ID.nl logo
Doe het met tekst: beheer je computer met PowerShell
© fatmawati - stock.adobe.com
Huis

Doe het met tekst: beheer je computer met PowerShell

Iedereen heeft ongetwijfeld het Windows-onderdeel PowerShell weleens gezien, maar lang niet iedereen gebruikt het. Wat kun je er eigenlijk mee? In dit artikel praten we je bij.

Als je dit artikel gelezen hebt, weet je alles over PowerShell. We behandelen onder meer:

  • Actieve processen opvragen, bewaren en vergelijken
  • Logboeken uitlezen
  • Map met onderliggende mappen naar andere locatie kopiëren of verplaatsen
  • Inhoud van een map verwijderen

Ook interessant: 15 handige commando's in Windows Opdrachtprompt

Microsoft biedt met de tool PowerShell al jaren een veelzijdigere manier om het systeem door middel van getypte opdrachten te beheren. PowerShell pakt de zaken weer heel anders aan en biedt ook andere mogelijkheden.  

Geschiedenis

De eerste versie van PowerShell dateert al uit 2006 en is ontwikkeld vanuit de behoefte om een gereedschap voor beheer en automatisering te bieden met meer mogelijkheden dan de Opdrachtprompt. Die laatste was immers nog gebaseerd op het aloude MS-DOS en kent daarom geen functies die betrekking hebben op de vele aanvullende mogelijkheden van een grafisch besturingssysteem.

Al sinds Windows 7 wordt PowerShell meegeleverd en vanwege het algemene karakter van het product zijn er ook versies voor macOS en verschillende Linux-distributies.

Sinds zijn ontstaan is PowerShell nog volop doorontwikkeld en inmiddels zit het op versie 7.3.

Windows-licenties koop je bij Bol.com

Upgraden naar Windows 11, of van Home naar Pro?

Eerste blik

Wie slechts incidenteel gebruikmaakt van de Opdrachtprompt en nooit eerder aandacht heeft geschonken aan PowerShell, zal het idee hebben in een vertrouwde omgeving terecht te komen. Om de tool te starten, klik je met rechts op de startknop en open je Windows PowerShell.

Net als bij de Opdrachtprompt begin je in een map – in dit geval die van de ingelogde gebruiker – en het enige wat afwijkt, is de blauwe achtergrondkleur en de letters PS voor de mapnaam om aan te duiden dat je je in PowerShell bevindt. Iets wat de venstertitel natuurlijk ook al verraadt.

Probeer je het vertrouwde commando dir, dan ziet ook de uitvoering daarvan er best vertrouwd uit. Oké, de volgorde van de kolommen is wat anders en PowerShell toont standaard de bestandsattributen, maar op het eerste gezicht lijkt het op de Opdrachtprompt. Schijn bedriegt echter. Dat merk je wanneer je probeert de weergave van een map met veel bestanden na elk scherm te pauzeren met de vertrouwde opdracht dir /p. In plaats van het gewenste resultaat zie je nu een foutmelding. Help!

Voor wie de Opdrachtprompt kent, lijkt PowerShell vertrouwd, maar schijn bedriegt. (Klik op de afbeelding voor een betere resolutie.)

Help!

Waar de Opdrachtprompt bij de opdracht help een lijst met beschikbare commando’s toont, geeft PowerShell je een tamelijk algemeen verhaal. Vraag je specifiek hulp voor een enkel commando, bijvoorbeeld met help dir, dan krijg je een tekst te zien over iets dat Get-ChildItem heet. Hoe zit dat?

PowerShell kent een groot aantal opdrachten die cmdlets (lees: commandlets) worden genoemd. Voor zover deze overeenkomen met bekende functies in Opdrachtprompt zijn ze daarmee niet compatibel. Om toch een mate van vertrouwdheid te creëren, biedt PowerShell een systeem van aliassen. Daarin kan een commando onder meerdere namen beschikbaar zijn.

In ons voorbeeld zie je dat dir een alias is voor Get-ChildItem, de cmdlet waarmee je inhoud van mappen kunt opvragen. Ook kun je zien dat hetzelfde commando door het leven gaat onder de aliassen gci en ls. Om een en ander nog verwarrender te maken, kun je ook nog zelf aliassen voor opdrachten toevoegen.

