ID.nl logo
Aan de slag met de Raspberry Pi 3
© Reshift Digital
Zekerheid & gemak

Aan de slag met de Raspberry Pi 3

Eind vorig jaar kwam de Raspberry Pi Zero uit, een gestripte versie van het minicomputertje. En de jongste telg in de familie is de Raspberry Pi 3. Dit model is niet alleen sneller dan zijn voorganger door de 64bit-quadcore-processor, maar heeft ook wifi en bluetooth ingebouwd.

01 Snellere Raspberry Pi 2

De Raspberry Pi 3 heeft dezelfde afmetingen als zijn voorganger en is ook volledig compatibel met de Raspberry Pi 2. Alleen de leds zijn verplaatst, waardoor niet alle behuizingen voor model 2 geschikt zijn voor het nieuwe model. Lees ook: Windows 10 op je Raspberry Pi.

Voor de rest zijn alle bekende aansluitingen aanwezig, inclusief 4 usb-poorten, 40 GPIO-pinnen, een HDMI-aansluiting, een ethernetpoort, 3,5mm-jack voor audio en composiet-video, camera-interface (CSI) en display-interface (DSI) en een microSD-kaartslot. Ook de 1 GB RAM kennen we van de Pi 2. Veel hetzelfde dus, maar de processor heeft een belangrijke upgrade gekregen: de BCM2837 nu is een 1,2 GHz 64bit-quadcore ARMv8-cpu.

©PXimport

02 Wifi en bluetooth

Het belangrijkste verschil met zijn voorganger is de onboard-ondersteuning voor wifi en bluetooth. De wifi-chip ondersteunt 150 Mbit/s 802.11n op 2,4 GHz. De Pi 3 heeft ook bluetooth 4.1 Low Energy (BLE) ingebouwd. Dat is handig voor allerlei toepassingen in huis, bijvoorbeeld voor communicatie tussen je Pi en je smartphone of bluetooth-speakers.

Welke Raspberry Pi gebruiken?

Met alle verschillende modellen die er ondertussen bestaan, weet je misschien niet meer welke Pi je het beste gebruikt. Als je zoveel mogelijk processorkracht nodig hebt, zoals voor een mediacenter of domotica-controller die veel apparaten aanstuurt, is de keuze eenvoudig: de Raspberry Pi 3 met zijn 64bit-quadcore-processor en 1 GB RAM verslaat zijn broertjes ruimschoots. Ook voor draadloze toepassingen zet je het best het nieuwste model in, omdat je dan geen wifi- of bluetooth-adapter meer nodig hebt. Heb je minder zware vereisten, dan hangt alles van de focus van je project af. Voor servertoepassingen volstaat de Raspberry Pi Model B+ of de Pi 2. Voor sensortoepassingen met weinig stroomverbruik kies je beter voor de Raspberry Pi Model A+ of Zero, maar die hebben geen ethernet.

©PXimport

03 Raspbian installeren

In dit artikel gaan we Raspbian installeren. We kiezen op de downloadpagina voor het image van Raspbian Jessie. Heb je geen grafische interface nodig, dan volstaat ook Raspbian Jessie Lite, waardoor je meer ruimte vrijhoudt op je microSD-kaart. Pak het zip-bestand uit, steek een microSD-kaart in de kaartlezer van je computer en start het programma Win32 Disk Imager. Kies de schijfletter van je microSD-kaart, selecteer het img-bestand van Raspbian en klik op Write om het besturingssysteem naar je kaartje te schrijven.

04 Pi 3 opstarten

Als het image naar je microSD-kaartje is geschreven, steek dit dan in het daarvoor bestemde slot onderaan de Pi 3. Sluit je tv-scherm of computermonitor via een HDMI-kabel aan en een toetsenbord via usb. Sluit de Pi 3 voorlopig via een ethernetkabel op je netwerk aan. Tot slot steek je de voedingsadapter in je micro-usb-aansluiting, waarna de Pi 3 opstart. Uiteindelijk krijg je ofwel de grafische interface ofwel (met de Lite-versie) de inlogprompt te zien. Vul in het laatste geval als gebruikersnaam pi in en op de volgende regel als wachtwoord raspberry.

