ID.nl logo
Huis

Jasper-tutorial: Bouw je eigen spraakassistent

Google en Amazon proberen hun spraak-gestuurde apparaten Home en Echo als een centraal punt voor slimme apparaten aan te bieden. Maar deze bedrijven hebben het niet zo op privacy. Gelukkig is er een opensource-alternatief. Lees in deze Jasper-tutorial hoe je je eigen spraakassistent bouwt!

Aan het einde van dit artikel heb je dus je eigen Google Home of Amazon Echo, maar dan een die je privacy respecteert en waar je zelf volledige controle over hebt. Daarvoor zetten we een Raspberry Pi 3 in. Dat minicomputertje heeft ingebouwde wifi, zodat we een kabel minder nodig hebben. Het besturingssysteem plaatsen we op een micro-sd-kaartje. Het enige wat we dan naast de voeding nog dienen aan te sluiten, zijn een microfoon en luidsprekers. De luidsprekers sluiten we aan op de analoge uitgang van de Pi. De geluidskwaliteit daarvan is niet geweldig, maar voor zo’n computerstem is het voldoende.

Een analoge ingang heeft de Pi niet, maar we sluiten eenvoudig een usb-microfoon aan. Het resultaat van ons knutselwerk is uiteraard niet zo mooi als een Google Home of Amazon Echo, maar als je wat handig bent, bouw je het geheel eenvoudig in een houten behuizing die niet misstaat in je woonkamer. Die afwerking laten we als oefening voor jou!

Jasper downloaden

Voor de software gebruiken we Jasper, een opensource-spraakassistent. De oorspronkelijke ontwikkelaars hebben het project al een tijdje geen update meer gegeven, maar Matt Curry heeft de ontwikkeling op zich genomen en al enkele nieuwe releases uitgebracht. We werken in deze masterclass met versie 1.5 van Matt Curry.

Let dus op dat je niet een officieel image van het Jasper-project downloadt, want dat is niet meer up-to-date. Download een image van de website van Matt Curry (http://bit.ly/2nwRBV9). Vink het bestand op de Amazon Drive van Matt Curry aan en klik onderaan op Download. Het is 1,4 GB groot en het duurt wel even voor je het binnen hebt.

Pak het tar.gz-bestand uit, bijvoorbeeld met het programma 7-Zip dat allerlei compressieformaten ondersteunt. Open het bestand daarvoor met 7-Zip en klik op Extract om het img-bestand erin uit te pakken.

Schrijf dan het uitgepakte bestand naar het micro-sd-kaartje. Dat kan met het programma Win32DiskImager. Steek je micro-sd-kaartje in de kaartlezer van je computer en kies in Win32DiskImager de schijfletter van je kaartje. Selecteer het img-bestand van Jasper en klik op Write om het naar je kaartje te schrijven.

Let op: het programma overschrijft de volledige inhoud van het kaartje! Gebruik dus alleen een kaartje waar geen data meer op staan die je nodig hebt, en controleer dubbel of je de juiste schijfletter kiest voordat je op Write klikt. Nadat het image naar het kaartje is geschreven, haal je het uit je kaartlezer en steek je het in je Pi.

Raspbian op Raspberry Pi

Sluit tijdelijk een toetsenbord en scherm op je Pi aan voor de configuratie, sluit je luidsprekers en usb-microfoon aan en tot slot de voedingskabel. Als alles goed gaat, start je Pi nu en krijg je een inlogprompt van Raspbian te zien. Log in met gebruikersnaam pi en wachtwoord raspberry. Voer het configuratieprogramma van Raspbian uit met

sudo raspi-config

Kies eerst Expand Filesystem zodat het bestandssysteem je volledige micro-sd-kaart inneemt. Kies daarna Change User Password om het standaardwachtwoord te wijzigen.

