ID.nl logo
Veiligheid en privacy voor Android
© Reshift Digital
Huis

Veiligheid en privacy voor Android

Android is het meest gebruikte mobiele besturingssysteem. De meest recente versies bieden behoorlijk wat bescherming tegen malware en laten je afgewogen beslissingen maken over je privacy. Maar is dat genoeg en waar moet je toch op blijven letten?

Android heeft eigenlijk een vergelijkbaar probleem als Windows. Het is een 'allemans-besturingssysteem' dat op een enorme waaier aan hardware draait. Tegelijkertijd updaten veel fabrikanten - zeker de B-merken - Android veelal niet naar de meest recente versie. Dat levert zonder meer potentiële beveiligingsproblemen op. Gelukkig kan Google tegenwoordig zelf veiligheidspatches uitbrengen via app store Google Play, maar alleen in de meest recente versies van Android. 

Dat is dan ook meteen dé eerste regel betreffende beveiliging van je toestel: draai je een oudere versie dan Android 10 en is de fabrikant van je toestel niet van plan een upgrade uit te brengen, dan is het eigenlijk gewoon tijd om naar een nieuw toestel uit te kijken. Na verloop van tijd worden de risico's simpelweg te groot.

Van veel Android-versies is een lange lijst aan lekken bekend en die wordt actief gebruikt. Ongepatchte smartphones, tablets en settop-boxen zijn een geliefd doel. Bedenkt daarbij dat er nog altijd veel gebruik gemaakt wordt van antieke Android-versies als KitKat. Niet goed, heb je nog ergens iets dergelijks in gebruik, dan is het tijd om er afscheid van te nemen.

Virusscanner?

Zeker als je ook apps van buiten de Google Play app store installeert is een virusscanner eigenlijk aanbevelenswaardig. De kans dat er iets vervelends meelift is gewoon aanwezig. Gelukkig geldt dat veel fabrikanten van virusscanners de activatiecode van je desktop-scanner ook op je mobiel laten gebruiken, zeker in de meer uitgebreidere versie van beveiligingspakketten. Maak daar gebruik van, je hoeft dan niks extra's te betalen voor het gebruik van je Android-scanner, zolang je dezelfde gebruikt als op je Windows-pc of Mac. 

Wel geldt dat een mobiele virusscanner zonder meer impact heeft op de prestaties (en indirect het batterijverbruik) van je telefoon of tablet. Echter: bij moderne scanners in combinatie met enigszins recente hardware valt dat tegenwoordig gelukkig reuze mee. Bedenk verder ook dat er wel degelijk af en toe spy- of malware wordt gevonden in apps uit Google Play en je snapt dat een virusscanner onder Android zinvol is.

©PXimport

Gezond verstand

We duiken zo wat settings in betreffende veiligheid en privacy onder Android. Voordat we dat doen, maken we echter nog even aanspraak op je gezonde verstand. Weet je niet precies van de hoed en de rand als het gaat om veiligheid en privacy, hou het dan echt bij apps uit de officiële Google Play appwinkel. Deze apps worden door Google zelf in de gaten gehouden, gescand op malware enzovoort. 

Vermijd zinloze fun-apps van onbekende makers, of apps waarvan de naam heel erg lijkt op die van een gerenommeerde app. Wellicht probeert een maker gewoon mee te liften op het succes van die grote naam, maar ook kan het zijn dat je op deze manier in de val wordt gelokt om een malafide 'klinkt-als'-app te installeren. 

Ga zeker ook niet alleen voor de gratis apps. Soms is het gewoon beter om wat geld uit te geven aan betrouwbare software dan steeds maar weer voor kosteloze alternatieven te gaan. Hoe aanlokkelijk dat ook klinkt. Onder de streep blijkt vaak dat je niets voor niets krijgt. Veel gratis apps genereren inkomsten door bijvoorbeeld gebruikersgegevens te verzamelen en verkopen. Vraag jezelf af of je dat echt oké vindt.

Privacy

Op naar de beloofde privacy- en veiligheidsinstellingen. Start daarvoor - hoe kan het haast ook anders - de app Instellingen. Tik hierin allereerst eens op Privacy. Het heeft weinig zin om alle opties te doorlopen: deze spreken voor zich. Waar het om gaat is dat je hier eens heel kritisch moet kijken naar waar je wel en geen toestemming voor wilt geven. Met andere woorden: wat wil je dat Google van je weet, gebaseerd op gebruik van je Android-toestel en apps? Check ook zeker even welke apps toegang tot bepaalde onderdelen als je contacten, agenda, microfoon en meer hebben. Daarvoor tik je - nog altijd onder Privacy - op Rechtenbeheer. Per categorie zie je nu apps die van zo'n onderdeel gebruik maken. Vraag je daarbij af of iets als bijvoorbeeld een Tetris-kloon echt toegang tot je contacten en (of) camera nodig heeft. Ofwel: wees kritisch en gezond achterdochtig! Doorloop verder onder Privacy ook nog even de Geavanceerde instellingen.

©PXimport

Beveiliging

Keer terug naar het hoofdpaneel van de app Instellingen en tik daarin op Beveiliging. Zorg dat Vind mijn apparaat aan staat. Wordt jouw telefoon of tablet ooit gestolen, dan kun je op afstand je gegevens veiligstellen, bijvoorbeeld. Of gewoon het toestel terugvinden als je het eens kwijt bent. Tik ook zeker even op Versleuteling en gegevens en zorg dat de op je apparaat aanwezige gegevens versleuteld zijn. Zonder wachtwoord of toegangscode (dat had je toch wel al ingesteld...?) kan niemand er dan bij. Check ook de andere onder Beveiliging vallende zaken kritisch.

©PXimport

Weg met onbekende apps

Zoals gezegd kun je in principe apps van andere bronnen dan Google Play installeren. Het is onverstandig om dat te doen, tenzij je heel precies weet waar je mee bezig bent. De optie om dit te doen hoort standaard uitgeschakeld te zijn. In de meer recente versies van Android - waar we ons op focussen - doe je dat door in Instellingen op Apps en meldingen te tikken. Tik vervolgens op Speciale app-toegang en dan op Onbekende apps installeren. Je ziet nu een lijst van eventuele apps die je poogde te installeren van buiten de app-store (en ook zie je hier vreemd genoeg apps die ooit wel uit Google Play zijn binnengehaald, maar daar inmiddels niet meer te vinden zijn). Per 'onbekende' app kun je nu middel een schakelaar aangeven of je installatie en gebruik ervan wel of niet toestaat.

©PXimport

Google Play

Ook Google Play, Google's app store - kent wat specifieke instellingen. Start de app en tik op de knop met de drie streepjes linksboven in beeld. Tik in het geopende menu op Instellingen en doorloop alle opties weer eens kritisch. En daarmee komen we weer op de factor gezond verstand. Er is geen enkel besturingssysteem dat je beschermd tegen laksheid. Als je ondanks je onderbuikgevoel toch op een link in een mail van je 'bank' (die toch telkens weer aangeeft nooit mail te zullen sturen, zeker niet mail voorzien van links) dan heb je afgeroepen leed toch wel vooral aan jezelf te danken. Ook het bezoeken van malafide of twijfelachtige websites tegen beter weten in en installeren van ongevraagd aangeboden apps: typische gevalletjes van 'eigen schuld, dikke bult'. Daar beschermt ook de allerbeste beveiligingssoftware je niet tegen...

▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.