ID.nl logo
Waarom gezichtsherkenning op de meeste smartphones onveilig is
© Reshift Digital
Huis

Waarom gezichtsherkenning op de meeste smartphones onveilig is

Steeds meer smartphones zijn te beveiligen met gezichtsherkenning. Het ontgrendelen gaat doorgaans even vlot als met je vingerafdruk en is sneller dan het intoetsen van een pincode of wachtwoord. Dat is leuk, maar de gezichtsherkenning op smartphones is meestal eenvoudig en onveilig. De consumentenbond kwam daar onlangs ook achter. Hoe zit dat?

Gezichtsherkenning wint aan populariteit

Van oudsher beveiligen we de inhoud van onze smartphones met een pincode, patroon of wachtwoord. Een paar jaar geleden introduceerden fabrikanten de vingerafdrukscanner, die sneller en eenvoudiger in gebruik is. De opvolger van de vingerafdrukscanner maakte brak vorig jaar door in de vorm van gezichtsherkenning. Deze ontwikkeling is te danken aan de iPhone X, die de vingerafdrukscanner inruilde voor sensoren die je gezicht scannen als je het toestel wil ontgrendelen.

En je weet, als de iPhone een nieuwe feature introduceert, gaan andere fabrikanten er ook mee aan de slag. In een jaar tijd zijn er dan ook tientallen, zo niet honderden smartphones uitgekomen die te beveiligen zijn met een scan van je gezicht. Motorola, OnePlus, Wiko, Xiaomi: zonder gezichtsherkenning lijk je als merk niet meer mee te tellen.

Onveilige gezichtsherkenning

Hoewel veel mensen denken dat de iPhone X is de eerste smartphone was met gezichtsherkenning, is dat niet waar. De iPhone X was de eerste telefoon met 3D-gezichtsherkenning. Het Android-besturingssysteem heeft al jaren een 2D-vorm van gezichtsherkenning ingebouwd, al werkt die op een andere manier. De Android-feature is ontworpen met gebruiksvriendelijkheid op één en veiligheid op twee.

De Android-methode scant je gezicht op de snelste manier: via de frontcamera. Na de eenmalige registratie (het laten scannen) van je gezicht, bekijkt de frontcamera bij een ontgrendelpoging of het actuele gezicht dat van de eigenaar is. Bij een ja wordt de telefoon ontgrendeld, wat doorgaans binnen een halve tot één seconde gebeurt. Gaat het om een ander gezicht of kan de scanner zijn werk niet doen (bijvoorbeeld omdat de camera niet genoeg licht opvangt), dan moet je jezelf aanmelden via je vooraf ingestelde back-up-methode als een pincode.

2D-gezichtsherkenning is – afhankelijk van de optimalisaties van de telefoonfabrikant – vlot tot razendsnel. Maar de beveiligingsmethode is ook onveilig, om de simpele reden dat een frontcamera niet geavanceerd genoeg is om een goede scan te maken. Een frontcamera heeft als primair doel het maken van selfies en het voeren van videogesprekken, en mist de benodigde technieken en sensoren om een hoge-kwaliteit gezichtsscan te maken.

Onlangs deed de Consumentenbond een test om de gezichtsherkenning van veel smartphones om de tuin te leiden. Door een foto voor de frontcamera te houden werd geprobeerd het toestel te ontgrendelen. Dit lukt bij onder meer de volgende smartphones:

Asus Zenfone 5 en Zenfone 5 Lite

BlackBerry Key2

General Mobile GM8

HTC U11+

Huawei P20 Pro, P20 en P20 Lite

Motorola Moto E5

Motorola Moto G6 Play

LG K9

Motorola One

Nokia 3.1

Nokia 7.1

Samsung Galaxy A7 (2018)