Zorg dat Wait for Network at Boot ingeschakeld is. Bij Internationalisation Options kies je je taal, tijdzone, toetsenbordindeling en je land. Ga dan naar Advanced Options en zet onder Memory Split de hoeveelheid geheugen voor de gpu op 16 megabytes, zodat je zoveel mogelijk geheugen voor de cpu overhoudt. Schakel ook de ssh-server in onder SSH, zodat je het toetsenbord en beeldscherm niet aangesloten hoeft te houden, maar met Putty via het netwerk kunt inloggen. Ga tot slot met de Tab-toets naar Finish en antwoord No bij de vraag om nu te herstarten.

Nu hoeven we alleen nog wifi te configureren. Scan naar de aanwezige wifi-netwerken met

sudo iwlist wlan0 scan

Achter ESSID staat de naam van het netwerk. Open daarna het configuratiebestand met

sudo nano /etc/wpa_supplicant/wpa_supplicant.conf

en voeg de configuratie voor je netwerk toe met regels

network={, ssid="JouwESSID", psk="JouwWifiWachtwoord"

En

}

Herstart daarna je Pi met

sudo reboot

©PXimport

Audio instellen

We gaan ervan uit dat je speakers hebt aangesloten op de 3,5mm-uitgang van de Pi en een usb-luidspreker op een usb-poort. We zorgen dat Raspbian de usb-audiodrivers eerst laadt. Open daarvoor het juiste bestand met

sudo nano /etc/modprobe.d/alsa-base.conf

en zorg dat bij snd_usb_audio als index 0 staat en bij snd_bcm2835 als index 1. Zorg ook dat op de laatste regel van dit bestand bij slots eerst snd-usb-audio komt en daarna pas snd-bcm2835. Sla het bestand op met Ctrl+O en sluit nano af met Ctrl+X. Voer daarna

sudo nano /usr/share/alsa/alsa.conf

uit en zoek met Ctrl+W naar defaults.ctl.card. Controleer of hier en bij defaults.pcm.card als waarde 0 staat en verander dit indien nodig. Controleer nu of je met de luidspreker iets kunt opnemen. Voer daarvoor de opdracht

arecord temp.wav

uit en spreek iets in. Sluit de opname af met Ctrl+C. Speel de opname daarna af met

aplay -D hw:1,0 temp.wav

Hoor je wat je zojuist hebt ingesproken, dan is je audio correct geconfigureerd.

Lees verder op de volgende pagina.

Nu is ons besturingssysteem klaar om Jasper te installeren.

Jasper installeren en configureren

Ga naar de juiste directory met

cd Jasper-RPI-Tools/installers

en voer het installatieprogramma uit met

./jasper-repo-installer.sh

Druk op Enter om te bevestigen dat je Jasper wilt downloaden, bevestig dat gebruiker pi het programma draait, dat je het programma in de directory /home/pi wilt installeren en kies de versie main. Herstart daarna je Pi.

Met de standaardinstellingen werkt Jasper al bijna, maar je hebt nog één ding nodig: een server-token voor Wit.ai. Log op die website in met een GitHub- of Facebook-account. Klik zodra je ingelogd bent bovenaan rechts op Settings en kopieer het Server Access Token. Voer dan op je Pi de opdracht

nano ~/.jasper/profile.yml

uit en vul wat gegevens in, zoals je naam, Gmail-adres, Gmail-wachtwoord, telefoonnummer, locatie, tijdzone enzovoort. Informatie die je niet wilt invullen, laat je gewoon open.

Vul bij stt_engine de engine witai in. Voeg ook de regels

witai-stt:

En

access_token: ERJKGE86SOMERANDOMTOKEN23471AB

toe, waarbij je uiteraard je eigen token van Wit.ai invult. Sla het bestand op met Ctrl+O en sluit het af met Ctrl+X. Herstart Jasper met

sudo systemctl restart jasper-daemon.service

©PXimport

Debuggen

Als Jasper niet doet wat hij moet doen, is het moeilijk om te zien wat er juist misloopt. Is het omdat Jasper je accent niet verstaat, of omdat je een fout in het configuratiebestand hebt staan? Sluit daarom alle draaiende Jasper-instanties af met

