ID.nl logo
Review Hisense 55U7HQ – 55 inch voor een zachte prijs
© Reshift Digital
Huis

Review Hisense 55U7HQ – 55 inch voor een zachte prijs

Een degelijke 55 inch televisie voor een zachte prijs, liefst goed uitgerust en natuurlijk met degelijke beeldkwaliteit. We zijn er zeker van dat dat een populaire vraag is in de winkel. De Hisense 55U7HQ lijkt aan die voorwaarden te voldoen, reden genoeg voor een test.

Uitstekend
Conclusie

Dat je voor deze scherpe prijs geen topprestaties krijgt, mag niemand verbazen. Het contrast is eerder matig en het beperkt aantal local dimming zones is niet genoeg om dat betekenisvol te verbeteren. HDR oogt daardoor wat minder intens dan gehoopt. Maar het moet gezegd, de Hisense 55U7HQ is erg ruim uitgerust, en heeft wel degelijk heel wat te bieden. 

Plus- en minpunten
  • Helder beeld met ruime kijkhoek
  • Mooi, ruim kleurbereik
  • Goede kalibratie uit de doos
  • Dolby Vision IQ en HDR10+
  • VIDAA U gebruiksvriendelijke en vlot
  • HDMI 2.1 met alle gamer-features
  • Contrast is matig
  • Matige audiokwaliteit
  • HDR weergave mist impact
  • Lokale streaming-apps ontbreken in VIDAA U

Hisense 55U7HQ

  • Adviesprijs: 799 euro
  • Wat: Ultra HD LCD-tv (FALD, 4x8 zones, Quantum Dot)
  • Schermformaat: 55 inch (139 cm), vlak
  • Aansluitingen: 4x HDMI (2x V2.0, 2x V2.1 eARC/ARC, ALLM, VRR, 4K120), 1x composiet video, 1x stereo minijack, 1x optisch digitaal uit, 2x USB, 1x hoofdtelefoon, 2x antenne, Bluetooth
  • Extra’s: Dolby Vision IQ, HDR10+ Adaptive, HDR10, HLG, WiFi (802.11b/g/n/ac) ingebouwd, VIDAA U6 OS, USB/DLNA-mediaspeler, DVB-T2/C/S2, CI+-slot
  • Afmetingen: 1.233 x 767 x 307 mm (incl. voet)
  • Gewicht: 15,3 kg (incl. voet)
  • Verbruik: SDR 84 (G) / HDR 140 watt (G)

Het oog wil ook wat, en dan hebben we het niet over de beeldkwaliteit. Een tv staat per slot van rekening midden in je woonkamer, dus een fijn design is altijd meegenomen. De 55U7HQ is een relatief slanke verschijning. In profiel bekeken komt dat vooral door de zacht gewelfde rug van het scherm, dat doet het wat dunner lijken dan het werkelijk is. De speels gebogen voet onder het toestel is een leuk accent. 

Het viel ons wel op dat de aansluitingen vrij dicht tegen de rand van het scherm staan. Niet te dicht, maar je leidt de kabels best wel weg via het kabelmanagement in de voet om te vermijden dat ze aan de zijkant zichtbaar zijn. 

Veel aansluitingen

Hisense heeft een goede keuze gemaakt met zijn aansluitingen, ze zijn iets minder rijkelijk dan topmodellen, maar in essentie ontbreekt er niets van onze wenslijst. Naast twee HDMI 2.0-aansluitingen krijg je ook twee HDMI 2.1-aansluitingen met 48 Gbps bandbreedte. Ideaal dus voor next gen-gamers want ze ondersteunen 4K120 (ook in Dolby Vision), ALLM en VRR (HDMI VRR en AMD Freesync) en hebben een input-lag van 8,7 ms in 2K120 en 17,8 ms in 4K60. Een van die aansluitingen dient eventueel voor ARC/eARC. Twee usb-poorten, een composiet video en stereo cinch ingang, hoofdtelefoon en optisch digitale audio-uitgang, ethernet, wifi en bluetooth maken de lijst volledig. 

Op een usb-poort, de ethernetpoort en de optisch digitale audio-uitgang na wijzen de aansluitingen opzij. Deze drie wijzen naar achteren, maar liggen wat dieper in de behuizing, waardoor ze een eventuele wandmontage vermoedelijk niet zullen storen. Met een externe harde schijf kun je live-televisie pauzeren of opnemen, de tv heeft een enkelvoudige DVB-T/T2/C-tuner, een DVB-S/S2-tuner en een CI+-slot.