Samsung Galaxy A8 en A8+

Sony Xperia XZ2

Sony Xperia XZ2 Compact

Sony Xperia XZ2

Sony Xperia XZ3

Xiaomi Mi A2

©PXimport

Fabrikanten die 2D-gezichtsherkenning gebruiken op hun telefoons, roepen maar al te graag dat hun toestel te beveiligen is met je gezicht. Logisch: mensen kennen de feature van de iPhone en/of vinden het een futuristische methode die vast goed en veilig werkt. Maar gezichtsbeveiliging via de frontcamera is niet waterdicht, zo blijkt uit testen van beveiligingsonderzoekers, journalisten en gebruikers. De frontcamera is te foppen, al verschilt het per toestel hoe eenvoudig (of lastig) dit is.

Voorbeelden van onveilige 2D-gezichtsherkenning zijn er genoeg. De frontcamera van de OnePlus 6 kan bijvoorbeeld gefopt worden met een geprinte selfie, zo bewezen journalisten van het Amerikaanse Mashable eerder dit jaar. En de scanner van de Samsung Galaxy Note 8 van vorig jaar is wel heel eenvoudig voor de gek te houden, toont een Twitter-gebruiker aan in onderstaande video.

Deze vorm van gezichtsherkenning is veiliger

Je smartphone beveiligen met 2D-gezichtsherkenning is dus snel, maar niet honderd procent veilig. Wil je de snelheid én de veiligheid, dan heb je een toestel nodig met 3D-gezichtsherkenning. Zoals gezegd was de iPhone X de eerste telefoon met deze techniek. Bij 3D-scanning wordt naast een frontcamera ook een infraroodsensor en een dot projector gebruikt, waarmee je gezicht op tal van punten gecontroleerd wordt.

Uit testen blijkt dat deze methode, die Apple Face ID noemt, praktisch in alle gevallen snel en alleen bij het juiste gezicht ontgrendelt. Alleen bij eeneiige tweelingen die nauwelijks van elkaar te onderscheiden zijn, kan Face ID heel soms foutief ontgrendelen. Face ID zit ook op de nieuwste iPhone’s (XR, XS en XS Max) en de iPad Pro (2018).

Huawei heeft de techniek van Face ID op een iets andere manier overgenomen en in zijn Mate 20 Pro-telefoon gestopt. Uit onderzoeken en onze eigen ervaring blijkt dat Huawei’s methode nog iets sneller is dan Face ID. De beveiligingsmethode zou even veilig moeten zijn, maar daar is niet iedereen van overtuigd. Twee Duitse journalisten van AndroidPit laten in een video zien dat de Mate 20 Pro van collega 1 ontgrendelt als collega 2 zijn gezicht voor de scanner houdt. De twee mannen lijken veel op elkaar, maar niet genoeg om verwarring te moeten veroorzaken bij de scanner. Omdat de Huawei-smartphone nog op testsoftware draaide, is het mogelijk dat het om een technische fout ging. Hier moet later meer over bekend worden.

©PXimport

En de irisscanner dan?

Een paar jaar geleden brachten Microsoft (Lumia) en Samsung (Galaxy) al smartphones uit met een irisscanner. Die scant je oog, en lijkt daarmee nog specifieker en veiliger dan een gezichtsscan. Niets is minder waar: de irisscanner is relatief eenvoudig te foppen. Niet door een zakkenroller die je toestel steelt in de trein, maar wel door hackers die een foto van jouw gezicht hebben. Duitse hackers wisten zo de irisscanner van de Samsung Galaxy S8 om de tuin te leiden. Conclusie? De irisscanner is veiliger dan een 2D-scan van je gezicht, maar vermoedelijk minder veilig dan een 3D-scan.

Vertrouwen in je smartphonefabrikant

Wat hebben gezichtsherkenning, de irisscanner en de vingerafdrukscanner gemeen? Het zijn alle drie vormen van biometrische beveiliging. Dat wil zeggen: je beveiligt je telefoon door iets van jezelf te laten scannen. Zeer persoonlijke gegevens: je vingerafdruk zit bijvoorbeeld in je paspoort en komt straks ook in je identiteitsbewijs. Je moet er met het oog op bijvoorbeeld identiteitsfraude niet aan denken dat deze gegevens op de digitale straat belanden.

