ID.nl logo
Thema's, stijlen en sjablonen in Word en Powerpoint
© Reshift Digital
Huis

Thema's, stijlen en sjablonen in Word en Powerpoint

Microsoft Office is ongetwijfeld de populairste kantoorsuite. Veel gebruikers gaan er echter niet altijd even efficiënt mee om. Nochtans beschikt deze suite over een aantal ingrediënten waarmee je niet alleen sneller kunt werken, maar waardoor je werkstukken ook mooier en consistenter worden. Ingrediënten als thema’s, stijlen en sjablonen in Word en Powerpoint, hoe ga je daarmee aan de slag?

Tip 01: Office-thema

Veel Office-gebruikers zijn nauwelijks bekend met het concept van Office-thema’s. Toch is dat een ideale manier om, zelfs als je van meerdere applicaties van de kantoorsuite gebruikmaakt, je werkstukken een consistent en professioneel uiterlijk mee te geven, met bijpassende kleuren, lettertypen enzovoort. De werkwijze in de diverse applicaties (van Office 2016) is vergelijkbaar, maar we focussen ons hier vooral op PowerPoint omdat deze toch wel sterk visueel georiënteerde applicatie de meeste opties biedt.

Om een presentatie van een (ander) thema te voorzien, hoef je maar het tabblad Ontwerpen te openen en op het pijltje rechts onderaan bij Thema’s te klikken: er verschijnt dan een paneel met meer dan veertig thema’s. Het volstaat de muisaanwijzer even boven de miniatuur van zo’n thema te houden om een live voorbeeld te zien. Met een muisklik pas je het thema daadwerkelijk toe, maar desnoods maak je deze beslissing met Ctrl+Z snel weer ongedaan.

©PXimport

Een Office-thema is een uitstekende methode om snel je huisstijl weer te geven

-

Tip 02: Kleurenschema

Het wordt natuurlijk nog leuker en persoonlijker als je je eigen Office-thema ontwerpt, dat bijvoorbeeld goed aansluit bij de huisstijl van jezelf, je vereniging of bedrijf. Aangezien een Office-thema altijd ook een kleurenschema bevat, lijkt ons dat wel een logisch startpunt. Zoals gezegd doen we dat hier in PowerPoint. Open een lege presentatie, ga naar het tabblad Ontwerpen en klik op het pijltje rechtsonder in de rubriek Varianten. Een uitklapmenu duikt op, waar je achtereenvolgens Kleuren en Kleuren aanpassen selecteert – tenzij je huisstijl toevallig al aansluit bij een van de standaard voorgestelde kleurencombinaties.

We gaan er hier echter van uit dat je de typische kleuren van je bedrijf of vereniging wilt gebruiken en dat je over de rgb-waarden van die kleuren beschikt. Je gaat hierbij als volgt te werk. Klik op het pijltje naast een van de themakleuren en kies Meer kleuren. Open het tabblad Aangepast en vul bij Kleurenmodel RGB het procentuele aandeel van de kleuren Rood, Groen en Blauw in. Eventueel kun je hier ook het kleurenmodel HSL kunt selecteren, wat zich laat vertalen als tint (hue), intensiteit (saturation) en helderheid (luminance). Bevestig met OK, voorzie je kleurenschema van een toepasselijke naam en bewaar het met de knop Opslaan.

Kleurenmodellen

Stel dat je wel over de huiskleuren van je vereniging of bedrijf beschikt, maar dat je die aangeleverd hebt gekregen in een kleurenmodel dat niet door Microsoft Office wordt ondersteund, zoals hex, cmyk of ral. Geen nood, dat los je op met behulp van gratis online conversietools. Om hex-kleuren naar het ondersteunde rgb-kleurenmodel over te zetten, kun je gebruik maken van deze webpagina. Je vult hier de hexadecimale kleurencode in (bijvoorbeeld #B68CE0) en je ziet de bijhorende rgb-kleuren verschijnen, in een aangepaste paginakleur (bijvoorbeeld 182,140,224). Om cmyk-kleuren (cyan, magenta, yellow, black) te converteren ga je hiernaartoe en voor een omzettingstabel van het ral-model kun je bijvoorbeeld hier terecht. En wie de kleuren van zijn bedrijf alleen op een afbeelding heeft staan: op www.imagecolorpicker.com kun je het plaatje met de knop Upload your image en Send image doorsturen en vervolgens met de muisaanwijzer de gewenste kleur aanklikken.

