ID.nl logo
Ontwerp je eigen tijdschrift met Scribus
© Reshift Digital
Huis

Ontwerp je eigen tijdschrift met Scribus

Tekstverwerkers als Microsoft Word of LibreOffice Writer zijn prima te gebruiken om langere teksten netjes op te maken of zelfs mooi vorm te geven. Maar zodra het aankomt op het echte ‘desktoppublishing’, het ontwerpen van professioneel ogende (print)publicaties, wordt het wat lastiger. Dan ben je beter af met een gespecialiseerd dtp-pakket. We leggen uit hoe je een tijdschrift ontwerpen kunt met het gratis Scribus.

Tip 01: Installatie

De beste dtp-softwarepakketten zijn QuarkXPress en Adobe InDesign, maar het nadeel daarvan is dat ze behoorlijk prijzig zijn. Het opensource-programma Scribus mag dan iets minder krachtig zijn, het is wel helemaal gratis. De eerste versie verscheen al zo’n 20 jaar geleden voor Linux, maar intussen zijn er ook edities voor macOS en Windows beschikbaar. 

We gaan aan de slag met deze laatste, waarvoor er zowel een 32- als 64bit-versie beschikbaar is, evenals een portable editie. Zo’n anderhalf jaar geleden verscheen versie 1.5.7. Die is weliswaar nog steeds in bèta, maar naar onze ervaring al behoorlijk stabiel. Download Scribus hier. Wij kiezen voor Windows 64 Bit (7, 8, 10). Kies, nadat je het exe-bestand binnengehaald hebt, tijdens de installatie voor Nederlands en bij voorkeur ook voor Full (met vier vinkjes).

De allereerste opstart duurt behoorlijk lang, omdat Scribus een ‘font cache’ creëert. Krijg je de melding dat Ghostscript ontbreekt, dan kun je die later installeren (kies hier de AGPL Release). Deze module is bijvoorbeeld nodig voor de import van eps-afbeeldingen en om voorvertoningen van PostScript Print te bekijken.

©PXimport

Tip 02: Sjabloon

Wanneer je Scribus opstart, verschijnt direct het venster ‘Nieuw document’, maar om het programma eerst wat beter in de vingers te krijgen, kun je dit gerust weer sluiten.

Selecteer in het hoofdvenster Bestand / Nieuw van sjabloon. Kies hier bijvoorbeeld Brochures. Je zult zien dat er twee afzonderlijke ontwerpen te vinden zijn: het voorblad (cover) en een ontwerp voor de eigenlijke inhoudspagina’s (het binnenwerk). Dat is niet geheel toevallig. Binnen de dtp-wereld hanteer je voor het voorblad en de inhoudspagina’s altijd een verschillend ontwerp, en dat gaan we dus ook in dit artikel doen. 

Open gerust een paar sjablonen en bekijk hoe ze zijn samengesteld. Zo’n sjabloon vertelt je al veel over hoe Scribus, en ook de meeste andere dtp-pakketten, werken. Je voorziet het bestand eerst van de nodige kaders, waarna je de gewenste afbeeldingen of tekst hierin plaatst. 

Met de vergrootglasknoppen onderaan kun je snel in- en uitzoomen. Merk ook op dat veel sjablonen uit twee delen bestaan: een voor de linker- en een voor de rechterpagina’s. Bij gedrukte publicaties verschilt namelijk de lay-out van linker- en rechterpagina’s. 

©PXimport

Tip 03: Documenteigenschappen

Na de eerste kennismaking met dtp en Scribus, is het de hoogste tijd om zelf aan de slag te gaan. Kies hiervoor Bestand / Nieuw. Wij gaan uit van een dubbelzijdige publicatie, en kiezen dus voor Facing pages. Eerste pagina is stel je in op Rechter pagina, dit wordt de cover. Ga na of Grootte en Oriëntatie naar wens zijn: standaard is dat A4 (kies Aangepast om zelf de breedte en hoogte in mm in te vullen) en Staand.

Bij Marge hulplijnen vul je de marges in tot aan het afdrukbare gedeelte. Wil je de publicatie straks op je eigen printer afdrukken, haal de juiste waarden dan op met de knop Printer marges. Op het tabblad Afloop kun je nog de snijmarges instellen. Op www.bit.ly/snijmarges bijvoorbeeld vind je meer uitleg over snijmarges.

©PXimport

Tip 04: Afbeeldingsframe

Na je bevestiging met OK staat het document voor je klaar, maar uiteraard is dit nog leeg en moet je dit zelf opvullen met allerlei afbeeldingen en tekst. Elk van deze objecten breng je, zoals gezegd, in een kader onder. Selecteer Beeld / Grid and Guides / Raster tonen en Hulplijnen tonen om die kaders precies de juiste plek neer te kunnen zetten.

