ID.nl logo
Xiaomi Mi 10T Lite – Zonder echte 5G-ondersteuning
© Reshift Digital
Huis

Xiaomi Mi 10T Lite – Zonder echte 5G-ondersteuning

Voor dit najaar heeft Xiaomi drie telefoons klaargestoomd, namelijk de Xiaomi Mi 10T, 10T Pro en de 10T Lite. De laatstgenoemde smartphone is op dit moment één van de goedkoopste 5G-telefoons van dit moment en een midranger die beschikt over een 120Hz-scherm. De Xiaomi Mi 10T Lite is dan ook het toestel dat we in deze review onder de loep nemen.

Op moment van schrijven is de Xiaomi Mi 10T Lite de eerste smartphone met de Qualcomm Snapdragon 750G-processor. Dit is een octacore-processor, die beschikt over twee kernen die zijn geklokt op 2,22 GHz en zes kernen die zijn geklokt op 1,80 GHz. Hoewel die processor ingebouwde 5G-ondersteuning voor de mmWave-frequenties, is het helaas niet zo dat het toestel beschikt over de nodige antennes. Dat betekent niet dat er géén ondersteuning voor het nieuwe mobiele netwerk is, aangezien je de Xiaomi Mi 10T Lite wel op de in Nederland beschikbare frequenties kunt gebruiken.

Echte 5G is echter voorlopig nog toekomstmuziek. Op moment van schrijven zijn er al wel 5g-netwerken en -abonnementen, maar een echt grote snelheidsverhoging laat nog op zich wachten. Dat komt doordat de benodigde 3,5GHz-band pas in 2022 geveild wordt. Er zit wel verschil in snelheid tussen 4G en de huidige implementatie van 5G, maar heel groot is dat verschil niet. In dat opzicht is het jammer dat de Xiaomi Mi 10T Lite niet meer toekomstbestendig is. Want zodra de nieuwe frequenties er zijn, dan kun je daar dus niet van profiteren met de Mi 10T Lite.

©PXimport

©PXimport

Langzamer geheugen: is dat erg?

Het toestel is uitgerust met 6 GB aan lpdd4x-werkgeheugen. Dat is dus genoeg werkgeheugen, maar wel een langzamere soort. In de praktijk merk je daar gelukkig weinig van. Apps starten snel op, je wisselt gemakkelijk van app naar app en op geen enkel moment komen we irritante vastlopers tegen. Het is een afweging die Xiaomi voor je gemaakt heeft: door gebruik te maken van iets langzamer geheugen, kan de prijs gedrukt worden. Het is aan jou om dat voor lief te nemen.

Hetzelfde geldt overigens voor de opslagruimte. Je hebt de keuze uit 64 of 128 GB aan intern geheugen. Ook dit is een ietwat oudere versie dan de huidige standaard die je veelal in duurdere smartphones aantreft, namelijk respectievelijk UFS 2.1 en 2.2. We rekenen het de smartphone niet aan dat dit het geval is, aangezien het een kwestie is van concessies maken. En dat is verder prima, wanneer je a: niet van plan bent om de hoofdprijs te betalen voor een smartphone en b: je dagelijkse activiteiten eigenlijk helemaal niet de hoogste snelheid vereisen.

©PXimport

Veel smartphonemakers die actief zijn in dit segment besparen op deze manieren geld, dus het is ook helemaal geen vreemde praktijk. Niet elke fabrikant is hier echter helemaal open over en maakt die info niet zonder een zoektocht beschikbaar. Daarom is het fijn om te zien dat je in elk geval bij dit toestel van Xiaomi weet waar je aan begint voordat je hem in huis haalt. Verder heeft de Xiaomi Mi 10T Lite een accu met een vermogen van 4820 mAh, die lekker snel opgeladen wordt met de meegeleverde 33 watt-oplader. Er is geen draadloos laden aanwezig. De accu gaat ongeveer anderhalve dag mee bij normaal gebruik, met de 120Hz-stand geactiveerd.

