristalstructuur hebben als calcium-titanium-oxide (CaTiO3). Het werd begin 19e eeuw ontdekt door de Russische mineraloog Lev Perovski, maar pas in 2009 door Japanners voor het eerst toegepast in een zonnecel. Toen werd al een efficiëntie van 3 procent gehaald. Inmiddels staat het record op 24 procent. “Het is een hype”, constateert Hummelen.

Alternatieven

Zijn collega Maria Antonietta Loi, hoogleraar fotofysica en opto-elektronica in Groningen, richt sinds vier jaar veel van haar onderzoek op de nieuwe technologie. Het gaat silicium niet vervangen, denkt ze. “Als je dacht dat de auto-industrie conservatief was, de halfgeleiderindustrie is nog veel erger”, zei ze eerder in een interview.

“We kijken daarom naar een combinatie van beide, perovskiet en silicium”, vertelt Hummelen. “Stel, je kunt een goedkoop laagje perovskiet boven op het silicium leggen. Dan kun je het rendement behoorlijk omhoog tillen, zonder dat het veel meer kost.” De efficiëntie gaat dan misschien wel naar 35 procent, denkt Loi.

Perovskiet zonnecellen zijn gemaakt van een mix van organische moleculen en anorganische elementen die samen licht omzetten in elektriciteit. “Ze zijn hybride”, zegt Hummelen. “En in die perovskieten zonnecel zit meestal ook een organische laag als geleider. En by the way, daar is PCBM weer heel erg goed in. Is dat niet leuk?”

Maar perovskiet heeft ook nadelen. Het is bijvoorbeeld nogal gevoelig voor vocht, waardoor het rendement in de buitenlucht snel afneemt. Daarnaast bestaat het vaak uit een verbinding van onder meer ammoniak, jood en lood. En dit laatste is zeer giftig. Daarom wordt aan de Rijksuniversiteit Groningen ook geëxperimenteerd met alternatieven voor lood, zoals tin en bismut.

Zonne-energie heeft de toekomst, maar er staan dus nog genoeg uitdagingen voor de deur. Daarover lees je spoedig meer in een aankomend artikel.

▼ Volgende artikel
Supersnelle wifi in huis? TP-Link Deco BE25 is dé mesh-routerfavoriet van 2025
© TP-Link
Huis

Supersnelle wifi in huis? TP-Link Deco BE25 is dé mesh-routerfavoriet van 2025

Wat maakt een mesh wifi systeem de allerbeste van het jaar? Natuurlijk, je kunt afgaan op specificaties, maar die zeggen niet alles. Je hebt veel meer aan eerlijke reviews. Het TP-Link Deco BE25 Smart Mesh WiFi 7-systeem is door consumenten op Kieskeurig.nl verkozen tot Best Reviewed van het Jaar 2025 in de categorie routers. Wat deze router zo bijzonder maakt, lees je in dit artikel.

Partnerbijdrage - in samenwerking met TP-Link

Best Reviewed 2025: de strengste jury van Nederland

Op Kieskeurig.nl delen elke dag duizenden mensen eerlijke ervaringen met producten die ze écht gebruiken. Die collectieve feedback vormt de basis voor de Best Reviewed‑awards: producten die zich het hele jaar lang in de praktijk hebben bewezen en keer op keer hoge tevredenheid laten zien bij echte gebruikers. Het gaat dus niet om mooie beloftes en marketingtaal, maar om wat mensen dagelijks merken in de praktijk: is het apparaat betrouwbaar? Doet het wat het moet doen? Is het makkelijk in gebruik? De strengste jury van Nederland heeft gesproken: in de categorie Routers werd de TP‑Link Deco BE25 Smart Mesh WiFi 7 uitgeroepen tot dé favoriet van 2025.

Wat maakt de TP-Link Deco BE25 zo bijzonder?

Wat dit mesh-systeem technisch zo aantrekkelijk maakt, is de combinatie van moderne wifi-technologie en slimme netwerkfuncties. De TP-Link Deco BE25 ondersteunt Dual-Band WiFi 7 met een gecombineerde snelheid tot 3,6 Gbps, waardoor bandbreedte-intensieve toepassingen zoals 4K-streaming en online gaming soepel verlopen. Elke unit is bovendien voorzien van twee 2,5 Gbps-bekabelde poorten, wat zorgt voor maximale doorvoercapaciteit en flexibele aansluitmogelijkheden voor bijvoorbeeld een NAS, pc of gameconsole.