Stel dat je een achtergrondafbeelding voor je cover wilt. Je kiest dan Invoegen / Afbeeldingsframe en sleept dit kader over de pagina. Met F2 roep je een handig eigenschappenvenster op waarin je onder meer het kader een naam kunt geven. Rechtsklik nu op dit kader, kies Afbeelding verkrijgen en importeer de afbeelding. 

Klik met rechts op de afbeelding en kies Afbeelding aan frame aanpassen om het de maximale grootte binnen het kader te geven of kies Content properties (F3) / Vrije schaal om de grootte handmatig aan te passen. Hier tref je ook de knop Afbeeldingseffecten aan, met een stuk of twaalf ‘special effects’. 

Vanuit het eigenschappenvenster van het kader kun je verder nog allerlei andere aspecten aanpassen, zoals de positie, rotatie, slagschaduw, lijn, transparantie enzovoort.

©PXimport

Om ongewenste wijzigingen aan een vorm te voorkomen, kun je het object vergrendelen

-

Tip 05: Vormen en kleuren

Met alleen een achtergrondafbeelding heb je natuurlijk nog geen cover ontworpen. Daar moeten uiteraard nog andere onderdelen bij, zoals een (onder)titel of titels van artikelen die je in je publicatie behandelt. Hiervoor kun je vormen gebruiken. Die voeg je toe via Invoegen / Vorm / Standaardvormen. Je vindt er naast enkele driehoeken, ook een cirkel en een rechthoek. 

Teken de gewenste vorm op de cover en benoem elk kader via het bijbehorende eigenschappenvenster. Je kunt in dit venster ook de lijn- en vulkleur naar wens aanpassen. Het aantal kleuren lijkt beperkt, maar dat is maar schijn. Ga naar Bewerken en kies Kleuren en vulling. Klik op een willekeurige kleur en kies Toevoegen. Kies een geschikte kleur – bij voorkeur uit het Kleurmodel CMYK – en geef die een naam. Bevestig met OK (2x).

Wil je snel meerdere vormen op je pagina invoegen, dan kan dat als volgt. Selecteer de eerste vorm en ga naar het menu Item / Duplicate/Transform / Dupliceren. Deze gedupliceerde vorm kun je eenvoudig verder aanpassen vanuit het eigenschappenvenster. 

Om ongewenste wijzigingen aan een vorm te voorkomen, vind je in de rubriek X, Y, Z van het eigenschappenvenster enkele knoppen, zoals Naar voorgrond, Naar achtergrond (handig bij deels overlappende vormen), Horizontaal / Verticaal spiegelen en Object vergrendelen of losmaken.

©PXimport

Tip 06: Tekstframe

Het is een goed idee om bijvoorbeeld tekst en (achtergrond)afbeeldingen in afzonderlijke lagen te plaatsen, zodat bewerkingen op de ene laag de andere niet verstoren. Een extra laag creëer je vanuit het menu Vensters / Lagen / Voeg nieuwe laag toe. Dubbelklik in de kolom Naam om de laag te benoemen. Vanuit de statusbalk onderin maak je de gewenste laag actief. 

Vervolgens kies je Invoegen / Tekstframe en teken je een geschikt kader voor je tekst. Dubbelklik hierin om je tekst in te tikken of, beter nog, druk in de gereedschapsbalk op het knopje Edit Text with Story Editor (sneltoets Ctrl+T), voor de ingebouwde teksteditor. Ben je klaar, druk in dit venster dan op het knopje met het vinkje.

Vanuit het venster Content Properties kun je deze tekst nu mooi vormgeven, vanuit rubrieken als Kleur & effecten, Alinea-effecten, Kolommen & Tekstafstanden en Geavanceerde instellingen. In deze laatste categorie kun je onder meer de regel- en letterafstand aanpassen. Om aanpassingen uitsluitend op een tekstselectie uit te kunnen voeren, druk je in de gereedschapsbalk op het knopje Frameinhoud bewerken (sneltoets E).

©PXimport

Tip 07: Sjabloonhulplijnen

Als je tevreden bent over je cover, kun je verder met het binnenwerk; de inhoud van je publicatie. Je zou die pagina’s een voor een kunnen ontwerpen, maar veel gemakkelijker is het om met paginasjablonen te werken. Eén voor elke pagina die je min of meer van dezelfde lay-out wilt voorzien. Ga hiervoor naar het menu Bewerken / Sjablonen, druk op het knopje Voeg een nieuw paginasjabloon toe, geef het sjabloon een naam en kies Linkerpagina (of Rechterpagina).