©PXimport

Tip 03: Lettertypen

Een huisstijl is natuurlijk meer dan alleen een mooi kleurenpalet. We kunnen ons voorstellen dat je je ook specifieke lettertypen wilt gebruiken. Ook dat is uiteraard mogelijk. Daarvoor open je opnieuw het uitklapmenu bij Varianten (zie tip 2), waar je deze keer Lettertypen / Lettertypen aanpassen selecteert. Er verschijnt een dialoogvenster waarin je het gewenste lettertype voor zowel de koptekst als de hoofdtekst selecteert. Mocht je je gading niet vinden tussen de geselecteerde lettertypen, weet dat er online nog talloze andere, vaak gratis fonts te vinden zijn, zoals op www.dafont.com. Zo’n gedownload lettertype installeren is doorgaans niet moeilijker dan het bestand uit te pakken, het ttf- of otf-bestand met de rechtermuisknop aan te klikken en Installeren te selecteren: het duikt dan op tussen je andere fonts. Let wel, niet alle fonts zijn even kwalitatief hoogstaand; ga tevens na of er geen copyright op rust.

Geef tot slot de themalettertypen een geschikte naam en bevestig met Opslaan.

©PXimport

Tip 04: Achtergrond

Bij een diapresentatie hoort wellicht ook een passende achtergrond(kleur). Je opent opnieuw het uitklapmenu bij Varianten (zie tip 2) waar je Achtergrondstijlen / Achtergrond opmaken kiest. Rechts verschijnt het bijhorende paneel waarin je een geschikte achtergrond selecteert onder de optie Opvulling, zoals Opvulling met kleurovergang of Opvulling met afbeelding of bitmappatroon. Deze laatste optie kan interessant zijn wanneer je een eigen afbeelding, zoals een logo, als achtergrond wilt gebruiken. Onder de aanduiding Afbeelding invoegenuit klik je dan op de knop Bestand of Online, waarna je het gewenste plaatje importeert. Met de schuifknop bij Doorzichtigheid regel je de transparantie en als je een vinkje plaatst bij Afbeeldingen naast elkaar als bitmappatroon is het mogelijk je plaatje als een (bitmap)patroon op de achtergrond te doen verschijnen. Bevestig je keuzes met de knop Overal toepassen.

Voor de volledigheid vermelden we nog de optie Effecten in het uitklapmenu bij Varianten: je vindt hier een collectie van vijftien effecten, maar de zin hiervan ontgaat ons wel een beetje.

©PXimport

Tip 05: Diamodel

Wanneer je in je dia’s graag ook een of ander grafisch element laat terugkeren, dan pas je ook de functie ‘diamodel’ van PowerPoint aan. Dat doe je als volgt. Ga naar het tabblad Beeld en kies Diamodel in de rubriek Modelweergaven. Het tabblad wordt zichtbaar en in het linkerpaneel verschijnt nu helemaal bovenaan het eigenlijke diamodel, met daaronder de gerelateerde dia-indelingen. Je kunt nu dit diamodel naar wens bewerken: je zult merken dat alle aanpassingen zich meteen ook doorzetten in de onderliggende dia’s die op dit model zijn gebaseerd. Op deze manier is het bijvoorbeeld mogelijk een bedrijfslogo in een hoek van al je dia’s te plaatsen. Dat doe je via Invoegen / Afbeeldingen, waarna je de gewenste afbeelding ophaalt en op een geschikte plaats positioneert. Ben je klaar met je aanpassingen, bevestig dan met Modelweergave sluiten, rechts op de knoppenbalk.

Meer (Engelstalige) uitleg over het concept van diamodellen vind je nog via deze link (slide master is de Engels naam van het diamodel).

©PXimport

Tip 06: Thema gebruiken

Je hebt nu zowat alle mogelijke onderdelen van je thema afgewerkt en dus is het tijd om je bewerkingen in één groot thema te vatten. Daarvoor open je het menu Ontwerpen, waarna je op het pijltje rechtsonder de rubriek Thema’s klikt. Helemaal onderaan selecteer je dan Huidig thema opslaan. Voorzie een gepaste naam voor het thema en bewaar het als een Office-thema met de bestandsextensie .thmx met de knop Opslaan. De standaardlocatie voor zo’n thema is C:\Users\[accountnaam]\AppData\Roaming\Microsoft\Templates\Document Themes.

Het thema is nu klaar voor gebruik. Laten we dat eerst even uittesten binnen PowerPoint zelf. Open een nieuwe, lege presentatie via Bestand / Nieuw en klik net onder de titel Nieuw op Aangepast: als het goed is verschijnt hier het thema dat je zonet hebt bewaard. Klik de thema-miniatuur aan en klik vervolgens op Maken om het te openen.

©PXimport

Tip 07: Thema overzetten

We hebben het eerder in dit artikel al aangegeven: zo’n thema is bruikbaar binnen de andere applicaties van Microsoft Office. Als voorbeeld gaan we ons nieuwe PowerPoint-thema in Word gebruiken. Open in Word alvast een nieuw, leeg document. Ga vervolgens naar het menu Ontwerpen en klik op het pijltje onder Thema’s, links in de rubriek Documentopmaak. Bovenaan het uitklapmenu bij Aangepast tref je nu ook je eigengemaakte thema(‘s) aan. Wanneer je vervolgens de diverse onderdelen van het tabblad Ontwerpen bekijkt, merk je meteen op dat onder meer het kleurenpalet en de lettertypen zich op dat thema zijn afgestemd.