©PXimport

05 Eerste configuratie

Je bent nu ingelogd en kunt opdrachten uitvoeren. Voer allereerst het commando sudo raspi-config uit. Kies in het menu Expand Filesystem en druk op Enter. Hiermee vergroot je tijdens de volgende opstart het rootbestandssysteem zodat dit de volledige grootte van je microSD-kaart inneemt. Druk op OK en ga dan in het hoofdmenu naar Change User Password. Druk op OK en geef een nieuw wachtwoord voor de gebruiker 'pi' in. Bevestig hetzelfde wachtwoord een tweede keer. Eenmaal terug in het hoofdmenu ga je met de tabtoets naar Finish en druk je op Enter. Volg de suggestie om je Pi te herstarten.

06 Wifi grafisch instellen

Gebruik je de Raspberry Pi 3 als een minidesktopmachine, dan werkt wifi direct zonder drivers. Heb je in raspi-config Enable Boot to Desktop ingesteld, dan start de grafische desktop automatisch; anders start je die op met de opdracht startx op de opdrachtregel. Klik op het netwerkicoontje helemaal bovenaan rechts om de lijst van beschikbare wifi-netwerken te zien. Klik op het gewenste netwerk, geef je wachtwoord in en klik op OK om te verbinden. Blijf je met je muiscursor boven het icoontje hangen, dan krijg je je IP-adres te zien. Je kunt nu desgewenst de ethernetkabel losmaken en draadloos op je Pi surfen.

©PXimport

07 Wifi scannen via de prompt

Gebruik je de Raspberry Pi 3 als een server en heb je daardoor geen grafische interface geïnstalleerd (bijvoorbeeld als je het Lite-image voor de installatie gebruikte), dan heb je een andere aanpak nodig. Log in op je Pi via of het toetsenbord of via PuTTY vanaf een andere computer. Geef de opdracht sudo iw wlan0 scan|less in. Scrol door de uitvoer met de pijltjestoetsen en zoek naar regels die beginnen met SSID. Onthoud de naam van het gewenste netwerk (die achter SSID wordt getoond). We gaan ervan uit dat het netwerk met WPA2 is beveiligd. Stop het scrollen met een druk op de Q-toets.

08 Wifi instellen via de prompt

Open het juiste configuratiebestand met de opdracht sudo nano /etc/wpa_supplicant/wpa_supplicant.conf. Ga helemaal naar onderen in het bestand en voeg daar de regels network={, ssid="MijnSSID", psk="MijnWachtwoord" en } toe. Hierbij vul je in plaats van MijnSSID en MijnWachtwoord de gegevens voor je eigen wifi-netwerk in. Sla het bestand op met Ctrl+O en sluit het af met Ctrl+X. Wacht nu enkele seconden tot het programma wpa_supplicant je wijzigingen in zijn configuratiebestand heeft opgemerkt en kijk met ifconfig wlan0 of je wifi-netwerkverbinding een IP-adres heeft gekregen. Zo niet, herstart dan met sudo reboot en probeer hetzelfde. Je kunt nu de ethernetkabel losmaken.

©PXimport

Verse installatie of update?

Op de forums op raspberrypi.org zijn er verschillende problemen gemeld door mensen die geen verse installatie van Raspbian op hun Raspberry Pi 3 hebben uitgevoerd. In principe is het mogelijk om gewoon een microSD-kaartje met Raspbian dat je op een eerder model van de Pi draaide in de Pi 3 te steken en daarvan op te starten. Maar dan moet je eerst met de commando's sudo apt-get update en sudo apt-get upgrade alle software naar de nieuwste versie bijwerken. Zelfs dan blijken er wel eens cruciale firmwarebestanden te ontbreken, zodat wifi onbetrouwbaar werkt. Bovendien moet je dan ook nog zelf de bluetooth-software installeren met sudo apt-get install pi-bluetooth. We raden dus aan om altijd een verse installatie uit te voeren.