Voor alle duidelijkheid werken wij vanaf nu met de officiële namen van cmdlets.

PowerShell geeft zijn geheimen maar moeizaam prijs.

Hulp online

Dezelfde hulp die we krijgen bij help dir, krijgen we ook bij dit volledige commando:

Get-Help Get-ChildItem

Dat ziet er nog altijd niet al te informatief uit voor beginners. Dat komt omdat PowerShell standaard alleen een beknopte lokale helpfunctie biedt. Voegen we aan ons commando de parameter -Online toe, dan opent PowerShell onze browser en krijgen we wél de uitgebreide hulp die we mogen verwachten.

Wil je uitgebreidere hulp lokaal beschikbaar hebben, dan kun je het best PowerShell sluiten met het commando exit en opnieuw starten als Administrator. Vervolgens geef je de opdracht Update-Help.

Als de installatie klaar is, verschijnt de gevraagde hulp voortaan binnen het PowerShell-venster. Dat gebeurt overigens wel in losse segmenten. Om alles in één keer te zien, voeg je de parameter -full toe, en ben je alleen geïnteresseerd in gebruiksvoorbeelden dan is er -examples.

De online hulp is wél uitgebreid.
Met de toevoeging -examples geeft de helpfunctie alleen voorbeelden van gebruik.

Afwijkend

Dat Get-ChildItem de officiële naam is voor een opdracht die ook als dir kan worden aangeroepen, maakt al duidelijk dat het om een veel algemener soort commando gaat.

In ons eerste voorbeeld zag je de standaardweergave van de inhoud van een map. Net als bij het commando dir in Opdrachtprompt biedt Get-ChildItem allerlei manieren om de uitvoer te filteren met een jokerteken (*) of uit te breiden naar onderliggende mappen met de parameter -recurse.

Je kunt de cmdlet ook voor andere doeleinden gebruiken, bijvoorbeeld door rechtstreeks vanuit PowerShell een registersleutel uit te lezen. Geef als voorbeeld daarvan deze opdracht:

Get-ChildItem -Path HKLM:\HARDWARE
Het equivalent van dir in PowerShell kan ook registersleutels lezen.

Inhoudsopgave

We hebben nu een globaal idee van het verschil tussen PowerShell en Opdrachtprompt, en we weten hoe we hulp kunnen vragen. Maar hoe zit het eigenlijk met de opdrachten die we kunnen geven? Anders gezegd: welke cmdlets heeft PowerShell in huis?

Om daar achter te komen, gebruik je de opdracht Get-Command. Je krijgt dan een enorme lijst aan beschikbare opdrachten. Een deel van deze lijst wordt gevormd door aliassen en ook zie je naast de cmdlets een categorie die Function heet. Tussen cmdlets en functions zit een technisch onderscheid dat hier niet van belang is.

Uiteraard is het onmogelijk om de vele honderden opdrachten uit deze lijst te behandelen. We beperken ons dan ook tot een kleine selectie om je een beeld te geven van de kracht en veelzijdigheid.

De lijst met beschikbare opdrachten is enorm lang.

Veiligheid

Zelfs al begrijp je maar een fractie van de lijst met beschikbare opdrachten, dan heb je vast wel gezien dat ze heel krachtig zijn en betrekking hebben op elk onderdeel van je systeem. Waar je via de beschikbare commando’s in de Opdrachtprompt alleen algemene schade kunt aanrichten (zoals het formatteren van een schijf), kunnen opdrachten en zeker scripts in PowerShell al dan niet opzettelijk zeer subtiele problemen veroorzaken (denk aan hacks). Om die reden is er een veiligheidssysteem actief dat de mogelijkheden standaard beperkt.