Helder en kleurrijk, maar met beperkt contrast

De 55U7HQ pakt uit met een piekhelderheid van 480 nits op een 10% venster, die zelfs tot 520 nits ging op een 25% venster. Op een volledig wit scherm stopt de meter op 404 nits. Helemaal niet slecht dus, er zijn toestellen in dit prijsbereik die het met minder moeten stellen, en het zou voldoende moeten zijn om het effect van HDR goed te zien. Zeker aangezien de quantum dots ook voor een prima kleurbereik zorgen van 92% P3. Toch moeten we toegeven dat de HDR-beelden iets minder intens zijn dan we gehoopt hadden. De kleine lichtaccenten zijn vaak te breed uitgesmeerd waardoor ze niet meer echt sprankelen. In heldere beelden verliezen de kleuren wat aan intensiteit waardoor ze fletser en witter ogen. En de beelden missen diepte. In heel helder gemasterde HDR zie je dat allemaal nog veel sterker. Die zaken zijn vrij zeker terug te voeren naar het contrast en het beperkte aantal local dimming zones. Het ADS-paneel levert maar een ANSI-contrast van net 1000:1. a.

Met goede local dimming kan dat sterk verbeteren, maar de 8x4 zones van deze Hisense volstaan daarvoor niet. Het contrast stijgt tot 1400:1 en soms nog wat hoger, maar niet veel verder dan 2000:1. En dat merk je natuurlijk sterk in HDR. Niet alleen zijn de dimming zones vrij groot, het algoritme reageert soms wat traag waardoor je in donkere beelden heel gemakkelijk halo’s ziet. Dat klinkt niet echt goed, maar over het algemeen zijn we nog redelijk tevreden.

Binnen die beperkingen legt de Hisense relatief goede HDR-beelden voor. Uiteraard vooral als die helder zijn, want in donkere beelden verdwijnt er schaduwdetail, en zie je heel snel de local dimming aan het werk. De troef waarmee Hisense nog flink veel waarde aan het toestel toevoegt, is Dolby Vision en HDR10+. Die formaten leveren betere tonemapping en zeker Dolby Vision content ziet er erg goed uit.

In SDR-content vallen die beperkingen allemaal iets minder sterk op, het paneel wordt dan minder hard op de proef gesteld. De Filmmaker mode is zowel in SDR als HDR vrij goed gekalibreerd. De grijsschaal vertoont geen zware afwijkingen en de kleurtemperatuur is goed. In HDR zien we dat de donkerste tinten duidelijk te donker zijn, maar de kleurweergave is prim

Beeldverwerking

We zien nog ruimte voor verbetering in de beeldverwerking, al heeft Hisense daar tegenover vorig jaar wel al stappen vooruit gezet. De belangrijkste zwakke punten zijn de MPEG-ruisonderdrukking en in mindere mate de motion interpolation. Die eerste kan blokvorming ten gevolge van videocompressie niet echt wegwerken. Een lastiger gevolg is dat je ook kleurbanden in zachte overgangen moet tolereren. Zeker in donkere scènes kan dat, gecombineerd met het matige contrast wel storen. 

De bewegingsscherpte van het 120 Hz-paneel is goed, en met ‘Clear Motion’ kun je een minimale hoeveelheid extra detail naar boven halen in snel bewegende beelden ten koste van wat helderheid. We vonden het niet echt de moeite waard, zeker aangezien je dan iets meer risico hebt op een zichtbare dubbele rand. 

Wie erg gevoelig is voor flikkerend beeld kan het mogelijk ook zien, de flikkerfrequentie is 120 Hz. Zonder ‘Clear Motion’ hebben bewegende voorwerpen een vage rand, dat is rustiger voor de ogen. Motion interpolation haalt het schokken uit pan-beelden, maar als de actie te snel is, kan de processor niet volgen, zodat er stotter en beeldfouten zichtbaar blijven.

