ID.nl logo
Zo maak je je oude Windows-pc beter én sneller
© Reshift Digital
Huis

Zo maak je je oude Windows-pc beter én sneller

Moderne software jongleert met het intern geheugen en de cpu-kernen dat het een lieve lust is, maar ook op een wat oudere pc met minder indrukwekkende specificaties kun je met een paar softwarematige ingrepen en optimalisaties prestatieproblemen vaak (tijdelijk) verhelpen. ID.nl geeft je 7 tips die echt helpen.

Tegenwoordig vraagt software veel van jouw computer, maar dat betekent niet dat je een verouderde PC direct hoeft af te schrijven. In dit artikel geven wij jou 7 tips om het maximale uit jouw oude computer te halen. We behandelen onder andere de volgende punten:

Tip 01: Broncontrole 

Een goed startpunt om na te gaan welke toepassingen en processen veel systeembronnen afsnoepen, is Windows Taakbeheer. Druk hiervoor op Ctrl+Shift+Esc, klik indien nodig op Meer details en open het tabblad Processen. Je ziet per proces min of meer in realtime het verbruik van allerlei systeembronnen, waaronder Processor, GPU, Geheugen, Schijf en Netwerk. Om de weergegeven data sneller bij te werken, ga je naar Beeld en kies je bij Bijwerksnelheid de optie Hoog

Klik op een kolomtitel om de processen volgens dat specifieke criterium te sorteren. Ontbreken bepaalde criteria, klik dan met rechts op zo’n kolomtitel en plaats een vinkje bij de items die je alsnog in de weergave wilt zien. 

Toepassingen en processen die blijkbaar al te gretig aan je systeembronnen vreten, zou je van hieruit meteen kunnen stopzetten (rechtsklik op een item en kies Beëindigen), maar dit doe je doorgaans alleen als je de toepassing niet op de normale manier kunt afsluiten. Weet je niet goed om welke applicatie het gaat, dan kan het helpen als je de kolom Opdrachtregel zichtbaar maakt. 

Het Taakbeheer legt in een oogopslag de actuele grootverbruikers bloot. 

Tip 02: Geheugencontrole 

Sommige applicaties blijken echte geheugenvreters te zijn. Daarom doe je er bij opvallend trage prestaties goed aan te controleren of je intern geheugen inderdaad nog niet is volgelopen. Dat kan eveneens vanuit het Taakbeheer waar je naar het tabblad Prestaties gaat en het onderdeel Geheugen opent. Een belangrijke indicatie is de hoeveelheid geheugen die bij Beschikbaar staat vermeld. Deze waarde geeft aan hoeveel fysiek RAM er nog vrij te gebruiken is en zou idealiter niet te vaak onder zo’n 1 GB mogen zakken. Bij te hoog fysiek geheugengebruik zal Windows namelijk de veel tragere schijf aanspreken om geheugeninhoud tijdelijk op te slaan en weer op te halen (virtueel geheugen of wisselbestand). 

Lees ook: Hoeveel RAM-geheugen heb ik nodig op mijn PC?

Bij het kopje Toegewezen lees je af hoeveel geheugen er momenteel wordt gebruikt van de totale beschikbare hoeveelheid fysiek en virtueel geheugen. Blijkt hier bijna alle geheugen in gebruik, dan zou je weliswaar kunnen overwegen het virtuele geheugen te verhogen (zie kader ‘Virtueel geheugen’), maar zo’n ingreep levert doorgaans weinig op; juist omdat virtueel geheugen veel trager werkt. Je doet er daarom beter aan overtollige processen aan te pakken en (desnoods tijdelijk) op non-actief te zetten (zie ook tip 3). 

Tot slot vermelden we nog graag de gratis, portable tool Process Explorer, die nog informatiever is dan Windows Taakbeheer. Start de tool, druk op Ctrl+I en open het tabblad Memory. Interessant is hier ook de Peak-waarde: deze geeft het piekgebruik van het fysiek en virtueel geheugen aan die tijdens je huidige Windows-sessie werd gemeten. 

Links het ingebouwde Taakbeheer van Windows, rechts Process Explorer. 