pkill python2

en start Jasper manueel op met

jasper-client/jasper.py --debug

Het programma toont nu zijn uitvoer en met de optie --debug krijg je nog meer informatie te zien. Als er iets mis is met het configuratiebestand, krijg je hier een waarschuwing of foutmelding te zien. En als je een opdracht inspreekt, krijg je de tekst te zien die Jasper uit je spraak herkent. Zo weet je onmiddellijk wanneer je wat duidelijker moet articuleren. Is je probleem opgelost, sluit Jasper dan af met Ctrl+C en start het programma terug op de achtergrond op met

sudo systemctl start jasper-daemon.service

Praten met Jasper

Wanneer Jasper start, zegt hij “How can I be of service?” gevolgd door je naam. Vanaf dan luistert je assistent naar jou. Als je “Jasper” zegt, laat Jasper een hoog biepje horen. Dan spreek je je opdracht in, bijvoorbeeld “What’s the time?”, waarna Jasper een laag biepje genereert. Daarna spreekt Jasper zijn antwoord uit. Let wel op dat je onmiddellijk na het eerste biepje je opdracht inspreekt, want Jasper wacht niet lang.

Elke opdracht die Jasper verstaat, zit in een afzonderlijke module. Standaard komt Jasper al met enkele modules, zoals de tijd, “How’s the weather”, “What’s in the news”, “What’s the meaning of life”, “Tell me a joke”, enzovoort.

Voor de integratie met Gmail vul je de variabelen gmail_address en gmail_password in het configuratiebestand ~/.jasper/profile.yml in met nano. Let op: iedereen die het micro-sd-kaartje van je Pi steelt of via het netwerk op je Pi inbreekt omdat je het standaardwachtwoord niet hebt veranderd, is zo in staat om je Gmail-wachtwoord te lezen.

Gebruik daarom authenticatie in twee stappen voor Gmail en stel een app-wachtwoord in voor Jasper, dat je in zijn configuratiebestand invult. Dit wachtwoord kun je op elk moment intrekken op https://myaccount.google.com/security. Als je Gmail-gegevens geconfigureerd zijn, vraag je aan Jasper “Do I have any email?” en antwoordt hij met het aantal ongelezen e-mails.

Ook integratie met Facebook is mogelijk: dan kun je je Facebook-notificaties opvragen of Jasper vragen wie er vandaag jarig is. En heb je Spotify Premium, dan laat je eenvoudig je afspeellijsten van Spotify door je Pi afspelen met stembesturing. Beide modules vereisen wel wat meer configuratie, we verwijzen daarvoor naar de documentatie van Jasper.

Pocketsphinx, een andere speech-to-text-engine

We hebben nu met de standaard speech-to-text-engine (STT) Wit.ai gewerkt, omdat die eenvoudig te activeren is. Een nadeel is dat die al je spraak over internet stuurt naar de servers van Wit.ai, wat vanuit privacystandpunt niet aan te raden is. Bovendien levert het sturen van je spraak over internet ook een vertraging op. We tonen hier daarom hoe je naar een offline stt-engine overschakelt, Pocketsphinx. Let wel op: die herkent iets minder goed spraak dan Wit.ai.

Ververs eerst de pakketbronnen van Raspbian met

sudo apt-get update

Installeer daarna Pocketsphinx en de Python-module voor Pocketsphinx met

sudo apt-get install pocketsphinx python-pocketsphinx

Daarna dienen we enkele afhankelijkheden zelf te compileren. Dat is nogal een omslachtig proces. We verwijzen daarvoor naar de documentatie van Jasper, maar niet alles klopt meer. Volg eerst de uitleg onder het kopje ‘Installing CMUCLMTK’.

