ID.nl logo
Sysinternals Suite: Beste hulpprogramma's voor Windows
© Reshift Digital
Huis

Sysinternals Suite: Beste hulpprogramma's voor Windows

Ook op een stabiel Windows-systeem loopt er weleens iets fout. Het netwerkverkeer is traag of je hebt de indruk dat er iets verdachts gebeurt, een schijf presteert niet zoals het hoort of achtergrondprocessen zetten een rem op de prestaties. De Sysinternals Suite bestaat uit een collectie hulpprogramma's voor Windows, die uitkomst bieden.

Onlangs hebben we geschreven over een reeks systeemtools afkomstig van de Israëlische programmeur Nir Sofer. Die werkt namelijk al vele jaren aan de NirLauncher-suite, met meer dan tweehonderd tools (als losse tools ook wel NirSoft Utilities genoemd). Onze focus ligt deze keer op de Sysinternals Suite, maar we belichten evengoed ook nog een paar tools uit zowel de NirSoft Utilities als de MiTeC Utilities.

De Sysinternals Suite wordt ontwikkeld door Mark Russinovich, inmiddels alweer vele jaren onder de hoede van Microsoft. Elke tool laat zich afzonderlijk downloaden en installeren via https://docs.microsoft.com/nl-nl/sysinternals

Ze zijn opgedeeld in rubrieken als Bestanden en schijvenNetwerk, Proces, Beveiliging, Systeem en Diversen. Lees telkens ook goed de downloadpagina’s na, want je vindt hier vaak voorbeelden, opdrachtregelparameters evenals allerlei aandachtspunten. Op de webpagina vind je tevens een downloadlink voor de complete suite. Helaas heeft deze geen eigen grafische interface.

Windows System Control Center

©PXimport

Werk je graag met tools uit zowel de NirLauncher-suite (NirSoft Utilities) als de Sysinternals Suite, dan kun je beide afzonderlijk downloaden, maar handiger is dan het gebruik van Windows System Control Center (WSCC). Deze overzichtelijke grafische interface combineert namelijk beide suites en voegt er zelfs nog enkele andere tools aan toe. Je kunt kiezen uit 32- en 64bit-versies, en een portable versie of een installatiebestand. Wij gaan uit van de portable versie.

Wanneer je die de eerste keer opstart, geef je aan welke software je daadwerkelijk wilt downloaden. Wij selecteerden alle onderdelen: Sysinternals, Nirsoft, Windows, Misc. Tools en MiTeC. Bij sommige kun je kiezen uit 32- of 64bit-versies (voor zover beschikbaar). De hele zwik downloaden blijkt verrassend compact: 283 MB voor 340 tools, in de standaardlocatie %appdata%\wscc_x64.

Via de knop Updates kun je opnieuw eventuele updates downloaden. Via Options zet je de suite nog beter naar je hand. Veelgebruikte tools zet je in de rubriek Favorites. De knop New Console linksonder geeft je toegang tot de Opdrachtprompt.

Verkies je de Nederlandstalige versie van de NirSoft Utilities, kopieer dan zelf het uitgepakte taalbestand van de NirLauncher-suite naar de submap NirSoft Utilities en eventueel ook naar de map x64. Je start WSCC bij voorkeur als administrator op.

AdapterWatch (NirSoft Utilities)

©PXimport

AdapterWatch brengt al je (al dan niet virtuele) netwerkadapters overzichtelijk samen, met uitgebreide informatie op een afzonderlijk tabblad voor elke adapter. Je ziet hier onder meer de operationele adapterstatus, inclusief de hoeveelheid data die tijdens je huidige werksessie werden ontvangen en verstuurd. 

Een van de rijen heeft de titel Interface-snelheid (bits per seconde): hier ga je na of je adapter op 1 Gbit (1.000.000.000) dan wel op 100 Mbit (100.000.000) staat ingesteld. Geeft dit iets anders aan dan je had verwacht, dan pas je dat aan vanuit het Windows Apparaatbeheer (devmgmt.msc), in het Eigenschappen-venster van de adapter, op het tabblad Geavanceerd, bij een onderdeel als Snelheid & duplex.

