ID.nl logo
Pas op! Dit zijn de gevolgen als je jouw fatbike laat opvoeren
© Eshma
Mobiliteit

Pas op! Dit zijn de gevolgen als je jouw fatbike laat opvoeren

Fatbikes zijn de laatste jaren erg in trek, vooral onder jongeren. Deze elektrische fietsen met dikke banden ogen stoer en kunnen met hun trapondersteuning tot 25 km/uur lekker meekomen met het verkeer. Maar wat zijn eigenlijk de gevolgen als je zo'n fatbike illegaal laat opvoeren voor meer snelheid? ID.nl zet de belangrijkste risico's uitgebreid op een rij.

De populariteit van fatbikes blijft maar groeien. Ook het illegaal laten opvoeren van een fatbike valt - vooral bij jongeren - steeds meer in de smaak. In dit artikel lees je wat de risico's en gevolgen hiervan zijn. Je leest onder andere:

*** Wanneer een fatbike precies als illegaal opgevoerd wordt gezien** *** Welke forse straffen en boetes op opvoeren staan** *** Hoe het opvoeren technisch in zijn werk gaat**

Lees ook: Zijn fatbikes legaal? Alles over wet- en regelgeving rondom fatbikes

Wanneer wordt een fatbike als illegaal opgevoerd beschouwd?

Standaard vallen fatbikes gewoon onder de wetgeving voor elektrische fietsen in Nederland. Ze hebben een motorvermogen van maximaal 250 watt en ondersteunen alleen tot 25 km per uur als de berijder mee trapt. Ook zit er geen gashendel op om zonder trappen gas te geven. Zolang de fatbike binnen deze criteria blijft, is het dus een gewone e-bike die gewoon legaal de openbare weg op mag.

De problemen ontstaan vaak wanneer eigenaren hun fatbike illegaal laten opvoeren om meer vermogen en snelheid uit hun fatbike te halen. Denk bijvoorbeeld aan het laten verhogen van de snelheidsbegrenzing naar 30 of 35 km per uur in plaats van de standaard 25 km/uur. Of het laten inbouwen van een sterker motortje van 500 watt, terwijl 250 watt is toegestaan. Ook het plaatsen van een gashendel, zodat je gas kunt geven zonder te trappen, is een veelvoorkomende illegale aanpassing. Zodra je als eigenaar een van dit soort aanpassingen laat uitvoeren, overtreed je de wetgeving en wordt je fatbike in feite een illegale bromfiets of snorfiets. Je mag er dan niet zonder het juiste rijbewijs, verzekering en kenteken de openbare weg mee op. Kortom, laat je je fatbike opvoeren, dan rijd je als het ware illegaal op een 'bromfiets-in-schaapskleren'.

©Peter Maszlen

Deze risico's en straffen riskeren eigenaren van een opgevoerde fatbike

Het illegaal laten opvoeren van je fatbike brengt dus flinke risico's en mogelijke straffen met zich mee. Je rijdt namelijk mogelijk zonder geldig rijbewijs en bent bovendien niet verzekerd als je rijdt op een opgevoerde fatbike. Eventuele schadeclaims na ongevallen worden door verzekeraars afgewezen omdat je niet aan de wettelijke eisen voldoet. Mocht je een ongeluk veroorzaken met je opgevoerde fatbike, dan ben je bovendien zelf volledig aansprakelijk voor alle schadekosten en medische rekeningen die hieruit voortvloeien. Dit kan al snel om enorme bedragen gaan. Ook kan de politie je als betrapte bestuurder een forse boete opleggen van 100 tot 150 euro voor het rijden zonder rijbewijs en kenteken op een voertuig dat niet voldoet aan de eisen. Daarnaast kan je opgevoerde fatbike in beslag genomen worden door de politie. Je moet deze dan op eigen kosten weer ophalen nadat je belooft de illegale aanpassingen ongedaan te maken. Bij herhaalde betrappingen en overtredingen volgen nog hogere boetes of zelfs een tijdelijke rijontzegging. In de meest extreme gevallen riskeer je zelfs een gevangenisstraf voor het herhaaldelijk rijden zonder rijbewijs op een voertuig waarvoor dit wel verplicht is.

©Glaserfotografie.de

Fatbike-verzekeringen stoppen vanwege hoge diefstalcijfers De populariteit van fatbikes heeft een keerzijde. De diefstalcijfers zijn namelijk extreem hoog. Zo hoog zelfs dat verzekeraars als de ANWB per 6 september 2023 zijn gestopt met het aanbieden van speciale fatbike verzekeringen (link). De reden is dat de schadevergoedingen na diefstal een veelvoud zijn van de premie-inkomsten. In sommige steden worden 9 van de 10 verzekerde fatbikes gestolen. Dit maakt het financieel onhoudbaar om fatbikes te blijven verzekeren. Ook het veelvuldig opvoeren en aanpassen van fatbikes draagt bij aan het stoppen van verzekeringen. Deze illegale praktijken vergroten namelijk de kans op ongevallen waar de verzekeraar voor opdraait. De ANWB onderzoekt wel manieren om in de toekomst fatbikes misschien onder voorwaarden weer te verzekeren. Bijvoorbeeld door strengere eisen aan diefstalpreventie te stellen.

©Peter Maszlen

Hoe werkt het opvoeren van een fatbike precies?

Er zijn verschillende manieren waarop eigenaren hun fatbike illegaal kunnen laten opvoeren om meer snelheid en vermogen eruit te halen. Een veelgebruikte methode is chiptuning. Bij chiptuning wordt de software in de controller van de elektromotor aangepast om de snelheids- en vermogensbegrenzingen te veranderen. Standaard is deze ingesteld op maximaal 25 km/uur en 250 watt. Door de software aan te passen kan bijvoorbeeld de snelheidslimiet verhoogd worden naar 35 km/uur en het motorvermogen naar 500 watt. Een andere optie is het vervangen van de motor door een krachtiger exemplaar dat standaard al een hoger vermogen levert, bijvoorbeeld 750 watt. Ook nu moet via een software-update de snelheidsbegrenzer worden aangepast. Er bestaan ook illegale tuning kits die een bypass zetten op de snelheidsbegrenzing, waardoor deze volledig wordt uitgeschakeld. Hiermee zijn soms snelheden van boven de 45 km/uur mogelijk.

Je fiets zelf opvoeren, hoe gaat dat eigenlijk? Je ziet het in deze video.

Watch on YouTube

De ILT waarschuwt al langer voor deze gevaarlijke praktijken

De Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) waarschuwt al geruime tijd voor de illegale praktijk van het opvoeren van fatbikes. Uit een steekproef in 2021 door het tv-programma Kassa kwamen zorgwekkende resultaten naar voren. Maar liefst 5 van de 8 bezochte fatbikewinkels bleken bereid te zijn om voor een 12-jarige klant de fiets op verzoek op te voeren met extra snelheid en een gashendel. De ILT vindt dit een zeer zorgelijke ontwikkeling en benadrukt dat verkopers van fatbikes hun verantwoordelijkheid hierin moeten nemen. Ze zouden klanten veel beter moeten informeren over de wettelijke regels en voorschriften. Ook zouden ze zich strikt moeten houden aan de regelgeving door géén illegale modificaties te doen om de fatbikes op te voeren. Helaas blijkt uit de praktijk dat dit lang niet altijd gebeurt en sommige verkopers hun oren laten hangen naar de wensen van de koper, ook al zijn die wensen illegaal.

Lees ook: Helmplicht voor e-bikes op komst? Dit staat jou als e-biker te wachten

Online een fatbike kopen?

Dat kan bijvoorbeeld bij Bol.com
▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.