Geef het commando Get-ExecutionPolicy. Je zou als antwoord Restricted moeten krijgen. Dit is het hoogste beveiligingsniveau waarin je alleen losse commando’s kunt geven en geen scripts kunt uitvoeren. Dit beveiligingsniveau kun je alleen wijzigen wanneer je PowerShell als Administrator uitvoert. Wijzigen doe je met Set-ExecutionPolicy waarbij je vier veiligheidsniveaus hebt, zie ook deze opdracht:

Get-Help Set-ExecutionPolicy -full

Informatie

PowerShell biedt verschillende opdrachten die een alternatief vormen voor functies die je doorgaans via Windows zou gebruiken. Neem bijvoorbeeld het opvragen van een lijst met actieve processen waarvoor je anders Taakbeheer zou openen. In PowerShell kun je zo’n lijst opvragen met Get-Process.

Maar waarom zou je dat willen wanneer Taakbeheer voldoet? Taakbeheer geeft je een momentopname die je hooguit zou kunnen bewaren door een reeks schermafdrukken van het venster te maken. Vraag je zo’n lijst op in PowerShell, dan kun je hem ook bewaren en later vergelijken met een soortgelijke lijst die je op een ander moment maakt.

Geef deze opdracht:

Get-Process | convertto-html > processen-230427.htm

Hiermee maak je een lijst met alle processen inclusief alle beschikbare informatie daarover, converteer je die naar html en sla je hem op als bestand. Processen stoppen (pas op!) kan met Stop-Process en dan zal het je niet verrassen dat je ze ook kunt starten met Start-Process.

Op vergelijkbare wijze kun je bijvoorbeeld actieve en gestopte services achterhalen (Get-Service), logboeken van het systeem uitlezen (Get-EventLog) en meer. Uitvoer van dit soort opdrachten kun je bovendien op basis van allerlei criteria filteren met Where-Object.

Een lijst met actieve processen in PowerShell.
Dezelfde lijst met actieve processen maar nu geconverteerd naar een tabel in html.

Bestandsbeheer

Net als in Opdrachtprompt heb je in PowerShell de beschikking over opdrachten voor bestandsbeheer. De syntax vraagt vaak wat meer typewerk wanneer je de volledige vorm gebruikt, maar dat komt de begrijpelijkheid van instructies alleen maar ten goede. Vind je de opdrachten te lang, dan kun je altijd nog de aliassen opzoeken of zelf nieuwe maken.

Deze opdracht gebruik je om een map naar een andere locatie te kopiëren waarbij de toevoeging -Recurse ervoor zorgt dat ook onderliggende mappen worden verwerkt:

Copy-Item "C:\map1" -Destination "D:\map1" -Recurse

Vervang je het woord Copy door Move, dan verplaats je mappen en bestanden. Uiteraard is er ook de mogelijkheid om bestanden en mappen te verwijderen. Dat doe je met Remove-Item. Hernoemen gebeurt door middel van Rename-Item.

Tot slot kun je met Clear-Item de inhoud van een object verwijderen maar het object zelf bewaren. Denk bijvoorbeeld aan de inhoud van een map.

Stapje verder

Het feit dat je in al deze namen van cmdlets het woord Item tegenkomt, geeft de indruk dat ze veelzijdiger zijn dan hun tegenhangers in de Opdrachtprompt en dat is ook zo. Zoals je ook al kon zien bij Get-ChildItem, hebben opdrachten zoals Copy-Item een breder bereik dan alleen bestanden en mappen en zou je deze opdracht ook kunnen gebruiken om bijvoorbeeld registersleutels te kopiëren.

De PowerShell-opdrachten werken niet alleen op een lokale computer, maar ook op een andere machine in het netwerk. Dat maakt ze ideaal voor systeembeheerders (en thuisgebruikers met een bescheiden lokaal netwerk) om vanaf een centrale locatie aanpassingen op alle machines te doen via één script.

Scripts

Zoals we al zeiden in de paragraaf ‘Veiligheid’ kun je standaard alleen losse commando’s geven binnen PowerShell. Tussen de vele beschikbare opdrachten zitten ook instructies die programmeurs herkennen als lus-opdracht, bijvoorbeeld ForEach-Object, waarmee je dezelfde reeks commando’s op een heleboel objecten kunt loslaten. De typische plek waar je dat doet is binnen een script, de tegenhanger van het batch-bestand bij de Opdrachtprompt.

Vanwege hun kracht kennen scripts, net als gewone programma’s (exe-bestanden) een systeem van certificaten, zodat je zeker kunt weten of een script uit een betrouwbare bron komt.