Een ander sterk punt is de mogelijkheid tot gecombineerde bekabelde en draadloze backhaul: dit zorgt ervoor dat de verbinding tussen de verschillende wifi-punten niet alleen snel, maar ook uiterst stabiel is, met minder latentie. Dankzij Multi-Link Operation (MLO) wordt data via meerdere frequentiebanden en kanalen tegelijk verzonden, wat zowel de betrouwbaarheid als de snelheid van het netwerk ten goede komt.

Daarnaast zorgt AI-gestuurde roaming ervoor dat je apparaten automatisch verbinden met het sterkste wifi-punt, zonder dat je daar iets voor hoeft te doen. Met TP-Link HomeShield beschik je over uitgebreide netwerkbeveiliging, waaronder realtime IoT-beveiliging en ouderlijk toezicht. Tot slot is het systeem universeel compatibel met alle internetproviders, modems én eerdere Deco-modellen, zodat je eenvoudig kunt uitbreiden of upgraden.

Dankzij deze optelsom van slimme functies is de TP-Link Deco BE25 een toekomstbestendige keuze voor iedereen die thuis wil genieten van stabiele, snelle en veilige wifi overal in huis.

©TP-Link

TP-Link Deco BE25: waarom gebruikers zo tevreden zijn

De titel Best Reviewed van het Jaar 2025 is gebaseerd op wat gebruikers in het dagelijks gebruik écht belangrijk vinden: betrouwbaarheid, gebruiksgemak en prestaties. Juist op die vlakken scoort dit mesh-systeem keer op keer hoog.

Dat begint al met het installatieproces. Gebruikers geven aan dat het instellen van de set bijzonder eenvoudig is. "De installatie was erg eenvoudig dankzij de intuïtieve Deco-app, waarbij het systeem binnen een paar minuten operationeel was." Ook de snelheid en prestaties vallen in de smaak. De reacties liegen er niet om: "Ik was gelijk onder de indruk van de snelheid, op sommige plekken in huis haal ik met gemak 400 Mbps." En: "De snelheid is werkelijk top: zelfs in de verste hoeken van het huis blijft de verbinding stabiel en razendsnel."

Dat is mede te danken aan de sterke mesh-dekking en de soepele roaming tussen de units. Een gebruiker vat het krachtig samen: "De mesh WiFi zorgt voor een sterke en stabiele verbinding in het hele huis. Zelfs op zolder blijft de snelheid hoog en zonder haperingen." Anderen merken op dat apparaten automatisch overschakelen naar het dichtstbijzijnde wifi-punt: "Alle apparaten melden zich netjes aan bij het punt dat het dichtste in de buurt is. Telefoons schakelen vloeiend over."

De algehele gebruikservaring wordt bovendien als zeer positief ervaren. Niet alleen vanwege de prestaties, maar ook dankzij de handige app-functies. "Overal in huis een stabiele verbinding. De app biedt handige functies zoals apparaatbeheer en statusweergave," aldus een reviewer. En over de nieuwe WiFi 7-technologie zegt iemand: "Dankzij WiFi 7 profiteer je van extreem hoge doorvoersnelheden en minimale latency, ideaal voor gamen, streamen en zware downloads."

Hoewel er hier en daar kleine opmerkingen zijn - zoals dat de snelheidswinst van WiFi 7 niet altijd zichtbaar is op oudere apparaten - overheerst de positieve toon duidelijk. Wat consumenten vooral waarderen, is hoe de TP-Link Deco BE25 hun wifi-ervaring in huis structureel verbetert: minder uitval, meer snelheid en stabiel internet in elke ruimte. Dat maakt het tot een set waar je echt op kunt bouwen.

