ID.nl logo
Nieuw tabblad aanpassen in Chrome met Google Tab Maker
© Reshift Digital
Huis

Nieuw tabblad aanpassen in Chrome met Google Tab Maker

Je staat er niet zo snel bij stil, maar de pagina Nieuw tabblad is een van de meest bekeken pagina’s in je browser. In Chrome kun je de pagina Nieuw tabblad aanpassen, zodat je daar iedere keer wordt begroet door zelf gekozen foto’s, het weerbericht, nieuwtjes, aankondigingen of wat je maar wilt. Dit doen we met de Google Tab Maker.

Voor dit doel heeft Chrome een tool ontwikkeld waarmee je zelf een extensie samenstelt die telkens de lay-out en de inhoud in de Nieuwe tabblad-pagina inlaadt. Het is zelfs mogelijk verschillende nieuwe tabbladen te maken, waarna Chrome er telkens willekeurig één uitpikt. Je hoeft niets te installeren om Google Tab Maker te gebruiken, want het gaat om een webtool. Bovendien is Tab Maker gratis en hoef je ook niet met code aan de gang. 

Als je jouw extensie deelt met anderen, krijgen ook zij deze nieuwe tabbladen te zien. Hiermee is het een interessante oplossing voor bedrijven, organisaties, scholen en verenigingen die langs die weg hun community willen warmhouden met nieuwtjes en aankondigingen. Vroeger ontwikkelden professionele programmeurs dit soort Chrome-extensies, maar met Tab Maker kan iedereen gepersonaliseerde tabbladen maken.

Werkingsprincipe

Om de werking van Google Tab Maker te begrijpen, is het handig om te weten hoe de tool in elkaar zit. Om mee te beginnen, zijn er elf verschillende sjablonen waaruit je kunt kiezen. Die sjablonen bepalen de basisvorm en verdelen de inhoud in vakken of blokken. In deze vakken kun je afbeeldingen, tekst, links of animated gifs plaatsen en ook koppelingen naar je favoriete nieuwsfeeds toevoegen. Je krijgt dan iedere keer als je een nieuw tabblad opent, het meest recente nieuws te zien. 

De inhoud van het sjabloon leg je vast in een Google-spreadsheet. Daarna verbind je het spreadsheet met het gekozen sjabloon, en in het vervolg wordt de inhoud in de juiste vakken geladen.

©PXimport

Sjabloon kiezen

Om aan de slag te gaan klik je op de groene knop rechtsboven: Make your own. In het volgende venster lees je dat de hele procedure slechts vijf stappen inneemt. Klik op Get started, je krijgt dan de elf sjablonen te zien. Wanneer je op zo’n template klikt, zie je rechts een grotere weergave. Er zijn ook sjablonen bij voor dubbele functies, voor als je bijvoorbeeld de resultaten wilt vergelijken van verschillende sportclubs of de weersvoorspellingen van verschillende steden naast elkaar wilt zetten. Heb je een template gekozen, dan klik je op Next.

©PXimport

Inhoud

In de volgende stap moet je in een Google-spreadsheet de inhoud vastleggen. Je kunt daarbij met een blanco werkblad beginnen, of de voorbeeldinhoud openen zodat je een idee krijgt wat er van je verwacht wordt. Onder de knop Add your own content zie je het vak waar je straks het internetadres moet plakken van de Google-spreadsheet. We gaan zelf onze gegevens invullen, dus kiezen voor de onderste knop.

Spreadsheet

Een Google-spreadsheet opent zich, waarin je in koeienletters gevraagd wordt om een kopie van dit werkblad te maken. Dat doe je via het menu Bestand / Kopie maken. Geef dit nieuwe document een herkenbare naam, bijvoorbeeld inhoud_tab_maker. Standaard zal Google Spreadsheets dit nieuwe document via Google Drive publiceren. Dat kun je zo laten staan.

Onderaan dit werkblad zie je dat deze spreadsheet uit drie tabbladen bestaat die je door de opbouw zullen leiden. Het eerste tabblad laat je dus een kopie van dit werkblad maken. Stap twee nodigt je uit om inhoud toe te voegen en in stap drie kun je het werkblad publiceren.

©PXimport

Kolommen en rijen

Nadat we het werkblad gekopieerd hebben, gaan we de inhoud maken. Dat is slechts een kwestie van het vullen van de cellen met afbeeldingen, links en tekst. Klik onderaan op het tabblad met de naam Step 2: Add content to this sheet. Omdat het blad automatisch wordt opgeslagen in je Google-account kun je er op ieder moment naar terugkeren en eraan verder werken. 

