ID.nl logo
Energiemeter kopen, aansluiten en aflezen
© Reshift Digital
Huis

Energiemeter kopen, aansluiten en aflezen

Via je energieleverancier weet je wat je totaalverbruik is. Dat is een goed uitgangspunt, maar je wilt natuurlijk weten wat in huis de grootverbruikers zijn. Op die manier kun je juist daar beginnen met besparen. Het is tijd om de afzonderlijke apparaten eens onder de loep te nemen. Wil je een energiemeter kopen, aansluiten en aflezen? Lees dan verder.

Energiemeters, ook bekend als energiekostenmeters, zijn er in verschillende uitvoeringen. De simpelste vorm is de stekkeradapter: een apparaatje dat je in het stopcontact steekt. De stekker van het apparaat dat je wilt meten, steek je vervolgens in de adapter. De meeste stekkeradapters hebben een display waarop je het actuele verbruik in watt kunt aflezen; een momentopname dus. Ook het totaalverbruik in kilowattuur (kWh), dus over de periode dat je hebt gemeten, wordt altijd weergegeven.

Afhankelijk van je meetstekker kun je andere waarden uitlezen, zoals de netspanning en de stroomsterkte. In een enkel geval heeft de adapter geen display. Je moet hem dan via bluetooth met je smartphone verbinden. Daarna kun je de waarden via een app bekijken.

©PXimport

Energiemeter kiezen

Bij de meeste (online) elektronicawinkels vind je een ruim aanbod. Bekende merken zijn onder andere Basetech, Brennenstuhl, ELV en Voltcraft. De prijzen lopen uiteen van een 10 tot 60 euro. Kijk behalve naar de prijs ook naar het meetbereik. Doorgaans loopt dat van iets meer dan 0 tot ongeveer 3600 watt.

Er zijn ook energiemeters die bijvoorbeeld beginnen bij 4 of meer watt. Dat betekent dat je daarmee apparaten die heel weinig verbruiken niet kunt doormeten. Ook het sluipverbruik (zie kader) kun je dan niet in kaart brengen. Kijk in de specificaties van de meter verder naar de nauwkeurigheid. Dat staat aangegeven in procenten. Hoe lager het percentage, hoe beter. Kijk ook of de meter een geïntegreerde batterij heeft. Als dat niet zo is, kun je hem vaak alleen aflezen als hij in het stopcontact zit en dat is nogal onhandig.

Sluipverbruik

Ook op de momenten dat je apparaten niet gebruikt, kunnen deze stroom verbruiken. Denk aan een televisie die je in stand-by zet en dus niet uitschakelt. Door nieuwe ecodesignrichtlijnen is het sluipverbruik van nieuwe apparaten wel heel klein. Winst behaal je dus vooral op oude apparaten (ongeveer van voor 2010), zoals een oude magnetron, televisie, cv-ketel of wasmachine.

Met een goede energiemeter kun je dit sluipverbruik meten en aan de hand van de cijfers maatregelen nemen. Gebruik een stekkerdoos met een aan-uitknop voor apparatuur die bij elkaar hoort, zoals je computer en printer, of je televisie en mediabox met harddiskrecorder en dvd-speler. Je kunt alles dan in één keer uitzetten. Ook kun je een tijdklok gebruiken om apparaten tijdelijk uit te zetten.

Extra functies

Soms kan de adapter ook de kosten van de verbruikte stroom berekenen. Hiervoor moet je zelf wel eerst de stroomprijs hebben ingevoerd. Sommige meters bieden zelfs de mogelijkheid om zowel dag- als nachttarief te gebruiken. Ook logging is een functie die van pas kan komen. Beschikt je meter hierover, dan worden de gemeten data opgeslagen in het intern geheugen of op een geheugenkaartje. Je kunt de data dan overhevelen naar je pc en zo makkelijk(er) analyseren.

Energiemeter gebruiken

Hoe gebruik je nu zo’n energiemeter? Steek de adapter in het stopcontact en de stekker van het te meten apparaat in de adapter. Daarbij is het wel belangrijk dat je de handleiding volgt. Daarin kan bijvoorbeeld staan dat je het apparaat dat je wilt meten, eerst moet uitzetten voordat je dat aansluit. Ook staat in de handleiding beschreven welke instellingen er allemaal mogelijk zijn, hoe je de data afleest en hoe de data worden bewaard.