Handig is ook het veld DNS-Servers. Werkt je internetverbinding ineens niet meer, ga dan na of er hier wel een ip-adres staat ingevuld. Is er tevens sprake van een DHCP-server (met ip-adres), dan krijgt je systeem de DNS-serveradressen normaliter ook automatisch doorgestuurd. 

Wil je die toch zelf bepalen, open dan in Windows het venster Netwerkverbindingen (Windows-toets+R en voer ncpa.cpl uit), waar je in het Eigenschappen-venster van de adapter, bij Internet Protocol […] zelf de DNS-serveradressen invult (bijvoorbeeld 1.1.1.1 of 8.8.8.8). 

Network Scanner (MiTeC Utilities)

©PXimport

Er bestaan tig kleine tools waarmee je allerlei onderdelen van je thuisnetwerk kunt monitoren of waarmee je diverse netwerkfuncties kunt testen. MiTeCs Network Scanner brengt er diverse samen in een handige beheermodule. Het programma kan met diverse protocollen overweg, waaronder TCP/IP, ICMP, NetBIOS, SNMP en AD (voor domeinnetwerken).

Om een overzicht te krijgen van je actieve netwerkapparaten hoef je maar het lokale ip-bereik in te vullen en de knop IP Range Scan in te drukken. Je versnelt het scanproces enigszins door bij Preferences het aantal threads te verhogen.

Klik met rechts op een apparaat en daarna op Advanced Device Explorer om het toestel in detail te bekijken, in de veronderstelling dat je over voldoende machtigingen beschikt en dat eventueel een RPC-service op de client actief is. Je kunt hier dan onder meer shares, open bestanden, services, processen en geïnstalleerde software bekijken, en tevens een portscan uitvoeren, het apparaat (via WoL) in- of uitschakelen, een commando uitvoeren enzovoort.

In het onderste deel van het hoofdvenster zie je per geselecteerde netwerkadapter de up- en downloadoverdracht. Met de knoppen bovenaan kun je onder meer Whois-verzoeken uitvoeren, het externe ip-adres van je netwerk opvragen en een VirusTotal-scan van een domein uitvoeren (dit laatste vereist wel een geldige API-sleutel).

HEX Editor (MiTeC Utilities)

©PXimport

Met een zogenoemde hex-editor krijg je, als het ware ‘onder’ het bestandssysteem door, toegang tot bestanden, schijfstructuren en zelfs specifieke geheugengebieden – software voor doorgewinterde gebruikers dus. Dat neemt niet weg dat het een levensredder kan zijn bij lastige datahersteloperaties of bij grondige analyses van malafide of nukkige programma’s.

Start je HEX Editor op vanuit WSCC, dan moet WSCC als administrator uitgevoerd worden zodat HEX Editor zelf ook met alle rechten opstart. Houd er rekening mee dat je nu zomaar wijzigingen kunt aanbrengen in bestanden en op schijven, ook in delicate schijfgebieden als bootsectors.

Eerst bepaal je wat je precies wilt analyseren. Dat doe je via de knoppen Open (voor bestanden), Dump memory en Dump Disk. Bij geheugenonderzoek kun je verschillende geheugengebieden analyseren. Via Process kun je zelfs aangeven van welke applicatie of proces je het geheugengebruik wilt bestuderen. Bij schijfonderzoek hoef je maar de gewenste fysieke schijf of partitie aan te duiden of je vermeldt de startsector inclusief het aantal sectors. 

Een Inspector-module tracht de ruwe hex-data meteen te interpreteren en naar een leesbare vorm om te zetten. Dankzij tabbladen schakel je snel tussen verschillende geheugendumps of je kiest File / Compare om meerdere dumps naast elkaar te zien. Met File / Save bewaar je de wijzigingen, eventueel via File / Save as in een dumpbestand.