09 Bluetooth inschakelen

De Raspberry Pi is al vanaf het eerste model een leuk computertje om als mediacenter in te zetten. Maar als je geen afstandsbediening hebt, bungelt die kabel van je toetsenbord wel heel onhandig tussen je tv-meubel en de bank. Model 3 heeft gelukkig een bluetooth-chip ingebouwd en daarmee is het heel gemakkelijk om een draadloos toetsenbord toe te voegen. Dat werkt het best op de opdrachtregel en hoef je maar één keer te doen. Typ daarvoor de opdracht bluetoothctl in.

©PXimport

10 Bluetooth-apparaten scannen

Je zit nu op de opdrachtregel van bluetoothctl, wat je ziet omdat de opdrachtprompt niet meer pi@raspberrypi:~ $ is, maar [bluetooth]#. Met help krijg je de beschikbare opdrachten te zien. Schakel eerst met power on bluetooth in als dat nog niet het geval is. Schakel de bluetooth-agent in met agent on en scan naar aanwezige apparaten met scan on. Je krijgt nu een lijst van bluetooth-apparaten die in het bereik van je Pi 3 zijn. De lijst bestaat uit MAC-adressen en meestal een leesbare naam ernaast, zoals het modelnummer van je toetsenbord of de naam van je telefoon.

11 Bluetooth-toetsenbord toevoegen

Typ nu de opdracht pair MAC in, waarbij je in plaats van MAC het MAC-adres van je toetsenbord invult (in ons geval was dat pair 50:32:75:E3:17:7B. Wellicht krijg je nu de vraag om een code in te typen op je toetsenbord. Geef daarna met trust MAC aan dat je toetsenbord een vertrouwd apparaat is en verbind tot slot met de opdracht connect MAC. Je kunt nu met je toetsenbord draadloos op je Pi typen. De verbinding blijft overigens na een reboot ook bestaan. Overigens is dit ook in de grafische omgeving mogelijk als het pakket blueman is geïnstalleerd. Klik dan op het bluetooth-icoontje bovenaan en daarna op Devices, kies je toetsenbord en volg de instructies.

©PXimport

12 Bluetooth-speaker toevoegen

Een bluetooth-speaker toevoegen verloopt op dezelfde manier. Maar deze keer tonen we je hoe je een speaker op de grafische manier toevoegt. Installeer eerst PulseAudio met het commando sudo apt-get install pulseaudio pulseaudio-module-bluetooth. Klik daarna op het bluetooth-icoontje, kies Devices en klik op Search. Je bluetooth-speaker komt nu in de lijst van beschikbare apparaten tevoorschijn. Rechtsklik op de speaker, kies Pair en wacht even. Rechtsklik daarna nog eens en kies Trust. Rechtsklik een laatste keer en kies Connect. Vanaf nu speelt je Raspberry Pi-geluid op je bluetooth-speaker af.

13 Mathematica

Tot slot gaan we kort in op enkele mogelijkheden om op de Raspberry Pi te programmeren. Door de krachtigere processor van de Pi 3 wordt dat immers steeds interessanter op het minicomputertje. Open in het menu Programming van de grafische desktop het programma Mathematica. Het programma opent een leeg notebook en een venster met links naar meer informatie. Mathematica is een wiskundig rekenprogramma van Wolfram, waarvan je bij Raspbian een gratis licentie krijgt. Bekijk zeker eens wat voorbeeldprojecten op deze website om een beeld te krijgen van de mogelijkheden.

©PXimport

14 Node-RED

Node-RED is een programmeeromgeving van IBM voor IoT-toepassingen (Internet of Things). Start je Node-RED in het menu Programming, dan krijg je een terminalvenster te zien met uitleg. Open daarna in je browser de url die in het terminalvenster te zien is: http://127.0.0.1:1880/ als je op de Raspberry Pi zelf surft, en http://IP:1880/ als je op een andere pc in je thuisnetwerk surft (waarbij IP uiteraard het IP-adres van je Pi is). In deze webinterface programmeer je nu je toepassingen op een grafische manier, door blokjes in- en uitvoer aan elkaar te hangen. Meer lees je op de website http://nodered.org.

15 Scratch

Raspbian biedt in het menu Programming ook Scratch aan, de grafische programmeeromgeving van het MIT om kinderen te leren programmeren. Helaas is het de oude versie 1.4 en niet de nieuwe versie 2.0 die op deze site te vinden is. In Scratch maak je games, animaties, interactieve verhalen of computerkunst door blokjes uit de bibliotheek van componenten links te verslepen en aan elkaar te koppelen.