Ongeveer hetzelfde werkt het in Outlook: open een nieuw bericht, ga naar het tabblad Opties en selecteer het gewenste thema binnen de groep Thema’s. Bij Excel is dit verhaal vergelijkbaar, alleen vind je hier de thema’s terug op het tabblad Pagina-indeling.

Zo’n Office-thema is echter niet alleen overdraagbaar naar andere Office-applicaties, je kunt het ook met anderen delen. Dat doe je als volgt. Navigeer met Windows Verkenner naar het pad dat we in tip 6 hebben vermeld. Het thmx-bestand van je thema wordt nu zichtbaar en het volstaat dit bestand te kopiëren en het aan de beoogde personen te geven. Zodra die dit bestand op dezelfde locatie op hun eigen pc hebben gezet, kunnen ze er ook meteen mee aan de slag.

©PXimport

Je kunt thema’s en sjablonen ook probleemloos met anderen delen

-

Tip 08: Sjabloon creëren

Het gebruik van Office-thema’s is niet de enige manier om consistentie binnen je documenten en presentaties te krijgen: een sjabloonbestand is een alternatief. Deze aanpak heeft zo zijn voordelen: sommige gebruikers of medewerkers zijn wellicht meer vertrouwd met dit concept en het is ook iets makkelijker om vooraf al bepaalde items, zoals teksten of grafische objecten, in zo’n sjabloonbestand op te nemen.

We tonen in PowerPoint hoe je dat aanpakt. Een pluspunt is alvast dat de initiële werkwijze nagenoeg identiek is aan het creëren van een thema. Tips 1 tot en met 6 kun je dus rustig uitvoeren. Zodra alle bewerkingen achter de rug zijn en je thema is opgeslagen, open je een nieuwe dia in PowerPoint waaraan je dan het thema koppelt, zoals beschreven in tip 6. Je kunt nu eventueel nog allerlei extra inhoud aan de dia toevoegen. Ben je daarmee klaar, open dan het menu Bestand, kies Opslaan als en selecteer in het uitklapmenu de optie PowerPoint-sjabloon (*.potx). Bevestig met Opslaan. Je laat het bestand bij voorkeur terechtkomen in de standaard opslaglocatie: C:\Users\[accountnaam]\Documents\Aangepaste Office-sjablonen.

©PXimport

Tip 09: Sjabloon gebruiken

Uiteraard is het de bedoeling dit sjabloon te kunnen hergebruiken. Moeilijk is dat niet. Start PowerPoint op, kies Bestand / Nieuw en klik net onder de titel Nieuw op Aangepast, waar je dan de map Aangepaste Office-sjablonen opent. Klik het beoogde sjabloon aan en druk op de knop Maken – zowat dezelfde procedure dus als bij het openen van een Office-thema. Uit tip 8 weet je inmiddels ook waar je zo’n sjabloonbestand kunt vinden. Wil je dit sjabloon met iemand delen, dan hoef je die persoon dat bestand maar te versturen, waarna ook hij/zij dat kan gebruiken, nadat die persoon het in de correcte map heeft opgeslagen.

Nu kan het wel gebeuren dat je zo’n sjabloonbestand ontvangt en dat niet alle tekst – die mee in dat sjabloon was opgenomen – in het correcte lettertype blijkt te staan. Dat los je als volgt op: selecteer alle betreffende dia’s in het miniatuuroverzicht in het linkerpaneel, klik je selectie met de rechtermuisknop aan en kies Dia herstellen.

©PXimport

Tip 10: Bestaande sjablonen

Je weet inmiddels hoe je eigen sjablonen creëert, maar zo’n sjabloon van de grond af samenstellen vergt natuurlijk de nodige tijd. Een handig alternatief is dat je van een bestaand sjabloon vertrekt en dat eventueel aanpast in de richting van je eigen huisstijl. Deze keer nemen we Word als voorbeeld. Ga naar het menu Bestand en kies Nieuw: in de rubriek Beschikbaar tref je al meteen een reeks kant-en-klare ontwerpen aan, die je eventueel verder kunt opsplitsen via zoeksuggesties als Presentaties, Zakelijk, Opleiding, Natuur enz. – je vindt die net onder de zoekbalk. Eigen zoektermen intikken kan natuurlijk ook, zoals Geboorte, Receptie, Sollicitatie enzovoort. Afhankelijk van de zoekterm duiken dan aan de rechterzijde verwante categorieën op, telkens met het aantal beschikbare sjablonen. Overigens is het best mogelijk dat je hier ook sjablonen voor Office-applicaties als PowerPoint en Excel krijgt aangereikt. Dat is bijvoorbeeld het geval wanneer je zoekt naar iets als ‘bouwproject’. Ben je van plan een sjabloon vaker te gebruiken, klik dan op het pinnetje rechtsonder het sjabloon: het wordt dan bovenaan vastgepind, zodat je het makkelijker terugvindt.