Lekker groot scherm, met cameragat

De Xiaomi Mi 10T Lite beschikt over een lekker groot lcd-scherm van 6,67 inch, net zoals zijn duurdere broers 10T en 10T Pro. De resolutie is even hoog, namelijk 2400 bij 1080 pixels. Dat zorgt voor een pixeldichtheid van nog net geen 395 pixels per inch (ppi). Meer dan prima voor een lager geprijsd toestel. Meestal wordt gezegd dat alles boven de 400 ppi zorgt voor een scherp en gedetailleerd beeld op smartphoneschermen, dus dat we vijf pixels per inch tekort komen is geen groot probleem. Bovendien komen de kleuren goed uit de verf is en is het contrast ook heel degelijk.

©PXimport

©PXimport

Het scherm heeft wel last van typische lcd-dingen. Zo is er duidelijk een schaduwrand zichtbaar aan de randen van de telefoon. Dat is inherent aan de beeldtechnologie en niets iets wat alleen geldt voor de Mi 10T Lite, maar het blijft wel opvallend. Het 120Hz-scherm is ontzettend vloeiend en maakt korte metten met de schokkerige kwaliteit die 60Hz-scherm afleveren. Het display kan zich overigens automatisch aanpassen aan de type content op het scherm. Video’s in 24 Hz krijgen dan niet meteen kunstmatige beelden ingevoerd, maar kunnen nog steeds bekeken worden in het originele aantal hertz.

Wat een beetje tegenvalt is de maximale helderheid. Die blijft namelijk steken op 450 nits. Nogmaals: voor een budgettelefoon niet slecht, maar voor over het algemeen is het fijn wanneer smartphoneschermen een maximaal aantal nits van 600 over meer hebben. Qua audio mag je dit keer rekenen op stereospeakers waar helder, verstaanbaar geluid uitkomt. Niets om over naar huis te schrijven, maar het wordt in elk geval niet snel kakofonisch.

©PXimport

©PXimport

Vier camera’s achterop

De Xiaomi Mi 10T Lite heeft een ronde cameramodule met maar liefst vier camera’s achterop. Zo is er een 64 megapixel groothoeklens, een 8 megapixel ultragroothoeklens, een 2 megapixel macrocamera (voor foto’s van dichtbij) en een 2 megapixel dieptesensor. De standaardapplicatie voor de camera biedt bovendien een groot aantal functies aan, zoals een Pro-modus en ondersteuning voor high dynamic range, waardoor je dus veel invloed uitoefent op de kwaliteit van de kiekjes. Ook is er nog kunstmatige intelligentie die foto’s automatisch aanpast.

Het verschil in foto’s die je maakt met de AI-stand en HDR-modus aan is behoorlijk. Foto’s zonder die extra’s ogen wat natuurlijker, maar ook een beetje flets. Met beide dingen geactiveerd zie je dat kleuren harder tegen elkaar afsteken en dat bepaalde details er veel beter uitspringen. Andere aspecten, zoals lichtval op objecten (zoals de auto op de foto’s) springen uit de beelden. Dat is echter iets wat je mooi vindt of niet en is dus afhankelijk van je persoonlijke smaak. Het is in elk geval goed om te zien dat de camera’s scherpe, kleurrijke en gedetailleerde foto’s kunnen maken.

©PXimport

©PXimport

Inzoomen, zowel tijdens het fotograferen of daarna, kunnen we dan weer niet aanbevelen. Dan valt op dat de kwaliteit toch wat tegenvalt. En we hebben de camera al zo ingesteld dat hij foto’s maakt in de hoogste kwaliteit. Maar eerlijk is eerlijk: voor dit bedrag zul je niet heel snel beter aantreffen, behalve misschien bij de budgetversies van de Google Pixel- of Sony Xperia-smartphones.