Deinterlacing en upscaling zijn goed, het zachte beeld kun je een beetje extra detail geven door de scherpte licht op te trekken. Wie het contrast nog een licht zetje wil geven kan ‘Adaptief Contrast’ activeren in de laagste stand. De tv accentueert dan lichtaccenten in donkere beelden. Dat geeft de indruk van beter contrast, en is sowieso een goede zaak als je bij omgevingslicht kijkt. 

Audio overtuigt niet

Het is een oud zeer dat moderne tv’s vaak wat besparen op de audio. Op hogere modellen valt dat deze dagen vrij goed mee, maar in deze prijscategorie merk je het verschil weer. Met 2x 10 watt is de 555U7HQ niet erg sterk uitgerust. Dolby Atmos tracks leveren nog net wat extra, maar je hoort nauwelijks bas en wanneer je het volume nogal enthousiast open draait, hoor je de luidsprekers sterk in vervorming gaan. 

Geen probleem voor gewoon tv-plezier, maar wie prijs stelt op goede audio moet uitwijken naar een soundbar. Er is ongeveer zeven centimeter plaats onder het scherm. De soundbar zal wel voor de voet moeten staan.

VIDAA U, een smart tv-systeem met toekomst

In de smart tv-wereld gebruikt nu bijna elk merk een schermvullende interface. De theorie is dat dat meer ruimte laat voor aanbevelingen en de kijker dus beter helpt bij de keuze van zijn volgende serie of film. In de praktijk durft dat wel tegen te vallen. Door een gebrek aan personalisatiemogelijkheden heb je nauwelijks of geen controle over welke streamingdiensten hun aanbod in de kijker zetten. Maar goed, dat is dus een algemeen probleem en zeker niet uniek voor Hisense.

In zeker zin is VIDAA U nog redelijk conservatief in zijn aanbevelingen. De bovenste helft van het Home scherm is grotendeels leeg, centraal in beeld staat één rij apps. Die kun je wel naar smaak aanpassen.

Sommige apps zoals Netflix tonen een rij aanbevelingen zodra je de tegel selecteert. De aanbevelingen waarover je geen controle hebt zie je vooral als je verder naar onder scrolt, enkel Disney+ is nog zichtbaar op het Home scherm. 

De interface werkt wel vlot en apps openen vrij snel. Dat is een goed punt. Het aanbod is goed, zeker voor internationale diensten waar de belangrijkste spelers beschikbaar zijn. Voor lokale diensten, zeker voor Belgische diensten, loopt Hisense nog wat achter op concurrenten. Maar het beloofde ons wel dat er aan gewerkt wordt.

Dat er flink wat streaming content is, zie je ook aan de afstandsbediening. Die heeft zo maar eventjes twaalf sneltoetsen voor apps. Dat lijkt ons echt wat overdreven, een selectie van vier zou beter zijn, instelbare toetsten die je zelf kan toewijzen nog beter. De afstandsbediening scoort goed op gebruiksgemak, maar ziet er wat goedkoop en ouderwets uit.

Conclusie

Dat je voor deze scherpe prijs geen topprestaties krijgt, mag niemand verbazen. Het contrast is eerder matig en het beperkt aantal local dimming zones is niet genoeg om dat betekenisvol te verbeteren. HDR oogt daardoor wat minder intens dan gehoopt. Maar het moet gezegd, de Hisense 55U7HQ is erg ruim uitgerust, en heeft wel degelijk heel wat te bieden. 

Dolby Vision en HDR10+ zijn goede troeven om toch tot een mooi HDR-beeld te komen. De beeldverwerking en het 120 Hz-scherm zorgen voor fijne sportbeelden en de kijkhoek is ruim. De HDMI 2.1-aansluitingen hebben alles wat een gamer kan vragen. VIDAA U levert flink wat internationale en lokale streamingdiensten, al heeft het op dat laatste vlak nog niet alles in huis. Dit is een fijne familie-tv zonder meer.

▼ Volgende artikel
Microsoft Gaming-baas Phil Spencer en Xbox-president Sarah Bond vertrekken
Huis

Microsoft Gaming-baas Phil Spencer en Xbox-president Sarah Bond vertrekken

Microsoft Gaming-ceo Phil Spencer en Xbox-directeur Sarah Bond vertrekken bij het Amerikaanse bedrijf.

Dat hebben verschillende media vernomen, en Spencer zelf heeft het inmiddels ook bevestigd via social media. Daarbij publiceerde IGN ook interne e-mails van Microsoft's ceo Satya Nadella, de te vertrekken Spencer en de nieuwe Microsoft Gaming-ceo Asha Sharma en Matt Booty.