©PXimport

Tip 11: Sjabloon bewerken

Heb je een sjabloon gevonden dat bruikbaar is als vertrekpunt voor een aangepast ontwerp, selecteer dat sjabloon en kies Maken. Zoals we hebben beschreven in tip 9 kun je dit sjabloon dan naar willekeur aanpassen en het als een eigen sjabloon bewaren. In Word doe je dat via Opslaan als / Word-sjabloon (*.dotx). In Excel gaat dat via Opslaan als / Excel-sjabloon (*.xltx). Maak je gebruik van macro’s in je sjabloon en wil je die behouden, kies dan respectievelijk voor Word-sjabloon met ingeschakelde macro’s (*.dotm) en Excel-sjabloon met macro’s (*.xltm).

Bewaar je de sjablonen in de standaard voorgestelde map, dan vind je die zowel bij Word als bij Excel terug via Bestand / Nieuw / PRIVÉ.

©PXimport

Nog meer sjablonen

Office komt weliswaar al met een aardige collectie sjablonen, maar online vind je er nog meer. Het is bijvoorbeeld mogelijk vanuit de browser in de bibliotheek van Microsoft te struinen. Je kunt hier navigeren op basis van de applicatie (Word, Excel en PowerPoint), maar ook op basis van de categorie (wij telden zestig verschillende categorieën). Om een geschikt sjabloon op te halen, hoef je het maar te selecteren en de knop Downloaden in te drukken. Een uitgebreide collectie vind je ook nog bij Hloom (circa 1700 exemplaren). Nog veel indrukwekkender (naar eigen zeggen meer dan 100.000 presentatiesjablonen) is de verzameling van Smile Templates (jammer genoeg zijn de meeste niet gratis). Wel gratis zijn de PowerPoint-sjablonen op FPPT en de Word-sjablonen op PT. Je komt ook wel een heel eind met een zoekopdracht via Google, maar het is altijd wel aangewezen zo’n sjabloonbestand eerst op potentiële malware te checken met een gratis dienst als www.virustotal.com.

©PXimport

Tip 12: Stijlen

Naast thema’s en sjablonen zijn ook stijlen een handige manier om je documenten een consistentere opmaak mee te geven. Bovendien kun je op basis van stijlen documenten ook een automatische inhoudsopgave laten genereren.

Om Word tot zo’n inhoudsopgave te bewerken, moet je je hoofdstuktitels en je alinea-opschriften wel eerst van een zogenoemde opmaakstijl voorzien. Houd je (nog) niet meteen vast aan eigen stijlen, dan kun je gemakshalve de standaard stijlen gebruiken. Plaats de tekstcursor in een hoofdtitel in je document, open het tabblad Start en klik op het pijltje rechtsonder de rubriek Stijlen, zodat het Stijlen-paneel wordt geopend. Hier selecteer je Kop 1 (waarna automatisch ook Kop 2 zal verschijnen, mocht dat nog niet het geval zijn). Vervolgens is het de beurt aan het kopje van je eerste alinea: hiervoor kies je nu Kop 2 (waarna ook Kop 3 in de lijst opduikt, enz.). Op die manier ga je de hiërarchie van je document af. Telkens de gewenste stijl aanklikken vergt natuurlijk de nodige tijd, maar het kan ook sneller. Stel, je wilt Kop 3 herhaaldelijk toepassen. Klik op een kopje met die opmaakstijl en klik op het tabblad Start, in de rubriek Klembord, het verfkwast-pictogram (Opmaak kopiëren/plakken) aan. De cursor verandert in een kwast en je hoeft de andere kopjes maar aan te klikken. Wanneer je op het pictogram dubbelklikt, blijft de kwast trouwens zichtbaar, tot je het pictogram nogmaals aanklikt.

©PXimport

Een automatische inhoudsopgave vergt wel enige voorbereiding

-

Tip 13: Inhoudsopgave

In feite is alles nu klaar om de inhoudsopgave te genereren, maar wat als je zelf al (andere) stijlen op je titels en kopjes had toegepast? Dan moet je Word wel nog even aangeven welke stijlen die als niveau 1, 2, 3 enzovoort mag interpreteren. Positioneer de tekstcursor in zo’n kop, open het tabblad Verwijzingen, selecteer Tekst toevoegen en kies het gewenste niveau.