We mogen er dus van uitgaan dat smartphonefabrikanten je vingerafdruk (of andere scan) goed versleuteld en lokaal op je toestel opslaan. Dat beloven de telefoonmakers ook, maar volledige controle is niet mogelijk. Met het oog op veiligheid, houden de merken informatie over deze gegevens(opslag) voor het grootste deel geheim. Begrijpelijk, maar dat maakt het gebruiken van een biometrische beveiligingsvorm ook een vertrouwenskwestie.

©PXimport

Biometrische beveiliging maakt je afhankelijk

Hoe snel en gebruiksvriendelijk de genoemde vormen van biometrische beveiliging ook zijn, ze maken je afhankelijk van de techniek van een ander. In dit geval de smartphonefabrikant, al is die bij degelijke scanners voor een deel afhankelijk van de onderdelen en kennis van andere bedrijven.

Je telefoonmaker bepaalt hoe de biometrische beveiligingsvorm werkt, wat de eisen zijn en staat garant voor de stabiliteit en accuraatheid van de scanner. Jij als gebruiker hebt hier niets over te zeggen en daar is niet iedereen blij mee. Wil je de controle over hoe je je smartphone beveiligt, dan kun je beter kiezen voor een pincode of wachtwoord.

Zo’n beveiligingsmethode is, ervan uitgaande dat je op je toestel niet de pincode van je pinpas hergebruikt, bovendien privacyvriendelijker. Met een ‘willekeurige’ pincode of wachtwoord kan een kwaadwillende immers minder nare dingen dan met jouw vingerafdruk of andere biometrische scan. Daar staat tegenover dat het invoeren van een pincode of wachtwoord langer duurt dan ontgrendelen met je gezicht, oog of vinger.

▼ Volgende artikel
Het geheugen van je computer: dit is het verschil tussen DDR4 en DDR5
© Ayo man | Law of God
Huis

Het geheugen van je computer: dit is het verschil tussen DDR4 en DDR5

Toen je je laptop kocht, keek je waarschijnlijk vooral naar de processor, de grafische chip en hoeveel GB werkgeheugen erin zit. Of dat werkgeheugen DDR4 of DDR5 is, is voor de meeste mensen geen doorslaggevende factor. Toch is het wel handig om te weten wat de verschillen zijn tussen DDR4, dat je vooral in oudere laptops tegenkomt, en DDR5, dat bij nieuwe modellen meestal de standaard is. DDR5 kan per seconde meer data verwerken dan DDR4. Wat dat verschil betekent en wanneer extra gigabytes meer opleveren dan de stap naar DDR5, lees je in dit artikel.

In dit artikel

je leest wat DDR4 en DDR5 precies van elkaar onderscheidt, wanneer je dat verschil in snelheid en energieverbruik echt merkt en waarom het voordeel van DDR5 ten opzichte van DDR4 bij gamen vaak beperkt blijft. Ook leggen we uit waarom DDR4 niet automatisch meer de goedkope keuze is, waarom je DDR4 en DDR5 niet kunt uitwisselen en wat dat betekent voor upgraden bij laptops en desktops. Tot slot lees je hoe je op Windows en Mac snel checkt of je meer RAM nodig hebt.

Lees ook: RAM(p)-scenario: waarom tech in 2026 duurder wordt

De techniek achter DDR4 en DDR5

Het grootste verschil tussen DDR4 en DDR5 zit in de datasnelheid en bandbreedte. Zie het als een digitale weg: DDR4 is een prima route waar het verkeer netjes doorrijdt, DDR5 is een bredere snelweg waar per seconde meer data overheen kan. Daardoor hoeft de processor bij zware taken waarbij veel data heen en weer gaat (denk bijvoorbeeld aan videobewerking) minder vaak te wachten op nieuwe informatie. Let wel: die extra 'rijstroken' leveren pas winst op als je processor, grafische chip en software er ook echt gebruik van maken. Bij lichte taken, zoals browsen en tekstverwerken, is werkgeheugenbandbreedte zelden de bottleneck. Gaat dat langzaam, dan heeft dat eerder te maken met de processor, opslag, of de browser.