Het zal duidelijk zijn dat PowerShell vooral bedoeld is voor (zeer) ervaren computergebruikers. Ook zul je begrijpen dat het veel meer studiemateriaal vereist dan dit artikel kan bieden. Dé plek om je studie te vervolgen is de online documentatie van Microsoft en de website PowerShell Gallery.

In de PowerShell-documentatie en Gallery vind je veel lesmateriaal, voorbeeldscripts en meer.
▼ Volgende artikel
Onthulling Steam Machine-prijs en -releasedatum uitgesteld vanwege geheugentekort
Huis

Onthulling Steam Machine-prijs en -releasedatum uitgesteld vanwege geheugentekort

Valve heeft laten weten dat het eigenlijk al de bedoeling was dat we de prijs en releasedatum van de vorig jaar aangekondigde Steam Machine zouden weten. De bekendmaking van deze details is echter uitgesteld door het aanhoudende tekort van geheugen en opslag.

Dat liet het bedrijf weten in een blogpost. Daarin praat het bedrijf niet alleen over de Steam Machine - het aankomende apparaat van Valve waarmee pc-games op televisie gespeeld kunnen worden - maar ook de nieuwe Steam Controller en vr-headset Steam Frame.

"Toen we deze producten in november aankondigden, gingen we ervan uit dat we de specifieke prijzen en lanceringsdata nu wel al hadden kunnen delen", zo stelt Valve. "Maar de tekorten op het gebied van geheugen- en opslagcomponenten waar onze hele bedrijfstak mee kampt, zijn sindsdien behoorlijk toegenomen.  De beperkte beschikbaarheid en oplopende prijzen van deze cruciale onderdelen hebben ons ertoe gedwongen om onze plannen voor vraagprijs en levering bij te stellen (vooral voor de Steam Machine en Steam Frame)."

Valve laat weten dat het nog altijd de bedoeling is dat alle drie de producten ergens in de eerste helft van dit jaar verschijnen. "Er moet echter nog wel wat werk worden verzet voordat we de definitieve prijzen en lanceringsdata kunnen vastleggen, zeker gezien het feit dat de factoren die hierop van invloed zijn heel snel kunnen veranderen. We houden jullie zoveel mogelijk op de hoogte terwijl we proberen die plannen zo snel mogelijk rond te krijgen."

Stijgende RAM-prijzen

De aanhoudende tekorten en alsmaar stijgende prijzen voor geheugen zijn dus de oorzaak van het feit dat we de prijs en releasedatum van de Steam Machine nog niet weten. Prijzen van RAM (Random Access Memory) stijgen alsmaar doordat er massaal RAM nodig is om het alsmaar populairder wordende AI werkende te houden, en daardoor zijn er ook steeds minder componenten beschikbaar om de RAM te produceren. Onlangs gingen er al geruchten dat dit ook voor intern uitstel van de PlayStation 6 kan leiden.

Over de Steam Machine

De Steam Machine is een kubusvormig apparaat dat Steam-games af kan spelen. Het apparaat kan op televisie of een monitor aangesloten worden. In de Steam Machine zit een 'semi-custom' AMD-videokaart. In combinatie met FSR-upscalingtechniek is het in principe mogelijk om games in een resolutie van 4k en met zestig frames per seconde te spelen, zo wordt ook in de nieuwe blogpost benadrukt.

SteamOS dient als besturingssysteem, al wordt dit wel aangepast om het op een groter scherm bruikbaar te maken. Er zullen twee varianten van de Steam Machine beschikbaar komen: één met 2 TB aan opslag en één met 512 GB aan opslag. Tot slot kan ook de voorkant van de Steam Machine verwisseld worden om het apparaat een ander uiterlijk te geven.

View post on X
Nieuw op ID: het complete plaatje

Misschien valt het je op dat er vanaf nu ook berichten over games, films en series op onze site verschijnen. Dat is een bewuste stap. Wij geloven dat technologie niet stopt bij hardware; het gaat uiteindelijk om wat je ermee beleeft. Daarom combineren we onze expertise in tech nu met het laatste nieuws over entertainment. Dat doen we met de gezichten die mensen kennen van Power Unlimited, dé experts op het gebied van gaming en streaming. Zo helpen we je niet alleen aan de beste tv, smartphone of laptop, maar vertellen we je ook direct wat je erop moet kijken of spelen. Je vindt hier dus voortaan de ideale mix van hardware én content.