Je bent nu klaar voor de inhoudsopgave. Desgewenst voeg je hiervoor een extra pagina in met Ctrl+Enter, waarna je de tekstcursor bovenaan de pagina plaatst. Open vervolgens het tabblad Verwijzingen en klik op Inhoudsopgave. Je hoeft nu maar een geschikte lay-out te selecteren, waarna die op de pagina verschijnt, inclusief paginanummers. Via de optie Inhoudsopgave / Aangepaste inhoudsopgave kun je het uiterlijk van je inhoudsopgave nog op allerlei manieren wijzigen. Om de inhoudsopgave van een gewijzigde tekst up-to-date te maken, open je opnieuw Verwijzingen en kies je Bijwerken / In zijn geheel bijwerken.

▼ Volgende artikel
Wat doet de stoomfunctie van een wasmachine en wanneer heeft het zin?
© Octopus16 - stock.adobe.com
Huis

Wat doet de stoomfunctie van een wasmachine en wanneer heeft het zin?

De stoomfunctie is inmiddels op veel wasmachines te vinden. Fabrikanten gebruiken deze techniek vooral om kreuk te verminderen, geurtjes aan te pakken en kleding snel op te frissen. De werking is vrij simpel. De machine verhit een kleine hoeveelheid water en laat de stoom op een precies moment in de trommel. Dat kan tijdens een normaal wasprogramma of via een apart stoomprogramma. Die twee toepassingen hebben elk een ander effect, waardoor het handig is om het verschil te kennen.

In dit artikel

De stoomfunctie op een wasmachine klinkt handig, maar wat doet deze functie nu precies? Je leest hoe stoom wordt ingezet tijdens wasprogramma's en opfrisbeurten, wat het effect is op kreuk en geurtjes en wanneer een hygiëneprogramma zin heeft. Ook leggen we uit wat je er in de praktijk van kunt verwachten.

Lees ook: Ecostand op wasmachines: hoe werkt dat en wat bespaar je ermee?

Hoe stoom tijdens een wasprogramma werkt

Bij de meeste wasprogramma's wordt stoom in de laatste fase ingezet. De warme damp ontspant de vezels, waardoor de was minder gekreukt uit de trommel komt, vaak nog voordat het centrifugeren begint. Dat effect zie je vooral bij synthetische stoffen en gemengde materialen. Katoen blijft gevoeliger voor kreuk en reageert minder sterk op stoom. Ook de belading speelt een rol. Zit de trommel vol, dan kan de stoom minder goed bij het wasgoed komen en is het effect dus kleiner.

De manier waarop stoom wordt verspreid, verschilt per wasmachine. Sommige modellen blazen de damp van bovenaf in de trommel, andere via de bodem. Het principe is hetzelfde, maar de maar de manier waarop de damp door de trommel wordt verspreid varieert per merk. Belangrijk om te weten is dat stoom het water en het wasmiddel niet vervangt Het ondersteunt de was, maar maakt stoffen niet op zichzelf schoon.

View post on TikTok

Extra hygiëne met een stoomprogramma

Naast stoom tijdens een gewone wasbeurt beschikken veel machines ook over aparte hygiëneprogramma's. Deze werken met een gecontroleerde temperatuur die hoog genoeg is om allergenen te verminderen, maar lager blijft dan bij een kookwas. Vooral pollen en huisstofmijt worden op deze manier aangepakt. Fabrikanten noemen soms percentages voor bacteriereductie, al zijn die gebaseerd op tests met kleine lapjes stof. In een volle trommel valt het effect lager uit. Stoom vormt daarmee vooral een extra aanvulling: hygiënischer dan een koud opfrisprogramma, maar geen volwaardige vervanging van een intensieve wasbeurt.

Kleding opfrissen zonder wasbeurt

Het opfrisprogramma is voor veel mensen de meest gebruikte toepassing van stoom. De trommel draait hierbij rustig, terwijl de stof warm en licht vochtig blijft. Stoom-opfrisprogramma's duren meestal zo'n 20 tot 30 minuten, afhankelijk van het merk, de vulling van de trommel en het gekozen programma. Sommige machines geven precies 20 minuten aan, bij andere loopt het op tot ongeveer een half uur. Geuren die zich in textiel vastzetten, zoals rook, kooklucht of andere vervelende geurtjes die in textiel zijn blijven hangen, verdwijnen doorgaans goed. Vlekken en vetresten worden hiermee niet verwijderd. De techniek werkt vooral bij kleding die je kort hebt gedragen en verder schoon is. Doordat er weinig water wordt gebruikt en de trommel minder intensief beweegt, blijft de belasting voor de stof beperkt.

Energieverbruik en slijtage van kleding

Het maken van stoom kost warmte en dus energie. Toch ligt het totale verbruik meestal lager dan bij een volledige wasbeurt, omdat er nauwelijks water door de machine stroomt. Voor kleding is een stoomprogramma relatief mild. De vezels worden minder zwaar belast dan tijdens een normale was, al kunnen elastische materialen bij zeer frequent gebruik gevoeliger reageren op warmte. Dat effect verschilt per stof en per merk.

