ID.nl logo
Schade claimen op je autoverzekering, zo doe je het goed
© Piman Khrutmuang
Zekerheid & gemak

Schade claimen op je autoverzekering, zo doe je het goed

Een deuk in je auto of een ster in je ruit wil je het liefst zo snel mogelijk hersteld hebben, als het even kan met een vergoeding van de verzekering. Als iemand anders verantwoordelijk is voor de schade, moet de verzekering van de tegenpartij betalen. Is er geen schuldige aan te wijzen of heb je zelf schuld? Dan moet je eerst weten of je verzekeraar de schade dekt. Het kan ook voordeliger zijn om niet te claimen, om zo je no-claimkorting te behouden. Dit is wat je moet weten.

Na het lezen van dit artikel heb je antwoord op de volgende vragen.

  • Wat moet je doen bij schade na een ongeluk met een andere weggebruiker?
  • Wat moet je doen bij schade die je zelf hebt veroorzaakt?
  • Wat moet je doen als er geen schuldige is aan te wijzen?
  • Wat is slimmer: schade claimen of no-claimkorting behouden?

 Lees ook: Schade claimen op je caravan- of camperverzekering? Zo doe je het goed

Ongeluk gehad, wat nu?

Een aanrijding met een andere auto is een schokkende gebeurtenis. Het hoofd koel houden kan dan lastig zijn, maar is wel erg belangrijk. Natuurlijk zorg je in de eerste plaats voor de veiligheid van jezelf en van anderen. Heeft iemand hulp of medische zorg nodig? Dat gaat altijd voor. Maar als het veilig kan, maak dan zo snel mogelijk foto’s en eventueel een filmpje van de situatie na het ongeval en van de schade aan beide voertuigen. Noteer het kenteken van de andere partij en vraag om telefoonnummers van betrokkenen en eventuele getuigen. Vraag getuigen of ze een verklaring willen afleggen. Dat kan belangrijk zijn voor het beantwoorden van de schuldvraag. 

Schadeformulier invullen

Bij een aanrijding moet je altijd samen met de andere bestuurder het Europees schadeformulier invullen. Aan de hand van dit formulier beoordeelt de verzekeraar de aansprakelijkheid. Je krijgt het formulier van je verzekeraar en je moet het altijd bij je hebben. Ben je het kwijt, dan kun je bij sommige verzekeraars een nieuwe downloaden van de website. Je kunt ook ter plekke de app of de website Mobiel Schademelden gebruiken. De app kun je downloaden via de App Store of Google Play.

Het is belangrijk dat je het formulier direct na het ongeluk samen invult en ondertekent. Als je het uitstelt, is er veel meer kans dat jij of de tegenpartij zich de toedracht anders herinnert. Zorg dus dat je de feiten op een rijtje zet als ze nog vers in je geheugen zitten. Heb je een dashboardcamera, dan kan die in deze situatie goede diensten bewijzen.

Beantwoord de vragen eerlijk, maar verklaar niet dat je schuldig bent. Dat is aan de verzekeraar om te bepalen. Je moet ook een schets maken van de situatie, compleet met pijlen voor de rijrichting. Maak voor de zekerheid eerst een schets in klad, zodat je op het formulier zelf niets hoeft te corrigeren.

Beide partijen moeten het formulier ondertekenen. Zorg dus dat je een ondertekende versie hebt voordat de ander vertrekt. Lees voor het ondertekenen alle antwoorden door en controleer de tekening op onduidelijkheden. Je hoeft op de plek van het ongeluk alleen de voorkant van het formulier in te vullen. Alleen daarbij heb je de andere bestuurder nodig. De achterkant kun je ook thuis invullen. Het is verstandig om een foto van het formulier te maken voordat je het opstuurt naar de verzekering. Dan heb je altijd een document om op terug te vallen.

Schade melden bij je verzekeraar

Na een ongeluk moet je de schade zo snel mogelijk melden, maar in ieder geval binnen de termijn die in de polisvoorwaarden staat genoemd. Vaak is dat drie dagen. Heb je schade waarvoor de tegenpartij aansprakelijk is? Dan moet de verzekeraar van de tegenpartij de schade vergoeden. Toch kun je de claim indienen bij je eigen verzekeraar, ook als je alleen WA verzekerd bent. Dat heet directe schadeafhandeling. Jouw verzekeraar stelt dan de andere verzekeraar aansprakelijk en keert aan jou het bedrag uit waar je recht op hebt. Directe schadeafhandeling werkt alleen bij materiële schade, niet bij letselschade. 

©Stav&Alex | studio4pic

Een fietser of voetganger aangereden, wat nu?

