ID.nl logo
Je slimme meter uitlezen: altijd zicht op je verbruik
© Proxima Studio - stock.adobe.com
Energie

Je slimme meter uitlezen: altijd zicht op je verbruik

Een slimme meter zorgt niet alleen dat je geen meterstanden meer hoeft door te geven, je kunt ook zelf via een verbruiksmanager direct inzicht krijgen in je verbruik. Meten is weten en de eerste stap naar het besparen van energie. We leggen uit welke mogelijkheden er zijn om je actuele en historische verbruik in kaart te brengen.

De meteropnemer mag op zoek naar een nieuwe baan: dankzij de slimme meter wordt je energieverbruik automatisch op afstand uitgelezen door de netbeheerder. Veel energieleveranciers zullen je aan de hand daarvan maandelijks een overzicht sturen met je verbruik en de gemaakte kosten voor die periode. Handig, maar die gegevens zijn niet heel actueel, en de overzichten vaak beperkt. Daarom loont het om zelf het energieverbruik te volgen. Dat kan door je slimme meter – via een apparaatje of kabel – te koppelen aan een schermpje of app. We noemen zulke schermpjes of apps ook wel energieverbruiksmanager. Wil je niets aansluiten, dan zou je ook op een dienst kunnen vertrouwen die je meter uitleest. Die hebben wel de nodige beperkingen (zie kader).

INZICHT IN VERBRUIK VIA DIENSTEN We stellen in dit artikel verbruiksmanagers centraal die via een apparaatje verbinding maken met je slimme meter, zodat je real-time inzicht in je verbruik hebt. Er bestaan ook diensten die op afstand je slimme meter uitlezen. Dan hoef je alleen een aanvraagprocedure te doorlopen. De gegevens kun je via een website of app raadplegen. Er zijn wel de nodige beperkingen. Zo zijn de gegevens vertraagd. Doorgaans kun je vandaag het energieverbruik van gisteren zien, in blokken van een kwartier of uur. Ook kunnen ze niet het stroomverbruik van afzonderlijke apparaten laten zien. Daarnaast betaal je soms abonnementskosten. Bekende voorbeelden zijn SlimmemeterPortal.nl, slimmemeteruitlezen.nl en MIJNenergieinzicht.

Via bijvoorbeeld SlimmemeterPortal.nl kun je inzicht krijgen in je verbruik.

Mogelijkheden energieverbruiksmanagers

Een energieverbruiksmanager die aan de slimme meter is gekoppeld laat op elk moment (ofwel ‘real-time’) zien hoeveel gas en elektriciteit je verbruikt of hoeveel elektriciteit je teruglevert. Hierdoor zie je óók wat de invloed van besparende maatregelen is. Ga bijvoorbeeld actief op zoek naar de grootste stroomverbruikers door apparaten aan en uit te zetten. Ook heb je, als je alle verbruikers in huis uit zet, een indicatie van het sluimerverbruik. Dit kan je misschien op het spoor van bijvoorbeeld een oude koelkast brengen die aan vervanging toe is. Daarnaast geven energieverbruiksmanagers je vaak heel uitgebreide historische overzichten. De verbruiksmanagers die we in dit artikel noemen zijn niet gebonden aan een bepaalde energieleverancier. Wel kunnen ze eisen stellen aan je slimme meter. Deze moet veelal aan een bepaalde dsmr-versie voldoen. Dat is een afkorting van Dutch Smart Meter Requirements. Er bestaan verschillende versies, zoals dsmr 3, 4 en 5. De versie die jouw slimme meter ondersteunt hangt af van de fabrikant en het model. Controleer voordat je een energieverbruiksmanager aanschaft of jouw slimme meter wordt ondersteund.

©lev dolgachov

Je ziet dankzij een verbruiksmeter direct het effect van besparende maatregelen.