Bovenaan in de spreadsheet zie je de vakkenindeling van het sjabloon waarin je werkt. De nummers van de vakken zul je herkennen in de kolommen van het rekenblad. Ieder blok heeft een eigen kolom en er is ook een kolom voor de achtergrondafbeeldingen. De rijen in het rekenblad staan telkens voor een nieuw tabblad. Als je bijvoorbeeld tien rijen gebruikt, dan maak je evenveel nieuwe tabbladen. Het is van cruciaal belang dat je geen foto’s en gifs combineert met tekstuele inhoud in dezelfde kolom. 

Om een afbeelding of gif toe te voegen, ga je er online naar op zoek. Klik met rechts op het zoekresultaat en kies Adres van de afbeelding kopiëren. Daarna plak je deze link in de juiste cel. Hetzelfde doe je met hyperlinks naar andere bronnen, zoals nieuwsfeeds.

 In dit voorbeeld maken we een nieuwe tabbladpagina voor een fotoclub die iedere maand twee foto’s van leden onder de aandacht brengt. 

©PXimport

Publiceren

Zelfs al ben je nog niet helemaal klaar, je kunt de spreadsheet alvast publiceren door in Google Spreadsheets naar Bestand / Delen te gaan. Daar kies je de optie Publiceren op het internet. In het pop-upvenster moet je even opletten. Onder Link staat de optie standaard ingesteld op Heel document. Uiteraard moet je niet het hele spreadsheet-document publiceren, maar alleen het tabblad met de naam Step 2: Add content to this sheet

Daarnaast moet je kiezen in welk bestandsformaat je de spreadsheet publiceert. Standaard staat dit ingesteld op Webpagina. Wijzig dit in de optie Door komma’s gescheiden waarden (.csv). Pas deze instellingen aan en klik op Publiceren. Je krijgt dan een link die begint met https://docs.google.com/spreasheet/. Die link moet je kopiëren.

©PXimport

Body aanpassen

Daarna ga je terug naar de geopende pagina in Tab Maker. De link die je daarnet hebt gekopieerd, plak je in het url-vak. Klik vervolgens op Next. Er verschijnt nu een voorvertoning van de nieuwe tabbladpagina, waarna je de lay-out nog moet verfijnen. 

Eerst pas je de eigenschappen van de gehele pagina aan. Daarna kun je de eigenschappen blok voor blok wijzigen. Zo kun je de achtergrondkleur selecteren en bepalen hoe je de afbeeldingen en tekst in de vakken wilt hebben. Bij afbeeldingen heb je drie opties onder Image Fit: Repeat, Fill en Cover. Bij Repeat wordt de afbeelding herhaald tot het frame gevuld is. 

Met Fill zal de webapp de afbeelding in de hoogte en breedte uitrekken tot het in het frame past, waardoor het beeld vervormd wordt. Met Cover wordt de afbeelding zodanig geschaald en uitgesneden dat hij het frame vult zonder vervorming.

©PXimport

Verschillende tabbladen

In dit voorbeeld hebben we vijf rijen voor evenveel nieuwe tabbladen gemaakt. Onderaan kun je de voorvertoning per rij (dus per nieuwe tabbladpagina) opvragen. Selecteer de gewenste rij en klik op Refresh. Met Page Padding bepaal je de breedte van de marge. Met Block Spacing beslis je hoeveel ruimte er moet zijn tussen de verschillende blokken. 

Hoe groter de waarde die je hier ingeeft, hoe breder de ruimte tussen de inhoudsblokken wordt, maar hoe kleiner die inhoudsblokken zelf worden.

©PXimport

Blokinhoud aanpassen

Verzorg de inhoud van de blokken. Gaat het om tekst, dan kun je het lettertype, de lettergrootte, de stijl, de hoogte en nog meer andere eigenschappen bewerken. Als je op zo’n element klikt, dan verschijnt in de linkerkolom het nummer van het blok met de bijbehorende parameters waarmee je verticale en horizontale uitlijning regelt. 

Ieder blok kun je van een kleurtje voorzien met de regelaar Block Color en de dekking van die achtergrondkleur bepaal je met Background Alpha. Als je die bijvoorbeeld op 50 instelt, dan wordt de achtergrondkleur semitransparant. Verder is het mogelijk om de blokken van afgeronde hoeken te voorzien met Border Radius.