Als je een fietser of voetganger aanrijdt, ben je vrijwel altijd voor 50 procent aansprakelijk. Als het gaat om een kind van onder de 14 jaar ben je zelfs volledig aansprakelijk. Het slachtoffer kan de schade verhalen op jouw WA-verzekering. Hierdoor kun je terugvallen op de bonus-malusladder en kan je verzekeringspremie omhoog gaan. Er geldt een uitzondering als je niets te verwijten valt. Had je de aanrijding echt niet kunnen voorkomen? Dan geldt de no-blame-no-claim-regeling. Dat wil zeggen dat je verzekeraar je schadevrije jaren niet verlaagt. Deze regeling geldt voor alle verzekeraars die zijn aangesloten bij het Verbond van Verzekeraars. 

Zelf schade veroorzaakt, wat nu?

Als je zelf schade hebt veroorzaakt aan je eigen auto, kun je deze alleen claimen als je een allrisk-polis hebt. Hierop kun je ook schade claimen als je tegen een paaltje bent aangereden bijvoorbeeld. Het is niet altijd verstandig om de schade te claimen, omdat je daardoor waarschijnlijk minder no-claimkorting krijgt op je premie. Het vervallen van de korting kan zó nadelig zijn, dat je de schade beter zelf kunt betalen. Vraag de verzekeraar wat de gevolgen van het claimen van de schade zijn voor je premie, nu en in de toekomst. Eventueel kun je de schade alsnog zelf betalen als achteraf blijkt dat de premie sterk stijgt.

Heb je een verzekering met een bonus- of no-claimbeschermer? Dan kun je één schade per jaar claimen zonder dat dit gevolgen heeft voor je premie. Het aantal schadevrije jaren gaat wel omlaag, maar dat merk je pas als je overstapt naar een andere verzekeraar. Vraag dus ook in dat geval wat de gevolgen zijn van het claimen van de schade voor je schadevrije jaren in de toekomst. 

Schuldig aan autoschade van een ander, wat nu?

Heb je met je auto of aanhanger schade veroorzaakt aan een ander voertuig? Dan stelt de verzekering van de tegenpartij jouw verzekeraar aansprakelijk. Je bent verzekerd via je verplichte WA-verzekering.

Als twee partijen beiden aansprakelijk zijn, wordt de schade meestal gedeeld. Dat kan bijvoorbeeld gebeuren als je allebei niet goed uitkeek bij het achteruitrijden op een parkeerplaats. Voor je terugval in schadevrije jaren maakt het niet uit voor welk deel je aansprakelijk bent. Ook in dit geval is het dus goed om na te gaan of het wel voordelig is om de schade te claimen of dat je beter je no-claimkorting kunt behouden.

©Marcus Posthumus

Schade door inbraak, wat nu?

Inbraakschade is gedekt door een allriskverzekering én door een beperkt cascoverzekering. Je kunt hierop de schade claimen aan je auto en aan meeverzekerde accessoires. Zijn er spullen gestolen of beschadigd die in de auto lagen, dan kun je die misschien terugkrijgen van je inboedelverzekering. Verzekeraars kunnen als eis stellen dat deze spullen niet in het zicht lagen.

Geen dader bekend, wat nu?

Is de autoschade veroorzaakt door een onbekende bestuurder, bijvoorbeeld door iemand die is weggereden na een botsing? Of heb je een aanrijding gehad met iemand die geen WA-verzekering heeft? Dan kun je in bepaalde gevallen de schade claimen bij het Waarborgfonds Motorverkeer. De belangrijkste voorwaarden zijn dat je bent aangereden door een motorvoertuig, dat je aangifte hebt gedaan bij de politie en dat minstens één getuige kan verklaren wat er is gebeurd. Als een camera het ongeluk heeft opgenomen, kan dat een getuigenverklaring vervangen. Ook als de tegenpartij bij een ongeluk is doorgereden, moet je meteen het schadeformulier invullen. Dan kun je nog de meeste details opschrijven. Er geldt een eigen risico van 250 euro. 

Ik vind de vergoeding te laag, wat nu?

De verzekeraar stelt een vergoeding vast voor de schade aan je auto. Ben je het daar niet mee eens, kijk dan of er een geschillenregeling is. Aan de hand daarvan kun je meestal een contra-expert inschakelen die de schade beoordeelt. Zo nodig kan een derde deskundige worden aangewezen om een bindende beslissing te nemen. De kosten van de contra-expert en de derde deskundige worden vaak vergoed door de verzekeraar.

Is er geen geschillenregeling, dan kun je een klacht indienen bij het Klachteninstituut Financiële Dienstverlening (Kifid). Heb je een rechtsbijstandverzekering, dan kun je die inschakelen.