RAMMap en VMMap (Sysinternals Suite)

©PXimport

Met HEX Editor kun je weliswaar ook geheugengebieden benaderen, maar wil je specifiek het geheugengebruik van processen of applicaties nagaan, gebruik dan liever de tool RAMMap. Een deel van deze informatie vind je ook in het Windows Taakbeheer (via Prestaties / Broncontrole openen / Geheugen), maar RAMMap gaat duidelijk grondiger te werk.

Op het tabblad Use Counts zie je bijvoorbeeld hoe het geheugen precies is gepagineerd (lees: opgedeeld in blokken) en lees je op elke rij af hoe dat geheugen precies is – of kan worden – toegewezen. Je moet wel vertrouwd zijn met termen als Paged en Nonpaged Pool, Shared Memory enzovoort, want helaas geeft de tool hierover geen verdere uitleg.

Nuttig is ook het tabblad File Summary, waar je afleest welke bestanden in het geheugen zijn geladen en op welke manier. Houd daarbij het volgende in het achterhoofd: active memory = total – (standby + modified).

Om letterlijk van elk proces zowel het fysieke als het virtuele geheugen uitgetekend te zien, start je de tool VMMap op, waarna je een lopend proces selecteert of zelf een toepassing start vanuit het programma. Het is tevens mogelijk de informatie automatisch te laten verversen, zodat je zo’n proces min of meer in realtime kunt volgen.

Autoruns (Sysinternals Suite)

©PXimport

Ondervind je dat je systeem traag opstart of dat het soms sloom reageert, dan zou dat best te maken kunnen hebben met processen die op een of andere manier automatisch worden opgestart. Je kunt dit tot op zekere hoogte ook wel checken via het Windows Taakbeheer (op het tabblad Opstarten), maar Autoruns gaat veel grondiger te werk. Zodra je de tool start, zie je meteen de opgestarte processen en toepassingen, netjes opgedeeld volgens de locatie – meestal is dat een registersleutel – van waaruit ze zijn opgestart.

Standaard zie je op het tabblad Everything alle types automatisch opgestarte items, maar via een van de andere achttien tabbladen kun je ook specifieke types selecteren, zoals KnownDLLs, Explorer, Scheduled Tasks, Drivers, Services enzovoort. Je hebt bovendien de mogelijkheid een snapshot te nemen van de resultaten en die via Compare met een eerder vastgelegde dataset te vergelijken. Dat kan bijvoorbeeld handig zijn voor en na de installatie van een programma.

In de kolom VirusTotal staan ook de analyseresultaten van de bekende online virusscanner VirusTotal. Een score van bijvoorbeeld 3/74 geeft aan de 3 van de 74 virusscanners een potentiële bedreiging heeft vastgesteld. Vanuit het contextmenu ga je meteen naar het bewuste item (in het register), maar kun je ook extra informatie van Process Explorer opvragen. 

Process Explorer (Sysinternals Suite)

©PXimport

Process Explorer somt in realtime alle actieve processen op en vertelt je onder meer hoe intensief ze de schijf, het geheugen en de processor gebruiken. Nieuw gestarte processen kleuren daarbij lichtgroen. Wil je bijvoorbeeld het processorgebruik weten, klik dan op de kolomtitel CPU om de processen te ordenen volgens cpu-gebruik. Klik op Private bytes om het geheugengebruik te tonen.

Om ook het schijfgebruik te zien, maak je eerst een aantal kolommen zichtbaar. Klik hiervoor met rechts op een kolomtitel, kies Select Columns, open het tabblad Process Disk en plaats een vinkje bij de gewenste items, zoals Read Bytes of Write Bytes.