Om alvast bepaalde onderdelen, zoals tekstkolommen (waarover meer in tip 9), een geschikte plaats te geven, kun je het beste werken met hulplijnen. Open hiervoor het menu Pagina en kies Hulplijnen beheren. Druk op de knop Toevoegen bij Horizontalen en/of Verticalen en vul de afstand vanaf de bladrand in. Plaats een vinkje bij Hulplijnen vastzetten om te voorkomen dat je ze per ongeluk verplaatst. Via Verwijderen haal je een verkeerd geplaatste hulplijn weer weg. Sluit dit dialoogvenster zodra je alle hulplijnen geplaatst hebt. Zet tot slot in het Pagina-menu een vinkje bij Magnetische huplijnen om objecten gemakkelijk netjes te kunnen uitlijnen.

Zodra je publicatie uit meerdere pagina’s bestaat, wil je ze waarschijnlijk een nummering meegeven. Dat kan als volgt. Maak op je paginasjabloon een klein tekstkader, bijvoorbeeld linksonder (op een linkerpagina). Met de sneltoets Ctrl+Alt+Shift+P kun je vervolgens automatisch een paginanummer aan dat kader toevoegen. 

Herhaal deze procedure voor pagina’s met een andere lay-out en voor de rechterpagina’s als je een dubbelzijdige publicatie maakt. Overigens kent Scribus nog heel wat andere handige en aanpasbare sneltoetsen. Je vindt ze via Bestand / Voorkeuren / Sneltoetsen.

©PXimport

Tip 08: Paginabeheer

Heb je alle hulplijnen, paginanummers en eventueel andere terugkerende objecten op je paginasjabloon toegevoegd, druk dan onderaan het venster Paginasjablonen beheren op de knop Terug naar normale paginamodus. Om ervoor te zorgen dat je voor een nieuwe pagina automatisch het juiste paginasjabloon gebruikt, ga je naar Venster en kies je Paginatablet

In het dialoogvenster Rangschik pagina’s vind je de aangemaakte paginasjablonen terug. Klik er eventueel met rechts eentje aan en kies Paginavoorbeelden tonen om de visuele weergave ervan te bekijken. Je hoeft nu alleen maar het gewenste sjabloon uit het bovenste paneel naar het onderste paneel te verslepen, tot je een blauw vakje ziet verschijnen. Om een pagina weer weg te halen, versleep je hem naar het vuilnisbakicoontje rechtsonder.

©PXimport

Door de magnetische hulplijnen aan te zetten, klikt een tekstkader of er gemakkelijk aan vast

-

Tip 09: Kolommen en stijlen

Om nu tekstkolommen aan je pagina toe te voegen, teken je een kader dat je mooi langs de in tip 7 gezette hulplijnen plaatst. Doordat je daar ook de magnetische hulplijnen aangezet hebt, ‘klikt’ zo’n kader er vaak meteen aan vast. Het kader kun je verder instellen in het venster Teksteigenschappen (F3). Open daarna de rubriek Kolommen & tekstafstanden, waar je bij Kolommen het gewenste aantal tekstkolommen invult (bijvoorbeeld 2). Bij Tussenruimte vul je de afstand in mm in die overeenkomt met de afstand tussen de eerder getekende hulplijnen.

Creëer nu ook op de andere pagina’s tekstkaders. Dat kan op de zojuist beschreven werkwijze, maar sneller is het via het menu Bewerken / Kopiëren en Bewerken / Plakken of via het menu Item / Dublicate/Transform / Dupliceren, waarna je het gedupliceerde kader naar de gewenste plek versleept. In principe kun je nu je tekst in de kolommen ‘gieten’, maar het is handiger om eerst de alineastijlen van die tekst vast te leggen. Ga hiervoor naar Bewerken / Stijlen (F4).

In het venster Stijl manager druk je op de knop Nieuw en kies je Alineastijl. Geef de stijl een geschikte naam mee en stel alle eigenschappen naar wens in op de tabbladen Eigenschappen, Alinea-effecten en Tekenstijl. Bevestig met Gereed. Je kunt op deze manier diverse stijlen ontwerpen voor alineateksten, koppen, onderschriften enzovoort.

©PXimport

Tip 10: Opvulling

Nu je kaders, kolommen en stijlen gemaakt hebt, is het tijd je publicatie van de eigenlijke tekst te voorzien. Zorg ervoor dat je de tekst al ergens klaar hebt staan, bijvoorbeeld in een Word-document, zodat je hem eenvoudig kunt importeren in Scribus. Om de tekst te importeren, klik je met rechts in een tekstkolom en kies je Tekst verkrijgen, waarna je naar het tekstbestand verwijst. 