Download nu OpenFST 1.3.4 met de opdracht

wget -O openfst_1.3.4-1_armhf.deb https://docs.google.com/uc?id=0ByR-0pXyV40pNlZZY0p6MUVpWW8&export=download

En installeer het met

sudo dpkg -i openfst_1.3.4-1_armhf.deb

Download dan m2m-aligner 1.2 met

wget https://storage.googleapis.com/google-code-archive-downloads/v2/code.google.com/m2m-aligner/m2m-aligner-1.2.tar.gz

Pak het uit met

tar xvzf m2m-alifner-1.2.tar.gz

Open de directory en compileer het met

cd m2m-aligner-1.2 en sudo make

Ga terug naar de home-directory met

cd

en download mitlm 0.4.1 met

wget https://github.com/mitlm/mitlm/releases/download/v0.4.1/mitlm_0.4.1.tar.gz

Pak het uit met

tar xvzf mitlm_0.4.1.tar.gz

Ga in de directory met

cd mitlm-0.4.1/

configureer het pakket met

./configure

en installeer het met

sudo make install

©PXimport

Ga terug naar de home-directory met

cd

en download Phonetisaurus 0.8.1 met

wget https://storage.googleapis.com/google-code-archive-downloads/v2/code.google.com/phonetisaurus/is2013-conversion.tgz

Pak het bestand uit met

tar xvzf is2013-conversion.tgz

Ga naar de juiste directory met

cd is2013-conversion/phonetisaurus/src

en compileer Phonetisaurus met

sudo make

Maak ondertussen maar een wandeling met de hond, want het compileren duurt een tijdje. Ga dan terug naar de home-directory (met cd) en kopieer enkele gecompileerde bestanden met

sudo cp ~/m2m-aligner-1.2/m2m-aligner is2013-conversion/bin/phonetisaurus-g2p /usr/local/bin

Download dan het Phonetisaurus FST-model met

wget https://www.dropbox.com/s/kfht75czdwucni1/g014b2b.tgz

en pak het uit met

tar xvzf g014b2b.tgz

Ga daarna naar de uitgepakte directory met

cd g014b2b/

en bouw het FST-model met

./compile-fst.sh

Ga daarna terug naar de home-directory en geef de uitgepakte directory een andere naam met

mv ~/g014b2b ~/phonetisaurus

Je bent nu eindelijk klaar met de installatie van Pocketsphinx! Pas daarna in ~/.jasper/profile.yml de stt-engine aan door de regel

stt_engine: sphinx

Voeg ook de regel

pocketsphinx:

En daaronder

hmm_dir: '/usr/share/pocketsphinx/model/hmm/en_US/hub4wsj_sc_8k'

toe. Sla op met Ctrl+O en sluit nano af met Ctrl+X. Start Jasper nu opnieuw, waarna je spraakassistent werkt zonder je spraak het internet op te sturen. Het heeft dus wat moeite gekost, maar daar krijg je wel wat voor terug!

Jasper ondersteunt dus meerdere speech-to-text engines. Drie daarvan sturen wat je tegen Jasper zegt door over internet om de spraak daar te analyseren en de herkende tekst terug te sturen. De engine van Wit.ai werkt met het Wit.ai-platform dat spraakherkenningsalgoritmes door crowdsourcing traint. De engine van Google is dezelfde als die je op Android gebruikt als je “OK, Google” zegt. En de engine van AT&T bouwt voort op de diensten van het gelijknamige telecommunicatiebedrijf.

Als je niet wilt dat anderen in principe kunnen meeluisteren in je woonkamer naar wat je tegen Jasper zegt, laat je deze engines links liggen. Maar toevallig zijn het wel de engines die het beste werken. Wil je een offline stt-engine, dan is Pocketsphinx de eerste keuze. Deze opensource-engine werkt snel en is geoptimaliseerd voor systemen met weinig processorkracht zoals de Raspberry Pi.

De spraakherkenning is wel duidelijk minder goed dan die van de online engines. Een andere offline engine is Julius. Die dien je echter met je eigen akoestisch model te trainen, wat nogal een complexe taak is.