Naar verwachting vertrekt Spencer, die bijna veertig jaar bij Microsoft werkzaam was, aanstaande maandag. Xbox-president Sarah Bond - waarvan voorheen werd gedacht dat ze Spencer uiteindelijk zou vervangen - gaat ook weg. Asha Sharma is op dit moment nog de president van Microsofts CoreAI en gaat dus Microsoft Gaming bestieren. Matt Booty, het hoofd van Xbox Game Studios, wordt gepromoot naar chief content officer en zal nauw samenwerken met Sharma.

"Afgelopen najaar deelde ik met Satya dat ik nadacht over mijn vertrek en het beginnen aan het volgende hoofdstuk van mijn leven", zo stelt Spencer in zijn e-mail. "Vanaf dat moment gingen we aan de slag met onze aanpak, met het oog op het behoud van stabiliteit en het versterken van de fundering die we hebben gebouwd. Xbox is altijd meer dan een bedrijf geweest. Het is een levendige gemeenschap bestaande uit spelers, makers en teams die erg veel geven om wat we bouwen en hoe we dat doen. Het verdient een goed doordacht plan voor de toekomst."

"Ik wil Phil bedanken voor zijn uitzonderlijke leiderschap en samenwerking", aldus Nadella in zijn e-mail naar werknemers. "In meer dan 38 jaar bij Microsoft, waaronder 12 jaar aan het hoofd van de gamedivisie, heeft Phil geholpen met het transformeren van wat we doen en hoe we dat doen."

View post on X

De nieuwe Microsoft Gaming-ceo aan het woord

Sharma, de nieuwe ceo van Microsoft Gaming, meldt in haar e-mail: "Mijn eerste taak is simpel: begrijpen hoe dit werkt en het vervolgens beschermen. Dat begint bij drie verplichtingen. Ten eerste geweldige games - daar begint alles mee. We moeten geweldige games hebben die door onze spelers geliefd worden." Vervolgens vertelt Sharma over het belang van onvergetelijke personages, de macht geven aan ontwikkelstudio's en iconische franchises.

"Ten tweede: de terugkeer van Xbox. We verbinden ons opnieuw aan onze trouwe Xbox-fans en -spelers, die de afgelopen 25 jaar in ons hebben geïnvesteerd, en de ontwikkelaars waar we de uitgebreide universa en ervaringen die onze spelers wereldwijd omarmen mee hebben gebouwd. We zullen onze afkomst eren met een vernieuwde inzet voor Xbox, te beginnen bij de console, die heeft gevormd wie we zijn." Sharma benadrukt daarbij dat games tegenwoordig op meerdere apparaten te vinden zijn, en spreekt uit dat Microsoft zich niet wil limiteren aan één apparaat. "Terwijl we uitbreiden op pc, mobiel en cloud, moet Xbox naadloos, onmiddellijk en waardig voor de gemeenschappen die we serveren voelen."

Het derde punt van Sharma is "de toekomst van spelen. We nemen de heruitvinding van spelen waar. Daarom zullen we investeren in nieuwe zakenmodellen en nieuwe manieren om te spelen door gebruik te maken van wat we al hebben: iconische teams, personages en werelden waar mensen van houden. Maar we zullen die werelden niet behandelen als statische IP om uit te melken en geld uit te onttrekken. We bouwen een gedeeld platform en gereedschappen die ontwikkelaars en spelers de macht geven om hun eigen verhalen te creëren en delen."

Over Spencer en de staat van Xbox

Phil Spencer werd in 2014 hoofd van Xbox, toen hij de opdracht had Xbox One van een gebrekkige release het jaar ervoor te redden. Tijdens die consolegeneratie werd onder andere het populaire Xbox Game Pass gelanceerd. Dankzij onder andere die service en zijn veelvuldige interviews werd hij al snel populair onder gamers.

Na de Xbox Series X en S-release in 2020 begon de mening over Spencer om te slaan, vooral gevoed door de veranderingen rondom Xbox als merk. Sinds enkele jaren komen de spellen van Xbox-ontwikkelaar zelfs vaak ook op andere platforms uit - bijvoorbeeld op PlayStation 5 en Nintendo Switch. Tegelijkertijd loopt de verkoop van de huidige Xbox Series X en S-consoles flink terug. Spencer zelf verscheen de afgelopen jaren steeds minder vaak in interviews, en ook de vele ontslagrondes en studiosluitingen binnen de Xbox-divisie zorgden voor reputatieschade.