DDR5 kan ook helpen met het energieverbruik, omdat het op een lagere spanning werkt: 1,1 volt in plaats van 1,2 volt bij DDR4. In een laptop kan dat iets schelen, al hangt het effect af van wat je doet en hoe de rest van het systeem is opgebouwd. Daarnaast zit bij DDR5 een deel van de stroomregeling op de geheugenmodule zelf. Dat kan de stroomvoorziening stabieler maken, maar het maakt de module ook wat complexer om te produceren.

Wat biedt DDR5 in de praktijk?

DDR5 komt vooral tot zijn recht bij taken die veel werkgeheugenbandbreedte vragen, zoals 8K videobewerking of complexe simulaties. Daarbij blijft de processor (en soms de GPU) meestal de doorslaggevende factor: die bepaalt of je systeem zo'n klus überhaupt vlot aankan. DDR5 kan helpen om wachttijd te verminderen, maar het maakt een trage CPU niet ineens snel. Een ander voordeel is dat je per module hoge capaciteiten kunt halen. Voor zware desktop-werkstations zijn systemen met 256 GB aan werkgeheugen inmiddels realiteit. Bij laptops ligt die grens doorgaans lager, vaak rond de 128 GB, omdat ze meestal minder geheugenslots hebben. Bovendien is het werkgeheugen bij veel modellen vastgesoldeerd, waardoor je later niet kunt uitbreiden.

©Batorskaya Larisa

DDR5 voor gamers: nodig of niet?

Voor gamers blijft het voordeel van DDR5 vaak beperkt. In veel games gaat het om een klein verschil, en op 1440p of 4K zie je dat meestal nog minder terug omdat je dan eerder tegen de grens van de videokaart aanloopt dan tegen die van het werkgeheugen. Ook hier geldt: de keuze voor CPU en vooral GPU bepaalt je gameprestaties veel sterker dan de stap van DDR4 naar DDR5. Dat verschil tussen DDR4 en DDR5 is onderzocht in een vergelijkingstest van de gezaghebbende site Tom's Hardware. Daarbij ging het bijvoorbeeld om 3% verschil in gameprestaties in Assassin's Creed Valhalla, 2% in Far Cry 6, Tom Clancy's Ghost Recon Breakpoint, Watch Dogs: Legion en Borderlands 3, en 1% in Shadow of the Tomb Raider en Wolfenstein: Youngblood.

©Crystal Dynamics

Het verschil tussen RAM en opslag

Veel mensen halen werkgeheugen (RAM) en opslaggeheugen (SSD of HDD) door elkaar, terwijl ze iets heel anders doen: RAM is het korte-termijngeheugen waarin de gegevens staan van programma's die je nú gebruikt, waardoor je met meer RAM makkelijker en sneller tussen meerdere apps schakelt, maar zodra je de computer uitzet is dit geheugen weer leeg. Opslaggeheugen is juist het lange-termijngeheugen waarop je foto's, documenten en andere bestanden blijven staan, ook als er geen stroom is.

Is een laptop met DDR4 nog goed genoeg?

Ja, voor de meeste Nederlanders is een laptop met DDR4 nog steeds goed genoeg. Gebruik je hem vooral voor internetten, Netflix kijken, Microsoft Office en af en toe een simpele fotobewerking, dan merk je in de praktijk nauwelijks verschil tussen DDR4 en DDR5. Bij laptops is DDR4 of DDR5 bovendien vaak geen losse keuze: het hangt samen met de generatie processor die in het model zit.