Virtueel geheugen

Zoals gezegd regelt Windows het (virtueel) geheugenbeheer prima zelf, maar beheer je dit toch liever zelf, ga dan naar het Instellingen-venster van Windows en klik achtereenvolgens op Systeem / Info / Geavanceerde systeeminstellingen. Op het tabblad Geavanceerd druk je op de bovenste knop Instellingen, waarna je nogmaals het tabblad Geavanceerd opent en op Wijzigen drukt. Om de grootte aan te kunnen passen, verwijder je het vinkje bij Wisselbestandsgrootte voor alle stations automatisch beheren, selecteer je Aangepaste grootte en vul je zelf waarden in bij de velden Begingrootte en Maximale grootte. Als begingrootte zou je eventueel het maximale (fysieke en virtuele) geheugen kunnen nemen, verminderd met de Peak-waarde (zie tip 2). Bevestig je keuze met Instellen.

In de meeste gevallen regelt Windows het virtuele geheugen het best zelf, maar je kunt ook je eigen waarden invullen als je dat per se wilt. 

Tip 03: Procesbeheer 

Blijken sommige toepassingen of processen geregeld veel processorkracht of geheugen te vergen, ga dan na of ze automatisch met Windows opstarten. Ook dit vind je in het Taakbeheer, via het tabblad Opstarten. Toepassingen die je niet (altijd) nodig acht, haal je beter uit deze lijst met ‘autostarts’. Klik met rechts op zo’n toepassing en kies Uitschakelen. Om meteen de bijbehorende systeembronnen vrij te maken, zoek je deze vervolgens op bij Processen en beëindig je ze vanuit het contextmenu. 

Typische processen die geregeld veel systeembronnen vereisen, zijn afkomstig van (cloud)synchronisatieservices. Zo is de kans reëel dat Microsoft OneDrive actief is en zomaar alle bestanden op je bureaublad, evenals in je mappen Documenten en Afbeeldingen synchroniseert. Je kunt deze synchronisatie tijdelijk onderbreken door met rechts te klikken op het OneDrive-icoon in het systeemvak en via het tandwielpictogram het keuzemenu Synchronisatie onderbreken te openen, waarna je kiest uit de opties 2, 8 of 24 uur. Heb je OneDrive niet (altijd) nodig, open hier dan het tabblad Instellingen en verwijder het vinkje bij OneDrive automatisch starten wanneer ik me aanmeld bij Windows

Ook services voor bestandsindexering voor zoekopdrachten kunnen veel systeembronnen gebruiken, vooral bij veel databestanden. Wat de zoekfunctie van Windows betreft, kun je zelf bepalen wat je wilt indexeren. Ga naar het Instellingen-venster van Windows, kies Privacyen beveiliging / Zoeken in Windows en klik op Zoeklocaties aanpassen. Je kunt de services ook tijdelijk stopzetten indien gewenst. Druk op Windows-toets+R, voer services.msc uit, scrol naar Windows Search, selecteer deze en klik linksboven op De service stoppen

Je kunt bepaalde services ook tijdelijk op non-actief zetten, als je tenminste weet waar je mee bezig bent. 

Processorbeheer 

De meest voor de hand liggende manier om (tijdelijk) meer processorkracht te krijgen, is door het afsluiten van overtollige toepassingen, services en processen. Via Taakbeheer, op het tabblad Prestaties, krijg je in nagenoeg realtime een beeld van dit processorgebruik en via de grafiek GPU ook van je grafische processor(s).    Het is in principe ook mogelijk het processorgebruik per applicatie te finetunen, hoewel je hier geen wonderen van hoeft te verwachten. Ga opnieuw naar Taakbeheer, open het tabblad Details, klik met rechts op een item en kies Prioriteit instellen, waar je bijvoorbeeld Hoger dan normaal of Hoog selecteert (de optie Realtime kies je veiligheidshalve beter niet). Je treft hier trouwens ook de optie Affiniteit instellen aan, waarbij je via vinkjes zelf kunt bepalen van hoeveel en welke processorkernen een toepassing mag gebruiken. Houd er wel rekening mee dat zulke aanpassingen alleen actief blijven tijdens je huidige Windows-sessie. 

Je kunt specifieke, processor-intensieve toepassingen tijdelijk ook een hogere prioriteit toekennen. 

Tip 04: Browsers 

Tot nog toe hebben we vooral tips gegeven die voor uiteenlopende toepassingen kunnen gebruikt worden. Verder in dit artikel geven we vooral tips voor enkele specifieke en vaak gebruikte programma’s. Laten we beginnen we met een intensief gebruikte applicatie: je browser. 

Wellicht de meest doeltreffende manier om snel systeembronnen vrij te maken, is het afsluiten van overtollige tabbladen. Voor Chromium-browsers kun je hiervoor eventueel een tabbladbeheerder in de vorm van de extensie Tabby installeren. 