Apparaten met hoog verbruik

Met een energiemeter kom je apparaten op het spoor die veel energie verbruiken. Denk aan een wifi-router, wifi-versterker of decoder. Maar ook energieslurpers als een aquarium, waterbed, elektrische kachel, elektrische boiler of oude koelkast. Of, minder voor de hand liggend, een deurbel, de cv-ketel of pomp voor vloerverwarming.

Op www.milieucentraal.nl vind je nog meer grootverbruikers van stroom. Sommige apparaten met een hoog verbruik kun je niet met een standaardmeter doormeten, omdat deze niet met een standaardstekker zijn aangesloten. Dat geldt bijvoorbeeld voor een grote elektrische boiler, ventilatiesysteem, inductiekooplaat of elektrische vloerverwarming.

Duur van de meting

Sommige apparaten zijn afgebakend wat betreft gebruikstijd. Wil je bijvoorbeeld meten wat je waterkoker eigenlijk verbruikt, dan ben je snel klaar. Je meet dan gedurende de tijd die het duurt tot het water kookt en het apparaat afslaat. Bij een wasmachine voer je de meting uit tijdens een door jou gekozen wasprogramma. Wil je een nog beter beeld, dan zou je verschillende wasprogramma’s kunnen meten en bijvoorbeeld het ecoprogramma kunnen vergelijken met standaardprogramma’s. Bij moderne wasmachines hangt de hoeveelheid verbruikte stroom overigens ook af van hoe vuil je wasgoed is. Ga je meten, doe dat dan met een lading wasgoed die voor jou gebruikelijk is.

Er zijn ook apparaten die niet constant dezelfde hoeveelheid stroom verbruiken. Denk aan een koelkast waarvan de compressor af en toe aanslaat of een computer waarvan tijdens zware belasting de ventilatoren gaan draaien. Kies dan voor een langere meetperiode, bijvoorbeeld een paar uur of zelfs een paar dagen. Na afloop deel je het totaalverbruik dan door het aantal uur om te zien wat het gemiddelde gebruik is.

Bij je koelkast en vriezer hangt het trouwens wel af van het seizoen waarin je meet: in de zomer, als de omgevingstemperatuur hoger is, verbruiken deze apparaten meer stroom. Idealiter zou je daarom in meerdere seizoenen een meting moeten uitvoeren.

Wil je sluipverbruik meten? Kies dan ook een langere periode, bijvoorbeeld een nacht lang. Zorg dan wel dat je het apparaat in kwestie niet gebruikt. Je zou bijvoorbeeld je televisie een paar uur kunnen doormeten, terwijl je aan het kijken bent, om daarna, als je naar bed gaat, een nachtje het sluipverbruik te meten. Noteer per apparaat de exacte tijdsperiode en het aantal kilowattuur dat in die tijd is gemeten.

©PXimport

Cijfers begrijpen

Nu je de cijfers van je afzonderlijke apparaten hebt achterhaald, wordt het tijd om die eens nader te bekijken. Wat zeggen ze over je verbruik? Hoe kunnen ze je helpen om energiezuiniger te worden?

We beginnen met je totaalverbruik. Of dat hoog of juist laag is, is lastig te zeggen. Dat hangt vooral af van het soort huis waarin je woont (hoe groter, hoe meer gas), en het aantal mensen in je huishouden (hoe meer mensen, hoe meer elektriciteit). Volgens Milieu Centraal verbruikt een Nederlands huishouden per jaar gemiddeld 2.741 kilowattuur elektriciteit en 1.239 kubieke meter gas.

Wil je weten of je energieverbruik hoger of lager is dan vergelijkbare huishoudens? Dan kun je bij Milieu Centraal een online-advies op maat krijgen. Je vult een aantal vragen in en ziet meteen hoe je scoort ten opzichte van andere huishoudens.

Cijfers CBS

Je kunt ook kijken naar de cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). In de tabel zie je wat in 2020 het gemiddelde verbruik voor een aantal verschillende huishoudens en woningen was. Wil je deze cijfers kunnen gebruiken, dan moet je wel in een door aardgas verwarmd huis wonen. In Nederland geldt dat voor ruim 88 procent van de woningen.