©PXimport

16 Sonic Pi

Een laatste interessante programmeeromgeving die Raspbian aanbiedt, is Sonic Pi. Je componeert er muziek mee door te programmeren. Als je het programma voor het eerst opstart, kies dan links onder de Tutorial. Deze geeft je code die je kunt uitproberen en legt je uit wat die doet. Door daarmee te experimenteren, leer je de mogelijkheden van Sonic Pi al snel kennen en componeer je voor je het weet je eigen computermuziek. Meer informatie vind je hier.

Nog niet genoeg van de Pi? In ons Dossier Raspberry Pi vind je nog veel meer how to's en tips om je Pi om te toveren tot van alles en nog wat.

▼ Volgende artikel
Router of powerline-adapter: wat is de beste keuze voor betere wifi?
© ER | ID.nl
Huis

Router of powerline-adapter: wat is de beste keuze voor betere wifi?

Haperende streams en trage downloads op zolder zijn grote ergernissen in veel huishoudens. Om dat op te lossen twijfelen veel mensen tussen een krachtiger router of een set powerline-adapters. In dit artikel leggen we precies uit wanneer je voor welke oplossing moet kiezen, zodat je geen geld verspilt aan de verkeerde apparatuur.

Voordat je naar de winkel rent: je moet eerst begrijpen wat er precies misgaat met je verbinding. Wifi-problemen kun je doorgaans opdelen in twee categorieën: een gebrek aan bereik of een gebrek aan capaciteit. Bij een gebrek aan bereik komt het signaal simpelweg niet ver genoeg, bijvoorbeeld omdat dikke betonnen muren of plafonds het signaal blokkeren. Je hebt dan op zolder één streepje bereik of zelfs helemaal geen verbinding. Bij een gebrek aan capaciteit is het signaal wel sterk, maar is de router niet krachtig genoeg om alle data te verwerken. Dat merk je als het internet traag wordt zodra iedereen thuis tegelijk online is. Het onderscheid tussen deze twee oorzaken bepaalt of je een router of een powerline-adapter nodig hebt.

Wanneer is een nieuwe router de oplossing?

De router is het hart van je thuisnetwerk en regelt al het verkeer. Vaak gebruiken mensen het standaardmodem dat ze van hun internetprovider hebben gekregen, maar deze apparaten blinken zelden uit in prestaties. Een losse, hoogwaardige router kopen is de beste keuze wanneer je merkt dat de verbinding in de buurt van het modem al niet optimaal is of wanneer je regelmatig met veel apparaten tegelijk online bent.

Als je in de woonkamer zit en de verbinding hapert zodra de kids op hun tablets zitten, is je huidige router waarschijnlijk niet krachtig genoeg om al die gelijktijdige datastromen te verwerken. Een moderne router met ondersteuning voor wifi 6 kan veel meer apparaten tegelijk bedienen en zorgt voor een hogere, stabielere snelheid op de verdieping waar hij staat.

©Andrii

Internet via het stopcontact met powerline

Een powerline-adapter, ook wel homeplug genoemd, werkt volgens een totaal ander principe. Dit systeem maakt gebruik van het bestaande stroomnet in huis om het internetsignaal te verplaatsen. Je stopt één adapter in het stopcontact bij je router en de tweede adapter in een stopcontact op de plek waar je internet nodig hebt, bijvoorbeeld op zolder of in het tuinhuis.

Dit is de ideale oplossing wanneer het wifi-signaal door dikke betonnen muren of plafonds moet dringen. Waar wifi-golven afketsen op gewapend beton, stuurt de powerline het signaal simpelweg via de koperdraden in de muur naar boven. Dat maakt powerline-adapters uitermate geschikt voor specifieke 'dode zones' die te ver weg liggen voor het bereik van een gewone router.

Populaire merken voor netwerkoplossingen

Als je op zoek gaat naar powerline-adapters, kom je al snel uit bij Devolo. Dit Duitse merk is de onbetwiste marktleider op het gebied van homeplugs en staat bekend om de Magic-serie die zeer stabiele verbindingen via het stroomnet garandeert.