Bij Chromium-browsers (onder meer Chrome, Edge en Brave) en Firefox check je overigens via een ingebouwd taakbeheer zelf welke tabbladen de grootste bronnenvreters zijn. Je vindt deze in Chromium-browsers via Meer hulpprogramma’s / (Browser)taakbeheer en in Firefox bij Meerhulpmiddelen / Taakbeheerder. Deze taakbeheerders bevatten trouwens ook een knop waarmee je al te gretige tabbladen meteen kunt afsluiten. 

Een alternatief voor het zonder meer afsluiten, is het laten sluimeren van minder gebruikte tabbladen. In Edge gebeurt dit standaard na twee uur, maar je kunt dit zelfs tot 30 seconden reduceren: ga naar Instellingen / Systeem en prestaties, schakel Bronnengebruik beperken met sluimerstandtabbladen en Sluimerstandtabbladenvervagen in, en selecteer de gewenste time-out bij Slaapstand inschakelen voor inactieve tabbladen na de opgegeven tijdsduur. Of je laat dit aan de intelligentie van Edge over door de optie Efficiëntiemodus inschakelen te activeren. 

Wie niet bang is van een klein experiment, kan bij Chrome en Brave zo’n sluimermodus wat scherper instellen door chrome://flags of brave://flags in te tikken, naar reduce te zoeken en Reduce User-Agent request header op Enabled te zetten. Voor Firefox tik je about:config in, zoek je naar lowmemory en stel je browser.tabs.unoadOnLowMemory in op true

In Edge kun je zelf instellen na hoeveel tijd van inactiviteit een tabblad in slaap mag gaan. 

Tip 05: E-mailclients 

Op zich gebruiken e-mailclients als Outlook en Thunderbird niet zoveel systeembronnen, maar de responsiviteit kan op oudere of minder krachtige systemen wel merkbaar verminderen als deze programma’s bijvoorbeeld veel mails moet verwerken. Je doet er dan goed aan oudere berichten geregeld te archiveren. In Outlook is dit in principe niet moeilijker dan de mails te selecteren, met rechts op je selectie te klikken en Archiveren te kiezen, waarna de berichten in de Archief-map belanden. Om gerichter overbodige e-mails te verwijderen, ga je naar Bestand, druk je op de knop Hulpprogramma’s en kies je Postvak opruimen. Je kunt nu diverse criteria invoeren om de overtollige mails makkelijker te vinden. 

Ook bij Thunderbird tref je de optie Archiveren in het contextmenu aan. Hier is het bovendien zo dat verwijderde mails niet echt gewist worden, maar slechts gemarkeerd worden in een groot mailbestand. Met de optie Comprimeren in het contextmenu van een mailmap haal je de gewiste berichten er daadwerkelijk uit, wat de prestaties ten goede kan komen. 

Verder geldt voor beide e-mailclients dat extra hulpprogramma’s haast altijd ook extra systeembronnen vereisen. Je doet er dus goed aan invoegtoepassingen in Outlook en add-ons in Thunderbird te verwijderen die je niet langer nodig hebt. 

In Outlook ga je hiervoor naar Bestand en druk je op de knop COM-invoegtoepassingenbeheren en/of Toepassingen beheren. In Thunderbird ga je naar Instellingen en kies je Add-onsen thema’s

Extensies en add-ons bieden meer functionaliteit, maar kunnen ook erg hongerig zijn (hier Thunderbird). 

Tip 06: Office-suite 

In de meeste gevallen hoef je ook op een oudere of tragere pc niet veel (prestatie)problemen te verwachten als je met een kantoorsuite als Microsoft Office of het gratis opensource-pakket LibreOffice aan de slag gaat. Overigens zijn de systeemeisen van deze laatste milder dan die van zijn Microsoft-tegenhanger: 256 MB RAM (512 MB aanbevolen) en Pentium-compatibele processor versus 4 GB RAM (2 GB op een 32bit-systeem) en minimaal een 1,6GHz-processor – maar deze verschillen zijn hoofdzakelijk toch academisch. 