Een andere stem voor Jasper

De stem van Jasper klinkt standaard nogal robotachtig. Dat is de verantwoordelijkheid van de standaard text-to-speech engine die Jasper gebruikt, espeak. Gelukkig is het kiezen van een andere text-to-speech-engine niet zo’n lijdensweg als de installatie van Pocketsphinx. De SVOX Pico tts-engine installeer je eenvoudig met

sudo apt-get install libttspico-utils

Ook de configuratie is eenvoudig. Open het bestand ~/.jasper/profile.yml met nano en voeg de regel

tts_engine: pico-tts

toe. Sla het bestand op met Ctrl+O en sluit nano af met Ctrl+X. Als je nu Jasper opnieuw start, krijg je een veel menselijker klinkende stem te horen. Bovendien hebben we nog altijd het voordeel Jasper zijn uitgesproken woorden niet over internet stuurt, zodat je spraakassistent je privacy garandeert.

Een schoonheidsfoutje is dat de stem van de Pico-tts-engine vrouwelijk is en onze spraakassistent nog altijd naar de mannelijke naam Jasper luistert. In Jasper 1.6 zal de naam eenvoudig te veranderen zijn.

Jasper ondersteunt maar liefst acht text-to-speech engines. Is je privacy je lief, dan vallen verschillende al af omdat ze online werken en de tekst die Jasper naar spraak wil omzetten naar een server sturen. Het zijn wel de tts-engines die de beste spraakherkenning hebben.

Google TTS gebruikt dezelfde text-to-speech-api als die van nieuwere Android-apparaten. De spraaksynthese gebeurt op servers van Google. Ivona TTS werkt met de Ivona Speech Cloud van Amazon, die we ook van in de Kindle Fire kennen. Ook hier gebeurt de spraaksynthese online. MaryTTS werkt ook met een server, maar het voordeel is dat de server opensource is en dat je ze op je eigen machine kunt installeren. Voor de Raspberry Pi is het programma echter nogal zwaar.

Maak je gebruik van een publieke MaryTTS-server, dan is je privacy uiteraard niet gegarandeerd. Tot de offline engines behoren eSpeak, Festival en Flite, die nogal robotachtig klinken. SVOX Pico TTS is de engine die in Android 1.6 gebruikt werd en heeft een vrij goede kwaliteit. Draai je Jasper op een Mac, dan kun je ook Mac OS X TTS inzetten, die de say-opdracht van macOS aanroept.

▼ Volgende artikel
Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?
© Dennis
Huis

Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?

HDMI 2.1 is de nieuwste standaard voor beeldoverdracht, maar lang niet iedereen heeft de extra bandbreedte ook écht nodig. Vooral voor gamers met een PlayStation 5, Xbox Series X of krachtige pc is het relevant. Kijk je alleen films of televisie? Dan volstaat de oudere aansluiting vaak prima. Wij leggen uit waar de grens ligt.

Als je momenteel op zoek bent naar een nieuwe televisie of monitor vlíegen de technische termen je om de oren. HDMI 2.1 wordt door fabrikanten en winkels vaak gepresenteerd als een absolute noodzaak voor een scherm dat klaar is voor de toekomst. Hierdoor ontstaat de angst dat je een miskoop doet als je kiest voor een model met de oudere HDMI 2.0-standaard. Toch is dat in veel Nederlandse huiskamers een misvatting, want de voordelen zijn nogal specifiek. Veel consumenten betalen onnodig extra voor een functie die ze technisch gezien nooit zullen activeren. Na het lezen van dit artikel weet je precies of jij die snelle poort nodig hebt, of dat je dat budget beter aan een groter scherm of beter geluid kunt besteden.

De kern van het probleem: bandbreedte

Het fundamentele verschil tussen de gangbare HDMI 2.0-standaard en de nieuwere 2.1-versie zit 'm in de digitale snelweg die ze bieden. Je kunt het zien als een waterleiding: door een 2.1-kabel kan veel meer water (of dus data) tegelijk worden gepompt (48 Gbit/s in dit geval) dan door de oudere 2.0-variant (die 'maar' 18 Gbit/s kan verwerken). Die extra ruimte is nodig voor 4K-beelden met een zeer hoge verversingssnelheid (120 beelden per seconde) of voor extreem hoge resoluties zoals 8K.