©Sergei Klopotov

Wat stoom wel én niet doet

De stoomfunctie werkt vooral in specifieke situaties. Kreukvermindering zie je vooral bij synthetische stoffen en een niet te volle trommel. Hygiëneprogramma's helpen allergenen te verminderen, maar vervangen niet de klassieke wasbeurt. Opfrisprogramma's verwijderen geuren, maar laten vlekken ongemoeid. In de praktijk levert stoom vooral gemak op. Je hoeft minder te strijken, kleding blijft langer fris en je kunt een kort programma gebruiken voor was die nog niet echt vies is.

Conclusie

De stoomfunctie is een handige aanvulling op de gewone was. Kleding komt frisser uit de trommel, je kunt kleding vaker dragen zonder dat je een compleet wasprogramma  hoeft te dragen en de extra hygiëne van stoom is ideaal tegen allergenen. De techniek neemt de rol van water en wasmiddel niet over, maar stoom voegt wel extra gemak toe voor wie minder wil strijken en kleding langer mooi wil houden.

Echte wasmachinereviews, van echte consumenten

Op Review.nl kun je lezen wat echte gebruikers vinden van producten. Weten wat hun oordeel over de nieuwste wasmachines van Samsung, LG en Haier is? Lees hier de Review.nl-wasmachine-testresultaten. P.S. Je kunt je ook zelf aanmelden om de nieuwste producten te testen!

 5x Wasmachines met stoomfunctie

De Hisense WF3S9043BW3/BLX is een moderne wasmachine die opvalt door zijn opvallend lage energieverbruik, met een label dat maar liefst 30% zuiniger is dan de standaard A-klasse. Met een trommelinhoud van 9 kilogram biedt het apparaat voldoende ruimte voor de was van een groot gezin. De machine haalt een toerental van 1400 rotaties per minuut en zet stoom in voor een extra diepe, hygiënische reiniging van het textiel. Voor wie weinig tijd heeft, zijn er handige opties zoals het Power Wash-programma van 49 minuten of een ultrakorte cyclus van een kwartier.

De Samsung WW11DB7B34GBU3 Bespoke EcoBubble heeft een trommelcapaciteit van 11 kilogram. Voor een diepgaande reiniging beschikt de machine over een gespecialiseerd stoomprogramma dat afrekent met allergenen en bacteriënt. Naast de fysieke prestaties biedt het apparaat slimme functies via de SmartThings-app. Dankzij de EcoBubble-technologie wordt het wasmiddel krachtig de stof in geblazen, waardoor kleding ook op lagere temperaturen grondig schoon wordt en de kwaliteit van het textiel behouden blijft.

De AEG LR7604UC4 uit de 7000-serie (vulgewicht 10 kilo) is ontworpen om kleding langer mooi te houden door vaker te stomen in plaats van te wassen, wat slechts twee liter water per cyclus verbruikt. Met het Steam Refresh-programma zijn muffe geurtjes en kreukels binnen 25 minuten verdwenen, terwijl de UniversalDose-lade ervoor zorgt dat wasmiddelcapsules sneller oplossen voor een beter resultaat bij koude wasbeurten. De PreciseWash-technologie optimaliseert de instellingen automatisch op basis van het gewicht, wat een besparing tot 40% op tijd en energie oplevert bij kleinere ladingen. Voor de dagelijkse was biedt het MixLoad-programma een snelle oplossing door gemengd textiel in 69 minuten grondig te reinigen op slechts 30 graden.

De Siemens WG44G2ZWNL (vulcapaciteit 9 kilo) heeft een zeer zuinig energielabel A en biedt dankzij het speedPack L maximale tijdsbesparing. Voor hardnekkige vlekken past het antiVlekken-systeem de temperatuur en spoeltijd automatisch aan. De stoomfunctie, genaamd smartFinish, strijkt zelfs sterk gekreukte items in slechts 20 minuten glad. De innovatieve waveTrommel zorgt ervoor dat zijde en andere fijne stoffen behoedzaam worden behandeld. Dankzij de koolborstelloze iQdrive-motor is de machine niet alleen stil en efficiënt, maar ook nagenoeg slijtagevrij.

De Bosch Serie 4 WAN282E4FG (vulgewicht 8 kilo) is een uiterst efficiënte wasmachine met energielabel A. Met de Iron Assist-functie wordt kleding gedurende 20 minuten met stoom behandeld, wat kreukels tot wel 50% vermindert. Sensoren van Active Water Plus zorgen ervoor dat het waterverbruik exact wordt afgestemd op de hoeveelheid wasgoed, terwijl de SpeedPerfect-optie de wastijd met 65% verkort voor een snelle, schone resultaat. Voor extra hygiëne doodt het Hygiene Plus-programma bacteriën al op 40 graden, wat ideaal is voor babykleding of mensen met een allergie. De bijvulfunctie maakt het mogelijk om een vergeten kledingstuk tijdens de wasbeurt alsnog toe te voegen.