©TP-Link

Een eerlijk oordeel

De TP‑Link Deco BE25 combineert technische kracht met eenvoud en gebruiksgemak - precies wat veel consumenten zoeken in hun thuisnetwerk. Door de combinatie van snelle prestaties, brede dekking en een intuïtieve app‑gestuurde installatie verdient dit systeem de titel Best Reviewed van het Jaar 2025. Of je nu een groot huis hebt, meerdere apparaten tegelijk gebruikt of gewoon een stabielere en snellere wifi‑ervaring wilt: de TP-Link Deco BE25 is volgens gebruikers een uitstekende keuze.

Ontdek de TP‑Link Deco BE25 op Kieskeurig.nl

▼ Volgende artikel
Review: In Reanimal mag je samen naar de gemuteerde kinderboerderij
© Tarsier Studios/Tijn Kranen
Huis

Review: In Reanimal mag je samen naar de gemuteerde kinderboerderij

Achtpotige mottenballen, levende huidplooien en gemuteerde pelikanen: in het ‘schattige’ Reanimal kom je het allemaal tegen. Gelukkig sta je er niet alleen voor, want je kunt er voor kiezen om samen met een medespeler via coöp dit levende schilderij in te duiken - al is het resultaat vooral dat je sámen geen snars van het verhaal snapt.

Het Zweedse Tarsier Studios heeft al even geoefend met het concept van Reanimal. De game heeft namelijk een hoop weg van hun vorige games, Little Nightmares 1 en 2: ook hier wandel je door een stel surrealistische, levende horrorschilderijen.

Hoewel het niet letterlijk om een schilderij gaat, kan ik het gevoel niet anders beschrijven. Je beweegt je door een reeks prachtige omgevingen gevuld met bizarre monsters, die vooral de logica volgen van nachtmerries en kinderangsten. Reanimal lijkt in de verte wel een verhaal te willen vertellen, maar Tarsier beseft dondersgoed dat minimalisme het alleen maar griezeliger maakt.

Watch on YouTube

Simpel doch effectief

De mist hangt over het waterlichaam. Er zit een kind in een bootje. Als je aan de knoppen zit te morren, heb je door dat jij het kind bestuurt - tijd om naar dat rode licht in de verte te varen. Als je dichterbij komt, blijkt het een boei te zijn, met daarnaast spartelend in het water een vriendje. Ze klimt bij je in de boot. Als je een tweede controller aansluit of online speelt, is dit je coöp-partner. Zo niet, dan blijft het een computergestuurde vriend die vooral gezelschap biedt.

Terwijl je samen van boei naar boei vaart, doemt er in de verte een rotspartij op. Oh, die ziet er groot uit. Wacht, die is écht groot! Als je eenmaal bij het strand komt, ram je je bootje het zand in. Zo, die ligt lekker stevig.

Als je een dichte deur tegenkomt, snap je als gamer wel wat je missie is: zoek maar naar een sleutel. Vervolgens blijf je zonder echte reden maar een pad volgen, al kom je er gaandeweg achter dat je andere kinderen probeert te redden van monsters.

©THQ Nordiq/Tarsier Studios

Een versleten screenshotknop

Het verhaal staat dus niet echt voorop - en eerlijk gezegd staat diepgaande gameplay óók niet echt voorop. Maar wat maakt deze game dan in godsnaam zo indrukwekkend? Dat komt allemaal neer op fenomenaal ontworpen omgevingen en geniaal ontworpen monsters.

Het helpt daarbij dat Reanimal een ontzettend goed gevoel van schaal weet over te brengen: je voelt je piepklein, en grote dingen in de spelwereld voelen gigantisch. Daar komt ook een sterk staaltje camerawerk bij kijken. Op precies de juiste momenten wordt de camera naar achteren getrokken om te onthullen dat er in de achtergrond al de hele tijd een of ander gemuteerd boerderijdier op je ligt te wachten.

Op de PlayStation 5, waar we de game op hebben gespeeld, ziet Reanimal er prachtig uit. Op een zeldzame lelijke texture na is het spel gevuld met visuele meesterwerkjes. Je kunt op ieder willekeurig moment een screenshot maken, en het bij wijze van spreken inlijsten en ophangen. In vijf uur speeltijd heb ik 108 screenshots gemaakt, mede vanwege de mooie lichtinval.