Een hardnekkige mythe is dat HDMI 2.1 het beeld altijd mooier maakt. Dat is onjuist. Als je naar een Netflix-serie kijkt in 4K, ziet dat er via een 2.0-poort exact hetzelfde uit als via een 2.1-poort. De kabel verandert niets aan de kleuren, de scherpte of het contrast; hij zorgt er alleen voor dat het signaal 'erdoor' past. Pas als er een file op de kabel ontstaat (omdat je te veel beelden per seconde wilt versturen) wordt de nieuwe standaard noodzakelijk. Zolang je dataverbruik onder de limiet van HDMI 2.0 blijft, voegt versie 2.1 niets toe aan de beeldkwaliteit.

Wanneer werkt dit wél goed?

HDMI 2.1 komt pas echt tot zijn recht als je de grenzen van beweging en snelheid opzoekt. Dat is vrijwel exclusief het domein van de fanatieke gamer. Heb je een PlayStation 5 of Xbox Series X in huis en wil je games spelen in de hoogste 4K-resolutie met 120 beelden per seconde (120 Hz)? Dan is een HDMI 2.1-aansluiting op je tv onmisbaar. Zonder deze poort blijft je console steken op 60 beelden per seconde, wat minder vloeiend oogt bij snelle shooters of racegames.

Ook pc-gamers met een zware, moderne videokaart (zoals de NVIDIA RTX 40- of 50-serie) profiteren hiervan als ze hun pc op de tv aansluiten. Naast de snelheid biedt de 2.1-standaard ondersteuning voor Variable Refresh Rate (VRR). Dat zorgt ervoor dat de televisie zijn verversingssnelheid continu aanpast aan de spelcomputer, wat haperingen en 'tearing' (waarbij het beeld in tweeën lijkt te breken) voorkomt. Daarnaast is er Auto Low Latency Mode (ALLM), een signaal waardoor je tv automatisch naar de spelmodus schakelt zodra je de console aanzet. Voor wie de maximale prestaties uit een moderne spelcomputer wil halen, is HDMI 2.1 dus een logische en eigenlijk verplichte keuze.

Oké, maar wanneer werkt dit níet goed?

Voor de gemiddelde kijker is de meerwaarde van HDMI 2.1 nagenoeg nihil. Kijk je voornamelijk lineaire televisie (nieuws, talkshows), sportwedstrijden, films op Blu-ray of series via streamingdiensten als Disney+ en Videoland? Dan kom je nooit in de buurt van de bandbreedte die HDMI 2.0 niet meer aankan. Films en series worden vrijwel altijd gemaakt en uitgezonden in 24, 30 of maximaal 60 beelden per seconde. Een standaard HDMI 2.0-aansluiting kan 4K-beeld op 60 Hz fluitend aan, inclusief HDR (High Dynamic Range).

Ook voor bezitters van een oudere of minder krachtige spelcomputer, zoals de PlayStation 4, de Xbox One of de Nintendo Switch, voegt de nieuwe poort niets toe. Het signaal dat deze apparaten uitsturen is simpelweg niet zwaar genoeg om de bredere snelweg nodig te hebben. Je koopt in dat geval een Ferrari om er vervolgens alleen maar mee in een 30-kilometerzone te rijden. Je betaalt voor capaciteit die ongebruikt blijft, terwijl je dat geld wellicht beter had kunnen investeren in een tv met een beter contrast of hogere helderheid.

Dealbreakers

Er zijn specifieke situaties waarin het blindstaren op HDMI 2.1 je keuze onnodig beperkt of zelfs leidt tot een slechtere aankoop. Dit zijn de harde grenzen:

Je zoekt een televisie in het budgetsegment. In de lagere prijsklassen is de term HDMI 2.1 vaak misleidend. Fabrikanten mogen de term soms gebruiken omdat de tv één specifieke feature ondersteunt (zoals ALLM), terwijl het paneel zelf technisch helemaal geen 120 Hz kan weergeven. Je koopt dan een tv met een 2.1-sticker, maar zonder het daadwerkelijke voordeel van vloeiend beeld. In dit segment is beeldkwaliteit altijd belangrijker dan het versienummer van de poort.