Om ook in deze tool de scanresultaten van VirusTotal te zien, ga je naar het menu Options en kies je VirusTotal.com / Check VirusTotal.com. Vanuit het contextmenu kun je een (verdacht) proces tijdelijk stopzetten (Suspend) of abrupt beëindigen (Kill Process).

Handig is ook het viziericoon: je hoeft dit maar naar een applicatievenster te verslepen om naar het bijbehorende proces te gaan. Er zijn trouwens nog veel meer mogelijkheden, maar we hebben helaas niet de ruimte om die hier uit te diepen.

Process Monitor (Sysinternals Suite)

©PXimport

Is het vooral je bedoeling specifieke bestanden en registersleutels of zelfs dll’s en threads te volgen, bijvoorbeeld om na te gaan wat de impact is van een applicatie of proces, dan heb je een tool als Process Monitor nodig. Met de knop Capture (sneltoets Ctrl+E) start en stop je het scanproces, en met de knop Clear ruim je de scanresultaten in één keer op.

Rechts vind je de knoppen waarmee je aangeeft wat je precies wilt monitoren. Wil je bijvoorbeeld weten welke registersleutels een bepaald programma maakt of wijzigt, dan laat je alleen het eerste knopje (Show Registry Activity) geselecteerd. Om de scanresultaten verder te verfijnen, druk je op de knop Filter. Klik daarna eerst op Reset, waarna je bij Display entries matching these conditions via de uitklapmenu’s bijvoorbeeld de volgende filterregel krijgt: Category is Write then Include. Bevestig met Add en met OK. Ga naar het menu Filter en plaats een vinkje bij Drop filtered events, zodat de tool geen uitgefilterde gebeurtenissen bewaart of toont.

Zorg nu dat het programmavenster van de applicatie die je wilt monitoren eveneens zichtbaar is en sleep het viziericoon van Process Monitor tot boven dit applicatievenster. Je zult merken dat hierdoor een extra filter wordt gemaakt, op basis van het applicatie-PID (Process ID). Start de scan nu. Zo controleer je ook aanpassingen aan bestanden, netwerkactiviteit enzovoort van applicaties.

AccessEnum en AccessChk (SysInternals Suite)

©PXimport

Wanneer er zich meerdere gebruikers op je pc kunnen aanmelden, dan wil je als beheerder wellicht weten wie toegang heeft tot welke mappen en registersleutels, en met welke machtigingen. AccessEnum kan je dat snel vertellen.

Met de knoppen Directory en Registry geeft je eerst aan wat je wilt onderzoeken, waarna je de map of de registersleutel aanduidt en op de Scan-knop drukt. Let wel, je krijgt alleen mappen te zien indien de machtigingen verschillen van de bovenliggende map. Bestanden worden alleen getoond als de machtigingen minder restrictief zijn dan wat in de bovenliggende map werd bepaald. 

Wil je ook bestanden zien met meer restrictieve instellingen, dan moet je dat instellen bij Options / File display options. Vanuit het contextmenu via de optie Explore ga je meteen naar het betreffende item in de Verkenner of in de Register-editor. De consoletool AccessChk vormt hierop een mooie aanvulling. Die vertelt je welke machtigingen een specifieke gebruiker of gebruikersgroep heeft op bestanden, registersleutels of services. 

Disk2vhd (Sysinternals Suite)

©PXimport

Disk2vhd is tot slot zeer interessant voor wie graag met virtuele machines werkt. Hiermee kun je namelijk eenvoudig je huidige Windows-systeem naar een virtuele schijf in vhd(x)-formaat (Virtual Hard Disk) omzetten. Je kunt zo’n schijf zelfs vanuit het actieve systeem creëren. Die kun je dan koppelen aan een virtuele machine in onder meer VirtualBox of eventueel Microsoft Hyper-V.

