ID.nl logo
Huis

Sins of a Solar Empire

Zo af en toe kom je een spel tegen waarvan je eigenlijk weinig verwacht, omdat het genre al meer dan oververtegenwoordigd is, maar die je toch plezierig weet te verrassen. Sins of a Solar Empire is zo'n titel die op het eerste gezicht de zoveelste rts lijkt.

Intergalactisch

Sins of a Solar Empire (Sins) is een ruimte rts van intergalactische proporties. Je beheert als intergalactische keizer diverse planeten, asteroïden en zelfs complete melkwegstelsels. De mogelijkheden en kaarten zijn groots in Sins. Als casual gamer of beginnende rts-er zul je dan waarschijnlijk overrompeld worden door de gigantische hoeveelheid upgrade en ontwikkel opties die je voorgeschoteld krijgt. Je begint met één planeet, maar het is natuurlijk zaak zoveel mogelijk nieuwe planeten te ontdekken en deze toe te voegen aan je rijk. Er zijn kleine, middelgrote, en grote kaarten aanwezig in Sins, en de grote kaarten hebben wel vijf complete melkwegstelsels in zich met ieder zijn eigen schare aan planeten. Deze planeten zijn allemaal aan elkaar verbonden via zogenaamde spacelines. Dat houdt als het ware in dat op die verbindingen 'hyper space travel' mogelijk is, vergelijkbaar met de warpspeed van Star Trek. Dit levert gelijk een tactisch element op omdat juist de spacelane toegangspaden belangrijke verdedigingspunten worden voor je planeten. Een planeet met veel verbindingen is dus ook lastiger te verdedigen. Gewoon door de ruimte reizen is niet mogelijk, maar daarnaast ook zinloos.

Veel, heel veel schepen

Zoals het een fatsoenlijke ruimte rts betaamt zijn er vele verschillende ruimteschepen waarmee het heelal onveilig te maken is. Zo heb je natuurlijk verkenningsschepen die dankzij hun snelheid en wendbaarheid gemakkelijk verkenningstochten kunnen uitvoeren en tijdig waarschuwen voor gevaar. En dan zijn er natuurlijk de slagschepen die grofweg onder te verdelen zijn in drie categorieën. Zo heb je de frontlinie schepen, nucleaire aanvalsschepen om planeten lam te leggen en nog zwaarder geschut. Maar de ultieme oorlogsschepen zijn de zogenaamde 'Capital Ships'. Deze gigantische schepen zijn ontzettend duur om te maken en je kan er ook maar een handvol van permitteren in je vloot. Het mooie van de Capital Ships is dat ze xp op kunnen doen en daardoor gaandeweg sterker worden. Je wilt dus je Capital Ship zoveel mogelijk mee laten strijden om zo snel mogelijk te groeien in mogelijkheden, maar aan de andere kant wil je er ook zuinig op zijn omdat een Capital Ship verliezen een ware desastreuze tegenslag is. Behalve de schepen kun je ook je algehele beschaving ontwikkelen evenals je gekoloniseerde planeten. De hoeveelheid upgrade opties is massaal te noemen, en natuurlijk zijn de diverse upgrades weer nodig om bepaalde schepen te kunnen bouwen. Het is gemakkelijk verdwaald te raken in het oerwoud van mogelijkheden die Sins te bieden heeft.

Innovatief

Toch hebben de makers er alles aangedaan om Sins zo speelbaar mogelijk te houden en daar zijn ze prima in geslaagd. Zo is de interface zeer innovatief en kun je uitgebreid in- en uitzoomen waardoor je niet snel het overzicht verliest. Ook de behulpzame 'Empire bar' aan de linker kant van het scherm helpt je goed het overzicht te behouden. Via deze balk kun je in één oogopslag zien hoe je schepen en planeten er voorstaan en kun je er ook snel naar toe switchen mocht dat nodig zijn. Ook de andere zijden van het scherm worden benut met knoppen en informatie zodat je altijd op de hoogte bent van de situatie. Hoewel Sins door zijn vele mogelijkheden erg complex lijkt, is het in de basis gewoon een rts als ieder ander. Je planeten en asteroïden geven grondstoffen. Deze moet je dus verdedigen terwijl je een vloot bouwt om je tegenstander van de kaart te vegen. Ook prettig is dat hoewel de game zich afspeelt in realtime, het nooit een zenuwenspel wordt. Alles verloopt op een rustig tempo waardoor het heelal ook goed behapbaar blijft.

Geen verhaal

Sins is een geweldige rts die voor strategen absoluut een must is. Echter zullen de strategen die ook houden van mooie filmpjes en een leuk verhaaltje bedrogen uitkomen. Want hoewel er een summier introverhaaltje is die de oorsprong van de drie facties uitlegt, is er voor de rest geen enkel verhaal te bekennen. Er is dus ook geen campaign modus. Er zijn alleen maar scenario's die je zowel in single player als in multiplayer modus kan spelen. De game ondersteunt overigens lan multiplay, maar je hebt wel één game per twee pc's nodig. Alle scenario's zijn te spelen in multiplayer, maar de grote kaarten zijn zo immens groot dat deze wellicht niet geschikt zijn voor internet multiplay. Wel handig is dat ook multiplayer games zijn op te slaan. Verder is de community ondersteuning groot van Sins. Zo kun je zelf missies maken en zijn er van de website diverse tools te downloaden om je game zoveel mogelijk aan te passen. Vervolgens kun je ook je zelfgemaakte creaties uploaden en die van anderen downloaden. De herspeelwaarde van Sins of a Solar Empire is dan ook zeer, zeer hoog. Als je een strategiefan bent, die niet vies is van sci-fi en je gaat dit jaar maar één game kopen, laat het dan Sins of a Solar Empire zijn.PluspuntenMinpuntenConclusie

  • heel erg uitgebreid

  • zeer innovatief

  • simpel doch complex

  • uitgebreide ondersteuning voor zelfbouwsels

  • de hoeveelheid mogelijkheden schrikt af

  • geen campaign modus

  • missies kosten heel veel tijd

Sins of a Solar Empire is uitgebreid, heel uitgebreid. Toch is het in de basis een weinig complexe rts met gewoon belachelijk veel ontwikkelpaden voor je facties. Voor echte strategiefans is Sins of a Solar Empire een juweeltje, maar dan moet je je niet laten intimideren door de ongelooflijke hoeveelheid opties die het spel je biedt. Mensen die graag een campaign spelen komen bij Sins bedrogen uit, en voor casual gamers vraagt deze game gewoonweg teveel toeweiding.

Fantastisch
▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.