Om nu een eerder gemaakte tekststijl op deze tekst toe te passen, selecteer je het tekstkader en open je het venster met de teksteigenschappen. Bovenaan kies je vervolgens de gewenste stijl uit het uitklapmenu. Je zult zien dat de stijl direct op je tekst wordt toegepast.

Het zal je dan ook opgevallen zijn dat de tekst zich mooi over de aangemaakte tekstkolommen spreidt. Zie je onderaan de meest rechtse kolom een rood kruisje, dan vertelt dat je dat de volledige tekst niet in de kolommen past. Je kunt dan het font verkleinen, maar er is een betere oplossing.

Selecteer het tekstkader, druk in de gereedschapsbalk op het knopje Tekstframes koppelen (sneltoets N) en klik met de aangepaste cursor op het tekstkader (op een volgende pagina) waarin je de tekst verder wilt laten doorlopen. Herhaal dit tot alle tekst is geplaatst.

©PXimport

Zorg ervoor dat je de tekst al ergens klaar hebt staan, zodat je hem eenvoudig kunt importeren

-

Tip 11: Tekstomloop

Als je een afbeelding in je publicatie wilt zetten, is het wel zo mooi als de tekst netjes rond de afbeelding komt te staan. Teken daarvoor via Invoegen / Afbeeldingsframe een kader over je tekst (en kolommen). Rechtsklik in dit kader, kies Afbeelding verkrijgen, kies een afbeelding van je computer en bewerk het indien nodig (zie tip 4). Om de tekst nu rond in plaats van onder de toegevoegde afbeelding te zetten, selecteer je het betreffende afbeeldingskader en roep je via F2 de Eigenschappen op. 

Lukt het niet het afbeeldingskader te selecteren, ga dan naar Venster / Outline, en klik daar op het kader (of enig ander object). In het Eigenschappen-venster open je de rubriek Vorm en klik je bij Text Flow een van de andere icoontjes aan, tot de tekst netjes langs de afbeelding loopt.

©PXimport

Tip 12: Export

Is je publicatie helemaal af? Dan wil je hem ongetwijfeld heelhuids bij de drukker krijgen. En die verwacht een pdf-versie van je publicatie, met de juiste instellingen. Dat is gelukkig geen probleem voor Scribus. Open het menu Bestand en kies Exporteren / Opslaan als PDF. Scribus voert nu een zogenoemde preflightcontrole uit. Die kun je overigens ook op elk moment zelf uitvoeren via Bestand / Output Preview / PDF

Afhankelijk van de gekozen pdf-versie (raadpleeg hiervoor de dienst waar je je publicatie af wilt laten drukken), wijst Scribus je op mogelijke problemen, zoals een te lage afbeeldingsresolutie of een onlogisch gekozen paginasjabloon. Werk deze fouten eerst weg voordat je de publicatie als pdf op gaat slaan. Vervolgens kun je alle pdf-onderdelen naar wens instellen, op tabbladen als Algemeen, Fonts, Veiligheid, Kleur en Pre-press

©PXimport

▼ Volgende artikel
Review Apple Watch Series 11 – Kleine verbeteringen
© Jeroen Boer - ID.nl
Gezond leven

Review Apple Watch Series 11 – Kleine verbeteringen

Je kunt er bijna de klok op gelijkzetten: elk jaar komt er een nieuwe generatie Apple Watch op de markt. Vergelijk je de nieuwe Apple Watch Series 11 met zijn voorganger, dan zul je aan de buitenkant geen verschil zien. Wat is er dit jaar dan wel nieuw?

Uitstekend
Conclusie

De Apple Watch Series 11 is een prima smartwatch, maar brengt weinig vernieuwing. Heb je een Apple Watch Series 9 of 10, dan kun je deze nieuwe variant daarom rustig overslaan. Ben je wel toe aan een nieuwe Apple Watch, dan krijg je met de Series 11 een goede smartwatch om je pols, al heeft de goedkopere SE met iets minder functies nu ook dezelfde chip.

Plus- en minpunten
  • Goed scherm
  • Goede activiteitentracking
  • Goede slaaptracking
  • Batterijduur
  • Zelfde chip als voorganger
  • Weinig vernieuwing

De Apple Watch Series 11 heeft een identiek ontwerp als de Series 10 en is nog steeds beschikbaar in een titanium- of aluminiumvariant als 42- of 46mm-uitvoering. De enige kleine in het oog springende vernieuwing is dat de aluminiumvariant nu ook in de kleur spacegrijs beschikbaar is. Dat is de kleur waarin wij het horloge hebben getest. Bedienen doe je afhankelijk van de functie met het aanraakscherm, de draaikop of een drukknop.

©Jeroen Boer - ID.nl

Uiterlijk is er geen verschil met de vorige Apple Watch.