Bij het opstarten maakt de tool een lijst van alle gedetecteerde volumes en je kunt er meerdere tegelijk selecteren. Houd er rekening mee dat er een afzonderlijk vhd-bestand wordt gemaakt voor elke fysieke schijf waarop de geselecteerde volumes zich bevinden. Je laat het best het vinkje staan bij Use Volume Shadow Copy en je verwijdert juist het vinkje bij Use Vhdx . Je start het proces met de knop Create. Besef wel dat deze operatie best lang kan duren.

Zoals de meeste andere tools uit de Sysinternals Suite kun je de tool ook met een opdrachtregelcommando aansturen, bijvoorbeeld:

disk2vhd c: d:\vhds\snapshot-c.vhd

Om zo’n schijf in VirtualBox te koppelen, klik je op Nieuw, vul je de relevante gegevens in voor de velden Naam, Machinemap, Type (wellicht Microsoft Windows) en Versie (bijvoorbeeld Windows 10 64-bit). Druk op Volgende, stel een geschikte geheugengrootte in (bijvoorbeeld 2048 MB) en kies Bestaand virtuele harde schijf-bestand gebruiken. Klik op het mapicoon en op Toevoegen, en verwijs naar je vhd-bestand. Bevestig met Kiezen / Aanmaken. Je virtuele machine is gebruiksklaar.

▼ Volgende artikel
Nieuwe Resident Evil Requiem-beelden tonen wat je te wachten staat
Huis

Nieuwe Resident Evil Requiem-beelden tonen wat je te wachten staat

Capcom heeft eerder deze week een livestream uitgezonden waarin nieuwe beelden werden getoond van het aankomende horrorspel Resident Evil Requiem. Ook werd er meer informatie gegeven over de game.

Nieuw op ID: het complete plaatje

Misschien valt het je op dat er vanaf nu ook berichten over games, films en series op onze site verschijnen. Dat is een bewuste stap. Wij geloven dat technologie niet stopt bij hardware; het gaat uiteindelijk om wat je ermee beleeft. Daarom combineren we onze expertise in tech nu met het laatste nieuws over entertainment. Dat doen we met de gezichten die mensen kennen van Power Unlimited, dé experts op het gebied van gaming en streaming. Zo helpen we je niet alleen aan de beste tv, smartphone of laptop, maar vertellen we je ook direct wat je erop moet kijken of spelen. Je vindt hier dus voortaan de ideale mix van hardware én content.

Nadat eind vorig jaar al werd aangekondigd dat spelers niet alleen Grace Ashcroft zullen besturen, maar ook Leon S. Kennedy - een bekend gezicht voor mensen die eerdere delen hebben gespeeld - werd er tijdens de livestream uitgebreid gameplay van dit personage getoond.

Twee verschillende hoofdpersonages

Daarbij werd de nadruk gelegd op de verschillende speelstijlen van Leon en Grace. Op verschillende momenten gedurende de game wordt er automatisch tussen deze personages gewisseld, en ze zullen elk compleet andere gameplay bieden.

De segmenten met Leon - onder andere bekend uit Resident Evil 2 en Resident Evil 4 - zijn erg op actievolle schietgevechten gericht. Leon kan daarnaast ook de kelen van vijanden doorsnijden. Hij heeft ook een bijl waarmee hij aanvallen kan afweren. Grace's segmenten zijn juist erg gericht op spanning en horror en draaien vooral om het vermijden van intense gevechten.

Tijdens de livestream werd ook onthuld dat de game niet alleen naar consoles en pc komt, maar dat leden van Nvidia GeForce Now de game ook kunnen spelen. Ook werd er gepraat over de verschillende moeilijkheidsgraden - zo is er een extra makkelijke moeilijkheidsgraad voor mensen die weinig ervaring hebben met dit type spellen.

De complete livestream kan hieronder worden bekeken. In verband met de volwassen inhoud van de livestream kan het mogelijk zijn dat je op de link in de video moet klikken om naar YouTube te gaan en te bewijzen dat je volwassen bent.