©PXimport

Bundelen

In de volgende stap bundel je alle eigenschappen die je hebt vastgelegd in het Google-spreadsheet samen met Tab Maker in een nieuwe extensie. Geef de nieuwe tab een naam en typ een korte beschrijving. Daaronder kies je een pictogram voor de extensie. 

Tab Maker presenteert een set pictogrammen die je vrij mag gebruiken, maar je mag zelf ook een grafisch bestandje van je harde schijf selecteren. Wanneer alle vakken zijn ingevuld, kun je klikken op de blauwe knop Download zip file.

Privé delen of via Web Store

Nu heb je de keuze. Wil je de extensie zelf delen met een groepje mensen die je kent? Of ben je zo trots op je project dat je de extensie wilt verspreiden via de Chrome Web Store? 

In dat laatste geval moet je jezelf registreren als ontwikkelaar en een eenmalige bijdrage van vijf dollar betalen aan registratiekosten. Daarna moet je het zip-bestand uploaden in het Developer Dashboard. Tenslotte moet je de extensie laten goedkeuren door Google voordat hij in de Web Store wordt opgenomen.

Om de extensie te delen binnen je eigen kring, zal Tab Maker ook een zip-bestand samenstellen. Dat kun je daarna naar de anderen versturen.

©PXimport

Installeren

De ontvanger van jouw extensie moet het bestand tab-maker.zip eerst uitpakken. Daarna opent hij Chrome en gaat hij naar het extensiebeheer door in het adresvak chrome://extensions te typen. Daar schakelt hij de Ontwikkelaarsmodus in, te vinden in de rechterbovenhoek.

Hierdoor komt de knop Uitgepakte extensie laden in beeld en kan hij de uitgepakte extensie uploaden. Om het resultaat te bekijken, moet diegene een nieuw tabblad openen.

▼ Volgende artikel
Router of powerline-adapter: wat is de beste keuze voor betere wifi?
© ER | ID.nl
Huis

Router of powerline-adapter: wat is de beste keuze voor betere wifi?

Haperende streams en trage downloads op zolder zijn grote ergernissen in veel huishoudens. Om dat op te lossen twijfelen veel mensen tussen een krachtiger router of een set powerline-adapters. In dit artikel leggen we precies uit wanneer je voor welke oplossing moet kiezen, zodat je geen geld verspilt aan de verkeerde apparatuur.

Voordat je naar de winkel rent: je moet eerst begrijpen wat er precies misgaat met je verbinding. Wifi-problemen kun je doorgaans opdelen in twee categorieën: een gebrek aan bereik of een gebrek aan capaciteit. Bij een gebrek aan bereik komt het signaal simpelweg niet ver genoeg, bijvoorbeeld omdat dikke betonnen muren of plafonds het signaal blokkeren. Je hebt dan op zolder één streepje bereik of zelfs helemaal geen verbinding. Bij een gebrek aan capaciteit is het signaal wel sterk, maar is de router niet krachtig genoeg om alle data te verwerken. Dat merk je als het internet traag wordt zodra iedereen thuis tegelijk online is. Het onderscheid tussen deze twee oorzaken bepaalt of je een router of een powerline-adapter nodig hebt.

Wanneer is een nieuwe router de oplossing?

De router is het hart van je thuisnetwerk en regelt al het verkeer. Vaak gebruiken mensen het standaardmodem dat ze van hun internetprovider hebben gekregen, maar deze apparaten blinken zelden uit in prestaties. Een losse, hoogwaardige router kopen is de beste keuze wanneer je merkt dat de verbinding in de buurt van het modem al niet optimaal is of wanneer je regelmatig met veel apparaten tegelijk online bent.

Als je in de woonkamer zit en de verbinding hapert zodra de kids op hun tablets zitten, is je huidige router waarschijnlijk niet krachtig genoeg om al die gelijktijdige datastromen te verwerken. Een moderne router met ondersteuning voor wifi 6 kan veel meer apparaten tegelijk bedienen en zorgt voor een hogere, stabielere snelheid op de verdieping waar hij staat.