Voor routers en mesh-systemen is TP-Link een zeer populaire keuze vanwege de goede balans tussen prijs en prestaties, met modellen voor elk budget. Netgear richt zich met de Nighthawk-serie vaak op de veeleisende gebruiker en gamers die maximale snelheid wensen. Tot slot is AVM, bekend van de FRITZ!Box, een merk dat zowel uitstekende routers als powerline-oplossingen biedt die naadloos met elkaar samenwerken in één netwerk.

Stabiliteit versus snelheid

Bij de keuze tussen deze twee speelt ook het gebruiksdoel een rol. Powerline-adapters zijn vaak de favoriete keuze voor gamers of mensen die thuiswerken op een vaste pc. De reden hiervoor is dat de tweede adapter vaak beschikt over een netwerkafsluiting, waardoor je je computer met een kabel kunt aansluiten. Een bekabelde verbinding via powerline is doorgaans stabieler en heeft een lagere vertraging (ping) dan wifi, wat cruciaal is bij online gamen. Een nadeel is wel dat de snelheid van powerline afhankelijk is van de kwaliteit van je stroomnet. Oude bedrading of zware apparaten zoals een wasmachine kunnen storing veroorzaken, waardoor de snelheid soms fluctueert. Een high-end router biedt daarentegen vaak een hogere topsnelheid, maar is dus gevoeliger voor afstand en obstakels.

De opkomst van mesh-systemen

Tegenwoordig is er een hybride oplossing die de traditionele router steeds vaker vervangt: Multiroom Wifi of Mesh. Dit zijn feitelijk meerdere routers die met elkaar communiceren. Als je een groot huis hebt en overal perfecte wifi wilt zonder kabels te trekken, is dit vaak een betere, maar ook duurdere oplossing dan een simpele powerline-set. Kies je echter voor een budgetvriendelijke oplossing om snel internet op één specifieke, lastig bereikbare kamer te krijgen, dan wint de powerline-adapter het vaak op prijs-kwaliteitverhouding. Is je doel echter om de algehele snelheid en capaciteit in de woonkamer en keuken te verbeteren, investeer dan in een goede router.

▼ Volgende artikel
Professioneel en gratis video's bewerken? Aan de slag met VSDC Free Video Editor
Huis

Professioneel en gratis video's bewerken? Aan de slag met VSDC Free Video Editor

Maak jij tijdens een welverdiende vakantie talloze video’s? Met VSDC Free Video Editor giet je de leukste fragmenten in een gelikte film. Dankzij het gebruik van mooie overgangen en fraaie effecten oogt het resultaat zeer professioneel. Het kost je bovendien geen cent, want je installeert deze zeer uitgebreide videobewerker gratis op een Windows-computer.

Tegenwoordig liggen er best wat goede gratis videobewerkers voor het oprapen. Zeker wanneer je geen torenhoge eisen aan de videomontage stelt, heb je niet per se een betaald programma als Adobe Premiere Elements of Magix Video Deluxe nodig. Zo krijg je met het gebruiksvriendelijke VSDC Free Video Editor al een heleboel voor elkaar. In tegenstelling tot diverse gratis alternatieven voegt dit programma geen lelijk watermerk toe aan jouw film. Deze freeware heeft daarnaast een verrassend uitgebreide gereedschapskist.

Videobewerker installeren

VSDC Free Video Editor heeft relatief lage systeemeisen. Zeker voor video’s tot een resolutie van 1920 × 1080 pixels heb je geen supersnelle pc of laptop nodig. Wil je haarscherpe 4K-video’s bewerken? In dat geval adviseren de makers een systeem met 8 of 16 GB werkgeheugen. Daarnaast is een krachtige processor met meerdere rekenkernen geen overbodige luxe.

Particulieren mogen VSDC Free Video Editor voor nop installeren. Ga naar de site via www.kwikr.nl/vsdc en download het installatiebestand. Je hebt keuze tussen de 32bit- en 64bit-versie. De meeste computers kunnen met de 64bit-versie uit de voeten. Dubbelklik op het gedownloade exe-bestand en doorloop de stappen van de installatie. 

