ID.nl logo
Aan de slag met Arduino - Deel 1: Voorbereidingen en leds
© Reshift Digital
Zekerheid & gemak

Aan de slag met Arduino - Deel 1: Voorbereidingen en leds

In eerdere artikelen op de site heb je mogelijk kennis gemaakt met de Arduino en gelezen dat je hem kunt gebruiken voor leuke projectjes. Misschien is dat nog een beetje vaag, vandaar dat we het diepe induiken en aan de slag gaan met leds.

Het blijft een magisch moment als een schakeling die je op je breadboard hebt gebouwd, tot leven komt dankzij je Arduino. Niets is leuker dan dit zelf beleven en in dit artikel ga je zelf aan de slag met de Arduino Nano. Deze Nano is op het kleinere formaat na overigens hetzelfde als de Arduino Uno. Heb je toevallig al een Uno, dan kun het in dit artikel besproken project ook uitvoeren. Je zult de jumperdraden dan in de jumperaansluitingen op de Uno moeten stoppen, in plaats van in de aansluitingen op het breadboard naast de Arduino Nano. Qua programmacode is er verder geen verschil, de projecten in dit artikel werken dus ook prima op een Uno. Lees ook: Wat is Arduino en waarom is het zo leuk?

Een Arduino kan best wel wat hebben en heel duur zijn ze niet, maar toch willen we hem niet beschadigen. Koppel je Arduino dus altijd los voordat je componenten aansluit. We sluiten leds altijd aan in combinatie met een weerstand, zo voorkomen we dat er te veel stroom gaat lopen en de led of Arduino beschadigd raakt. Nog een puntje van aandacht: de Arduino zal altijd direct het programma in zijn geheugen uitvoeren nadat je hem op de pc of een andere voedingsbron aansluit. Het is daarom handig als je de code van een project alvast op de Arduino zet voordat je de schakeling maakt. Zo weet je zeker dat er geen onbedoelde dingen gebeuren. Als je de basis van het breadboard begrijpt, kun je waar wij een specifieke positie beschrijven zelf de voor jou handigste positie kiezen.

In dit artikel gaat het trouwens om het bereiken van het resultaat, en leggen we dus niet uitgebreid de technologie erachter uit.

Benodigdheden

Je hebt de volgende onderdelen nodig om dit artikel te volgen. Arduino Nano (kloon) Groot breadboard (830-punten) Lichtgevoelige weerstand Potmeter 9x weerstand 220 ohm 9x rode led 1x witte led Passieve keramische luidspreker 12x jumperdraden

©PXimport

01 Op het breadboard prikken

De Arduino Nano is in tegenstelling tot bijvoorbeeld de Uno een bordje zonder vrouwelijke headers. Om het bordje voor projecten te gebruiken, zul je hem daarom in een breadboard moeten prikken. We doen dit direct zodat de Arduino minder kwetsbaar wordt. Je hebt een groot breadboard nodig omdat je bij een klein breadboard niet genoeg rijen over houdt voor andere componenten. Prik de Arduino met de usb–aansluiting naar links in rij 1, waarbij je de pinnen uitlijnt met de kolommen c en g.

©PXimport

02 Arduino IDE downloaden

Om een Arduino te kunnen programmeren, heb je de Arduino IDE nodig. Surf hiernaartoe en klik op Windows Installer. Op het moment van schrijven was versie 1.6.9 de meest recente stabiele versie, mogelijk is dit wanneer jij dit leest een nieuwere versie. Je kunt vervolgens besluiten om een donatie te doen door te klikken op Contribute & download, waarna je een bedrag en betaalmethode kunt kiezen. Wanneer je dat niet wilt, klik je op Just download om de software gratis te downloaden.

©PXimport

03 Arduino IDE installeren

Voer de gedownloade software uit en klik op I Agree om de installatie te starten. Je krijgt nu een aantal keuzeopties te zien. Deze hoef je niet aan te passen, dus klik op Next en vervolgens op Install. Je krijgt tijdens de installatieprocedure de vraag of je de Arduino USB Driver wilt installeren. Klik op Installeren om dat te doen. Krijg je nog een keer de vraag of je de driver wilt installeren, klik dan nogmaals op Installeren. Klik vervolgens op Close om de installatie af te ronden.

04 Arduino aansluiten

Pak het breadboard met de Arduino Nano erbij en sluit hem met een mini-usb-kabel op je pc aan. Windows zal nu een virtuele seriële poort installeren, deze heet USB-SERIAL CH340 (COMx) waarbij op de plaats van x een nummer staat. Je kunt dit later terugvinden door Apparaatbeheer te openen en te kijken onder Poorten (COM & LPT). Op de Arduino Nano zijn vier piepkleine leds aangebracht, de derde met de aanduiding Pow moet in ieder geval branden.