©Andrii

Internet via het stopcontact met powerline

Een powerline-adapter, ook wel homeplug genoemd, werkt volgens een totaal ander principe. Dit systeem maakt gebruik van het bestaande stroomnet in huis om het internetsignaal te verplaatsen. Je stopt één adapter in het stopcontact bij je router en de tweede adapter in een stopcontact op de plek waar je internet nodig hebt, bijvoorbeeld op zolder of in het tuinhuis.

Dit is de ideale oplossing wanneer het wifi-signaal door dikke betonnen muren of plafonds moet dringen. Waar wifi-golven afketsen op gewapend beton, stuurt de powerline het signaal simpelweg via de koperdraden in de muur naar boven. Dat maakt powerline-adapters uitermate geschikt voor specifieke 'dode zones' die te ver weg liggen voor het bereik van een gewone router.

Populaire merken voor netwerkoplossingen

Als je op zoek gaat naar powerline-adapters, kom je al snel uit bij Devolo. Dit Duitse merk is de onbetwiste marktleider op het gebied van homeplugs en staat bekend om de Magic-serie die zeer stabiele verbindingen via het stroomnet garandeert.

Voor routers en mesh-systemen is TP-Link een zeer populaire keuze vanwege de goede balans tussen prijs en prestaties, met modellen voor elk budget. Netgear richt zich met de Nighthawk-serie vaak op de veeleisende gebruiker en gamers die maximale snelheid wensen. Tot slot is AVM, bekend van de FRITZ!Box, een merk dat zowel uitstekende routers als powerline-oplossingen biedt die naadloos met elkaar samenwerken in één netwerk.

Stabiliteit versus snelheid

Bij de keuze tussen deze twee speelt ook het gebruiksdoel een rol. Powerline-adapters zijn vaak de favoriete keuze voor gamers of mensen die thuiswerken op een vaste pc. De reden hiervoor is dat de tweede adapter vaak beschikt over een netwerkafsluiting, waardoor je je computer met een kabel kunt aansluiten. Een bekabelde verbinding via powerline is doorgaans stabieler en heeft een lagere vertraging (ping) dan wifi, wat cruciaal is bij online gamen. Een nadeel is wel dat de snelheid van powerline afhankelijk is van de kwaliteit van je stroomnet. Oude bedrading of zware apparaten zoals een wasmachine kunnen storing veroorzaken, waardoor de snelheid soms fluctueert. Een high-end router biedt daarentegen vaak een hogere topsnelheid, maar is dus gevoeliger voor afstand en obstakels.

De opkomst van mesh-systemen

Tegenwoordig is er een hybride oplossing die de traditionele router steeds vaker vervangt: Multiroom Wifi of Mesh. Dit zijn feitelijk meerdere routers die met elkaar communiceren. Als je een groot huis hebt en overal perfecte wifi wilt zonder kabels te trekken, is dit vaak een betere, maar ook duurdere oplossing dan een simpele powerline-set. Kies je echter voor een budgetvriendelijke oplossing om snel internet op één specifieke, lastig bereikbare kamer te krijgen, dan wint de powerline-adapter het vaak op prijs-kwaliteitverhouding. Is je doel echter om de algehele snelheid en capaciteit in de woonkamer en keuken te verbeteren, investeer dan in een goede router.

▼ Volgende artikel
Professioneel en gratis video's bewerken? Aan de slag met VSDC Free Video Editor
Huis

Professioneel en gratis video's bewerken? Aan de slag met VSDC Free Video Editor

Maak jij tijdens een welverdiende vakantie talloze video’s? Met VSDC Free Video Editor giet je de leukste fragmenten in een gelikte film. Dankzij het gebruik van mooie overgangen en fraaie effecten oogt het resultaat zeer professioneel. Het kost je bovendien geen cent, want je installeert deze zeer uitgebreide videobewerker gratis op een Windows-computer.

Tegenwoordig liggen er best wat goede gratis videobewerkers voor het oprapen. Zeker wanneer je geen torenhoge eisen aan de videomontage stelt, heb je niet per se een betaald programma als Adobe Premiere Elements of Magix Video Deluxe nodig. Zo krijg je met het gebruiksvriendelijke VSDC Free Video Editor al een heleboel voor elkaar. In tegenstelling tot diverse gratis alternatieven voegt dit programma geen lelijk watermerk toe aan jouw film. Deze freeware heeft daarnaast een verrassend uitgebreide gereedschapskist.