©PXimport

©PXimport

Landelijk gemiddelde

Elke situatie is anders; daarom zullen jouw verbruikscijfers hoogstwaarschijnlijk wel wat afwijken van de landelijke gemiddelden. Zo maakt het nogal wat uit of je met z’n tweeën woont of dat je een gezin hebt met drie kinderen. Verbruik je minder, dan ben je al goed bezig, maar het kan natuurlijk altijd beter. Verbruik je meer, dan is het belangrijk om uit te zoeken hoe dat komt. Zie je dat vooral je gasverbruik (veel) hoger is, dan kan dat bijvoorbeeld komen doordat je huis niet goed is geïsoleerd. Zo’n 80 procent van het gas dat je gebruikt, gaat namelijk op aan verwarming.

Is juist je stroomverbruik aanzienlijk hoger, dan moet je uitzoeken waar dat door komt. Heb je notoire grootverbruikers in huis, zoals een waterbed, een airconditioner of een oude tweede koelkast? Dan kan het lonen om die te vervangen door apparaten die zuiniger zijn of door je gebruik aan te passen.

Historisch verbruik

Als je een slimme meter hebt, kun je in de webportal van je energieleverancier (of in het energierapport dat je periodiek krijgt) goed zien hoeveel energie je bijvoorbeeld een jaar geleden verbruikte. Heb je geen slimme meter, dan heb je hier uiteraard de eindafrekeningen van je leverancier voor.

Ook hier geldt: minder is altijd goed. Is je verbruik hoger, kijk dan eerst naar wat er in je omstandigheden is veranderd. Verbruik je meer gas dan in voorgaande jaren, dan kan dat komen door een koude winter of doordat je meer bent gaan thuiswerken en de kachel dus vaker aan staat. Ook kan het zijn dat de cv-ketel onderhoud kan gebruiken.

Een hoger stroomverbruik kan een aantal aanwijsbare redenen hebben. Het eerdergenoemde thuiswerken bijvoorbeeld. Of misschien heb je wel nieuwe elektrische apparatuur in gebruik genomen, of laad je een elektrische auto thuis op.

©PXimport

Meter ijken

Als je geen logische verklaring kunt vinden voor het toegenomen verbruik, dan zou het eventueel kunnen dat je meter defect is. Je kunt dan aan je netbeheerder vragen of die een metercontrole wil uitvoeren. Als er inderdaad iets met de meter mis is, wordt deze vervangen en hoef je niets te betalen.

Is de meter niet defect, dan draai jij op voor de ijkingskosten. Die lopen al snel op tot honderden euro’s. Sluit dus eerst alle mogelijke andere oorzaken uit. Je kunt daar onder andere de wizard van netbeheerder Liander voor gebruiken.

Afzonderlijke apparaten

Wanneer je een energiemeter hebt gebruikt of een schatting hebt gemaakt aan de hand van het energielabel, weet je ongeveer wat een apparaat per dag of per keer aan energie verbruikt. Die getallen zelf kunnen vaak best abstract lijken. Je moet ze dus omrekenen naar iets waarmee je verbruik voor jezelf duidelijker wordt.

We geven je een aantal rekenvoorbeelden. We gebruiken daarbij een fictief tarief van 24 cent per kilowattuur. Fictief, omdat die kosten afhangen van je provider en van het soort contract dat je hebt (vast of variabel).

Apparaten: altijd aan

Je koelkast, vriezer of elektrische boiler zijn voorbeelden van apparaten die altijd aan staan. Belangrijk dus om te weten wat die aan stroom verbruiken. Heb je een energiemeter gebruikt en heb je die 24 uur laten draaien, dan weet je het verbruik per etmaal.

Stel dat je koelkast 0,8 kilowattuur per etmaal verbruikt. Op jaarbasis is dat dan 365 × 0,8 = 292 kWh × € 0,24 = € 70,08 per jaar. Eventuele seizoensinvloeden, die we al eerder hebben genoemd, laten we hier even buiten beschouwing.

Je kunt ook naar het energielabel kijken. Heb je een apparaat dat altijd aan staat, dan is daarvoor zowel het oude als het nieuwe energielabel bruikbaar; je ziet daar het verbruik per jaar staan. Vermenigvuldig dat met € 0,24 om op het jaarbedrag uit te komen.