Zelfde chip

De buitenkant is dus weinig vernieuwend en ook binnenin heeft Apple geen heel spannende wijzigingen doorgevoerd. De gebruikte chip is dezelfde S10 die ook in de voorganger te vinden was. Opmerkelijk is dat ook de tegelijkertijd verschenen duurdere Apple Watch Ultra 3 en goedkopere Apple Watch SE 3 voorzien zijn van dezelfde S10-chip. De flink goedkopere instapper is dus net zo snel als de duurdere modellen. Apple is bij de GPS + Cellular-variant wel overgestapt naar een 5G-modem in plaats van een 4G-modem, maar daar zul je in de praktijk niks van merken.

©Jeroen Boer - ID.nl

Op de achterkant vind je de sensors die onder andere je hartslag detecteren.

Prima scherm

De Apple Watch 11 heeft een oledscherm met afhankelijk van de gekozen variant een diameter van 1,77 of 1,96 inch. De beeldkwaliteit van het scherm is uitstekend en ook buiten is de Apple Watch dankzij de hoge helderheid goed af te lezen. Het scherm is afgewerkt met gehard glas. Vrijwel krasongevoelig saffierglas krijg je bij de Apple Watch 11 alleen op de duurdere titaniumvariant. De door mij geteste aluminiumvariant is voorzien van gehard glas dat Apple net als op de voorganger 'Ion-X' noemt. Dat geharde glas is volgens Apple dankzij een keramische coating deze generatie wel twee keer zo krasbestendig geworden. Tijdens het testen van de aluminiumvariant zijn er geen krassen op het scherm gekomen.

Twee apps

Op je iPhone gebruik je twee in iOS standaard geïntegreerde apps om het horloge te beheren. De instellingen vind je in de app Watch, waarmee je bijvoorbeeld de meldingen kunt instellen en de wijzerplaat kunt veranderen. De gegevens rondom je activiteiten vind je in de app Gezondheid, waarin je allerlei tegels met informatie rondom je stappen, activiteiten en slaap vindt. De Gezondheid-app bevat veel gegevens, maar zou wat overzichtelijker kunnen. Er staan wel erg veel losse tegels onder elkaar als je op Alle gegevens tikt. Gelukkig kun je de voor jou belangrijke gegevens vastmaken op het dashboard, want waarschijnlijk vind je lang niet alle data belangrijk.

Je vindt alle gegevens in de Watch- en Gezondheid-apps.

Goede activiteittracking

De Apple Watch is een uitgebreide activiteitstracker die uitstekend werkt. Het enige dat we een beetje irritant vonden, is dat de Apple Watch wel automatisch activiteiten als fietsen of wandelen kan detecteren, maar dat er een handmatige actie nodig is om deze activiteit echt als work-out op te slaan. Zie je de melding over het hoofd, dan is de activiteit als losse work-out verdwenen.

De automatische detectie is verder wat ons betreft nauwkeurig genoeg. Bij het tracken van bewuste sportactiviteiten speelt dat minder omdat je dan via het horloge een work-out voor de gewenste activiteit kunt starten. Daarnaast wordt je slaapgedrag bijgehouden en word je gewaarschuwd bij afwijkingen rondom je hartslag, slaap(apneu) en bloeddruk. Dat is overigens niet nieuw; de vorige Apple Watch kan dat ook allemaal.

©Jeroen Boer - ID.nl

De Apple Watch vraagt je om een herkende activiteit te bevestigen om deze daadwerkelijk als work-out op te slaan.

Accuduur

De accucapaciteit is niet bekend, maar volgens Apple gaat het horloge de hele dag mee en dat wordt probleemloos gehaald. Een keertje de Apple Watch vergeten op te laden en dan toch naar je werk gaan is geen probleem. Leg je hem aan de lader als je bijvoorbeeld gaat douchen of even als je thuis komt, dan heb je altijd genoeg energie.

De Apple Watch klikt trefzeker op de meeleverde magnetische laadpuck. Die laadpuck zelf blijft ook magnetisch plakken op metalen meubels zoals een nachtkastje. Heb je een metalen kastje, dan is dat extra handig omdat de lader dan zelf ook niet verschuift. Het laden gaat best vlot; het duurt ongeveer een uur om een volledig lege accu weer helemaal op te laden.

Conclusie

De Apple Watch Series 11 is een prima smartwatch, maar brengt weinig vernieuwing. Heb je een Apple Watch Series 9 of 10, dan kun je deze nieuwe variant daarom rustig overslaan. Ben je wel toe aan een nieuwe Apple Watch, dan krijg je met de Series 11 een goede smartwatch om je pols, al heeft de goedkopere SE met iets minder functies nu ook dezelfde chip.

