ID.nl logo
Langer buiten zitten met terrasverwarming: keuzehulp
© Serge Touch - stock.adobe.com
Huis

Langer buiten zitten met terrasverwarming: keuzehulp

Overdag is het in de lente en zomer heerlijk om buiten te zitten, maar de avonden kunnen nog behoorlijk koud zijn. Het is jammer als je daardoor naar binnen moet verkassen. Helemaal als je met een groep vrienden lekker lang wilt natafelen na het barbecueën. Dan is een terrasverwarmer de oplossing.

Er zijn verschillende terrasverwarmers te koop, ontdek welke het best past bij jouw wensen en verleng het buitenplezier. Leer hier meer over:

  • Op gas of op elektra: wat zijn de voor- en nadelen?
  • Welke terrasverwarmer past bij jouw tuin of balkon?
  • Het gemiddelde verbruik van een terrasverwarmer

Lees ook: Bouw je eigen weerstation

Terrasverwarmer op gas of elektra: voor- en nadelen

Terrasverwarmers werken op gas of op elektra. Beide opties hebben voor- en nadelen. Zo heeft een terrasverwarmer op gas veel vermogen, waardoor het aangenaam warm wordt op het terras. Sommige terrasverwarmers op gas zijn extra sfeervol, omdat ze een vlam hebben wanneer ze aanstaan. Dit geeft het terras meteen een gezellige sfeer. De verwarmer geeft geen gloed en je kunt ‘m overal in de tuin neerzetten zonder rekening te hoeven houden met een kabel of verlengsnoer. Dus heb je hem eerst op het terras nodig en de volgende avond bij de overkapping? Dan verplaats je ‘m makkelijk. Ook hebben de meeste gas terrasverwarmers meer bereik dan een elektrische. Wel is een gasverwarmer duurder in gebruik dan een elektrische terrasverwarming. En de gasfles moet je wisselen; als de fles op is, heb je wel een klusje te doen. Je mag de heater op gas nooit in een afgesloten ruimte, zoals je serre, zetten.

Een elektrische terrasverwarmer heeft een hoog rendement. Hierdoor zijn deze modellen voordeliger dan die op gas. De warmte voelt prettig aan. Daarnaast kun je deze terrasverwarmer zowel buiten als binnen gebruiken. Dus is het prima om ‘m in de serre of op een klein balkonnetje te zetten. Hang hem op, zodat je minder ruimte kwijt bent op je balkon of onder je veranda. Met een afstandsbediening zet je ‘m op afstand aan of uit en warmer of koeler; de meeste terrasverwarmers op elektra hebben meerdere standen. Het nadeel van deze heaters: de verwarmer zit altijd aan een kabel. En sommige mensen vinden het licht van de elektrische terrasverwarmer niet zo prettig.

©Chiara Zeni

Welke terrasverwarmer past bij jouw tuin?

Om te bepalen welke terrasverwarmer het best voor jouw tuin is, moet je eerst bedenken welke oppervlakte je wilt verwarmen. Is dit een groot gebied? Dan is een terrasverwarming op gas handig. Voor kleine ruimtes of afgesloten ruimtes in de tuin kies je beter voor terrasverwarming op elektra. Kijk bij het kiezen van een terrasverwarming ook goed of ‘ie stof- en waterdicht is.

Dan heb je ook nog de keuze uit verschillende modellen. Wil je een terrasverwarmer ophangen om zo geen ruimteverlies te hebben? Kies dan voor een elektrische. Een veranda heater geeft een gezellige sfeer op de veranda of in de zithoek in de serre. Hij lijkt namelijk op een houtkachel, wat het een heel sfeervol geheel geeft. Bij elektrische verwarmers kun je het best bij een open of halfopen terras kiezen voor een infraroodlamp. De warmte blijft namelijk stabiel, ondanks dat het waait. Heb je een gesloten terras? Kies dan voor langegolf-infraroodstraling. Hiervan blijft de warmte langer hangen. En als je de rode gloed van de infraroodlamp irritant vindt, kies je voor een Halogeen Low Glare of Shadow Lamp. Deze lampen geven wel de warmte af, maar niet zoveel gloed.