Het wordt wel wat spannender wanneer je erg grote tekstdocumenten, vooral met veel afbeeldingen of rekenbladen, inlaadt, hoewel je daar tijdens het eigenlijke bewerkingsproces wellicht niet zoveel hinder van zult ondervinden. Bij zwaar geïllustreerde tekstdocumenten kun je eventueel overwegen de afbeeldingenweergave (tijdelijk) uit te zetten. Dit kan in Word via Bestand / Opties / Geavanceerd, waar je onder het kopje Documentinhoudweergeven een vinkje plaatst bij de optie Aanduidingen voor afbeeldingen weergeven. In LibreOffice Writer doe je dit door het vinkje weg te halen bij Beeld / Afbeeldingen en diagrammen

Erg grote documenten kun je desnoods ook tijdelijk opsplitsen in afzonderlijke deelbestanden. Of je werkt met een hoofddocument en subdocumenten als je bijvoorbeeld de paginering en inhoudsopgave mooi intact wilt houden. Hoe je dit doet in Word, lees je bijvoorbeeld via https://www.editions-eni.fr/, en voor LibreOffice Writer via https://wiki.documentfoundation.org (Pdf).

Eventueel zet je tijdelijk de afbeeldingsweergave uit (hier in Word). 

Tip 07: Foto en video 

Of je op je wat oudere pc ook vlot foto’s en video’s kunt bewerken, zal vooral afhangen van het mediamateriaal (denk aan resolutie en bestandsgrootte) en van het aantal afbeeldingslagen, videosporen en effecten waarmee je aan de slag wilt. Lager en minder is hier haast altijd sneller. De meeste videobewerkers laten je bijvoorbeeld de resolutie van de voorbeeldweergaves verlagen of desnoods transcodeer je de videobeelden naar een video met een snellere codec – bij sommige videobewerkers kun dit proces zelfs laten automatiseren tijdens de import. 

Verder kan ook de applicatie zelf een merkbaar verschil geven. Zo kun je met het gratis en opensource GIMP doorgaans merkbaar vlotter werken dan met het professionele Adobe Photoshop. En wie een relatief systeemzuinige, flexibele en gratis videobewerker zoekt, kunnen we DaVinci Resolve aanbevelen. Houd er wel rekening mee dat Fusion-effecten in dit programma wel een ernstige aanslag op het intern geheugen kunnen plegen. 

Het gratis GIMP is een prima en systeemzuiniger alternatief voor Photoshop.
▼ Volgende artikel
Google Pixel 10a-smartphone kost 549 euro
Huis

Google Pixel 10a-smartphone kost 549 euro

Google heeft de Pixel 10a volledig uit de doeken gedaan, een nieuwe smartphone voor de prijs van 549 euro.

De nieuwe smartphone werd eerder deze maand al getoond, maar nu zijn alle details bekendgemaakt. De Pixel 10a is nagenoeg gelijk aan de Pixel 9a, al wordt hij sneller draadloos opgeladen en is hij ook iets kleiner. Dat laatste komt door de dunnere schermbezels, want het formaat van het scherm blijft wel 6,3".

Het scherm zal ook iets feller worden, met een maximale helderheid van 3000cd/m², ten opzichte van de Pixel 9a die een maximale helderheid van 2700cd/m² aan. De Pixel 10a wordt daarnaast beschermd door Gorilla Glass 7i.

View post on X

Zoals gezegd kan de Pixel 10a sneller draadloos opladen met een maximaal vermogen van 10W (in plaats van 7,5W). De accucapaciteit blijft met 5100mAh gelijk. Verder draait de Pixel 10a op Android 16.

De Pixel 10a oogt verder nagenoeg hetzelfde als de Pixel 9a. Het frame is daarbij gemaakt van 100 procent gerecycled aluminium, 81 procent gerecycled plastic en gerecycled koper, goud, kobalt en wolfraam.

De Pixel 10a is vanaf 5 maart beschikbaar, al kan hij nu al besteld worden. Zoals gezegd luidt de adviesprijs 549 euro - althans, voor de variant met 128 GB aan opslagruimte. Er is ook een model met 256 GB die 649 euro kost. Meer informatie is op de website van Google te vinden.

▼ Volgende artikel
Accountbeheer in Windows: iedereen zijn eigen omgeving
© MG | ID.nl
Huis

Accountbeheer in Windows: iedereen zijn eigen omgeving

Windows biedt uitgebreide mogelijkheden voor accountbeheer, zodat elke gebruiker zijn eigen omgeving heeft en de juiste toegangsrechten krijgt. In dit artikel bespreken we de belangrijkste scenario’s voor thuisgebruik, zoals verschillende accounttypes en aangepaste gebruikersrechten.