Android 10, MIUI 12

De smartphone draait op Android 10, met daar bovenop de Xiaomi-softwareschil MIUI 12. Hoewel het jammer is dat Android 11 niet meteen meegeleverd wordt, is het ook niet heel vreemd. De upgrade is nog jong en vooral Xiaomi heeft tijd nodig om die eigen te maken. De softwareschil verandert namelijk behoorlijk wat aan het uiterlijk en de interface van Android. Mocht je niet bekend zijn met het werk van de fabrikant, dan kan dit systeem aanvoelen als iets dat niet bij Android in de buurt komt. Dat is niet altijd een voordeel, tenzij je dit natuurlijk prettig vindt werken.

©PXimport

©PXimport

Hoewel het menu van de instellingen anders ingedeeld is en ook het snelle menu, dat je via het thuisscherm naar beneden trekt, anders oogt, biedt de Xiaomi Mi 10T Lite wel gewoon alles wat een Android-telefoon te bieden heeft. Sommige instellingen staan prominenter in beeld, terwijl andere juist meer verborgen zijn. Op zo’n moment is het fijn dat er ook gewoon een zoekfunctie is toegevoegd aan het menu, zodat je bijvoorbeeld heel snel de donkere modus voor het systeem tevoorschijn haalt. Een modus die gelukkig ook gewoon aanwezig is op de Mi 10T Lite.

MIUI 12 doet overigens een paar dingen anders ten opzichte van versie 11. Zo kun je nu gebruikmaken van navigatie op basis van beweging, die met Android 10 geïntroduceerd is, en is er een nieuw uiterlijk. Dus ook voor Xiaomi-gebruikers zal er ongetwijfeld iets tussen zitten wat net even anders werkt, maar het stoort nergens. Het systeem is overzichtelijk en ziet er kleurrijk uit en heeft in de basis ook iets weg van het iOS. Verder zijn er meer privacy-opties beschikbaar, wat in ons boekje altijd een voordeel is. Er worden geen gegevens meer verzameld waar je geen toestemming voor geeft.

Het is helaas niet duidelijk hoeveel Android-upgrades het toestel krijgt. Daarover heeft Xiaomi namelijk niets bekendgemaakt.

©PXimport

Conclusie

Voor minder dan 300 euro kun je een 5G-telefoon in huis halen die er niet slecht uitziet, een stevige bouwkwaliteit heeft, redelijke foto’s (zonder in te zoomen) maakt en een overzichtelijk besturingssysteem heeft. Je bent niet helemaal voorbereid op de toekomst van 5G, omdat er simpelweg antennes ontbreken, je moet misschien leren omgaan met MIUI, en hebt te maken met ietwat verouderde hardware – maar dit zijn geen zaken die echt in de weg staan van een verder prettige smartphone-ervaring. Verder is het fijn om te zien dat er een koptelefoonaansluiting is en dat de vingerafdrukscanner, aan de zijkant, meestal snel werkt.

In hetzelfde segment vind je ook de Poco X3-smartphone, eveneens van Xiaomi afkomstig. Beide telefoons hebben nagenoeg dezelfde specificaties, maar de Poco heeft wel een grotere accu. Vind je dat dus een belangrijk aspect, dan kun je beter voor de X3 gaan. De Mi 10T Lite heeft wel een betere processor en een betere frontcamera.

Mocht je iets meer te besteden hebben, dan kan de OnePlus Nord ook prima dienstdoen als een midranger waar je voorlopig mee vooruit kunt. Dat toestel heeft bovendien een AMOLED-scherm, een snellere processor en een iets hogere pixeldichtheid. Qua accuduur is de Xiaomi hier dan weer de betere optie. Mocht je een nagenoeg kale Android-ervaring belangrijk vinden, dan kom je al gauw uit op een OnePlus of natuurlijk de Pixel-telefoons van Google.