DDR5 kan wel voordeel geven bij zwaardere taken waarbij de computer grote hoeveelheden data tegelijk moet verwerken, maar dat wordt pas echt interessant als je met zware programma's werkt, of als je games zo soepel mogelijk wilt laten lopen - ervan uitgaande dat je CPU en GPU die werklast ook aankunnen. Denk aan situaties waarin je merkt dat je laptop moeite heeft om alles bij te houden, ook al staat de beeldkwaliteit niet eens extreem hoog. In veel situaties blijft het verschil klein. Belangrijker is vaak de hoeveelheid werkgeheugen: 16 GB voelt meestal merkbaar fijner dan 8 GB, ongeacht of het DDR4 of DDR5 is.

DDR4 is niet meer vanzelfsprekend goedkoop

Lange tijd was DDR4 de slimme, goedkope keuze als je vooral op de prijs lette: het verschil met DDR5 was groot. Door de huidige tekorten klopt dat beeld minder. DDR4-geheugen is flink duurder geworden; in sommige gevallen is de prijs zelfs meer dan verdubbeld. DDR5 is ook duurder geworden, maar omdat de productie van DDR4 wordt afgebouwd, kan DDR4 relatief harder in prijs oplopen. Daardoor ligt DDR4 in veel gevallen dichter tegen DDR5 aan dan je zou verwachten. Wie nu een nieuw systeem koopt, is met DDR4 vaak nog steeds het minst kwijt, alleen is 'goedkoop' bij werkgeheugen momenteel een rekbaar begrip.

©ronstik

Upgraden: wat wel en niet kan

DDR4 en DDR5 zijn nooit onderling uitwisselbaar, ook niet in een desktop. De inkeping zit op een andere plek en het platform moet het juiste type werkgeheugen ondersteunen. Je kunt dus geen DDR5 plaatsen in een systeem dat voor DDR4 is gemaakt, en andersom ook niet.

Bij laptops betekent dit meestal dat als je wilt overstappen op DDR5 je een nieuwe laptop zult moeten kopen. Veel laptops hebben namelijk geen uitbreidbaar werkgeheugen meer: de geheugenchips zitten voor ruimte- en kostenbesparing op het moederbord gesoldeerd, en bij sommige ontwerpen zelfs in hetzelfde pakket als de processor. Dan kun je later niets meer bijprikken. Dat is ook precies waarom DDR4 vs DDR5 bij laptops zelden de hoofdvraag is: je kiest een model, en daar hoort dit type geheugen bij.

Bij een desktop heb je vaak meer speelruimte, maar ook daar is het geen kwestie van alleen de geheugenmodules wisselen. Wil je van DDR4 naar DDR5, dan heb je een moederbord nodig dat DDR5 ondersteunt, en vaak ook een processor die bij dat moederbord past. Heb je vooral te weinig werkgeheugen (bijvoorbeeld 8 of 16 GB) en merk je dat je pc daardoor traag wordt, dan is extra DDR4 bijplaatsen meestal de goedkoopste verbetering. Pas als je toch al toe bent aan een grotere upgrade van je pc, wordt de stap naar DDR5 logisch.

Wanneer moet je echt upgraden?

Echt upgraden is pas zinvol als je merkt dat je huidige machine niet meer probleemloos werkt bij zware klussen zoals grote fotobestanden bewerken, video's monteren of veel dingen tegelijk doen. Heb je nu een laptop met 16 GB of 32 GB DDR4 die nog vlot werkt? Blijf die dan vooral gebruiken zolang de prijzen zo hoog liggen. Twijfel je, kijk dan eerst wat de oorzaak van de mindere prestaties is: zit je werkgeheugen tegen zijn limiet, of zijn het vooral je processor of GPU die de klus niet bijbenen?

Zo controleer je of je extra RAM nodig hebt

Voordat je besluit om een flinke investering te doen in een nieuw systeem of extra geheugen, is het slim om te kijken hoe je huidige computer presteert onder druk. Je kunt dit eenvoudig zelf testen op zowel Windows als Mac.