▼ Volgende artikel
Bouw in een handomdraai je eigen website: aan de slag met Google Sites
© ER | ID.nl
Huis

Bouw in een handomdraai je eigen website: aan de slag met Google Sites

Wil je snel een moderne website zonder ingewikkelde code en geavanceerde CMS-instellingen? Google Sites is verrassend veelzijdig! Je bedenkt een geschikte titel, voegt pagina’s toe en publiceert tot slot de volledige website met één klik. Lees hoe je binnen enkele uren een volwaardige website bouwt en vervolgens beheert.

We laten in dit artikel stapsgewijs zien hoe Google Sites werkt. Na afloop heb je voor jouw hobbyproject, vereniging of eetclubje een mooie website gebouwd. Technische kennis is niet nodig en ook heb je geen krachtige hardware nodig.

Site openen

Voor Google Sites is een Google-account vereist. Heb je dat nog niet, dan kun je jezelf gratis registreren. Ga in dat geval met een willekeurige browser naar www.kwikr.nl/gglac en doorloop via Account maken het aanmeldproces.

Je start eenvoudig met een nieuwe website. Ga naar https://sites.google.com en log zo nodig in met jouw Google-account. Er zijn diverse sjablonen beschikbaar. Daarmee kun je bijvoorbeeld vlot een portfolio, helppagina of fotogalerij optuigen. Wie zijn of haar website liever zelf wil vormgeven, begint het beste vanaf nul. Klik op Lege site om het ontwerpvenster te openen.

Misschien heb je al een onderwerp voor jouw website bedacht. Klik linksboven op Geef de naam van de site op en typ een relevante naam. Bedenk ook alvast een paginatitel. Zo krijgt de beginpagina van je website alvast wat smoel.

Begin je met een sjabloon of een lege site?

Korte rondleiding

Voordat je daadwerkelijk begint met 'bouwen' is het nuttig om even de indeling van Google Sites te verkennen. Rechts zie je drie vaste tabbladen voor het creëren van je site. Gebruik het onderdeel Invoegen om allerlei contentblokken op de pagina te plaatsen, zoals tekstvakken, afbeeldingen en knoppen. Met het onderdeel Pagina’s bepaal je de structuur van de website, terwijl je met Thema’s het uiterlijk aanpast.

Tijdens het ontwerpen wil je tussentijds wellicht zien hoe de website er aan de voorkant uitziet. Klik dan rechtsboven in de knoppenbalk op Voorbeeld (pictogram met laptop en smartphone). Gebruik de opties rechtsonder en zie hoe de pagina schaalt op een smartphone, tablet en desktop. Je klikt linksboven op het pijltje om weer terug te keren naar het ontwerpvenster.

Een pluspunt is dat Google Sites automatisch het concept opslaat. Behalve jijzelf ziet niemand de inhoud van de website. Pas wanneer je klaar bent om live te gaan, kun je de boel publiceren.

Gebruik de onderdelen Invoegen, Pagina’s en Thema’s om de website in te richten.

Openingsbeeld

Met het toevoegen van een openingsbeeld en een logo krijgt je website wat meer persoonlijkheid. Zweef met de muisaanwijzer boven het blok met de paginatitel en klik op Afbeelding / Uploaden. Selecteer nu een foto op je pc of laptop en kies Openen. Het gekozen beeld verschijnt direct op je website. In plaats van een lokaal opgeslagen afbeelding kun je ook beeld van een online bron selecteren, zoals Google Afbeeldingen, Foto’s of Drive. Klik in dat geval op Afbeelding / Selecteren.

Elke serieuze website heeft een eigen logo. Dat voeg je makkelijk toe. Zweef met de cursor linksboven de naam van de website en kies Logo toevoegen. Klik onder Logo op Uploaden en selecteer de gewenste afbeelding op je computer. Bevestig met Openen. Je voegt eventueel een alternatieve tekst aan het logo toe. Op die manier weten mensen met een visuele beperking wat het logo inhoudt.

