ID.nl logo
Feiten en fabels rondom thuisladen
© Blue Planet Studio - stock.adobe.com
Mobiliteit

Feiten en fabels rondom thuisladen

Een elektrische auto kun je opladen aan een laadpaal ergens in de straat, in de buurt of gewoon thuis aan je eigen laadpaal als je die hebt. Thuis opladen heeft als voordeel dat je altijd kunt laden wanneer het jou uitkomt en je ’s ochtends met een volle accu kunt wegrijden. Zo kun je de meeste ritjes in Nederland doen zonder dat je onderweg hoeft bij te laden. Hoewel het opladen van je auto thuis steeds populairder wordt, zijn er toch nog veel misverstanden rondom thuisladen. Dit zijn de feiten en fabels rondom het thuisladen van je auto.

Feit ✅ of fabel ❌? ✅ Je auto opladen aan een thuislaadpaal is goedkoper ❌ Thuis laden kan niet zonder laadpaal ❌ Een laadpaal is niet veilig ✅ Laden aan een laadpaal is efficiënter dan met een granny-charger ❌ Elke meterkast is geschikt voor een laadpaal
❌ Opladen kan niet via zonnepanelen

PS Ook interessant voor jou: ons artikel Zo vraag je een openbare laadpaal aan.

✅ Je auto opladen aan een thuislaadpaal is goedkoper

Bij een thuislaadpaal betaal je het stroomtarief per kWh dat in je energiecontract staat. In theorie kun je een duurder energiecontract hebben dan een openbare lader of je baas op het werk: dan is daar het laden goedkoper. En bij sommige laadpassen met een abonnement kan er ook een goedkoper tarief gehanteerd worden. Maar dit zijn uitzonderingen. Jouw eigen kWh-prijs is vrijwel altijd lager dan het tarief dat je bij een publieke laadpaal moet betalen.

Overigens moet je de kosten voor de installatie van de thuislader niet vergeten mee te nemen. De gemiddelde prijs voor het aanschaffen van een laadpaal of wandpaal aan huis ligt tussen de 1500 en 3000 euro. In dit bedrag zitten de aanschafkosten van de laadpaal of wandlader, de installatie en het aanpassen van de meterkast verwerkt. Klinkt als een investering op zich, maar onderaan de streep en zeker op lange termijn, is dit toch voordeliger dan openbaar laden.

Kun je een laadpaal thuis laten plaatsen? Check hier het aanbod bij Coolblue.

©Thomas Holt

❌ Thuis laden kan niet zonder laadpaal

Het opladen van je auto kan niet alleen via een laadpaal of wandlader, maar ook via het stopcontact. Alleen dien je wel met een paar dingen rekening te houden. Het laden via een stopcontact moet je vooral niet doen als je binnen een paar uur een verre reis wil maken. Het laden kan vaak een halve dag in beslag nemen of zelfs meer. Daarom wordt het vaak gezien als noodoplossing, ook omdat het jouw elektrische installatie thuis flink kan belasten. Bovendien dien je ook over een speciale oplaadkabel (dit heet ook wel: ‘de granny charger’ (voorbeeldje hier bij Amazon), dus zorg dat je die erbij onderhandelt als je een auto koopt) te beschikken als je via een normale stopcontact wilt laden.

Heb je nooit haast met laden, dan kun je hiermee op de aanschaf van een thuislaadpaal besparen. Let wel op dat het stopcontact dat je gebruikt en de bekabeling eromheen niet te heet wordt om kortsluiting en brand te voorkomen.

Doen: altijd meenemen! Neem de granny charger voor de zekerheid altijd mee, zeker als je meerdere dagen op pad gaat.

❌ Een laadpaal is niet veilig

Als hij goed is aangesloten, dan is een thuislaadpaal volledig veilig. Gebruik je de lader een tijdje niet, zet dan voor de zekerheid in de meterkast de groep van de lader uit.

Heeft een beunhaas je laadpaal geïnstalleerd? Dan weet je niet of er de juiste veiligheid is gebruikt. Je hebt in de meterkast een automaat met B-karakteristiek en aardlek van 30mA nodig.