Vanaf 27 februari verkrijgbaar

Resident Evil Requiem verschijnt op 27 februari (pre-orderen kan nu al) voor PlayStation 5, Xbox Series X en S, Nintendo Switch 2 en pc. Het is het negende hoofddeel in de horrorserie die al sinds de jaren negentig bestaat. In de loop der jaren is de franchise meermaals flink op de schop gegaan. Zo richtte Resident Evil 4 zich meer op actie, en zijn horrorelementen sinds Resident Evil 7: Biohazard weer teruggekeerd. Resident Evil Requiem lijkt dan ook een combinatie van al deze elementen te gaan bieden.

Op 27 februari zullen overigens ook Resident Evil 7 en Resident Evil Village (het achtste deel) op Nintendo Switch 2 uitkomen. Daarnaast verschijnt Village later deze maand op PlayStation Plus en Xbox Game Pass.

Watch on YouTube
▼ Volgende artikel
Slechte wifi thuis? Dit zijn de 3 grootste wifi-fouten die je signaal verpesten
© chadchai - stock.adobe.com
Huis

Slechte wifi thuis? Dit zijn de 3 grootste wifi-fouten die je signaal verpesten

Je kijkt een spannende serie en opeens bevriest het beeld. Dat bekende draaiende cirkeltje… er zijn weinig dingen zó frustrerend. Gelukkig ligt de oplossing vaak binnen handbereik. De snelheid van je internet hangt namelijk sterk samen met de manier waarop je thuis met je apparatuur omgaat. Door een paar veelgemaakte fouten te vermijden en de juiste techniek te kiezen, merk je vaak direct dat je netwerk stabieler wordt, zonder dat daar een duurder abonnement voor nodig is.

In het kort

In dit artikel lees je welke drie wifi-fouten het vaakst zorgen voor traag internet of haperingen: een onhandige plek voor je router, drukte op 2,4 GHz en verouderde firmware of hardware. Je ziet ook hoe je zelf een rustiger kanaal vindt en wanneer het slim is om te kiezen voor 5 GHz of 6 GHz. Tot slot leggen we uit wat wifi 6 en wifi 7 doen en waarom een netwerkkabel van minimaal cat5e verschil kan maken.

Lees ook: Router of powerline-adapter: wat is de beste keuze voor betere wifi?

Fout 1: De router op de verkeerde plek neerzetten

Een router wint qua looks zelden een schoonheidsprijs. De neiging om het apparaat uit het zicht te plaatsen is daarom groot. Toch is een verkeerde locatie de meest gemaakte fout die je bereik merkbaar (en soms zelfs dramatisch) kan verkleinen.

Dat zit zo.  Je kunt wifi-signalen vergelijken met het licht van een gloeilamp. Als je die lamp in een houten kast of achter een dikke bank zet, blijft de rest van de kamer donker. Obstakels zoals muren, meubels en zelfs grote kamerplanten blokkeren de onzichtbare golven. Vooral metaal en water zijn beruchte boosdoeners; een router naast een aquarium of achter een radiator plaatsen is vragen om problemen.

Ook de hoogte is bepalend. Veel mensen zetten de router op de grond, maar op de grond zit het signaal sneller 'achter' meubels en andere blokkades. Zet het apparaat liever op een kast of boekenplank op ooghoogte voor een vrije weg naar je apparaten.

©ID.nl

Fout 2: Storing door andere apparatuur over het hoofd zien

Je staat er waarschijnlijk niet bij stil, maar veel apparaten in huis gebruiken dezelfde onzichtbare digitale snelweg als je internetverbinding. De magnetron, sommige babyfoons en zelfs de draadloze koptelefoon van de buren vechten om een plekje op de 2,4GHz-band. Ook andere wifi-netwerken in de buurt kunnen voor digitale files zorgen.

De meeste moderne routers ondersteunen gelukkig ook de 5GHz-frequentie. Deze band is veel breder en heeft minder last van andere apparatuur. Het handmatig selecteren van het 5GHz-netwerk levert vaak direct een snelheidswinst op. Heb je een router met wifi 6e of wifi 7, dan kun je soms ook de 6 GHz-band gebruiken. Die is vaak rustiger, maar het bereik is meestal wat kleiner dan bij 5 GHz.