Videobewerker installeren

VSDC Free Video Editor heeft relatief lage systeemeisen. Zeker voor video’s tot een resolutie van 1920 × 1080 pixels heb je geen supersnelle pc of laptop nodig. Wil je haarscherpe 4K-video’s bewerken? In dat geval adviseren de makers een systeem met 8 of 16 GB werkgeheugen. Daarnaast is een krachtige processor met meerdere rekenkernen geen overbodige luxe.

Particulieren mogen VSDC Free Video Editor voor nop installeren. Ga naar de site via www.kwikr.nl/vsdc en download het installatiebestand. Je hebt keuze tussen de 32bit- en 64bit-versie. De meeste computers kunnen met de 64bit-versie uit de voeten. Dubbelklik op het gedownloade exe-bestand en doorloop de stappen van de installatie. 

Nieuw project starten

Zodra je de videobewerker voor de eerste keer opstart, verschijnt er een pop-upvenster met een aanbeveling voor de betaalde Pro-versie (zie kader). Je klikt dat via het kruisje weg. Laat de ietwat drukke gebruikersomgeving even op je inwerken. Het beginscherm toont diverse instructies voor geavanceerde bewerkingen. Laat die als beginnende gebruiker links liggen. Je kunt wel alvast even de tabbladen doornemen, want die herbergen verschillende bruikbare functies.

Je gaat nu eerst een nieuw (video)project starten. Klik op het tabblad Projects en daarna op New project. Er verschijnt een nieuw venster waarin je diverse instellingen voor de videomontage kunt bepalen. Het belangrijkste is de waarde achter Resolution. Voor een scherp beeld en soepele montage laat je de huidige waarde van 1920 × 1080 pixels (16:9) staan. Filmt jouw smartphone of videocamera in een hogere resolutie, dan kun je een andere waarde overwegen. Laat de overige opties ongewijzigd. Je typt achter Project title een relevante projectnaam en kiest onderaan voor Blank project. Bevestig tot slot met Finish.

Welke resolutie ken je aan de videomontage toe?
VSDC Pro

Naast de hier besproken gratis versie bestaat er met VSDC Pro (www.videosoftdev.com/video-editor-pro) ook een betaalde variant. Die bevat allerlei extra snufjes voor geavanceerde gebruikers. Je kunt bijvoorbeeld een achtergrondkleur verwijderen, gesproken commentaar toevoegen en trillende beelden stabiliseren. Daarnaast ondersteunt de Pro-versie hardwareversnelling door een geschikte grafische kaart. Dit leidt tot betere prestaties, omdat de processor minder hoeft te rekenen. Je merkt dat bijvoorbeeld aan kortere wachttijden en een vloeiendere videoweergave. VSDC Pro kost op het moment van schrijven circa 31 euro. 

Video’s toevoegen

Nu ga je met het zojuist aangemaakte videoproject aan de slag. Merk op dat het tabblad Editor is geopend. Je zit nu dus in de videobewerker. Zoals je ziet, zijn er flink wat opties beschikbaar. Laat je hierdoor niet afschrikken, want we nemen de basisfuncties stap voor stap met je door.

Je dient eerst relevante videoclips aan het programma toe te voegen. Gunstig is dat VSDC Free Video Editor alle bekende beeldformaten ondersteunt. Klik bovenaan in de werkbalk op Add object / Video en navigeer naar de map met de bestanden. Je selecteert één of meer video’s, waarna je bevestigt met Openen / OK. Wanneer je minimaal twee fragmenten toevoegt, kies je Add to layer.

Wegens de talloze toeters en bellen ziet deze videobewerker er nogal imponerend uit.

De videoclips verschijnen allemaal in de tijdlijn onderaan het venster. Deze tijdlijn is belangrijk, want die bepaalt welke momenten er in de uiteindelijke film terechtkomen. Verder kun je hieraan bijvoorbeeld ook titels, overgangen, speciale effecten en audiotracks toevoegen. Vind je de tijdlijn te klein? Je kunt dit onderdeel eenvoudig vergroten. Zweef onder Layer 1 op de scheidslijn totdat er een dubbele pijl verschijnt. Beweeg de muis nu met ingedrukte muisknop omlaag. In VSDC Free Video Editor pas je op soortgelijke wijze de grootte van alle deelvensters aan. Kortom, richt op die manier het bewerkvenster naar eigen wens in.

Alle geïmporteerde videobestanden belanden op de tijdlijn.