In Windows is het onmogelijk om zonder account te werken. Het besturingssysteem heeft namelijk altijd een gebruikerscontext nodig om onderdelen als bureaublad, processen en rechten te laden. Zelfs bij automatische aanmelding of een wachtwoordloos account is er op de achtergrond minstens één account actief. Er bestaan wel verschillende accounttypes, en voor goed accountbeheer is het belangrijk de praktische verschillen te kennen, want elk type heeft eigen mogelijkheden, voordelen en beperkingen. We bekijken daarom grondiger Microsoft- en lokale accounts en het verschil tussen administrator- en standaardaccounts. Daarnaast gaan we in op gast- en familieaccounts. We tonen hoe je op je pc de juiste machtigingen instelt zodat data enkel toegankelijk zijn voor de gewenste gebruikers. We gaan hier uit van Windows 11, maar de meeste technieken werken ook in Windows 10.

Microsoft-account

Microsoft maakt het tijdens de installatie van Windows steeds moeilijker om een lokaal account in plaats van een Microsoft-account te kiezen. Dat is niet verrassend, want zodra je je aanmeldt met een Microsoft-account, koppel je je Windows-profiel aan de Microsoft-cloud. Daarmee kun je instellingen, thema’s, wachtwoorden, bureaubladachtergronden en data synchroniseren tussen apparaten. Je logt ook automatisch in bij diensten als de Microsoft Store, OneDrive, Microsoft 365, Mail en Agenda, Edge en andere. Daarnaast kun je met zo’n account BitLocker-versleuteling activeren voor je systeemschijf en gebruikmaken van ouderlijk toezicht (Microsoft Family Safety). Ben je je wachtwoord vergeten, dan herstel je dit eenvoudig via www.kwikr.nl/passreset. Je ontvangt dan een beveiligingscode waarmee je opnieuw toegang krijgt tot je account.

Het wachtwoord van een Microsoft-account resetten is eenvoudig.
Liever lokaal?

Microsoft moedigt het niet aan om tijdens de installatie een lokaal account aan te maken, en het valt af te wachten of ze deze omwegen in de toekomst zullen blokkeren. Het kan nu nog op de volgende manieren. Start de installatie zonder internetverbinding. Krijg je hierover een melding, druk dan op Shift+F10 en typ het commando oobe\bypassnro. Na de automatische herstart verschijnt de optie Doorgaan met beperkte installatie. Vul vervolgens een lokale gebruikersnaam en wachtwoord in, samen met de antwoorden op drie beveiligingsvragen, zodat de installatie met een lokaal account verloopt. Je kunt na Shift+F10 ook het commando start ms-cxh:localonly uitvoeren om een venster te openen waarmee je een lokale gebruiker aanmaakt. Een andere optie is de gratis tool Rufus (https://rufus.ie/nl), waarmee je een installatie-usb maakt die de verplichte Microsoft-account overslaat. Verwijs naar een Windows-schijfkopiebestand (iso), stel de gewenste opties in, plaats een lege usb-stick en klik op Starten. In het pop-upvenster vink je Verwijder de vereiste voor een online Microsoft-account aan evenals Lokale account met gebruikersnaam aanmaken en vul je de gewenste gebruikersnaam in.

Er zijn nog wel een paar achterdeurtjes om Windows met een lokaal account te installeren, zoals met Rufus.

Lokaal account

Een lokaal account bestaat enkel op je pc, met een combinatie van gebruikersnaam en wachtwoord die alleen daar geldig zijn. Het is niet gekoppeld aan de Microsoft-cloud, zodat geen internet nodig is om je aan te melden. Instellingen en data blijven beperkt tot dat ene toestel en worden niet gesynchroniseerd met andere apparaten. Dit houdt wel in dat bepaalde diensten, zoals het downloaden van apps uit de Microsoft Store of het gebruik van OneDrive, niet beschikbaar zijn. Daar staat tegenover dat een lokaal account je meer privacy en onafhankelijkheid geeft. Het is handig als je bijvoorbeeld geen Microsoft-diensten wilt gebruiken of de pc bewust wilt loskoppelen van online accounts. Bovendien verkleint het risico dat malware je Microsoft-accountgegevens buitmaakt.

Je kunt altijd nog overschakelen naar (of van) een lokaal account.