Je wilt alleen beter geluid via een soundbar. Vaak wordt gedacht dat je voor de beste geluidsoverdracht (eARC) per se een volledige HDMI 2.1-tv nodig hebt. Hoewel eARC officieel onderdeel is van de 2.1-specificaties, hebben veel fabrikanten deze functie ook toegevoegd aan televisies die verder gewoon op HDMI 2.0 draaien. Als je doel puur het doorsturen van Dolby Atmos-geluid is, is een volledige HDMI 2.1-poort dus geen harde eis, zolang eARC maar specifiek wordt vermeld.

Je kijkt puur films en series. Als je geen gamer bent, is er geen enkel scenario waarin HDMI 2.1 je kijkervaring verbetert. Het sluit een heleboel uitstekende oudere of goedkopere modellen uit die misschien wel een veel mooier OLED- of QLED-paneel hebben, maar niet de nieuwste aansluitingen. Beeldkwaliteit (zwartwaarden, kleur) wint het voor de filmkijker altijd van bandbreedte.

©DC Studio

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om de juiste keuze te maken, moet je kritisch kijken naar wat er in je tv-meubel staat of komt te staan. De vuistregel is eenvoudig: ben jij iemand die elke frame telt in een online shooter en heb je de hardware om dat te genereren? Dan moet HDMI 2.1 bovenaan je wensenlijst staan; zonder die poort knijp je de prestaties van je dure console af en mis je de soepelheid waarvoor je betaald hebt.

Ben je daarentegen een filmliefhebber die geniet van de hoogste beeldkwaliteit in HDR, of kijk je vooral sport? Richt je dan op het contrast, de helderheid en de kleurweergave van het paneel. Een kwalitatief hoogwaardig paneel met een 'oudere' aansluiting geeft een indrukwekkender plaatje bij films dan een middelmatige tv die toevallig wél een 2.1-aansluiting heeft. Laat je niet gek maken door het idee van toekomstbestendigheid als de beloofde toekomst niet aansluit bij jouw kijkgedrag.

Dus...

HDMI 2.1 is essentieel voor gamers met een PS5, Xbox Series X of krachtige pc die willen spelen in 4K bij 120 Hz. Voor filmkijkers, serie-bingers en tv-kijkers biedt de standaard geen zichtbare beeldverbetering ten opzichte van HDMI 2.0. De extra bandbreedte is puur bedoeld voor zeer hoge framerates die videocontent niet gebruikt. Kies alleen voor HDMI 2.1 als je hardware hebt die deze snelheid daadwerkelijk kan benutten. In alle andere gevallen is de kwaliteit van het beeldscherm zelf veel belangrijker dan het type aansluiting.

▼ Volgende artikel
Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?
© Wildlight Entertainment
Huis

Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?

Op 26 januari kan de wereld aan de slag met Highguard. Het lijkt erop dat iedereen weet wat Highguard is, terwijl tegelijkertijd ook niemand precies weet wát Highguard nou precies is. In dit artikel zetten we dus uiteen wanneer je de game kunt spelen, en waarom deze titel van Wildlight Entertainment zoveel aandacht krijgt.

Releasedatrum van Highguard

Highguard is vanaf vandaag, 26 januari, rond 19:00 uur Nederlandse tijd beschikbaar op pc, PlayStation 5 en Xbox Series X en S. De exacte releasetijd is nog niet bekend, maar vermoedelijk zal de game rond die tijd op alle platforms beschikbaar worden.

Daarbij is het spel free-to-play, dus je hoeft niets te betalen om Highguard te spelen. Daarbij ondersteunt de game crossplay en cross-save, dus je kunt de game samen met vrienden op andere platforms spelen en je progressie op andere platforms meenemen. Het spel is niet te preloaden, maar vereist op pc in ieder geval 25 GB aan beschikbare opslagruimte.