©Andrey Popov

Letselschade claimen

Vraag 3 op het Europees schadeformulier gaat over gewonden. Vul hier in welke klachten je hebt na het ongeval. Het is goed om hier even bij stil te staan, want door de adrenaline merk je misschien niet direct dat je een stijve nek hebt of een pijnlijke enkel. Of misschien gaat al je aandacht uit naar een schaafwond en merk je daardoor de pijn op een andere plek niet op. Natuurlijk kunnen klachten ook later ontstaan of erger worden. Maar wees in ieder geval volledig voor wat betreft de situatie direct na het ongeluk.

Ga na het ongeluk naar een arts en vraag om een schriftelijke verklaring waaruit blijkt dat er een verband is tussen het ongeluk en het letsel. Dit heb je nodig als bewijs als je de tegenpartij aansprakelijk stelt voor de letselschade. Ook een verslag van de gebeurtenissen, foto’s en getuigenverklaringen kunnen helpen. Het is verstandig om deskundige hulp in te schakelen voor het verhalen van letselschade. Heb je een rechtsbijstandverzekering of inzittendenverzekering, dan kan je verzekeraar je helpen.

▼ Volgende artikel
Waarom moeilijk doen? Beheer je thuisserver met CasaOS
© Vatcharachai
Huis

Waarom moeilijk doen? Beheer je thuisserver met CasaOS

Met een NUC of Raspberry Pi zet je snel een thuisserver op, bijvoorbeeld door allerlei services in Docker-containers te draaien en bestanden op je netwerk te delen. CasaOS maakt dit wel heel eenvoudig dankzij een toegankelijk dashboard waarmee je diensten kunt installeren en beheren.

In dit artikel laten we zien hoe je met CasaOS een thuisserver kunt beheren:

  • Installeer CasaOS op een Raspberry Pi, NUC of Linux-systeem
  • Beheer bestanden en deel mappen
  • Installeer en draai Docker-containers vanuit de ingebouwde App Store
  • Importeer extra applicaties via third-party-appstores of Docker Compose-bestanden

Lees ook deze oplossingen voor als je thuisserver het laat afweten: De beste remedies tegen downtime van je thuisserver

Een thuisserver draaien is nog nooit zo eenvoudig geweest. Een Raspberry Pi of NUC kosten niet veel en draaien relatief energiezuinig 24/7 in je thuisnetwerk. Je installeert er een Linux-distributie op en deelt de bestanden die op de aangesloten schijf staan met je netwerk. Daarbovenop draai je dan allerlei opensource-services, bijvoorbeeld als Docker-containers. Het is een beproefd recept met mooie resultaten.

CasaOS maakt dit proces nog eenvoudiger om te realiseren. Het biedt een gebruiksvriendelijke webinterface aan waarmee je met één klik allerlei services op een Linux-server installeert. In dit artikel doen we dat op een Intel NUC met Debian 12 (codenaam Bookworm), het door CasaOS aanbevolen besturingssysteem. Raadpleeg het kader ‘Systeemeisen’ voor andere opties.

1 CasaOS installeren

In dit artikel gaan we ervan uit dat je al Debian 12, of een van de andere aanbevolen besturingssystemen, op ondersteunde hardware hebt geïnstalleerd. Je dient op je besturingssysteem ook een gewoon gebruikersaccount (zonder beheerrechten) te hebben, die het commando sudo kan uitvoeren. Raadpleeg de documentatie van je besturingssysteem voor de instructies hiervoor.

Update daarna de pakketbronnen en upgrade de geïnstalleerde pakketten:

sudo apt update && sudo apt upgrade

Daarna start je de installatie van CasaOS met de volgende regel, waarmee je het installatiescript downloadt en vervolgens met rootrechten uitvoert:

wget -qO- https://get.casaos.io | sudo bash

Het installatiescript controleert allerlei systeemvereisten en installeert ook pakketten die nodig zijn voor CasaOS. Dat kan enige tijd duren. Als alles naar behoren verloopt, krijg je op het einde in je terminalvenster het ip-adres te zien waarop de webinterface van CasaOS bereikbaar is.

Installeer CasaOS in Debian 12.

2 Eerste keer inloggen

Wanneer je dit ip-adres in je browser bezoekt, krijg je de vraag om een account aan te maken. Klik op Go, kies een gebruikersnaam en wachtwoord, en klik daarna op Create. Je ziet daarna het dashboard. Dat toont standaard de huidige datum en tijd, de systeemstatus (CPU en RAM), de gebruikte opslag, netwerkstatistieken en enkele knoppen om extra apps te installeren of te activeren.