Lokaal: instellingen

Standaard vraagt Microsoft je tijdens de installatie van Windows om een Microsoft-account te gebruiken. In het kader ‘Liever lokaal?’ vind je tips om dit te omzeilen, maar ook na de installatie kun je nog een lokaal account aanmaken en daarmee inloggen. Open Instellingen, kies Accounts en klik op Andere gebruikers en vervolgens op Account toevoegen. Selecteer Ik beschik niet over de aanmeldgegevens van deze persoon en daarna Gebruiker zonder Microsoft-account toevoegen. Vul de gewenste gebruikersnaam en het wachtwoord (twee keer) in, kies drie beveiligingsvragen met bijbehorende antwoorden of eventueel een wachtwoordhint, en bevestig met Volgende om het lokale account toe te voegen.

Om zo’n gebruikersaccount te wissen, selecteer je dit bij Andere gebruikers en kies je Verwijderen / Account en gegevens verwijderen.

Je kunt ook altijd zelf een lokaal account aanmaken voor jezelf of anderen.

Lokaal: opdrachtprompt

Je kunt accounts ook aanmaken en beheren via de opdrachtprompt, met extra mogelijkheden die niet in Instellingen beschikbaar zijn. Klik met rechts op Opdrachtprompt in het startmenu en kies Als administrator uitvoeren. Om een lokaal account aan te maken gebruik je het commando net user <accountnaam> /add of net user <accountnaam> <wachtwoord> /add om meteen een wachtwoord toe te voegen, bijvoorbeeld net user Toon 654Win!321 /add. Met net user <accountnaam> vraag je de eigenschappen van het account op.

Je kunt ook bepalen dat een standaardgebruiker zijn verplichte wachtwoord niet mag wijzigen en enkel op specifieke tijden kan inloggen, bijvoorbeeld met

net user <accountnaam> /passwordreq:yes /passwordchg:no /times:ma-vr,16:00-21:00;za-zo,9:00-19:00

Vergeet in deze commando’s de schuine strepen (/) niet! De dagafkortingen gaan hier dus wel uit van een Nederlandstalige Windows-omgeving. Om de tijdslimieten te verwijderen gebruik je de parameter /times:all. Een gebruiker verwijderen kan eenvoudig met net user <accountnaam> /delete. De persoonlijke bestanden in de gebruikersmap blijven dan wel staan en kun je eventueel handmatig verwijderen.

Ook vanuit de opdrachtprompt kun je accounts creëren, beheren en verwijderen. 

Administrator-account

We haalden al aan dat er een verschil is tussen een administratoraccount en een standaardaccount, en het is belangrijk dat je dit onderscheid goed kent. Een account met administratorrechten (ook wel adminrechten genoemd) heeft namelijk volledige controle over de pc. Zo’n gebruiker mag software installeren of verwijderen, systeeminstellingen wijzigen, nieuwe gebruikers toevoegen en beveiligingsopties aanpassen. Een administrator kan dus ingrijpende veranderingen aanbrengen die het hele systeem beïnvloeden. Hij heeft in principe ook toegang tot alle lokaal opgeslagen data, zelfs zonder expliciete rechten (zie ook vanaf paragraaf 10). In Windows krijgt het eerste account dat tijdens de installatie wordt aangemaakt automatisch administratorrechten. Dit is logisch, want er moet minstens één gebruiker zijn die het systeem kan beheren, maar dit houdt zeker niet in dat je altijd met administratorrechten moet werken (zie verderop).

Om snel het accounttype te zien van een aangemelde gebruiker ga je naar Instellingen van Windows, kies je Accounts en klik je op Uw info. Gaat het om een administratoraccount dan zie je bovenin, bij je hier aanpasbare profielfoto, de vermelding ‘Administrator’. Voor andere accounts zie je deze melding bij Accounts / Andere gebruikers.

Geen twijfel mogelijk: dit is een administratoraccount.

Standaardaccount 

Een standaardgebruikersaccount heeft beperktere rechten. Zo’n gebruiker kan programma’s draaien en eigen instellingen wijzigen, maar niet zomaar software installeren of kritische systeemwijzigingen uitvoeren. Zodra een standaardgebruiker iets doet dat hogere rechten vereist, zoals een applicatie installeren, verschijnt een venster van het gebruikersaccountbeheer (User Account Control, kortweg UAC) waarin een administrator zijn naam en wachtwoord moet invoeren. Meld je je zelf als administrator aan, dan volstaat doorgaans enkel een bevestiging. Dit mechanisme voorkomt dat een standaardaccount per ongeluk of via malware schadelijke ingrepen uitvoert. Daarom is het veiliger voor dagelijkse taken een standaardaccount te gebruiken en het administratoraccount alleen wanneer dit echt nodig is.