Heb je het energielabel niet meer? Kijk dan of je online kunt terugvinden wat de specificaties zijn. Je zult daar een wattage zien staan, bijvoorbeeld 200 watt. Dat betekent dat dit apparaat na vijf uur draaien 1 kWh heeft verbruikt (5 × 200 = 1000). Weet wel dat deze manier van berekenen niet erg nauwkeurig is: de wattage geeft aan wat een toestel maximaal verbruikt, bijvoorbeeld een koelkast waarvan de thermostaat nooit afslaat. Dat zal in de praktijk dus altijd lager zijn.

©PXimport

Apparaten: niet altijd aan

Bij apparaten die niet altijd aan staan, is werken met een energiemeter de meest betrouwbare manier, vooral bij oudere apparaten. Dat zit zo: op het nieuwe energielabel van wasmachines, vaatwassers, was-droogcombinaties en televisies staat tegenwoordig aangegeven wat het verbruik is na honderd draaibeurten of (bij televisies) duizend uur. Op de oude labels werd een verbruik per jaar aangegeven. Terwijl jij misschien twee keer zo veel wast als je buurman, of veel minder naar de televisie kijkt. Heb je dus een ouder apparaat, dan is de energiemeter de beste optie. Je berekening maak je dan zoals uitgelegd bij de paragraaf ‘Apparaten: altijd aan’.

Heb je een nieuw apparaat met een nieuw energielabel, dan is het makkelijk. Je weet het verbruik per honderd wasbeurten of per duizend uur televisiekijken. Als je weet hoe vaak je per jaar wast of hoe vaak je naar de televisie kijkt, kun je dat omrekenen. Stel dat op een nieuw wasmachinelabel staat dat het verbruik bij honderd wasbeurten 130 kWh is, dan is dat per wasbeurt dus 1,3 kWh. Was jij één per week, dan is jouw jaarverbruik dus 52 × 1,3 = 67,6 kWh. Per jaar kost je dat 67,6 × € 0,24 = € 16,22.

Ook hier: denk om sluipverbruik!

Houd wel rekening met sluipverbruik. Voor een wasmachine gaat dat niet op, maar voor een televisie die je nooit echt uitzet waarschijnlijk wel. We hebben al eerder uitgelegd hoe je dat sluipverbruik meet. Als het goed is, heb je na het meten twee verschillende waarden. Die moet je met elkaar combineren.

Een fictief voorbeeld: in stand-by verbruikt je televisie 0,0005 kWh per uur. Tijdens het televisiekijken loopt dat op naar 0,11 kWh. Je televisie staat vier uur aan en verbruikt dan dus 0,44 kWh. De overige twintig uur verbruikt de stand-bystand 0,01 kWh (20 x 0,0005 kWh). Per etmaal kom je dan uit op 0,45 kWh. Met dat getal kun je het verbruik per jaar en de kosten per jaar berekenen: 365 × 0,45 × € 0,24 = € 39,42.

Meer weten over de kosten drukken van je hoge energierekening? We raden de Cursusbundel Automatisch energie besparen aan. Hierin leer je onder meer hoe je met slimme apparaten de energiekosten binnen de perken houd, zodat je er zelf minder op hoeft te letten!

▼ Volgende artikel
Nieuwe Resident Evil Requiem-beelden tonen wat je te wachten staat
Huis

Nieuwe Resident Evil Requiem-beelden tonen wat je te wachten staat

Capcom heeft eerder deze week een livestream uitgezonden waarin nieuwe beelden werden getoond van het aankomende horrorspel Resident Evil Requiem. Ook werd er meer informatie gegeven over de game.

Nieuw op ID: het complete plaatje

Misschien valt het je op dat er vanaf nu ook berichten over games, films en series op onze site verschijnen. Dat is een bewuste stap. Wij geloven dat technologie niet stopt bij hardware; het gaat uiteindelijk om wat je ermee beleeft. Daarom combineren we onze expertise in tech nu met het laatste nieuws over entertainment. Dat doen we met de gezichten die mensen kennen van Power Unlimited, dé experts op het gebied van gaming en streaming. Zo helpen we je niet alleen aan de beste tv, smartphone of laptop, maar vertellen we je ook direct wat je erop moet kijken of spelen. Je vindt hier dus voortaan de ideale mix van hardware én content.

Nadat eind vorig jaar al werd aangekondigd dat spelers niet alleen Grace Ashcroft zullen besturen, maar ook Leon S. Kennedy - een bekend gezicht voor mensen die eerdere delen hebben gespeeld - werd er tijdens de livestream uitgebreid gameplay van dit personage getoond.