Windows

Open eerst de programma's die je normaal gesproken tegelijk gebruikt, zoals je browser met veel tabbladen, Word en een videocall. Druk daarna op Ctrl + Shift + Esc om Taakbeheer te openen. Ga naar het tabblad Prestaties en klik op Geheugen. Kijk vervolgens naar de grafiek en het percentage dat in gebruik is: blijft dat langere tijd rond de 80 tot 90 procent hangen terwijl je gewoon je dagelijkse werk doet, dan zit je tegen de grens van je werkgeheugen aan. Dat merk je vaak aan kleine haperingen, zoals tabbladen die trager laden of apps die later reageren. Zie je tegelijk dat je pc veel met de schijf bezig is, bijvoorbeeld omdat programma's ineens langzamer worden terwijl je opslaglampje blijft knipperen, dan is de kans groot dat Windows tijdelijk data op de SSD parkeert omdat het werkgeheugen volloopt.

Apple

Open je gebruikelijke programma's en druk daarna op Command + Spatiebalk. Typ Activiteitenweergave en druk op enter. Klik bovenin op het tabblad Geheugen en kijk onderaan naar de grafiek bij Geheugendruk. Is die groen, dan is er niets aan de hand. Wordt de grafiek geel of rood, dan heeft je Mac meer geheugen nodig om alles vlot te blijven draaien. Let ook op Gebruikte swap: als dat oploopt tot meerdere gigabytes, dan is je werkgeheugen in de praktijk te krap.




▼ Volgende artikel
Hoymiles HiOne-thuisbatterij: een alles-in-één-krachtpatser voor grootverbruikers
© Hoymiles
Energie

Hoymiles HiOne-thuisbatterij: een alles-in-één-krachtpatser voor grootverbruikers

Energieopslag stond lang gelijk aan een technische puzzel van losse kastjes en kabels. De Hoymiles HiOne rekent daar definitief mee af. Dit systeem integreert krachtige prestaties in één strakke, modulaire zuil die gezien mag worden. Ben jij klaar voor de volgende stap in energieonafhankelijkheid? Wij doken in de specificaties van deze stille krachtpatser.

Partnerbijdrage - in samenwerking met Hoymiles

Even voorstellen: Wie is Hoymiles?

Hoewel de naam voor de gemiddelde consument misschien nieuw klinkt, is Hoymiles in de professionele solar-wereld een gevestigde orde. Het beursgenoteerde bedrijf is wereldwijd actief en staat bekend als dé uitdager op het gebied van hoogwaardige omvormer-techniek. Met de HiOne brengen ze hun jarenlange ervaring van het dak nu naar de garage. Dat veiligheid voorop staat, bleek tijdens de recente lancering: daar bevestigde keuringsinstituut TÜV dat de HiOne voldoet aan de strengste Europese veiligheidseisen. Je haalt dus gecontroleerde toptechniek in huis, met de zekerheid van een Europees hoofdkwartier in Nederland voor service en ondersteuning.

Tijdens de HiOne-presentatie in Amsterdam.

Geen kabelbrij, maar strak design

Wie zijn garage of technische ruimte netjes wil houden, zit niet te wachten op een wirwar van kastjes en leidingen. De HiOne lost dit op met een slim modulair ontwerp. De installateur stapelt de batterij- en omvormermodules simpelweg op elkaar.

Het unieke hieraan is dat alle verbindingen intern lopen. Aan de buitenkant zie je dus geen kabels, wat zorgt voor een rustig en 'afgewerkt' beeld. De behuizing voelt niet aan als goedkoop plastic, maar als een solide apparaat dat tegen een stootje kan. Dankzij de IP66-certificering (water- en stofdicht) is het systeem zelfs robuust genoeg om buiten onder een overkapping geplaatst te worden, mocht je binnen ruimte willen besparen.