OPBRENGST VAN ZONNEPANELEN VERWERKEN Als je zonnepanelen hebt ben je waarschijnlijk benieuwd hoe deze presteren. Een energieverbruiksmanager geeft daar inzicht in, maar niet zo gedetailleerd als je misschien verwacht. De stroom van je zonnepanelen wordt altijd eerst opgemaakt door de apparaten in huis. Als er iets overblijft, wordt dat teruggeleverd aan het elektriciteitsnet. Een slimme meter registreert feitelijk alleen hoeveel stroom de woning ingaat of terug wordt geleverd, zeg maar het netto verbruik. Je weet dus slechts wat er onder de streep overblijft en niet wat het interne verbruik is of de opwek van zonnepanelen. Een energieverbruiksmanager zal normaal ook niet meer dan dat kunnen laten zien. Er zijn wel oplossingen om je interne verbruik te achterhalen, zodat je een completer beeld hebt. Meestal wordt daarvoor een aparte meter geplaatst. Dit moet door een installateur worden gedaan. Enkele systemen kunnen rechtstreeks de opwekgegevens van zonnepanelen uitlezen. Dat kan niet altijd en hangt ook af van je merk en type omvormer. Als alternatief kun je doorgaans wel altijd handmatig de opwek van zonnepanelen volgen via een app van de leverancier.

Meestal kun je via een app volgen wat je zonnepanelen opwekken aan elektriciteit.

Zelfbouw: P1 monitor

P1 monitor is software voor de Raspberry Pi, een bekende en flexibel inzetbare minicomputer. Geholpen door een slimme meter-kabel, verkrijgbaar voor ongeveer vijftien euro, kan deze software je slimme meter uitlezen. Door in te loggen via een browser zie je vervolgens heel mooie en opvallend uitgebreide overzichten met je actuele en historische verbruik. Door netjes de kosten voor elektriciteit en gas op te geven, en enkele gerelateerde tarieven zoals het vastrecht, kan de app je ook precies vertellen welke kosten je hebt gemaakt. En als je het leuk vindt, kun je het systeem zelfs uitbreiden om ook je waterverbruik bij te houden. P1 monitor kan bovendien in sommige situaties de opgewekte stroom van je zonnepanelen registreren en dit zichtbaar maken in grafieken. Dat is niet gebruikelijk voor energieverbruiksmanagers. Een slimme meter geeft die gegevens namelijk niet (zie kader). Het gaat met makkelijkst als je een omvormer van het merk SolarEdge gebruikt.

Een nadeel van P1 monitor is dat de eenmalige kosten wat hoger zijn. Zo heb je naast de Raspberry Pi en slimme meter-kabel ook een geheugenkaart, voeding en behuizing nodig. Bij elkaar kost het je zo’n 80 euro. Daar komt bij dat de levertijd van de Raspberry Pi op dit moment niet heel goed is vanwege wereldwijde chiptekorten. Er zijn verder geen bijkomende kosten voor het gebruik van P1 monitor. En die Pi houdt zijn waarde: die zou je later altijd voor andere leuke projecten kunnen gebruiken, al is het niet ieders hobby. Het installeren is niet lastig maar vraagt wel even wat aandacht. Als je de uitdaging aan gaat kun je hier lezen hoe je dit installeert en gebruikt.

P1 monitor is software voor de Raspberry Pi met uitgebreide meetgegevens.

Meetstekkers

Er zijn allerlei meetstekkers verkrijgbaar die eigenlijk allemaal volgens hetzelfde principe werken. Je plugt ze rechtstreeks in de P1-poort van je slimme meter. Daarnaast sluit je ze aan op je netwerk via een netwerkkabel of een draadloze verbinding (wifi). Vervolgens kun je een app of website gebruiken om de gegevens te raadplegen of – in enkele gevallen – een apart schermpje. Op het schermpje zie je altijd direct, op een centrale plek in huis, wat je verbruikt. Het bekendste voorbeeld is de Toon, die ook je thermostaat kan aansturen. Daarom hang je deze in principe op de plek van je oude thermostaat. Om alle functies te gebruiken heb je wel een abonnement nodig. Behalve via een app, website of schermpje, kun je de meeste meetstekkers overigens óók nog uitlezen met software voor thuisautomatisering (zie kader). Let erop dat enkele energieleveranciers meetstekkers exclusief aan eigen klanten leveren. Dat geldt bijvoorbeeld voor de Pure Energie Meter van Pure Energie. De Toon kun je wél gebruiken als je geen stroom en gas afneemt van Eneco, al mis je dan wel je persoonlijke tarieven. De meeste meetstekkers zijn universeel, waaronder de HomeWizard Wi-Fi P1 Meter, EnergyFlip, Youless, EARN-E en plugwise Smile P1. Enkele zullen we hieronder wat uitgebreider bespreken.