De icoontjes linksboven geven je toegang tot je account (naam en wachtwoord aanpassen, en uitloggen), de instellingen, en de terminal en logs. De terminal laat je toe om via je browser met SSH in te loggen op de computer waarop CasaOS draait. Vul de gebruikersnaam en het bijbehorende wachtwoord in van een geldig account op de computer en klik dan op Connect om een inlogsessie te starten. Doorgaans zul je dit niet vaak nodig hebben: CasaOS is juist ontworpen om zoveel mogelijk via de gebruiksvriendelijke webinterface te gebruiken.

Via het dashboard van CasaOS heb je toegang tot allerlei apps en widgets.

3 Instellingen

Als je op het instellingenicoontje klikt, kun je een reeks algemene instellingen aanpassen. Zo kies je hier of je de zoekbalk wilt zien en welke zoekmachine je daarin gebruikt, en configureer je de taal van CasaOS (Nederlands behoort tot de opties). Ook de achtergrondafbeelding is te wijzigen naar een van de andere meegeleverde afbeeldingen of een bestand dat je zelf uploadt.

Als je bovenaan geen aanbevelingen voor apps te zien wilt krijgen, schakel dit hier dan uit. Het automatisch aankoppelen van usb-schijven die je aansluit, is hier ook uit te schakelen. Daarnaast zie je hier of je de nieuwste versie van CasaOS draait en kun je de computer herstarten of uitschakelen.

Onderaan heb je een widget met de naam Widgetinstellingen. Hier kun je de widgets met de tijd, systeemstatus, opslagstatus en netwerkstatus individueel in- en uitschakelen. De meeste van die widgets laten ook nog lichte aanpassingen toe. Klik je bijvoorbeeld op de widget met de tijd, dan schakel je over van 24- naar 12-uursnotatie. Bij Opslag en Netwerkstatus schakel je over naar een andere schijf of netwerkkaart.

De instellingen van CasaOS zijn beperkt, maar bieden de belangrijkste configuratiemogelijkheden.

Systeemeisen

CasaOS kan op diverse Linux-distributies geïnstalleerd worden. De ontwikkelaars bevelen Debian 12 aan, maar ook Ubuntu Server 20.04 en Raspberry Pi OS zijn officieel ondersteund. Vanuit de community is er bovendien ondersteuning voor Elementary 6.1 en Armbian 22.04. Als hardware-architectuur worden x86-64 (AMD64) ondersteund (bijvoorbeeld een Intel NUC of de ZimaBoard van de makers van CasaOS), en ARM64 en ARMv7 (64- en 32bit-ARM-processoren, zoals die van de Raspberry Pi).

4 Bestanden

CasaOS biedt diverse apps aan, weergegeven als tegels in het dashboard. Standaard zijn er al twee apps geïnstalleerd: App Store en Files. Als je op die laatste klikt, kom je in een interface van een bestandsbeheerder, die standaard de inhoud van de map DATA toont, die CasaOS in de Root-directory van het bestandssysteem heeft gemaakt.

Daarin zijn ook de volgende subdirectory’s gemaakt: AppData (waarin de gegevens van de containers terechtkomen), Documents, Downloads, Gallery en Media. Overigens krijg je ook gewoon toegang tot het hele bestandssysteem van je Linux-distributie via deze app: links bovenaan brengt het menu-item Root je naar de Root-directory.

In elke map kun je bovenaan op Uploaden of aanmaken klikken om een bestand of map te uploaden, of een nieuw bestand of nieuwe map aan te maken. In een lege map krijg je deze mogelijkheden ook wat zichtbaarder te zien als icoontjes in het midden van de mapweergave.

Een klik op een bestand geeft een voorvertoning, zodat je bijvoorbeeld een Word- of pdf-document rechtstreeks in je browser kunt bekijken. Uiteraard kun je de bestanden ook downloaden. Bij een map klik je op de drie puntjes rechts bovenaan en dan op Downloaden om een zip-bestand met de volledige inhoud van de map te downloaden.

De webgebaseerde bestandsbeheerder van CasaOS geeft je toegang tot het hele bestandssysteem.

5 Mappen delen

Verder maakt CasaOS het delen van mappen op het netwerk heel eenvoudig. Klik op de drie puntjes rechts bovenaan de gewenste map en kies dan Delen in het contextmenu dat verschijnt. De map wordt onmiddellijk gedeeld en je krijgt te zien via welk netwerkpad de map toegankelijk is in Verkenner (Windows) of in Finder (macOS).