©PXimport

05 Arduino ontwikkelomgeving instellen

Start nu de Arduino-software. Arduino heeft voor het testen een voorbeeldprogramma ingebouwd dat een ingebouwde led laat knipperen. Open dit voorbeeldprogramma door in het menu op Bestand / Voorbeelden / 01.Basics / Blink te klikken. Klik in het menu vervolgens op Hulpmiddelen / Board en kies Arduino Nano. Klik in het menu vervolgens opnieuw op Hulpmiddelen en kies onder poort het in stap 4 getoonde poortnummer. Controleer verder of onder Hulpmiddelen bij Processor ATmega328 is gekozen.

©PXimport

06 Voorbeeldprogramma uploaden en uitvoeren

De voorbeeldcode laat een op pin 13 aangesloten led continu knipperen met een tussenpoos van één seconde. Op de Arduino Nano is dat de op het bord aangebrachte led L. Om de code naar je Arduino te uploaden, klik je op Upload (tweede ronde knop linksboven met een pijl naar rechts). De led L zal één seconde aan en één seconde uit staan. Jij bent echter de baas en uiteraard wil je een eigen led laten knipperen, dat kan ook.

©PXimport

07 Losse led aansluiten

Koppel je Arduino los en pak een rode led waarvan je de anode (lange pootje) in 25j stopt en de kathode (korte pootje) in 26j. Pak nu een weerstand van 220 ohm en stop één kant in 26f en de andere kant in de negatieve stroomrail aan de onderkant. Sluit een jumperdraad aan op 25f en 1a om de led op pin 13 aan te sluiten. Sluit ook een jumperdraad aan tussen de onderste negatieve stroomrail en 14a om de led met GND te verbinden.

©PXimport

08 Twee knipperende leds

We hebben een led aangesloten op pin 13 van de Arduino. Dit is dezelfde pin 13 die door de interne led gebruikt wordt. Wanneer je de Arduino inschakelt, zouden beide leds daarom moeten knipperen. We gebruiken een weerstand tussen de Arduino en de led om de led te beschermen, zo kan er nooit te veel stroom door de led gaan. Onthoud dat je altijd een weerstand gebruikt om een led op de Arduino aan te sluiten.

Knipperende ledjes zijn natuurlijk de eerste basis, maar je kunt veel verder gaan. Dat gaan we doen in volgende delen. Houd de website dus in de gaten.

▼ Volgende artikel
Column: De PlayStation 6 mag nog jaren op zich laten wachten
Huis

Column: De PlayStation 6 mag nog jaren op zich laten wachten

De PlayStation 6 zou wel eens pas ergens na 2028 uit kunnen komen, zo claimde een analist onlangs. Dat betekent dat we minstens acht jaar met de PlayStation 5 opgescheept zitten. Maar niet getreurd: dat is juist goed nieuws voor de gemiddelde gameliefhebber.

Dat de PlayStation 6 in ontwikkeling is bij Sony, mag voor zich spreken. Nadat een nieuwe spelcomputer is uitgekomen, beginnen consolebedrijven vaak al snel met de research voor diens opvolger. Onderzoek naar de juiste specificaties en features van consoles beslaat vaak meerdere jaren, om nog maar te zwijgen over het maken van afspraken met bedrijven die de componenten daadwerkelijk leveren, en natuurlijk het produceren ervan.

Het is dan ook waarschijnlijk dat de specificaties van de PlayStation 6 al geruime tijd vastliggen, en dat Sony intern ook een schatting heeft gemaakt voor een releaseperiode voor de langverwachte console. Misschien was het bedrijf er zelfs van overtuigd dat het de console volgend jaar uit zou kunnen brengen.

Watch on YouTube

Verlengde levenscyclus

Onlangs meldde MST Financial-analist David Gibson dat Sony nu echter overweegt om de PS6 pas ergens na 2028 te leveren. “Sony verwacht dat de levenscyclus van de PlayStation 5 wordt verlengd, en dat de PlayStation 6-release langer op zich laat wachten dan de meesten voorspellen.” Dat zou betekenen dat de PS6 misschien pas ergens in 2029 of zelfs later in de winkels ligt.