UITLEZEN MET SOFTWARE VOOR THUISAUTOMATISERING De meeste meetstekkers kun je uitlezen met software voor thuisautomatisering. Denk aan bijvoorbeeld Home Assistant of Domoticz. Sommige meetstekkers zijn daar juist specifiek voor ontworpen, zoals de Slimme Meter WiFi gateway (34,95 euro). Het voordeel van zulke software is dat je allerlei automatiseringen kunt bedenken op basis van je verbruik. Denk bijvoorbeeld aan het activeren van je boiler als je een hoge opbrengst hebt van je zonnepanelen. Software als Home Assistant kan overigens prima overzichten maken met je verbruik. Heb je daar genoeg aan, en staat de computer met de bewuste software in de buurt van je slimme meter? Dan werkt een kabeltje tussen de pc en slimme meter net zo goed, en het is meestal ook goedkoper dan een meetstekker.

Home Assistant kan ook mooie grafieken met je energieverbruik maken.

HomeWizard Wi-Fi P1 Meter

De Wi-Fi P1 Meter (rond de 35 euro) van HomeWizard is een goedkope én één van de meest gebruiksvriendelijke opties om zelf je slimme meter uit te lezen. Zie het als een soort slimme meter-dongel. Je klikt deze in de P1-poort van de slimme meter en stelt hem in enkele stappen in via de app. Daarna zie je met de app het stroomverbruik, je teruggeleverde stroom als je zonnepanelen hebt en ook het gasverbruik. Je ziet naast het actuele verbruik ook het historische verbruik tot een jaar terug, of nog langer als je een aanvullende dienst afsluit. Handig is dat je dit systeem ook kunt uitbreiden met bijvoorbeeld slimme stekkers om het verbruik van individuele apparaten te meten. In een apart artikel lees je meer over de installatie en het gebruik van de Wi-Fi P1 Meter en de genoemde uitbreiding.

De Wi-Fi P1 Meter leest eenvoudig verbruiksgegevens uit via de slimme meter.

Koop de HomeWizard Wi-Fi P1 Meter via Bol.com

EARN-E

De EARN-E is een meetstekker die je net als het apparaatje van HomeWizard in combinatie met een app kunt gebruiken voor inzicht in je verbruik. Tevens kun je inloggen op het desktopportaal met een browser. Naast de eenmalige aanschafprijs (29,95 euro) heb je ook een abonnement nodig van 1 euro per maand. Voor eigenaren van zonnepanelen is het EARN-E Solarpakket waarschijnlijk interessanter. De abonnementskosten van deze variant zijn wel iets hoger (2,50 euro per maand). De Solar-variant kun je koppelen met verschillende omvormers van zonnepaneelinstallaties. Op dit moment worden zowel SolarEdge als Enphase ondersteund. De koppeling met SMA en GoodWe wordt nog ontwikkeld. Deze koppeling gebeurt softwarematig waardoor er niets hoeft te worden geïnstalleerd. De belangrijkste toegevoegde waarde is natuurlijk dat je hiermee óók de opwek kunt zien van je zonnepanelen in hetzelfde overzicht. Binnenkort levert EARN-E een optioneel schermpje als extra uitbreiding op bovenstaande pakketten om je verbruik mee te kunnen volgen.

De EARN-E kan voor sommige systemen ook de opwek van zonnepanelen uitlezen.

EnergyFlip

De EnergyFlip is een energieverbruiksmanager die wat beter bekend is onder de oude naam Huisbaasje. Het is volgens het bedrijf zelf de meest gebruikte onafhankelijke verbruiksmanager in Nederland. Het idee is nog hetzelfde: via een meetstekker, de EnergyFlip (99 euro), kun je de verbruiksgegevens van de slimme meter verzamelen, waarna je deze met een app kunt raadplegen. Het bedrijf biedt een uitbreidingsset (55 euro) aan om ook de opgewekte stroom van je zonnepanelen zichtbaar te maken door dit te meten. Het voordeel is dat het in tegenstelling tot softwarematige oplossingen met alle installaties van zonnepanelen werkt. Een nadeel is dat je de installatie nu niet zelf kunt afhandelen, hier is een installateur voor nodig. Het is dus verstandig je vooraf goed in te lezen of door het bedrijf te laten adviseren.

De Energyflip geeft inzicht in je energieverbruik.