Infraroodwarmte is weldadig: alsof je in de zon zit

Geniet ook 's avonds nog van het buitenleven

De terrasverwarming in de regen Wanneer de beschermingsgraad tegen vocht 4 of hoger is, kan de terrasverwarming wel tegen wat regen. Anders niet en moet je ‘m altijd overkapt neerzetten. Al is een beschermingshoes geen overbodige luxe wanneer je de heater niet gebruikt.

©ronstik

Het verbruik van een terrasverwarmer

In het kader van minder energieverbruik is het fijn om van tevoren te weten wat een gasheater en elektrische terrasverwarmer verbruiken. Volgens Milieu Centraal verbruikt een elektrische terrasverwarmer gemiddeld 270 kWh per jaar. Hij heeft dus relatief veel energie nodig. Voor hetzelfde aantal uren gebruik op jaarbasis ben je zo’n 150 kuub aan gas kwijt met een gasterrasverwarmer. Omdat gas duurder dan stroom is, is een gasheater in verbruik vaak duurder.

Zo kom je met de gemiddelde energieprijzen van mei 2023 van € 1,90 per m3 met gemiddeld verbruik uit op € 285 per jaar met een gas terrasverwarmer. Met een elektraprijs van gemiddeld € 0,53 per kWh kom je met het gemiddelde verbruik op € 143,10 per jaar. (prijsplafond en actuele tarieven niet meegerekend)

Hoewel de meeste elektrische terrasverwarmers duurder zijn in aanschaf, is het dus wel de moeite waard om naar een elektrische terrasverwarmer te kijken. Helemaal als je zelf met zonnepanelen stroom opwekt.

Bekijk ook de video: Alle tips over snel energie besparen in huis.


▼ Volgende artikel
Gerucht: Nexon werkt aan Starcraft-shooter voor Blizzard
Huis

Gerucht: Nexon werkt aan Starcraft-shooter voor Blizzard

Het Zuid-Koreaanse zou een shooter gebaseerd op Starcraft in ontwikkeling hebben voor IP-eigenaar Blizzard.

Dat claimt The Korean Economic Daily. Een team binnen Nexon dat gespecialiseerd is in shooters zou zich op dit moment volledig richten op de nog onaangekondigde game. De ontwikkeling zou nog niet lang geleden zijn gestart, en dus zou de shooter nog lang op zich laten wachten.

Verdere details zijn er nog niet, behalve dat Choi Jun-ho ook bij het project betrokken zou zijn. Hij maakte eerder de populaire Shinppu-mapmod voor Starcraft.

Starcraft

Er gaan al langer geruchten over een shooter gebaseerd op Starcraft. Vorig jaar meldde Bloomberg-journalist Jason Schreier al in zijn boek 'Play Nice: The Rise, Fall and Future of Blizzard Entertainment' dat Blizzard aan een shooter zou werken. Volgens Schreier is de shooter van Nexon echter niet gerelateerd aan de shooter van Blizzard - het zouden om twee afzonderlijke projecten gaan.

De Starcraft-reeks bestaat uit real-time strategygames. De eerste verscheen in 1998, en een vervolg kwam in 2010 uit. Blizzard heeft al vaker geprobeerd shooters gebaseerd op de Starcraft-franchise te maken, maar die werden vooralsnog altijd geannuleerd.

Mogelijke onthulling op Blizzcon

Voor het eerst in enkele jaren organiseert Blizzard op 12 en 13 december de Amerikaanse beurs Blizzcon, waar alles rondom de uitgever wordt gevierd. Het is mogelijk dat één van de hierboven genoemde shooters daar wordt onthuld.