✅ Laden aan een laadpaal is efficiënter dan met een granny-charger

Bij thuisladen (AC-laden) geldt over het algemeen: hoe hoger de laadstroom, des te lager de laadverliezen. Een granny-charger laadt maximaal met zo’n 10-12 ampère op één fase. Een driefase-thuislader meestal op 3x16A. Uit onderzoek van de ADAC (Duitse ANWB) blijft dat een granny-charger ruim 24% laadverlies heeft en zo’n snelle thuislader minder dan 10%.

Tip: korte kabels Een lang verlengsnoer zorgt voor extra verlies, dus probeer de kabels bij je granny-charger zo kort mogelijk te houden.

©Mihail - stock.adobe.com

❌ Elke meterkast is geschikt voor een laadpaal

Bij het installeren van je laadpaal of wallbox heb je allereerst extra aansluitingen nodig in de meterkast. Hiervoor dienen er wel een paar aanpassingen gedaan te worden. Heb je geen plek voor een extra groep in de groepenkast of heb je nog een éénfase-aansluiting en wil je (aanrader!) een driefase-laadpaal, dan moet vaak je hele groepenkast vervangen worden. Grote kans dat dat sowieso moest gebeuren mocht je zonnepanelen, een warmtepomp en/of elektrisch koken overwegen.

❌ Opladen kan niet via zonnepanelen

Het opladen van je auto met de stroom van je eigen zonnepanelen is zeker mogelijk. Daarvoor moet je laadpaal wel ‘slim’ zijn: hij moet kunnen kiezen tussen netstroom en zonnestroom. Alleen op zonnestroom laden kan vaak niet omdat er vrijwel bij elke auto een minimum vermogen moet zijn om de auto mee op te laden. Heb je meer nodig en is de zon niet meer krachtig genoeg om stroom te genereren, dan wordt er automatisch netstroom ‘bijgemengd’.

Op zoek naar een laadpaal om je auto thuis op te laden en kosten te besparen?

Coolblue geeft advies over laadpalen
▼ Volgende artikel
Review: Dragon Quest 7 Reimagined is een klassieke rpg in een nieuw jasje
Huis

Review: Dragon Quest 7 Reimagined is een klassieke rpg in een nieuw jasje

Dragon Quest is al meer dan drie decennia een icoon binnen de game-industrie. Hoewel de oudere delen al snel gedateerd voelden, zorgde een gestroomlijnde vernieuwing voor een nieuwe aanwas van fans. Toch moest alles nog één keer overboord. Met volle moed en een frisse stijl blijkt Dragon Quest 7 Reimagined een prachtige herinterpretatie van een klassieke rpg voor een nieuwe generatie.

Dragon Quest 7 is een beetje het verloren kindje binnen de reeks. Het was het debuut van de franchise op PlayStation, maar werd berucht door de langzame openingsuren en unieke structuur. Sterker nog: de regisseur van deze remake, Takeshi Ichikawa, biechtte op dat hij als kind nooit verder kwam dan het openingssegment in een recent interview. Er zou dus behoorlijk wat gesneden moeten worden in deze structuur. Bovendien is dit de derde remake van een mainline Dragon Quest-game in twee jaar tijd. Gelukkig onderscheidt Dragon Quest 7 Reimagined zich dit keer wel al vanaf het eerste uur.

©Square Enix

Schuitje Varen, Eilandje Redden

Op het eerste gezicht lijkt Dragon Quest 7 logisch in lijn te vallen met de rest van de serie. Als ‘de Held’ begin je op het enige eiland in de wereld. Samen met prins Keifer en jeugdvriendin Maribel ga je op een groot avontuur wanneer er een portaal opent in de mysterieuze tempel op het eiland. Niet alleen verschijnt er opeens een nieuw eiland in de eindeloze oceaan, maar ook reist de groep terug in de tijd. Ieder nieuw eiland bezoek je zo eerst in het verleden, waarna je acties gevolgen hebben in het heden.