Merk op dat CasaOS nu zonder enige authenticatie mappen op je netwerk deelt. Iedereen op je netwerk kan dus als anonieme gebruiker toegang krijgen tot de gedeelde map. De app Files toont een groen icoontje over de rechteronderhoek van het icoontje van de map om aan te duiden dat hij gedeeld is. Onder Gedeeld (helemaal linksonder van de webpagina) krijg je een overzicht van alle gedeelde mappen. Je stopt het delen met een klik op de drie puntjes bij de map en dan Delen stoppen.

CasaOS maakt bestanden op het netwerk delen heel eenvoudig.

6 App Store

Wanneer je de app Files afsluit met een klik op het kruisje helemaal rechts bovenaan, keer je terug naar het dashboard. Klik vervolgens op App Store om de applicatiewinkel van CasaOS te openen. Je krijgt hier een honderdtal apps te zien, die je eenvoudig installeert. Bovenaan loopt een slideshow van enkele aanbevolen apps.

Je kunt de hele lijst met apps doorbladeren of links bovenaan de lijst All veranderen naar een specifieke categorie waarvoor je de apps wilt zien. En ernaast kun je de apps filteren tot de door CasaOS of de community aangeboden apps. Uiteraard kun je ook eenvoudig zoeken door een naam of term uit de beschrijving in te typen in het zoekveld.

In de App Store vind je een honderdtal apps en diensten die je in CasaOS kunt installeren.

7 App installeren

Klik je op een van de apps in de lijst, dan krijg je een korte beschrijving, en een of meerdere screenshots te zien. Vaak staat er ook bij hoeveel MB geheugen de app nodig heeft. Klik op de blauwe knop Installeren om de app met de standaardconfiguratie te installeren. Op de achtergrond downloadt CasaOS dan een Docker-image van de app en installeert deze als een container op je Linux-server.

Dit gebeurt allemaal transparant op de achtergrond. Wil je meer flexibiliteit, klik dan op het pijltje-omlaag helemaal rechts in de knop Installeren en kies dan de optie Aangepaste installatie. Je krijgt nu alle mogelijke eigenschappen van de container te zien en kunt deze individueel aanpassen. Zo kun je een ander Docker-image of andere tag kiezen, en omgeleide poorten, volumes en omgevingsvariabelen configureren. Je kunt de container ook toegang tot specifieke apparaten geven, een specifieke opdracht laten uitvoeren en een limiet instellen op de hoeveelheid geheugen die de container mag innemen.

Installatie van een app start op de achtergrond een container op.

8 Apps gebruiken

Na de installatie van een app draait de software in een Docker-container en toont het dashboard van CasaOS onder App een extra icoontje. Klik hierop om de webinterface van de app in een nieuw tabblad van je browser te openen. Zowel het icoontje als de url van de webinterface zijn instellingen die via de optie Aangepaste installatie te vinden waren.

De meeste apps zullen de eerste keer vragen een account aan te maken. De container slaat zijn data overigens op in een submap van de map /DATA/AppData met de naam van de container.

Klik je op de drie puntjes rechts bovenaan van het icoontje van een geïnstalleerde app, dan open je een contextmenu met meer mogelijkheden. Zo kun je de app hier verwijderen, herstarten of afsluiten. Ook kun je controleren of er een nieuwe versie van de container beschikbaar is en deze bijwerken. En als je op Instellingen klikt, krijg je dezelfde containereigenschappen te zien als bij de optie Aangepaste installatie. Je kunt deze eigenschappen nu ook aanpassen, opslaan, en dan de container opnieuw aanmaken.

Via CasaOS pas je allerlei containerinstellingen van een app aan.

9 Containerbeheer

Als je in het contextmenu van een app op Instellingen klikt, zie je rechts bovenaan ook twee icoontjes links van het kruisje om het instellingenvenster te sluiten. Met het meest linkse icoontje open je een terminal in de container. Op deze manier kun je Linux-opdrachten in de container uitvoeren, bijvoorbeeld om problemen op te lossen. Het tabblad Logboeken daarnaast toont je de loguitvoer van de container.

Met het meest rechtse icoontje in het instellingenvenster exporteer je de huidige containerconfiguratie naar een yaml-bestand voor Docker Compose. Hiermee kun je op elke andere Linux-machine met Docker Compose de app opstarten. Eventueel moet je dan wel het pad met de data voor de container aanpassen.

Op deze manier kun je de app ook naar een andere computer met CasaOS verplaatsen. Klik daar in CasaOS op App Store, vervolgens bovenaan rechts op Aangepaste installatie en daarna op het icoontje bovenaan rechts naast het kruisje. Upload je Docker Compose-bestand van de app en bevestig. Daarna worden de containereigenschappen ingevuld en kun je deze nog wijzigen voordat de container geïnstalleerd wordt.