SPLITTER VOOR DE P1-POORT Soms wil je dat meerdere systemen de slimme meter uit kunnen lezen. Denk aan systemen die je verbruik voor je bijhouden, of misschien wel een slimme laadpaal voor je elektrische auto? Die stemmen vaak het bijladen van de auto af op je actuele verbruik of de hoeveelheid zonnestroom, door het uitlezen van de slimme meter. Er zit echter maar één poort op de slimme meter. Door een splitter te gebruiken, kun je gemakkelijk meerdere systemen aansluiten. Er bestaan zowel passieve als actieve splitters. Gelet op de vele mogelijke combinaties van meters en apparaten die je aan de P1-poort kunt hangen is het lastig te zeggen welke splitter wel of niet voor je werkt. Een actieve splitter geeft de grootste kans op succes. We hebben met succes de actieve P1-splitter van HomeWizard (27,95 euro) gebruikt voor zowel een slimme meter-kabel als de Wi-Fi P1 Meter van het bedrijf zelf. De splitter krijgt zijn voeding in veel gevallen van de slimme meter. Je hebt dan geen externe voeding nodig.

Met een splitter kunnen meerdere systemen de P1-poort van je meter uitlezen.
▼ Volgende artikel
Pushnotificaties vanaf je thuisserver: zo werkt ntfy
© ID.nl
Huis

Pushnotificaties vanaf je thuisserver: zo werkt ntfy

Als je services op je eigen thuisserver draait, wil je daar ook eenvoudig meldingen van kunnen ontvangen. Ntfy stelt je in staat om eenvoudig pushnotificaties naar je telefoon of computer te sturen. Bovendien kun je ntfy op je eigen thuisserver draaien, zodat je alles in eigen handen hebt. In dit artikel gaan we ermee aan de slag.

Dit gaan we doen

In dit artikel zetten we een ntfy-server op die je zelf beheert. We regelen eerst de randvoorwaarden: hoe je server van buitenaf bereikbaar wordt (bijvoorbeeld via vpn of portforwarding) en hoe je https netjes afhandelt met een reverse proxy en een certificaat van Let's Encrypt. Daarna bouwen we de basis: configuratiebestand, opslagmappen en een draaiende container met Docker.

Vervolgens maken we gebruikers en rechten aan, zodat niet iedereen zomaar kan publiceren of meelezen. Je test met de webinterface en met de mobiele app, zodat je zeker weet dat meldingen ook echt binnenkomen. Tot slot koppel je ntfy aan je eigen tools: eerst met een simpele curl-oproep vanuit een shellscript, daarna met extra's zoals titel, prioriteit en tags. Als je wilt, breid je dat uit naar meldingen met bijlagen, acties (doorklikken naar een url) en integratie vanuit Python. 

Lees ook: Je oude Windows-pc als thuisserver: zo zet je Jellyfin en Syncthing op

Netwerkmonitoringsoftware, een programma dat je Docker-containers bijwerkt, een smarthomecontroller, back-upsoftware, ze hebben allemaal één ding gemeen: ze moeten je meldingen kunnen sturen als er iets gebeurt. Dat kan op verschillende manieren: via e-mail, instant messaging of pushnotificaties naar je telefoon. Dat laatste verloopt doorgaans via een gecentraliseerde dienst zoals Firebase Cloud Messaging (voorheen Google Cloud Messaging) of Apple Push Notification service.

Pushnotificaties zijn handig omdat ze bijna onmiddellijk aankomen en omdat zowel Android als iOS toestaan om in te stellen hoe je ervan op de hoogte wordt gebracht. Wil je pushnotificaties kunnen ontvangen zonder een server onder controle van een partij zoals Google of Apple, dan moet je ook hiervoor je eigen service installeren. Een opensource-project dat dit implementeert, is ntfy.

Werking van ntfy

Je ntfy-server ontvangt meldingen van je programma's via http over een REST-API en zet deze om in pushnotificaties voor de bijbehorende Android- of iOS-app of voor een webpagina op je computer. De API is in de documentatie van het project beschreven, zodat je ook je eigen software met ntfy kunt laten praten. Het project heeft ook een command-line-interface, zodat je bijvoorbeeld shellscripts op je Linux-server eenvoudig pushnotificaties kunt laten verzenden.

Ntfy gebruikt het bekende publish/subscribe-patroon. Een zender publiceert notificaties op een specifiek onderwerp door data te sturen naar een url via een http POST- of PUT-aanvraag. Het onderwerp wordt gedefinieerd door een segment van de url dat volgt op de domeinnaam. Een ontvanger kan zich dan abonneren op dit onderwerp. Elke keer dat de zender daarna een notificatie op dit onderwerp publiceert, stuurt ntfy de data naar alle ontvangers die zich op dit onderwerp hebben geabonneerd. Door ntfy op je eigen server te installeren, heb je de volledige controle over deze notificaties.