Met de lancering van het spel zendt ontwikkelaar Wildlight Entertaiment om 19:00 uur Nederlandse tijd ook direct een zogenaamde Launch Showcase uit op YouTube - ook hieronder te bekijken. De studio belooft in deze showcase een ‘deepdive in de gameplay’ van Highguard te tonen, de contentplannen voor het eerste jaar uit de doeken te doen en nog ‘veel meer’. 

Watch on YouTube

Wat is Highguard?

Aan team-based PvP heroshooters als Overwatch is geen gebrek, maar Highguard lijkt zich bij die groep te scharen. Het spel wordt ontwikkeld door Wildlight Entertainment, dat weer bestaat uit oud-ontwikkelaars van onder andere Titanfall en Apex Legends. Mensen die dus meer dan prima shooters in elkaar hebben gedraaid, waardoor de interesse toch ietwat gewekt wordt. 

Ieder team in de game bestaat uit drie zogenaamde Wardens, waarvoor verschillende personages gekozen kunnen worden. In de trailer zien we bijvoorbeeld een ridderachtige personage, die met een speciale vaardigheid elektrische stokken rond kan gooien. Ook is er een groot ijsmonster dat schijnbaar muren kan laten verschijnen, een soort cowboy met beestachtige klauwen en een personage dat met messen kan gooien. Ook heeft ieder personage schijnbaar toegang tot geweren om het vijandelijke team mee te bevechten.

Het doel van een potje is namelijk het vinden van de ‘Shieldbreaker’, een soort groot zwaard waarmee je de basis van de tegenstanders open kan breken en uiteindelijk overnemen. Wanneer dit lukt is het potje gewonnen. In de context van de game krijgt jouw team op die manier de controle over het continent. 

©Wildlight Entertainment

Waarom is er zoveel om Highguard te doen?

Wildlight positioneert de game in hun marketing als een “nieuw soort shooter”, maar veel spelers zijn op basis van de trailer nog niet overtuigd. Highguard doet qua opzet van de potjes wel een paar dingen anders dan hero-shooters als Overwatch en Marvel Rivals, maar zoals Concord in 2024 liet zien is de huidige markt voor dit subgenre binnen shooters redelijk verzadigd. Velen zijn simpelweg nog niet overtuigd dat Highguard daadwerkelijk iets vernieuwends met zich mee weet te brengen.

Dit valt ook te verwijten aan een opvallend gebrek aan marketing van de game. Zo’n anderhalve maand voor release hoorden we voor het eerst van Highguard, toen de trailer werd getoond als afsluiter van The Game Awards. Normaliter is de laatste aankondiging van die show een van de hoogtepunten, maar Highguard wist mensen niet te enthousiasmeren. 

De gesprekken rondom Highguard werden echter nog vreemder, toen opviel dat Wildlight geruime tijd niets meer plaatste op sociale media over de game. Na de initiële aankondiging van de game werd er wekenlang niets meer geplaatst op het X-account van Highguard, tot drie dagen voor launch - toen het bedrijf een countdown startte. Ook dit maakte het lastig om enthousiast te worden voor Highguard. 

©Wildlight Entertainment

In de afgelopen dagen doken er berichten en geruchten op die stelden dat Geoff Keighley - de presentator en oprichter van The Game Awards - Highguard specifiek had uitgekozen als afsluiter van The Game Awards, omdat hij hier wel iets in zag. Op 25 januari plaatste Keighley een gif op X, waarin John Hammond uit Jurassic Park zegt: “Over 48 uur accepteer ik jullie verontschuldigingen”. 

Natuurlijk gunnen we iedere game waar tijd en passie in heeft gezeten het beste, maar het is ook niet te ontkennen dat het verhaal rondom Highguard op zijn minst frappant te noemen is. Nou ja, vanaf 19:00 uur kunnen we het spel zelf onder handen nemen. Verwacht daarom binnenkort impressies op onze socials en ID.nl.