Importeer een app in CasaOS via een Docker Compose-bestand.

10 Willekeurige containers installeren

Op dezelfde manier kun je in CasaOS willekeurige containers installeren, ook als CasaOS daarvoor geen app aanbiedt, door in de App Store bovenaan op Aangepaste installatie te klikken en dan op het importeerknopje. Als de documentatie van de software een Docker Compose-bestand beschrijft, kun je dit op dezelfde manier als in de vorige paragraaf uploaden, of de Docker Compose-code in het tekstveld plakken. En als de documentatie een Docker-opdracht beschrijft om de container te starten, plak die dan in het tekstveld van het tabblad Docker CLI.

Na een klik op Bevestigen worden alle containereigenschappen ingevuld en kun je deze nog aanpassen. Als de documentatie geen Docker Compose-code of Docker-opdracht beschrijft, vul dan al deze eigenschappen handmatig in. De belangrijkste zijn het Docker-image en de tag, die bepalen welk image er wordt uitgevoerd. Vul ook de titel in, want die wordt getoond in de lijst met apps. Na een klik op Installeren wordt de container geïnstalleerd en verschijnt hij bij je andere apps in het dashboard van CasaOS.

Kopieer en plak een Docker-opdracht om een container in CasaOS te importeren.

11 Andere appstores

Als een app niet in de officiële appstore van CasaOS beschikbaar is, betekent dat niet dat je onmiddellijk zelf een Docker-container hoeft aan te maken. CasaOS ondersteunt namelijk ook andere appstores. Open hiervoor de App Store, klik rechts bovenaan de lijst met apps op het aantal apps en kies dan Meer apps. Vul de url van de extra appstore in en klik op Toevoegen.

Deze zogenoemde third-party-appstores voor CasaOS worden door communityleden beheerd. Zo is er de Big Bear CasaOS-appstore met allerlei interessante apps, of de CasaOS LinuxServer-appstore met meer dan honderd containerimages van de populaire site LinuxServer.io.

Installeer containerimages van LinuxServer.io in CasaOS.

12 En verder

CasaOS heeft zijn beperkingen. Zo is de ondersteuning voor aangepaste netwerken voor de apps beperkt. Wil je een completer platform om containers te draaien, kies dan voor Portainer of Proxmox Virtual Environment. Maar beide oplossingen zijn ook complexer om te gebruiken.

Wat CasaOS aantrekkelijk maakt, is de gebruiksvriendelijke interface: de eenvoud waarmee je zonder dat je Linux-opdrachten hoeft in te typen allerlei diensten op een Raspberry Pi of Intel NUC kunt draaien. Bovendien ben je niet beperkt tot de apps die CasaOS aanbiedt. Je kunt zelf Docker-containers toevoegen en er bestaan meerdere third-party-appstores met extra apps.

Ook interessant: Overal toegang tot je Pi: ontdek Raspberry Pi Connect

ZimaOS

De ontwikkelaars van CasaOS werken ook aan ZimaOS, momenteel alleen nog maar beschikbaar als bètaversie. ZimaOS biedt hetzelfde gebruiksgemak als CasaOS met een dashboard en appstore, maar je installeert het als een volledig besturingssysteem in plaats van in een bestaande Linux-installatie. Het besturingssysteem is te installeren op een ZimaBoard en andere hardware van de makers, evenals op een Intel NUC of andere Intel-compatibele computer met UEFI-bootmodus. De Raspberry Pi wordt niet ondersteund.

Watch on YouTube

▼ Volgende artikel
Review Engwe Mapfour N1 Air – Deze e-bike til je zo op
© Rens Blom
Mobiliteit

Review Engwe Mapfour N1 Air – Deze e-bike til je zo op

De Engwe Mapfour N1 Air is een e-bike van 17 kilo, wat opvallend licht is voor een elektrische fiets. De Chinese fabrikant hanteert bovendien geen zware prijs: je koopt de Mapfour N1 Air voor circa 1400 euro. In deze review delen we onze ervaringen na twee maanden fietsen op de e-bike.

Uitstekend
Conclusie

De Engwe Mapfour N1 Air is een stoer ogende e-bike die opvallend licht is, zonder afbreuk te doen aan de bouwkwaliteit of fietservaring. De e-bike rijdt prettig, biedt een prima accuduur voor woon-werkverkeer of pleziertochtjes en heeft veel functies. Houd er wel rekening mee dat de accuduur niet uitzonderlijk lang is en dat de fiets geen geïntegreerd slot heeft. Gelet op de adviesprijs van 1500 euro – maar al een tijd te koop voor 1400 euro – vinden we dat de Engwe Mapfour N1 Air een goede prijs-kwaliteitsverhouding biedt.