Ons oordeel

7Score

Xiaomi Mi 10T Lite

Adviesprijs vanaf € 279,-
Kleuren Grijs, blauw, roségoud
OS Android 10 (MIUI 12)
Scherm 6,67 inch lcd (2400 x 1080, 120 Hz)
Processor Snapdragon 750G
RAM 6 GB
Opslag 64 of 128 GB
Batterij 4820 mAh
Camera 64, 8, 2 en 2 megapixel (achter), 16 megapixel (voor)
Connectiviteit 4G (LTE), Bluetooth 5.0, wifi, gps, nfc
Formaat 16,5 x 7,7 x 0,90 cm
Gewicht 214,5 gram
Overig Vingerafdrukscanner in de aan- en uitknop
Websitewww.mi.com/nl

  • Pluspunten

  • Goedkoop op 5G (voorlopig)

  • Prijs-kwaliteitverhouding

  • 120Hz-scherm

  • Minpunten

  • Camerasysteem

  • Geen ondersteuning voor 'echte' 5G

  • MIUI kan wennen zijn

▼ Volgende artikel
Review: In Reanimal mag je samen naar de gemuteerde kinderboerderij
© Tarsier Studios/Tijn Kranen
Huis

Review: In Reanimal mag je samen naar de gemuteerde kinderboerderij

Achtpotige mottenballen, levende huidplooien en gemuteerde pelikanen: in het ‘schattige’ Reanimal kom je het allemaal tegen. Gelukkig sta je er niet alleen voor, want je kunt er voor kiezen om samen met een medespeler via coöp dit levende schilderij in te duiken - al is het resultaat vooral dat je sámen geen snars van het verhaal snapt.

Het Zweedse Tarsier Studios heeft al even geoefend met het concept van Reanimal. De game heeft namelijk een hoop weg van hun vorige games, Little Nightmares 1 en 2: ook hier wandel je door een stel surrealistische, levende horrorschilderijen.

Hoewel het niet letterlijk om een schilderij gaat, kan ik het gevoel niet anders beschrijven. Je beweegt je door een reeks prachtige omgevingen gevuld met bizarre monsters, die vooral de logica volgen van nachtmerries en kinderangsten. Reanimal lijkt in de verte wel een verhaal te willen vertellen, maar Tarsier beseft dondersgoed dat minimalisme het alleen maar griezeliger maakt.

Watch on YouTube

Simpel doch effectief

De mist hangt over het waterlichaam. Er zit een kind in een bootje. Als je aan de knoppen zit te morren, heb je door dat jij het kind bestuurt - tijd om naar dat rode licht in de verte te varen. Als je dichterbij komt, blijkt het een boei te zijn, met daarnaast spartelend in het water een vriendje. Ze klimt bij je in de boot. Als je een tweede controller aansluit of online speelt, is dit je coöp-partner. Zo niet, dan blijft het een computergestuurde vriend die vooral gezelschap biedt.

Terwijl je samen van boei naar boei vaart, doemt er in de verte een rotspartij op. Oh, die ziet er groot uit. Wacht, die is écht groot! Als je eenmaal bij het strand komt, ram je je bootje het zand in. Zo, die ligt lekker stevig.

Als je een dichte deur tegenkomt, snap je als gamer wel wat je missie is: zoek maar naar een sleutel. Vervolgens blijf je zonder echte reden maar een pad volgen, al kom je er gaandeweg achter dat je andere kinderen probeert te redden van monsters.

©THQ Nordiq/Tarsier Studios

Een versleten screenshotknop

Het verhaal staat dus niet echt voorop - en eerlijk gezegd staat diepgaande gameplay óók niet echt voorop. Maar wat maakt deze game dan in godsnaam zo indrukwekkend? Dat komt allemaal neer op fenomenaal ontworpen omgevingen en geniaal ontworpen monsters.