Zo wordt de spelwereld steeds groter. Het ene eiland is compleet verlaten, omdat alle inwoners zijn versteend. Op een ander eiland probeert een groep reizende pelgrims om hun God te helpen terugkeren na zijn verdwijning aan de hand van de Demon King. Onderweg vind je tabletstukken om nieuwe portalen te openen. Ieder eiland heeft zo zijn eigen verhaal en personages die je volgt, wat kan voelen als een televisieserie met allemaal kleine uitstapjes. Het bouwt langzaam op naar een grotere verhaallijn met de terugkeer van de Demon King. Het geeft Dragon Quest 7 een eigen identiteit ten opzichte van andere Dragon Quest-titels, maar vereist wel een langere aandachtsspanne.

Watch on YouTube

Visueel vakmanschap

Gelukkig spat het spel van je scherm. De nieuwe visuele stijl is een hoogtepunt, een fenomenale balans tussen de originele tekeningen en ontwerpen van Akira Toriyama (Dragon Ball) en de 3D-stijl die de games hebben omarmd sinds de PlayStation 2. De hoofdpersonages zien er uit als handgemaakte poppetjes. Steden en kamers worden getoond als kleine diorama's. Het deed mij op meer dan één manier denken aan de uitstekende remake van Zelda: Link’s Awakening op de Nintendo Switch. De nieuwe stijl complementeert de Dragon Quest-serie uitstekend. Wanneer het samenkomt onder begeleiding van de prachtige symfonische muziek, voelt Reimagined als een warme deken voor fans van klassieke rpg’s.

Ik wilde elk hoekje van de wereld verkennen. Elk eiland voelde als een nieuw avontuur. Naarmate de groep avonturiers groter wordt, zwijmel je zo weer weg in de wereld van Dragon Quest. De game heeft zowel Japanse als Engelse stemwerk voor de tussenfilmpjes en belangrijke dialogen, maar ook het schrijfwerk is behoorlijk sterk. Leuke details zoals het gebruik van  ‘Thou’s’ en ‘Thy’s’ bij eilanden in het verleden voelen gepast. Wat minder gepast zijn de plaatsen die stilistische fouten gebruiken om over te komen als ‘Duits’ of ‘Frans’ (‘Wiz’ in plaats van ‘With’, of het weglaten van werkwoorden). Geen pretje om te lezen, maar het brengt wel degelijk het gevoel van een gevarieerde wereld over.

Knokken bouwt karakter

De combat is traditioneel zoals je kan verwachten van Dragon Quest. Elke beurt kies je welke aanval je personage uitvoert. Je maakt gebruik van de zwaktes van vijanden om je aanvallen maximale schade te laten toebrengen. Om in te spelen op de sterke punten van je party kun je ze allemaal een rol geven met het ‘vocation’-systeem. Deze beïnvloedt de statistieken en aanvallen die je kan leren. Na het vrijspelen van de ‘Alltrades abbey’ is het mogelijk om op ieder moment een ander pad te kiezen. Als je specifieke combinaties van vocations leert, krijg je toegang tot speciale rollen. Nadat je de Sailor- en de Thief-vocation beheerst, krijg je de Pirate-vocation, een unieke mix van beide rollen.

Het is een flexibel systeem dat uitnodigt om lekker te experimenteren. Zo maakte ik van Ruff een glazen kanon met een hele hoge kans op critical hits om massale schade uit te delen, terwijl ik Maribel als Sage en Priest gebruikte voor magische aanvallen en genezing. In de beste gevechten van Dragon Quest 7 voelt je party als een goed geoliede machine die compleet kan worden afgestemd op elke situatie. Dankzij de uitgebreide instellingen is het mogelijk om aan te passen hoeveel XP, geld, of levels in vocations je verdient in gevechten. In combinatie met de aangepaste snelheid van gevechten en tactische opties blies ik mij door de gevechten.