Tip: geef je netwerken duidelijke namen

Veel routers zenden meerdere wifi-netwerken tegelijk uit: 2,4 GHz voor bereik, 5 GHz voor snelheid en soms ook 6 GHz voor extra ruimte in drukke omgevingen. Als al die banden onder één naam vallen, kiest je smartphone of laptop automatisch. Dat gaat vaak goed, maar niet altijd: je toestel kan blijven “plakken” aan 2,4 GHz terwijl 5 GHz op dat moment sneller en stabieler is.

Door je netwerken een herkenbare naam te geven, maak je de keuze simpel. Geef de 2,4 GHz-band bijvoorbeeld de naam thuis-2g, de 5 GHz-band thuis-5g en, als je die hebt, de 6 GHz-band thuis-6g. Dan zie je in één oogopslag welk netwerk je pakt. Zit je ver van de router, dan is 2,4 GHz vaak de veiligste optie. Zit je dichtbij en wil je vooral snelheid, dan ligt 5 GHz of 6 GHz meer voor de hand. Zo kun je bij haperingen of traag internet meteen testen of een andere band het probleem oplost, zonder dat je in instellingen hoeft te graven.

View post on TikTok

Fout 3: Verouderde software en hardware blijven gebruiken

Technologie verandert razendsnel en dat geldt ook voor de beveiliging en snelheid van je netwerk. Veel huishoudens werken nog met de router die ze jaren geleden bij hun eerste abonnement kregen. Deze oude techniek kan de moderne eisen van streaming en videobellen simpelweg niet meer bijbenen. Daarnaast vergeten veel gebruikers om de firmware van hun apparaat te updaten. Fabrikanten brengen deze software-updates uit om prestaties te verbeteren en lekken te dichten. Een verouderd systeem is niet alleen trager, maar ook een makkelijker doelwit voor hackers.


1️⃣2️⃣3️⃣Stappenplan: de beste wifi-kanalen scannen

Als je buren ook allemaal op hetzelfde wifi-kanaal zitten, ontstaat er interferentie. Je kunt dit zelf eenvoudig oplossen door een rustiger kanaal te zoeken.

1) Download een app zoals WiFi Analyzer (Android) of NetSpot (Windows, macOS, Android & iOS).

2) Open de app en bekijk de grafiek van de omgeving. Je ziet hier welke kanalen drukbezet zijn door netwerken in de buurt. Noteer het kanaalnummer dat het minst wordt gebruikt. Vaak zijn kanaal 1, 6 of 11 op de 2,4GHz-band de beste keuzes.

3) Log in op de webinterface van je router via je browser (meestal via een adres als 192.168.1.1). Zoek naar de draadloze instellingen en wijzig het kanaal van 'Automatisch' naar het door jou gekozen nummer. Sla de instellingen op en test of je verbinding stabieler aanvoelt.

Het verschil tussen wifi 6 en wifi 7

Sta je op het punt om een nieuwe router of laptop te kopen? Dan kom je de termen wifi 6 en wifi 7 tegen. Wifi 6 was een grote stap vooruit omdat het beter omgaat met veel apparaten tegelijk op één netwerk. Het zorgt voor een efficiëntere verdeling van de data. Wifi 7 is de allernieuwste standaard en gaat nog een flinke stap verder. Het maakt gebruik van extreem brede kanalen en kan verbinding maken via meerdere frequenties tegelijkertijd. Dit wordt Multi-Link Operation genoemd. Hierdoor is de vertraging merkbaar lager en kun je hogere snelheden halen, vooral op korte afstand en met geschikte apparaten. Voor een gemiddeld huishouden is wifi 6 momenteel een uitstekende keuze, terwijl wifi 7 echt voor de toekomst is gebouwd.