Slide
Slide
Slide
Slide

Niet meer dan een middag

Daar is dan ook meteen het grootste struikelblok: in vijf uurtjes was ik wel door de game heen, terwijl ik het best rustig aan deed. Het spel gaat voor vier tientjes over de toonbank - toch best een hoge prijs voor zo’n korte game. In coöp doe je er misschien nog iets langer over, maar ik zou er niet op rekenen.

In de omgeving zijn er nog enige collectibles te vinden: posters met concept art en dierenmaskers, waar je je personages mee kan aankleden. Dat is best leuk, want die art is belachelijk mooi en die maskers worden steeds absurder. Gelukkig spat de kwaliteit er wel van af, want iedere omgeving is een kunstwerk op zich.

©Tarsier Studios/Tijn Kranen

Lekker rondkijken

Om nog even op die coöp-gameplay terug te komen: we hebben hier niet te maken met een game als Portal 2, waarbij de puzzels zijn gebouwd om als duo op te lossen. Hoewel de functie een van de selling points is, heb je absoluut geen tweede speler nódig.

De coöp-modus is zowel online als lokaal beschikbaar, al is er geen matchmaking. Je moet de lobbycode invoeren van de persoon met wie je wil spelen, dus met een vreemdeling spelen is er niet bij. We hebben de functie daardoor niet uitvoerig kunnen testen, maar het lijkt prima te werken.

Voor de puzzels heb je ook geen twee sets hersenen nodig: het zijn vrij simpele puzzels die er vooral voor zorgen dat je aandacht naar de mooie locaties getrokken wordt. Ingewikkelder hoeft het ook niet te zijn, want als je echt je hersens had moeten gaan kraken, dan had het die melancholische droomsfeer misschien wel kapotgemaakt.

©Tarsier Studios/Tijn Kranen

Hypnotiserend

Tarsier Studios weet precies wat Reanimal moet zijn: hypnotiserend, surrealistisch, schattig en tegelijkertijd doodeng. Het minimalistische verhaal is lastig te volgen, maar de gevoelens raken wél - al is het einde wat abrupt. Het grijpt je niet bij de keel, maar glijdt langzaam om je strot heen en knijpt zonder dat je het doorhebt.

Het voelt als de vreemdste plekken uit Silent Hill, of de Dark Place uit Alan Wake 2, maar het heeft ook weer wat weg van Coraline en Guillermo Del Toro’s Pinocchio. Het deed me misschien nog het meest denken aan deze concept trailer van Silent Hills, een game die helaas nooit het daglicht heeft mogen zien.

Stel je voor dat je door een bioscoop heen loopt, waar een dood (of gehypnotiseerd) publiek zit te kijken naar iets dat je alleen kan vergelijken met de videoband uit The Ring. Als je naar buiten komt, staat er een grote spinachtige man met een ijscowagen op je te wachten om je op te grissen. Als je eenmaal aan hem bent ontsnapt, wordt je geconfronteerd met de volgende griezelige omgeving en een nieuw, prachtig, tragisch en doodeng gemuteerd monster. In Reanimal snap je misschien niet precies wat er gebeurt, maar je gaat het zeker niet vergeten.

Reanimal is vanaf 13 februari verkrijgbaar voor PlayStation 5, Xbox Series-consoles, Nintendo Switch 2 en pc. Voor deze review is de game op PlayStation 5 gespeeld.

Goed
Conclusie

De visie achter Reanimal is duidelijk: geen ingewikkelde puzzels of verhaallijnen, maar een gestroomlijnde, sfeervolle koortsdroom met gedetailleerde plaatjes (en monsters) die nog lang in je hoofd blijven hangen. Tarsier Studios had de game kunnen opvullen met meer omgevingen of meer simplistische puzzels, maar dat zou wellicht alleen maar aan de ervaring af doen. Reanimal is daardoor wat aan de simpele en korte kant, maar de game blijft na het uitspelen wel nog veel langer door je hoofd spoken.

Plus- en minpunten
  • Kunstzinnige monsters en omgevingen
  • Mooie graphics
  • Co-op-functie is een welkome toevoeging
  • Gameplay maar weinig diepgaand
  • Kort en een tikje anticlimactisch
  • Niet erg uitdagend