De eerdere voorspellingen van ingewijden mikten voorheen vooral op eind 2027 of in de loop van 2028, op basis van wanneer de productie oorspronkelijk zou beginnen. De PlayStation 5 kwam in het najaar van 2020 uit, dus dat zou de console al een levenscyclus van ruim zeven jaar geven voordat de opvolger op de markt komt. Dat is in principe een zeer ruime levensloop voor een spelcomputer, en een release in 2027 of 2028 zou dan ook volkomen logisch zijn.

©PXimport

Stijgende RAM-prijzen

Maar de wereld houdt geen rekening met consolereleases, en gezien de huidige ontwikkelingen is de komst van een PlayStation 6 in 2027 of 2028 helemaal niet zo logisch meer. Dat heeft voor een groot deel te maken met de prijzen van RAM (Random Access Memory), die steeds hoger oplopen. RAM is namelijk in grote getale nodig om de alsmaar populairder wordende AI-assistenten als ChatGPT en Gemini draaiende te houden.

Als gevolg daarvan wordt RAM steeds schaarser en dus duurder, en laten spelcomputers nu ook net RAM nodig hebben. In deze periode een nieuwe spelcomputer uitbrengen zou dan ook betekenen dat de prijs van de console mogelijk erg hoog komt te liggen, wat de verkoop niet bepaalt stimuleert. Een dergelijke ‘valse’ start van de levenscyclus van een spelcomputer is iets dat veel bedrijven willen vermijden.

Ook de importheffingen die de Amerikaanse president Donald Trump op producten die buiten de Verenigde Staten worden gemaakt doorvoert, zorgen voor veel onzekerheid. Eerder moesten de prijzen van diverse spelcomputers, waaronder de PlayStation 5, al stijgen om dit op te vangen. Trump is – unieke politieke ontwikkelingen buiten beschouwing gelaten – de komende jaren nog aan de macht, dus ook dat maakt het uitbrengen van een nieuwe console bepaald geen veilige onderneming. De komende jaren een console lanceren is kortom dus een gigantisch risico, dat Sony volgensgeruchten zo klein mogelijk wil houden.

Trage consolegeneratie

Sony hoopt wellicht dat de economie eind dit decennium kalmeert. Dat zou echter wel betekenen dat we nog meerdere jaren op de komst van de PlayStation 6 moeten wachten. Wat mij betreft is dat niet iets om over te treuren, maar juist goed nieuws. Het geeft ontwikkelaars namelijk de kans om echt alles uit de PlayStation 5 te halen. Een kans die ze hopelijk met beide handen aangrijpen.

Hoewel de PS5 in november van 2020 uitkwam – ruim vijf jaar geleden – heb ik nog altijd het gevoel dat deze consolegeneratie nog maar net is begonnen. De generatie kwam sowieso vrij traag op gang, omdat deze middenin de coronapandemie viel. Dat was ook voor spelontwikkelaars een ingewikkelde tijd waarin halsoverkop naar thuiswerkmogelijkheden gekeken moest worden, waardoor veel games die in ontwikkeling waren vertraging op liepen.

Sony’s eigen game-line-up is de afgelopen vijf jaar ook wat karig geweest. Dat heeft deels te maken met een focus op liveservicegames, waarbij diverse projecten die bij Sony’s meest prominente studio’s in ontwikkeling waren uiteindelijk werden geannuleerd. Denk bijvoorbeeld aan de The Last of Us-multiplayergame die na jaren productie in de prullenbak werd gegooid.

Daarbij is de ‘cross-generation’-periode van deze generatie uitzonderlijk lang. Nog altijd komen diverse games niet alleen op PlayStation 5, maar ook op PlayStation 4 uit. Nu is dat iets wat in de toekomst alleen maar vaker voor zal komen – de grenzen tussen consolegeneraties vervagen en daarmee is het ook makkelijker om de prestaties van games terug of juist op te schalen.

Toch zorgt het er ook voor dat er onder gamers een gevoel groeit dat nog lang niet het uiterste uit de PS5 is gehaald. Er is méér met dat apparaat mogelijk, vooral met de bestaande PS5 Pro in het achterhoofd. Een verlengde levenscyclus voor de console geeft ontwikkelaars de kans om een aantal schitterende spellen af te leveren in de laatste jaren van de spelcomputer – de ontwikkeltijd van games wordt immers ook steeds langer. Met toppers als Grand Theft Auto 6, The Witcher 4 en Intergalactic: The Heretic Prophet nog in het verschiet, is er meer dan genoeg potentie om het de komende jaren uit te zingen met de PS5.