▼ Volgende artikel
Handige tweaks: zo maak je Windows 11 sneller
© ID.nl
Huis

Handige tweaks: zo maak je Windows 11 sneller

Windows 11 is ontworpen om je pc beter te laten presteren dan zijn voorganger Windows 10. Toch geldt ook hier dat het systeem gaandeweg steeds trager wordt. Gelukkig zijn er eenvoudige trucs om je computer weer vleugels te geven.

Zelfs een modern besturingssysteem kan na verloop van tijd trager aanvoelen. Met de onderstaande tips kun je Windows 11 opnieuw optimaliseren. Uiteindelijk draait het vooral om keuzes. Het systeem zit boordevol functies en opties, maar niet alles heb je echt nodig. Schakel overbodige onderdelen uit, dan win je meestal direct aan snelheid. 

Zet Widgets uit

Veel klassieke trucs om Windows sneller te maken, werken ook in Windows 11. Maar er zijn ook enkele optimalisaties die specifiek voor dit besturingssysteem gelden en echt merkbaar verschil maken. Zo introduceert Windows 11 Widgets: interactieve kaarten die dynamisch informatie tonen over het weer, nieuws, aandelen of sport… Handig, maar ze verbruiken geheugen en bandbreedte. Vind je dit te veel van het goede, dan kun je ze beter uitschakelen. Dat doe je eenvoudig via de taakbalk: klik met de rechtermuisknop op een lege plek. Kies Taakbalkinstellingen en zet Widgets uit.

Geen fan van Widgets? Vergeet ze dan niet uit te zetten.

Visuele effecten en animaties uitschakelen

Windows 11 bevat heel wat grafische tierlantijntjes die er fraai uitzien, maar wel extra rekenkracht vragen. Denk aan animaties bij het minimaliseren of maximaliseren van vensters, transparante achtergronden en schaduwen. Vooral op systemen met weinig RAM of een oudere grafische kaart kan dit merkbare vertraging opleveren. Kies je liever voor prestaties dan voor cosmetica, dan schakel je deze visuele effecten uit. Druk op Win+I om de Instellingen te openen en ga naar Toegankelijkheid / Visuele effecten. Zet daar de schakelaars bij Transparantie-effecten en Animatie-effecten uit. Omdat Windows 11 hierdoor minder grafische elementen hoeft te renderen, merk je direct een vlottere werking, vooral bij het openen en sluiten van vensters.

Hoe minder grafische effecten, hoe sneller Windows Verkenner zal aanvoelen.
Instellingen voor prestaties

Er bestaat ook een snelle manier om in één keer alle visuele effecten te beheren. Typ in de zoekfunctie van Start: De weergave en prestaties van Windows aanpassen. Standaard staat dit ingesteld op Automatisch selecteren. Ga naar het tabblad Visuele effecten en je leest precies welke opties voor de vormgeving actief zijn. Wil je alle grafische franje in één klap uitschakelen, kies dan voor Beste prestaties. Klik vervolgens op Toepassen en bevestig met OK.

In de instelling Beste prestaties worden alle visuele effecten uitgeschakeld.

Kritisch voor opstartprogramma’s

Telkens wanneer je Windows opstart, worden automatisch programma’s in de achtergrond geladen. Veel software installeert zo’n opstartprogramma zonder dat je het beseft. Applicaties die je zelden gebruikt, verbruiken daardoor onnodig geheugen en processorkracht en vertragen bovendien de opstartprocedure. Hoe meer programma’s mee opstarten, hoe langer het duurt voor je pc gebruiksklaar is. Controleer dit via Instellingen / Apps / Opstarten. Daar vind je een overzicht van alle apps die samen met Windows starten. Bekijk de lijst kritisch en zet de schakelaar uit bij programma’s die je niet meteen nodig hebt. Zo start je pc merkbaar sneller op.

Snoei in de lijst opstartprogramma’s.

Dubbelchecken in Taakbeheer

Daarna kun je ook nog een keer via Taakbeheer snoeien in de programma’s die op de achtergrond draaien. Open deze app door met de rechtermuisknop op een lege plek in de taakbalk te klikken en Taakbeheer te kiezen. Deze handige tool toont alle actieve programma’s en services. Klik in de linkerbalk op het vijfde pictogram van boven om de lijst met opstart-apps te openen. Sorteer vervolgens op Status, zodat de ingeschakelde apps bovenaan verschijnen. In de kolom Invloed op opstarten zie je meteen of een app geen, weinig of juist veel invloed heeft op de systeemprestaties. Wil je voorkomen dat een programma automatisch meedraait, klik er dan met de rechtermuisknop op en kies Uitschakelen. Hiermee verwijder je de toepassingen niet. Je voorkomt alleen dat ze bij het opstarten worden geladen. Je kunt de apps dus nog altijd handmatig starten. Besluit je later dat een programma tóch automatisch mee moet opstarten, dan schakel je het op dezelfde manier weer in.