Twee verschillende hoofdpersonages

Daarbij werd de nadruk gelegd op de verschillende speelstijlen van Leon en Grace. Op verschillende momenten gedurende de game wordt er automatisch tussen deze personages gewisseld, en ze zullen elk compleet andere gameplay bieden.

De segmenten met Leon - onder andere bekend uit Resident Evil 2 en Resident Evil 4 - zijn erg op actievolle schietgevechten gericht. Leon kan daarnaast ook de kelen van vijanden doorsnijden. Hij heeft ook een bijl waarmee hij aanvallen kan afweren. Grace's segmenten zijn juist erg gericht op spanning en horror en draaien vooral om het vermijden van intense gevechten.

Tijdens de livestream werd ook onthuld dat de game niet alleen naar consoles en pc komt, maar dat leden van Nvidia GeForce Now de game ook kunnen spelen. Ook werd er gepraat over de verschillende moeilijkheidsgraden - zo is er een extra makkelijke moeilijkheidsgraad voor mensen die weinig ervaring hebben met dit type spellen.

De complete livestream kan hieronder worden bekeken. In verband met de volwassen inhoud van de livestream kan het mogelijk zijn dat je op de link in de video moet klikken om naar YouTube te gaan en te bewijzen dat je volwassen bent.

Vanaf 27 februari verkrijgbaar

Resident Evil Requiem verschijnt op 27 februari (pre-orderen kan nu al) voor PlayStation 5, Xbox Series X en S, Nintendo Switch 2 en pc. Het is het negende hoofddeel in de horrorserie die al sinds de jaren negentig bestaat. In de loop der jaren is de franchise meermaals flink op de schop gegaan. Zo richtte Resident Evil 4 zich meer op actie, en zijn horrorelementen sinds Resident Evil 7: Biohazard weer teruggekeerd. Resident Evil Requiem lijkt dan ook een combinatie van al deze elementen te gaan bieden.

Op 27 februari zullen overigens ook Resident Evil 7 en Resident Evil Village (het achtste deel) op Nintendo Switch 2 uitkomen. Daarnaast verschijnt Village later deze maand op PlayStation Plus en Xbox Game Pass.

Watch on YouTube
▼ Volgende artikel
Slechte wifi thuis? Dit zijn de 3 grootste wifi-fouten die je signaal verpesten
© chadchai - stock.adobe.com
Huis

Slechte wifi thuis? Dit zijn de 3 grootste wifi-fouten die je signaal verpesten

Je kijkt een spannende serie en opeens bevriest het beeld. Dat bekende draaiende cirkeltje… er zijn weinig dingen zó frustrerend. Gelukkig ligt de oplossing vaak binnen handbereik. De snelheid van je internet hangt namelijk sterk samen met de manier waarop je thuis met je apparatuur omgaat. Door een paar veelgemaakte fouten te vermijden en de juiste techniek te kiezen, merk je vaak direct dat je netwerk stabieler wordt, zonder dat daar een duurder abonnement voor nodig is.

In het kort

In dit artikel lees je welke drie wifi-fouten het vaakst zorgen voor traag internet of haperingen: een onhandige plek voor je router, drukte op 2,4 GHz en verouderde firmware of hardware. Je ziet ook hoe je zelf een rustiger kanaal vindt en wanneer het slim is om te kiezen voor 5 GHz of 6 GHz. Tot slot leggen we uit wat wifi 6 en wifi 7 doen en waarom een netwerkkabel van minimaal cat5e verschil kan maken.

Lees ook: Router of powerline-adapter: wat is de beste keuze voor betere wifi?

Fout 1: De router op de verkeerde plek neerzetten

Een router wint qua looks zelden een schoonheidsprijs. De neiging om het apparaat uit het zicht te plaatsen is daarom groot. Toch is een verkeerde locatie de meest gemaakte fout die je bereik merkbaar (en soms zelfs dramatisch) kan verkleinen.

Dat zit zo.  Je kunt wifi-signalen vergelijken met het licht van een gloeilamp. Als je die lamp in een houten kast of achter een dikke bank zet, blijft de rest van de kamer donker. Obstakels zoals muren, meubels en zelfs grote kamerplanten blokkeren de onzichtbare golven. Vooral metaal en water zijn beruchte boosdoeners; een router naast een aquarium of achter een radiator plaatsen is vragen om problemen.