Het helpt daarbij dat Reanimal een ontzettend goed gevoel van schaal weet over te brengen: je voelt je piepklein, en grote dingen in de spelwereld voelen gigantisch. Daar komt ook een sterk staaltje camerawerk bij kijken. Op precies de juiste momenten wordt de camera naar achteren getrokken om te onthullen dat er in de achtergrond al de hele tijd een of ander gemuteerd boerderijdier op je ligt te wachten.

Op de PlayStation 5, waar we de game op hebben gespeeld, ziet Reanimal er prachtig uit. Op een zeldzame lelijke texture na is het spel gevuld met visuele meesterwerkjes. Je kunt op ieder willekeurig moment een screenshot maken, en het bij wijze van spreken inlijsten en ophangen. In vijf uur speeltijd heb ik 108 screenshots gemaakt, mede vanwege de mooie lichtinval.

Slide
Slide
Slide
Slide

Niet meer dan een middag

Daar is dan ook meteen het grootste struikelblok: in vijf uurtjes was ik wel door de game heen, terwijl ik het best rustig aan deed. Het spel gaat voor vier tientjes over de toonbank - toch best een hoge prijs voor zo’n korte game. In coöp doe je er misschien nog iets langer over, maar ik zou er niet op rekenen.

In de omgeving zijn er nog enige collectibles te vinden: posters met concept art en dierenmaskers, waar je je personages mee kan aankleden. Dat is best leuk, want die art is belachelijk mooi en die maskers worden steeds absurder. Gelukkig spat de kwaliteit er wel van af, want iedere omgeving is een kunstwerk op zich.

©Tarsier Studios/Tijn Kranen

Lekker rondkijken

Om nog even op die coöp-gameplay terug te komen: we hebben hier niet te maken met een game als Portal 2, waarbij de puzzels zijn gebouwd om als duo op te lossen. Hoewel de functie een van de selling points is, heb je absoluut geen tweede speler nódig.

De coöp-modus is zowel online als lokaal beschikbaar, al is er geen matchmaking. Je moet de lobbycode invoeren van de persoon met wie je wil spelen, dus met een vreemdeling spelen is er niet bij. We hebben de functie daardoor niet uitvoerig kunnen testen, maar het lijkt prima te werken.

Voor de puzzels heb je ook geen twee sets hersenen nodig: het zijn vrij simpele puzzels die er vooral voor zorgen dat je aandacht naar de mooie locaties getrokken wordt. Ingewikkelder hoeft het ook niet te zijn, want als je echt je hersens had moeten gaan kraken, dan had het die melancholische droomsfeer misschien wel kapotgemaakt.

©Tarsier Studios/Tijn Kranen

Hypnotiserend

Tarsier Studios weet precies wat Reanimal moet zijn: hypnotiserend, surrealistisch, schattig en tegelijkertijd doodeng. Het minimalistische verhaal is lastig te volgen, maar de gevoelens raken wél - al is het einde wat abrupt. Het grijpt je niet bij de keel, maar glijdt langzaam om je strot heen en knijpt zonder dat je het doorhebt.

Het voelt als de vreemdste plekken uit Silent Hill, of de Dark Place uit Alan Wake 2, maar het heeft ook weer wat weg van Coraline en Guillermo Del Toro’s Pinocchio. Het deed me misschien nog het meest denken aan deze concept trailer van Silent Hills, een game die helaas nooit het daglicht heeft mogen zien.

Stel je voor dat je door een bioscoop heen loopt, waar een dood (of gehypnotiseerd) publiek zit te kijken naar iets dat je alleen kan vergelijken met de videoband uit The Ring. Als je naar buiten komt, staat er een grote spinachtige man met een ijscowagen op je te wachten om je op te grissen. Als je eenmaal aan hem bent ontsnapt, wordt je geconfronteerd met de volgende griezelige omgeving en een nieuw, prachtig, tragisch en doodeng gemuteerd monster. In Reanimal snap je misschien niet precies wat er gebeurt, maar je gaat het zeker niet vergeten.