▼ Volgende artikel
Review: Mario Tennis Fever is een leuke set
Huis

Review: Mario Tennis Fever is een leuke set

Je vraagt je bij elke Mario-sportgame toch weer af: bereikt het de highs van die oeroude Game Boy-games van Camelot, zoals Mario Tennis en Mario Golf)? Het antwoord is, wat mij betreft, steevast  ‘nee’. Maar tussen ‘perfect’ en ‘niet perfect’ zit nog altijd een breed spectrum aan kwaliteit. En Fever? Die nestelt zich moeiteloos aan de betere kant van dat spectrum.

De drie toernooien die deze game rijk is, daar ben je een uurtje zoet mee. Waarschijnlijk zonder een set te verliezen. De Adventure Mode? Een paar uurtjes meer dan dat, en hoewel ook die nergens uitdagend wordt vertelt het wel een vermakelijk verhaal over Mario en Luigi die als baby’s hun tennis-skills moeten oppoetsen vanwege… bijzondere redenen.

Er zijn ook drie Challenge Towers met allerlei unieke uitdagingen die eventjes vermaken. In mix-up vinden we tennis, maar dan met regels en omstandigheden die alleen het Mushroom Kingdom kan bieden, en dat was het wel zo’n beetje. Wie Mario Tennis Fever alleen speelt is een weekend zoet en heeft zich prima vermaakt. Maar sportgames zijn er, natuurlijk, om je competitieve aard los te laten op vrienden, familie, kroost of online uitdagers.

Leuk

Daarom wil ik het ook niet al te uitgebreid over die singleplayermodi hebben. Ja, Nintendo heeft z’n best gedaan. Ja, er is weinig aan te merken op de minigames en kleine tussenscènes die de Tennis Academy te bieden heeft en de ontwikkelaars verdienen het dat het hier even aangestipt wordt. Nooit sla je stijl achterover van briljante ideeën of concepten, en er wordt geen druppeltje zweet gemorst van de spanning. Maar ‘leuk’ is eigenlijk een perfect, allesomvattend begrip om deze kant van de game te omschrijven.

De echte graadmeter echter, is de kern van de gameplay. Hoe speelt het? Hoe diep gaat het? Hoeveel personages, gekke rackets en super-power-mega-skillmoves zijn er in dit pakketje gepropt en hoe verhouden die zich tot elkaar? Na mening middag ballen overslaan of in dubbelspel terugslaan met mijn zoontje van 9, zijn we eruit: Mario Tennis Fever heeft ontzettend lekkere gameplay.

Content is king

Content is in de eerste instantie de name of the game. Er zitten bijna veertig personages in de game, meer dan een dozijn verschillende banen en de hoofdattractie is de aanwezigheid van tientallen Fever-rackets, die elk hun eigen unieke skill met zich meebrengen. De bananentros die Donkey Kong een ‘racket’ noemt strooit bananen over de baan, met het vulkaanracket plopt er een (je raadt het nooit) vulkaan op uit de baan en het Thwomb-racket zorgt ervoor dat het iconische stenen blok uit de Mario-serie plots uit de lucht valt – hopelijk op een tegenstander. Een zogeheten Fever-shot is verder ook geen hogere wiskunde. Om de zoveel tijd is je metertje vol en ram je dat ding over de baan heen.

Extra fijn is dat het gros van dit alles vrij te spelen is waar je maar wil. Laat je de singleplayermodi links liggen en speel je gewoon wat potjes tegen elkaar? Geen probleem, om de zoveel potten krijg je een nieuw racket, personage, of kleurtjes voor je favoriete tennissers.  

Watch on YouTube

Plak er een voldoende op

Enfin, tot zover de uitleg en alles wat hier te vinden is. Leuk spelletje, plak er een voldoende op en klaar, toch? Nou nee, want hoewel alles hierboven zijn eigen rol speelt, zijn het de diepere lagen daaronder die Mario Tennis  Fever tot grotere hoogten dan ‘plak er even een voldoende op’ stuwen. Al die personages? Die beschikken over hun eigen stats en eigenaardigheden. Wario laadt z’n powershots razendsnel op, Bowser Jr. legt veel meer precisie in z’n topspincurve dan anderen en Shy Guy slaat zijn topspins zonder gehinderd te worden door zijn positie op de baan.