Klaar voor de moderne grootverbruiker

Dit systeem is specifiek ontworpen om de energiehonger van het moderne, duurzame gezin te stillen. Heb je een warmtepomp, een elektrische auto of een druk huishouden? Dan is de HiOne in zijn element.

De huidige line-up van de HiOne is geoptimaliseerd voor woningen met een 3-fase aansluiting (ondersteuning tot 33,3 A per fase), maar ook 1-fase varianten staan op de planning. Dit maakt het systeem enorm veelzijdig. Waar lichtere systemen vaak moeite hebben om meerdere zware apparaten tegelijk van stroom te voorzien, levert de HiOne onverstoorbaar door. De echte meerwaarde zit in de onafhankelijkheid. Dankzij de 'whole-home backup'-functie kan het systeem bij stroomuitval het hele huis draaiende houden. Dus niet alleen de wifi en de koelkast, maar ook het koken en verwarmen gaan gewoon door.

©Hoymiles / Jeroen Keep

Het brein: AI en dynamische tarieven

Een batterij is tegenwoordig meer dan een opslagvat; het is een slimme handelscomputer. De HiOne wordt aangestuurd door de S-Miles Cloud, een platform dat verder kijkt dan alleen 'vol' of 'leeg'. Met de ingebouwde 'Time-of-Use' modus kan het systeem slim inspelen op energietarieven.

Heb je een dynamisch energiecontract? Dan kan de software automatisch laden als de stroom goedkoop (of zelfs gratis) is en terugleveren of ontladen als de prijzen pieken. Zo verdien je de investering niet alleen terug door eigen gebruik, maar ook door slim te handelen op de energiemarkt. Bovendien leert het systeem jouw verbruikspatronen kennen, zodat er altijd voldoende buffer is voor jouw specifieke situatie.

Geen DIY, maar professionele zekerheid

Het is belangrijk om te benadrukken dat de HiOne geen doe-het-zelfproject is, zoals een eenvoudige balkon-set. Dit is hoogwaardige infrastructuur die naadloos geïntegreerd wordt in je meterkast en woning. Je koopt dit systeem dan ook via een gecertificeerde installateur.

Voor de consument is dat een groot voordeel: je hoeft je niet druk te maken over de techniek. De vakman zorgt dat de zuil op de juiste plek komt te staan, regelt de koppeling met je zonnepanelen en zorgt dat alles veilig draait. Jij bedient het systeem vervolgens simpelweg via de app.

Om deze krachtpatser veilig te houden, is een 5-laags veiligheidssysteem ingebouwd. Dit varieert van speciale drukkleppen en aerogel-isolatie tussen de cellen tot een actieve brandonderdrukkingsmodule die in noodsituaties binnen enkele seconden reageert. Daarnaast wordt de temperatuur op negen punten per cel continu gemonitord.

©Hoymiles / Jeroen Keep

Toekomstmuziek: je auto als batterij

Misschien wel het meest interessante aspect voor EV-rijders is de voorbereiding op V2X (Vehicle-to-Everything). Hoymiles heeft aangekondigd dat er een specifieke V2X-module aankomt voor de HiOne. Hiermee wordt het in de toekomst mogelijk om de enorme accu van je elektrische auto te koppelen aan je thuisbatterij. Je auto fungeert dan als een soort super-accu voor je huis, terwijl de HiOne de regie voert. Daarmee is dit systeem niet alleen een oplossing voor nu, maar ook een voorbereiding op de volgende stap in de energietransitie.

Conclusie

De Hoymiles HiOne is een premium keuze voor huiseigenaren die verder kijken. Het systeem combineert een strak design met de brute kracht die nodig is voor een huis vol warmtepompen en EV's. Door te kiezen voor een professioneel geïnstalleerd systeem met 5-voudige beveiliging en slimme AI-software, haal je niet alleen een batterij in huis, maar een complete energiemanager die klaar is voor de toekomst.