Wasmiddel!

(groot inkopen, dan grijp je nooit mis)
▼ Volgende artikel
Wat betekent IP68 eigenlijk?
© ID.nl
Huis

Wat betekent IP68 eigenlijk?

Bij de specificaties van een nieuwe smartphone, smartwatch of bluetooth-speaker zie je vaak de term 'IP68' staan. In marketinguitingen wordt dit veelal vertaald naar 'waterdicht' of 'stofbestendig'. Dat klinkt geruststellend, maar de praktijk is weerbarstiger. Kun je met een IP68-telefoon daadwerkelijk zwemmen, of biedt de certificering slechts bescherming tegen een val in het toilet?

De term IP68 is een technische classificatie die exact aangeeft in welke mate de behuizing van elektronica bestand is tegen invloeden van buitenaf. De afkorting IP staat voor Ingress Protection (of soms International Protection). Het is een internationale standaard die duidelijkheid moet scheppen over de robuustheid van een apparaat. De code bestaat altijd uit twee cijfers, waarbij het eerste cijfer iets zegt over vaste stoffen en het tweede cijfer over vloeistoffen.

©ID.nl

Het eerste cijfer: bescherming tegen stof

In de code IP68 staat het eerste cijfer, de 6, voor de bescherming tegen vaste deeltjes zoals stof en zand. Deze schaal loopt van 0 (geen bescherming) tot 6 (maximale bescherming). Een apparaat met een 6 als eerste cijfer is dus volledig stofdicht.

In een testomgeving betekent dit dat er, zelfs na acht uur blootstelling aan circulerend stof, niets de behuizing is binnengedrongen. Voor de levensduur van je toestel is dit heel belangrijk, aangezien opgehoopt stof aan de binnenkant kan zorgen voor slechtere koeling of zelfs kortsluiting.

©ID.nl

Het tweede cijfer: bescherming tegen water

Voor veel consumenten is het tweede cijfer doorslaggevend bij de aankoop. Dit getal geeft de weerstand tegen vocht aan. Bij IP68 is dit een 8. Hoewel de schaal in specifieke industriële gevallen doorloopt tot 9, is 8 doorgaans de hoogste score die je bij consumentenelektronica tegenkomt.

Om de waarde van die 8 te begrijpen, is het goed om te weten dat een 4 slechts staat voor spatwaterdichtheid (bijvoorbeeld regen) en een 7 aangeeft dat een toestel incidenteel ondergedompeld kan worden (tot 1 meter diep).

Een IP68-certificering gaat een stap verder. Het betekent dat het toestel hermetisch is afgesloten en geschikt is voor langdurige onderdompeling dieper dan 1 meter. Fabrikanten mogen bij dit cijfer zelf specificeren wat de exacte limiet is. Vaak garanderen merken zoals Samsung of Apple dat een toestel 30 minuten lang op een diepte van 1,5 tot wel 6 meter kan overleven. Het is daarom altijd slim om de specifieke productpagina van het apparaat te raadplegen voor de exacte waarden.

Laboratorium versus de praktijk

Hoewel de specificaties suggereren dat je probleemloos het water in kunt duiken met je elektronica, is enige nuance op zijn plaats. De tests voor deze certificeringen worden namelijk uitgevoerd onder strikte laboratoriumcondities. Hierbij wordt gebruikgemaakt van vers, stilstaand kraanwater. De werkelijkheid is vaak anders.

©ID.nl

Wanneer je bijvoorbeeld met een telefoon gaat zwemmen, beweeg je door het water. Hierdoor ontstaat waterdruk die lokaal hoger kan zijn dan de druk in een stilstaande testtank. Hierdoor kan water alsnog langs de afdichtingen worden geperst. Daarnaast is de samenstelling van het water een risicofactor. Zeewater bevat zout en zwembadwater bevat chloor. Beide stoffen kunnen de lijmranden en rubberen afdichtingen van een toestel aantasten. Zodra deze afdichtingen uitdrogen of poreus worden, is de waterdichtheid niet langer gegarandeerd. Ook zeep en shampoo onder de douche verlagen de oppervlaktespanning van water, waardoor vocht makkelijker binnendringt.

Slijtage en garantievoorwaarden

Een ander belangrijk aspect is de factor tijd. Een gloednieuw toestel dat net uit de doos komt, voldoet perfect aan de IP68-normen. Na verloop van tijd kan de bescherming echter afnemen door normale slijtage, temperatuurschommelingen of kleine valpartijen die onzichtbare haarscheurtjes veroorzaken. Een toestel met een barst in het scherm of de achterkant is per definitie niet meer waterdicht.