Heel belangrijk: de juiste bekabeling

Draadloos internet begint voor de meeste mensen bij een kabel: heb je een los modem en een losse router, dan vormt de kabel ertussen de basis. Gebruik je hier een oude kabel, dan wordt de snelheid al beperkt voordat het signaal de lucht in gaat. Controleer of er Cat 5e, Cat6 of Cat6a op de kabel staat, dan zit je meestal goed. Cat5 haalt soms maar 100 Mbps door kwaliteit/afmontage. Heb je cat5 liggen? Vervang dat dan in ieder geval door cat5e; dat is een veilige keuze voor gigabit. Een kleine investering in een kwalitatieve netwerkkabel kan een wereld van verschil maken voor de uiteindelijke wifi-snelheid op je telefoon.

Slechte wifi? Oplossen is makkelijker dan je denkt

Alles bij elkaar komt goed wifi minder neer op toeval dan veel mensen denken. Met een slimme plek voor je router, een rustige frequentie en actuele software haal je vaak al verrassend veel winst. Combineer dat met een fatsoenlijke netwerkkabel en je voorkomt dat de dat de verbinding al beperkt wordt voordat het signaal draadloos wordt verspreid. Door deze stappen een voor een toe te passen, los je de meest voorkomende wifi-problemen op zonder dat een duurder internetabonnement nodig is, en maak je van een haperende verbinding weer een stabiele basis voor alles wat je online doet.

Consumenten testen: TP-Link Deco BE25 WiFi 7 mesh set

Op Review.nl, het testplatform waarop consumenten nieuwe technologie uitproberen en hun bevindingen delen, krijgt de TP-Link Deco BE25, een router met dualband wifi 7,  een stevige 8,7 op Review.nl. En dat betekent iets: want omdat op Review.nl producten getest worden door een panel van echte gebruikers, zie je hoe iets in een normaal huishouden presteert.

Wat opvalt is hoe vaak testers terugkomen op de snelheid en stabiliteit. De overstap naar wifi 7 levert volgens veel gebruikers merkbaar meer rust in het netwerk op, vooral in huizen waar voorheen op zolder, in de tuin of achterin de woonkamer nauwelijks een bruikbaar signaal was. De Deco BE25 vult dat soort gaten zichtbaar op. Apparaten blijven stabiel verbonden, streamen gaat zonder haperingen en ook gamers merken volgens de testers dat de latency laag blijft. Wie een gigabitverbinding heeft, ziet die snelheid nu ook daadwerkelijk terug op plekken waar dat eerst niet haalbaar was.

Een tweede punt dat veel lof krijgt, is de installatie. De meeste testers spreken over een proces van enkele minuten. De app begeleidt je stap voor stap, herkent automatisch de nieuwe units en geeft advies over de beste plek voor elk wifipunt. Daardoor voelt het hele systeem toegankelijk, ook voor wie zichzelf niet technisch vindt. Eenmaal ingesteld blijkt het netwerk bovendien weinig onderhoud nodig te hebben: de app verdeelt verkeer slim, laat je apparaten prioriteren en biedt opties voor gastnetwerken en ouderlijk toezicht.

Het ontwerp en de functionaliteit leveren wel discussie op. Een deel van de testers vindt de units wat groot en mist montageopties of extra ethernetpoorten. Ook melden sommige gebruikers dat smartphones niet altijd direct naar het dichtstbijzijnde wifipunt schakelen. Toch wordt dat in de meeste reviews gezien als een detail naast de verbeterde dekking en het gemak van dagelijks gebruik.

Alles bij elkaar laat het testpanel zien dat de Deco BE25 vooral scoort op prestaties waar consumenten echt iets van merken: hogere snelheden, betere dekking en een probleemloos installatieproces. Voor veel huishoudens voelt het als een upgrade die een onrustig wifi-netwerk verandert in een betrouwbaar en snel geheel.