Je kunt in hetzelfde menu ook een zogeheten favicon toevoegen. Dit kleine pictogram verschijnt in het tabblad van de browser. Nuttig voor de herkenbaarheid van jouw website. Klik rechtsboven op het kruisje om de instellingen te sluiten.

Plaats met enkele muisklikken een logo op de website.

Titel en broodtekst

Wie weet wil je jouw website vullen met interessante artikelen en mooie foto’s. We beginnen met het toevoegen van tekst. Ga in het rechterdeelvenster naar Invoegen en kies Tekstvak. Klik achter Normale tekst op het kleine pijltje en kies Titel, Kop of Subkop. Je typt vervolgens de tekst. Gebruik de opties in de werkbalk om onder andere het lettertype en de grootte te wijzigen. Verder verander je eventueel de kleur en voeg je desgewenst een emoticon toe.

Klik achter de zojuist getypte titel en druk op Enter. Je kunt nu naar hartenlust een artikel tikken. Maak belangrijke woorden bijvoorbeeld vet of onderstreep een opvallende zin. Daarnaast voeg je ook makkelijk een opsomming met nummers of opsommingstekens toe. Je maakt de openingspagina op die manier aantrekkelijk voor jouw toekomstige bezoekers.

Boven het tekstvak verschijnt een werkbalk met uiteenlopende opmaakfuncties.

Foto’s toevoegen

Een website met voornamelijk tekst is natuurlijk saai. Voeg daarom ook leuke foto’s toe. Ga naar Invoegen en klik daarna op Afbeeldingen / Uploaden. Je bladert op de computer naar de fotomap. Selecteer één of meer afbeeldingen en bevestig met Openen. Het beeld verschijnt meteen op de website. Je sleept de foto met ingedrukte muisknop eenvoudig naar de beoogde plek. Plaats op die manier bijvoorbeeld drie kiekjes naast elkaar.

Bepaal zelf of je een kleine of grote foto op de website wilt publiceren. Klik eerst op een afbeelding om deze te selecteren. Je past het formaat simpel aan. Doe dat door de blauwe bolletjes te slepen. Als je slechts een gedeelte van de afbeelding wilt gebruiken, maak je een uitsnede. Klik in de werkbalk boven het geselecteerde beeld op het pictogram Afbeelding bijsnijden. Alles wat binnen het fotokader valt, is op de website te zien. Gebruik zo nodig de schuifregelaar om in te zoomen. Sluit de bewerking via het vinkje.

Je kunt ook nog een bijschrift onder de afbeelding plaatsen. Selecteer een foto en klik in de werkbalk op het pictogram met de drie puntjes. Via Bijschrift toevoegen verschijnt er onder de afbeelding een tekstkader. Typ nu een relevante zin.

Google Sites ondersteunt alle gangbare fotoformaten.

Diavoorstelling

Wil je een heleboel foto’s laten zien? Wanneer je tientallen kiekjes aan een pagina toevoegt, wordt het al gauw een rommeltje. Google Sites bevat hiervoor een slimme oplossing. Creëer met een zogeheten afbeeldingscarrousel een soort diavoorstelling van jouw favoriete foto’s.

Ga in het rechterdeelvenster naar het onderdeel Invoegen en scrol zo nodig een stukje omlaag. Kies Afbeeldingscarrousel en klik op Afbeelding toevoegen. Wijs nu via het plusteken en Afbeelding uploaden twee of meer foto’s aan. Zodra je op Openen klikt, verschijnen ze in het overzicht. Wijzig desgewenst de volgorde door een kiekje met ingedrukte muisknop te verplaatsen.

Je kunt nog wat opties van de diavoorstelling wijzigen. Klik rechtsboven op het pictogram van het tandwiel om de instellingen te openen. Beslis of je de diavoorstelling automatisch wilt starten. Je kunt hierbij de snelheid van de presentatie aanpassen. Kies tussen Snel, Medium, Traag en Erg traag. Geef ook aan in hoeverre je bijschriften wilt weergeven. In dat geval voeg je bij elk beeld een tekst toe. Zweef hiervoor boven de foto en klik op de spraakballon. Je kiest nu Bijschrift toevoegen, waarna je de tekst typt. Via Invoegen verschijnt de afbeeldingscarrousel op de webpagina.