Ook de hoogte is bepalend. Veel mensen zetten de router op de grond, maar op de grond zit het signaal sneller 'achter' meubels en andere blokkades. Zet het apparaat liever op een kast of boekenplank op ooghoogte voor een vrije weg naar je apparaten.

©ID.nl

Fout 2: Storing door andere apparatuur over het hoofd zien

Je staat er waarschijnlijk niet bij stil, maar veel apparaten in huis gebruiken dezelfde onzichtbare digitale snelweg als je internetverbinding. De magnetron, sommige babyfoons en zelfs de draadloze koptelefoon van de buren vechten om een plekje op de 2,4GHz-band. Ook andere wifi-netwerken in de buurt kunnen voor digitale files zorgen.

De meeste moderne routers ondersteunen gelukkig ook de 5GHz-frequentie. Deze band is veel breder en heeft minder last van andere apparatuur. Het handmatig selecteren van het 5GHz-netwerk levert vaak direct een snelheidswinst op. Heb je een router met wifi 6e of wifi 7, dan kun je soms ook de 6 GHz-band gebruiken. Die is vaak rustiger, maar het bereik is meestal wat kleiner dan bij 5 GHz.

Tip: geef je netwerken duidelijke namen

Veel routers zenden meerdere wifi-netwerken tegelijk uit: 2,4 GHz voor bereik, 5 GHz voor snelheid en soms ook 6 GHz voor extra ruimte in drukke omgevingen. Als al die banden onder één naam vallen, kiest je smartphone of laptop automatisch. Dat gaat vaak goed, maar niet altijd: je toestel kan blijven “plakken” aan 2,4 GHz terwijl 5 GHz op dat moment sneller en stabieler is.

Door je netwerken een herkenbare naam te geven, maak je de keuze simpel. Geef de 2,4 GHz-band bijvoorbeeld de naam thuis-2g, de 5 GHz-band thuis-5g en, als je die hebt, de 6 GHz-band thuis-6g. Dan zie je in één oogopslag welk netwerk je pakt. Zit je ver van de router, dan is 2,4 GHz vaak de veiligste optie. Zit je dichtbij en wil je vooral snelheid, dan ligt 5 GHz of 6 GHz meer voor de hand. Zo kun je bij haperingen of traag internet meteen testen of een andere band het probleem oplost, zonder dat je in instellingen hoeft te graven.

View post on TikTok

Fout 3: Verouderde software en hardware blijven gebruiken

Technologie verandert razendsnel en dat geldt ook voor de beveiliging en snelheid van je netwerk. Veel huishoudens werken nog met de router die ze jaren geleden bij hun eerste abonnement kregen. Deze oude techniek kan de moderne eisen van streaming en videobellen simpelweg niet meer bijbenen. Daarnaast vergeten veel gebruikers om de firmware van hun apparaat te updaten. Fabrikanten brengen deze software-updates uit om prestaties te verbeteren en lekken te dichten. Een verouderd systeem is niet alleen trager, maar ook een makkelijker doelwit voor hackers.


1️⃣2️⃣3️⃣Stappenplan: de beste wifi-kanalen scannen

Als je buren ook allemaal op hetzelfde wifi-kanaal zitten, ontstaat er interferentie. Je kunt dit zelf eenvoudig oplossen door een rustiger kanaal te zoeken.

1) Download een app zoals WiFi Analyzer (Android) of NetSpot (Windows, macOS, Android & iOS).

2) Open de app en bekijk de grafiek van de omgeving. Je ziet hier welke kanalen drukbezet zijn door netwerken in de buurt. Noteer het kanaalnummer dat het minst wordt gebruikt. Vaak zijn kanaal 1, 6 of 11 op de 2,4GHz-band de beste keuzes.

3) Log in op de webinterface van je router via je browser (meestal via een adres als 192.168.1.1). Zoek naar de draadloze instellingen en wijzig het kanaal van 'Automatisch' naar het door jou gekozen nummer. Sla de instellingen op en test of je verbinding stabieler aanvoelt.