Met ntfy kun je services pushnotificaties laten verzenden naar je telefoon of computer.

Serververeisten

De mobiele app van ntfy moet met je server kunnen communiceren om te vragen of er notificaties zijn. Als je ntfy op een server in je lokale netwerk installeert, moet die dus van buitenaf bereikbaar zijn. Dat kun je met portforwarding in je modem regelen of door je telefoon buitenshuis automatisch met een VPN-server op je lokale netwerk te laten verbinden. Heeft je internetaansluiting thuis geen vast ip-adres, dan moet je ook een DynDNS-updater te draaien.

Een andere optie is om ntfy op een VPS (Virtual Private Server) te installeren. Hierop draai je dan ook een reverse proxy voor https-toegang, die een TLS-certificaat van Let's Encrypt opvraagt. Je hebt dan een domein nodig, waarvoor je een DNS A-record naar het ip-adres van je server laat verwijzen. In de rest van dit artikel gaan we uit van een installatie van ntfy op een lokale server met Debian 13 ("trixie") met behulp van Docker Compose.

Basisconfiguratie

Creëer eerst enkele directory's voor ntfy:

$ mkdir -p containers/ntfy/{cache,etc,lib}

Creëer dan het bestand containers/ntfy/etc/server.yml met de volgende configuratie voor ntfy:

base-url: "https://ntfy.example.com"

cache-file: "/var/cache/ntfy/cache.db"

attachment-cache-dir: "/var/cache/ntfy/attachments"

auth-file: "/var/lib/ntfy/user.db"

auth-default-access: "deny-all"

Vervang het domein achter base-url door het domein waarop je ntfy-server draait. Als je gebruikmaakt van een reverse proxy, dan moet dit de url zijn die door de proxy naar ntfy wordt doorgestuurd. Bovendien moet je dan ook een regel behind-proxy: true toevoegen. In de documentatie van ntfy staan voorbeeldconfiguraties voor nginx, Apache2 en Caddy.

Met auth-default-access: "deny-all" tot slot heeft standaard niemand toegang tot onderwerpen. Elke toegang moet dus expliciet worden toegestaan.

Account bij ntfy.sh

De ontwikkelaar van ntfy draait een publiek beschikbare ntfy-server op ntfy.sh. De webinterface daarvan is bereikbaar op https://ntfy.sh/app. Die kun je gratis gebruiken, bijvoorbeeld om ntfy uit te proberen, maar dat komt met beperkingen. Zo kun je geen onderwerpen reserveren en is er een maximum van 250 notificaties per dag en 2 MB per bijlage. Verder is er geen enkele vorm van authenticatie. De enige manier van beveiliging ligt dus in het geheimhouden van je onderwerpen. Die beperkingen heb je niet als je ntfy zelf installeert. Maar als je liever niet zelf een installatie onderhoudt, kun je een betaald plan nemen. Daarmee ondersteun je ook de ontwikkeling van het opensource-project. Dat begint met een Supporter-plan van 5 dollar per maand (circa 5 euro), waarmee je drie onderwerpen kunt reserveren en 2.500 notificaties mag sturen met maximum 25 MB per bijlage.

Betaal voor gebruik van de publieke ntfy-server en ondersteuning van het opensource-project.

Docker Compose

Definieer nu de container in het bestand docker-compose.yaml:

services:

  ntfy:

    image: binwiederhier/ntfy

    container_name: ntfy

    command: serve

    restart: always

    environment:

      - TZ=Europe/Amsterdam

    volumes:

      - ./containers/ntfy/cache:/var/cache/ntfy

      - ./containers/ntfy/etc:/etc/ntfy

      - ./containers/ntfy/lib:/var/lib/ntfy

    ports:

      - 80:80

Ga je voor de aanpak met een reverse proxy, dan definieer je in ditzelfde bestand ook een container voor die reverse proxy.

Start daarna de container met:

$ docker-compose up -d

Als alles goed gaat, is de webinterface van ntfy daarna bereikbaar op het ingestelde domein of ip-adres. Bovenaan links zie je een melding Notifications are disabled. Klik op Grant now om notificaties in je webbrowser toe te staan, en bevestig dit daarna in het dialoogvenster dat je webbrowser toont.