Publiceer fraaie afbeeldingen in een diavoorstelling op jouw website.

Contentblok

In de voorgaande tips heb je artikelen en beelden als afzonderlijke blokken aan de website toegevoegd. Het is natuurlijk mooier wanneer tekst en beeld vloeiender in elkaar overlopen. Dat regel je met zogenoemde contentblokken.

Navigeer in het rechterdeelvenster naar het onderdeel Invoegen. Merk op dat er zes verschillende contentblokken beschikbaar zijn. Kies bijvoorbeeld voor een afbeelding met aan de rechterkant een alinea. Hierbij staan tekst en beeld dus naast elkaar. Je kunt als alternatief ook drie plaatjes tonen met daaronder evenzoveel bijpassende teksten. In dat geval kies je voor een lay-out met drie kolommen.

Heb je een geschikt contentblok op het oog? Sleep dat dan met ingedrukte muisknop naar jouw website. De inhoud is nog leeg. Het staat je vrij om een verse foto te selecteren en nieuwe tekst te typen. Bovendien kun je ook een bestaand tekst- en beeldblok naar het contentblok slepen.

Met contentblokken krijgt de webpagina een heel andere indeling.

Overige tekstopties

Google Sites heeft nog meer bruikbare tekstopties in huis. Wil je bijvoorbeeld veel informatie compact presenteren, kies dan bij het onderdeel Invoegen voor Samenvouwbare groep. Typ hierbij eerst een korte kopregel en tik een uitgebreidere uitleg in het hoofdtekstvak. Dit is het gedeelte dat kan ‘uitklappen’.

Voor lange pagina’s is een automatisch gegenereerde inhoudsopgave een goede toevoeging. Als je op Inhoudsopgave klikt, verschijnen alle koppen van de bewuste pagina onder elkaar. Klikt de bezoeker op een kop, dan navigeert diegene direct naar de bijbehorende tekst. Wanneer je op een later moment een kop verandert, wijzigt de inhoudsopgave vanzelf mee.

Met een inhoudsopgave krijgt de webpagina meer structuur.

YouTube-video

Op YouTube is er over bijna ieder onderwerp wel een filmpje te vinden. Je kunt zo’n video desgewenst op je website publiceren. Dit noem je ook wel het embedden van een video. Overigens hoeft deze content niet per se van jezelf te zijn. Je kunt namelijk elk YouTube-filmpje aan jouw website toevoegen.

Ga naar het onderdeel Invoegen en kies YouTube. Mogelijk dien je hiervoor wel een eindje omlaag te scrollen. Je zoekt vanuit Google Sites rechtstreeks op YouTube. Typ één of meerdere trefwoorden en probeer interessant videomateriaal te vinden. Overigens plak je net zo makkelijk een link van een YouTube-video in het invoerveld. Klik op een geschikte video en bevestig rechtsonder met Invoegen.

Het filmpje verschijnt op de webpagina. Aan jou de taak om een geschikte plek te kiezen. Je kunt het videokader naar eigen inzicht verslepen. Pas verder ook de afmetingen van het filmpje aan. Dat werkt op soortgelijke wijze als je eerder met foto’s hebt gedaan. Versleep dus de blauwe bolletjes.

Zoek rechtstreeks in de enorme catalogus van YouTube naar interessante video’s.

Plattegrond

Soms is het nuttig om een plattegrond op de website te plaatsen. Wellicht wil je bijvoorbeeld een routebeschrijving naar een specifiek adres toevoegen. Dankzij een verhelderend kaartje weet de bezoeker precies waar hij of zij terechtkan.

Klik in het onderdeel Invoegen op Kaart. Er komt een nieuw Google Maps-venster tevoorschijn. Zoek naar de locatie waarvan je een plattegrond wilt toevoegen. Je kunt bijvoorbeeld op de naam van een bedrijf of straat zoeken. Google Maps plaatst een rood markeringsteken op het kaartje, maar dat kun je naar eigen inzicht verplaatsen. Tevreden? Publiceer deze plattegrond dan met Selecteren op de webpagina.