Plus- en minpunten
  • Stoer, lichtgewicht ontwerp
  • Comfortabele fietservaring
  • Scherpe prijs
  • Onhandig achterlichtje
  • Geen geïntegreerd slot
  • Geen bagagedrager

Engwe is nog geen bekend merk in Nederland, maar doet flink zijn best om daar verandering in te brengen. Een interessante strategie, als je weet dat er het afgelopen jaar best wat bekendere e-bikemerken failliet verklaard zijn. Is de markt verzadigd of boden de gestopte merken niet waar de consument op zit te wachten? Engwe denkt in ieder geval dat de (Nederlandse) fietser op zoek is naar een lichtgewicht e-bike die oogt als een normale fiets. Het merk stuurde zo'n Mapfour N1 Air naar ons op voor een grondige test.

Montage is snel gepiept

De Engwe Mapfour N1 Air komt in een grote doos, is zorgvuldig verpakt en grotendeels in elkaar gezet. De montage afronden kun je het beste met twee personen doen, zodat de een de fiets goed kan vasthouden en de ander twee handen vrij heeft om het stuur of het wiel aan de fiets te bevestigen. De handleiding is aan de beknopte kant, maar als we het vergelijken met de eerder geteste Engwe P275 ST, dan verloopt de montage van de Mapfour N1 soepeler.

©Rens Blom

Eenmaal gemonteerd staat er een fiets voor ons die vanwege zijn stang in het midden meer bedoeld is voor mannen dan voor vrouwen. Voor vrouwen is er de Mapfour N1 Air ST – even duur en met een lagere instap.

De zadelpen van de fiets is in hoogte verstelbaar en het stuur is indien gewenst wat meer naar voren of achteren te kantelen, zodat je je armen minder of juist meer kunt strekken. De banden zijn van gemiddelde dikte en hebben het de afgelopen maanden goed volgehouden. Deze Mapfour N1 Air is nadrukkelijk géén fatbike met dikke banden.

©Rens Blom

E-bike van 17 kilo

Sterker nog, de Mapfour N1 Air lijkt meer een normale fiets dan op een e-bike. De accu (uit de fabriek van Samsung) is onzichtbaar weggewerkt in de onderkant van het frame, en springt netjes los als je het sleuteltje in het gat draait. Een fraaie methode. Een andere reden dat deze e-bike wel een normale fiets lijkt, is zijn gewicht. Compleet gemonteerd – zoals je erop fietst – weegt de Engwe Mapfour N1 Air circa 17 kilo. Dat is tot tien kilo lichter dan een gemiddelde e-bike, en dat verschil merk je duidelijk. Bij het draaien van de fiets voordat we opstappen tot de fiets een duwtje geven als we hem een helling naar het treinstation op rijden; deze fiets is echt licht.

We kunnen de Mapfour N1 Air prima optillen en voor onze borst houden, iets dat we liever niet doen met de meeste andere e-bikes. Engwe heeft zijn fiets voorzien van een koolstofvezelframe, dat naast licht ook stevig is. Na twee maanden toeren door dorpen en weilanden oogt de fiets nog als nieuw. We hebben ook niets te klagen over de bouwkwaliteit. Aardig wat mensen in onze directe omgeving vroegen ons de afgelopen tijd welke fiets we aan het testen waren, en gaven complimenten over het sportieve uiterlijk.

©Rens Blom

Functies

Dat de lichtgewicht Mapfour N1 Air er fraai uitziet is mooi, maar natuurlijk slechts een deel van het verhaal. De fietservaring wordt bepaald door een combinatie van factoren. En net als bij de P275 ST scoort Engwe ook hier wisselend. Positief zijn we over de kwaliteit van het (vrij smalle) zadel, de trappers en het krachtige losse voorlicht, dat je aan- en uitzet via een knop op het stuur. Die knop hoort bij het relatief grote en goed afleesbare schermpje, waarop je ook je snelheid, mate van trapondersteuning en andere relevante informatie ziet. Het schermpje laat zich eenvoudig bedienen. Er zit ook netjes een bel op het stuur.