©Square Enix

Ideale moderne remake

Al deze kleine verbeteringen maken van Dragon Quest 7 Reimagined de ideale moderne remake. Hoe dol ik ook ben op de 2D-HD-stijl die Square Enix heeft toegepast in de laatste paar Dragon Quest-titels, is de nieuwe stijl in Reimagined een prachtige samensmelting van oud en nieuw. Structureel is de game flink opgepoetst en met de toegankelijkheidsopties hoef je niet eindeloos te grinden voor elke eindbaas. Dit alles komt samen in een heerlijke traditionele en tegelijkertijd modern aanvoelende rpg. Voor de oudgedienden: verwacht geen bergen aan nieuwe missies of verhalen, maar een ‘greatest hits’-album van Dragon Quest 7.

Voor de nieuwkomer is dit niet de eerste Dragon Quest die ik zou aanraden, maar zeker eentje om te ervaren als je nieuwsgierig bent naar andere delen in de serie. Ik kan alleen maar hopen dat dit het startschot is om ook andere delen in de serie op deze manier te ‘reimaginen’. Dragon Quest 9 bijvoorbeeld?

Dragon Quest 7 Reimagined is vanaf 5 februari beschikbaar voor PlayStation 5, PlayStation 4, Xbox Series X en S, pc (via Steam), Nintendo Switch 2en Nintendo Switch. Voor deze review is de game getest op Nintendo Switch 2.

Uitstekend
Conclusie

Dragon Quest 7 Reimagined is een klassieke rpg in een prachtig nieuw jasje. Met een gestroomlijnd verhaal, talloze opties om de ervaring soepeler te maken en een nieuwe visuele stijl is het hopelijk de eerste stap op een nieuwe weg voor Dragon Quest-remakes.

Plus- en minpunten
  • De visuele stijl is fris
  • Gestroomlijnd verhaal
  • Veel toegankelijkheidsopties
  • Klassieke rpg in een nieuw jasje
  • Verhaal komt (nog steeds) langzaam op gang
  • Turn-based combat kan wat eentonig overkomen
▼ Volgende artikel
Elfde Fast and Furious-film gaat in 2028 in première
Huis

Elfde Fast and Furious-film gaat in 2028 in première

De naam en premièredatum van de elfde en tegelijkertijd waarschijnlijk ook allerlaatste Fast and Furious-film zijn bekendgemaakt.

Universal Pictures bevestigde dat de film Fast Forever gaat heten en op 17 maart 2028 in première gaat. Het was al geruime tijd bekend dat er een nieuwe Fast and Furious-film zou komen, maar nu zijn eindelijk de eerste details bevestigd. Het lijkt daarbij de laatste film in de franchise te worden, al weet je dat natuurlijk nooit helemaal zeker in Hollywood.

De goedkeuring van de film had nog wat voeten in de aarde. Afgelopen oktober kwam al naar buiten dat er nog geen script klaar lag, en dat de hoofdrolspelers nog geen contract hadden ondertekend. Dit had deels te maken met het gerucht dat er een budget van zo'n 250 miljoen dollar nodig was om de film te creëren, en dat Universal zou hebben geëist dat de kosten met 20 procent naar beneden werden bijgesteld.

In 2023 kwam de meest recente film in de reeks uit, Fast X. Het was oorspronkelijk de bedoeling dat hier een direct vervolg op zou uitkomen genaamd Fast X: Part Two. Die film zou in 2025 verschijnen, maar dat idee werd geschrapt. Fast Forever zal nu dus het verhaal uit die film opvolgen.

Nieuw op ID: het complete plaatje

Misschien valt het je op dat er vanaf nu ook berichten over games, films en series op onze site verschijnen. Dat is een bewuste stap. Wij geloven dat technologie niet stopt bij hardware; het gaat uiteindelijk om wat je ermee beleeft. Daarom combineren we onze expertise in tech nu met het laatste nieuws over entertainment. Dat doen we met de gezichten die mensen kennen van Power Unlimited, dé experts op het gebied van gaming en streaming. Zo helpen we je niet alleen aan de beste tv, smartphone of laptop, maar vertellen we je ook direct wat je erop moet kijken of spelen. Je vindt hier dus voortaan de ideale mix van hardware én content.