Sta notificaties in je webbrowser toe.

Lees ook: Docker op je NAS: zo draai je Plex, Home Assistant en meer

Notificaties testen

Omdat je ntfy zo geconfigureerd hebt dat alle toegang standaard wordt geblokkeerd, kun je nog niets doen in de webinterface. Je dient dus eerst gebruikers aan te maken en die de toelating te geven om op specifieke onderwerpen te publiceren of zich te abonneren. Open daarvoor een shell in de container van ntfy met de opdracht docker exec -ti ntfy /bin/sh. Als je daarna ntfy user list intypt, krijg je te zien dat anonieme, niet geauthenticeerde gebruikers geen enkele permissies hebben. Met de opdracht ntfy user add --role=admin admin voeg je dan een admin-gebruiker met de naam admin toe. Gebruikers met de rol admin kunnen op alle onderwerpen publiceren en zich erop abonneren. Geef de gebruiker een wachtwoord en bevestig.

Klik nu in de webinterface van ntfy links op Settings en dan onder Manage users op Add user. Vul de url van je ntfy-server in, de gebruikersnaam admin en het wachtwoord dat je zojuist hebt ingesteld. Klik dan links op Subscribe to topic. Kies een naam of klik op Generate name om ntfy een willekeurige naam te laten kiezen en abonneer je dan op het onderwerp met Subscribe. Klik dan op Publish notification en vul hetzelfde onderwerp in. Voer ook een titel en een bericht voor je notificatie in en klik op Send. Als alles goed gaat, verschijnt je testbericht nu in een 'conversatie' met de naam van het onderwerp, en wijst je webbrowser je op een notificatie.

Publiceer notificaties in je webbrowser.

Gebruikersrechten

De webapplicatie is leuk voor een test, maar een mobiele app is vaak handiger. De app van Ntfy voor Android en iOS stelt je in staat om op je telefoon je te abonneren op onderwerpen (publiceren is niet mogelijk) en daarvoor notificaties te ontvangen. Als je de Android-app via F-Droid installeert, is dat zonder ondersteuning voor Firebase; de versie op Google Play gebruikt wél de servers van Google. Je maakt voor je app bij voorkeur een gebruiker aan die alle onderwerpen alleen kan lezen. Dat doe je weer in de shell van de container van ntfy met ntfy user add android om de gebruiker android aan te maken (voer een wachtwoord in) en dan ntfy access android "*" read-only voor de leesrechten.

Open daarna de Android-app en tik op de drie stippen rechtsboven. Kies Settings en stel dan Default server in op het domein van je ntfy-server. Tik daarna op Manage users en Add new user en vul de url van je ntfy-server in, de gebruikersnaam android en het bijbehorende wachtwoord. Tik dan op Add user. Keer dan terug naar het hoofdscherm van de app en klik op het plusicoontje rechtsonder. Voer het onderwerp in dat je tijdens de test in stap 5 hebt gebruikt en tik op Subscribe om je erop te abonneren. Vanaf nu zal de app voor elk ontvangen bericht op dit onderwerp een notificatie tonen. Je krijgt zelfs de al verzonden berichten te zien. Overigens toont de app twee waarschuwingen. Voor betrouwbare notificaties volg je de suggesties om batterijoptimalisaties uit te schakelen en naar WebSockets over te schakelen in plaats van een http-stream.

De Android-app ontvangt een notificatie voor elk bericht dat op een geabonneerd onderwerp wordt verstuurd.

Shellscripts

Nu je hebt getest dat je ntfy-server werkt, is het tijd om je eigen services notificaties te laten uitsturen. Hoe je dat precies configureert, hangt van de service af. Maar je zult altijd eerst een gebruiker met schrijfpermissies voor een specifiek onderwerp moeten aanmaken. Voor een back-upproces dat je op de hoogte moet houden van de status van je back-ups, maak je bijvoorbeeld een gebruiker aan met de opdracht ntfy user add backup in de container van ntfy. Geef die dan schrijfrechten op het onderwerp backup met ntfy access backup backup write-only.

Het publiceren van een bericht op een specifiek onderwerp behelst niet meer dan het sturen van een http POST-aanvraag naar de webserver. Dat kan bijvoorbeeld in een shellscript op je Linux-server met de opdracht curl:

curl -u backup:password -d "Backup successful" ntfy.example.com/backup

Als je in de ntfy-app op je telefoon je op dit onderwerp abonneert, ontvang je deze notificatie nadat het back-upscript is uitgevoerd. Op deze manier is het heel eenvoudig om je eigen shellscripts notificaties te laten verzenden.