©ID.nl

Tot slot is er een belangrijk voorbehoud rondom de garantie. Vrijwel alle fabrikanten sluiten waterschade uit van de fabrieksgarantie, ondanks de IP68-rating. In de meeste moderne smartphones zitten vochtsensoren. Als deze verkleuren door contact met water, zal een reparatieverzoek doorgaans worden afgewezen. De fabrikant kan achteraf namelijk niet controleren of het toestel op 1,5 meter diepte is geweest (wat zou moeten kunnen) of op de bodem van een diep zwembad heeft gelegen.

Conclusie

IP68 biedt een goede bescherming bij alledaagse ongelukjes. Valt je telefoon per ongeluk in de wasbak, het toilet of een plas water, dan is de kans op schade met deze certificering zeer klein. Maar zie IP68 vooral als een vangnet voor noodgevallen. Gebruik je je telefoon onder water, bijvoorbeeld in zee voor onderwaterfotografie, dan kun je beter het zekere voor het onzekere nemen en een speciale waterdichte hoes gebruiken.

3x IP68-smartphones

Vrijwel alle high-end smartphones hebben tegenwoordig deze certificering. Dit is de standaard voor toestellen in het duurdere segment.

Samsung Galaxy S25-serie: Samsung voorziet zijn toptoestellen al jaren standaard van IP68. Dit geldt voor de gehele lijn (S25, S25+ en S25 Ultra).

Apple iPhone 17-serie: Hoewel Apple vaak spreekt over 'maximale diepte van 6 meter diep tot 30 minuten' (wat de IP68-norm overstijgt), vallen ze technisch onder de IP68-classificatie. Dit geldt voor zowel de standaardmodellen als de Pro-versies. Lees hier onze Apple iPhone 17 review.

Google Pixel 10 Pro XL: Ook de nieuwere generaties telefoons van Google zijn volledig stof- en waterdicht volgens deze norm. Lees hier onze Google Pixel 10 Pro XL review.

3x IP68-smartwatches (5ATM)

Bij smartwatches is het opletten: IP68 is vaak niet genoeg om mee te zwemmen (vanwege de armslag-druk). Daarom hebben goede horloges vaak ook een '5ATM' of 'WR50' rating. De onderstaande modellen combineren deze eigenschappen of hebben een gelijkwaardige bescherming.

Samsung Galaxy Watch 8: Deze horloges hebben expliciet zowel een IP68- als een 5ATM-rating, waardoor ze officieel geschikt zijn om mee te zwemmen. Lees hier onze Samsung Galaxy Watch 8 Classic review.

Google Pixel Watch 3: Ook dit horloge draagt de IP68-classificering in combinatie met 5ATM waterbestendigheid. Lees hier onze Google Pixel Watch 3 review.

Apple Watch Ultra 2:Let op: Apple gebruikt officieel de zwaardere zwemstandaard (WR100; WR staat voor water-resistant) en noemt daarbij vaak IP6X voor stofdichtheid. In de volksmond valt deze watch in de "beter dan IP68"-categorie voor water, maar technisch is de rating anders omschreven. Het horloge is echter uitstekend waterdicht. Lees hier onze Apple Watch Ultra 2 review.

3x bluetooth-speakers (IP68 vs. IP67)

Hier zit een addertje onder het gras. De overgrote meerderheid van de "waterdichte" speakers (zoals de populaire JBL Flip 6 of UE Boom 3) heeft een IP67-rating. Dat betekent: dompeldicht tot 1 meter. IP68 (dieper dan 1 meter) is bij speakers zeldzaam omdat je een speaker zelden diep onder water duwt. Toch zijn er inmiddels modellen die de stap naar IP68 maken of zeer dicht in de buurt komen:

JBL Charge 6: In de nieuwste generaties stappen fabrikanten zoals JBL bij specifieke modellen over naar IP68 om de robuustheid te benadrukken. (Let op: check altijd de doos, de voorganger Charge 5 was nog IP67).

Tribit StormBox Micro 2: Een zeer populaire, compacte speaker die vaak wordt geprezen om zijn volledige waterdichtheid (IP67, maar in tests vaak robuuster bevonden).

Soundcore Motion X600: Deze speaker staat bekend om zijn ruimtelijke geluid: de muziek lijkt van alle kanten te komen in plaats van uit één punt. Ondanks zijn chique uiterlijk is hij met een IPX7-rating volledig waterdicht, dus hij kan prima mee naar het park of strand.

Advies: Voor een bluetooth-speaker is IP67 in de praktijk ruim voldoende (hij overleeft een val in het zwembad). Staar je voor speakers dus niet blind op die '8' aan het eind; een '7' is hier ook uitstekend.

Een verfrissende duik?

(in het zwembad of in zee)