Tegelijkertijd werden onder Spencers leiding grote aankopen als Bethesda en Activision Blizzard gedaan, bekend van gamefranchises als The Elder Scrolls, Fallout en Call of Duty.

Microsoft heeft eerder laten weten aan een nieuwe console te werken, die de grenzen tussen consoles en pc moet vervagen. Voor zover bekend wordt dit een apparaat die in feite pc-games af gaat spelen, alsmede Xbox-games, en waarop verschillende digitale pc-winkels bereikbaar zullen zijn - en dus niet alleen die van Microsoft zelf.

Het vertrek van twee belangrijke kopstukken binnen Microsofts gamedivisie is opvallend, zeker in combinatie met het feit dat de gametak van het bedrijf schijnbaar in een transitieperiode zit. Ook het feit dat de nieuwe ceo van Microsoft Gaming van CoreAI afkomt, houdt de gemoederen onder gamers bezig. Microsoft zet groots in op kunstmatige intelligentie, maar onder gamers heerst vooral onvrede over de invloed die AI tegenwoordig heeft op hun hobby. Sharma benadrukte in haar interne e-mail echter dat Xbox zich niet gaat richten op "zielloze AI-slop".

▼ Volgende artikel
Het geheugen van je computer: dit is het verschil tussen DDR4 en DDR5
© Ayo man | Law of God
Huis

Het geheugen van je computer: dit is het verschil tussen DDR4 en DDR5

Toen je je laptop kocht, keek je waarschijnlijk vooral naar de processor, de grafische chip en hoeveel GB werkgeheugen erin zit. Of dat werkgeheugen DDR4 of DDR5 is, is voor de meeste mensen geen doorslaggevende factor. Toch is het wel handig om te weten wat de verschillen zijn tussen DDR4, dat je vooral in oudere laptops tegenkomt, en DDR5, dat bij nieuwe modellen meestal de standaard is. DDR5 kan per seconde meer data verwerken dan DDR4. Wat dat verschil betekent en wanneer extra gigabytes meer opleveren dan de stap naar DDR5, lees je in dit artikel.

In dit artikel

je leest wat DDR4 en DDR5 precies van elkaar onderscheidt, wanneer je dat verschil in snelheid en energieverbruik echt merkt en waarom het voordeel van DDR5 ten opzichte van DDR4 bij gamen vaak beperkt blijft. Ook leggen we uit waarom DDR4 niet automatisch meer de goedkope keuze is, waarom je DDR4 en DDR5 niet kunt uitwisselen en wat dat betekent voor upgraden bij laptops en desktops. Tot slot lees je hoe je op Windows en Mac snel checkt of je meer RAM nodig hebt.

Lees ook: RAM(p)-scenario: waarom tech in 2026 duurder wordt

De techniek achter DDR4 en DDR5

Het grootste verschil tussen DDR4 en DDR5 zit in de datasnelheid en bandbreedte. Zie het als een digitale weg: DDR4 is een prima route waar het verkeer netjes doorrijdt, DDR5 is een bredere snelweg waar per seconde meer data overheen kan. Daardoor hoeft de processor bij zware taken waarbij veel data heen en weer gaat (denk bijvoorbeeld aan videobewerking) minder vaak te wachten op nieuwe informatie. Let wel: die extra 'rijstroken' leveren pas winst op als je processor, grafische chip en software er ook echt gebruik van maken. Bij lichte taken, zoals browsen en tekstverwerken, is werkgeheugenbandbreedte zelden de bottleneck. Gaat dat langzaam, dan heeft dat eerder te maken met de processor, opslag, of de browser.

DDR5 kan ook helpen met het energieverbruik, omdat het op een lagere spanning werkt: 1,1 volt in plaats van 1,2 volt bij DDR4. In een laptop kan dat iets schelen, al hangt het effect af van wat je doet en hoe de rest van het systeem is opgebouwd. Daarnaast zit bij DDR5 een deel van de stroomregeling op de geheugenmodule zelf. Dat kan de stroomvoorziening stabieler maken, maar het maakt de module ook wat complexer om te produceren.