In Taakbeheer zie je ook de invloed die de opstartprogramma’s en -processen hebben.
Zuiniger in plaats van sneller

In Taakbeheer zit een handige functie om het energieverbruik van Windows 11 te verbeteren: de Efficiëntiemodus. Deze modus verlaagt de prioriteit van achtergrondapplicaties, waardoor je pc sneller werkt en de batterijduur wordt verlengd. Daarom heeft deze modus een eco-pictogram in de vorm van twee blaadjes. Een belangrijke kanttekening: niet alle processen en apps ondersteunen deze modus. Bij sommige zul je het pictogram dus niet zien. Start Taakbeheer en ga naar de weergave Processen (het derde pictogram van boven in de linkerbalk, bestaande uit drie vierkantjes). Hier zie je de lijst van actieve apps en processen. Selecteer de app of het proces dat je in de efficiëntiemodus wilt zetten en klik op het Efficiëntiemodus-pictogram rechtsboven in het scherm. Bevestig je keuze. Je kunt dezelfde optie ook bereiken door met de rechtermuisknop op een app of proces te klikken. Sommige apps, zoals Microsoft Edge, staan standaard al in de efficiëntiemodus. Bij deze apps kun je de modus niet uitschakelen.

Sommige applicaties ondersteunen de efficiëntiemodus.

Sta automatisch Windows-onderhoud toe

Windows 11 voert voortdurend onderhoud uit om te controleren of alles naar behoren functioneert. Dit omvat systeemdiagnoses en beveiligingsscans. Het lost bovendien automatisch gevonden problemen op. Dit automatisch onderhoud vindt plaats op een vastgesteld tijdstip wanneer het apparaat in slaapstand staat en is aangesloten op een stroombron. Het is mogelijk dat je deze functie per ongeluk hebt uitgeschakeld, of dat het een tijd niet actief was. Bijvoorbeeld als je de laptop ’s nachts hebt uitgeschakeld in plaats van in slaapstand te zetten, of als hij tijdelijk niet op het lichtnet was aangesloten. Zorg er daarom voor dat de functie dagelijks actief is. Typ in het zoekvak van de taakbalk Configuratiescherm en selecteer in deze app Systeem en beveiliging. In het gedeelte Onderhoud klik je onder Automatisch onderhoud op Onderhoud starten als je het direct wilt uitvoeren. Om ervoor te zorgen dat dit dagelijks gebeurt, klik je op Onderhoudsinstellingen wijzigen. Kies het gewenste tijdstip en vink het vakje aan: Gepland onderhoud toestaan om mijn computer aan te zetten.

Standaard wordt dit Windows-onderhoud om 2 uur ’s nachts uitgevoerd.

Verwijder bloatware

Bij de installatie van Windows 11 worden automatisch programma’s meegeleverd waar je niet om hebt gevraagd. Sommige zijn logisch en nuttig, veel andere worden niet eens door Microsoft zelf ontwikkeld, maar door externe leveranciers. Soms gebeurt het ook dat bij de installatie van een programma een andere applicatie ongemerkt mee op je pc wordt gezet. Deze adware en bloatware zijn verraderlijk, omdat ze vaak automatisch starten zonder dat je het merkt. Je zult merken hoeveel beter je pc presteert wanneer je er vanaf bent. Je kunt Taakbeheer gebruiken om adware en bloatware te herkennen, maar gemakkelijker is het gebruik van een externe tool. Een handige optie is O&O AppBuster: volledig gratis en zonder installatie. Download de tool via https://www.oo-software.com/en/ooappbuster en start het exe-bestand. De tool scant het systeem en maakt het verwijderen eenvoudig. Je ziet telkens de uitgever van elke app en een aanbeveling. Een rode stip met het label Remove betekent dat je moet overwegen of je deze software echt nodig hebt. Is dat niet het geval, selecteer dan de titel en klik op Remove. Je kunt O&O AppBuster ook gebruiken om reguliere software te verwijderen die via de standaardmethode moeilijk te de-installeren is.

AppBuster geeft zelf aan welke bloatware het graag zou verwijderen, maar jij beslist.