En die banen? Die hebben elk hun eigen ondergrond, waar ballen anders op stuiteren en doorschieten, terwijl spelers zelf ook sneller of minder snel zijn, gebaseerd op het gras of het hardcourt waar ze op spelen. Die Fever-rackets? Oprecht allemaal een andere smaak. Ook daar merk dat extra stukje diepgang waar een wat luiere Mario-sportgame niet aan zou denken: wanneer je een Fever-shot terugslaat vóórdat op jouw zijde van het net landt, kun je met een stuit op de helft van de tegenstander zomaar eens het bijbehorende effect teruggeven. Prettig vervelend als je denkt die koter een modderplas op zijn helft te bezorgen, om ‘m vervolgens zelf om je oren te krijgen als hij de bal vakkundig over je heen lobt en ‘ie alsnog op jouw achterveld terecht komt. Een (modder)koekje van eigen deeg noemen ze dat geloof ik.

Mario Tennis Fever

Slide
Slide
Slide
Slide

Geen Lego, wel Duplo

Al die extra aandachtspuntjes en omstandigheden zijn ook nog eens gebouwd op een fundering van onkreukbare basisgameplay. Topspins, slices, curveballen, lobs en powershots: alles wat je van een tennisgame mag verwachten zit erin. De grote maar is alleen: het gebeurt allemaal zonder de nuance van een échte topgame. Vergelijk het een beetje met Lego en Duplo. Zelfde principe, zelfde soort blokken, maar iets vets bouwen met Lego hit net even anders dan iets vets bouwen met die grote Duplo-blokken. Zo verhoudt deze game zich ook tot de toppers uit het tennisgenre, zoals Virtua Tennis en Topspin. Is veelgevraagd, ik weet het, maar het is wel het verschil tussen goed of geweldig. En Mario Tennis Fever eindigt in het eerste kamp.

Is mijn zoontje naar school, dan heb ik namelijk geen enkele reden om Mario Tennis Fever verder te spelen. Zoals gezegd is al die singleplayercontent niet meer dan ‘even leuk’. En computergestuurde tegenstanders geven zelfs op het hoogste niveau nooit écht tegengas. Bovendien zijn de personages net te groot voor deze banen om het volgende niveau van verfijning te bereiken. Top, zo’n lob. Maar vanwege de dus relatief kleine banen blijft het geen zekerheidje dat je iemand ermee verschalkt die tegen het net aan staat. Aanzienlijke kans dat ie gewoon op tijd de achterlijn haalt, als ie ook maar een klein beetje inzicht heeft. Het zorgt ervoor dat Mario Tennis Fever een absoluut geslaagde game is, met heerlijke multiplayer. Maar wie de eindeloze diepgang en speeluren van, bijvoorbeeld, een Mario Kart World hier zoekt, staat sneller dan gewenst buitenspel. Oh wacht, verkeerd sport…

Mario Tennis Fever is vanaf 11 februari beschikbaar voor Nintendo Switch 2.

Goed
Conclusie

Mario Tennis Fever barst van de content. De vele personages, banen en rackets geven unieke, diepere lagen aan de gameplay en multiplayerpotjes gaan met grote glimlach en een berg vertier gespeeld worden. Jammer voor de wat volwassenere spelers dat die volgende laag diepgang nét niet geraakt wordt. Daarvoor is het singleplayeraanbod niet genoeg, de tegenstanders niet uitdagend genoeg en ontbreekt er hier en daar net wat finesse. Maar ga zo door, Nintendo. Mario Tennis Fever zit namelijk wél in de richting van die tijdloze Camelot-klassiekers waar we zo naar hunkeren.

Plus- en minpunten
  • Flinke hoeveelheid content en modi
  • Sterke basisgameplay
  • Uiteenlopende Fever-rackets
  • Nog altijd sterke multiplayer
  • Daagt je nooit écht uit
  • Diepgang niet eindeloos