Reanimal is vanaf 13 februari verkrijgbaar voor PlayStation 5, Xbox Series-consoles, Nintendo Switch 2 en pc. Voor deze review is de game op PlayStation 5 gespeeld.

Goed
Conclusie

De visie achter Reanimal is duidelijk: geen ingewikkelde puzzels of verhaallijnen, maar een gestroomlijnde, sfeervolle koortsdroom met gedetailleerde plaatjes (en monsters) die nog lang in je hoofd blijven hangen. Tarsier Studios had de game kunnen opvullen met meer omgevingen of meer simplistische puzzels, maar dat zou wellicht alleen maar aan de ervaring af doen. Reanimal is daardoor wat aan de simpele en korte kant, maar de game blijft na het uitspelen wel nog veel langer door je hoofd spoken.

Plus- en minpunten
  • Kunstzinnige monsters en omgevingen
  • Mooie graphics
  • Co-op-functie is een welkome toevoeging
  • Gameplay maar weinig diepgaand
  • Kort en een tikje anticlimactisch
  • Niet erg uitdagend
▼ Volgende artikel
De iPad als smarthome-hub is verleden tijd: dit moet je weten
© DENYS PRYKHODOV
Huis

De iPad als smarthome-hub is verleden tijd: dit moet je weten

Met de introductie van een nieuwe Home-architectuur heeft Apple de ondersteuning voor de iPad als centrale woninghub stopgezet. Gebruikers moeten nu overstappen op een Apple TV of HomePod om hun slimme apparaten op afstand te bedienen en automatiseringen uit te voeren.

Het idee was altijd zo handig: die oude tablet die toch maar in de kast lag te verstoffen kreeg een tweede leven als het brein van je woning. Je plakte hem tegen de muur of zette hem op een standaard in de keuken, en plotseling kon je overal ter wereld je lampen bedienen. Toch merkten veel gebruikers dat de betrouwbaarheid vaak te wensen overliet, met apparaten die niet reageerden of automatiseringen die simpelweg weigerden te starten. Apple heeft nu de knoop doorgehakt en de tablet officieel uit de lijst van ondersteunde hubs geschrapt. In dit artikel leggen we uit waarom deze besluitvorming logisch is en wat dat voor jouw huidige opstelling betekent.

Overstap naar een stabiele architectuur

De reden dat de tablet niet langer als hub fungeert, ligt diep in de softwarematige fundering van de Woning-app verborgen. Met de komst van de nieuwe architectuur in iOS 16.2 heeft Apple de manier waarop apparaten met elkaar communiceren volledig herzien. Waar de iPad voorheen als een soort tussenstation fungeerde dat af en toe signalen doorgaf, vereist het nieuwe systeem een apparaat dat altijd aan de stroom hangt en een constante, bekabelde of zeer stabiele draadloze verbinding heeft.

We hebben in onze tests gemerkt dat een iPad die in de slaapstand gaat of waarvan de batterij net onder een bepaald percentage zakt, de communicatie met de rest van het huis direct verstoort. Bovendien ontbreekt in de iPad de hardware voor Thread, een netwerkprotocol dat zorgt dat apparaten razendsnel en zonder vertraging op elkaar reageren. Wanneer je nu op een knop drukt, hoor je bij een moderne hub direct de klik van de schakelaar, terwijl de iPad daar voorheen merkbare seconden over kon doen.

©PHILIPPE RAMAKERS

Soms werkte het wel...

In een heel specifieke context kon de iPad nog wel dienstdoen, mits je geen behoefte had aan de nieuwste snufjes. Voor een simpel huishouden met slechts een paar lampen die alleen via bluetooth of een eigen bridge werkten, was de tablet een prima interface. Het gaf toch een gevoel van controle om een visueel overzicht te hebben op een groot scherm in de woonkamer. Je kon de iPad inzetten als een soort veredelde afstandsbediening die ook toevallig de automatiseringen draaide wanneer je zelf niet thuis was.