Als administrator kun je instellen hoe vaak dit UAC-venster verschijnt. Typ gebruikersaccountbeheer in de Windows-zoekbalk en start Instellingen voor gebruikersaccountbeheer wijzigen. Standaard staat de schuifknop ingesteld op Alleen een melding geven wanneer apps proberen wijzigingen aan te brengen, wat meestal prima voldoet.

De standaardinstelling van de UAC voldoet normaliter prima.

Accounttype wijzigen

Tijdens de installatie van Windows wordt normaal één account aangemaakt dat automatisch administratorrechten krijgt. Wanneer je met dit account bent aangemeld, kun je het niet zomaar omzetten naar een standaardaccount, tenzij er intussen een ander administratoraccount bestaat.

Je kunt wel een nieuw account aanmaken, ofwel een Microsoft-account of een lokaal account. Zo’n nieuw account is standaard een gewoon gebruikersaccount, maar je kunt het type van andere accounts altijd wijzigen zolang je bent aangemeld als administrator. Open Instellingen, kies Accounts / Andere gebruikers, selecteer het gewenste account en klik op Accounttype wijzigen. Kies vervolgens Administrator of Standaardgebruiker en bevestig met OK.

Dit kan ook via de opdrachtprompt. Gebruikers die je daar hebt toegevoegd zijn standaard gewone gebruikers. Wil je er een administrator van maken, gebruik dan:

net localgroup administrators <accountnaam> /add

om meer rechten te geven. Om er alsnog weer een standaardgebruiker van te maken vervang je hier /add door /delete. Er is altijd minstens één administratoraccount vereist, maar houd het aantal accounts met zulke rechten zo beperkt mogelijk. Heeft een standaardgebruiker tijdelijk beheerdersrechten nodig, dan regel je dit makkelijk zelf even vanuit een UAC-venster.

Aangemeld als administrator kun je het accounttype (van andere gebruikers) altijd nog aanpassen.
Ingebouwde accounts

Windows zelf beschikt over een aantal ingebouwde accounts. Je krijgt deze te zien wanneer je bijvoorbeeld het commando net user op de Opdrachtprompt uitvoert, met net user <accountnaam> krijg je meer details over een specifiek account.

Je merkt hier onder meer de ingebouwde accounts Administrator en Gast op, die standaard beide niet geactiveerd zijn. Je kunt ze zelf actief maken met het commando:

net user <accountnaam> /active:yes (met /active:no

maak je een account weer non-actief), maar daar is doorgaans geen reden voor. Het wordt zelfs een stuk onveiliger als je het beheerdersaccount Administrator zomaar activeert, zeker omdat dit zonder sterk wachtwoord een extra risico vormt. Ook het ingebouwde gast-account activeren is weinig zinvol. Je maakt dan beter zelf een lokaal standaardaccount aan voor tijdelijke gebruikers.

Wil je absoluut het ingebouwde Administrator-account activeren, beveilig het dan met een wachtwoord.

Gastaccount

Het kan gebeuren dat een bezoeker je computer even wil gebruiken. Aanmelden met je eigen account is dan geen goed idee. Je maakt dan beter een apart lokaal standaardaccount aan, zoals hierboven beschreven. Zo’n account heeft standaard geen beheerdersrechten en de bezoeker kan enkel werken in zijn eigen profielmap (C:\Users\<accountnaam>) en eventueel in mappen die expliciet met hem zijn gedeeld via gedeelde mappen of aangepaste machtigingen.

Je kunt ditzelfde gastaccount door meerdere bezoekers laten gebruiken, maar houd er rekening mee dat hun gegevens telkens in dezelfde profielmap terechtkomen, wat privacygewijs niet ideaal is. Je kunt deze bestanden als administrator handmatig verwijderen of eenmalig het PowerShell-script bezoekersprofiel.ps1 uitvoeren. Dit script regelt alles en kun je downloaden via www.kwikr.nl/bprof. Start PowerShell als administrator en voer het volgende commando uit:

powershell -ExecutionPolicy Bypass -File <"volledig_pad_naar_script">

Hiermee maak of activeer je het lokale standaardaccount ‘Bezoeker’ en voeg je in Taakplanner een taak toe die bij elke opstart eventueel de profielmap van dit account verwijdert. Op regel 7 van dit script (bij $Password =) kun je het standaardwachtwoord ‘Bezoeker’ vooraf naar wens aanpassen.