Wat biedt DDR5 in de praktijk?

DDR5 komt vooral tot zijn recht bij taken die veel werkgeheugenbandbreedte vragen, zoals 8K videobewerking of complexe simulaties. Daarbij blijft de processor (en soms de GPU) meestal de doorslaggevende factor: die bepaalt of je systeem zo'n klus überhaupt vlot aankan. DDR5 kan helpen om wachttijd te verminderen, maar het maakt een trage CPU niet ineens snel. Een ander voordeel is dat je per module hoge capaciteiten kunt halen. Voor zware desktop-werkstations zijn systemen met 256 GB aan werkgeheugen inmiddels realiteit. Bij laptops ligt die grens doorgaans lager, vaak rond de 128 GB, omdat ze meestal minder geheugenslots hebben. Bovendien is het werkgeheugen bij veel modellen vastgesoldeerd, waardoor je later niet kunt uitbreiden.

©Batorskaya Larisa

DDR5 voor gamers: nodig of niet?

Voor gamers blijft het voordeel van DDR5 vaak beperkt. In veel games gaat het om een klein verschil, en op 1440p of 4K zie je dat meestal nog minder terug omdat je dan eerder tegen de grens van de videokaart aanloopt dan tegen die van het werkgeheugen. Ook hier geldt: de keuze voor CPU en vooral GPU bepaalt je gameprestaties veel sterker dan de stap van DDR4 naar DDR5. Dat verschil tussen DDR4 en DDR5 is onderzocht in een vergelijkingstest van de gezaghebbende site Tom's Hardware. Daarbij ging het bijvoorbeeld om 3% verschil in gameprestaties in Assassin's Creed Valhalla, 2% in Far Cry 6, Tom Clancy's Ghost Recon Breakpoint, Watch Dogs: Legion en Borderlands 3, en 1% in Shadow of the Tomb Raider en Wolfenstein: Youngblood.

©Crystal Dynamics

Het verschil tussen RAM en opslag

Veel mensen halen werkgeheugen (RAM) en opslaggeheugen (SSD of HDD) door elkaar, terwijl ze iets heel anders doen: RAM is het korte-termijngeheugen waarin de gegevens staan van programma's die je nú gebruikt, waardoor je met meer RAM makkelijker en sneller tussen meerdere apps schakelt, maar zodra je de computer uitzet is dit geheugen weer leeg. Opslaggeheugen is juist het lange-termijngeheugen waarop je foto's, documenten en andere bestanden blijven staan, ook als er geen stroom is.

Is een laptop met DDR4 nog goed genoeg?

Ja, voor de meeste Nederlanders is een laptop met DDR4 nog steeds goed genoeg. Gebruik je hem vooral voor internetten, Netflix kijken, Microsoft Office en af en toe een simpele fotobewerking, dan merk je in de praktijk nauwelijks verschil tussen DDR4 en DDR5. Bij laptops is DDR4 of DDR5 bovendien vaak geen losse keuze: het hangt samen met de generatie processor die in het model zit.

DDR5 kan wel voordeel geven bij zwaardere taken waarbij de computer grote hoeveelheden data tegelijk moet verwerken, maar dat wordt pas echt interessant als je met zware programma's werkt, of als je games zo soepel mogelijk wilt laten lopen - ervan uitgaande dat je CPU en GPU die werklast ook aankunnen. Denk aan situaties waarin je merkt dat je laptop moeite heeft om alles bij te houden, ook al staat de beeldkwaliteit niet eens extreem hoog. In veel situaties blijft het verschil klein. Belangrijker is vaak de hoeveelheid werkgeheugen: 16 GB voelt meestal merkbaar fijner dan 8 GB, ongeacht of het DDR4 of DDR5 is.

DDR4 is niet meer vanzelfsprekend goedkoop

Lange tijd was DDR4 de slimme, goedkope keuze als je vooral op de prijs lette: het verschil met DDR5 was groot. Door de huidige tekorten klopt dat beeld minder. DDR4-geheugen is flink duurder geworden; in sommige gevallen is de prijs zelfs meer dan verdubbeld. DDR5 is ook duurder geworden, maar omdat de productie van DDR4 wordt afgebouwd, kan DDR4 relatief harder in prijs oplopen. Daardoor ligt DDR4 in veel gevallen dichter tegen DDR5 aan dan je zou verwachten. Wie nu een nieuw systeem koopt, is met DDR4 vaak nog steeds het minst kwijt, alleen is 'goedkoop' bij werkgeheugen momenteel een rekbaar begrip.