Niet zonder risico’s

Natuurlijk brengt het uitstellen van een consolelancering ook risico’s met zich mee, zowel voor Sony als voor de consument. Het is namelijk helemaal niet zeker dat de wereldeconomie er eind dit decennium beter voor staat. Daarnaast zet het Sony voor een moeilijke keuze: gooit het jaren aan research voor de PS6 weg om de console eind dit decennium met moderne specificaties uit te kunnen brengen, of behoudt het simpelweg de huidige specs zodat deze op release mogelijk al deels zijn verouderd?

De eventuele keuze om de PlayStation 6 uit te stellen zal dan ook niet over één nacht ijs gaan. Het is aan de goedbetaalde mensen in topposities binnen het bedrijf om die knoop door te hakken. Maar puur vanuit mijn eigen, egoïstische liefde voor games gezien, heb ik er totaal geen moeite mee om nog een jaar of drie, vier op de PlayStation 5 te spelen. Laat maar eens zien wat die console nog kan, en blaas ons in 2029 of 2030 weg met een nieuwe consolegeneratie die écht een flinke technologische stap zet!

▼ Volgende artikel
Code geel en oranje wegens ijzel: zo check je of jouw route al gestrooid is
© Rijkswaterstaat
Huis

Code geel en oranje wegens ijzel: zo check je of jouw route al gestrooid is

Het is weer #codegeel en #codeoranje wegens gladheid door ijzel. Moet je toch de weg nog op? Via een online kaart van Rijkswaterstaat zie je live waar strooiwagens rijden en op welke wegen net is gestrooid.

Ga je naar Rijkswaterstaatstrooit.nl, dan krijg je een interactieve kaart van Nederland te zien. Op die kaart bewegen kleine icoontjes die de actieve strooiwagens voorstellen. De gegevens worden voortdurend bijgewerkt, waardoor je vrijwel live ziet waar op dat moment wordt gestrooid.

Naast de voertuigen vallen de gekleurde lijnen op de wegen op. Een paarse lijn betekent dat er in de afgelopen zes uur zout is gestrooid. Zo kun je zelf een inschatting maken of jouw route redelijk begaanbaar zal zijn of dat je éxtra moet opletten.

©Rijkswaterstaat

Zo lees je de strooikaart

De kaart laat zien wat er nu en in de afgelopen zes uur op de weg is gebeurd, inclusief strooiacties, wegdektemperaturen en radarbeelden. Kijk je vooruit, dan toont de kaart een verwachting tot twee uur met de voorspelde verwachte radarbeelden en wegdektemperaturen. Goed om te weten: je kunt niet vooruitkijken om te zien waar de strooiwagens gaan rijden.

Wegtemperatuur

De kaart laat meer zien dan alleen strooiwagens. Op veel plekken vind je ook de actuele wegdektemperatuur. Die metingen komen van 330 meetpunten verspreid over het hele land. Dat is relevant, omdat het asfalt vaak al onder nul kan zijn terwijl de buitentemperatuur dat nog niet is. Gaat het sneeuwen of regenen op wegdek dat al beneden nul is, dan neemt de kans op gladheid toe. Is de temperatuur nu nog boven het vriespunt? Kijk dan zeker even vlak voordat je vertrekt. Vanaf een uur of drie 's middags daalt de temperatuur namelijk meestal. En een wegdek dat nu net boven nul is, kan dan ineens zomaar weer kouder zijn. Als het dan gaat regenen, moet je echt uitkijken.

©Rijkswaterstaat

Dinsdag 3 februari, 14:30 uur: in het noordoosten van Groningen duikt de temperatuur van het wegdek al onder het vriespunt.

Neerslag

Links op de kaart zie je ook nog een icoontje van een regenwolk met een zonnetje erachter. Klik je daar op, dan krijg je actuele beelden te zien van de neerslagradar van het KNMI. Je ziet niet alleen waar de neerslag valt, maar ook of er veel of weinig valt. Dit neerslagbeeld wordt elke vijf minuten opnieuw samengesteld.

De weg op? Doe het veilig!

Door voor vertrek de strooikaart te checken, vergroot je de veiligheid onderweg. Of, anders gezegd, je verkleint het risico. Wat je zelf nog kunt doen? Controleer de bandenspanning. Bij kou daalt de luchtdruk, niet alleen buiten maar ook in je banden, wat invloed heeft op de grip. Kijk daarnaast of je voldoende ruitensproeiervloeistof hebt en of die bestand is tegen vorst; daar bestaan verschillende gradaties in. Leg voor de zekerheid ook een zaklamp en een warme deken in de auto. Een powerbank is eveneens handig. Mocht je vast komen te staan, dan blijf je in ieder geval warm en heb je genoeg stroom om je smartphone een paar uur te gebruiken.