Nieuw project starten

Zodra je de videobewerker voor de eerste keer opstart, verschijnt er een pop-upvenster met een aanbeveling voor de betaalde Pro-versie (zie kader). Je klikt dat via het kruisje weg. Laat de ietwat drukke gebruikersomgeving even op je inwerken. Het beginscherm toont diverse instructies voor geavanceerde bewerkingen. Laat die als beginnende gebruiker links liggen. Je kunt wel alvast even de tabbladen doornemen, want die herbergen verschillende bruikbare functies.

Je gaat nu eerst een nieuw (video)project starten. Klik op het tabblad Projects en daarna op New project. Er verschijnt een nieuw venster waarin je diverse instellingen voor de videomontage kunt bepalen. Het belangrijkste is de waarde achter Resolution. Voor een scherp beeld en soepele montage laat je de huidige waarde van 1920 × 1080 pixels (16:9) staan. Filmt jouw smartphone of videocamera in een hogere resolutie, dan kun je een andere waarde overwegen. Laat de overige opties ongewijzigd. Je typt achter Project title een relevante projectnaam en kiest onderaan voor Blank project. Bevestig tot slot met Finish.

Welke resolutie ken je aan de videomontage toe?
VSDC Pro

Naast de hier besproken gratis versie bestaat er met VSDC Pro (www.videosoftdev.com/video-editor-pro) ook een betaalde variant. Die bevat allerlei extra snufjes voor geavanceerde gebruikers. Je kunt bijvoorbeeld een achtergrondkleur verwijderen, gesproken commentaar toevoegen en trillende beelden stabiliseren. Daarnaast ondersteunt de Pro-versie hardwareversnelling door een geschikte grafische kaart. Dit leidt tot betere prestaties, omdat de processor minder hoeft te rekenen. Je merkt dat bijvoorbeeld aan kortere wachttijden en een vloeiendere videoweergave. VSDC Pro kost op het moment van schrijven circa 31 euro. 

Video’s toevoegen

Nu ga je met het zojuist aangemaakte videoproject aan de slag. Merk op dat het tabblad Editor is geopend. Je zit nu dus in de videobewerker. Zoals je ziet, zijn er flink wat opties beschikbaar. Laat je hierdoor niet afschrikken, want we nemen de basisfuncties stap voor stap met je door.

Je dient eerst relevante videoclips aan het programma toe te voegen. Gunstig is dat VSDC Free Video Editor alle bekende beeldformaten ondersteunt. Klik bovenaan in de werkbalk op Add object / Video en navigeer naar de map met de bestanden. Je selecteert één of meer video’s, waarna je bevestigt met Openen / OK. Wanneer je minimaal twee fragmenten toevoegt, kies je Add to layer.

Wegens de talloze toeters en bellen ziet deze videobewerker er nogal imponerend uit.

De videoclips verschijnen allemaal in de tijdlijn onderaan het venster. Deze tijdlijn is belangrijk, want die bepaalt welke momenten er in de uiteindelijke film terechtkomen. Verder kun je hieraan bijvoorbeeld ook titels, overgangen, speciale effecten en audiotracks toevoegen. Vind je de tijdlijn te klein? Je kunt dit onderdeel eenvoudig vergroten. Zweef onder Layer 1 op de scheidslijn totdat er een dubbele pijl verschijnt. Beweeg de muis nu met ingedrukte muisknop omlaag. In VSDC Free Video Editor pas je op soortgelijke wijze de grootte van alle deelvensters aan. Kortom, richt op die manier het bewerkvenster naar eigen wens in.

Alle geïmporteerde videobestanden belanden op de tijdlijn.

Volgorde clips wijzigen

Waarschijnlijk heb je een bepaalde volgorde voor de videoclips in gedachten. Geen probleem, want je kunt de clips op de tijdlijn verplaatsen. Sleep het beoogde fragment met ingedrukte muisknop één laag omlaag. De overgebleven video’s schuif je daarna naar links of rechts. Creëer op die manier een ‘gat’ en sleep het fragment ernaartoe. Het is belangrijk dat er geen loze ruimtes op de tijdlijn achterblijven. Anders zie je namelijk zwart beeld.