Dit werkte vooral goed in kleine appartementen waar de afstand tussen de tablet en de slimme verlichting minimaal was, waardoor de bluetooth-verbinding stabiel bleef. De koopintentie voor een iPad was in die tijd vaak gebaseerd op deze multifunctionaliteit, maar die vlieger gaat met de huidige eisen voor een modern slim huis niet meer op.

Mobiliteit is niet goed voor een hub

Een centraal zenuwstelsel van een woning hoort niet verplaatsbaar te zijn, en dat is precies waar het in de praktijk misging met de iPad. Zodra iemand de tablet van de lader haalde om even op de bank een video te kijken, liep de verbinding met de beveiligingscamera buiten gevaar. We zien vaak dat een hub die op wifi werkt in plaats van via een ethernetkabel, kwetsbaar is voor storingen van andere apparaten in de buurt.

De iPad is ontworpen als een persoonlijk apparaat dat energie bespaart zodra het scherm uitgaat, wat natuurlijk haaks staat op de rol van een server die 24 uur per dag paraat moet staan. In grotere woningen merkten we bovendien dat de iPad simpelweg het bereik niet had om apparaten op de bovenverdieping aan te sturen, iets wat een systeem met meerdere verdeelde hubs veel beter oplost.

©IHAR ULASHCHYK

Signalen om over te stappen

Er zijn een paar duidelijke situaties waarin je de iPad als hub direct moet vervangen door een volwaardige slimme speaker of mediaspeler. Als je van plan bent om apparaten aan te schaffen die met de Matter-standaard werken, heb je eigenlijk geen keuze meer, aangezien de iPad dit protocol niet ondersteunt als hub. Ook wanneer je merkt dat je automatiseringen vaker niet dan wel werken zodra je de voordeur achter je dichttrekt, is dat een teken dat de iPad de verbinding niet stabiel kan houden.

Een ander breekpunt is de behoefte aan beveiligde video-opslag in iCloud. Voor het streamen en analyseren van beelden van je deurbel is simpelweg meer rekenkracht en een constantere verbinding nodig dan een (vaak oudere) tablet kan bieden. Tot slot is het onmogelijk om de woning te upgraden naar de nieuwste softwareversies zonder een ondersteunde hub, waardoor je bijvoorbeeld nieuwe functies en beveiligingsupdates misloopt.

De juiste opvolger kiezen

Het toetsen van je eigen woonsituatie begint bij de vraag hoeveel apparaten je wilt aansturen en of je ook behoefte hebt aan een fysieke interface. Voor de meeste mensen is een mediaspeler zoals de Apple TV de beste keuze, omdat deze (de duurdere versies in elk geval) met een kabel aan je router verbonden kan worden voor de meest betrouwbare verbinding.

Heb je echter geen televisie in de buurt van je slimme apparaten, dan is een compacte speaker die ook als hub fungeert een slimmer alternatief. Je plaatst deze eenvoudig op een centrale plek in huis waar de microfoons ook je stemcommando's kunnen opvangen. Kijk hierbij goed naar de ruimte die je hebt; een kleine speaker past op elk nachtkastje, terwijl een volwaardige mediaspeler vaak een vaste plek in het tv-meubel vereist.

Nee, de iPad is definitief geen woninghub meer

De iPad kan officieel niet meer als hub worden ingesteld in de vernieuwde Woning-app van Apple omdat de hardware niet voldoet aan de eisen van de nieuwe woningarchitectuur. Voor het bedienen van je huis op afstand en het configureren van automatiseringen heb je nu minimaal een HomePod of een Apple TV nodig (mocht je wel bij Apple willen blijven). Deze apparaten bieden ondersteuning voor Thread en Matter, wat zorgt voor een snellere en betrouwbaardere communicatie tussen je slimme apparaten. Hoewel de iPad een handig bedieningspaneel blijft voor op de muur, vinden de processen achter de schermen nu plaats op hardware die altijd met het stroomnetwerk en internet is verbonden.