©Rens Blom

Minder blij worden we van het achterlicht op de Mapfour N1 Air. Dat gemonteerde rode lichtje werkt op basis van een klein zonnepaneeltje, en laadt enkel op via licht van de zon. Een onhandig concept voor de vele Nederlanders die hun e-bike in een doorgaans donkere berging stallen. Toen wij op een donkere avond naar een restaurant fietsten, bleek de accu van het achterlicht leeg  en was er geen mogelijkheid om het licht alsnog aan te zetten of op te laden. Om ons zichtbaar te maken in het verkeer en een boete te voorkomen, hingen we daarom maar een spotgoedkoop oplaadbaar lampje aan ons zadel. Het gemonteerde achterlicht opladen lukte pas dagen later, toen de zon scheen en we de fiets buiten konden neerzetten. Ons advies aan wie deze fiets koopt: hang er een eigen, oplaadbaar, achterlicht bij zodat je te allen tijde verlicht op pad kunt.

©Rens Blom

En hoewel het een kwestie van smaak is, zijn we ook minder gecharmeerd van de afwerking boven het achterwiel. De Mapfour N1 Air ziet er speels uit, maar biedt geen ruimte voor een fietstas, krat boodschappen of klein kind achterop. Bij de Engwe P275 ST waren we juist blij met de brede bagagedrager met een draaggewicht van 25 kilo.

Bij de Mapfour N1 Air heeft de Chinese fabrikant meer gefocust op slimme functies. Je kunt een gratis app op je smartphone installeren, waaraan je je fiets kunt koppelen via bluetooth. Vanuit de app kun je bijvoorbeeld het voorlicht aan- en uitzetten (niet heel nuttig) en de fiets softwarematig op slot zetten. Probeert iemand je fiets te stelen, dan krijg je een melding op je telefoon én klinkt er een sirenegeluid uit de luidspreker van de fiets. Dat werkt prima en is zo een mooie aanvulling op je fiets op slot zetten via een kettingslot.

Over op slot zetten gesproken: de Mapfour N1 Air heeft geen geïntegreerd slot. Ook geen simpel slot. Je doet er dus goed aan om een hangslot te regelen.

De fietservaring

Als gezegd hebben we twee – koudere – maanden gefietst op de Engwe Mapfour N1 Air. Dat is ons overwegend goed bevallen. De fiets ligt prettig op de weg, slipt niet zomaar weg en rijdt voor ons – als man van 185 centimeter lang – comfortabel. We hebben wel gemerkt dat de remmen prima werken, maar niet de meest geavanceerde zijn. Het kan dus lonen om zelf betere remmen te monteren. De e-bike heeft zeven Shimano-versnellingen, waartussen je handmatig kunt wisselen. Wij hebben vooral in de zevende versnelling gefietst, zodat we rustig kunnen trappen als de e-bike ondersteuning geeft.

©Rens Blom

Die trapondersteuning is dik in orde en gaat netjes tot 25 kilometer per uur. Met een windje tegen helpt een wat hogere trapondersteuning om alsnog soepel vooruit te komen – een typische situatie waarin je blij bent dat je op een elektrische fiets rijdt. Bij onze kortere fietstochtjes in dorpen en aangrenzende weilanden houdt de Mapfour N1 Air het circa 70 tot 80 kilometer vol op zijn 360Wh-accu. Let op: dat is dus in januari en februari geweest. In lente- en zomermaanden kan de accuduur wat beter zijn, omdat een accu meer houdt van die temperaturen. Engwe belooft zelf een accuduur van 100 kilometer. Die belofte zou dus waar kunnen zijn. De accu opladen duurt een paar uur en kan gewoon in je woonkamer aan het stopcontact – een voordeel van de uitneembare accu.  

©Rens Blom

De accu is netjes weggewerkt in het onderste frame.

Tijdens onze testperiode zijn we niet tegen problemen aangelopen. Als de fiets wel een mankement vertoont, kun je contact opnemen met Engwe. Het bedrijf biedt twee jaar garantie. Reserve-onderdelen zien we op moment van schrijven nog niet te koop staan. Houd er ook rekening mee dat je lokale fietsenmaker misschien moeite heeft met het repareren van een e-bike van een minder bekend merk dat geen samenwerkingen heeft met dealers in Nederland.

Conclusie: Engwe Mapfour N1 Air kopen?

De Engwe Mapfour N1 Air is een stoer ogende e-bike die opvallend licht is, zonder afbreuk te doen aan de bouwkwaliteit of fietservaring. De e-bike rijdt prettig, biedt een prima accuduur voor woon-werkverkeer of pleziertochtjes en heeft veel functies. Houd er wel rekening mee dat de accuduur niet uitzonderlijk lang is en dat de fiets geen geïntegreerd slot heeft. Gelet op de adviesprijs van 1500 euro – maar al een tijd te koop voor 1400 euro – vinden we dat de Engwe Mapfour N1 Air een goede prijs-kwaliteitsverhouding biedt.