©ronstik

Upgraden: wat wel en niet kan

DDR4 en DDR5 zijn nooit onderling uitwisselbaar, ook niet in een desktop. De inkeping zit op een andere plek en het platform moet het juiste type werkgeheugen ondersteunen. Je kunt dus geen DDR5 plaatsen in een systeem dat voor DDR4 is gemaakt, en andersom ook niet.

Bij laptops betekent dit meestal dat als je wilt overstappen op DDR5 je een nieuwe laptop zult moeten kopen. Veel laptops hebben namelijk geen uitbreidbaar werkgeheugen meer: de geheugenchips zitten voor ruimte- en kostenbesparing op het moederbord gesoldeerd, en bij sommige ontwerpen zelfs in hetzelfde pakket als de processor. Dan kun je later niets meer bijprikken. Dat is ook precies waarom DDR4 vs DDR5 bij laptops zelden de hoofdvraag is: je kiest een model, en daar hoort dit type geheugen bij.

Bij een desktop heb je vaak meer speelruimte, maar ook daar is het geen kwestie van alleen de geheugenmodules wisselen. Wil je van DDR4 naar DDR5, dan heb je een moederbord nodig dat DDR5 ondersteunt, en vaak ook een processor die bij dat moederbord past. Heb je vooral te weinig werkgeheugen (bijvoorbeeld 8 of 16 GB) en merk je dat je pc daardoor traag wordt, dan is extra DDR4 bijplaatsen meestal de goedkoopste verbetering. Pas als je toch al toe bent aan een grotere upgrade van je pc, wordt de stap naar DDR5 logisch.

Wanneer moet je echt upgraden?

Echt upgraden is pas zinvol als je merkt dat je huidige machine niet meer probleemloos werkt bij zware klussen zoals grote fotobestanden bewerken, video's monteren of veel dingen tegelijk doen. Heb je nu een laptop met 16 GB of 32 GB DDR4 die nog vlot werkt? Blijf die dan vooral gebruiken zolang de prijzen zo hoog liggen. Twijfel je, kijk dan eerst wat de oorzaak van de mindere prestaties is: zit je werkgeheugen tegen zijn limiet, of zijn het vooral je processor of GPU die de klus niet bijbenen?

Zo controleer je of je extra RAM nodig hebt

Voordat je besluit om een flinke investering te doen in een nieuw systeem of extra geheugen, is het slim om te kijken hoe je huidige computer presteert onder druk. Je kunt dit eenvoudig zelf testen op zowel Windows als Mac.

Windows

Open eerst de programma's die je normaal gesproken tegelijk gebruikt, zoals je browser met veel tabbladen, Word en een videocall. Druk daarna op Ctrl + Shift + Esc om Taakbeheer te openen. Ga naar het tabblad Prestaties en klik op Geheugen. Kijk vervolgens naar de grafiek en het percentage dat in gebruik is: blijft dat langere tijd rond de 80 tot 90 procent hangen terwijl je gewoon je dagelijkse werk doet, dan zit je tegen de grens van je werkgeheugen aan. Dat merk je vaak aan kleine haperingen, zoals tabbladen die trager laden of apps die later reageren. Zie je tegelijk dat je pc veel met de schijf bezig is, bijvoorbeeld omdat programma's ineens langzamer worden terwijl je opslaglampje blijft knipperen, dan is de kans groot dat Windows tijdelijk data op de SSD parkeert omdat het werkgeheugen volloopt.

Apple

Open je gebruikelijke programma's en druk daarna op Command + Spatiebalk. Typ Activiteitenweergave en druk op enter. Klik bovenin op het tabblad Geheugen en kijk onderaan naar de grafiek bij Geheugendruk. Is die groen, dan is er niets aan de hand. Wordt de grafiek geel of rood, dan heeft je Mac meer geheugen nodig om alles vlot te blijven draaien. Let ook op Gebruikte swap: als dat oploopt tot meerdere gigabytes, dan is je werkgeheugen in de praktijk te krap.