Kies welke plattegrond van Google Maps je wilt toevoegen.

Extra webpagina’s

Tot dusver hebben we alleen de beginpagina onder handen genomen. Een website bestaat meestal uit meerdere webpagina’s. Die kun je makkelijk toevoegen. Open in het rechterdeelvenster het onderdeel Pagina’s. Je ziet hier als het goed is de homepage al staan. Zweef met de muisaanwijzer boven het plusteken en kies Nieuwe pagina. Bedenk een relevante naam, waarna je via Klaar deze pagina daadwerkelijk aan de website toevoegt.

Er verschijnt nu een leeg ontwerpvenster. Alleen diverse vaste elementen zijn van de beginpagina overgenomen, zoals de websitetitel, het openingsbeeld en het logo. De paginatitel is al voor je ingevuld, maar die kun je eenvoudig wijzigen. Merk op dat er rechtsboven een menu zichtbaar is. Bezoekers kunnen zo tussen verschillende pagina’s van jouw website navigeren. Vul iedere nieuwe pagina onder meer met tekst-, beeld- en contentblokken zoals je in eerdere tips hebt geleerd.

Voeg aan de website zoveel pagina’s toe als je maar wilt.

Submenu’s

Als je flink wat webpagina’s hebt toegevoegd, wordt het al gauw onoverzichtelijk. Je lost dit euvel op door submenu’s te gebruiken. Klik achter de naam van een pagina op het pictogram met de drie puntjes en kies Subpagina toevoegen. Je geeft deze pagina een naam en bevestigt met Klaar. Merk op dat de subpagina onder de hoofdpagina wordt weergegeven. Bovendien verschijnt er in het navigatiemenu van jouw website nu een pijltje met onderliggende pagina’s. Zorg zo voor een logische navigatiestructuur.

Als je een uitgebreide website maakt, ligt het gebruik van subpagina’s voor de hand.

Thema wijzigen

Met een thema wijzig je in één keer de opmaak van jouw website, zoals het lettertype en de kleuren. Google Sites heeft van zichzelf enkele standaardthema’s in huis. Klik in het rechterdeelvenster op het onderdeel Thema’s en kies onder Gemaakt door Google een van de suggesties. Het uiterlijk wijzigt meteen. Bij ieder thema kun je een kleurtje en letterstijl kiezen.

Je kunt ook zelf een nieuw thema creëren. Daarmee heb je meer invloed op de vormgeving van jouw website. Klik in de rechterbalk onder Custom op het plusteken. Geef het nieuwe thema een naam. Je kunt eventueel een logo en bannerafbeelding (openingsbeeld) toevoegen. Wanneer je dat in een eerdere tip al hebt gedaan, laat je deze opties leeg. Klik op Volgende. Je selecteert een mooi kleurenpalet en klikt wederom op Volgende. Kies nu voor de titels en hoofdtekst een prettig lettertype. Sluit via Thema maken het venster.

De naam van je nieuwe thema verschijnt in het rechterdeelvenster. Je kunt nu allerlei details aanpassen. Klik maar eens op Kleuren en verander de vormgeving van de achtergrond, titels en hoofdtekst. In de overige opties wijzig je onder andere de regelafstand, sitebreedte en positie van het navigatiemenu. Er is zéér veel mogelijk!

Geef jouw website met een (standaard)thema een andere huisstijl.

Publiceren

Ben je helemaal tevreden over jouw website? Hoog tijd om het openbaar te maken! Klik rechtsboven op de blauwe knop Publiceren. Het (gratis) domein begint altijd met https://sites.google.com/view/. Het einde van deze url kun je zelf verzinnen. In ons voorbeeld is de volledige link https://sites.google.com/view/curacao-tips.

Is de websitenaam al bezet, dan geeft Google Sites dat netjes aan. Bedenk in dat geval iets anders. Overigens zijn er ook mogelijkheden om een eigen domeinnaam te koppelen, maar daar zijn kosten aan verbonden. Je dient de beoogde url dan eerst bij een geschikte domeinprovider te kopen. Klik tot slot op Publiceren. Bezoekers kunnen nu je gepubliceerde website bewonderen.

Bepaal onder welk webadres je de website wilt publiceren.