Het verschil tussen wifi 6 en wifi 7

Sta je op het punt om een nieuwe router of laptop te kopen? Dan kom je de termen wifi 6 en wifi 7 tegen. Wifi 6 was een grote stap vooruit omdat het beter omgaat met veel apparaten tegelijk op één netwerk. Het zorgt voor een efficiëntere verdeling van de data. Wifi 7 is de allernieuwste standaard en gaat nog een flinke stap verder. Het maakt gebruik van extreem brede kanalen en kan verbinding maken via meerdere frequenties tegelijkertijd. Dit wordt Multi-Link Operation genoemd. Hierdoor is de vertraging merkbaar lager en kun je hogere snelheden halen, vooral op korte afstand en met geschikte apparaten. Voor een gemiddeld huishouden is wifi 6 momenteel een uitstekende keuze, terwijl wifi 7 echt voor de toekomst is gebouwd.

Heel belangrijk: de juiste bekabeling

Draadloos internet begint voor de meeste mensen bij een kabel: heb je een los modem en een losse router, dan vormt de kabel ertussen de basis. Gebruik je hier een oude kabel, dan wordt de snelheid al beperkt voordat het signaal de lucht in gaat. Controleer of er Cat 5e, Cat6 of Cat6a op de kabel staat, dan zit je meestal goed. Cat5 haalt soms maar 100 Mbps door kwaliteit/afmontage. Heb je cat5 liggen? Vervang dat dan in ieder geval door cat5e; dat is een veilige keuze voor gigabit. Een kleine investering in een kwalitatieve netwerkkabel kan een wereld van verschil maken voor de uiteindelijke wifi-snelheid op je telefoon.

Slechte wifi? Oplossen is makkelijker dan je denkt

Alles bij elkaar komt goed wifi minder neer op toeval dan veel mensen denken. Met een slimme plek voor je router, een rustige frequentie en actuele software haal je vaak al verrassend veel winst. Combineer dat met een fatsoenlijke netwerkkabel en je voorkomt dat de dat de verbinding al beperkt wordt voordat het signaal draadloos wordt verspreid. Door deze stappen een voor een toe te passen, los je de meest voorkomende wifi-problemen op zonder dat een duurder internetabonnement nodig is, en maak je van een haperende verbinding weer een stabiele basis voor alles wat je online doet.

Consumenten testen: TP-Link Deco BE25 WiFi 7 mesh set

Op Review.nl, het testplatform waarop consumenten nieuwe technologie uitproberen en hun bevindingen delen, krijgt de TP-Link Deco BE25, een router met dualband wifi 7,  een stevige 8,7 op Review.nl. En dat betekent iets: want omdat op Review.nl producten getest worden door een panel van echte gebruikers, zie je hoe iets in een normaal huishouden presteert.

Wat opvalt is hoe vaak testers terugkomen op de snelheid en stabiliteit. De overstap naar wifi 7 levert volgens veel gebruikers merkbaar meer rust in het netwerk op, vooral in huizen waar voorheen op zolder, in de tuin of achterin de woonkamer nauwelijks een bruikbaar signaal was. De Deco BE25 vult dat soort gaten zichtbaar op. Apparaten blijven stabiel verbonden, streamen gaat zonder haperingen en ook gamers merken volgens de testers dat de latency laag blijft. Wie een gigabitverbinding heeft, ziet die snelheid nu ook daadwerkelijk terug op plekken waar dat eerst niet haalbaar was.

Een tweede punt dat veel lof krijgt, is de installatie. De meeste testers spreken over een proces van enkele minuten. De app begeleidt je stap voor stap, herkent automatisch de nieuwe units en geeft advies over de beste plek voor elk wifipunt. Daardoor voelt het hele systeem toegankelijk, ook voor wie zichzelf niet technisch vindt. Eenmaal ingesteld blijkt het netwerk bovendien weinig onderhoud nodig te hebben: de app verdeelt verkeer slim, laat je apparaten prioriteren en biedt opties voor gastnetwerken en ouderlijk toezicht.

Het ontwerp en de functionaliteit leveren wel discussie op. Een deel van de testers vindt de units wat groot en mist montageopties of extra ethernetpoorten. Ook melden sommige gebruikers dat smartphones niet altijd direct naar het dichtstbijzijnde wifipunt schakelen. Toch wordt dat in de meeste reviews gezien als een detail naast de verbeterde dekking en het gemak van dagelijks gebruik.

Alles bij elkaar laat het testpanel zien dat de Deco BE25 vooral scoort op prestaties waar consumenten echt iets van merken: hogere snelheden, betere dekking en een probleemloos installatieproces. Voor veel huishoudens voelt het als een upgrade die een onrustig wifi-netwerk verandert in een betrouwbaar en snel geheel.