Dit script regelt volautomatisch het aanmaken van een gastaccount en het opschonen van eerdere profielgegevens. 

Familie-account

Wil je een pc in een gezin delen en tegelijk meer controle houden over kinderen of minder ervaren gezinsleden, dan kun je accounts in een familiegroep gebruiken. Log hiervoor in met een Microsoft-account (niet met een lokaal account): dit wordt de beheerder van de groep. Open Instellingen in Windows en kies Accounts / Familie. Klik bij Uw familie op Iemand toevoegen en voer het e-mailadres van het Microsoft-account van je kind in. Heeft het kind nog geen account, kies dan Een account voor een onderliggend item maken en vul e-mailadres, wachtwoord, naam en geboortedatum in. Na een wat omslachtige verificatie wordt het account aan ‘Uw familie’ toegevoegd en kan het kind hiermee inloggen in Windows. Ouderlijk toezicht regel je online op www.kwikr.nl/famaccounts, waar je je met je eigen account aanmeldt. Klik hier op het gewenste kind-account, waarna je onder meer kunt instellen welke websites, apps en games toegankelijk zijn, de schermtijd kunt bepalen en (via Besteding) kunt vastleggen of aankopen in de Microsoft Store mogen gebeuren. Schakel Activiteitenoverzicht in om na te kunnen kijken welke apps of games je kind eerder heeft gebruikt.

Het ‘kind-account’ is toegevoegd en je kunt nu ook ouderlijk toezicht instellen.

Machtigingenbeheer

We schreven al dat een standaardaccount bij het aanmaken enkel binnen zijn eigen profielmap (C:\Users\<accountnaam>) kan werken. Dat komt doordat Windows standaard alleen schrijfrechten toekent op die map (via de zogeheten ACL; Access Control List). Een standaardgebruiker heeft dus geen toegang tot gegevens in andere mappen, zoals profielmappen van andere gebruikers. Er is een uitzondering, want als iemand de pc opstart via een bootstick met een alternatief besturingssysteem als Linux, gelden de NTFS-machtigingen van Windows niet.

Log je in met een administratoraccount, dan kun je wel toegang forceren tot profielmappen van andere gebruikers. Klik even met rechts op zo’n map, kies Eigenschappen en open het tabblad Beveiliging: normaliter verschijnt nu een melding dat je onvoldoende machtigingen hebt. In dit geval hoef je maar te dubbelklikken op die map en met Doorgaan te bevestigen om toch toegang te krijgen. Open je vervolgens nogmaals het tabblad Beveiliging, dan zie je dat, behalve het account van de betreffende gebruiker, ook je eigen account is toegevoegd en dat alle machtigingen in de kolom Toestaan zijn aangevinkt.

Op dezelfde manier maak je een willekeurige andere map toegankelijk voor een ander gebruikersaccount. Klik met rechts op de map, kies Eigenschappen en open Beveiliging. Klik op Bewerken en vervolgens op Toevoegen, typ de gewenste accountnaam, check met Namen controleren en bevestig met OK. Standaard krijgt dit account lees- en uitvoerrechten, maar je kunt in de kolom Toestaan ook Wijzigen en Schrijven aanvinken. Laat de kolom Weigeren ongewijzigd en bevestig met OK.

Quick User Manager

Windows beschikt wel over eigen functies om accounts te beheren, maar de gratis portable tool Quick User Manager (www.kwikr.nl/qum) maakt dit overzichtelijker en biedt extra functies.

Na de start zie je links een overzicht van alle gedetecteerde accounts, inclusief ingebouwde, lokale en Microsoft-accounts, en zowel standaard- als administratoraccounts. Selecteer een account om rechts de beschikbare opties te zien. De meeste instellingen pas je aan met een vinkje, bijvoorbeeld om een account te activeren of deactiveren, een wachtwoord te vereisen of een profielfoto te wijzigen. Bevestig wijzigingen met Save Changes en Yes. Sommige opties vragen iets meer interactie, zoals het aanpassen van een wachtwoord of het verplaatsen van een profielmap. De functie Auto-logon this user laat Windows automatisch opstarten met het gekozen account, en Launch Account Profile Fixer tracht hardnekkige aanmeldproblemen met een specifiek account te verhelpen.

Een handige en overzichtelijke tool voor meer doorgedreven accountbeheer.