Volgorde clips wijzigen

Waarschijnlijk heb je een bepaalde volgorde voor de videoclips in gedachten. Geen probleem, want je kunt de clips op de tijdlijn verplaatsen. Sleep het beoogde fragment met ingedrukte muisknop één laag omlaag. De overgebleven video’s schuif je daarna naar links of rechts. Creëer op die manier een ‘gat’ en sleep het fragment ernaartoe. Het is belangrijk dat er geen loze ruimtes op de tijdlijn achterblijven. Anders zie je namelijk zwart beeld.

Sleep videoclips naar onder, boven, rechts en links om de volgorde op de tijdlijn te wijzigen.

Scènes inkorten

Vanzelfsprekend wil je alleen boeiende scènes in de film tonen. Saaie passages snijd je daarom resoluut weg. Dat doe je door een videoclip in te korten. Gebruik hiervoor wederom de tijdlijn. Selecteer een fragment en beweeg de rode schuifregelaar naar deze clip. Het bijbehorende beeld verschijnt nu in de voorbeeldweergave. Vind je dit beeld te klein? Klik dan helemaal rechtsonder in het programma op het kleine plusteken. Je past daarmee het zoomniveau aan. Klik nu onder de voorbeeldweergave op de rode afspeelknop (PijltjeRechts) om de video te starten. Begint of eindigt het saaie gedeelte? Via dezelfde rode knop (twee verticale streepjes) pauzeer je de video.

Inkorten is vrij eenvoudig. Een geselecteerde videoclip heeft op de tijdlijn aan weerszijden twee piepkleine vierkanten. Klik daarop en houd de muisknop ingedrukt. Beweeg de muis nu naar links of rechts tot de rode schuifregelaar. Laat de muisknop als laatste los. Het fragment is nu een kopje kleiner gemaakt! 

Fragmenten splitsen

Je kunt een lang fragment ook in twee (of meer) delen opsplitsen. Dat is nuttig wanneer je deze videootjes op verschillende momenten in de film wilt tonen. Selecteer in de tijdlijn een videoclip en bepaal met de rode schuifregelaar een geschikt ‘splitmoment’. Overigens kun je met de mediaknoppen onder de voorbeeldweergave dit moment heel precies bepalen. Spoel bijvoorbeeld een seconde voor- of achteruit. Het is zelfs mogelijk om een video frame voor frame door te nemen. Staat de rode schuifregelaar exact op de goede plek? Klik dan in de werkbalk boven de tijdlijn op het pictogram met de twee rode haakjes. Je ziet vervolgens twee aparte clips.

Maak via de optie Split into parts van één clip twee losse fragmenten.

Roteren en bijsnijden

Soms is het noodzakelijk om een video negentig graden te roteren, omdat het beeld in VSDC Free Video Editor is gedraaid. Gelukkig herstel je deze ‘fout’ simpel. Je selecteert in de tijdlijn de juiste video en klikt helemaal bovenaan bij de sectie Tools op het pictogram met de gebogen pijl. De video draait meteen.

Staat er een ongewenst persoon, lelijk logo of storend object in beeld? Gooi de videoclip dan nog niet weg! Je kunt het fragment namelijk nog bijsnijden. Beslis welk deel van de video je wilt gebruiken en gooi het overtollige beeldmateriaal weg. Je klikt met de rechtermuisknop op een videoclip in de tijdlijn en kiest Crop tools / Custom region. Bepaal in het nieuwe venster welk deel uit beeld moet verdwijnen. Je regelt dat door de zwarte vierkantjes aan de randen van de voorbeeldweergave te verslepen. Tevreden? Met OK voer je de actie definitief uit.

Nuttig om te weten is dat je met deze functie de oorspronkelijke resolutie verkleint. Zeker wanneer je de uiteindelijke film op een grote televisie of pc-monitor bekijkt, zie je mogelijk korrelige beelden. Snijd daarom liever niet te veel beeldmateriaal weg.

Alles buiten de rechthoekige selectie verdwijnt uit de video.

Video-effecten

Wie dat wil, gaat in deze videobewerker helemaal los met speciale effecten. Klik maar eens bovenaan in de werkbalk op Video effects. Er verschijnt een uitgebreid menu. Voordat je iets uitkiest, selecteer je eerst een clip op de tijdlijn. Via Quick styles pas je heel makkelijk een effect toe, omdat hiervoor geen extra instellingen zijn vereist. Laat de video bijvoorbeeld op een gedateerde film uit de jaren ‘70 lijken of pas automatisch de contrastwaarden aan.