Berichten met extra's

Ntfy ondersteunt talloze extra functies om je berichten te laten opvallen of om hun gedrag aan te passen. Je gebruikt deze allemaal door een http-header aan je aanvraag toe te voegen. Zo kun je aan de notificaties van je back-upscript een titel, prioriteit en tags toevoegen. De tags worden als pictogrammen getoond door de mobiele app. Een voorbeeld:

curl -u backup:password -H "Title: Backup failure" -H "Priority: urgent" -H "Tags: warning,skull" -d "Backup unsuccessful" ntfy.example.com/backup

Als de Android-app een bericht met standaardprioriteit ontvangt, doet ze je telefoon kort vibreren en speelt ze een kort geluidje af. Door de prioriteit op urgent te zetten, wordt het standaardnotificatiegeluidje vergezeld van een langer getril van je telefoon, waardoor je onmiddellijk merkt dat dit dringend je aandacht vereist.

Een ntfy-bericht met een titel, prioriteit en pictogrammen.

Plaatjes en lay-out

Ntfy kan ook plaatjes sturen, bijvoorbeeld een foto van een ip-camera die beweging detecteert, maar niet in combinatie met een tekstbericht. Om een bestand naar ntfy te uploaden met curl in een http PUT-aanvraag gebruik je de optie -T en de bestandsnaam. Met de header Filename voeg je de bestandsnaam toe die de ntfy-app je moet tonen. Dat ziet er dan als volgt uit:

curl -u admin:password -T foto.jpg -H "Filename: beweging.jpg" -H "Title: Beweging voordeur" -H "Tags: boom" ntfy.example.com/beweging

Als je een tekstbericht als Markdown opmaakt, kun je wel plaatjes in een tekst opnemen, maar dan moet je naar het bestand linken. Alleen ntfy's webinterface ondersteunt dit; de mobiele app toont gewoon de Markdown-brontekst. Een Markdown-bericht stuur je door de header Markdown: yes of Content-Type: text/markdown aan je http POST-aanvraag toe te voegen. Ntfy ondersteunt overigens alleen beperkte Markdown-functies, zoals vette en schuine tekst, lijsten, links en afbeeldingen.

Je services kunnen ook plaatjes naar ntfy sturen.

Acties

Je ontvangt de notificaties van ntfy in de app in een 'conversatie' per onderwerp. Wanneer je op een notificatie tikt, kopieert dit standaard gewoon de tekst van het bericht naar het klembord. Als je de header Click: URL toevoegt, opent de app die url wanneer je op de notificatie tikt. Zo kun je in een notificatie van je back-upscript bijvoorbeeld een link naar de webinterface van je back-upserver opnemen om het gemelde probleem snel te onderzoeken.

Je kunt ook tot drie 'actieknoppen' definiëren, die dan onderaan een notificatie verschijnen. Door op een van die knoppen te tikken, open je een website of app, activeer je een Android broadcast intent waarop andere apps dan weer kunnen reageren, of zend je een http POST-, PUT- of GET-aanvraag. De manier om dit alles te definiëren is wat omslachtig, maar wordt volledig in de documentatie van ntfy uitgelegd.

Klik op een van de knoppen van het bericht in ntfy om een actie uit te voeren.

Python-code

Curl is natuurlijk niet de enige tool waarmee je notificaties naar je ntfy-server kunt sturen. Sommige tools bieden rechtstreeks ondersteuning voor notificaties via ntfy. Dan hoef je alleen maar het domein van je server, het onderwerp, de gebruikersnaam en het bijbehorende wachtwoord in te vullen. Maar ook in je eigen Python-scripts kun je eenvoudig ondersteuning voor ntfy inbouwen. Dat gaat via het pakket Requests, waarmee je http POST-aanvragen naar de server stuurt. Een eenvoudig voorbeeld ziet er als volgt uit:

import requests

requests.post("http://ntfy.example.com/backup",

    data="Backup unsuccessful",

    headers={

        "Authorization": "Basic Z2VicnVpa2Vyc25hYW06d2FjaHR3b29yZA==",

        "Title": "Backup failure",

        "Priority": "urgent",

        "Tags": "warning,skull"

    })

Met de header Authorization stel je http Basic-authenticatie in. De tekenreeks die na Basic komt, is een Base64-codering van de gebruikersnaam en het wachtwoord met een dubbele punt ertussen. Je creëert die codering op je Linux-systeem met de opdracht echo "Basic $(echo -n 'gebruikersnaam:wachtwoord' | base64)".