Zoekindexering uitschakelen

De zoekfunctie van Windows 11 maakt gebruik van indexering op je harde schijf. Dit gebeurt op de achtergrond, waardoor je pc sneller doorzocht kan worden dan zonder indexering. Zonder index moet Windows elk bestand en elke map bij iedere zoekopdracht opnieuw doorzoeken, wat langer duurt. Bovendien zorgt de indexering ervoor dat je bestanden kunt vinden op basis van de tekst die ze bevatten. Dit is handig, maar op tragere pc’s kan de indexering de prestaties verminderen. Je kunt de snelheid van een trage computer verbeteren door de indexering uit te schakelen. Zelfs op een pc met een ssd kan dit de prestaties ten goede komen. Open de app Services door in het zoekvak van de taakbalk services.msc te typen. Scroll naar Indexeringsservice of Windows Search in de lijst met services. Dubbelklik erop en klik in het venster dat verschijnt op Stoppen. Herstart daarna de pc. Je zoekopdrachten kunnen iets trager zijn, maar het verschil merk je mogelijk niet. Wel zul je waarschijnlijk een algemene snelheidsverbetering ervaren.

Op tragere systemen schakel je de zoekindexering beter uit.

Opslaginzicht

Een harde schijf vol overbodige bestanden kan de pc vertragen. Door deze op te schonen, kun je vaak een snelheidsboost krijgen. Windows 11 biedt hiervoor een ingebouwde tool: Opslaginzicht. Open Instellingen en ga naar Systeem in de linkerbalk, zodat je rechts Opslag kunt openen. Schakel hier de optie Opslaginzicht in.

Vanaf dat moment controleert Windows voortdurend de opslag op je pc en verwijdert oude of overbodige bestanden die je waarschijnlijk niet meer nodig hebt. Denk aan tijdelijke bestanden, bestanden in de map Downloads en oude bestanden in de Prullenbak. Standaard komt Opslaginzicht pas in actie wanneer er weinig vrije schijfruimte overblijft. In dat geval verwijdert het systeem bestanden die al langer dan 30 dagen in de Prullenbak of Downloads staan. Je kunt dit ook instellen op dagelijks, elke 14 dagen of elke 60 dagen.

Deze opties zijn vooral handig voor wie vergeet deze mappen regelmatig handmatig leeg te maken. 

Stop de synchronisatie via OneDrive

De Microsoft-cloudopslagtool OneDrive zorgt ervoor dat de bestanden op je pc perfect gesynchroniseerd worden met de cloud. Het is een efficiënte back-uptool voor het geval je pc te maken krijgt met een virusinfectie of hardwareschade. OneDrive is zo diep geïntegreerd in Windows dat veel gebruikers denken dat het niet uit te schakelen is, maar dat klopt niet. De automatische OneDrive-synchronisatie kan je computer aanzienlijk vertragen. Als je ervoor kiest om je back-up op een andere manier te organiseren, kun je de synchronisatie eenvoudig uitschakelen. Klik op het OneDrive-cloudpictogram in het systeemvak en daarna op het tandwielpictogram om de Instellingen te openen. Ga naar het tabblad Account en klik op Deze pc ontkoppelen. Dit betekent niet dat je de bestanden kwijt bent die in de lokale OneDrive-map staan.

Wil je liever van een andere back-up gebruikmaken, dan kun je OneDrive beter uitschakelen.
Geheugenintegriteit uitschakelen

Merk je dat Windows 11 op een oudere computer niet soepel draait? Dit kan te maken hebben met ingebouwde beveiligingsfuncties zoals TPM 2.0 en Geheugenintegriteit. Geheugenintegriteit helpt je pc te beschermen tegen geavanceerde aanvallen, maar kan op oudere of minder krachtige hardware een impact op de prestaties hebben. Als je bereid bent om een klein beetje veiligheid in te ruilen voor betere prestaties, kun je Geheugenintegriteit uitschakelen via Instellingen / Privacy & Beveiliging / Windows-beveiliging / Apparaatbeveiliging / Kernisolatie en Geheugenintegriteit.

Vooral op oudere pc’s heeft de Geheugenintegriteit een negatieve invloed op de snelheid.

Schakel de Gamemodus uit

De Gamemodus van Windows 11 optimaliseert je pc voor het spelen van games. Wanneer Windows merkt dat je een game speelt, geeft het de prioriteit aan de systeembronnen voor gaming door deze tijdelijk weg te nemen bij andere apps en achtergrondprocessen. Dit is interessant voor serieuze gamers, maar wanneer je geen games speelt, kan het systeem juist vertragen omdat het resources reserveert ‘voor het geval dat’ je toch een game zou starten. Het uitschakelen van de Gamemodus kan je pc daarom ook sneller maken. Je kunt de functie altijd opnieuw inschakelen wanneer je een game wilt spelen. Zelfs als je nog nooit een game op je pc hebt gespeeld, staat de Gamemodus standaard ingeschakeld. Om deze uit te schakelen, ga je naar Instellingen / Gaming / Gamemodus. Zet de schakelaar Gamemodus uit.

Je kunt uiteraard de Gamemodus nog handmatig aanzetten als je een game speelt.