Sleep videoclips naar onder, boven, rechts en links om de volgorde op de tijdlijn te wijzigen.

Scènes inkorten

Vanzelfsprekend wil je alleen boeiende scènes in de film tonen. Saaie passages snijd je daarom resoluut weg. Dat doe je door een videoclip in te korten. Gebruik hiervoor wederom de tijdlijn. Selecteer een fragment en beweeg de rode schuifregelaar naar deze clip. Het bijbehorende beeld verschijnt nu in de voorbeeldweergave. Vind je dit beeld te klein? Klik dan helemaal rechtsonder in het programma op het kleine plusteken. Je past daarmee het zoomniveau aan. Klik nu onder de voorbeeldweergave op de rode afspeelknop (PijltjeRechts) om de video te starten. Begint of eindigt het saaie gedeelte? Via dezelfde rode knop (twee verticale streepjes) pauzeer je de video.

Inkorten is vrij eenvoudig. Een geselecteerde videoclip heeft op de tijdlijn aan weerszijden twee piepkleine vierkanten. Klik daarop en houd de muisknop ingedrukt. Beweeg de muis nu naar links of rechts tot de rode schuifregelaar. Laat de muisknop als laatste los. Het fragment is nu een kopje kleiner gemaakt! 

Fragmenten splitsen

Je kunt een lang fragment ook in twee (of meer) delen opsplitsen. Dat is nuttig wanneer je deze videootjes op verschillende momenten in de film wilt tonen. Selecteer in de tijdlijn een videoclip en bepaal met de rode schuifregelaar een geschikt ‘splitmoment’. Overigens kun je met de mediaknoppen onder de voorbeeldweergave dit moment heel precies bepalen. Spoel bijvoorbeeld een seconde voor- of achteruit. Het is zelfs mogelijk om een video frame voor frame door te nemen. Staat de rode schuifregelaar exact op de goede plek? Klik dan in de werkbalk boven de tijdlijn op het pictogram met de twee rode haakjes. Je ziet vervolgens twee aparte clips.

Maak via de optie Split into parts van één clip twee losse fragmenten.

Roteren en bijsnijden

Soms is het noodzakelijk om een video negentig graden te roteren, omdat het beeld in VSDC Free Video Editor is gedraaid. Gelukkig herstel je deze ‘fout’ simpel. Je selecteert in de tijdlijn de juiste video en klikt helemaal bovenaan bij de sectie Tools op het pictogram met de gebogen pijl. De video draait meteen.

Staat er een ongewenst persoon, lelijk logo of storend object in beeld? Gooi de videoclip dan nog niet weg! Je kunt het fragment namelijk nog bijsnijden. Beslis welk deel van de video je wilt gebruiken en gooi het overtollige beeldmateriaal weg. Je klikt met de rechtermuisknop op een videoclip in de tijdlijn en kiest Crop tools / Custom region. Bepaal in het nieuwe venster welk deel uit beeld moet verdwijnen. Je regelt dat door de zwarte vierkantjes aan de randen van de voorbeeldweergave te verslepen. Tevreden? Met OK voer je de actie definitief uit.

Nuttig om te weten is dat je met deze functie de oorspronkelijke resolutie verkleint. Zeker wanneer je de uiteindelijke film op een grote televisie of pc-monitor bekijkt, zie je mogelijk korrelige beelden. Snijd daarom liever niet te veel beeldmateriaal weg.

Alles buiten de rechthoekige selectie verdwijnt uit de video.

Video-effecten

Wie dat wil, gaat in deze videobewerker helemaal los met speciale effecten. Klik maar eens bovenaan in de werkbalk op Video effects. Er verschijnt een uitgebreid menu. Voordat je iets uitkiest, selecteer je eerst een clip op de tijdlijn. Via Quick styles pas je heel makkelijk een effect toe, omdat hiervoor geen extra instellingen zijn vereist. Laat de video bijvoorbeeld op een gedateerde film uit de jaren ‘70 lijken of pas automatisch de contrastwaarden aan.