Sssssssssschattig

Speciaal voor de kleinste Python-fans

En verder

Ntfy biedt een betrouwbare manier om notificaties van allerlei services te centraliseren, terwijl je zelf de volledige controle behoudt. Het programma blinkt uit in flexibiliteit om het overal in te integreren. Als een service bijvoorbeeld geen http POST-aanvragen ondersteunt, kun je ook http GET-aanvragen doen. En als een service je niet de mogelijkheid geeft om de headers aan te passen, laat ntfy je toe om de berichten inclusief headers in JSON-formaat door te sturen. En als een service webhooks ondersteunt maar daarvoor zijn eigen JSON-formaat gebruikt, kan ntfy die met berichtsjablonen omzetten naar leesbare berichten.

Ook via e-mail is ntfy te integreren. Je kunt bijvoorbeeld berichten die op je ntfy-server aankomen automatisch laten doorsturen naar een SMTP-server om ze ook als e-mail te ontvangen. Maar ook de andere richting is voorzien: ntfy kan dan zelf een ingebouwde SMTP-server draaien, handig voor services die alleen maar notificaties via e-mail ondersteunen. Elk onderwerp op de ntfy-server heeft dan een bijbehorend e-mailadres op je domein. De service hoeft dan alleen maar een e-mail naar dat adres te sturen om berichten op dat onderwerp te publiceren op je ntfy-server. Deze en andere geavanceerde functies zijn uitgebreid gedocumenteerd op de website van ntfy.

De documentatie van ntfy is uitgebreid en praktisch. 

▼ Volgende artikel
Nieuwe FromSoftware-game The Duskbloods komt echt alleen naar Switch 2
Huis

Nieuwe FromSoftware-game The Duskbloods komt echt alleen naar Switch 2

The Duskbloods, de nieuwe game van Elden Ring- en Dark Souls-ontwikkelaar FromSoftware, zal echt alleen op Nintendo Switch 2 uitkomen.

Dat heeft de ontwikkelaar benadrukt bij het bekendmaken van zijn kwartaalcijfers (via VGC). Daarbij werd ook nog eens benadrukt dat The Duskbloods nog altijd gepland staat om ergens dit jaar uit te komen, net zoals de Switch 2-versie van Elden Ring.

Over de exclusieve Switch 2-release van The Duskbloods: "Het wordt verkocht via een samenwerking met Nintendo, met verkoopverantwoordelijkheden verdeeld per regio. De game komt alleen voor Nintendo Switch 2 beschikbaar." Daarmee is dus duidelijk gemaakt dat Nintendo een nauwe samenwerking met FromSoftware is aangegaan voor de game en dat het spel niet zomaar op andere platforms uit zal komen.

Over The Duskbloods

The Duskbloods werd begin vorig jaar aangekondigd in een speciale Nintendo Direct waarin de eerste Switch 2-games werden getoond, maar sindsdien zijn er geen nieuwe beelden van het spel uitgebracht. Zoals gezegd is de game ontwikkeld door FromSoftware, het Japanse bedrijf dat naam voor zichzelf heeft gemaakt met enorm uitdagende spellen, waaronder de Dark Souls-serie en Bloodborne. Met de openwereldgame Elden Ring scoorde de ontwikkelaar enkele jaren geleden nog een megahit.

Watch on YouTube

The Duskbloods wordt een PvPvE-game, waarbij spelers het dus tegen elkaar en tegen computergestuurde vijanden opnemen. Maximaal acht spelers doen aan potjes mee. Na het kiezen van een personage in een hub-gebied wordt men naar een gebied getransporteerd waar er met andere spelers en vijanden gevochten wordt, al kan men soms ook samenwerken om vijanden te verslaan.

Spelers besturen een 'Bloodsworn', wezens die dankzij een speciaal bloed dat in hun lichaam zit meer krachten tot hun beschikking hebben dan reguliere mensen. Ondertussen is het einde van de mensheid nabij, en bestaat de wereld uit verschillende tijdperken, wat voor een mengelmoes van stijlen zorgt.