Wil je zelf meer invloed op in hoeverre het programma een video-effect toepast? Bij veel filters stel je naar eigen inzicht de intensiteit in. Bekijk hiervoor de mogelijkheden via Video effects / Adjustments. Zo wijzig je onder andere de kleurverzadiging en helderheid. Daarnaast kun je ook een stijlvol sepia- of zwart-wit-effect op de video loslaten. Zodra je eenmaal iets hebt gekozen, pas je in het deelvenster Properties window aan de rechterkant de waarden aan. Als je dit deelvenster niet ziet, klik je achtereenvolgens op het tabblad View en Properties. Tot slot zijn ook de video-effecten binnen de rubrieken Filters en Nature de moeite waard. Spijt van een bepaalde keuze? Met de sneltoets Ctrl+Z maak je de laatste handeling weer ongedaan. Experimenteer er dus lustig op los!

Met het Auto contrast-filter optimaliseer je heel eenvoudig de contrastwaarden.
Gebruik het deelvenster Properties window om de instellingen van een video-effect te wijzigen.

Overgangen

Tijdens de montage van een video ontkom je eigenlijk niet aan het gebruik van overgangen. Doe je dat niet, dan lopen de fragmenten nogal abrupt in elkaar over. Dat is onprettig voor de kijker. Met een overgang wordt een nieuwe videoclip op subtiele wijze geïntroduceerd.

Klik in de tijdlijn op de videoclip waarbij je aan het einde een overgang wilt toevoegen. Je opent zo nodig eerst het tabblad Editor en navigeert daarna naar Video effects / Transitions. Probeer nu één van de beschikbare overgangen uit. Zo laat je het oude fragment bijvoorbeeld in vlammen opgaan (Paper burn) of in scherven uit elkaar vallen (Shattered glass). Kies een overgang en controleer in het pop-upvenster of de optie To the end of scene is geselecteerd. Klik op OK.

Merk op dat er op de tijdlijn een verse laag met de gekozen overgang verschijnt. Klik op de rode afspeelknop onder de videoweergave om de overgang te bekijken. Je past in het eigenschappenvenster aan de rechterkant diverse zaken aan, waaronder de tijdsduur en transparantie.

Deze videobewerker heeft een aantal spectaculaire overgangen in huis.

Geluid

De audiokwaliteit van zelfgeschoten video’s is vaak matig. Stond er toentertijd tijdens de opname een stevig briesje, dan hoor je waarschijnlijk voornamelijk windgeruis. Zet het geluid van dergelijke videoclips daarom gewoon uit. Klik in de tijdlijn op een fragment om de bijbehorende eigenschappen aan de rechterkant te tonen. Verschijnt dat niet, dan klik je op View / Properties. Je scrolt zo nodig een stukje omlaag totdat je de optie Audio track tegenkomt. Klik achter Track 1 op het kleine pijltje en kies Don’t use audio.

Je kunt eventueel zelf audio aan de videomontage toevoegen, zoals achtergrondmuziek of een voice-over. Klik zo nodig op het tabblad Editor en kies Add object / Audio. Je selecteert nu pakweg een mp3-, wma-, wav- of flac-bestand op de computer. Via Openen / OK belandt de audiotrack als nieuwe laag op de tijdlijn. Kies een geschikte plek en pas diverse eigenschappen in het Properties window desgewenst aan. Denk hierbij onder meer aan de snelheid en het volumeniveau.

Schakel bij video’s met slecht geluid het audiospoor eenvoudig uit.

Film opslaan

Deze workshop is slechts een bescheiden introductie van VSDC Free Video Editor. Je kunt namelijk nog veel meer met deze veelzijdige videobewerker doen. Ga er dus vooral ook zelf mee stoeien. Ben je eenmaal klaar, dan sla je het resultaat op. Je kunt de film daarna op verschillende schermen bewonderen.

Klik in de werkbalk op het tabblad Export project en speel zekerheidshalve de volledige videomontage nog eens af. Ben je helemaal tevreden, dan geef je in de werkbalk het gewenste videoformaat aan. Kies bijvoorbeeld voor mp4, mkv, mov, flv of mts. Het is ook mogelijk om de film op een dvd te branden. Wijzig via Change name zo nodig de bestandsnaam en opslaglocatie. Je bevestigt bovenaan ten slotte met Export project / Continue.

VSDC Free Video Editor ondersteunt een heleboel exportformaten.