Wil je zelf meer invloed op in hoeverre het programma een video-effect toepast? Bij veel filters stel je naar eigen inzicht de intensiteit in. Bekijk hiervoor de mogelijkheden via Video effects / Adjustments. Zo wijzig je onder andere de kleurverzadiging en helderheid. Daarnaast kun je ook een stijlvol sepia- of zwart-wit-effect op de video loslaten. Zodra je eenmaal iets hebt gekozen, pas je in het deelvenster Properties window aan de rechterkant de waarden aan. Als je dit deelvenster niet ziet, klik je achtereenvolgens op het tabblad View en Properties. Tot slot zijn ook de video-effecten binnen de rubrieken Filters en Nature de moeite waard. Spijt van een bepaalde keuze? Met de sneltoets Ctrl+Z maak je de laatste handeling weer ongedaan. Experimenteer er dus lustig op los!

Met het Auto contrast-filter optimaliseer je heel eenvoudig de contrastwaarden.
Gebruik het deelvenster Properties window om de instellingen van een video-effect te wijzigen.

Overgangen

Tijdens de montage van een video ontkom je eigenlijk niet aan het gebruik van overgangen. Doe je dat niet, dan lopen de fragmenten nogal abrupt in elkaar over. Dat is onprettig voor de kijker. Met een overgang wordt een nieuwe videoclip op subtiele wijze geïntroduceerd.

Klik in de tijdlijn op de videoclip waarbij je aan het einde een overgang wilt toevoegen. Je opent zo nodig eerst het tabblad Editor en navigeert daarna naar Video effects / Transitions. Probeer nu één van de beschikbare overgangen uit. Zo laat je het oude fragment bijvoorbeeld in vlammen opgaan (Paper burn) of in scherven uit elkaar vallen (Shattered glass). Kies een overgang en controleer in het pop-upvenster of de optie To the end of scene is geselecteerd. Klik op OK.

Merk op dat er op de tijdlijn een verse laag met de gekozen overgang verschijnt. Klik op de rode afspeelknop onder de videoweergave om de overgang te bekijken. Je past in het eigenschappenvenster aan de rechterkant diverse zaken aan, waaronder de tijdsduur en transparantie.

Deze videobewerker heeft een aantal spectaculaire overgangen in huis.

Geluid

De audiokwaliteit van zelfgeschoten video’s is vaak matig. Stond er toentertijd tijdens de opname een stevig briesje, dan hoor je waarschijnlijk voornamelijk windgeruis. Zet het geluid van dergelijke videoclips daarom gewoon uit. Klik in de tijdlijn op een fragment om de bijbehorende eigenschappen aan de rechterkant te tonen. Verschijnt dat niet, dan klik je op View / Properties. Je scrolt zo nodig een stukje omlaag totdat je de optie Audio track tegenkomt. Klik achter Track 1 op het kleine pijltje en kies Don’t use audio.

Je kunt eventueel zelf audio aan de videomontage toevoegen, zoals achtergrondmuziek of een voice-over. Klik zo nodig op het tabblad Editor en kies Add object / Audio. Je selecteert nu pakweg een mp3-, wma-, wav- of flac-bestand op de computer. Via Openen / OK belandt de audiotrack als nieuwe laag op de tijdlijn. Kies een geschikte plek en pas diverse eigenschappen in het Properties window desgewenst aan. Denk hierbij onder meer aan de snelheid en het volumeniveau.

Schakel bij video’s met slecht geluid het audiospoor eenvoudig uit.

Film opslaan

Deze workshop is slechts een bescheiden introductie van VSDC Free Video Editor. Je kunt namelijk nog veel meer met deze veelzijdige videobewerker doen. Ga er dus vooral ook zelf mee stoeien. Ben je eenmaal klaar, dan sla je het resultaat op. Je kunt de film daarna op verschillende schermen bewonderen.

Klik in de werkbalk op het tabblad Export project en speel zekerheidshalve de volledige videomontage nog eens af. Ben je helemaal tevreden, dan geef je in de werkbalk het gewenste videoformaat aan. Kies bijvoorbeeld voor mp4, mkv, mov, flv of mts. Het is ook mogelijk om de film op een dvd te branden. Wijzig via Change name zo nodig de bestandsnaam en opslaglocatie. Je bevestigt bovenaan ten slotte met Export project / Continue.

VSDC Free Video Editor ondersteunt een heleboel exportformaten.