ID.nl logo
Waar voor je geld: 5 zuinige koelkasten met energielabel A
© africa-studio.com (Olga Yastremska and Leonid Yastremskiy)
Huis

Waar voor je geld: 5 zuinige koelkasten met energielabel A

Bij ID.nl zijn we dol op kwaliteitsproducten waar je niet de hoofdprijs voor betaalt. Een paar keer per week speuren we binnen een bepaald thema naar zulke deals. Op zoek naar een nieuwe koelkast met een laag energieverbruik? Vandaag hebben we vijf interessante modellen gespot met een goede prijs-kwaliteitverhouding.

Bosch KGN39AIAT

Volgens Bosch verbruikt de KGN39AIAT op jaarbasis slechts 104 kilowattuur. Dat is vergeleken met de meeste andere nieuwe koelkasten een schijntje. Deze stijlvolle koel-vriescombinatie is behalve energiezuinig ook nog eens erg stil. Met een opgegeven geluidsniveau van 29 decibel hoor je het apparaat amper. Hierdoor plaats je dit vrijstaande model probleemloos in een woonkeuken. De behuizing meet 203 × 60 × 66,5 centimeter, zodat je hem prima in een hoekje kwijt kunt. Het deurscharnier zit standaard rechts, maar dat kun je zo nodig naar links verplaatsen.

Het koelgedeelte heeft een inhoud van 260 liter. Qua indeling zorgen draagplateaus, een flessenrek en twee lades dat de KGN39AIAT prima is geschikt voor gezinnen. Handig is dat je de indeling naar eigen wens kunt aanpassen. De inhoud van het vriesgedeelte bedraagt 103 liter. Met behulp van drie lades kun je flink wat etenswaren invriezen. Zoals bijna alle moderne koelkasten ondersteunt ook dit exemplaar no frost. Hierdoor hoef je de vriezer nooit te ontdooien. Aan de bovenzijde bevindt zich een elegant bedieningspaneel. Stel hierop de gewenste koel- en vriestemperatuur in.

Lees ook: Lang leve No Frost: nooit meer de vriezer ontdooien!

Liebherr CBNsda 5723 Plus

Deze koel-vriescombinatie van het Duitse kwaliteitsmerk Liebherr valt bij veel mensen goed in de smaak. Lees maar eens deze onafhankelijke reviews van meerdere Kieskeurig.nl-bezoekers. Gebruikers waarderen onder meer de ruime inhoud, stille werking, duidelijke verlichting en fraaie afwerking met geïntegreerde handgrepen. Een ander pluspunt is het lage stroomverbruik van 116 kilowattuur per jaar. Zelfs bij een hoge energieprijs kost je dat jaarlijks maar enkele tientjes. Verder produceert de CBNsda 5723 Plus met een opgegeven volumeniveau van 33 decibel weinig geluid.

Het koelcompartiment heeft meerdere in hoogte verstelbare plateaus en twee lades. Het onderste plateau dient hierbij als flessenrek. Daarnaast berg je ook nog wat etenswaren en dranken in de drie aanwezige deurrekken op. De vriezer bevat drie lades en een geïntegreerde ijsblokjesmaker. De inhoud van het koel- en vriesgedeelte bedraagt respectievelijk 258 en 103 liter. Lijkt deze luxe koelkast je wel wat? Kies dan tussen een staalgrijze en zwarte uitvoering.

Samsung RB38C7B6AS9/EF

Zoek je een ruime koelkast met een laag energieverbruik? De Samsung RB38C7B6AS9/EF is dan een ideale kandidaat. Met een totale inhoud van 387 liter biedt dit model net even wat meer ruimte ten opzichte van veel andere vrijstaande koelkasten. Dat komt door de extra dunne isolerende wanden. Het koelgedeelte is goed voor een inhoud van 273 liter, terwijl de resterende 114 liter is gereserveerd voor het vriesgedeelte. De RB38C7B6AS9/EF bevat twee gescheiden koelsystemen, zodat geuren uit het koel- en vriesvak niet met elkaar mengen.

Dit product is voorzien van energielabel A, waardoor het apparaat weinig stroom verbruikt. Ga uit van zo’n 108 kilowattuur per jaar. Een leuk extraatje is dat je deze koel- en vriescombinatie met wifi kunt verbinden. Monitor vervolgens in de SmartThings-app het actuele energieverbruik. Verder kent deze koelkast nog een aantal nuttige functies. Zo kun je het vriesvak optioneel als koelgedeelte gebruiken. Handig wanneer je eens een feestje geeft. Daarnaast schakel je tijdens vakanties de bovenste zone uit. Daarmee bespaar je energie. Tot slot valt de geluidsproductie van 35 decibel erg mee.

LG GBP62PZNAC

LG bracht onlangs een nieuwe koelkast met energielabel A op de markt. Het stroomverbruik komt bij normaal gebruik jaarlijks uit op 110 kilowattuur. Volgens het Koreaanse merk blijven verse etenswaren langer goed, omdat de koeltemperatuur continu gelijk blijft. Hiervoor bevinden zich aan de voorzijde extra koelgaten. Het koel- en vriesgedeelte hebben een inhoud van respectievelijk 277 en 107 liter. Dankzij vier plateaus en twee lades kun je flink wat eten en drinken koud bewaren. De vriezer heeft drie hoge lades.

Met een geluidsniveau van 35 decibel is deze koelkast behoorlijk stil. Nuttig is de zogeheten Smart Diagnosis-functie. Hiermee kun je namelijk eenvoudig informatie over onderhoud en storingen opvragen. Je bekijkt in een app op jouw smartphone welke actie je zo nodig kunt ondernemen. LG is trouwens zeer overtuigd van dit product, want de fabrikant geeft op de inwendige koelcompressor tien jaar garantie.

Haier HDPW5620ANPD

Sinds kort heeft Haier ook een vrijstaande koel- en vriescombinatie met energielabel A. Gunstig is hierbij het lage energieverbruik van 114 kilowattuur per jaar. Met een volumeniveau van 35 decibel kun je deze relatief stille koelkast prima in een woonkeuken opstellen. Een voordeel is de indrukwekkende totale capaciteit van 409 liter. De koelruimte is goed voor 289 liter, terwijl de vriezer een inhoud heeft van 120 liter. Dat maakt de HDPW5620ANPD een interessante optie voor grote gezinnen.

Het koelgedeelte bevat drie verstelbare planken, zodat je een beetje met de indeling kunt spelen. Frisdranken plaats je in het hangende flessenrek of deurvak. Voor het opbergen van vlees, groente en fruit heeft het koelvak twee lades. Verder bevat de ruime vriezer drie lades. In tegenstelling tot veel hedendaagse koelkasten heeft dit exemplaar aan de voorzijde een eenvoudig bedieningspaneel. Stel daarmee de gewenste temperatuur in. Je meldt de HDPW5620ANPD optioneel aan op het wifi-netwerk, waarna je de status van deze koelkast in een app op je smartphone kunt monitoren.

Lees ook: Is het tijd voor een nieuwe koelkast?

▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.